ID.nl logo
Huis

Gaming-pc samenstellen: Van budget tot high-end

Computers zijn complex en de mogelijkheden met de vele componenten op de markt zijn eindeloos. Ga je een gaming-pc samenstellen, wat past dan goed bij elkaar? In dit artikel zetten we vijf systemen uiteen, van budget-pc's tot high-end-modellen. Gebruik de voorbeelden gerust om je eigen game-pc op te baseren!

Instapcomponenten zijn voor systemen primair bedoeld voor populaire, lichtere games (naast Fortnite zijn dat bijvoorbeeld League of Legends en de WarGames-spellen). Met een instap-game-pc zul je praktisch elk spel wel kunnen spelen, maar zwaardere games werken alleen met een lagere beeldkwaliteit.

Voor de mid-range richten we ons op gamers die alle moderne games met hoge instellingen in beeld willen brengen, of games juist op zeer hoge framerates willen spelen voor bijvoorbeeld competitief online gamen met snelle gamemonitoren.

Bij de adviezen voor de high-end-pc’s richten we ons op de groep mensen die niet alleen alles willen kunnen spelen op hogere resoluties (27inch-schermen met 2560 × 1440p, 34inch-ultrawides met 3440 × 1440p of 4K-schermen), maar feitelijk alles met hun pc willen kunnen doen wat denkbaar is.

Hieronder vind je in één oogopslag vijf soorten configuraties. Onder de afbeelding gaan we per component dieper op ieder systeem in. Denk uiteraard aan het soort videokaart, maar ook zaken als opslag, voeding en de behuizing komen aan bod.

Het is belangrijk te onthouden dat de adviezen wat betreft instap, mid-range, en high-end geen harde regels zijn. Je kunt normaliter prima mixen en matchen, afhankelijk van je eigen wensen. Wil je je games ook streamen of opnemen? Pak dan een wat zwaardere processor en wat extra opslag. Mag jouw game-pc iets duurder zijn dan de mid-range-optie, maar is de hele high-end-lijst je te gortig? Combineer dan gerust zaken van beide. Let alleen op dat je geen Intel-moederborden met AMD-processors gaat combineren of omgekeerd, dan heb je een heel slecht weekend voor de boeg.

©PXimport

Videokaart

De videokaart is zonder twijfel het meest cruciale onderdeel van je game-pc. Hij bepaalt grotendeels hoe soepel games lopen en hoe goed ze voor de dag komen. Met slechts twee fabrikanten (Nvidia en AMD) aan de basis van elke moderne videokaart, is de juiste kiezen niet heel lastig: koop een zo snel mogelijke als je budget toestaat.

©PXimport

Budget-videokaart

Voor de instap-pc strijden de Nvidia GeForce GTX 1050 Ti (4 GB) en de AMD Radeon RX 570 (4 GB) tegen elkaar. Beide kosten tussen de 150 en 200 euro. De Nvidia-chip is zuiniger, maar de AMD Radeon RX 570 biedt op zijn prijspunt flink betere prestaties. Ook FreeSync is een sterk argument in het voordeel van AMD, hierdoor komen zwaardere games beter naar voren op een FreeSync-scherm. Nvidia’s tegenhanger G-Sync is even capabel, maar dat zien we praktisch alleen in luxe, dure schermen terug. Daardoor is de AMD RX 570 overtuigend onze aanrader in het instapsegment. We raden je af te besparen met een goedkopere RX 560 of GTX 1030 of 1050: daar lever je heel veel prestaties mee in.

Mid-range-videokaart

Voor een mid-range-pc kijken we richting de Nvidia GeForce GTX 1060 (6 GB) of de AMD Radeon RX 580 (8 GB), te koop vanaf ca. 250 euro. Beide kaarten zijn uitstekend geschikt voor het spelen van zwaardere of zeer snelle games op full hd. Een echt betere keuze is er niet. Beide hebben hun sterke kanten: ze zijn grofweg even snel, Nvidia is iets zuiniger wat fijn is in compactere behuizingen, AMD heeft wederom FreeSync als voordeel. Ons advies is een leuke aanbieding op te zoeken, denk aan een extra scherpe prijs of wat gratis games bij je aanschaf. Valt een GTX 1070 of RX 590 binnen je budget? Pak die upgrade dan mee.

High-end-videokaart

Het high-end-segment wordt gedomineerd door Nvidia. Een incidentele aanbieding van de AMD Radeon Vega kan interessant zijn, maar het zijn de GeForce-kaarten die dit segment domineren. Koop de beste chip die je budget toestaat: een RTX 2070 is een mooie kaart voor 1440p-gaming, maar het zijn de RTX 2080 en extreem dure RTX 2080 Ti die de beste prestaties bieden als je het geld ervoor over hebt. Tip: als je nog een GTX 1080 Ti op de kop kunt tikken, doe dat dan gerust: dat is bijna een RTX 2080-prestatie voor flink minder geld.

Processor

De processor is de motor van de typische computer en bepaalt veelal waar die toe in staat is. Bij een game-pc ligt de nadruk primair op de videokaart, maar een slechte processor kan wel degelijk de prestaties nekken. De juiste balans zoeken is wat we hier gaan doen, want extra budget geven we veelal liever aan de videokaart uit dan aan de processor.

©PXimport

Budget-processor

Voor een instap-game-pc kijken we direct naar de AMD Ryzen 5 2600. Zes cores met multi-threading (6 cores, 12 threads) is eigenlijk geen instapprocessor meer, maar met een prijs van 170 euro is het een uitstekende koop. Een Intel Core i3-8100 zou eigenlijk genoeg zijn voor de doelstelling, maar deze is in prestaties met z’n vier cores en vier threads zo veel beperkter, dat we het die twee tientjes besparing niet waard vinden. Bijkomend voordeel: met de genoemde AMD-processor heb je ook meteen de prestaties in huis mocht je bijvoorbeeld Fornite willen streamen of af en toe een video renderen voor YouTube. Al raden we ons mid-range AMD-processoradvies aan als je fanatiek wilt gaan streamen.

Mid-range-processor

Ook voor de mid-range-pc heeft Intel het lastig. De Intel Core i5-9600K zou perfect zijn, maar 300 euro voor een processor met zes cores en zes threads is wel gortig. De AMD Ryzen 7 2700X met acht cores en zestien threads is maar ietsjes duurder, en de Ryzen 7 2700 is goedkoper en kan handmatig worden opgevoerd naar hetzelfde niveau. Puur voor gaming is de Core i5 leuk, maar mocht je je pc iets breder willen inzetten, dan zouden we toch serieus naar de Ryzen 7-serie kijken.

High-end-processor

In het high-end-segment heeft AMD het weer moeilijk. De Ryzen 7 2700X zou even goed staan in een high-end-game-pc, maar de echt ultieme gameprestaties liggen toch bij Intel. De Intel Core i7-9700K (8 core, 8 thread) is per core dermate snel dat dit voor de meeste games ideaal blijkt. Daarmee is het de ultieme pure game-processor. Doe je ook veel creatieve zaken met je computer, overweeg dan de Intel Core i9-9900K: de ultieme (doch prijzige) consumentenprocessor van dit moment.

Let wel op dat Intel de laatste tijd moeite heeft met het in toom houden van de prijzen: 200 euro meer betalen voor een i7-9700K boven een Ryzen 7 2700X gaat erg ver. Mocht dat nog het geval zijn wanneer jij je game-pc laat/gaat bouwen, kies dan gerust de AMD Ryzen 7 2700X, ook voor je high-end-game-pc.

Moederbord

Twee zaken zijn belangrijk in een moederbord: zorgen dat hij jouw processor aankan én dat hij wat aansluitingen betreft voldoet. Heb je bijvoorbeeld veel usb-apparaten, of speakers met een optische ingang, dan moet je wel zorgen dat je moederbord daar de aansluitingen voor heeft. Heb je geen netwerkkabel bij je computer, dan is een model met goede wifi handig. Omdat er te veel wensen zijn om te bespreken raden we aan bij twijfel navraag te doen.

©PXimport

Budget-moederbord

Bij de AMD Ryzen 5 2600 van de instap-game-pc pakken wij de Gigabyte Aorus B450 PRO (110 euro): een solide middenklasser met genoeg aansluitingen voor de meeste doeleinden. Wil je wifi, dan is de iets duurdere en iets luxer ogende MSI B450 Gaming Pro Carbon AC (140 euro) een goede keuze.

Mid-range-moederbord

Ga je voor de AMD Ryzen 7 2700X in een mid-range- of zelfs high-end-systeem dan adviseren we een iets steviger moederbord. De ASUS Prime X470-PRO (175 euro) of de lastig verkrijgbare MSI X470 Gaming Pro Carbon (indien te vinden voor 180 euro) zijn dan uitstekende complete opties. Die hebben o.a. uitstekende geluidskwaliteit en meer aansluitingen dan de meeste mensen kunnen gebruiken. Wil je wifi, dan scoort de Gigabyte Aorus X470 Gaming 5 WiFi (200 euro) hoge ogen.

High-end-moederbord

Ga je voor de Intel Core i5-9600K of i7-9700K, dan heb je een Z390-moederbord nodig. Praktisch elk model rond de 200 euro voldoet. Positieve uitschieter is de Gigabyte Z390 Aorus Pro (200 euro), die met zijn uitzonderlijk sterke stroomvoorziening op dat prijspunt veel waarde biedt. Wil je veel verschillende RGB-onderdelen aan elkaar koppelen? Dan kijken we naar ASUS, want die heeft de RGB-sync-software verreweg het best voor elkaar.

Werkgeheugen (RAM)

©PXimport

Van instap- tot en met high-end-game-pc’s is 16 GB geheugen ideaal; games die meer nodig hebben wij nog niet ontdekt. Als je echt krap bij kas zit, kun je voor je instap-pc 8 GB geheugen gebruiken, maar die paar tientjes besparing is lastig aan te raden voor een allround-game-pc. AMD-processors profiteren in de regel van wat sneller geheugen (een 3200MHz-kit heeft de voorkeur). De Corsair Vengeance LPX CMK16GX4M2B3200C16 wordt door ons veel gebruikt en is zowel compatibel met Intel als AMD en ook scherp geprijsd.

Wil je liever wat meer bling? De Corsair Vengeance RGB PRO CMW16GX4M2C3200C16 werkt eveneens op Intel en AMD, en komt met een flinke berg RGB-verlichting en goede software. In geval van twijfel kan je altijd afgaan op de QVL: de lijst met de geheugenkits die door de moederbord-fabrikant zijn getest op compatibiliteit.

Opslag (hdd en/of ssd)

©PXimport

Eigenlijk mag een ssd in een pc anno 2019 niet ontbreken. Je games draaien er niet sneller door, maar je hele pc voelt lekker vlot aan en games starten wel degelijk vlotter. Wil je echt op de centen letten, dan is een harde schijf van 1 TB zoals de WD Blue 1TB voor zo’n vier tientjes prima. Je games draaien dan even goed, maar de pc voelt wel trager en zal meer geluid maken.

Wij zouden dus minimaal een 1TB-ssd kopen (ca. 150 euro). Dan start je game-pc vlot op, voelt hij bij dagelijks gebruik ook lekker snel en starten je games eveneens razendsnel op. En met 1 TB heb je genoeg ruimte voor Windows, een forse fotocollectie en een dozijn AAA-games: perfect voor zowel instap-, mid-range- als high-end-game-pc’s. Wil je als high-end-koper niet te krap zitten? Koop dan twee 1TB-ssd’s, dat kost je in de regel een stuk minder dan één ssd van 2 TB.

Voeding

Een slechte voeding is funest voor de levensduur van alle onderdelen in je computer, dus raden we altijd aan om een echte A-kwaliteit voeding aan te schaffen. Maar hoe bepaal je wat een goede voeding is? Helaas is daar geen eenzijdig antwoord op, maar staar je in elk geval niet blind op het maximale vermogen, dat zegt niets over de kwaliteit.

©PXimport

Budget-voeding

Voor onze instap-game-pc gaan we voor de Cooler Master MWE Bronze 450, een recent uitgebracht model dat een redelijke kwaliteit biedt voor een lagere prijs dan de meeste directe concurrenten. Hij is ook redelijk zuinig en 450 watt is ruim genoeg voor de combinatie van Ryzen 5 en Radeon RX 570.

Mid-range-voeding

Voor ons mid-range-model gaan we iets hoger zitten: de Corsair RM550x en de Seasonic Focus Plus Gold 550 bouwen op iets betere componenten, zijn wat zuiniger, en komen met een veel langere garantie: respectievelijk 10 en 12 jaar.

High-end-voeding

Voor ons high-end-systeem houden we dezelfde modellen aan als voor mid-range. Ga je echter voor een AMD Radeon Vega 64 of een Nvidia GeForce GTX 1080 Ti, RTX 2080 of RTX 2080 Ti? Dan zouden wij de 650watt-varianten pakken voor wat extra ruimte voor wat overklokken of veel extra componenten. Ga je extreem overklokken met een high-end-cpu en RTX 2080 Ti? Maak er dan een 750watt-variant van.

Behuizing

Over smaak valt niet te twisten, al vinden we de écht goedkope cases niet interessant meer. Deels te danken aan de stand van de dollar, deels aan het feit dat er tussen 60 en 80 euro echt uitstekende cases op de markt te vinden zijn.

©PXimport

Budget-behuizing

Met 59 euro is de Phanteks P300 (verkrijgbaar in drie kleuren) onze budgetklapper: compact, chic, voorzien van glas en prettig te bouwen. Als je per sé nog een tientje moet besparen is de Cooler Master MasterBox Lite 5 te overwegen.

Mid-range-behuizing

De middenklasse wordt gedomineerd door de circa 75 euro kostende NZXT H500. Die is net wat netter afgewerkt, koelt wat beter en komt met een extra ventilator. Eigenlijk kunnen we stellen dat dit ook een prima basis vormt voor een high-end-game-pc, stop extra budget liever in de videokaart. Wil je liever een behuizing waar je niet in kunt kijken? Dan is de Fractal Design Meshify C (80 euro) onze favoriet.

High-end-behuizing

Ga je voor een echte high-end en wil je toch wat luxers? Rond de 130 euro vinden we de extreem indrukwekkende NZXT H700. Flink zwaardere kwaliteit, vier ventilatoren en eveneens leverbaar in meerdere kleuren. Mag het nog duurder? Spiek dan eens naar de Cooler Master SL600M. Uitstekende koeling, prachtige aluminium afwerking, ingebouwde fan controller en de usb-poorten lichten op als je hand in de buurt komt. Prijzig, maar wel wat bijzonders.

Koeler

Een stevige processor profiteert al snel van een apart aan te schaffen processorkoeler. Die houdt je systeem koeler, stiller en geeft je ruimte om te overklokken. Zit je echt krap? Houd dan de meegeleverde koeler van je AMD Ryzen 5 2600 aan. Die voldoet en je gameprestaties leiden er niet onder. Heb je een beetje budget over? Pak dan een Gelid Phantom Black of een Cooler Master Hyper 212 Black Edition. Krachtiger, met ca. drie tientjes niet duur en ze zien er nog strak uit ook.

©PXimport

Voor zowel onze mid-range- als high-end-game-pc’s is de Scythe Mugen 5 PCGH al tijden ongeslagen, vooral wat prijs-prestatieverhouding betreft: voor ca. 50 euro kan hij een dikke Ryzen 7 of Intel Core i5 en i7 in stilte koelen. Waterkoeling is zeker een leuk alternatief, de NZXT Kraken X62 oogt prachtig en koelt nog beter. De Corsair H-series RGB Platinum vormen een mooi alternatief en de Cooler Master ML240R laat zien dat RGB-waterkoeling ook betaalbaar (doch wat luider) kan zijn. Die investering is puur voor een luxere uitstraling.

Monitor

Welke game-pc je ook koopt, uiteindelijk bepaalt de laatste schakel in grote mate jouw ervaring: de monitor. Het loont dan ook om game-pc en monitor op elkaar af te stemmen.

©PXimport

Budget-monitor

Voor onze instap-game-pc is de Iiyama G-Master G2530HSU een uitstekende budget-keuze. Voor nog geen 140 euro hebben we daar een gebalanceerd scherm dat net even wat sneller is dan de rest in zijn prijsklasse (75 Hz in plaats van 60 Hz) en FreeSync biedt.

Mid-range-monitor

Het grootste probleem van die Iiyama is dat nog snellere gamemonitoren vandaag de dag veel goedkoper zijn geworden. Een AOC C24G1 met 144 Hz is al voor 169 euro te koop. Dat is een vlot game-scherm plus een capabele allrounder voor een te aantrekkelijke prijs om te laten liggen. We noemen deze als aanrader voor een mid-range-pc, maar mocht je 30 euro overhouden na aanschaf van je instap-game-pc is deze upgrade wel de moeite waard.

High-end-monitor

Met het high-end-systeem kun je twee kanten op: iets groter en 1440p, of juist extra breed. Wil je één maatje groter, een hogere resolutie (WQHD), snel, degelijk en goedkoop? Dan is de AOC AG271QX voor zo’n 400 euro uitstekend. Je mist dan de G-Sync voor je high-end-gpu van Nvidia, maar daar is de prijs ook naar. De iets betere, nog snellere ASUS ROG Swift PG278QR van 165 Hz heeft wel G-Sync, maar is met 600 euro ook een stuk duurder.

Liever adviseren wij dan de nog iets luxere ASUS ROG Swift PG279Q: degelijk, snel en voorzien van G-Sync. En die is met een goed ips-paneel aan de basis ook goed bruikbaar voor creatieve taken zoals foto- of videobewerking: een prachtig luxepaard.

Liever de breedte in? Dat snappen we, want de game-ervaring op een ultrawide-monitor van 34 of 35 inch is fantastisch. Daarvoor zul je wel een spaarpotje nodig hebben, want een gaming-ultrawide is niet goedkoop en bij voorkeur heb je minimaal een GeForce RTX 2080 als videokaart. Met 649 euro is de BenQ EX3501R, een va-scherm van 35 inch met 100 Hz, een uitstekende en nog relatief betaalbare optie. De ca. 850 euro kostende AOC AG352UGC6 met zijn 120 Hz en G-Sync-paneel won recent onze ultrawide-monitorentest en is ons advies als je een luxe ultrawide zoekt voor het gamen op je high-end-game-pc.

▼ Volgende artikel
Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat
Huis

Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat

Capcom heeft eerder deze week een livestream uitgezonden waarin nieuwe beelden werden getoond van het aankomende horrorspel Resident Evil Requiem. Ook werd er meer informatie gegeven over de game.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Nadat eind vorig jaar al werd aangekondigd dat spelers niet alleen Grace Ashcroft zullen besturen, maar ook Leon S. Kennedy - een bekend gezicht voor mensen die eerdere delen hebben gespeeld - werd er tijdens de livestream uitgebreid gameplay van dit personage getoond.

Twee verschillende hoofdpersonages

Daarbij werd de nadruk gelegd op de verschillende speelstijlen van Leon en Grace. Op verschillende momenten gedurende de game wordt er automatisch tussen deze personages gewisseld, en ze zullen elk compleet andere gameplay bieden.

De segmenten met Leon - onder andere bekend uit Resident Evil 2 en Resident Evil 4 - zijn erg op actievolle schietgevechten gericht. Leon kan daarnaast ook de kelen van vijanden doorsnijden. Hij heeft ook een bijl waarmee hij aanvallen kan afweren. Grace's segmenten zijn juist erg gericht op spanning en horror en draaien vooral om het vermijden van intense gevechten.

Tijdens de livestream werd ook onthuld dat de game niet alleen naar consoles en pc komt, maar dat leden van Nvidia GeForce Now de game ook kunnen spelen. Ook werd er gepraat over de verschillende moeilijkheidsgraden - zo is er een extra makkelijke moeilijkheidsgraad voor mensen die weinig ervaring hebben met dit type spellen.

De complete livestream kan hieronder worden bekeken. In verband met de volwassen inhoud van de livestream kan het mogelijk zijn dat je op de link in de video moet klikken om naar YouTube te gaan en te bewijzen dat je volwassen bent.

Vanaf 27 februari verkrijgbaar

Resident Evil Requiem verschijnt op 27 februari (pre-orderen kan nu al) voor PlayStation 5, Xbox Series X en S, Nintendo Switch 2 en pc. Het is het negende hoofddeel in de horrorserie die al sinds de jaren negentig bestaat. In de loop der jaren is de franchise meermaals flink op de schop gegaan. Zo richtte Resident Evil 4 zich meer op actie, en zijn horrorelementen sinds Resident Evil 7: Biohazard weer teruggekeerd. Resident Evil Requiem lijkt dan ook een combinatie van al deze elementen te gaan bieden.

Op 27 februari zullen overigens ook Resident Evil 7 en Resident Evil Village (het achtste deel) op Nintendo Switch 2 uitkomen. Daarnaast verschijnt Village later deze maand op PlayStation Plus en Xbox Game Pass.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten
© chadchai - stock.adobe.com
Huis

Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten

Je kijkt een spannende serie en opeens bevriest het beeld. Dat bekende draaiende cirkeltje… er zijn weinig dingen zó frustrerend. Gelukkig ligt de oplossing vaak binnen handbereik. De snelheid van je internet hangt namelijk sterk samen met de manier waarop je thuis met je apparatuur omgaat. Door een paar veelgemaakte fouten te vermijden en de juiste techniek te kiezen, merk je vaak direct dat je netwerk stabieler wordt, zonder dat daar een duurder abonnement voor nodig is.

In het kort

In dit artikel lees je welke drie wifi-fouten het vaakst zorgen voor traag internet of haperingen: een onhandige plek voor je router, drukte op 2,4 GHz en verouderde firmware of hardware. Je ziet ook hoe je zelf een rustiger kanaal vindt en wanneer het slim is om te kiezen voor 5 GHz of 6 GHz. Tot slot leggen we uit wat wifi 6 en wifi 7 doen en waarom een netwerkkabel van minimaal cat5e verschil kan maken.

Lees ook: Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Fout 1: De router op de verkeerde plek neerzetten

Een router wint qua looks zelden een schoonheidsprijs. De neiging om het apparaat uit het zicht te plaatsen is daarom groot. Toch is een verkeerde locatie de meest gemaakte fout die je bereik merkbaar (en soms zelfs dramatisch) kan verkleinen.

Dat zit zo.  Je kunt wifi-signalen vergelijken met het licht van een gloeilamp. Als je die lamp in een houten kast of achter een dikke bank zet, blijft de rest van de kamer donker. Obstakels zoals muren, meubels en zelfs grote kamerplanten blokkeren de onzichtbare golven. Vooral metaal en water zijn beruchte boosdoeners; een router naast een aquarium of achter een radiator plaatsen is vragen om problemen.

Ook de hoogte is bepalend. Veel mensen zetten de router op de grond, maar op de grond zit het signaal sneller 'achter' meubels en andere blokkades. Zet het apparaat liever op een kast of boekenplank op ooghoogte voor een vrije weg naar je apparaten.

©ID.nl

Fout 2: Storing door andere apparatuur over het hoofd zien

Je staat er waarschijnlijk niet bij stil, maar veel apparaten in huis gebruiken dezelfde onzichtbare digitale snelweg als je internetverbinding. De magnetron, sommige babyfoons en zelfs de draadloze koptelefoon van de buren vechten om een plekje op de 2,4GHz-band. Ook andere wifi-netwerken in de buurt kunnen voor digitale files zorgen.

De meeste moderne routers ondersteunen gelukkig ook de 5GHz-frequentie. Deze band is veel breder en heeft minder last van andere apparatuur. Het handmatig selecteren van het 5GHz-netwerk levert vaak direct een snelheidswinst op. Heb je een router met wifi 6e of wifi 7, dan kun je soms ook de 6 GHz-band gebruiken. Die is vaak rustiger, maar het bereik is meestal wat kleiner dan bij 5 GHz.

Tip: geef je netwerken duidelijke namen

Veel routers zenden meerdere wifi-netwerken tegelijk uit: 2,4 GHz voor bereik, 5 GHz voor snelheid en soms ook 6 GHz voor extra ruimte in drukke omgevingen. Als al die banden onder één naam vallen, kiest je smartphone of laptop automatisch. Dat gaat vaak goed, maar niet altijd: je toestel kan blijven “plakken” aan 2,4 GHz terwijl 5 GHz op dat moment sneller en stabieler is.

Door je netwerken een herkenbare naam te geven, maak je de keuze simpel. Geef de 2,4 GHz-band bijvoorbeeld de naam thuis-2g, de 5 GHz-band thuis-5g en, als je die hebt, de 6 GHz-band thuis-6g. Dan zie je in één oogopslag welk netwerk je pakt. Zit je ver van de router, dan is 2,4 GHz vaak de veiligste optie. Zit je dichtbij en wil je vooral snelheid, dan ligt 5 GHz of 6 GHz meer voor de hand. Zo kun je bij haperingen of traag internet meteen testen of een andere band het probleem oplost, zonder dat je in instellingen hoeft te graven.

View post on TikTok

Fout 3: Verouderde software en hardware blijven gebruiken

Technologie verandert razendsnel en dat geldt ook voor de beveiliging en snelheid van je netwerk. Veel huishoudens werken nog met de router die ze jaren geleden bij hun eerste abonnement kregen. Deze oude techniek kan de moderne eisen van streaming en videobellen simpelweg niet meer bijbenen. Daarnaast vergeten veel gebruikers om de firmware van hun apparaat te updaten. Fabrikanten brengen deze software-updates uit om prestaties te verbeteren en lekken te dichten. Een verouderd systeem is niet alleen trager, maar ook een makkelijker doelwit voor hackers.


1️⃣2️⃣3️⃣Stappenplan: de beste wifi-kanalen scannen

Als je buren ook allemaal op hetzelfde wifi-kanaal zitten, ontstaat er interferentie. Je kunt dit zelf eenvoudig oplossen door een rustiger kanaal te zoeken.

1) Download een app zoals WiFi Analyzer (Android) of NetSpot (Windows, macOS, Android & iOS).

2) Open de app en bekijk de grafiek van de omgeving. Je ziet hier welke kanalen drukbezet zijn door netwerken in de buurt. Noteer het kanaalnummer dat het minst wordt gebruikt. Vaak zijn kanaal 1, 6 of 11 op de 2,4GHz-band de beste keuzes.

3) Log in op de webinterface van je router via je browser (meestal via een adres als 192.168.1.1). Zoek naar de draadloze instellingen en wijzig het kanaal van 'Automatisch' naar het door jou gekozen nummer. Sla de instellingen op en test of je verbinding stabieler aanvoelt.

Het verschil tussen wifi 6 en wifi 7

Sta je op het punt om een nieuwe router of laptop te kopen? Dan kom je de termen wifi 6 en wifi 7 tegen. Wifi 6 was een grote stap vooruit omdat het beter omgaat met veel apparaten tegelijk op één netwerk. Het zorgt voor een efficiëntere verdeling van de data. Wifi 7 is de allernieuwste standaard en gaat nog een flinke stap verder. Het maakt gebruik van extreem brede kanalen en kan verbinding maken via meerdere frequenties tegelijkertijd. Dit wordt Multi-Link Operation genoemd. Hierdoor is de vertraging merkbaar lager en kun je hogere snelheden halen, vooral op korte afstand en met geschikte apparaten. Voor een gemiddeld huishouden is wifi 6 momenteel een uitstekende keuze, terwijl wifi 7 echt voor de toekomst is gebouwd.

Heel belangrijk: de juiste bekabeling

Draadloos internet begint voor de meeste mensen bij een kabel: heb je een los modem en een losse router, dan vormt de kabel ertussen de basis. Gebruik je hier een oude kabel, dan wordt de snelheid al beperkt voordat het signaal de lucht in gaat. Controleer of er Cat 5e, Cat6 of Cat6a op de kabel staat, dan zit je meestal goed. Cat5 haalt soms maar 100 Mbps door kwaliteit/afmontage. Heb je cat5 liggen? Vervang dat dan in ieder geval door cat5e; dat is een veilige keuze voor gigabit. Een kleine investering in een kwalitatieve netwerkkabel kan een wereld van verschil maken voor de uiteindelijke wifi-snelheid op je telefoon.

Slechte wifi? Oplossen is makkelijker dan je denkt

Alles bij elkaar komt goed wifi minder neer op toeval dan veel mensen denken. Met een slimme plek voor je router, een rustige frequentie en actuele software haal je vaak al verrassend veel winst. Combineer dat met een fatsoenlijke netwerkkabel en je voorkomt dat de dat de verbinding al beperkt wordt voordat het signaal draadloos wordt verspreid. Door deze stappen een voor een toe te passen, los je de meest voorkomende wifi-problemen op zonder dat een duurder internetabonnement nodig is, en maak je van een haperende verbinding weer een stabiele basis voor alles wat je online doet.

Consumenten testen: TP-Link Deco BE25 WiFi 7 mesh set

Op Review.nl, het testplatform waarop consumenten nieuwe technologie uitproberen en hun bevindingen delen, krijgt de TP-Link Deco BE25, een router met dualband wifi 7,  een stevige 8,7 op Review.nl. En dat betekent iets: want omdat op Review.nl producten getest worden door een panel van echte gebruikers, zie je hoe iets in een normaal huishouden presteert.

Wat opvalt is hoe vaak testers terugkomen op de snelheid en stabiliteit. De overstap naar wifi 7 levert volgens veel gebruikers merkbaar meer rust in het netwerk op, vooral in huizen waar voorheen op zolder, in de tuin of achterin de woonkamer nauwelijks een bruikbaar signaal was. De Deco BE25 vult dat soort gaten zichtbaar op. Apparaten blijven stabiel verbonden, streamen gaat zonder haperingen en ook gamers merken volgens de testers dat de latency laag blijft. Wie een gigabitverbinding heeft, ziet die snelheid nu ook daadwerkelijk terug op plekken waar dat eerst niet haalbaar was.

Een tweede punt dat veel lof krijgt, is de installatie. De meeste testers spreken over een proces van enkele minuten. De app begeleidt je stap voor stap, herkent automatisch de nieuwe units en geeft advies over de beste plek voor elk wifipunt. Daardoor voelt het hele systeem toegankelijk, ook voor wie zichzelf niet technisch vindt. Eenmaal ingesteld blijkt het netwerk bovendien weinig onderhoud nodig te hebben: de app verdeelt verkeer slim, laat je apparaten prioriteren en biedt opties voor gastnetwerken en ouderlijk toezicht.

Het ontwerp en de functionaliteit leveren wel discussie op. Een deel van de testers vindt de units wat groot en mist montageopties of extra ethernetpoorten. Ook melden sommige gebruikers dat smartphones niet altijd direct naar het dichtstbijzijnde wifipunt schakelen. Toch wordt dat in de meeste reviews gezien als een detail naast de verbeterde dekking en het gemak van dagelijks gebruik.

Alles bij elkaar laat het testpanel zien dat de Deco BE25 vooral scoort op prestaties waar consumenten echt iets van merken: hogere snelheden, betere dekking en een probleemloos installatieproces. Voor veel huishoudens voelt het als een upgrade die een onrustig wifi-netwerk verandert in een betrouwbaar en snel geheel.