ID.nl logo
Huis

Webcambeveiliging

Laat de gedachte over een mogelijke inbraak je niet los zodra je je huis of kantoor verlaat? Een dure alarminstallatie is een oplossing, maar – zeer betaalbare – videobewaking is een prima alternatief. We laten zien hoe je met een tool als iSpy zelfs diverse usb- of ip-camera’s tegelijk beheert en van op afstand verschillende locaties monitort.

De goedkoopste cameraatjes zijn natuurlijk webcams die je via een usb-kabel op je pc aansluit. Iets duurder zijn netwerk- of ip-camera’s die je ‘autonoom’ en al dan niet draadloos aan je thuisnetwerk hangt. Sommige modellen zijn van het zogenoemde pzt-type. Dat staat voor pan-zoom-tilt en betekent dat je die camera’s softwarematig over hun X- of Y-as kunt laten bewegen en kunt laten in- en uitzoomen. Voor deze workshop maakt het eigenlijk niet zoveel uit over welk(e) type(s) camera je precies beschikt. Wij gaan aan de slag met drie verschillende modellen: een simpele, al wat oudere usb-camera (Microsoft LifeCam vx-100) en twee recente ip-camera’s (elk circa € 80): de D-Link Wireless N Home Network Camera DCS-930L en de Sitecom Wireless Internet Security Camera 150N WL-405. Beide apparaten voorzien weliswaar in een functie voor bewegingsdetectie en kunnen snapshots automatisch doormailen of naar een ftp-server versturen, via Mydlink kun je met de DCS-930L zelfs live beelden bekijken vanaf een smartphone (via Mydlink), maar in de workshop gaan we grotendeels aan dergelijke cameraspecifieke opties voorbij. Immers, we gaan er hier bewust van uit dat je over een of meer camera’s beschikt die deze mogelijkheden niet bieden. Ook in dat geval kun je die namelijk nog prima inzetten als bewakingscamera, weliswaar met wat externe hulp.

Wij gebruiken in deze workshop de gratis iSpy, die wij het beste vinden. Alternatieven zijn Yawcam (www.yawcam.com), WheresJames Webcam Publisher (www.wheresjames.com) en HSSVSS (www.hssvss.com).

Stap 1: ip-camera installeren

Elke ip-camera laat zich net op een iets andere manier installeren. De boodschap luidt dan ook: lees eerst goed de installatie-instructies. In de meeste gevallen komt het erop neer dat je – althans in eerste instantie – de camera met behulp van een netwerkkabel, al dan niet via een switch, met je router verbindt en vervolgens een setupwizard opstart. Die detecteert normaliter automatisch de aangesloten camera en deelt je mee wat het ip-adres is, gesteld dat je router die via dhcp toewijst. Is dat niet het geval, dan dien je zelf een ‘compatibel’ ip-adres in te vullen, evenals het subnetmasker en het interne ip-adres van je router (gateway). Ondersteunt de camera wifi en wil je inderdaad draadloos werken, dan hoef je dat in principe maar aan te geven, het juiste wlan aan te duiden en indien nodig het bijhorende wachtwoord in te vullen.

Heb je alles correct ingevuld, dan laat de camera zich al meteen benaderen via je webbrowser. Je moet die dan uiteraard wel afstemmen op het ip-adres van je camera. Het is niet uitgesloten dat bij je camera ook eigen beheersoftware zit, van waaruit je de nodige instellingen kunt aanpassen.

Stap 2: iSpy installeren

De systeemvereisten voor iSpy zijn best laagdrempelig: Windows XP of hoger (32- of 64-bits), 1GHz+-processor en een breedbandverbinding voor afstandscontrole. Je vindt de opensourcetool op www.ispyconnect.com. Het programma is gratis, wat niet wegneemt dat een betalend account enkele handige extra’s biedt (zie ook stap 8). De installatie is rechttoe rechtaan. Zo nodig haalt de installatiewizard nog Microsoft .NET Framework 3.5 op, evenals de Windows Media 9 VCM-codec - hoewel je naderhand via Instellingen, Codec een alternatieve codec kunt selecteren. Blijkt de interface Engelstalig, selecteer in het hoofdvenster van iSpy dan Settings, Options en kies Nederlands in de rubriek Language. Foutloos is het Nederlands geenszins…

Stap 3: camera(‘s) toevoegen

Het komt er nu natuurlijk op aan je aangesloten camera(‘s) onder de hoede van iSpy te brengen. Voor een usb-camera zal dat geen probleem zijn. Klik op Toevoegen, Lokale camera. De camera zal nu in het uitklapmenu staan. Zodra je met OK bevestigt, kom je automatisch terecht in een instellingenvenster – daarover meer in de volgende stap.

Een ip-camera toevoegen kan iets lastiger zijn. Ook hier klik je op Toevoegen, waarna je (in de meeste gevallen) IP camera selecteert. Op het tabblad MPJEG URL wordt je gevraagd het juiste adres voor de videostream van je camera in te vullen. Niet zo voor de hand liggend, want veel hangt af van het merk, model en type. Op www.ispyconnect.com/sources.aspx#wizard tracht een wizard je door de juiste procedure te gidsen. Het komt er eigenlijk op neer dat je hier het ip-adres van je camera invult. Zie hiervoor stap 1 of bekijk je netwerk desnoods even met de gratis tool Angry IP-Scanner (www.angryip.org) om het juiste ip-adres te vinden; je antivirustool trekt dan wellicht aan de bel, maar maak je niet ongerust. Selecteer vervolgens de producent van je webcam. Als het goed is, verschijnt bij STEP 3 de juiste url. Toch niet? Dan zit er, voor gevorderde gebruikers, weinig anders op dan te proberen de url te achterhalen met een tool als Fiddler (www.fiddler2.com/fiddler2 ) of Wireshark (www.wireshark.org) . Je kunt natuurlijk ook aankloppen bij het iSpy-forum (www.ispyconnect.com/yaf/forum.aspx) of bij de supportdienst van je cameraproducent.

Stap 4: basisopties & layout

Je belandt nu in het instellingenvenster van de toegevoegde camera – dat venster open je trouwens op elk moment weer door op de camerapreview te rechtsklikken en Bewerken te kiezen. Op het tabblad Camera kun je nu onder meer een duidelijke naam aan je camera geven en aangeven of het beeld geroteerd moet worden. Dat is handig als je de camera bijvoorbeeld omgekeerd aan het plafond hebt bevestigd. Je kunt hier verder ook de framerate instellen. Sluit af met Opslaan. Heb je verschillende camera’s in je woning of kantoor hangen, dan kan het handig zijn een plattegrond als achtergrond te gebruiken. Dat doe je met Toevoegen, Plattegrond, waarna je een geschikt plaatje (jpg) ophaalt. Vervolgens positioneer je de camerapreviews netjes boven deze plattegrond.

Stap 5: bewegingsdetectie instellen

Je hebt het vast al gemerkt: wanneer een toegevoegde camera bewegende beelden registreert, verkleurt de rand van de preview en verschijnt er een rood bolletje. Dat wijst erop dat iSpy de beelden opneemt. Je merkt tevens op dat de fps-waarde (frames per second) gedurende die opname sterk verhoogt voor een betere opname. Om deze beelden te bekijken, klik je in het contextmenu van de preview op Bestanden weergeven. Je krijgt dan zowel videobeelden te zien als een reeks afzonderlijke plaatjes (in de submap \thumbs).

Wil je deze bewegingsdetectie niet langer geactiveerd zien, dan schakel je de camera tijdelijk uit via Schakel uit in het contextmenu of sleutel je aan de instelling van de bewegingsdetectie zelf. Dat doe je vanuit het instellingenvenster van die camera, logischerwijze op het tabblad Bewegings detectie. Laat de optie Gebruik detector op Twee frames staan of kies Geen instellen om de detectie uit te schakelen. Niet onbelangrijk: via de schuifbalk stel je de gevoeligheid in – hoe meer naar rechts, hoe sneller iSpy ‘iets’ als beweging zal interpreteren. Heel nuttig is ook de functie Detectiezones. Hier kun je namelijk met de muis een of meer rechthoeken over het beeld tekenen: iSpy zal dan alleen beweging detecteren als die binnen een van die rechthoeken plaatsvindt. Op het tabblad Opnemen bepaal je dan of de camera effectief opnames moet maken bij bewegingsdetectie en hoelang dat precies moet gebeuren. Leg telkens je instellingen vast met Opslaan. Goed om weten: op www.ispyconnect.com/userguide.aspx kun je terecht voor een gedetailleerde (Engelstalige) gebruikersgids.

Stap 6: timer instellen

We kunnen ons best voorstellen dat je de bewegingsdetectie niet altijd ingeschakeld wilt hebben, bijvoorbeeld niet op momenten dat je zelf in die ruimte aanwezig bent. Telkens in- en uitschakelen is uiteraard ook niet erg comfortabel. Gelukkig biedt het tabblad Planning in het instellingenvenster uitkomst. Plaats een vinkje bij Tijdschema Camera en bij Tijdschema actief. Selecteer de gewenste dag(en) en vul een start- en stoptijd in. Plaats zeker ook een vinkje bij Opnemen op Detect. Stel je wilt beweging alleen laten detecteren van vrijdagavond 20 uur tot maandagmorgen 8 uur. Dan vul je als starttijd vrijdag 20 uur in – zonder stoptijd. Voeg deze timing toe. Creëer vervolgens een tweede timing, deze keer met als stoptijd maandag 8 uur (zonder starttijd). Bevestig met Opslaan. Vervolgens open je het contextmenu van de camerapreview en kies je Tijdschema toepassen. Het beeld wordt geheel grijs zolang het schema niet actief is.

Stap 7: online bekijken

Zo’n multicamerabeveiligingssysteem is best nuttig, maar het blijft wat onhandig als je de beelden altijd lokaal moet bekijken. Geen nood, ook daarin komt iSpy je tegemoet. Op het tabblad FTP kun je aangeven dat je plaatjes die tijdens de bewegingsdetectie werden genomen automatisch naar een ftp-server moeten worden doorgestuurd; dat kan bijvoorbeeld je webruimte bij je internetprovider zijn. Het volstaat een vinkje te plaatsen bij FTP ingeschakeld en de nodige gegevens in te vullen (serveradres, gebruikersnaam en wachtwoord, bestandsnaam en –locatie). Vink in dit geval ook de optie Bewegingsdetectie aan. Eventueel stel je zelf een uploadinterval voor de plaatjes in.

Stap 8: account-met-extra’s

Het kan echter nog eleganter, maar deze extra’s vergen wel een betaald account: circa € 42 voor een jaar voor één computer. Je kunt met een gratis testaccount aan de slag, maar je krijgt de beelden van  je camera op de iSpy-site in dat geval alleen te zien als je je aanmeldt vanaf je lokale netwerk. Wil je dat uitproberen, klik dan bovenaan op Webinstellingen en kies Maak een free account. Om ook live beelden te kunnen zien, moet je de ingebouwde webserver wel eerst configureren. Als je router upnp ondersteunt, hoef je dat eigenlijk alleen maar aan te geven. Is dat niet het geval, dan zul je zelf voor de nodige portforwarding moeten zorgen (de link Configureer je router handmatig geeft je extra feedback). Heb je alles voor elkaar, kies dan Opslaan. Je belandt nu op www.ispyconnect.com/watch.aspx, waar je via het tabblad Content View ook live beelden kunt bekijken. Dat kan overigens ook met een smartphone (met html5-ondersteuning): in dat geval stem je de browser af op www.ispyconnect.com/mobile − althans voor betalende abonnees. Die kunnen de camerabeelden bovendien in hun eigen site inbedden of laten uploaden naar YouTube.

▼ Volgende artikel
Dekbed in de wasdroger: helpt een tennisbal echt?
© ID.nl
Huis

Dekbed in de wasdroger: helpt een tennisbal echt?

Wanneer je je dekbed gewassen hebt, wil je dat het natuurlijk weer lekker dik en luchtig aanvoelt. Maar wanneer je hem gewoon in de droger gooit, kan de vulling gaan klonteren, zodat er dunne stukken en dikke stukken ontstaan. Dat slaapt niet echt lekker. Om dat te voorkomen, gooien veel mensen er een paar tennisballen bij. Helpt dat echt?

In dit artikel

Je leest wat tennisballen in de droger doen en bij welke dekbedden dat wel of juist minder goed werkt. We leggen uit hoeveel ballen je nodig hebt, waar je op let bij het type tennisbal en waarom voldoende ruimte in de trommel belangrijk is. Ook staan we stil bij alternatieven zoals speciale drogerballen en geven we praktische tips om je dekbed gelijkmatig te laten drogen en mooi in vorm te houden.

Lees ook: 9 veelgemaakte fouten bij het drogen van je was

Wat tennisballen in de droger doen

Tijdens het drogen raken de tennisballen telkens het dekbed. Dat helpt vooral bij dons en veren. Als die nat zijn, blijven ze aan elkaar plakken en zakt de vulling in. Door de constante beweging vallen die samengepakte delen weer uiteen, waardoor de vulling zich opnieuw verspreidt. Zo kan de warme lucht overal beter bij en droogt het dekbed gelijkmatiger. De droogtijd wordt er niet korter van, maar het dekbed komt wel duidelijk voller uit de droger.

Hoe vaak moet je je dekbed eigenlijk wassen?

Een dekbed hoeft niet vaak in de was. Voor de meeste mensen is één tot twee keer per jaar genoeg. Dat komt omdat het meeste vuil (denk bijvoorbeeld aan zweet of huidschilfers) niet in het dekbed zelf terechtkomt, maar in het dekbedovertrek. Dat overtrek was je regelmatig, meestal eens per één à twee weken. Het dekbed blijft daardoor relatief schoon.

Soms is vaker wassen wel logisch. Bijvoorbeeld als je veel zweet in je slaap, last hebt van een huisstofmijtallergie of het overtrek niet zo vaak verschoont. Ook na ziekte of bij zichtbare vlekken is een extra wasbeurt verstandig.

Hoe vaak je kunt wassen, hangt ook af van de vulling. Niet elk dekbed kan namelijk even goed tegen veel wasbeurten. Dons- en verendekbedden kunnen meestal in de wasmachine, mits je het waslabel volgt en ze daarna goed laat drogen. Synthetische dekbedden zijn in dat opzicht wat vergevingsgezinder en kunnen vaak vaker gewassen worden zonder dat de vulling daaronder lijdt.

Twijfel je of wassen echt nodig is? Dan is luchten een goed alternatief. Hang je dekbed regelmatig buiten of bij een open raam. Daarmee kun je een wasbeurt vaak nog maanden uitstellen.

View post on TikTok

Hoeveel tennisballen zijn genoeg?

Met één tennisbal in de wasdroger merk je vaak weinig, zeker bij een groot dekbed. Die verdwijnt al snel in de stof en heeft dan weinig effect. Met twee tot vier ballen werkt het beter, omdat ze het dekbed op meerdere plekken tegelijk in beweging houden. Zolang de ballen vrij kunnen bewegen en niet vast blijven zitten in de vulling, doen ze hun werk.

Kun je elke tennisbal gebruiken bij het drogen van een dekbed in de droger?

iet elke tennisbal is even geschikt. Vooral nieuwe of felgekleurde ballen kunnen bij hogere temperaturen kleur afgeven en kleine pluisjes verliezen van de vilten buitenlaag. Dat komt niet vaak voor, maar het risico is wel aanwezig. Gebruik je oudere tennisballen, dan is de kans hierop kleiner. Wil je dat verder beperken, dan kun je de ballen in een oude witte sok stoppen en die dichtknopen. Het effect blijft grotendeels hetzelfde, al is het iets minder uitgesproken dan met losse ballen.

Speciale drogerballen

Er bestaan ook speciale drogerballen van wol of kunststof. Die zijn bedoeld voor gebruik in de droger en geven geen kleur af. Ze doen hetzelfde als tennisballen: ze zorgen dat het dekbed tijdens het drogen in beweging blijft. Wolballen maken minder lawaai en zijn milder voor stoffen. Stop je je dekbed regelmatig in de droger? Dan kun je beter deze speciale bollen gebruiken in plaats van tennisballen.  

Geef het dekbed genoeg ruimte in de droger

Tennisballen helpen alleen als het dekbed voldoende ruimte heeft om te bewegen. Is de trommel te vol, dan draait alles als één geheel rond en gebeurt er weinig. Wil je grote tweepersoonsdekbedden drogen, dan heb je een droger met een ruime trommel nodig. Heb je die niet zelf? Kijk dan of er een wasserette bij je in de buurt is. Meer ruimte zorgt voor meer beweging en daarmee voor een beter eindresultaat.

Niet elk dekbed kan in de droger

Tennisballen hebben vooral effect bij dons- en verendekbedden. Bij synthetische vulling is dat verschil kleiner en kan de constante beweging van de ballen de vulling na verloop van tijd zelfs vervormen. Wol, zijde en andere natuurlijke materialen mogen meestal helemaal niet in de droger. Check daarom altijd eerst het waslabel voordat je het dekbed in de trommel legt.

Even tussendoor opschudden helpt

Haal het dekbed halverwege het programma even uit de droger en schud het los, alsof je het bed opmaakt. Leg het daarna omgedraaid terug in de trommel. Zo verdeelt de vulling zich opnieuw en kan het dekbed gelijkmatiger drogen.

Wat kun je van het eindresultaat verwachten?

Tennis- of drogerballen zijn vooral een hulpmiddel, geen vervanging voor de juiste drooginstellingen. Droog het dekbed niet te vaak of te heet: kies een lage of middelhoge temperatuur en selecteer een speciaal dons- of beddengoedprogramma als dat op je droger zit. Zorg ook voor voldoende ruimte in de trommel. Als je dan ook nog eens ballen laat meedraaien, heb je er alles aan gedaan om te zorgen dat je dekbed weer lekker vol uit de droger komt!

▼ Volgende artikel
SSD vs. HDD: waarom is een SSD zo veel sneller dan een harde schijf?
© arinahabich
Huis

SSD vs. HDD: waarom is een SSD zo veel sneller dan een harde schijf?

Waarom start een computer met een SSD binnen enkele seconden op, terwijl een oude harde schijf blijft ratelen? Het vervangen van een HDD door een SSD is de beste upgrade voor een trage laptop of pc. We leggen in dit artikel uit waar die enorme snelheidswinst vandaan komt en wat het fundamentele verschil is tussen deze twee opslagtechnieken.

Iedereen die zijn computer of laptop een tweede leven wil geven, krijgt vaak hetzelfde advies: vervang de oude harde schijf door een SSD. De snelheidswinst is direct merkbaar bij het opstarten en het openen van programma's. Maar waar komt dat enorme verschil in prestaties vandaan? Het antwoord ligt in de fundamentele technologie die schuilgaat onder de behuizing van deze opslagmedia.

De vertraging van mechanische onderdelen

Om te begrijpen waarom een Solid State Drive (SSD) zo snel is, moeten we eerst kijken naar de beperkingen van de traditionele harde schijf (HDD). Een HDD werkt met magnetische roterende platen. Dat kun je vergelijken met een geavanceerde platenspeler. Wanneer je een bestand opent, moet een fysieke lees- en schrijfkop zich naar de juiste plek op de draaiende schijf verplaatsen om de data op te halen. Dat fysieke proces kost tijd, wat we latentie noemen. Hoe meer de data op de schijf verspreid staat, hoe vaker de kop heen en weer moet bewegen en wachten tot de juiste sector onder de naald doordraait. Dit mechanische aspect is de grootste vertragende factor in traditionele opslag.

©Claudio Divizia

Flashgeheugen en directe gegevensoverdracht

Een SSD rekent definitief af met deze wachttijden omdat er geen bewegende onderdelen in de behuizing zitten. De naam 'Solid State' verwijst hier ook naar; het is een vast medium zonder rammelende componenten. In plaats van magnetische platen gebruikt een SSD zogenoemd NAND-flashgeheugen. Dat is vergelijkbaar met de technologie in een usb-stick, maar dan veel sneller en betrouwbaarder. Omdat de data op microchips wordt opgeslagen, is de toegang tot bestanden volledig elektronisch. Er hoeft geen schijf op toeren te komen en er hoeft geen arm te bewegen. De controller van de SSD stuurt simpelweg een elektrisch signaal naar het juiste adres op de chip en de data is direct beschikbaar.

Toegangstijd en willekeurige leesacties

Hoewel de maximale doorvoersnelheid van grote bestanden bij een SSD indrukwekkend is, zit de echte winst voor de consument in de toegangstijd. Een besturingssysteem zoals Windows of macOS is constant bezig met het lezen en schrijven van duizenden kleine systeembestandjes. Een harde schijf heeft daar enorm veel moeite mee, omdat de leeskop als een bezetene heen en weer moet schieten. Een SSD kan deze willekeurige lees- en schrijfopdrachten (random read/write) nagenoeg gelijktijdig verwerken met een verwaarloosbare vertraging. Dat is de reden waarom een pc met een SSD binnen enkele seconden opstart, terwijl een computer met een HDD daar soms minuten over doet.

©KanyaphatStudio

Van SATA naar NVMe-snelheden

Tot slot speelt de aansluiting een rol in de snelheidsontwikkeling. De eerste generaties SSD's gebruikten nog de SATA-aansluiting, die oorspronkelijk was ontworpen voor harde schijven. Hoewel dat al een flinke verbetering was, liepen snelle SSD's tegen de grens van deze aansluiting aan. Moderne computers maken daarom gebruik van het NVMe-protocol via een M.2-aansluiting. Deze technologie communiceert rechtstreeks via de snelle PCIe-banen van het moederbord, waardoor de vertragende tussenstappen van de oude SATA-standaard worden overgeslagen. Hierdoor zijn snelheden mogelijk die vele malen hoger liggen dan bij de traditionele harde schijf.

Populaire merken voor SSD's

Als je op zoek bent naar een betrouwbare en snelle SSD, is er een aantal fabrikanten dat de markt domineert. Samsung wordt door velen gezien als de marktleider op het gebied van flashgeheugen en staat bekend om de uitstekende prestaties van hun EVO- en PRO-series. Daarnaast is Western Digital (WD) een vaste waarde; dit merk heeft de transitie van traditionele harde schijven naar SSD's succesvol gemaakt met hun kleurgecodeerde (Blue, Black en Red) series voor verschillende doeleinden. Ook Transcend is een uitstekende keuze; dit merk staat al jaren bekend om zijn betrouwbare geheugenproducten en biedt duurzame SSD's die lang meegaan. Tot slot bieden merken als Kingston en Seagate betrouwbare alternatieven die vaak net iets vriendelijker geprijsd zijn, zonder dat je daarbij veel inlevert op stabiliteit.