ID.nl logo
Tweestapsverificatie met Aegis Authenticator
© Reshift Digital
Huis

Tweestapsverificatie met Aegis Authenticator

Het wordt steeds belangrijker om je accounts op internet goed te beschermen met een tweestapsverificatie. Maar er zijn wel wat valkuilen waar je rekening mee moet houden. Aegis Authenticator is een heel praktische app om toegangscodes mee te genereren. We laten zien hoe je de app gebruikt én hoe je er veilig mee om kunt gaan.

Meldingen over gelekte wachtwoorden door bijvoorbeeld datelekken zijn aan de orde van de dag. De ouderwetse combinatie van een gebruikersnaam en wachtwoord is duidelijk niet meer toereikend. Gelukkig kun je veel accounts beveiligen met tweestapsverificatie. Bekende voorbeelden zijn Google, GitHub, Dropbox, Facebook en Instagram, maar dat lijstje is ondertussen veel langer. Kenmerkend bij tweestapsverificatie is dat iets wat je weet (je wachtwoord) wordt gecombineerd met iets wat je hebt als tweede factor (bijvoorbeeld je smartphone). Er is dus fysiek toegang tot je telefoon nodig om te kunnen inloggen. Praktisch betekent het dat je een toegangscode invult die je via sms of een app ontvangt. Vaak wordt Google Authenticator gebruikt, maar die heeft de nodige beperkingen. Daarom kiezen we bij deze workshop voor Aegis Authenticator. We laten zien hoe je deze tool ten volle benut!

1 Installatie

Als je tweestapsverificatie gaat gebruiken op basis van een app die toegangscodes genereert, wordt meestal Google Authenticator aanbevolen. Die app heeft alleen een paar nadelen, waarvan enkele in deze workshop aan bod komen. Omdat voor tweestapsverificatie meestal het TOTP-algoritme (Time-based One-Time Password) wordt gebruikt, kun je naast Google Authenticator ook een hele reeks andere apps gebruiken. Bekende voorbeelden zijn Authy en Microsoft Authenticator. Hier kiezen we voor Aegis Authenticator. Deze app is gratis, opensource en geeft je meer opties dan Google Authenticator. Bovendien is de app erg gebruiksvriendelijk. Je kunt Aegis Authenticator gratis installeren via de Google Play Store. Er is (nog) geen versie voor iPhone of iPad.

2 Toegang beveiligen

Als je Aegis Authenticator de eerste keer opstart, wordt gevraagd of je de toegang tot de gegevens wilt beveiligen en op welke manier. 

Het komt erop neer dat je de sleutels (optioneel) extra veilig kunt bewaren op je toestel door ze te versleutelen. Als je daarvoor kiest, wordt bij het starten van de app om een wachtwoord of vingerafdruk gevraagd. Daarmee kun je de gegevens weer leesbaar maken en de toegangscodes genereren. Dit is het grootste nadeel: er is steeds deze extra stap nodig. 

Je hoeft deze extra beveiliging niet te gebruiken. Dan werkt de app hetzelfde als Google Authenticator: na het starten krijg je direct je toegangscodes te zien. In die situatie raden we je wel aan om een goede algemene schermbeveiliging in te stellen en de telefoon nooit onbeheerd achter te laten.

©CIDimport

3 Toegangscodes toevoegen

Een enkele keer is het gebruik van tweestapsverificatie verplicht, maar meestal is het een keuze. De tweestapsverificatie kun je via de accountinstellingen van de bewuste website of dienst activeren. Vooral als het om gevoelige of waardevolle gegevens gaat raden we je aan dat te doen. Als je de verificatie aanzet wordt als eerste een unieke geheime sleutel aangemaakt die je in Aegis Authenticator overneemt. Dat doe je door het overtikken van de sleutel of het scannen van de QR-code met de camera. Op basis van die sleutel en de actuele tijd laat de app vervolgens steeds de toegangscode van zes cijfers zien, ook wel een token genoemd. Die code moet je na het inloggen met je gebruikersnaam en wachtwoord invoeren als extra stap. Daar heb je niet veel tijd voor: elke dertig seconden wordt een nieuwe toegangscode gemaakt. Accounts die je toevoegt, kun je eventueel in een groep indelen. Daar kun je dan later in het overzicht met toegangscodes op filteren. Dat is handig als je erg veel toegangscodes hebt. Wil je een item naderhand bewerken, houd het dan lang ingedrukt en tik op het penceeltje. Ook kun je zo de QR-code nog eens zichtbaar maken om de sleutel met een ander toestel te delen, zodat je ook daarmee als een soort back-up geldige toegangscodes kunt genereren.

4 Extra instellingen

©CIDimport

Aegis Authenticator geeft je via het menu extra instellingen om de app nog veiliger te maken. Zo kun je met de optie Schermbeveiliging voorkomen dat een screenshot van het scherm wordt gemaakt. 

We raden je aan dit te activeren. In het verleden is dit wel eens als achterdeurtje gebruikt om toegangscodes van Google Authenticator te ontfutselen. Verder kun je er met Aantikken om te laten zien voor kiezen dat toegangscodes pas worden getoond als je erop tikt. Handig als je op een plek zit waar anderen mee kunnen kijken. 

Via de instellingen kun je verder ook bijvoorbeeld het uiterlijk aanpassen, zoals een bepaald thema of compactere weergave. Ook vind je opties voor importeren en exporteren die we in het volgende punt behandelen.

5 Back-up maken

Bij Google Authenticator zijn alle sleutels veilig opgeborgen op je smartphone. Je kunt ze inmiddels wel handmatig overzetten naar een tweede toestel via een QR-code. Alleen is dat (heel) lastig als je de smartphone bent verloren. Met Aegis Authenticator kun je in één handeling alle sleutels exporteren naar een bestand, dat je later op een ander toestel kunt importeren. Voor het maken van de back-up open je de instellingen en kies je onder Hulpmiddelen de optie Exporteren. Accepteer het standaardformaat. Je kunt het op het toestel zelf opslaan of via de optie Delen op een andere manier uitwisselen. Als je de optie Versleutel de kluis hebt aangevinkt, wordt vervolgens om een wachtwoord gevraagd. Dat heb je later weer nodig bij het importeren. Bewaar het wachtwoord het liefst apart van het back-upbestand. Wil je de gegevens terugzetten naar een vers geïnstalleerde app? Kies dan via de instellingen voor Importeren vanuit een bestand. Selecteer Aegis Authenticator als formaat en blader naar het bestand. Geef hierna het wachtwoord op. Vink aan welke items je wil importeren en bevestig. Nu heb je al je sleutels weer terug en kun je toegangscodes voor de bewuste websites en diensten gaan genereren.

▼ Volgende artikel
Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard
Huis

Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard

Het Zuid-Koreaanse zou een shooter gebaseerd op Starcraft in ontwikkeling hebben voor IP-eigenaar Blizzard.

Dat claimt The Korean Economic Daily. Een team binnen Nexon dat gespecialiseerd is in shooters zou zich op dit moment volledig richten op de nog onaangekondigde game. De ontwikkeling zou nog niet lang geleden zijn gestart, en dus zou de shooter nog lang op zich laten wachten.

Verdere details zijn er nog niet, behalve dat Choi Jun-ho ook bij het project betrokken zou zijn. Hij maakte eerder de populaire Shinppu-mapmod voor Starcraft.

Starcraft

Er gaan al langer geruchten over een shooter gebaseerd op Starcraft. Vorig jaar meldde Bloomberg-journalist Jason Schreier al in zijn boek 'Play Nice: The Rise, Fall and Future of Blizzard Entertainment' dat Blizzard aan een shooter zou werken. Volgens Schreier is de shooter van Nexon echter niet gerelateerd aan de shooter van Blizzard - het zouden om twee afzonderlijke projecten gaan.

De Starcraft-reeks bestaat uit real-time strategygames. De eerste verscheen in 1998, en een vervolg kwam in 2010 uit. Blizzard heeft al vaker geprobeerd shooters gebaseerd op de Starcraft-franchise te maken, maar die werden vooralsnog altijd geannuleerd.

Mogelijke onthulling op Blizzcon

Voor het eerst in enkele jaren organiseert Blizzard op 12 en 13 december de Amerikaanse beurs Blizzcon, waar alles rondom de uitgever wordt gevierd. Het is mogelijk dat één van de hierboven genoemde shooters daar wordt onthuld.

▼ Volgende artikel
Review: Mario Tennis Fever is een leuke set
Huis

Review: Mario Tennis Fever is een leuke set

Je vraagt je bij elke Mario-sportgame toch weer af: bereikt het de highs van die oeroude Game Boy-games van Camelot, zoals Mario Tennis en Mario Golf)? Het antwoord is, wat mij betreft, steevast  ‘nee’. Maar tussen ‘perfect’ en ‘niet perfect’ zit nog altijd een breed spectrum aan kwaliteit. En Fever? Die nestelt zich moeiteloos aan de betere kant van dat spectrum.

De drie toernooien die deze game rijk is, daar ben je een uurtje zoet mee. Waarschijnlijk zonder een set te verliezen. De Adventure Mode? Een paar uurtjes meer dan dat, en hoewel ook die nergens uitdagend wordt vertelt het wel een vermakelijk verhaal over Mario en Luigi die als baby’s hun tennis-skills moeten oppoetsen vanwege… bijzondere redenen.

Er zijn ook drie Challenge Towers met allerlei unieke uitdagingen die eventjes vermaken. In mix-up vinden we tennis, maar dan met regels en omstandigheden die alleen het Mushroom Kingdom kan bieden, en dat was het wel zo’n beetje. Wie Mario Tennis Fever alleen speelt is een weekend zoet en heeft zich prima vermaakt. Maar sportgames zijn er, natuurlijk, om je competitieve aard los te laten op vrienden, familie, kroost of online uitdagers.

Leuk

Daarom wil ik het ook niet al te uitgebreid over die singleplayermodi hebben. Ja, Nintendo heeft z’n best gedaan. Ja, er is weinig aan te merken op de minigames en kleine tussenscènes die de Tennis Academy te bieden heeft en de ontwikkelaars verdienen het dat het hier even aangestipt wordt. Nooit sla je stijl achterover van briljante ideeën of concepten, en er wordt geen druppeltje zweet gemorst van de spanning. Maar ‘leuk’ is eigenlijk een perfect, allesomvattend begrip om deze kant van de game te omschrijven.

De echte graadmeter echter, is de kern van de gameplay. Hoe speelt het? Hoe diep gaat het? Hoeveel personages, gekke rackets en super-power-mega-skillmoves zijn er in dit pakketje gepropt en hoe verhouden die zich tot elkaar? Na mening middag ballen overslaan of in dubbelspel terugslaan met mijn zoontje van 9, zijn we eruit: Mario Tennis Fever heeft ontzettend lekkere gameplay.

Content is king

Content is in de eerste instantie de name of the game. Er zitten bijna veertig personages in de game, meer dan een dozijn verschillende banen en de hoofdattractie is de aanwezigheid van tientallen Fever-rackets, die elk hun eigen unieke skill met zich meebrengen. De bananentros die Donkey Kong een ‘racket’ noemt strooit bananen over de baan, met het vulkaanracket plopt er een (je raadt het nooit) vulkaan op uit de baan en het Thwomb-racket zorgt ervoor dat het iconische stenen blok uit de Mario-serie plots uit de lucht valt – hopelijk op een tegenstander. Een zogeheten Fever-shot is verder ook geen hogere wiskunde. Om de zoveel tijd is je metertje vol en ram je dat ding over de baan heen.

Extra fijn is dat het gros van dit alles vrij te spelen is waar je maar wil. Laat je de singleplayermodi links liggen en speel je gewoon wat potjes tegen elkaar? Geen probleem, om de zoveel potten krijg je een nieuw racket, personage, of kleurtjes voor je favoriete tennissers.  

Watch on YouTube

Plak er een voldoende op

Enfin, tot zover de uitleg en alles wat hier te vinden is. Leuk spelletje, plak er een voldoende op en klaar, toch? Nou nee, want hoewel alles hierboven zijn eigen rol speelt, zijn het de diepere lagen daaronder die Mario Tennis  Fever tot grotere hoogten dan ‘plak er even een voldoende op’ stuwen. Al die personages? Die beschikken over hun eigen stats en eigenaardigheden. Wario laadt z’n powershots razendsnel op, Bowser Jr. legt veel meer precisie in z’n topspincurve dan anderen en Shy Guy slaat zijn topspins zonder gehinderd te worden door zijn positie op de baan.

En die banen? Die hebben elk hun eigen ondergrond, waar ballen anders op stuiteren en doorschieten, terwijl spelers zelf ook sneller of minder snel zijn, gebaseerd op het gras of het hardcourt waar ze op spelen. Die Fever-rackets? Oprecht allemaal een andere smaak. Ook daar merk dat extra stukje diepgang waar een wat luiere Mario-sportgame niet aan zou denken: wanneer je een Fever-shot terugslaat vóórdat op jouw zijde van het net landt, kun je met een stuit op de helft van de tegenstander zomaar eens het bijbehorende effect teruggeven. Prettig vervelend als je denkt die koter een modderplas op zijn helft te bezorgen, om ‘m vervolgens zelf om je oren te krijgen als hij de bal vakkundig over je heen lobt en ‘ie alsnog op jouw achterveld terecht komt. Een (modder)koekje van eigen deeg noemen ze dat geloof ik.

Mario Tennis Fever

Slide
Slide
Slide
Slide

Geen Lego, wel Duplo

Al die extra aandachtspuntjes en omstandigheden zijn ook nog eens gebouwd op een fundering van onkreukbare basisgameplay. Topspins, slices, curveballen, lobs en powershots: alles wat je van een tennisgame mag verwachten zit erin. De grote maar is alleen: het gebeurt allemaal zonder de nuance van een échte topgame. Vergelijk het een beetje met Lego en Duplo. Zelfde principe, zelfde soort blokken, maar iets vets bouwen met Lego hit net even anders dan iets vets bouwen met die grote Duplo-blokken. Zo verhoudt deze game zich ook tot de toppers uit het tennisgenre, zoals Virtua Tennis en Topspin. Is veelgevraagd, ik weet het, maar het is wel het verschil tussen goed of geweldig. En Mario Tennis Fever eindigt in het eerste kamp.

Is mijn zoontje naar school, dan heb ik namelijk geen enkele reden om Mario Tennis Fever verder te spelen. Zoals gezegd is al die singleplayercontent niet meer dan ‘even leuk’. En computergestuurde tegenstanders geven zelfs op het hoogste niveau nooit écht tegengas. Bovendien zijn de personages net te groot voor deze banen om het volgende niveau van verfijning te bereiken. Top, zo’n lob. Maar vanwege de dus relatief kleine banen blijft het geen zekerheidje dat je iemand ermee verschalkt die tegen het net aan staat. Aanzienlijke kans dat ie gewoon op tijd de achterlijn haalt, als ie ook maar een klein beetje inzicht heeft. Het zorgt ervoor dat Mario Tennis Fever een absoluut geslaagde game is, met heerlijke multiplayer. Maar wie de eindeloze diepgang en speeluren van, bijvoorbeeld, een Mario Kart World hier zoekt, staat sneller dan gewenst buitenspel. Oh wacht, verkeerd sport…

Mario Tennis Fever is vanaf 11 februari beschikbaar voor Nintendo Switch 2.

Goed
Conclusie

Mario Tennis Fever barst van de content. De vele personages, banen en rackets geven unieke, diepere lagen aan de gameplay en multiplayerpotjes gaan met grote glimlach en een berg vertier gespeeld worden. Jammer voor de wat volwassenere spelers dat die volgende laag diepgang nét niet geraakt wordt. Daarvoor is het singleplayeraanbod niet genoeg, de tegenstanders niet uitdagend genoeg en ontbreekt er hier en daar net wat finesse. Maar ga zo door, Nintendo. Mario Tennis Fever zit namelijk wél in de richting van die tijdloze Camelot-klassiekers waar we zo naar hunkeren.

Plus- en minpunten
  • Flinke hoeveelheid content en modi
  • Sterke basisgameplay
  • Uiteenlopende Fever-rackets
  • Nog altijd sterke multiplayer
  • Daagt je nooit écht uit
  • Diepgang niet eindeloos