ID.nl logo
Huis

Gaming-pc samenstellen: Van budget tot high-end

Computers zijn complex en de mogelijkheden met de vele componenten op de markt zijn eindeloos. Ga je een gaming-pc samenstellen, wat past dan goed bij elkaar? In dit artikel zetten we vijf systemen uiteen, van budget-pc's tot high-end-modellen. Gebruik de voorbeelden gerust om je eigen game-pc op te baseren!

Instapcomponenten zijn voor systemen primair bedoeld voor populaire, lichtere games (naast Fortnite zijn dat bijvoorbeeld League of Legends en de WarGames-spellen). Met een instap-game-pc zul je praktisch elk spel wel kunnen spelen, maar zwaardere games werken alleen met een lagere beeldkwaliteit.

Voor de mid-range richten we ons op gamers die alle moderne games met hoge instellingen in beeld willen brengen, of games juist op zeer hoge framerates willen spelen voor bijvoorbeeld competitief online gamen met snelle gamemonitoren.

Bij de adviezen voor de high-end-pc’s richten we ons op de groep mensen die niet alleen alles willen kunnen spelen op hogere resoluties (27inch-schermen met 2560 × 1440p, 34inch-ultrawides met 3440 × 1440p of 4K-schermen), maar feitelijk alles met hun pc willen kunnen doen wat denkbaar is.

Hieronder vind je in één oogopslag vijf soorten configuraties. Onder de afbeelding gaan we per component dieper op ieder systeem in. Denk uiteraard aan het soort videokaart, maar ook zaken als opslag, voeding en de behuizing komen aan bod.

Het is belangrijk te onthouden dat de adviezen wat betreft instap, mid-range, en high-end geen harde regels zijn. Je kunt normaliter prima mixen en matchen, afhankelijk van je eigen wensen. Wil je je games ook streamen of opnemen? Pak dan een wat zwaardere processor en wat extra opslag. Mag jouw game-pc iets duurder zijn dan de mid-range-optie, maar is de hele high-end-lijst je te gortig? Combineer dan gerust zaken van beide. Let alleen op dat je geen Intel-moederborden met AMD-processors gaat combineren of omgekeerd, dan heb je een heel slecht weekend voor de boeg.

©PXimport

Videokaart

De videokaart is zonder twijfel het meest cruciale onderdeel van je game-pc. Hij bepaalt grotendeels hoe soepel games lopen en hoe goed ze voor de dag komen. Met slechts twee fabrikanten (Nvidia en AMD) aan de basis van elke moderne videokaart, is de juiste kiezen niet heel lastig: koop een zo snel mogelijke als je budget toestaat.

©PXimport

Budget-videokaart

Voor de instap-pc strijden de Nvidia GeForce GTX 1050 Ti (4 GB) en de AMD Radeon RX 570 (4 GB) tegen elkaar. Beide kosten tussen de 150 en 200 euro. De Nvidia-chip is zuiniger, maar de AMD Radeon RX 570 biedt op zijn prijspunt flink betere prestaties. Ook FreeSync is een sterk argument in het voordeel van AMD, hierdoor komen zwaardere games beter naar voren op een FreeSync-scherm. Nvidia’s tegenhanger G-Sync is even capabel, maar dat zien we praktisch alleen in luxe, dure schermen terug. Daardoor is de AMD RX 570 overtuigend onze aanrader in het instapsegment. We raden je af te besparen met een goedkopere RX 560 of GTX 1030 of 1050: daar lever je heel veel prestaties mee in.

Mid-range-videokaart

Voor een mid-range-pc kijken we richting de Nvidia GeForce GTX 1060 (6 GB) of de AMD Radeon RX 580 (8 GB), te koop vanaf ca. 250 euro. Beide kaarten zijn uitstekend geschikt voor het spelen van zwaardere of zeer snelle games op full hd. Een echt betere keuze is er niet. Beide hebben hun sterke kanten: ze zijn grofweg even snel, Nvidia is iets zuiniger wat fijn is in compactere behuizingen, AMD heeft wederom FreeSync als voordeel. Ons advies is een leuke aanbieding op te zoeken, denk aan een extra scherpe prijs of wat gratis games bij je aanschaf. Valt een GTX 1070 of RX 590 binnen je budget? Pak die upgrade dan mee.

High-end-videokaart

Het high-end-segment wordt gedomineerd door Nvidia. Een incidentele aanbieding van de AMD Radeon Vega kan interessant zijn, maar het zijn de GeForce-kaarten die dit segment domineren. Koop de beste chip die je budget toestaat: een RTX 2070 is een mooie kaart voor 1440p-gaming, maar het zijn de RTX 2080 en extreem dure RTX 2080 Ti die de beste prestaties bieden als je het geld ervoor over hebt. Tip: als je nog een GTX 1080 Ti op de kop kunt tikken, doe dat dan gerust: dat is bijna een RTX 2080-prestatie voor flink minder geld.

Processor

De processor is de motor van de typische computer en bepaalt veelal waar die toe in staat is. Bij een game-pc ligt de nadruk primair op de videokaart, maar een slechte processor kan wel degelijk de prestaties nekken. De juiste balans zoeken is wat we hier gaan doen, want extra budget geven we veelal liever aan de videokaart uit dan aan de processor.

©PXimport

Budget-processor

Voor een instap-game-pc kijken we direct naar de AMD Ryzen 5 2600. Zes cores met multi-threading (6 cores, 12 threads) is eigenlijk geen instapprocessor meer, maar met een prijs van 170 euro is het een uitstekende koop. Een Intel Core i3-8100 zou eigenlijk genoeg zijn voor de doelstelling, maar deze is in prestaties met z’n vier cores en vier threads zo veel beperkter, dat we het die twee tientjes besparing niet waard vinden. Bijkomend voordeel: met de genoemde AMD-processor heb je ook meteen de prestaties in huis mocht je bijvoorbeeld Fornite willen streamen of af en toe een video renderen voor YouTube. Al raden we ons mid-range AMD-processoradvies aan als je fanatiek wilt gaan streamen.

Mid-range-processor

Ook voor de mid-range-pc heeft Intel het lastig. De Intel Core i5-9600K zou perfect zijn, maar 300 euro voor een processor met zes cores en zes threads is wel gortig. De AMD Ryzen 7 2700X met acht cores en zestien threads is maar ietsjes duurder, en de Ryzen 7 2700 is goedkoper en kan handmatig worden opgevoerd naar hetzelfde niveau. Puur voor gaming is de Core i5 leuk, maar mocht je je pc iets breder willen inzetten, dan zouden we toch serieus naar de Ryzen 7-serie kijken.

High-end-processor

In het high-end-segment heeft AMD het weer moeilijk. De Ryzen 7 2700X zou even goed staan in een high-end-game-pc, maar de echt ultieme gameprestaties liggen toch bij Intel. De Intel Core i7-9700K (8 core, 8 thread) is per core dermate snel dat dit voor de meeste games ideaal blijkt. Daarmee is het de ultieme pure game-processor. Doe je ook veel creatieve zaken met je computer, overweeg dan de Intel Core i9-9900K: de ultieme (doch prijzige) consumentenprocessor van dit moment.

Let wel op dat Intel de laatste tijd moeite heeft met het in toom houden van de prijzen: 200 euro meer betalen voor een i7-9700K boven een Ryzen 7 2700X gaat erg ver. Mocht dat nog het geval zijn wanneer jij je game-pc laat/gaat bouwen, kies dan gerust de AMD Ryzen 7 2700X, ook voor je high-end-game-pc.

Moederbord

Twee zaken zijn belangrijk in een moederbord: zorgen dat hij jouw processor aankan én dat hij wat aansluitingen betreft voldoet. Heb je bijvoorbeeld veel usb-apparaten, of speakers met een optische ingang, dan moet je wel zorgen dat je moederbord daar de aansluitingen voor heeft. Heb je geen netwerkkabel bij je computer, dan is een model met goede wifi handig. Omdat er te veel wensen zijn om te bespreken raden we aan bij twijfel navraag te doen.

©PXimport

Budget-moederbord

Bij de AMD Ryzen 5 2600 van de instap-game-pc pakken wij de Gigabyte Aorus B450 PRO (110 euro): een solide middenklasser met genoeg aansluitingen voor de meeste doeleinden. Wil je wifi, dan is de iets duurdere en iets luxer ogende MSI B450 Gaming Pro Carbon AC (140 euro) een goede keuze.

Mid-range-moederbord

Ga je voor de AMD Ryzen 7 2700X in een mid-range- of zelfs high-end-systeem dan adviseren we een iets steviger moederbord. De ASUS Prime X470-PRO (175 euro) of de lastig verkrijgbare MSI X470 Gaming Pro Carbon (indien te vinden voor 180 euro) zijn dan uitstekende complete opties. Die hebben o.a. uitstekende geluidskwaliteit en meer aansluitingen dan de meeste mensen kunnen gebruiken. Wil je wifi, dan scoort de Gigabyte Aorus X470 Gaming 5 WiFi (200 euro) hoge ogen.

High-end-moederbord

Ga je voor de Intel Core i5-9600K of i7-9700K, dan heb je een Z390-moederbord nodig. Praktisch elk model rond de 200 euro voldoet. Positieve uitschieter is de Gigabyte Z390 Aorus Pro (200 euro), die met zijn uitzonderlijk sterke stroomvoorziening op dat prijspunt veel waarde biedt. Wil je veel verschillende RGB-onderdelen aan elkaar koppelen? Dan kijken we naar ASUS, want die heeft de RGB-sync-software verreweg het best voor elkaar.

Werkgeheugen (RAM)

©PXimport

Van instap- tot en met high-end-game-pc’s is 16 GB geheugen ideaal; games die meer nodig hebben wij nog niet ontdekt. Als je echt krap bij kas zit, kun je voor je instap-pc 8 GB geheugen gebruiken, maar die paar tientjes besparing is lastig aan te raden voor een allround-game-pc. AMD-processors profiteren in de regel van wat sneller geheugen (een 3200MHz-kit heeft de voorkeur). De Corsair Vengeance LPX CMK16GX4M2B3200C16 wordt door ons veel gebruikt en is zowel compatibel met Intel als AMD en ook scherp geprijsd.

Wil je liever wat meer bling? De Corsair Vengeance RGB PRO CMW16GX4M2C3200C16 werkt eveneens op Intel en AMD, en komt met een flinke berg RGB-verlichting en goede software. In geval van twijfel kan je altijd afgaan op de QVL: de lijst met de geheugenkits die door de moederbord-fabrikant zijn getest op compatibiliteit.

Opslag (hdd en/of ssd)

©PXimport

Eigenlijk mag een ssd in een pc anno 2019 niet ontbreken. Je games draaien er niet sneller door, maar je hele pc voelt lekker vlot aan en games starten wel degelijk vlotter. Wil je echt op de centen letten, dan is een harde schijf van 1 TB zoals de WD Blue 1TB voor zo’n vier tientjes prima. Je games draaien dan even goed, maar de pc voelt wel trager en zal meer geluid maken.

Wij zouden dus minimaal een 1TB-ssd kopen (ca. 150 euro). Dan start je game-pc vlot op, voelt hij bij dagelijks gebruik ook lekker snel en starten je games eveneens razendsnel op. En met 1 TB heb je genoeg ruimte voor Windows, een forse fotocollectie en een dozijn AAA-games: perfect voor zowel instap-, mid-range- als high-end-game-pc’s. Wil je als high-end-koper niet te krap zitten? Koop dan twee 1TB-ssd’s, dat kost je in de regel een stuk minder dan één ssd van 2 TB.

Voeding

Een slechte voeding is funest voor de levensduur van alle onderdelen in je computer, dus raden we altijd aan om een echte A-kwaliteit voeding aan te schaffen. Maar hoe bepaal je wat een goede voeding is? Helaas is daar geen eenzijdig antwoord op, maar staar je in elk geval niet blind op het maximale vermogen, dat zegt niets over de kwaliteit.

©PXimport

Budget-voeding

Voor onze instap-game-pc gaan we voor de Cooler Master MWE Bronze 450, een recent uitgebracht model dat een redelijke kwaliteit biedt voor een lagere prijs dan de meeste directe concurrenten. Hij is ook redelijk zuinig en 450 watt is ruim genoeg voor de combinatie van Ryzen 5 en Radeon RX 570.

Mid-range-voeding

Voor ons mid-range-model gaan we iets hoger zitten: de Corsair RM550x en de Seasonic Focus Plus Gold 550 bouwen op iets betere componenten, zijn wat zuiniger, en komen met een veel langere garantie: respectievelijk 10 en 12 jaar.

High-end-voeding

Voor ons high-end-systeem houden we dezelfde modellen aan als voor mid-range. Ga je echter voor een AMD Radeon Vega 64 of een Nvidia GeForce GTX 1080 Ti, RTX 2080 of RTX 2080 Ti? Dan zouden wij de 650watt-varianten pakken voor wat extra ruimte voor wat overklokken of veel extra componenten. Ga je extreem overklokken met een high-end-cpu en RTX 2080 Ti? Maak er dan een 750watt-variant van.

Behuizing

Over smaak valt niet te twisten, al vinden we de écht goedkope cases niet interessant meer. Deels te danken aan de stand van de dollar, deels aan het feit dat er tussen 60 en 80 euro echt uitstekende cases op de markt te vinden zijn.

©PXimport

Budget-behuizing

Met 59 euro is de Phanteks P300 (verkrijgbaar in drie kleuren) onze budgetklapper: compact, chic, voorzien van glas en prettig te bouwen. Als je per sé nog een tientje moet besparen is de Cooler Master MasterBox Lite 5 te overwegen.

Mid-range-behuizing

De middenklasse wordt gedomineerd door de circa 75 euro kostende NZXT H500. Die is net wat netter afgewerkt, koelt wat beter en komt met een extra ventilator. Eigenlijk kunnen we stellen dat dit ook een prima basis vormt voor een high-end-game-pc, stop extra budget liever in de videokaart. Wil je liever een behuizing waar je niet in kunt kijken? Dan is de Fractal Design Meshify C (80 euro) onze favoriet.

High-end-behuizing

Ga je voor een echte high-end en wil je toch wat luxers? Rond de 130 euro vinden we de extreem indrukwekkende NZXT H700. Flink zwaardere kwaliteit, vier ventilatoren en eveneens leverbaar in meerdere kleuren. Mag het nog duurder? Spiek dan eens naar de Cooler Master SL600M. Uitstekende koeling, prachtige aluminium afwerking, ingebouwde fan controller en de usb-poorten lichten op als je hand in de buurt komt. Prijzig, maar wel wat bijzonders.

Koeler

Een stevige processor profiteert al snel van een apart aan te schaffen processorkoeler. Die houdt je systeem koeler, stiller en geeft je ruimte om te overklokken. Zit je echt krap? Houd dan de meegeleverde koeler van je AMD Ryzen 5 2600 aan. Die voldoet en je gameprestaties leiden er niet onder. Heb je een beetje budget over? Pak dan een Gelid Phantom Black of een Cooler Master Hyper 212 Black Edition. Krachtiger, met ca. drie tientjes niet duur en ze zien er nog strak uit ook.

©PXimport

Voor zowel onze mid-range- als high-end-game-pc’s is de Scythe Mugen 5 PCGH al tijden ongeslagen, vooral wat prijs-prestatieverhouding betreft: voor ca. 50 euro kan hij een dikke Ryzen 7 of Intel Core i5 en i7 in stilte koelen. Waterkoeling is zeker een leuk alternatief, de NZXT Kraken X62 oogt prachtig en koelt nog beter. De Corsair H-series RGB Platinum vormen een mooi alternatief en de Cooler Master ML240R laat zien dat RGB-waterkoeling ook betaalbaar (doch wat luider) kan zijn. Die investering is puur voor een luxere uitstraling.

Monitor

Welke game-pc je ook koopt, uiteindelijk bepaalt de laatste schakel in grote mate jouw ervaring: de monitor. Het loont dan ook om game-pc en monitor op elkaar af te stemmen.

©PXimport

Budget-monitor

Voor onze instap-game-pc is de Iiyama G-Master G2530HSU een uitstekende budget-keuze. Voor nog geen 140 euro hebben we daar een gebalanceerd scherm dat net even wat sneller is dan de rest in zijn prijsklasse (75 Hz in plaats van 60 Hz) en FreeSync biedt.

Mid-range-monitor

Het grootste probleem van die Iiyama is dat nog snellere gamemonitoren vandaag de dag veel goedkoper zijn geworden. Een AOC C24G1 met 144 Hz is al voor 169 euro te koop. Dat is een vlot game-scherm plus een capabele allrounder voor een te aantrekkelijke prijs om te laten liggen. We noemen deze als aanrader voor een mid-range-pc, maar mocht je 30 euro overhouden na aanschaf van je instap-game-pc is deze upgrade wel de moeite waard.

High-end-monitor

Met het high-end-systeem kun je twee kanten op: iets groter en 1440p, of juist extra breed. Wil je één maatje groter, een hogere resolutie (WQHD), snel, degelijk en goedkoop? Dan is de AOC AG271QX voor zo’n 400 euro uitstekend. Je mist dan de G-Sync voor je high-end-gpu van Nvidia, maar daar is de prijs ook naar. De iets betere, nog snellere ASUS ROG Swift PG278QR van 165 Hz heeft wel G-Sync, maar is met 600 euro ook een stuk duurder.

Liever adviseren wij dan de nog iets luxere ASUS ROG Swift PG279Q: degelijk, snel en voorzien van G-Sync. En die is met een goed ips-paneel aan de basis ook goed bruikbaar voor creatieve taken zoals foto- of videobewerking: een prachtig luxepaard.

Liever de breedte in? Dat snappen we, want de game-ervaring op een ultrawide-monitor van 34 of 35 inch is fantastisch. Daarvoor zul je wel een spaarpotje nodig hebben, want een gaming-ultrawide is niet goedkoop en bij voorkeur heb je minimaal een GeForce RTX 2080 als videokaart. Met 649 euro is de BenQ EX3501R, een va-scherm van 35 inch met 100 Hz, een uitstekende en nog relatief betaalbare optie. De ca. 850 euro kostende AOC AG352UGC6 met zijn 120 Hz en G-Sync-paneel won recent onze ultrawide-monitorentest en is ons advies als je een luxe ultrawide zoekt voor het gamen op je high-end-game-pc.

▼ Volgende artikel
Review Poco F8 Ultra – Toptoestel zodra de prijs zakt
© Wesley Akkerman
Huis

Review Poco F8 Ultra – Toptoestel zodra de prijs zakt

De smartphones van Poco zijn over het algemeen goed geprijsd als je kijkt naar wat je ervoor terugkrijgt. De nieuwe Poco F8 Ultra heeft een prijskaartje van minimaal 800 euro. Gaat die regel ook hier op?

Uitstekend
Conclusie

De Poco F8 Ultra oogt uniek, vindt in de subwoofer een handige toevoeging en voelt stevig aan. De door ons geteste Denim Blue-uitvoering heeft bovendien een faux denimlaagje op de achterkant voor extra grip (wat deze variant een paar gram zwaarder maakt dan de zwarte versie). Wel plaatsen we wat kanttekeningen bij de software- en camera-ervaring. De prijs is misschien gevoelsmatig nog wat hoog, zeker voor dit merk. Maar zakt de prijs richting de 600 euro, dan krijg je een toptoestel dat zijn prijs meer dan waarmaakt en waar je langdurig plezier van hebt.

Plus- en minpunten
  • Bose-subwoofer
  • Faux denim achterop
  • Stevig, handzaam en licht
  • Vlotte en overzichtelijke software
  • Gemiddeld tot goed softwarebeleid
  • Batterijduur
  • Kleuren kunnen beter
  • Camera laat te wensen over
  • Bloatware en advertenties
CategorieSpecificatie
Display6,9 inch Amoled-display, 120Hz (adaptief), 3500 nits maximale helderheid
ProcessorSnapdragon 8 Elite Gen 5 (3nm)
Geheugen12 GB of 16 GB LPDDR5X (9600 Mbps)
Opslag256 GB of 512 GB (UFS 4.1)
Batterij6500 mAh met 100W HyperCharge en 50W draadloos laden
Camera achter50 MP hoofdcamera (OIS), 50 MP periscooptelelens (OIS), 50 MP ultragroothoek
Camera voor32 MP met autofocus
VideoTot 8K op 30 fps (achter) / 4K op 60 fps (voor)
SoftwareXiaomi HyperOS 3
BouwIP68 waterbestendig, POCO Shield Glass, 218 (Black) - 220 gram (Denim Blue)
Connectiviteit5G, Wifi 7, Bluetooth 6.0, NFC
Extra'sUltrasone vingerafdrukscanner, Infrarood (IR-blaster), Bose audio

Want wat voor smartphone kun je precies aanbieden als je er net wat meer geld tegenaan gooit? Dat idee heeft een unieke telefoon opgeleverd, voorzien van een denimlook én een extra subwoofer achterop. Gewaagde keuzes, maar in een wereld waarin smartphones steeds meer naar elkaar toe groeien, en in hun identiteitscrisis meer en meer op iPhones gaan lijken, geen verkeerde ontwikkeling. Alleen daarom al zijn we enthousiast over de Poco F8 Ultra (Blue Denim-uitvoering).

Het helpt dan ook zeer dan de subwoofer daar niet alleen voor de show zit. Dit compacte speakertje geeft geluiden en audio meer dan genoeg ruimte om beter tot hun recht te komen vergeleken met reguliere smartphonespeakers. Weg is dat blikkige geluid, dat nu ruimte maakt voor warmere tonen en een bredere soundstage. Klinkt de muziek perfect? Dat kun je niet verwachten, maar we zijn desondanks onder de indruk van de Bose-luidspreker.

©Wesley Akkerman

Uniek en tof

De Poco F8 Ultra ligt prettig in de hand en voelt solide aan dankzij het aluminium frame. Met 220 gram is hij ook niet overdreven zwaar. Het fauxdenim op de achterkant draagt daarbij merkbaar bij aan de grip, waardoor hij niet snel uit je handen glipt. Juist door dat eigenzinnige uiterlijk is dit zo'n smartphone die je liever zonder hoesje gebruikt, ook al loop je daarmee iets meer risico op valschade.

Het grote amoled-paneel van 6,9 inch stelt evenmin teleur. Met zijn hoge resolutie (1.200 bij 2.608 pixels) en verversingssnelheid (120 Hertz) kom je niets tekort en oogt alles scherp en vlot. Het contrast is breed en zwartwaarden zijn diep, maar de kleuren kunnen soms net even wat flets ogen. Dat valt alleen op in directe vergelijkingen met andere smartphones; de kans is heel klein dat dit je hier iets van merkt in het dagelijkse gebruik of als je een minder geoefend oog hebt.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Wat je mag verwachten

Ook al draait de Poco F8 Ultra niet op de krachtigste processor die Qualcomm te bieden heeft, in de praktijk merk je daar weinig van. De Snapdragon 8 Elite Gen 5 voelt vlot aan bij multitasking en kan games zonder moeite aan, al moet je er wel rekening mee houden dat de Gen 5 warm (niet heet, gelukkig) kan worden wanneer je high-end spellen speelt. Niets om je zorgen over te maken, je zult hier namelijk je vingers niet aan branden.

Ook de accu stelt niet teleur. Met een capaciteit van 6.500 mAh haal je in veel gevallen probleemloos twee dagen, al hangt dat vanzelfsprekend af van hoe intensief je de smartphone gebruikt. Speel je veel games, dan loopt hij sneller leeg, maar opladen gaat razendsnel. Met een geschikte 100w-lader, die je zelf moet aanschaffen, zit de accu binnen ongeveer veertig minuten weer helemaal vol.

0,7x

1x

2x

Camera en software

Toch is niet alles goud wat er blinkt. Onder de juiste lichtomstandigheden maakt de Poco F8 Ultra kleurrijke en gedetailleerde beelden. Zoomen is geen probleem en ook de selfiecam lijkt goed om te gaan met verschillende huidtypen. De groothoeklens presteert echter minder goed: kleuren komen minder goed uit de verf en details vallen weg. De avondmodus stelt teleur, met een overdaad aan exposure, gebrekkige kleurenaccuraatheid en trage vastlegging.

Aangezien Poco een dochteronderneming is van Xiaomi, draait het toestel op HyperOS 3.0. De Poco staat daardoor vol met overbodige en dubbele apps, waaronder die van Xiaomi, waarvan je het gros kunt verwijderen. Ook kom je her en der wat reclame tegen. Verder is het besturingssysteem vlot en overzichtelijk, twee eigenschappen die we extreem belangrijk vinden. Je krijgt tot slot 'maar' vier Android-upgrades, evenals zes jaar aan beveiligingsupdates.

5x

10x

Poco F8 Ultra kopen?

Ondanks de kanttekeningen die we plaatsen bij de software- en camera-ervaringen, zijn er eigenlijk weinig redenen om niet voor de Poco F8 Ultra te kiezen. Hij oogt uniek, vindt in de subwoofer een handige toevoeging en voelt stevig aan. De door ons geteste Denim Blue-uitvoering heeft bovendien een faux denimlaagje op de achterkant voor extra grip (wat deze uitvoering wel een paar gram zwaarder maakt dan de Poco F8 Ultra Black). De prijs is misschien gevoelsmatig nog wat hoog, zeker voor dit merk. Maar zakt de prijs richting de 600 euro, dan krijg je een toptoestel dat zijn prijs meer dan waarmaakt en waar je langdurig plezier van hebt.

52137934

▼ Volgende artikel
Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid
© ER | ID.nl
Huis

Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid

Spatial audio, oftewel ruimtelijke audio, belooft een luisterervaring waarbij het geluid niet alleen van links en rechts komt, maar je volledig omringt. Hoewel de marketingkreten je geregeld om de oren vliegen, is de techniek niet in elke situatie even zinvol. In dit artikel ontdek je wanneer ruimtelijke audio je ervaring verrijkt en wanneer je prima zonder kunt.

Vergeet het statische geluid van je oude vertrouwde stereo-set. Met spatial audio krijgt geluid eindelijk de diepte die het verdient. Dankzij slimme algoritmes die de akoestiek van de echte wereld nabootsen, ontsnapt de audio aan je koptelefoon of soundbar. Geluid beweegt vrij door de kamer, waardoor een helikopter in een film ook echt boven je hoofd lijkt te cirkelen. Het is de overstap van een platte foto naar een hologram, maar dan voor je oren.

Bioscoopervaring thuis

De meest logische toepassing voor spatial audio is zonder twijfel de moderne filmervaring. Wanneer je een blockbuster kijkt die is gemixt in formaten zoals Dolby Atmos, komt de techniek pas echt tot leven. Een helikopter die overvliegt of regen die op een dak klatert, krijgt een verticale dimensie die voorheen onmogelijk was met een standaard hoofdtelefoon of een simpele soundbar.

Voor filmliefhebbers die niet de ruimte hebben voor een volledige surround-installatie met fysieke speakers in het plafond, biedt spatial audio een overtuigend en compact alternatief dat de zogenaamde immersie aanzienlijk vergroot.

Spatial audio in de praktijk

Je komt ruimtelijke audiotechnieken op steeds meer plekken tegen, vaak zonder dat je er specifiek naar hoeft te zoeken. In de filmwereld is Dolby Atmos de absolute standaard, waarbij streamingdiensten zoals Netflix en Disney+ deze techniek inzetten om geluidseffecten via een soundbar dwars door je kamer te laten bewegen.

Muziekliefhebbers vinden soortgelijke ervaringen bij Apple Music en Tidal, waar speciale mixes van bekende albums een breder en dieper geluidsveld bieden dan de originele stereoversie. Ook in de gamingwereld is het inmiddels de norm; Sony gebruikt de Tempest 3D-technologie voor de PlayStation 5 om spelers midden in de actie te plaatsen, terwijl Microsoft met Windows Sonic en Dolby Atmos for Headphones vergelijkbare resultaten behaalt op de Xbox en pc.

©ER | ID.nl

Muziek met een extraatje

Voor muziek is het nut van ruimtelijke audio iets genuanceerder en sterk afhankelijk van de productie. Bij klassieke concerten of live-opnames kan de techniek je het gevoel geven dat je midden in de concertzaal zit, waarbij de akoestiek van de ruimte tastbaar wordt. Ook bij moderne popmuziek die specifiek voor dit formaat is geproduceerd, kunnen artiesten creatiever omgaan met de plaatsing van instrumenten of subtiele geluidseffecten.

Toch blijft voor de purist die zweert bij een eerlijke, ongefilterde weergave van een studio-album de traditionele stereomix vaak de voorkeur genieten, omdat spatial audio de oorspronkelijke balans soms onnatuurlijk kan veranderen.

Gaming en de functionele voorsprong

In de wereld van gaming verschuift de waarde van spatial audio van puur esthetisch naar functioneel. Vooral in competitieve shooters is het horen van de exacte positie van een tegenstander een serieus dingetje. Door gebruik te maken van ruimtelijke audio kun je voetstappen boven, onder of achter je nauwkeurig lokaliseren. Dat geeft niet alleen een intensere spelervaring waarbij je volledig wordt opgeslokt door de spelwereld, maar biedt ook een tactisch voordeel dat met standaard audio simpelweg niet te evenaren is. Hierdoor is de techniek voor fanatieke gamers bijna onmisbaar geworden.

Wanneer kun je het beter uitschakelen?

Ondanks de indrukwekkende demonstraties is spatial audio niet altijd de beste keuze. Voor dagelijks gebruik, zoals het luisteren naar podcasts of het kijken van het journaal, voegt de extra ruimtelijkheid weinig toe en kan het de verstaanbaarheid van stemmen zelfs negatief beïnvloeden. Ook bij oudere opnames die door softwarematige kunstgrepen naar ruimtelijk geluid worden omgezet, ontstaat er vaak een hol en onnatuurlijk resultaat. In dergelijke gevallen is een zuivere stereoweergave nog altijd de meest betrouwbare weg naar een prettige luisterervaring.

Populaire merken voor spatial audio

Verschillende fabrikanten lopen voorop in de adoptie van ruimtelijke audiotechnieken. Apple heeft met de integratie in de AirPods Max en AirPods Pro in combinatie Apple Music de techniek toegankelijk gemaakt voor de massa, terwijl Sony met hun 360 Reality Audio een sterk eigen ecosysteem heeft gebouwd dat vooral schittert bij gaming en specifieke streamingdiensten. Daarnaast is Sonos een dominante speler op het gebied van home-entertainment met soundbars die Dolby Atmos ondersteunen. Bose en Sennheiser zijn eveneens belangrijke namen die met hun geavanceerde algoritmes en hoogwaardige hardware zorgen dat de ruimtelijke beleving ook voor de veeleisende luisteraar geloofwaardig blijft.