ID.nl logo
Huis

Webcambeveiliging

Laat de gedachte over een mogelijke inbraak je niet los zodra je je huis of kantoor verlaat? Een dure alarminstallatie is een oplossing, maar – zeer betaalbare – videobewaking is een prima alternatief. We laten zien hoe je met een tool als iSpy zelfs diverse usb- of ip-camera’s tegelijk beheert en van op afstand verschillende locaties monitort.

De goedkoopste cameraatjes zijn natuurlijk webcams die je via een usb-kabel op je pc aansluit. Iets duurder zijn netwerk- of ip-camera’s die je ‘autonoom’ en al dan niet draadloos aan je thuisnetwerk hangt. Sommige modellen zijn van het zogenoemde pzt-type. Dat staat voor pan-zoom-tilt en betekent dat je die camera’s softwarematig over hun X- of Y-as kunt laten bewegen en kunt laten in- en uitzoomen. Voor deze workshop maakt het eigenlijk niet zoveel uit over welk(e) type(s) camera je precies beschikt. Wij gaan aan de slag met drie verschillende modellen: een simpele, al wat oudere usb-camera (Microsoft LifeCam vx-100) en twee recente ip-camera’s (elk circa € 80): de D-Link Wireless N Home Network Camera DCS-930L en de Sitecom Wireless Internet Security Camera 150N WL-405. Beide apparaten voorzien weliswaar in een functie voor bewegingsdetectie en kunnen snapshots automatisch doormailen of naar een ftp-server versturen, via Mydlink kun je met de DCS-930L zelfs live beelden bekijken vanaf een smartphone (via Mydlink), maar in de workshop gaan we grotendeels aan dergelijke cameraspecifieke opties voorbij. Immers, we gaan er hier bewust van uit dat je over een of meer camera’s beschikt die deze mogelijkheden niet bieden. Ook in dat geval kun je die namelijk nog prima inzetten als bewakingscamera, weliswaar met wat externe hulp.

Wij gebruiken in deze workshop de gratis iSpy, die wij het beste vinden. Alternatieven zijn Yawcam (www.yawcam.com), WheresJames Webcam Publisher (www.wheresjames.com) en HSSVSS (www.hssvss.com).

Stap 1: ip-camera installeren

Elke ip-camera laat zich net op een iets andere manier installeren. De boodschap luidt dan ook: lees eerst goed de installatie-instructies. In de meeste gevallen komt het erop neer dat je – althans in eerste instantie – de camera met behulp van een netwerkkabel, al dan niet via een switch, met je router verbindt en vervolgens een setupwizard opstart. Die detecteert normaliter automatisch de aangesloten camera en deelt je mee wat het ip-adres is, gesteld dat je router die via dhcp toewijst. Is dat niet het geval, dan dien je zelf een ‘compatibel’ ip-adres in te vullen, evenals het subnetmasker en het interne ip-adres van je router (gateway). Ondersteunt de camera wifi en wil je inderdaad draadloos werken, dan hoef je dat in principe maar aan te geven, het juiste wlan aan te duiden en indien nodig het bijhorende wachtwoord in te vullen.

Heb je alles correct ingevuld, dan laat de camera zich al meteen benaderen via je webbrowser. Je moet die dan uiteraard wel afstemmen op het ip-adres van je camera. Het is niet uitgesloten dat bij je camera ook eigen beheersoftware zit, van waaruit je de nodige instellingen kunt aanpassen.

Stap 2: iSpy installeren

De systeemvereisten voor iSpy zijn best laagdrempelig: Windows XP of hoger (32- of 64-bits), 1GHz+-processor en een breedbandverbinding voor afstandscontrole. Je vindt de opensourcetool op www.ispyconnect.com. Het programma is gratis, wat niet wegneemt dat een betalend account enkele handige extra’s biedt (zie ook stap 8). De installatie is rechttoe rechtaan. Zo nodig haalt de installatiewizard nog Microsoft .NET Framework 3.5 op, evenals de Windows Media 9 VCM-codec - hoewel je naderhand via Instellingen, Codec een alternatieve codec kunt selecteren. Blijkt de interface Engelstalig, selecteer in het hoofdvenster van iSpy dan Settings, Options en kies Nederlands in de rubriek Language. Foutloos is het Nederlands geenszins…

Stap 3: camera(‘s) toevoegen

Het komt er nu natuurlijk op aan je aangesloten camera(‘s) onder de hoede van iSpy te brengen. Voor een usb-camera zal dat geen probleem zijn. Klik op Toevoegen, Lokale camera. De camera zal nu in het uitklapmenu staan. Zodra je met OK bevestigt, kom je automatisch terecht in een instellingenvenster – daarover meer in de volgende stap.

Een ip-camera toevoegen kan iets lastiger zijn. Ook hier klik je op Toevoegen, waarna je (in de meeste gevallen) IP camera selecteert. Op het tabblad MPJEG URL wordt je gevraagd het juiste adres voor de videostream van je camera in te vullen. Niet zo voor de hand liggend, want veel hangt af van het merk, model en type. Op www.ispyconnect.com/sources.aspx#wizard tracht een wizard je door de juiste procedure te gidsen. Het komt er eigenlijk op neer dat je hier het ip-adres van je camera invult. Zie hiervoor stap 1 of bekijk je netwerk desnoods even met de gratis tool Angry IP-Scanner (www.angryip.org) om het juiste ip-adres te vinden; je antivirustool trekt dan wellicht aan de bel, maar maak je niet ongerust. Selecteer vervolgens de producent van je webcam. Als het goed is, verschijnt bij STEP 3 de juiste url. Toch niet? Dan zit er, voor gevorderde gebruikers, weinig anders op dan te proberen de url te achterhalen met een tool als Fiddler (www.fiddler2.com/fiddler2 ) of Wireshark (www.wireshark.org) . Je kunt natuurlijk ook aankloppen bij het iSpy-forum (www.ispyconnect.com/yaf/forum.aspx) of bij de supportdienst van je cameraproducent.

Stap 4: basisopties & layout

Je belandt nu in het instellingenvenster van de toegevoegde camera – dat venster open je trouwens op elk moment weer door op de camerapreview te rechtsklikken en Bewerken te kiezen. Op het tabblad Camera kun je nu onder meer een duidelijke naam aan je camera geven en aangeven of het beeld geroteerd moet worden. Dat is handig als je de camera bijvoorbeeld omgekeerd aan het plafond hebt bevestigd. Je kunt hier verder ook de framerate instellen. Sluit af met Opslaan. Heb je verschillende camera’s in je woning of kantoor hangen, dan kan het handig zijn een plattegrond als achtergrond te gebruiken. Dat doe je met Toevoegen, Plattegrond, waarna je een geschikt plaatje (jpg) ophaalt. Vervolgens positioneer je de camerapreviews netjes boven deze plattegrond.

Stap 5: bewegingsdetectie instellen

Je hebt het vast al gemerkt: wanneer een toegevoegde camera bewegende beelden registreert, verkleurt de rand van de preview en verschijnt er een rood bolletje. Dat wijst erop dat iSpy de beelden opneemt. Je merkt tevens op dat de fps-waarde (frames per second) gedurende die opname sterk verhoogt voor een betere opname. Om deze beelden te bekijken, klik je in het contextmenu van de preview op Bestanden weergeven. Je krijgt dan zowel videobeelden te zien als een reeks afzonderlijke plaatjes (in de submap \thumbs).

Wil je deze bewegingsdetectie niet langer geactiveerd zien, dan schakel je de camera tijdelijk uit via Schakel uit in het contextmenu of sleutel je aan de instelling van de bewegingsdetectie zelf. Dat doe je vanuit het instellingenvenster van die camera, logischerwijze op het tabblad Bewegings detectie. Laat de optie Gebruik detector op Twee frames staan of kies Geen instellen om de detectie uit te schakelen. Niet onbelangrijk: via de schuifbalk stel je de gevoeligheid in – hoe meer naar rechts, hoe sneller iSpy ‘iets’ als beweging zal interpreteren. Heel nuttig is ook de functie Detectiezones. Hier kun je namelijk met de muis een of meer rechthoeken over het beeld tekenen: iSpy zal dan alleen beweging detecteren als die binnen een van die rechthoeken plaatsvindt. Op het tabblad Opnemen bepaal je dan of de camera effectief opnames moet maken bij bewegingsdetectie en hoelang dat precies moet gebeuren. Leg telkens je instellingen vast met Opslaan. Goed om weten: op www.ispyconnect.com/userguide.aspx kun je terecht voor een gedetailleerde (Engelstalige) gebruikersgids.

Stap 6: timer instellen

We kunnen ons best voorstellen dat je de bewegingsdetectie niet altijd ingeschakeld wilt hebben, bijvoorbeeld niet op momenten dat je zelf in die ruimte aanwezig bent. Telkens in- en uitschakelen is uiteraard ook niet erg comfortabel. Gelukkig biedt het tabblad Planning in het instellingenvenster uitkomst. Plaats een vinkje bij Tijdschema Camera en bij Tijdschema actief. Selecteer de gewenste dag(en) en vul een start- en stoptijd in. Plaats zeker ook een vinkje bij Opnemen op Detect. Stel je wilt beweging alleen laten detecteren van vrijdagavond 20 uur tot maandagmorgen 8 uur. Dan vul je als starttijd vrijdag 20 uur in – zonder stoptijd. Voeg deze timing toe. Creëer vervolgens een tweede timing, deze keer met als stoptijd maandag 8 uur (zonder starttijd). Bevestig met Opslaan. Vervolgens open je het contextmenu van de camerapreview en kies je Tijdschema toepassen. Het beeld wordt geheel grijs zolang het schema niet actief is.

Stap 7: online bekijken

Zo’n multicamerabeveiligingssysteem is best nuttig, maar het blijft wat onhandig als je de beelden altijd lokaal moet bekijken. Geen nood, ook daarin komt iSpy je tegemoet. Op het tabblad FTP kun je aangeven dat je plaatjes die tijdens de bewegingsdetectie werden genomen automatisch naar een ftp-server moeten worden doorgestuurd; dat kan bijvoorbeeld je webruimte bij je internetprovider zijn. Het volstaat een vinkje te plaatsen bij FTP ingeschakeld en de nodige gegevens in te vullen (serveradres, gebruikersnaam en wachtwoord, bestandsnaam en –locatie). Vink in dit geval ook de optie Bewegingsdetectie aan. Eventueel stel je zelf een uploadinterval voor de plaatjes in.

Stap 8: account-met-extra’s

Het kan echter nog eleganter, maar deze extra’s vergen wel een betaald account: circa € 42 voor een jaar voor één computer. Je kunt met een gratis testaccount aan de slag, maar je krijgt de beelden van  je camera op de iSpy-site in dat geval alleen te zien als je je aanmeldt vanaf je lokale netwerk. Wil je dat uitproberen, klik dan bovenaan op Webinstellingen en kies Maak een free account. Om ook live beelden te kunnen zien, moet je de ingebouwde webserver wel eerst configureren. Als je router upnp ondersteunt, hoef je dat eigenlijk alleen maar aan te geven. Is dat niet het geval, dan zul je zelf voor de nodige portforwarding moeten zorgen (de link Configureer je router handmatig geeft je extra feedback). Heb je alles voor elkaar, kies dan Opslaan. Je belandt nu op www.ispyconnect.com/watch.aspx, waar je via het tabblad Content View ook live beelden kunt bekijken. Dat kan overigens ook met een smartphone (met html5-ondersteuning): in dat geval stem je de browser af op www.ispyconnect.com/mobile − althans voor betalende abonnees. Die kunnen de camerabeelden bovendien in hun eigen site inbedden of laten uploaden naar YouTube.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.