ID.nl logo
Wat brengt usb 3.1?
© Reshift Digital
Huis

Wat brengt usb 3.1?

De nieuwe usb 3.1-standaard biedt hogere snelheden dan we tot nu toe gewend waren van usb 3.0. Tegelijkertijd hebben de bedrijven achter de populaire standaard een nieuwe stekker bedacht: usb Type-C is niet alleen handig in gebruik, maar biedt ook verschillende nieuwe mogelijkheden.

De usb-poort is op een moderne pc niet meer weg te denken: of het nu gaat om muis en toetsenbord, een externe harde schijf, een printer of een webcam, tegenwoordig wordt zo'n beetje alle randapparatuur aangesloten met één en dezelfde stekker. Wie ruim vijftien jaar geleden al met pc's in de weer was, zal zich de tijd van vele verschillende aansluitingen nog wel herinneren en zal het gebruiksgemak van usb extra kunnen waarderen. Lees ook: In 3 stappen - Maak van je usb-stick een toegangssleutel.

Usb werd geïntroduceerd in 1996 en de initiële versies (usb 1.0 en 1.1) kenden een maximale doorvoersnelheid van 12 megabit per seconde, wat men destijds Full Speed USB noemde. In 2000 volgde usb 2.0 - Hi-Speed USB in officieel jargon - dat 40x hogere prestaties bood: 480 megabit/s. Usb 3.0 ofwel SuperSpeed USB stamt uit 2008 en biedt doorvoersnelheden tot 5 gigabit/s. Bij al deze bestaande varianten gaan dankzij zogenaamde 8b/10b-codering voor iedere 8 bit die verstuurd worden, er 10 bit daadwerkelijk over de kabel. Hierdoor zijn de datasnelheden van de drie standaard respectievelijk 1,2 megabyte/s, 48 megabyte/s en 500 megabyte/s. Dankzij overhead van de gebruikte protocollen kun je in de praktijk met usb 1.1, 2.0 en 3.0 snelheden tot circa 0,8 mbyte/s, 35 mbyte/s en 400 mbyte/s behalen.

Usb 3.1

Die 400 mbyte/s die usb 3.0 in de praktijk kan bieden, is voor veel toepassingen meer dan voldoende, maar begint voor andere toepassingen een bottleneck te worden. Denk bijvoorbeeld aan externe schijven: dankzij SSD-technologie is het eenvoudig om een externe disk te maken die snelheden richting de gigabyte per seconde biedt, maar dan moet er wel een interface zijn die dat ondersteunt. Maar ook voor bijvoorbeeld camera's die (vrijwel) ongecodeerde HD- of Ultra HD-video doorsturen kan usb 3.0 te weinig snelheid bieden.

Vandaar dat in 2013 de usb3.1-standaard werd voltooid. De eerste producten zijn inmiddels op de markt. De nieuwe versie luistert naar de naam SuperSpeed+ en de signaalsnelheid is verdubbeld van 5 gigabit/s naar 10 gigabit/s. Tegelijkertijd is de 8b/10b codering veranderd naar 128b/132b, ofwel voor iedere 128 bit data, gaan er 132 over de kabel. Dat zorgt voor minder verlies en maakt dat usb 3.1 tot 1241 mbyte/s kan transporteren. In de praktijk verwacht men dat snelheden tot circa 1000 mbyte/s mogelijk gaan zijn, ruim een verdubbeling ten opzichte van usb 3.0 dus!

Usb 3.1 kan gebruikmaken van dezelfde kabels als usb 3.0, hardwarematig is er in feite niets veranderd. Wel is het zo dat tegelijkertijd een nieuwe stekker is bedacht, waarover hierna meer. Waar usb3.0-poorten bij de meeste pc's en laptops te herkennen zijn aan een blauwe kleur - wat overigens nooit een verplichting is geweest - schrijft het consortium achter de standaard voor usb 3.1 een blauwgroenige kleur voor. In de praktijk wordt die echter door maar weinig fabrikanten van moederborden, pc's en laptops gebruikt.

Onduidelijk Wat ons betreft een faliekante misser van het consortium achter de standaard, is dat men bij de introductie van usb 3.1 de nieuwe standaard met hogere snelheid officieel 'USB 3.1 Gen 2' noemt en dat men usb 3.0 met terugwerkende kracht als 'USB 3.1 Gen 1' betitelt. Veel hardwarefabrikanten doen aan die onduidelijke naamgeving gelukkig niet mee en kiezen voor het duidelijke en simpele usb 3.0 en usb 3.1. Maar er zijn ook bijvoorbeeld moederborden waarbij de fabrikant aangeeft "2x usb 3.1 Gen 2 en 6x usb 3.1 Gen 1". Om het nóg vervelender te maken, zijn er ook fabrikanten en webshops die de generatie-toevoeging achterwege laten. Zo heeft de nieuwe Apple MacBook één usb3.1-aansluiting. Bij de meeste shops staat bij de specificaties echter niet duidelijk dat het over usb 3.1 Gen 1 gaat, in feite dus het bekende usb 3.0.

©PXimport

Nieuwe connector

Vrijwel tegelijkertijd met de nieuwe usb3.1-standaard heeft het consortium van fabrikanten dat de standaard ontwikkelt, ook een nieuwe connector afgeleverd: usb Type-C. Deze nieuwe stekker moet vooral een beter gebruiksgemak bieden. De Type-C-connector is ongeveer net zo klein als de bestaande micro-usb-stekker, maar is omkeerbaar, wat betekent dat het niet uitmaakt hoe je de stekker in een apparaat stopt. Bezitters van een iPhone of iPad met Lightning-connector weten hoe handig zo'n omkeerbare stekker is.

De Type-C-stekker is er verder zowel voor de zogenaamde host- als de client-kant. Ofwel: aan beide kanten van de kabel dezelfde stekker! Daarmee komt een eind aan het verschil tussen de zogenaamde Type-A-stekkers die je in de regel op pc en laptop vindt en Type-B-stekkers die je vindt op randapparatuur en mobiele apparaten. Vooral voor makers van laptops is dat goed nieuws, aangezien de normale usb-connector inmiddels een beperking wordt bij het alsmaar dunner maken van notebooks.

De nieuwe connector staat zoals geschreven los van de usb3.1-standaard. Dat houdt in dat er ook prima usb3.0-poorten met Type-C uitgevoerd kunnen worden. Dit is op de nieuwe MacBook bijvoorbeeld het geval. Tegelijkertijd kan usb 3.1 ook prima met de bestaande Type-A-connector worden uitgevoerd. Totdat de hele industrie over is op Type-C-connectors, wat vermoedelijk zal gaan gebeuren, zullen we nog een tijdje moeten prutsen met allerhande verloopkabels.

©PXimport

Meer dan alleen usb

Het mooie van de Type-C-stekker is dat deze officieel gebruikt kan en mag worden voor meer dan alleen usb. Dankzij de zogenaamde Alternative Mode staat het fabrikanten vrij om andere soorten interface over usb Type-C-kabels te laten gaan, in plaats van of aanvullend op usb. En dat gaat gebeuren ook! De VESA-organisatie die verantwoordelijk is voor de DisplayPort-standaard heeft al aangegeven dat men usb Type-C gaat gebruiken en Intel gebruikt de Type-C-stekker ook voor de nieuwe Thunderbolt3-interface. En aangezien de stekker ook nog eens gebruikt kan worden voor het met meer power opladen van apparaten, is het prima denkbaar dat op niet al te lange termijn laptops alleen nog maar een rijtje Type-C-connectoren hebben. De genoemde Apple MacBook is daar al een voorbode van.

Opladen

Usb-kabels worden al sinds jaar en dag gebruikt voor het opladen van smartphones, tablets en andere apparaten. Op dit moment kunnen usb2.0-poorten tot 2,5 W vermogen (5 V met 500 mA stroom) en usb3.x-poorten tot 4,5 W (5 V met 900 mA) vermogen leveren voor het laten werken of opladen van externe apparaten. Usb-laders bieden al hogere stromen (tot vlak boven de 2 A) om sneller op te laden, maar zonder gelijktijdige datacommunicatie.

De nieuwe usb Power Delivery-standaard biedt de mogelijk om usb Type-C-kabels veel hogere vermogens te laten transporteren dan de standaard 900 mA. De standaard voorziet in 10 W (5 V met 2 A), 18 W (12 V met 1,5 A), 36 W (12 V met 3 A), 60 W (12 V met 5 A of 20 V met 3 A) en zelfs 100W-profielen (20 V met 5 A). 60 of 100 watt is meer dan voldoende om een laptop op te laden!

©PXimport

Voor usb Power Delivery zijn wel speciale kabels nodig, waarin chips zitten die de aangesloten apparaten vertellen welke profielen ondersteund worden. De standaard maakt het in ieder geval mogelijk dat je in de toekomst een laptop via een Type-C kabel aansluit op een docking-station en dat via die kabel dus én de laptop wordt opgeladen, én de laptop communiceert met randapparatuur. En het gaat zelfs nog een stapje verder: de standaard voorzien in bi-directioneel opladen, waarmee apparaten dus kunnen overleggen wie wie van stroom voorziet. Op die manier kun je dus niet alleen je tablet opladen vanaf je laptop, maar dus ook je tablet gebruiken als 'powerbank' voor je laptop als dat op dat moment handig is.

In de praktijk

Het is nog even wachten op de eerste laptops of andere apparaten die de nieuwe usb Power Delivery-standaard ondersteunen, maar met usb 3.1 (of beter gezegd dus usb 3.1 Gen 2) kún je nu al aan de slag. De Taiwanese chipontwerper ASMedia heeft sinds enige maanden de eerste usb3.1-controllers beschikbaar die nu al gebruikt worden door onder meer verschillende moederbordfabrikanten op hun nieuwste modellen. Ook de eerste laptops met usb 3.1 zijn er al, al zal het in de mobiele markt voornamelijk wachten zijn op de volgende generatie modellen (die eind van het jaar uitkomen) eer de nieuwe standaard gemeengoed wordt.

©PXimport

Voor wie een bestaande desktop-pc wil uitbreiden met usb 3.1, heeft onder meer het merk Sharkoon een PCI Express-insteekkaart met daarop de nieuwe controller. De eerste usb3.1-randapparatuur begint ook langzaamaan op de markt te komen. Zo heeft bijvoorbeeld SanDisk al een snelle externe SSD met usb 3.1 aangekondigd en heeft het genoemde Sharkoon inmiddels een lege usb3.1-schijfbehuizing waar je zélf een 2,5inch-SSD in kunt plaatsen.

Wij hebben inmiddels al de nodige ervaring opgedaan met de nieuwe standaard bij tests van verschillende moederborden uit de nieuwste generatie met daarop de genoemde controller. Daarop sluiten we een externe SSD aan die intern is opgebouwd uit een RAID0-configuratie van twee snelle Samsung 850 Evo-SSD's. In verschillende benchmarks, waaronder Crystal DiskMark, hebben we snelheden boven de 700 megabyte/s gemeten. Wanneer je Windows instelt op Hoge Prestaties bij energiebeheer en ook in de BIOS van de pc diverse energiebesparende technieken uitschakelt, zijn zelfs snelheden ruim boven de 800 mbyte/s mogelijk. Dezelfde externe SSD aangesloten op een usb3.0-poort blijft net boven de 400 mbyte/s steken. Wanneer je bijvoorbeeld tientallen of honderden gigabytes aan data wilt kopiëren van of naar je externe schijf, kan dat vele minuten tijd schelen.

Conclusie

In de tijd van externe SSD's zijn de hogere snelheden van usb 3.1 zeer welkom. De nieuwe Type-C-stekker is echter veel groter nieuws: het kleine formaat en de 'omkeerbaarheid' zorgen voor een groter gebruiksgemak. Het feit dat de stekker ook voor andere doeleinden gebruikt zal gaan worden, waaronder DisplayPort, maakt dat de standaard nog universeler wordt dan ie al is. Zeker gecombineerd met de Power Delivery-standaard wordt het in de toekomst mogelijk om een laptop met één kabel op een dockingstation aan te sluiten en dan is alles geregeld. Toch zorgt de nieuwe standaard ook voor onduidelijkheid.

De usb 3.1 Gen 1 en Gen 2 benaming is wat ons betreft echt een grote misser van het consortium. We zien nu al dat producten worden aangeprezen als usb 3.1, terwijl het in feite om usb 3.0 gaat. En veel van dezelfde connectors op de pc kan ook verwarrend zijn, zeker als je in de toekomst Type-C-aansluitingen krijgt die puur DisplayPort bieden en geen usb. Het 'als het past werkt het'-adagium van usb gaat daarmee op de schop. Het is aan de fabrikanten van desktops, laptops en andere apparaten om op beide vlakken voldoende duidelijkheid te scheppen.

▼ Volgende artikel
Waar voor je geld: vijf 27-inch monitoren met 240Hz verversingssnelheid
© ID.nl
Huis

Waar voor je geld: vijf 27-inch monitoren met 240Hz verversingssnelheid

Ben je op zoek naar een grote computermonitor met een hoge beeldverversingsfrequentie? Wij vonden vijf betaalbare modellen voor je op Kieskeurig.nl. Zulke monitoren zijn bij uitstek geschikt voor foto- en videobewerking maar komen goed van pas bij fanatiek gamen, want hoe lager de responstijd, des te soepeler het beeld is.

AOC C27G2ZE/BK

Als je op zoek bent naar een nieuwe - en gebogen - 27‑inch-monitor met 240 Hz verversingssnelheid, valt de AOC C27G2ZE/BK op door zijn combinatie van snelheid en schermgrootte. Dit gebogen scherm gebruikt een VA‑paneel, wat zorgt voor een hoog statisch contrast van 3000:1. De Full‑HD‑resolutie (1920 × 1080) maakt het mogelijk om met een gemiddeld computersysteem te spelen zonder dat de grafische belasting extreem wordt.

Dankzij een responstijd van 0,5 ms kun je snelle games spelen zonder merkbare vertraging. Het scherm heeft een 1500R‑kromming voor een natuurlijke kijkhoek. Voor synchronisatie met de grafische kaart is AMD FreeSync aanwezig, en de monitor beschikt over meerdere HDMI‑ en DisplayPort‑aansluitingen, zodat je eenvoudig verschillende apparaten kunt aansluiten.

Verder zijn er ingebouwde instellingen voor een kruisvormige richtlijn, verschillende beeldmodi en flikkervrije achtergrondverlichting. Je kunt het scherm kantelen voor een fijne kijkhoek, maar hoogte‑ of draaibaarheid is bij dit model niet mogelijk. Voor audio‑doorgave is er een 3,5 mm‑uitgang zodat je je hoofdtelefoon direct kunt aansluiten.

HP OMEN 27s

De HP OMEN 27s is een 27‑inch Full‑HD‑ gamingmonitor die zich richt op gamers die een hoge verversingssnelheid zoeken met een toegankelijk formaat. Het IPS‑paneel biedt een brede kijkhoek en geeft kleuren gelijkmatig weer. Met een resolutie van 1920 × 1080 pixels en een verversingssnelheid van 240 Hz kunnen beelden vloeiend worden weergegeven. Volgens de specificaties bedraagt de responstijd 1 ms, waardoor je snelle actie kunt volgen met minimale vertraging. Het scherm is compatibel met NVIDIA G‑SYNC om tearing te voorkomen. Je kunt de monitor kantelen en in hoogte verstellen, wat bijdraagt aan een ergonomische opstelling. Aan aansluitingen ontbreekt het niet: er zijn twee HDMI 2.0‑poorten, een DisplayPort 1.4 en een usb‑hub.

De ingebouwde RGB‑verlichting aan de achterkant kun je via software aanpassen om het uiterlijk van je werkplek aan te passen. Er zijn geen ingebouwde luidsprekers, maar er is wel een 3,5 mm‑aansluiting voor een hoofdtelefoon. Deze monitor is bedoeld voor gebruik vanaf 2023; het ontwerp gebruikt dunne randen zodat je hem eventueel naast een tweede scherm kunt zetten. Met zijn matte afwerking is reflectie beperkt, en de monitor is voorzien van flikkervrije techniek om vermoeide ogen te voorkomen.

Responstijden

Wanneer je een (gaming)monitor koopt, wordt er vaak gebruik gemaakt van afkortingen voor het weergeven van de responstijd van de pixels op het scherm. MPRT staat voor Motion Picture Response Time en geeft aan hoe lang een pixel zichtbaar blijft tijdens bewegend beeld. Deze waarde zegt vooral iets over de hoeveelheid bewegingsonscherpte die je ziet bij snelle bewegingen op het scherm. Hoe lager de MPRT, hoe scherper bewegende beelden ogen.

Fabrikanten verlagen de MPRT vaak met technieken zoals het kort uitschakelen van de achtergrondverlichting tussen beelden. MPRT is niet hetzelfde als de bekende GtG-responstijd: GtG meet hoe snel pixels van kleur veranderen, terwijl MPRT puur draait om zichtbare scherpte bij beweging.

Lenovo Y27f‑30

Met de Lenovo Y27f‑30 krijg je een 27‑inch monitor gericht op gamers en multimedia. Het IPS‑paneel combineert Full‑HD‑resolutie (1920 × 1080) met een verversingssnelheid van 240 Hz voor soepel beeld. De responstijd 0,5 is ms, zodat snelle acties zonder motion blur worden weergegeven. Het scherm ondersteunt HDR‑content en heeft een helderheid tot 400 nits, waardoor beelden dynamischer worden ervaren. Met een kleurdekking van 99 % sRGB en 1,07 miljard kleurtinten is het paneel geschikt voor gaming en lichte fotobewerking.

De monitor beschikt over twee HDMI 2.0‑poorten, een DisplayPort 1.4 en een usb‑hub. Er zijn geïntegreerde luidsprekers en een hoofdtelefoonaansluiting, zodat je zonder extra accessoires geluid kunt beluisteren. De hoogte‑ en kantelinstelling maken een ergonomische opstelling mogelijk, en via VESA‑montage kun je hem ook aan een arm bevestigen.

FreeSync‑Premium‑Pro‑ondersteuning helpt synchronisatieproblemen met AMD‑grafische kaarten te voorkomen. Een opvallende extra is dat het scherm volgens de specificaties overklokt kan worden tot 280 Hz, mocht je grafische kaart dat ondersteunen. Omdat de rand dun is, kun je meerdere schermen naast elkaar plaatsen voor een groter werkoppervlak.

Samsung 27 Odyssey OLED G8 G81SF

Voor wie een 240Hz‑verversingssnelheid combineert met hoge resolutie, heeft Samsung de Odyssey OLED G8 G81SF. Deze 27‑inch monitor gebruikt een QD‑OLED‑paneel en biedt een 4K‑resolutie van 3840 × 2160 pixels. Door de verversingssnelheid van 240 Hz en het OLED‑paneel krijg je een combinatie van scherpe pixels en vloeiend beeld.

De monitor is gecertificeerd voor DisplayHDR TrueBlack 400, wat inhoudt dat donkere tinten diep zwart zijn terwijl lichte delen helderder ogen. Het scherm heeft een antireflectiecoating, en Samsung gebruikt een “Dynamic Cooling System” om het OLED‑paneel op een constante temperatuur te houden. FreeSync Premium Pro is ingebouwd om haperingen te voorkomen. Qua aansluitingen is er één DisplayPort 1.4‑poort, een HDMI 2.1‑poort en een usb-c-aansluiting met 65 W‑voeding, zodat je een laptop kunt opladen terwijl je beeldscherm gebruikt.

De monitor ondersteunt CoreLighting+ aan de achterkant: door middel van een lichtstrip kun je de verlichting aanpassen aan de inhoud op je scherm. Je kunt het scherm in hoogte verstellen en kantelen; daarnaast is er een geïntegreerde standaard met kabelbeheer. Het OLED‑paneel heeft een dichtheid van 166 PPI voor scherpe tekst. Samsung levert ook een afstandsbediening zodat je toegang krijgt tot ingebouwde apps en streamingdiensten via Smart Hub.

ASUS ROG Swift PG27AQDM

De ASUS ROG Swift PG27AQDM is een 27‑inch gaming‑monitor met QHD‑resolutie (2560 × 1440 pixels) en een OLED‑paneel. Ondanks dat ASUS het scherm als 27 inch aanduidt, heeft het feitelijk een diagonaal van 26,5 inch, maar door de dunne rand valt dit nauwelijks op. Met een verversingssnelheid van 240Hz en een responstijd van 0,03 ms biedt dit model een van de snelste paneelreacties in zijn klasse.

Het OLED‑paneel kan diepe zwartwaarden produceren en volgens de specificaties geeft het 1,073 miljard kleuren weer. De monitor ondersteunt zowel NVIDIA G‑SYNC als AMD FreeSync, zodat je de weergave kunt synchroniseren met bijna elke moderne grafische kaart. Voor verbinding zijn er DisplayPort 1.4, twee HDMI‑poorten en een usb‑hub. Het scherm kan in hoogte worden versteld, gedraaid en gekanteld, en het is geschikt voor VESA‑montage.

Om inbranden te voorkomen gebruikt ASUS een speciale warmteafvoer en automatische helderheidsaanpassingen. De behuizing is voorzien van een rondom lopende RGB‑strip die je naar wens kunt instellen. Met een standaard die een handvat heeft, is het scherm gemakkelijk te verplaatsen. Het relatief hoge energiegebruik van een OLED‑gamingmonitor is aanwezig; er is echter een ECO‑modus. Deze monitor is vooral bedoeld voor veeleisende gamers of professionals die vloeiende bewegingen en hoge contrastwaarden zoeken.

▼ Volgende artikel
Wanneer komt Euro Truck Simulator 2 naar PlayStation 5?
© SCS Software
Huis

Wanneer komt Euro Truck Simulator 2 naar PlayStation 5?

Euro Truck Simulator 2 bestaat al sinds 2012, maar veertien jaar na dato lijkt het vrijwel zeker dat de game - net als nevengame American Truck Simulator - binnenkort ook op moderne consoles als de PlayStation 5 en Xbox Series X en S speelbaar wordt. Wat de releasedatum van beide games op PS5 en Xbox is, dat is de vraag.

De eerste indicatie dat Euro Truck Simulator 2 en American Truck Simulator naar de PlayStation 5 en moderne Xbox-consoles komt, verscheen vorig jaar, toen winkelpagina’s voor het spel op de respectievelijke platformen werden gevonden. Vlak daarna werd tijdens de Future Games Show tijdens Gamescom bevestigd dat het spel inderdaad onderweg is naar de platformen. 

Navigatieproblemen

Een half jaar later hebben we nog steeds geen indicatie van wanneer Euro Truck Simulator 2 op de consoles staat te verschijnen. Wel is direct aangekondigd dat ook American Truck Simulator naar de PS5 en Xbox Series-consoles komt. Daarbij biedt de Road To Consoles Dev Talk-video die ontwikkelaar SCS Software een paar maanden terug uitbracht ook inzicht in de productietijdlijn van de ports. Zo is onthuld dat er al vijf jaar wordt gewerkt aan de technologie die nodig is om de games draaiende te krijgen.

Watch on YouTube

Waarom duurt dat zo lang?

Zoals eerder al werd benoemd is Euro Truck Simulator 2 uitgebracht in 2012. De game werd niet met consoles in het achterhoofd ontwikkeld, en zeker niet voor apparaten die pas veertien jaar in de toekomst verschenen. Het herschrijven van de code, zodat die ook nog eens precies hetzelfde werkt op consoles en met nieuwe besturing, vergt dan ook veel tijd. 

Daarmee komen we ook bij de hamvraag: waarom port de ontwikkelaar een game uit 2012 überhaupt? Vooral omdat de game sindsdien nog altijd voorzien wordt van nieuwe content en updates. SCS Software onderhoudt en verbetert Euro Truck al jaren en brengt ook nog altijd dlc met nieuwe voertuigen, gebieden en customization-opties uit. Euro Truck Simulator 2 is dus wel de definitieve truck-simulatiegame te noemen, ondanks dat deze 14 jaar oud is. 

©SCS Software

Maar de manier waarop dlc in de game verwerkt is zorgt volgens Jakub Mráz - Console Producer bij SCS - voor complicaties tijdens het porten. Neem bijvoorbeeld de Scandinavië-dlc, die Denemarken, Noorwegen en Zweden aan het spel toevoegt. Dat toevoegen aan een game op consoles is een logistieke uitdaging waar de ontwikkelaar over na moet denken.

Ook de kwaliteitscontrole die de platformen vereisen, het uitdenken van een nieuwe marketingcampagne: alles heeft invloed op de release van het spel op de PlayStation 5 en Xbox Series-consoles.

Over Euro Truck Simulator 2

Het spreekt redelijk voor zich, maar Euro Truck Simulator 2 is dus een game die het rondkarren in een truck van duizenden kilo’s simuleert. Klinkt simpel, maar gaat dieper dan verwacht. Je rijdt rond door een wat kleinere versie van Europa - op een schaal van 19:1 - waar je met je truck goederen vervoert, om zo te sparen voor nieuwe trucks, upgrades, en customization-opties. Op het bezorgen van spullen zit ook een timer, en het is vanzelfsprekend dat de goederen in goede staat moeten verkeren bij aankomst. 

©SCS Software

Met genoeg vermogen wordt het uiteindelijk ook mogelijk om een netwerk aan bezorgers op te zetten en aan te sturen, en hoe meer opdrachten je voltooit, hoe meer delen van Europa open voor je gaan. In de afgelopen jaren heeft SCS Software veel landen, steden en dergelijke gebieden toegevoegd aan Euro Truck Simulator 2 middels betaalde dlc, en oude omgevingen gratis opgekrikt naar moderne kwaliteitsmaatstaven. 

Nederland in Euro Truck Simulator 2

Ook Nederland is inmiddels van een upgrade voorzien in de pc-versie van Euro Truck Simulator 2. Zo kunnen spelers Rotterdam, Amsterdam, de Europort, Groningen en Eindhoven bezoeken via verschillende wegen. Naast bijbehorende snelwegen is ook de Afsluitdijk en omgeving in beeld gebracht middels de update.