ID.nl logo
Dit wil je weten over de wasprogramma’s van je wasmachine
© dasom - stock.adobe.com
Huis

Dit wil je weten over de wasprogramma’s van je wasmachine

Wasmachines hebben allerlei verschillende wasprogramma’s. De een is nog geavanceerder dan de ander. Waarschijnlijk gebruik je uit gemak vaak hetzelfde programma, omdat je niet weet welk programma nou precies wat doet. Maar vanaf vandaag mag je hier verandering in brengen. In dit artikel leggen we uit wat alle wasprogramma’s betekenen en wanneer je welk programma het beste aanzet.

Dit artikel in het kort: 👚 Welke wasprogramma’s zitten er standaard op je wasmachine? 👚 Welke extra wasprogramma’s zijn er? 👚 Welke opties zijn er om wasprogramma’s aan te passen?

Dit vind je waarschijnlijk ook interessant: Wasmachine met stoomfunctie: waar is dat goed voor?

Welke wasprogramma’s zitten er standaard op je machine?

Er zijn een aantal wasprogramma’s die op vrijwel elke wasmachine zitten en vaak worden gebruikt. Soms zijn er wel verschillende benamingen voor.

Katoen

Dit is het meest gebruikte wasprogramma voor vrijwel alle temperaturen. Je kunt het gebruiken voor alle temperaturen: van een koude was tot een was van 95°C. De naam zegt het al: dit programma is geschikt voor katoen - maar het is ook bruikbaar voor linnen en gemengde stoffen. Het programma duurt gemiddeld ruim 3 uur. Je kunt de trommel vullen met het maximaal aantal kilo’s en de wasmachine instellen op het hoogste toerental.

Gemengde was/ mix

Dit wasprogramma gebruik je voor wasgoed dat op max. 60°C gewassen hoeft te worden. Het programma centrifugeert iets minder hard en je vult de trommel voor de helft van het maximaal aantal kilo’s. Dit programma is geschikt voor een mix van linnen, katoen, synthetische of gemengde stoffen.

Synthetisch/ Antikreuk/ Kreukherstellend/ EasyCare

Heb je synthetische stoffen die je voorzichtiger moet wassen, zoals polyacryl, polyester en viscose? Dan gebruik je dit programma. Het wast je wasgoed met een lager maximum toerental tot 60°C. De trommel vul je voor de helft van het maximaal aantal kilo’s. Sommige wasmachines gebruiken bij dit programma stoom om kreukels te verminderen. Wat ook kan, is dat de trommel blijft bewegen tot je de was eruit haalt (want ook dat gaat kreukels tegen). Het programma duurt zo’n 2 uur.

Eco 40-60

Voor normaal vies geworden katoenen wasgoed waarbij het waslabel het advies geeft om het item op 40°C of 60°C te wassen, gebruik je dit programma. De temperatuur van deze stand kan niet aangepast worden. Het betekent dat je was nét zo schoon wordt als dat je het op een 40°- of 60°-programma zou draaien. Alle nieuwe wasmachines hebben in ieder geval dit programma, omdat het nieuwe energielabel dat in 2021 is geïntroduceerd hierop is gebaseerd.

Eco katoen

Voor katoen, linnen en gemengde stoffen die je op max. 60°C mag wassen, zet je dit programma aan. Veel ‘oudere’ wasmachines hebben dit programma, omdat het oude energielabel (voor 2021) hierop is gebaseerd.

Ook interessant voor jou: Energielabels lezen.

Delicaat/ Fijne was/ Zijde

Soms heb je een wasje van fijne stoffen, zoals viscose, zijde of andere synthetische stoffen. Bij dit programma draait de trommel minder hard en ook het centrifugeren gaat op een laag toerental. Het programma werkt alleen op lage temperaturen en je kunt het beste maar kleine hoeveelheden wasgoed in de trommel doen. Deze was wordt op het waslabel aangeduid met twee streepjes onder de wastobbe.

Centrifugeren/ Spoelen/ Zwieren/ Afpompen

Gebruik het programma spoelen als je wilt dat je wasgoed alleen met water wordt schoongemaakt. Bijvoorbeeld omdat je kleding alleen opgefrist moet worden. Op dit programma volgt altijd het centrifugeren en afpompen van water. Als je de was na een normaal programma ook nog extra wilt spoelen, kies je voor de extra optie water of spoelen.

Kies voor centrifugeren als je een handwas hebt gedaan die alleen nog gecentrifugeerd moet worden. Hierdoor wordt het overtollige water uit de kleding gedraaid, zodat het sneller droogt aan de waslijn. Dit programma wordt altijd gecombineerd met afpompen, zodat het overtollige water uit de wasmachine gaat. En afpompen gebruik je als er nog wat water in de wastrommel is achtergebleven, omdat je het programma tussentijds hebt gestopt.

👚 Was-weetje Elk wasprogramma heeft in ieder geval een bepaald temperatuurverloop, trommelbeweging en toerental. De duur van het programma en het verbruik hangt weer af van het programma en hoeveel wasgoed je in de trommel doet.

©Viktoria - stock.adobe.com

Specifieke wasprogramma’s

Veel wasmachines hebben ook specifieke wasprogramma’s die gemaakt zijn voor een bepaald soort materiaal of wasgoed. Meestal mag je de trommel tijdens zo’n programma niet te vol doen.

Gordijnen

Gordijnen was je niet zo vaak, daardoor zijn ze op den duur erg stoffig. Dit wasprogramma wast de gordijnen eerst goed voor en spoelt ze ook grondig na.

Jeans en donkere was

Dit programma zet je aan voor een kleine hoeveelheid donkere was of jeans. Keer je jeans en donkere kleding wel eerst binnenstebuiten en gebruik het liefst vloeibaar wasmiddel dat geschikt is voor de donkere was.

Overhemden

Een programma voor overhemden werkt meestal op een lager toerental. Hierdoor komen je overhemden minder gekreukt uit de trommel, wat je weer een lange strijksessie bespaart.

©StockPhotoPro - stock.adobe.com

De extra wasprogramma’s

Op je wasmachine zitten niet alleen standaard programma’s, maar ook extra wasprogramma’s. Dit zijn een aantal die je op veel wasmachines ziet.

Stoom

Voor stoom zijn er soms aparte wasprogramma’s en soms is het een extra optie voor bij een wasprogramma. Dit programma is beter voor het wasgoed dan wanneer je een wasprogramma kiest met water en wasmiddel. Stoom frist het wasgoed op, zodat geurtjes verdwijnen. Dat is handig voor als je kleding wat muf ruikt, maar nog wel schoon is. Dankzij stoom kreukt je wasgoed ook minder, zodat je niet zo lang hoeft te strijken. Haal het wasgoed wel meteen uit de trommel zodra de wasmachine klaar is. De stoom zorgt er ook voor dat bacteriën worden gedood, zelfs als je deze extra functie aanzet bij een wasprogramma op een lage temperatuur. Ook verwijdert stoom hardnekkige vlekken uit je wasgoed. Vul de trommel met maar een paar kledingstukken, tot maximaal 2 kilo, om het programma goed te laten werken.

Bekijk hier alle wasmachines op Bol.com

Tip: je kunt filteren op Stoomfunctie

Voorwas

Een voorwas is handig om veel stof of zand weg te spoelen voordat het echte programma aan gaat. Zoals bij kleding van je kinderen die in de zandbak hebben gespeeld. Dit programma is niet nodig voor kleding met veel vlekken; daarvoor kun je beter een behandeling met speciaal vlekkenmiddel gebruiken.

Kort programma/ Speed/ Quick/ Express

Heb je een paar kilo wasgoed dat niet zo vuil is? Dan gebruik je een kort wasprogramma. Hierbij wordt het wasgoed minder goed schoongewassen dan een compleet wasprogramma: het spoelt het wasmiddel minder uit en centrifugeert minder. Sommige korte programma’s duren maar 15 minuten, sommige wel een uur. Dit programma is echt bedoeld om wasgoed op te frissen.

Impregneren/ Outdoor

Voor jassen die je waterbestendig wilt maken, gebruik je het programma Impregneren of Outdoor. Zorg dat je nooit wasverzachter gebruikt tijdens dit programma. Dit tast namelijk de impregneerlaag van je jas aan.

Allergie/ Hygiëne

Dit extra programma wast voor een langere periode op een hogere temperatuur, om zo alle allergenen te verwijderen. Het wast met meer water om ervoor te zorgen dat er geen wasmiddel in het wasgoed achterblijft.

Machinereiniging/ Trommelreiniging

Om je wasmachine in goede staat te houden, draai je af en toe het programma Machinereiniging of Trommelreiniging. Doe dit vooral als je vaak wasjes doet op lage temperaturen. Tijdens dit programma doe je geen wasgoed in de trommel, maar wel een oude doek. In de handleiding van je wasmachine staat beschreven of er wasmiddel nodig is of een wasmachinereiniger voor dit programma.

Lees ook: Betekenis wassymbolen: wat zijn die wasvoorschriften?

©Krakenimages.com - stock.adobe.com

De opties om je wasprogramma aan te passen

Een wasprogramma heeft standaard al bepaalde instellingen voor het verloop van temperatuur, de trommelbeweging, de hoeveelheid water dat gebruikt wordt, het toerental en de duur van het programma. Dit kun je aanpassen met verschillende opties.

Extra behoedzaam

Voor kwetsbare kleding is deze extra optie ontwikkeld. Deze optie zorgt ervoor dat de trommel minder bewegingen maakt en het programma korter duurt dan normaal.

Extra stil

Ideaal voor ’s nachts of als je kleine kinderen hebt die overdag nog een dutje doen, is de optie Extra stil. Dankzij deze optie centrifugeert je wasmachine minder hard en is je wasmachine dus stiller. Het programma duurt vaak wel langer vanwege deze optie.

Watch on YouTube

P.S. Kijk ook onze video De 6 grootste misverstanden over zuinig wassen.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.