ID.nl logo
Wat zegt de IP-code over de stof- en waterdichtheid van jouw apparaten?
© Evgen - stock.adobe.com
Huis

Wat zegt de IP-code over de stof- en waterdichtheid van jouw apparaten?

Of je nu op zoek bent naar een waterdichte smartwatch waarmee je kunt zwemmen of een buitenluidspreker die bestand is tegen regenbuien, IP-codes geven precies aan hoe stof- of waterbestendig de spullen zijn. Maar hoe werken die codes precies?

In dit artikel vertellen we je over:

  • De opbouw van IP-codes
  • Eerste cijfer: stofbestendigheid
  • Tweede cijfer: vochtbestendigheid
  • Praktische voorbeelden
  • Veelvoorkomende IP-codes
  • Compleet overzicht van alle IP-codes

Ook interessant: Waterdichte koptelefoon (of oortjes) kopen? Hier moet je op letten

Die IP-codes zijn dus een belangrijke aanduiding om rekening mee te houden bij het kiezen van elektronische apparaten en gadgets. En het gaat zelfs veel verder dan gewone consumentenelektronica – denk bijvoorbeeld aan badkamerlampen, buitenverlichting en zelfs buitenmeubilair. De IP-aanduiding is een internationale standaard. De letters staan voor ‘Ingress Protection’ of ‘International Protection’. De IP-code bestaat uit twee cijfers, elk met een specifieke betekenis, die samen aangeven in hoeverre een product beschermd is tegen elementen van buitenaf. Bijvoorbeeld: IP54 of IP68.

©olga_demina

Opbouw van IP-codes

Eerste cijfer: stofbestendigheid

Het eerste cijfer in een IP-code geeft aan hoe goed een apparaat bestand is tegen stof en vuil. Het varieert van 0 tot 6. Eigenlijk geeft het eerste cijfer veel meer aan, namelijk hoe goed de bescherming is tegen binnendringende voorwerpen en of een product veilig is om aan te raken (zie overzicht onderaan). Voor consumenten zijn eigenlijk alleen de cijfers 5 en 6 interessant.

Een apparaat met een IP-rating van IP5X is gedeeltelijk beschermd tegen stofdeeltjes, terwijl een apparaat met IP6X volledig stofdicht is. Begint een IP-code met een X, bijvoorbeeld IPX6, dan heeft de fabrikant het product dus niet specifiek getest op bescherming tegen binnendringende voorwerpen.

Tweede cijfer: vochtbestendigheid

Het tweede cijfer in een IP-code geeft aan hoe goed een apparaat bestand is tegen vocht en water. Dit cijfer varieert van 0 (geen bescherming) tot 9 (bescherming tegen krachtige waterstralen uit alle richtingen).

Bijvoorbeeld, een apparaat met de IP-code IPX4 is bestand tegen spatwater, terwijl een apparaat met de code IPX7 maximaal een halfuur ondergedompeld kan worden in water (niet dieper dan 1 meter). Het overzicht onderaan deze pagina geeft exacte informatie over de betekenis van elk getal.

Praktische voorbeelden

Voorbeelden van situaties waarin stofbestendigheid relevant is, zijn onder meer het gebruik van elektronica in stoffige omgevingen, buitensportactiviteiten zoals wandelen of mountainbiken, of zelfs gewoon dagelijks gebruik in een huis met huisdieren of veel rondzwevend stof. Denk bijvoorbeeld aan je laptop gebruiken op het strand, je sporthorloge tijdens een veldloop vol modderige obstakels of fotograferen met je spiegelreflexcamera in de duinen of zelfs in woestijnachtig gebied.

©losonsky

Situaties waarin vochtbestendigheid relevant is, komen uiteraard nog veel vaker voor. Denk aan allerlei gebruik buitenshuis tijdens regenachtig weer, gebruik in vochtige omgevingen zoals keukens of badkamers, of zelfs onderwatergebruik. Kan jouw smartphone tegen een regenbui? Overleeft hij een val in het toilet? Kun je met jouw e-reader in bad lezen? Doet jouw e-bike(motor) het nog als je hem na de winter denkt te kunnen reinigen met een hogedrukspuit?

🛀 📚 Waterbestendige e-reader?

Duik in het diepe bij Bol

©luciano

Veelvoorkomende IP-codes

IP54: deze combinatie geeft aan dat het product beschermd is tegen stofdeeltjes en spatwater vanuit alle richtingen. Dit is een veelvoorkomende rating voor buitenspeakers, draagbare elektronica en andere apparaten die bestand moeten zijn tegen stof en lichte regen.

IP67: dit betekent dat het product stofdicht is en bestand is tegen onderdompeling in water tot 1 meter diepte gedurende maximaal een halfuur. Deze rating wordt vaak gebruikt voor smartphones, smartwatches, en andere elektronische apparaten die waterdicht moeten zijn voor dagelijks gebruik, inclusief onderdompeling in water.

IP68: op het vlak van stof gelijk aan IP67 (stofdicht), maar nog robuuster op het gebied van vocht omdat het product bestand is tegen langdurige onderdompeling in water onder druk. Deze rating wordt vaak gebruikt voor high-end smartphones, actioncamera’s, en andere waterdichte apparaten die kunnen worden gebruikt bij diepzeeduiken of onderwaterfotografie.

Compleet overzicht

Eerste cijfer: bescherming tegen binnendringende voorwerpen

IP0X: Geen bescherming IP1X: Grote voorwerpen | Bescherming tegen toevallige, oppervlakkige aanraking met de hand. Beschermd tegen indringen van vaste voorwerpen groter dan 50 mm. IP2X: Middelgrote voorwerpen | Bescherming tegen aanraking met de vinger. Aanraakveilig alleen voor meetapparaten. Beschermd tegen indringen van vaste voorwerpen groter dan 12,5 mm. IP3X: Kleine voorwerpen | Bescherming tegen aanraking met een werktuig. Aanraakveilig alleen voor meetapparaten. Beschermd tegen indringen van vaste voorwerpen groter dan 2,5 mm.

IP4X: Spitse voorwerpen | Bescherming tegen aanraking met een werktuig. Beschermd tegen aanraking met een draad. Beschermd tegen indringen van vaste voorwerpen groter dan 1 mm. IP5X: Stofbescherming | Aanraakveilig doordat de behuizing geheel dicht is. Geen volledige bescherming tegen stof maar wel voldoende om de goede werking niet te hinderen. IP6X: Stofvrij | Aanraakveilig doordat de behuizing geheel dicht is. Volledige bescherming tegen stof.

Tweede cijfer: bescherming tegen vocht en water

IPX0: Geen bescherming. IPX1: Drupdicht Type I | Geen schade indien onderhevig aan vallende druppels. IPX2: Drupdicht Type II | Geen schade indien onderhevig aan vallende druppels op een 15° gekanteld apparaat. IPX3: Spatdicht | Geen schade indien besproeid (10 l/min) onder een hoek -60° tot 60°. IPX4: Plensdicht | Geen schade indien besproeid (10 l/min) onder willekeurige hoek. IPX5: Sproeidicht | Geen schade indien bespoten (12,5 l/min) onder willekeurige hoek.

IPX6: Waterbestendig | Geen waterindringing indien bespoten (100 l/min) onder willekeurige hoek. IPX7: Dompeldicht | Geen waterindringing indien ondergedompeld (30 min op 1 m). IPX8: Waterdicht | Blijft bruikbaar onder water onder opgegeven omstandigheden. IPX9: Vochtdicht | Blijft bruikbaar bij een vochtigheidsgraad van meer dan 90% of besproeien onder hoge druk.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.