ID.nl logo
Browsers zonder pull-to-refresh voor iOS en iPadOS
© Reshift Digital
Huis

Browsers zonder pull-to-refresh voor iOS en iPadOS

Met name bezitters van een iPad hebben er sinds de komst van iPadOS 15 een ergernisje bij: pull-to-refresh in Safari. Vooral in combinatie met een muis raak je daardoor nogal eens content op een in de cloud draaiende dienst kwijt. Tijd dus voor een alternatief! We stellen enkele browsers zonder pull-to-refresh aan je voor.

Apple heeft bedacht dat het een uitstekend idee is dat je door vanaf de bovenkant van een pagina verder naar beneden te ‘trekken’, de betreffende pagina ververst wordt. Pull-to-refresh dus. Klinkt lollig? Niet als je bedenkt dat deze truc ook via een muis werkt. Alleen volstaat dan het nét iets te ver naar boven doorscrollen met het muiswieltje, ofwel: de kans dat ’t per ongeluk gebeurt is meer dan levensgroot. En dat leidt tot diverse klagers. 

Denk aan mensen die via een CMS als Wordpress een nieuw bericht plaatsen. Scroll je te ver naar boven, dan wordt de pagina ververst en is alles wat je getikt heb weg. In dat geval is het hopen dat de automatische back-up niet te lang geleden heeft plaatsgevonden en het grootste deel van je tekst en overige zaken als concept is terug te vinden. Anders is het uithuilen en opnieuw beginnen.

Andere wegen naar Rome

Als professional (en meer serieuze hobbyist) zit je vanzelfsprekend niet op een onzekerheidsfactor veroorzaakt door een gimmick te wachten. Helaas heeft Apple in z’n oneindige wijsheid óók besloten dat deze ‘feature’ niet uitschakelbaar is voor Safari

Gelukkig zijn er alternatieve browsers voor iPadOS (en iOS) beschikbaar die geen last hebben van deze opgedrongen pull-to-refresh. Overigens geldt er altijd een beperking onder iOS en iPadOS: alternatieve browsers moeten van Apple gebruikmaken van Webkit om pagina’s mee te renderen. An sich niks mee, maar het betekent wel dat bijvoorbeeld Chrome of Firefox geen gebruik maken van hun eigen systemen onder de motorkap. Wat voor- en nadelen kan hebben.

Voordeel is in ieder geval dat Webkit volledig geoptimaliseerd is voor de apparaten waarop het draait. Ofwel: snel en tegelijkertijd energiezuinig.

Twee afvallers: Firefox en Maxthon Een browser van naam en faam is zonder meer Firefox. En daar is eveneens een iPadOS/iOS-versie van beschikbaar. Helaas: deze lijdt aan hetzelfde euvel als Safari: het ding implementeert standaard pull-to-refresh en deze optie is niet uitschakelbaar. Waarmee het geheel voor serieuze inzet aan contentproductie een geval van Russisch roulette wordt. Hoe mooi de rest van de browser ook, door het ontbreken van een simpele schakelaar betreffende het verversen raden we je af Firefox voor kritisch werk te gebruiken. Maxthon is daarnaast wellicht een bekende naam voor gebruikers van iOS en iPadOS. Het bedrijf biedt al zo ongeveer vanaf de begindagen van de iPhone en iPad een browser aan. In de app store leidt dat al snel tot een vertrouwd gevoel, zeker ook gezien de positieve reacties. Toch een stevige waarschuwing: het hoofdkantoor is gevestigd in Beijng. Of je al je dagelijkse web-activiteiten via een browser van Chinese makelij wilt laten verlopen? Lijkt ons geen goed plan. Zeker niet als je bedenkt dat je regelmatig wachtwoorden in moet voeren voor web-apps, bankieren en zo meer. Kortom: vooral niet gebruiken is ons advies.

Brave

©PXimport

Brave is een bekende ‘alternatieve’ browser die niet alleen onder iOS en iPadOS geliefd is. Qua gebruikersinterface tref je er alle features die je maar kunt wensen in aan. Vooral de focus op privacy is prettig, je kunt niet gevolgd worden door adverteerders. Zoeken verloopt standaard via het anonieme DuckDuckGo, terwijl tabbladen standaard in de privacy-modus worden geopend. Dat alles doet niets af aan de snelheid van het geheel, dus daar hoef je je alvast geen zorgen om te maken. 

Verder beschikt het over tal van aardige extraatjes als het maken playlists gevuld met diverse media. Ook handig is de menuknop (bereikbaar via ) Create PDF, kun je in een stap – dus zonder tussenkomst van de afdruk-preview – direct een PDF-bestand van de geopende pagina maken. 

Om het gewraakte pull-to-refresh uit te zetten (wat in de meest recente versies van Brave standaard eveneens aan lijkt te staan) tik je op de knop met de drie puntjes, gevolgd door een tik op Settings. Zet vervolgens de schakelaar achter Enable Pull-to-refresh uit. Heb je daar voortaan geen last meer van!

Chrome

©PXimport

Google Chrome voor iPadOS heeft - op moment van schrijven - helemaal geen pull-to-refresh aan boord. Hoef je dus nergens bang voor te zijn wat dat betreft. Enig nadeel van Chrome is dat ’t door Google wordt geleverd, wat een notoire data-verzamelaar is. Gelukkig kun je bij de eerste keer dat je de app installeert dat gedrag uit zetten (in hoeverre dat gerespecteerd wordt is vanzelfsprekend altijd een beetje afwachten). 

Ook kun je de sync-optie beter uitlaten, eveneens uit privacy-overwegingen. Voor de rest is het een prima bruikbare browser. Qua settings is er eigenlijk niks voorhanden, je kunt dus weinig tweaken helaas. Wel mooi is de optie om via de -knop rechtsboven in beeld en dan Geschiedenis heel precies je browsergeschiedenis te kunnen wissen. Per item, per tijdsbestek of gewoon alles. Dát zouden we graag in elke browser terugzien!

Edge

©PXimport

Edge van Microsoft is een wat ‘gecompliceerde’ browser. Want Edge beschikt onder de motorkap over de engine van Chrome. Alleen is dat dan onder iOS en iPadOS dus weer Webkit. Wat we wel – zeer tevreden – constateren is dat pull-to-refresh net als in de Chrome-browser ontbreekt. Ook geen opties om het aan te zetten. 

Verder valt op dat Edge over een stuk meer instellingsmogelijkheden beschikt als Chrome zelf. En dat in combinatie met de nauwkeurig tweakbare geschiedeniswisser, wat het een an sich interessante browser maakt. Minder geslaagd is dat we op de productpagina in de App Store zien dat er nogal wat gegevens met Microsoft uitgewisseld worden. Een deel daarvan (zoals browsergeschiedenis) is privacygevoelig. Bezint eer ge begint dus. 

Gebruik je Edge als standaardbrowser onder Windows, dan zou je kunnen overwegen om je aan te melden met dezelfde Microsoft-account als die je voor Windows gebruikt. Op zich lever je daarmee nog meer data af aan Microsoft, maar als je toch al Windows- én Edge-gebruiker bent maakt dat niet heel veel meer uit. 

Tot slot: standaard maakt Edge gebruik van Bing als zoekmachine, om Google te gebruiken dien je een andere standaard zoekmachine te selecteren in de instellingen.

Relatief beperkte keuze

Daarmee hebben we de echt interessante vervangers voor Safari wel zo’n beetje gehad. Veel alternatieve browsers die je verder nog aantreft in de App Store zijn van beroerde kwaliteit, en/of al jaren niet meer bijgehouden. Een deel van de alternatieven stamt uit China, waar je dan vaak niks aan hebt omdat de gebruikersinterface in het Chinees of steenkolen-Engels is (om vanzelfsprekend nog maar te zwijgen over de veiligheidsrisico’s die je ermee loopt). 

Een ander deel van de alternatievelingen is heel specifiek gericht op privacy, zoals Onion Browser. Heel mooi voor dat doel, maar door allerlei beperkende en versleutelende activiteiten niet echt geschikt voor bijvoorbeeld CMS-werk. Van de ‘grote vier’ Firefox, Chrome, Brave en Edge valt Firefox af door het ontbreken van de mogelijkheid om pull-to-refresh uit te zetten. Brave lijkt het meest voor de hand liggende en meest privacy-vriendelijke alternatief te zijn!

▼ Volgende artikel
Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard
Huis

Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard

Het Zuid-Koreaanse zou een shooter gebaseerd op Starcraft in ontwikkeling hebben voor IP-eigenaar Blizzard.

Dat claimt The Korean Economic Daily. Een team binnen Nexon dat gespecialiseerd is in shooters zou zich op dit moment volledig richten op de nog onaangekondigde game. De ontwikkeling zou nog niet lang geleden zijn gestart, en dus zou de shooter nog lang op zich laten wachten.

Verdere details zijn er nog niet, behalve dat Choi Jun-ho ook bij het project betrokken zou zijn. Hij maakte eerder de populaire Shinppu-mapmod voor Starcraft.

Starcraft

Er gaan al langer geruchten over een shooter gebaseerd op Starcraft. Vorig jaar meldde Bloomberg-journalist Jason Schreier al in zijn boek 'Play Nice: The Rise, Fall and Future of Blizzard Entertainment' dat Blizzard aan een shooter zou werken. Volgens Schreier is de shooter van Nexon echter niet gerelateerd aan de shooter van Blizzard - het zouden om twee afzonderlijke projecten gaan.

De Starcraft-reeks bestaat uit real-time strategygames. De eerste verscheen in 1998, en een vervolg kwam in 2010 uit. Blizzard heeft al vaker geprobeerd shooters gebaseerd op de Starcraft-franchise te maken, maar die werden vooralsnog altijd geannuleerd.

Mogelijke onthulling op Blizzcon

Voor het eerst in enkele jaren organiseert Blizzard op 12 en 13 december de Amerikaanse beurs Blizzcon, waar alles rondom de uitgever wordt gevierd. Het is mogelijk dat één van de hierboven genoemde shooters daar wordt onthuld.

▼ Volgende artikel
Review: Mario Tennis Fever is een leuke set
Huis

Review: Mario Tennis Fever is een leuke set

Je vraagt je bij elke Mario-sportgame toch weer af: bereikt het de highs van die oeroude Game Boy-games van Camelot, zoals Mario Tennis en Mario Golf)? Het antwoord is, wat mij betreft, steevast  ‘nee’. Maar tussen ‘perfect’ en ‘niet perfect’ zit nog altijd een breed spectrum aan kwaliteit. En Fever? Die nestelt zich moeiteloos aan de betere kant van dat spectrum.

De drie toernooien die deze game rijk is, daar ben je een uurtje zoet mee. Waarschijnlijk zonder een set te verliezen. De Adventure Mode? Een paar uurtjes meer dan dat, en hoewel ook die nergens uitdagend wordt vertelt het wel een vermakelijk verhaal over Mario en Luigi die als baby’s hun tennis-skills moeten oppoetsen vanwege… bijzondere redenen.

Er zijn ook drie Challenge Towers met allerlei unieke uitdagingen die eventjes vermaken. In mix-up vinden we tennis, maar dan met regels en omstandigheden die alleen het Mushroom Kingdom kan bieden, en dat was het wel zo’n beetje. Wie Mario Tennis Fever alleen speelt is een weekend zoet en heeft zich prima vermaakt. Maar sportgames zijn er, natuurlijk, om je competitieve aard los te laten op vrienden, familie, kroost of online uitdagers.

Leuk

Daarom wil ik het ook niet al te uitgebreid over die singleplayermodi hebben. Ja, Nintendo heeft z’n best gedaan. Ja, er is weinig aan te merken op de minigames en kleine tussenscènes die de Tennis Academy te bieden heeft en de ontwikkelaars verdienen het dat het hier even aangestipt wordt. Nooit sla je stijl achterover van briljante ideeën of concepten, en er wordt geen druppeltje zweet gemorst van de spanning. Maar ‘leuk’ is eigenlijk een perfect, allesomvattend begrip om deze kant van de game te omschrijven.

De echte graadmeter echter, is de kern van de gameplay. Hoe speelt het? Hoe diep gaat het? Hoeveel personages, gekke rackets en super-power-mega-skillmoves zijn er in dit pakketje gepropt en hoe verhouden die zich tot elkaar? Na mening middag ballen overslaan of in dubbelspel terugslaan met mijn zoontje van 9, zijn we eruit: Mario Tennis Fever heeft ontzettend lekkere gameplay.

Content is king

Content is in de eerste instantie de name of the game. Er zitten bijna veertig personages in de game, meer dan een dozijn verschillende banen en de hoofdattractie is de aanwezigheid van tientallen Fever-rackets, die elk hun eigen unieke skill met zich meebrengen. De bananentros die Donkey Kong een ‘racket’ noemt strooit bananen over de baan, met het vulkaanracket plopt er een (je raadt het nooit) vulkaan op uit de baan en het Thwomb-racket zorgt ervoor dat het iconische stenen blok uit de Mario-serie plots uit de lucht valt – hopelijk op een tegenstander. Een zogeheten Fever-shot is verder ook geen hogere wiskunde. Om de zoveel tijd is je metertje vol en ram je dat ding over de baan heen.

Extra fijn is dat het gros van dit alles vrij te spelen is waar je maar wil. Laat je de singleplayermodi links liggen en speel je gewoon wat potjes tegen elkaar? Geen probleem, om de zoveel potten krijg je een nieuw racket, personage, of kleurtjes voor je favoriete tennissers.  

Watch on YouTube

Plak er een voldoende op

Enfin, tot zover de uitleg en alles wat hier te vinden is. Leuk spelletje, plak er een voldoende op en klaar, toch? Nou nee, want hoewel alles hierboven zijn eigen rol speelt, zijn het de diepere lagen daaronder die Mario Tennis  Fever tot grotere hoogten dan ‘plak er even een voldoende op’ stuwen. Al die personages? Die beschikken over hun eigen stats en eigenaardigheden. Wario laadt z’n powershots razendsnel op, Bowser Jr. legt veel meer precisie in z’n topspincurve dan anderen en Shy Guy slaat zijn topspins zonder gehinderd te worden door zijn positie op de baan.

En die banen? Die hebben elk hun eigen ondergrond, waar ballen anders op stuiteren en doorschieten, terwijl spelers zelf ook sneller of minder snel zijn, gebaseerd op het gras of het hardcourt waar ze op spelen. Die Fever-rackets? Oprecht allemaal een andere smaak. Ook daar merk dat extra stukje diepgang waar een wat luiere Mario-sportgame niet aan zou denken: wanneer je een Fever-shot terugslaat vóórdat op jouw zijde van het net landt, kun je met een stuit op de helft van de tegenstander zomaar eens het bijbehorende effect teruggeven. Prettig vervelend als je denkt die koter een modderplas op zijn helft te bezorgen, om ‘m vervolgens zelf om je oren te krijgen als hij de bal vakkundig over je heen lobt en ‘ie alsnog op jouw achterveld terecht komt. Een (modder)koekje van eigen deeg noemen ze dat geloof ik.

Mario Tennis Fever

Slide
Slide
Slide
Slide

Geen Lego, wel Duplo

Al die extra aandachtspuntjes en omstandigheden zijn ook nog eens gebouwd op een fundering van onkreukbare basisgameplay. Topspins, slices, curveballen, lobs en powershots: alles wat je van een tennisgame mag verwachten zit erin. De grote maar is alleen: het gebeurt allemaal zonder de nuance van een échte topgame. Vergelijk het een beetje met Lego en Duplo. Zelfde principe, zelfde soort blokken, maar iets vets bouwen met Lego hit net even anders dan iets vets bouwen met die grote Duplo-blokken. Zo verhoudt deze game zich ook tot de toppers uit het tennisgenre, zoals Virtua Tennis en Topspin. Is veelgevraagd, ik weet het, maar het is wel het verschil tussen goed of geweldig. En Mario Tennis Fever eindigt in het eerste kamp.

Is mijn zoontje naar school, dan heb ik namelijk geen enkele reden om Mario Tennis Fever verder te spelen. Zoals gezegd is al die singleplayercontent niet meer dan ‘even leuk’. En computergestuurde tegenstanders geven zelfs op het hoogste niveau nooit écht tegengas. Bovendien zijn de personages net te groot voor deze banen om het volgende niveau van verfijning te bereiken. Top, zo’n lob. Maar vanwege de dus relatief kleine banen blijft het geen zekerheidje dat je iemand ermee verschalkt die tegen het net aan staat. Aanzienlijke kans dat ie gewoon op tijd de achterlijn haalt, als ie ook maar een klein beetje inzicht heeft. Het zorgt ervoor dat Mario Tennis Fever een absoluut geslaagde game is, met heerlijke multiplayer. Maar wie de eindeloze diepgang en speeluren van, bijvoorbeeld, een Mario Kart World hier zoekt, staat sneller dan gewenst buitenspel. Oh wacht, verkeerd sport…

Mario Tennis Fever is vanaf 11 februari beschikbaar voor Nintendo Switch 2.

Goed
Conclusie

Mario Tennis Fever barst van de content. De vele personages, banen en rackets geven unieke, diepere lagen aan de gameplay en multiplayerpotjes gaan met grote glimlach en een berg vertier gespeeld worden. Jammer voor de wat volwassenere spelers dat die volgende laag diepgang nét niet geraakt wordt. Daarvoor is het singleplayeraanbod niet genoeg, de tegenstanders niet uitdagend genoeg en ontbreekt er hier en daar net wat finesse. Maar ga zo door, Nintendo. Mario Tennis Fever zit namelijk wél in de richting van die tijdloze Camelot-klassiekers waar we zo naar hunkeren.

Plus- en minpunten
  • Flinke hoeveelheid content en modi
  • Sterke basisgameplay
  • Uiteenlopende Fever-rackets
  • Nog altijd sterke multiplayer
  • Daagt je nooit écht uit
  • Diepgang niet eindeloos