ID.nl logo
De beste zakelijke accesspoints voor thuis
© Reshift Digital
Huis

De beste zakelijke accesspoints voor thuis

Vergelijk het thuisnetwerk van vijf jaar geleden met dat van nu en je ziet twee totaal verschillende werelden. Pc en tablet hebben hun koppositie verloren aan de smartphone en daarmee zijn we zelfs thuis altijd online. Een snel en veilig netwerk is dan ook geen optie meer, het is een must. Een kleine, maar gestaag groeiende groep gebruikers wil meer dan een standaard draadloze router biedt en kijkt steeds nadrukkelijker naar semiprofessionele netwerkapparatuur. Dit zijn de beste zakelijke accesspoints voor thuis.

Hoewel het gebruik van het thuisnetwerk de laatste jaren ingrijpend is veranderd, is het thuisnetwerk dat zelf niet. Het bestaat onveranderd uit een router die tegelijkertijd ook switch en accesspoint is, en waarmee alle apparaten, snel én langzaam, maar moeten verbinden. Gaten in de dekking nemen we voor lief of dichten we zo goed als het gaat met een wifi-extender of powerline-verbinding. En ook het roaminggedrag valt tegen, inherent aan netwerken die uit meerdere oplossingen van verschillende merken bestaan. Dat we al deze ellende voor lief nemen, komt doordat we weten dat zelfs de nieuwste draadloze router in een huis met meerdere verdiepingen en vloeren van gewapend beton geen volledige dekking geeft. Wat valt de (oude) router die bij het internetabonnement hoort, dan te verwijten?

©PXimport

Het netwerkgebruik is radicaal veranderd, ons thuisnetwerk niet.

-

Betere wifi is nodig

Er is wel een oplossing voor het wifi-probleem en dat is werken met meerdere accesspoints. De oplossing die momenteel het meest in de belangstelling staat én toegespitst is op gebruik door consumenten, zijn de mesh-systemen. Deze bestaan uit twee of meer accesspoints die samen één draadloos netwerk vormen en die zo een grotere ruimte van een beter signaal kunnen voorzien. Roaminggebruik gaat ineens ook beter en de configuratie gebeurt vaak zeer vriendelijk via een app. Technische kennis is er niet voor nodig. Toch lost ook een mesh-systeem niet alle problemen op. Doordat de communicatie tussen de accesspoints bij de meeste mesh-systemen draadloos is, zullen de prestaties altijd lager zijn dan technisch mogelijk is. Ook is – om het beheer makkelijk te houden – het aantal configureerbare opties vaak erg beperkt.

©PXimport

Prosumer

Omdat ze de beperkingen van routers en wifi-systemen voor consumenten zat zijn, kijken steeds meer gebruikers naar zakelijke netwerkoplossingen. Ze ervaren op het werk of in een hotel dat je wel degelijk grote gebouwen van een stabiel en snel draadloos netwerk kunt voorzien. Ze zien dan echter zonder uitzondering apparatuur hangen die ze niet in de gewone winkel of webshop tegenkomen. Gespecialiseerde handelaren kennen die oplossingen echter wel en weten dat deze steeds meer ook geschikt zijn voor de ‘prosumer’: de goed onderlegde consument die niet terugdeinst voor enig configuratiewerk of daar zelfs uit liefhebberij in is geïnteresseerd. En die bovendien ook bereid is meer te betalen voor een betere oplossing. Want zakelijke netwerksystemen zijn zonder uitzondering duurder dan de gewone consumentenhardware.

Mogelijkheden producten

Maar de zakelijke netwerkoplossingen wijken niet alleen wat de prijs betreft af van wat consumenten gewend zijn. Zo is er veel meer specialisatie wat de hardware betreft. De router is een router en niet ook een switch en accesspoint, zoals ook de switch alleen een switch is en het accesspoint alleen een accesspoint. Hierdoor zijn er natuurlijk meer apparaten nodig voor dezelfde functionaliteit, maar de specialisatie heeft ook voordelen. Elk onderdeel kan heel specifiek voor zijn taak worden ontworpen en zal mogelijk beter of efficiënter presteren en in elk geval veel meer opties bieden om de werking van het apparaat tot in de puntjes te regelen. Denk daarbij aan bandbreedtemanagement, meerdere ssid’s, een volledig aanpasbare gastenportal en naadloze roaming binnen het hele netwerk. Configuratie en onderhoud gebeurt daarbij liefst in één keer voor alle apparaten in het netwerk. Een aanpassing in de configuratie van het wifi-netwerk in één keer aan alle accesspoints toezenden in plaats van elk accesspoint apart te moeten aanpassen, bespaart tijd en verkleint vooral de kans op fouten.

De apparaten moeten ook ‘manageable’ zijn. Vooral bij de switches is dit belangrijk en lang niet standaard, integendeel – doorgaans bieden alleen de duurdere switches opties om deze tot op poortniveau te configureren. Daarbij geven de zakelijke oplossingen ook meer inzicht in wat er gebeurt op het netwerk, welke apparaten er verbonden zijn en hoeveel dataverkeer die verbruiken. In het verlengde hiervan bieden de zakelijke oplossingen meer mogelijkheden voor het instellen van zelf te bepalen waarschuwingen.

©PXimport

Kabels

Een ander verschil bij zakelijke netwerksystemen is de voorkeur voor aansluiting via een netwerkkabel. Dat kan een standaard ethernetkabel zijn, maar eventueel ook glasvezel. In elk geval niet draadloos, dat geldt binnen zakelijke netwerken als ‘alleen geschikt voor de verbinding tussen accesspoint en mobiel apparaat’. Alle andere verbindingen moeten betrouwbaar en voorspelbaar presteren en dat kan alleen wanneer je de betreffende apparaten met netwerkkabels met de backbone van het netwerk verbindt.

Behalve de snelheid, biedt een netwerkkabel nog een belangrijk voordeel die zakelijke netwerkoplossingen bijna zonder uitzondering toepassen: Power over Ethernet (PoE). De netwerkkabel wordt dan behalve om het netwerkverkeer te transporteren ook gebruikt om het aangesloten apparaat, zoals een accesspoint, van elektriciteit te voorzien. Dit maakt het mogelijk elk apparaat op elke plek te installeren, ook als er geen stopcontact in de buurt is. Waar mogelijk gaat de functionaliteit van de zakelijke oplossing ook verder dan alleen het draadloze netwerk. Anders dan bij de mesh-systemen, vallen nu liefst ook routers en switches en andere netwerkapparaten zoals de nas en ip-camera’s erbinnen en zijn die centraal te beheren. En van al die apparaten wil je op één plek de meldingen en waarschuwingen ontvangen. Het zakelijke netwerk moet immers vooral geen verrassingen opleveren.

©PXimport

Dekking

Een wifi-systeem met meerdere accesspoints biedt de mogelijkheid een groter gebied (zoals een huis met meerdere verdiepingen en een tuin) overal van goede wifi-dekking te voorzien. Belangrijk is wel dat je de accesspoints op de juiste plek ophangt. Bedrijven zullen dit professioneel aanpakken en metingen laten doen om de impact van muren en staalconstructies zoals liften, op het wifi-signaal te meten. Thuis kun je zo’n meting zelf doen met een smartphone of tablet en een app die de signaalsterkte meet. Wi-Fi SweetSpots is zo’n app. Je kunt de app gebruiken door op verschillende plaatsen in huis de sterkte van het signaal te meten. Dat kan op specifieke punten maar ook terwijl je rondloopt. Wi-Fi SweetSpots toont de sterkte van het wifi-signaal en toont deze in een grafiek. Het is ook mogelijk de sterkte met een geluidssignaal te laten horen. Op deze manier ontdek je al snel de plekken waar het signaal zwak is of zelfs helemaal ontbreekt. Om de dekking op zo’n plek zonder signaal te verbeteren, kun je eerst proberen het huidige accesspoint te verplaatsen of net even anders op te hangen. Werkt dat niet, overweeg dan een extra accesspoint te plaatsen.

De enige echte oplossing voor wifi-problemen is werken met meerdere accesspoints.

-

Er zijn ook nadelen

De lijst met pluspunten van zakelijke netwerkapparatuur is lang. Geen wonder dus dat deze oplossingen steeds meer in de belangstelling staan, ook van niet-zakelijke gebruikers. Voordat je de oude router het huis uit doet en overstapt, is het wel belangrijk ook de nadelen te kennen.

Behalve de al eerder genoemde hogere prijs die ook nog voor meerdere losse apparaten moet worden betaald, is de vendor lock-in een risico. De kracht van zakelijke netwerksystemen berust erin dat alle apparatuur van hetzelfde merk is. Elke volgende aanschaf moet dus weer van dat merk zijn om in het systeem te passen. Dit maakt je kwetsbaar voor prijsverhogingen, veranderingen in licentievoorwaarden als die van toepassing zijn, of de grillen van de producent als die ineens een model dat nog naar tevredenheid werkt niet meer ondersteunt na een update van de centrale beheersoftware.

Een ander nadeel is dat zakelijke netwerkapparatuur ook al snel semi-professionele netwerkkennis vereist. Meer opties betekent meer denkwerk en vaker de noodzaak de juiste beslissing te nemen. Online forums en support van de leverancier zijn goede ondersteuning, maar zoals zo vaak geldt ook daar dat de kwaliteit van de input de output bepaalt. Het geduld met absolute beginners is – zeker op de online forums – vaak beperkt. Kun je die nadelen en risico’s overzien, dan kan een zakelijke netwerkoplossing de aanschaf zeker waard zijn.

Je kunt ook gedeeltelijk overstappen op een zakelijk systeem door enkel de wifi-accesspoints aan te schaffen. Die kun je dan aansluiten op je eigen router. Let er wel op dat de zakelijke accesspoints doorgaans via PoE gevoed worden, waarvoor je een speciale switch nodig hebt. Ubiquiti levert als alternatief bij elk accesspoint een PoE-injector mee en TP-Link een gewone losse voeding, waardoor je in beide gevallen geen speciale switch nodig hebt. Het geteste accesspoint van Netgear kun je optioneel via een voeding voeden, net als de D-Link DAP-2610. De D-Link DAP-3662 heeft geen ingang voor een aparte voeding en dus is daar PoE verplicht.

Een zakelijk netwerksysteem biedt meer opties om het netwerk volledig naar eigen wens in te richten. Bovendien komt het standaard met meerdere wifi-accesspoints waarmee je eindelijk wel het hele huis van goede wifi kunt voorzien. Maar hoe zit het met de nadelen en welk systeem is dan de beste keuze?

Wij testen vier zakelijke netwerkoplossingen van Ubiquiti, Netgear, TP-Link en D-Link die ook thuis niet misstaan. Het uitgangspunt van de test is het vergelijken van de vier systemen, waarbij we vooral letten op gebruiksgemak, mogelijkheden en het aanbod aan componenten. Uiteraard hebben we ook de snelheid van de geteste accesspoints getest, deze vind je ook terug in de tabel. Prijzen vergelijken van vier uiteenlopende systemen is weinig zinnig. Als alternatief hebben we de prijs voor een set van respectievelijk alleen twee accesspoints, twee accesspoints en een switch en twee accesspoints, een switch en een router in de tabel vermeld. Uitgangspunt zijn de laagste prijs voor elk soort apparaat per merk in de hier geteste productserie.

Ubiquiti UniFi

Ubiquiti Networks is misschien een relatief onbekende naam, toch levert het bedrijf al jaren meerdere series netwerkhardware. Daarvan staat vooral de UniFi-serie in de belangstelling bij wie thuis met een zakelijke netwerkoplossing aan de slag wil. De kracht van UniFi is een ruime keuze in hardware, gecombineerd met zeer krachtige en flexibele UniFi-controllersoftware voor discovery, configuratie en beheer.

Een 802.11ac-accesspoint is er vanaf zo’n 85 euro (UAP-AC-Lite). De voor configuratie benodigde software draait op Windows, Linux en macOS, maar veel interessanter is de installatie op een nas, een Raspberry Pi en vooral de eigen Ubiquiti Cloud Key. De Cloud Key is een minicomputer (12 x 4 x 2 cm) met een quadcore-processor en 2 GB RAM. Verbind de Cloud Key met een PoE-switchpoort en het werkt. Eventueel kan voeding ook via een micro-usb-poort. Via de browser of de UniFi-app voor iOS en Android kun je contact maken met de controller en alle UniFi-apparaten opsporen, updaten en daarna configureren. De controller is behalve op het lokale netwerk ook via de online Ubiquiti-portal te bereiken. De login met gebruikersnaam en wachtwoord kan worden versterkt met tweefactorauthenticatie via de Google Authenticator-app.

De UniFi-software ziet er extreem gelikt uit, met een dashboard dat overzicht biedt over het hele netwerk. Hierin kun je inzoomen op wan, lan en wlan, een overzicht krijgen van alle apparaten en gebruikers waarop je ook weer kunt inzoomen. Je configureert hier ook je opties, en krijgt een groot aantal statistieken en doorsnedes van inrichting en gebruik van het netwerk. Een loginpagina voor gastgebruik laat zich met enkele klikken maken, net als de gast-gebruikersgroep en de bijbehorende policy om gasten bijvoorbeeld alleen toegang tot het internet te geven. Er zijn uitgebreide opties voor wifi-management zoals bandsteering om gebruikers zo veel mogelijk naar de 5GHz-band te verplaatsen, en voor naadloze roaming.

Ubiquiti biedt in de UniFi-serie behalve voip-telefoons en ip-camera’s, meerdere 802.11ac accesspoints, PoE-switches én als enige van de geteste oplossingen ook een router-firewall. Van deze UniFi Security Gateway is de kleine versie uitermate geschikt voor thuis. Met de USG in je netwerk worden ineens de toegang tot het netwerk en de beveiliging configureerbaar. Je kunt regels opstellen voor groepen of apparaten en je krijgt dankzij de deep packet inspection heel veel inzicht in het netwerk.

Je kunt de Ubiquiti UniFi-accesspoints uiteraard ook zonder aanvullende Ubiquiti-apparatuur gebruiken in combinatie met een andere router. Interessant om te weten is dan dat de losse UniFi-accesspoints inclusief een PoE-voeding verkocht worden, waardoor je niet per se een PoE-switch nodig hebt. De bundels die uit vijf accesspoints bestaan, worden overigens verkocht zonder die PoE-voedingen.

©PXimport

Ubiquiti UniFi

Adviesprijs
Ubiquiti Cloud Key € 85,00
Security Gateway € 115,00
UniFi Switch US-8-150W € 210,00
UniFi AP AC Lite € 83,00
UniFi AP AC Pro € 135,00
Websitewww.ubnt.com9Score90

  • Pluspunten

  • Controllersoftware en apps

  • Cloud Key

  • UniFi-producten

  • Community

  • Geen licentiekosten

  • Minpunten

  • Prijs componenten

  • USG nog geen OpenVPN

Netgear Insight

Netgear is een grote naam in netwerken, maar lijkt de ontwikkeling van eenvoudig te beheren zakelijke netwerken aanvankelijk wat gemist te hebben. Maar het bedrijf laat het er duidelijk niet bij zitten en heeft met Netgear Insight inmiddels een eerste versie klaar van een via een app eenvoudig te beheren set switches en accesspoints, die thuis zeker ook niet misstaan. Anders dan bij Ubiquiti, waar de controllersoftware ergens in het eigen netwerk aanwezig moet zijn, gebeuren configuratie en beheer bij Netgear via de cloud (Amazon). De Netgear Insight-app, beschikbaar voor iOS en Android, spoort nieuwe Insight-compatibele apparaten op en verbindt deze daarna met het netwerk. Daarna kun je de apparaten configureren en word je via meldingen op smartphone en tablet of e-mail geïnformeerd over belangrijke gebeurtenissen in het netwerk. Het aanbod aan Insight-compatibele apparaten is nog beperkt. Voor onze test gebruikten we een 8poorts-PoE-switch met twee SFP-poorten (zie kader) en twee WAC505-accesspoints. Allemaal werden ze probleemloos ontdekt en geconfigureerd, gemakkelijker kan echt niet.

Insight-switches met meer poorten zijn inmiddels aangekondigd, maar een router ‘nog’ niet. Die router zal er zeker moeten komen om van Insight een echt concurrerend product te maken. Wel ondersteunt Insight ook bepaalde modellen ReadyNAS-apparaten. Hiervan kan, nadat de nas is opgenomen in Insight via de app, de netwerkconfiguratie worden aangepast, de firmware geüpgraded en de app biedt informatie over gebeurtenissen en het opslaggebruik. Echt beheren zoals het inschakelen van services of het toevoegen van gebruikers is niet mogelijk.

De prestaties van de accesspoints zijn goed en doordat PoE wordt ondersteund, is het aansluiten erg eenvoudig. Wifi-netwerken laten zich eenvoudig inrichten, evenals een gastenportal waar een eigen welkomsttekst en gebruiksvoorwaarden geplaatst kunnen worden. De verdere configureerbare opties verschillen niet van wat we van Netgears draadloze routers gewend zijn zoals kanalen en radio’s, met nu wel bandbreedtebeheer en vlan’s als extra’s.

Netgear levert Insight als dienst en koppelt het aan een abonnement. Tot twee apparaten is gratis, daarna betaal je – afhankelijk van de abonnementsvorm – 5, 10 of 15 dollar per apparaat per jaar. Insight Basic, het goedkoopste abonnement, biedt volledige functionaliteit behalve toegang tot de webportal, dus dan moet alles via de app. Ook is terugkijken van logfiles beperkt tot 24 uur.

©PXimport

Netgear Insight

Adviesprijs
GC110P-100PES € 194,99 (switch)
WAC505 € 99,99 (accesspoint)
RN21200-100NES € 345,99 (nas)
Website https://insight.netgear.com7Score70

  • Pluspunten

  • Cloud-management

  • AppGebruiksvriendelijk

  • Gebruiksvriendelijk

  • Minpunten

  • Geen router

  • Abonnement

Optische verbinding

Vooral de semi-professionele switches beschikken naast over ethernet- ook over een of twee SFP-poorten. Hiermee kun je de apparaten onderling met glasvezelkabel verbinden. Dit is wel weer een wereld op zich, met verschillende soorten connectoren en transceivers die bovendien een compatibele firmware vereisen. Werkt het, dan krijg je er wel een snelle koppeling tussen de apparaten voor terug en speel je een of twee ‘normale’ switchpoorten vrij voor andere aansluitingen. Interesse? Begin bij de datasheet van de netwerkapparaten, want alleen wat echt compatibel is gaat ook echt werken.

©PXimport

TP-Link Auranet EAP

EAP is de afkorting van Enterprise Access Point en over deze producten vind je op de TP-Link website bij de consumentenproducten inderdaad niets. En toch zijn het ook voor thuisgebruikers uitermate interessante én betaalbare producten. Daarbij heeft TP-Link een goede naam, die het bedrijf een flinke installed base heeft bezorgd bij thuisgebruikers en zakelijke klanten. De EAP-producten behoren tot de ‘software managed accesspoints’ en behalve accesspoints kan je met de bijbehorende EAP Controller-software inderdaad geen andere apparaten zoals routers of switches beheren. Alle EAP-accesspoints ondersteunen PoE, maar TP-Link levert losse voedingen mee voor wie geen PoE-switch of -router heeft.

De EAP-controllersoftware is beschikbaar voor Linux en Windows. Doordat verreweg de meeste functionaliteit ook op de accesspoints wordt opgeslagen en uitgevoerd, is het maar voor een zeer gering aantal functies nodig dat de pc ook echt aanstaat. Dat geldt natuurlijk voor het centrale beheer en zaken als firmware-upgrades (niet automatisch!) en het wijzigen van configuraties, en verder alleen voor de zaken als authenticatie van gebruikers via een externe services of wanneer met vouchers voor gastgebruik wordt gewerkt. Alle overige functies werken altijd en worden alleen via de controllersoftware beheerd. Dat de EAP-controller op een lokale pc of server draait, betekent wel dat standaard geen remote-beheer mogelijk is.

Dat beheer gaat prima met de EAP-controllersoftware. De software, eigenlijk een webservice waar je met de browser op inlogt, werkt vlot en logisch en is gebruiksvriendelijk. Nadat eerst het beheeraccount is aangemaakt en voorzien van een wachtwoord, worden de accesspoints opgespoord. Deze kun je via een adoptie opnemen in het netwerk en voorzien van centraal ingestelde opties, zoals de wifi-netwerken, wachtwoorden, beveiliging en ook een gebruikersportal. Er zijn ook geen bijkomende licenties, de software is gratis ongeacht het aantal beheerde accesspoints. Gezien de snelheid en het gemak is het jammer dat TP-Link niet ook andere producten aan de EAP-serie toevoegt dan alleen accesspoints. Een app om de EAP-systemen te beheren is in ontwikkeling en wordt komende zomer verwacht.

©PXimport

TP-Link Auranet EAP

Adviesprijs
EAP245 € 74,99 (accesspoint)
EAP330 € 149,99 (accesspoint)
Websitewww.tp-link.com/nl7Score70

  • Pluspunten

  • Software

  • Gebruiksvriendelijk

  • Weinig netwerkkennis nodig

  • Geen licenties

  • Minpunten

  • Geen router

  • Geen switch

  • (Nog) geen app

  • Geen remote-beheer

  • Pc nodig

Power-over-Ethernet

Power over ethernet, of kortweg PoE, is een techniek om elektriciteit door te geven via de netwerkkabel. Stroom én data gaan dus gelijktijdig door dezelfde verbinding; een stopcontact net als een voedingsadapter zijn niet meer nodig. PoE is vooral geschikt voor het aansluiten van kleine netwerkapparaten zoals ip-camera’s, voip-telefoons en wifi-accesspoints. Om een apparaat via PoE van elektriciteit te voorzien, moeten zowel het betreffende apparaat als het netwerkapparaat waarop het wordt aangesloten (soms een router en meestal een switch) PoE ondersteunen. Er zijn verschillende IEEE-standaarden voor PoE die verschillende aderparen in de ethernet-kabel voor overdracht van de elektriciteit gebruiken. Afhankelijk van de standaard kan één PoE-poort tot 100 watt leveren, maar 40 watt komt het meest voor. Belangrijk is PoE-apparatuur op onderlinge compatibiliteit te controleren.

©PXimport

D-Link DAP

Van de twee componenten waar een zakelijk netwerksysteem minimaal uit bestaat, heeft D-Link er één op orde en één helemaal niet. Met de hardware is niets mis, het probleem zit bij de software: de Central WifiManager. Het is lang geleden dat we zo’n matig programma moesten gebruiken.

Net als de controller van TP-Link bestaat ook de WifiManager van D-Link uit een webserver waar je met de browser contact mee maakt. Maar alleen met de server kom je er niet, er is ook nog een AP installation utility for CWM nodig om de accesspoints te vinden en aan de Central WifiManager te koppelen. En daarvoor moet dan nog weer voor elk model accesspoint een module worden gedownload en daarna in de server worden geüpload. Al met al vooral heel veel gedoe en zonder de handleiding vaak niet te doen. En dat geldt ook voor het verdere gebruik: het is weinig intuïtief, en wanneer je even afwijkt van hoe D-Link het heeft bedacht, werkt het direct niet meer.

De magere kwaliteit van de software doet helaas echt afbreuk aan de prima hardware. Daar is namelijk niets mis mee, beide geteste accesspoints voldoen prima en bieden uitgebreide functionaliteit. Behalve een goed signaal en de mogelijk via de software – dat wel – van meerdere accesspoints één netwerk te maken, kun je natuurlijk ook per accesspoint meerdere ssid’s opgeven, meerdere netwerken bouwen, gebruikers op basis van capaciteit naar de 5GHz-band verplaatsen en nog veel meer. Ook een gastenportaal is er en kan zelfs worden gekoppeld aan een PayPal-betaalsysteem.

Hoewel D-Link met deze accesspoints en de gratis Central WifiManager een werkbare oplossing heeft ook voor thuis, zal het vooral in grotere professionele omgevingen echt tot zijn recht komen.

©PXimport

D-Link DAP

Adviesprijs
DAP-2610 € 114,50 (accesspoint)
DAP-3662 € 262,95 (accesspoint)
Websitewww.dlink.com6Score60

  • Pluspunten

  • Hardware

  • Geen licenties

  • Minpunten

  • Software

  • Geen router

  • Geen switch

  • Geen app

  • Geen remote-beheer

  • Pc nodig

Conclusie

Dat zakelijke netwerkapparatuur interessant is voor gebruik thuis, hadden we al gezien, en de test van deze vier merken en sets bevestigt dat. Het is met alle vier mogelijk in relatief weinig tijd en met meer of minder netwerkkennis en doorzettingsvermogen een werkend en beter thuisnetwerk te maken. En niet alleen werkend, veel van de wensen en tekortkomingen van een standaard draadloze router worden ermee opgelost.

Het mooiste product komt zonder twijfel van Ubiquiti dat prima hardware combineert met prachtige software. TP-Link en Netgear doen daar wat voor onder, maar vallen vooral op doordat hun productaanbod minder uitgebreid is. Bij TP-Link is dat een bewuste keuze, bij Netgear wordt er hard aan gewerkt dat verschil weg te werken. Beide kunnen daardoor goede alternatieven zijn. D-Link doet met zijn software onrecht aan de hardware en kunnen we daardoor op dit moment niemand aanbevelen.

Alle testresultaten vind je hieronder in de tabel (.pfd).

©PXimport

▼ Volgende artikel
AMD hint naar komst van nieuwe Xbox in 2027
© Reshift Digital BV
Huis

AMD hint naar komst van nieuwe Xbox in 2027

AMD lijkt te hinten naar de mogelijkheid dat de volgende generatie Xbox-console in 2027 verschijnt.

Tijdens de bekendmaking van fiscale kwartaalcijfers meldde Lisa Su, de ceo van AMD, het volgende (via PC Mag): "Qua producten loopt Valve op schema om begin dit jaar de op AMD-technologie draaiende Steam Machine uit te brengen, en de ontwikkeling van Microsofts volgende generatie van Xbox met een deels op maat gemaakte SoC boekt progressie om een release in 2027 te ondersteunen."

Met SoC bedoelt Su 'system-on-a-chip', waarbij de meeste componenten die nodig zijn voor een computer of console op een allesomvattend circuit geplaatst worden. Dit is meestal de standaard bij spelcomputers.

2027 of later?

Microsoft kondigde eerder al aan dat het samen met AMD aan een nieuwe console werkt, maar een precieze releasedatum werd toen niet gegeven. Gezien Su's opmerking, lijkt AMD dus te verwachten dat de spelcomputer in 2027 verschijnt.

Dit terwijl de PlayStation 6 - Sony's nieuwe console - volgens geruchten mogelijk intern wordt uitgesteld zodat het pas later dit decennium verschijnt. Dit deels vanwege de stijgende kosten voor RAM in verband met de benodigdheden voor het draaiende houden van AI in combinatie met het huidige economische milieu. Officieel is niet bekend wanneer de PS6 uit moet komen, maar in deze column stelden we onlangs dat het geen slecht idee is om de console pas over een aantal jaar uit te brengen.

Wat weten we over de nieuwe Xbox?

Microsoft bevestigde eerder al dat de volgende Xbox veel eigenschappen zal delen met pc's. Zo zouden er meerdere gamewinkels op beschikbaar komen naast de Xbox Store zelf - net zoals de uitgekomen ROG Xbox Ally dus. Dat zou betekenen dat bijvoorbeeld Steam en Epic Games Store ook op het apparaat te bezoeken zijn, en er via die weg pc-games gekocht kunnen worden.

Begin dit jaar kwamen er ook geruchten naar buiten dat de nieuwe Xbox-interface zou draaien op de Full Screen Experience van de Xbox pc-app, dat onderdeel uitmaakt van Windows. De volgende Xbox zou volgens geruchten draaien op de AMD Magnus APU, die inderdaad CPU en GPU in één chip combineert.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

▼ Volgende artikel
Je NAS veilig bereiken via een VPN-server, Tailscale of Cloudflare-tunnel
© ER | ID.nl
Huis

Je NAS veilig bereiken via een VPN-server, Tailscale of Cloudflare-tunnel

Wil je een NAS op afstand gebruiken, dan doe je dat liefst natuurlijk veilig. Bijvoorbeeld door een VPN-server op te zetten, of een tunnel met extra toegangscontrole. Hiervoor zijn diensten als Tailscale en Cloudflare heel geschikt. In deze masterclass nemen we de beste opties met je door. We leggen uit wat de voor- en nadelen zijn en hoe je ze kunt gebruiken in combinatie met een NAS.

Een NAS is breed inzetbaar en bij veel huishoudens de spil in het netwerk. Je kunt niet alleen je documenten centraal bewaren, maar ook bijvoorbeeld media streamen naar je tv, foto’s bekijken op je tablet en talloze extra toepassingen installeren. Heb je (een deel van) deze toepassingen ook af en toe op afstand nodig? Het openzetten van een poortje in de router of het gebruik van een reverse proxy kan daarvoor een prima optie zijn. Maar publieke toegang is niet altijd nodig. Er zijn betere opties als je vooral voor jezelf goed beveiligde externe toegang tot je NAS nodig hebt. Een eenvoudige optie is een cloudservice van de fabrikant, zoals Synology QuickConnect. Betere en veiligere opties zijn een VPN-server met een protocol als OpenVPN of WireGuard, Tailscale (dat op de achtergrond met WireGuard werkt) of een Cloudflare-tunnel. In deze masterclass leggen we uit hoe je ze gebruikt. Wat je kiest, hangt ook af van je doel. Bij elke optie behandelen we de eventuele beperkingen. Voordat je begint, is het ook verstandig de beveiliging van je NAS nog even door te lichten (zie kader).

Optimale beveiliging voor je NAS

Bij het openstellen van je NAS is een goede beveiliging extra belangrijk. Ongeoorloofde toegang tot je NAS zul je altijd willen voorkomen. Gebruik altijd sterke wachtwoorden voor je gebruikersaccounts. Deactiveer bovendien de algemene accounts zoals admin en guest. Zet tweestapsverificatie aan. Hierbij wordt na het inloggen om een extra toegangscode gevraagd die je kunt genereren met een app op je smartphone. Op vertrouwde apparaten hoef je dat maar één keer te doen. Bij Synology vind je deze opties in je configuratiescherm, onder Beveiliging / Account. Je kunt kiezen voor welke gebruikers dit moet worden ingeschakeld. Bij QNAP ga je hiervoor in je configuratiescherm naar Systeem / Beveiliging. Open dan het tabblad Verificatie in 2 stappen. Maak ook gebruik van de ingebouwde firewall van je NAS, waarin je toegangsregels kunt instellen! In deze masterclass geven we daar tips voor. Zorg ten slotte dat je een goede back-upstrategie hebt voor de bestanden op je NAS.

Het is verstandig om tweestapsverificatie aan te zetten op je NAS.

Wat is een cloudservice?

Via een cloudservice kun je toegang tot een NAS vereenvoudigen door een soort tunnel op te zetten. Bij Synology heet dit QuickConnect, QNAP noemt het myQNAPcloud link. Hierbij wordt vanaf de NAS een uitgaande verbinding opgezet met een server, waardoor het firewalls omzeilt (ook die in je NAS!). De NAS geef je een herkenbare naam, ook wel QuickConnect ID of QNAP ID genoemd, die je ook gebruikt om te verbinden. Hierbij wordt eerst geprobeerd rechtstreeks verbinding te maken, wat ook het meest efficiënt is. Als dat mislukt, wordt de verbinding automatisch omgeleid via een relayserver, die als tussenpersoon het verkeer doorstuurt. De snelheid kan dan minder hoog zijn. We noemen hieronder alleen de dienst van Synology, omdat het een betere bescherming biedt en een betere reputatie heeft dan myQNAPcloud link. Zorg wel altijd zelf voor een goede basisbeveiliging. Overweeg veiligere methoden zoals een VPN of Tailscale. Het is veiliger en je bent niet afhankelijk van andere partijen (zoals een relayserver).

Diensten als myQNAPcloud link creëren een soort tunnel naar je NAS.

Synology QuickConnect

Bij Synology QuickConnect koppel je eerst je NAS aan een Synology-account. Daarna kun je een QuickConnect ID kiezen. Je NAS is daarna bereikbaar vanuit de Synology-apps of een browser via het adres https://quickconnect.to/ met daarachter de QuickConnect ID. Dit werkt ook bij een dynamisch ip-adres, dus je hoeft niet apart een Dynamic DNS-functie (DDNS) te gebruiken. Om QuickConnect te gebruiken open je Configuratiescherm. Ga dan naar Externe toegang. Zet een vinkje bij QuickConnect inschakelen. Hierna moet je je aanmelden met je Synology-account of een nieuw account maken. Vervolgens kies je een QuickConnect ID. Via de instellingen kun je nog kiezen of de relayserver mag worden gebruikt en welke toepassingen via QuickConnect toegankelijk zijn.

Via de instellingen kies je welke toepassingen toegankelijk moeten zijn.

Wat is VPN?

Door een VPN-server te installeren, heb je een ideale voorziening om op afstand je netwerk te bereiken en alle apparaten op dat netwerk, zoals je NAS, netwerkprinters en camera’s. Je installeert de VPN-server op één systeem, zoals een router, server, Raspberry Pi of je NAS. Bij Synology kun je bijvoorbeeld standaard met OpenVPN werken en QNAP ondersteunt het snellere WireGuard. We laten zien hoe je deze opties gebruikt. Na inloggen heb je volledige toegang tot je netwerk en alle toepassingen in het netwerk, alsof je rechtstreeks op het netwerk zit. Voor toegang tot bestanden op je NAS werken daarom alle protocollen als smb, nfs en WebDAV en toepassingen als Synology Drive en QNAP File Station. Je hoeft geen poorten in je router open te zetten, behalve een enkele poort naar de VPN-server.

Bij QNAP kun je standaard werken met WireGuard.

OpenVPN op Synology

Om je Synology-NAS als VPN-server in te zetten, kun je de toepassing VPN Server installeren via Package Center. Gebruik je een firewall, controleer dan of de benodigde poorten toegankelijk zijn. Bij de installatie kun je die aanpassing via een venster direct doorvoeren. Afhankelijk van het protocol moet je ook nog één of meerdere poorten doorsturen van je router naar je NAS. De toepassing ondersteunt PPTP, OpenVPN en L2TP/IPSec. Eigenlijk is vooral OpenVPN interessant. Het is veilig en stabiel, maar niet zo snel als WireGuard. Ook geeft het soms wat uitdagingen bij het opzetten van de verbinding.

Synology ondersteunt meerdere protocollen, waaronder OpenVPN.

Activeren OpenVPN

Om OpenVPN te gebruiken open je VPN Server. Ga dan naar OpenVPN. Zet een vinkje bij OpenVPN-server inschakelen. Bij Dynamisch ip-adres zie je het subnet dat OpenVPN gebruikt. De verbonden clients krijgen een ip-adres in dat bereik. Bij Poort en Protocol zie je dat standaard udp-poort 1194 wordt gebruikt. Die poort moet je doorsturen van je router naar je NAS. Controleer of de poort toegankelijk is in de firewall van je NAS. Voor een goede balans tussen snelheid en veiligheid kun je bij Codering bijvoorbeeld AES-128-CBC kiezen en bij Verificatie de optie SHA256. De optie Compressie op de VPN-koppeling inschakelen mag uit, omdat het weinig snelheidswinst geeft. Zet de optie Clients toegang geven de LAN-server aan, zodat je andere apparaten in je thuisnetwerk kunt bereiken. Zet ook de optie Verifieer TLS auth-sleutel aan. Klik op Toepassen om de instellingen te activeren. Je kunt nu clients gaan configureren.

Bij OpenVPN kun je zelf nog enkele instellingen kiezen.

Profiel voor OpenVPN

Ga naar OpenVPN en kies Configuratie exporteren om het configuratiebestand te exporteren als zip-bestand. Hierin vind je een .ovpn-bestand dat je nodig hebt voor toegang. Je hebt ook een gebruikersaccount nodig bij het inloggen. Onder Rechten kun je aanvinken welke gebruikers toegang hebben en via welke protocollen. Maak eventueel een nieuwe gebruiker voor alleen de VPN-verbinding! Open het bestand VPNConfig.ovpn met een teksteditor. Omdat je de VPN-server extern wilt gebruiken, verander je in onderstaande regel YOUR_SERVER_IP naar je ip-adres van je internetverbinding of de hostnaam als je bijvoorbeeld Dynamic DNS gebruikt. Synology ondersteunt ook Dynamic DNS en geeft bijvoorbeeld een naam.synology.me-adres. Je kunt het activeren in je configuratiescherm onder Externe toegang / DDNS. Het gaat om deze regel:

remote YOUR_SERVER_IP 1194

Je ziet ook de onderstaande optie. Haal hier eventueel het commentaarteken weg als je wilt dat ál het verkeer, dus ook het normale internetverkeer, via de VPN-server gaat. Dat geeft minder goede prestaties, maar is wel veiliger als je bijvoorbeeld een openbare wifi-hotspot gebruikt. Dit is de regel waar je het commentaarteken weg kunt halen:

#redirect-gateway def1

Gebruik dit profiel om verbinding te maken vanaf andere apparaten. Zet hierbij de optie aan dat zonder certificaat verbinding mag worden gemaakt.

WireGuard op QNAP

We zullen laten zien hoe je WireGuard op je QNAP-NAS gebruikt in combinatie met een Windows-client. Voor meer informatie over WireGuard en het opzetten van een aparte VPN-server verwijzen we je naar een eerder artikel dat je kunt lezen via www.kwikr.nl/wgvpn waarin dat uitgebreid aan bod komt. Zorg bij QNAP dat de toepassing QVPN Service is geïnstalleerd via App Center. Open dan de toepassing en ga naar WireGuard. Zet een vinkje bij WireGuard VPN-server inschakelen. Vul een naam in achter Servernaam. Klik achter Persoonlijke sleutel op Codeparen genereren. Noteer de waarde bij Openbare sleutel: die is straks nodig bij de configuratie van clients. Achter Luisterpoort zie je de poort (udp) die je moet doorsturen in de router. Bij DNS Server vul je een openbare DNS-server in (zoals 8.8.8.8) óf een DNS-server in je lokale netwerk. Klik op Toepassen om de instellingen te bewaren. Klik op Peer toevoegen. Hier kun je clients toevoegen (zie volgende stap).

De instellingen voor WireGuard bij een NAS van QNAP.

Client instellen

Elk apparaat dat verbinding met WireGuard maakt, is een zogenoemde peer. Voor het toevoegen van een apparaat kies je bij QNAP de optie Peer toevoegen. Vul een herkenbare naam in. De waarde bij Openbare sleutel komt bij deze ‘peer’ vandaan, die gaan we nu eerst instellen. Installeer en open de Windows-client en kies de optie Add Empty Tunnel. Er worden een privé- en openbare sleutel gegenereerd. Er opent een configuratiebestand met de privésleutel waarin je onder andere deze twee regels ziet:

[Interface]

PrivateKey = +MSQ3D2+M71SotRrWC3hnPyzYSTWNuaxWwc920=

Vul deze configuratie verder aan zoals in het voorbeeld hieronder. Bij Address kies je een vrij ip-adres binnen het VPN-subnet, dat nog niet door een andere peer wordt gebruikt. Je kunt dit voor elke client ophogen, dus 198.18.7.2/32, 198.18.7.3/32, en zo verder. Belangrijk is dat je bij PublicKey de openbare sleutel die QNAP laat zien invult. Bij Endpoint vervang je ipadres door het ip-adres (of de hostnaam) van je internetverbinding thuis. Dit is de configuratie die je moet aanpassen:

[Interface]

PrivateKey = +MSQ3D2+M71SotRrWC3hnPyzYSTWNuaxWwc920=

ListenPort = 51820

Address = 198.18.7.2/32

DNS = 1.1.1.1

[Peer]

PublicKey = KsCc+cRucH4F8T3VdyatvZXjqvunEerBZapulE=

AllowedIPs = 0.0.0.0/0

Endpoint = ipadres:51820

Bewaar de configuratie met Save. Kopieer nu de waarde bij Public key van deze client. Je leest deze af in het hoofdvenster van WireGuard (zorg dat de bewuste tunnel is geselecteerd). Plak deze in QNAP bij Openbare sleutel bij de configuratie van deze peer. Je kunt nu verbinding maken met je Windows-client!

Voltooi de configuratie voor de Windows-client voor WireGuard.

Firewall instellen voor je NAS

Een firewall op je NAS biedt extra bescherming. Bij Synology open je daarvoor Configuratiescherm. Ga dan naar Beveiliging en open het tabblad Firewall. Zet een vinkje bij Firewall inschakelen en kies Toepassen. Bij Firewallprofiel kun je een profiel kiezen of bewerken. Kies Regels bewerken om het huidige profiel aan te passen. Begin met een regel die alle apparaten op het lokale netwerk toestaat. Kies bij die regel bij Poorten de optie Alles. Bij Bron-IP kies je Specifiek ip. Klik daarachter op Selecteren en kies Subnet. Je moet hier het netwerkbereik van je router kennen. In veel gevallen is dat iets als 192.168.1.0 met subnetmasker 255.255.255.0. Dit omvat dan alle adressen van 192.168.1.0 t/m 192.168.1.255. Voeg hierna nog specifieke regels toe voor toepassingen die van buitenaf toegang moeten hebben. In dit voorbeeld staan we bijvoorbeeld SSH toe vanaf een bepaald ip-adres. Heel belangrijk is dat je als laatste een regel toevoegt die alles blokkeert. De regels worden namelijk van boven naar beneden doorlopen en bij de eerste match stopt de verwerking. Het configuratiescherm van QNAP biedt ook een firewall, maar dat is meer een soort toegangsfilter. Voor uitgebreidere opties kun je QuFirewall installeren via App Center.

Het is raadzaam om de firewall op je NAS te gebruiken voor toegangsbeperking.

Wat is Tailscale?

Met Tailscale kun je een virtueel privénetwerk maken tussen al je apparaten. Dit gebeurt op basis van identiteit, met bijvoorbeeld een standaard Google-account voor autorisatie. Je kunt alle toegevoegde apparaten benaderen via een intern ip-adres of de toegekende hostnaam. Tailscale gebruikt dezelfde technologie als WireGuard, wat het snel, veilig en betrouwbaar maakt. Je hebt geen centrale server nodig en hoeft ook geen poorten in je router open te zetten. Wel moet je elk apparaat in principe afzonderlijk aan je privénetwerk toevoegen. Dat is eenvoudig, ook voor een NAS, zoals je hieronder ziet. Als alternatief kun je Tailscale ook op één apparaat in je netwerk installeren en dat apparaat als subnetrouter instellen, zodat je via dat ene systeem toegang hebt tot alle andere apparaten in je netwerk. In dat geval hoef je Tailscale niet op elk afzonderlijk apparaat te installeren. Meer uitleg over Tailscale vind je in dit artikel.

Met Tailscale kun je een privénetwerk voor je apparaten maken.

Eerste stappen

Ga naar https://tailscale.com en kies de optie Get started. Log in met een van de ondersteunde identiteitsproviders, bijvoorbeeld een standaard Google-account of een van de andere opties. Hierna wordt automatisch je Tailscale-netwerk, of kortweg tailnet, gemaakt. Dat is een soort privé-VPN-netwerkje waar jouw apparaten deel van uit gaan maken. Als je op een ander apparaat inlogt met datzelfde account, is het bereikbaar vanuit je andere apparaten in dit tailnet. Een gratis account ondersteunt tot drie gebruikers en honderd apparaten.

Log in bij Tailscale met bijvoorbeeld je Google-account.

Apparaten toevoegen

Het toevoegen van apparaten is eenvoudig. Het volstaat om de software te installeren en in te loggen met dezelfde identiteitsprovider. Om Tailscale bijvoorbeeld op een iPad te gebruiken, installeer je eerst de toepassing via de App Store. Hierbij wordt een VPN-configuratie voor je iPad gemaakt. Daarna log je in en zie je een lijst met apparaten in je privénetwerkje, waarbij je ook de namen af kunt lezen.

Op een iPad maakt Tailscale een VPN-profiel aan.

Tailscale op je NAS

Je kunt Tailscale ook op een NAS installeren. Bij Synology zoek je daarvoor in Package Center naar Tailscale. Bij QNAP kun je in App Center terecht. Installeer en open de toepassing. Er wordt gevraagd om in te loggen, waarbij je weer hetzelfde account als hiervoor gebruikt. Zet daarna de verbinding op via Connect. Als je nog een keer de Tailscale-app opent, kun je details zien over het bewuste apparaat, zoals het ip-adres en de hostnaam die je kunt gebruiken om verbinding te maken.

Tailscale is als pakket beschikbaar voor Synology en QNAP.

Wat is een Cloudflare-tunnel?

Bij een Cloudflare-tunnel installeer je op één systeem in je netwerk (bijvoorbeeld je NAS) een klein programma, dat van binnenuit een versleutelde verbinding opzet naar Cloudflare. Daarna kun je toepassingen individueel toevoegen die deze tunnel mogen gebruiken. Daarbij kun je elke toepassing een eigen subdomein geven, zoals nas.domein.nl voor je NAS. De tunnel laat geen netwerkprotocollen zoals SMB en NFS door en WebDAV is een uitdaging. Het is vooral bedoeld voor webverkeer. Je kunt incidenteel wel bijvoorbeeld DS File gebruiken, voor het browsen door je bestanden en kleine uploads of downloads.

Bij Cloudflare kun je gratis een tunnel opzetten voor toegang op afstand.

Domein registreren

Log in bij Cloudflare met een bestaand account of maak een nieuw gratis account. Registreer een domeinnaam via Add / Register a domain of voeg een bestaand domein toe via Add / Connect a domain. In dat laatste geval moet je de DNS-instellingen bij je huidige provider aanpassen, zodat de nameservers naar die van Cloudflare verwijzen. Afhankelijk van de extensie betaal je bij Cloudflare vanaf zo’n 6 dollar per jaar (circa 6 euro) per domein. Je kunt een domein eventueel direct voor meerdere jaren registreren of voor automatische verlenging kiezen. Betalen kan met creditcard of PayPal. In je dashboard vind je je domein terug onder Domain registration / Manage domains.

Registreer tegen lage kosten een domein bij Cloudflare.

Tunnel voorbereiden

Ga via het menu aan de linkerkant naar Zero Trust. Klik dan op Networks en kies Tunnels. Klik op Create a tunnel. Selecteer de optie Cloudflared. Geef je tunnel een naam. Vervolgens moet je een zogeheten connector installeren op één systeem in je netwerk om een tunnel te maken. Alle toepassingen die je straks via de Cloudflare-tunnel gaat publiceren, moeten bereikbaar zijn vanaf dat systeem. Dat is meestal alleen een probleem bij gescheiden netwerken of strikte firewallregels. Installeer Cloudflared volgens de instructies op een systeem dat altijd aanstaat. Dat kan een server of Raspberry Pi zijn, maar óók je NAS, zoals we hieronder toelichten. Hierna komt de tunnel automatisch online.

Maak een tunnel via de website van Cloudflare.

Tunnel op Synology-NAS

Voor de installatie op een NAS heeft Cloudflare geen instructies, maar de procedure is relatief eenvoudig. Kopieer de opdracht die je ziet bij bijvoorbeeld de Windows-installatie en plak deze in een editor. Je ziet hierin een lange string van 184 tekens die meest begint met eyJh…. Dat is de benodigde token. Om Cloudflared op een Synology-NAS te installeren open je Package Center. Ga naar Gemeenschap en kies Cloudflare Tunnel. Klik op Installeren. Nu wordt om de token gevraagd. Je hoeft geen geavanceerde opties te kiezen. Na het voltooien van de installatie is je tunnel klaar voor gebruik.

Vul de token in bij de installatie van de software op je Synology-NAS.

Tunnel bij QNAP

QNAP biedt geen softwarepakket, maar je kunt Cloudflare wel vrij eenvoudig via Docker configureren en starten. Het is het makkelijkst om met Docker Compose te werken. Installeer indien nodig Container Station en open het programma. Ga dan naar Toepassingen en klik op Maken. Bij Naam van de toepassing vul je een herkenbare naam in, zoals cloudflared. Bij YAML-code vul je de onderstaande code in. Achter TUNNEL_TOKEN vul je uiteraard jouw token in. Klik dan op Maken om de tunnel te maken. Dit is de benodigde code:

version: "3"

services:

  cloudflared:

    image: cloudflare/cloudflared:latest

    container_name: cloudflared

    restart: unless-stopped

    network_mode: "host"

    command: tunnel run

    environment:

      - TUNNEL_TOKEN=eyJh...

Bij QNAP kun je Cloudflared het beste via Docker installeren.

Toepassing toevoegen

Je kunt nu elke toepassing via de tunnel beschikbaar maken met een uniek subdomein. Om zo’n zogeheten route aan te maken, ga je binnen Zero Trust naar Networks / Tunnels. Bij Status geeft het systeem als het goed is aan dat de tunnel gezond is. Open het menu (via de drie puntjes) en kies Configure. Ga dan naar het tabblad Published application routes. We nemen de webinterface van een NAS die lokaal bereikbaar is op https://10.0.10.200:5001. Bij Subdomain vul je bijvoorbeeld nas in. Bij Domain kies je een domein. Bij Type kiezen we HTTPS en bij URL vullen we 10.0.10.200:5001 in. Bij de optie HTTPS moet je oppassen. De NAS heeft in ons geval geen echt certificaat. Daarom is het belangrijk om onder Additional application settings / TLS de optie No TLS Verify aan te vinken. Cloudflare zal dan negeren dat het certificaat niet ondertekend is. Klik op Save. Er zal automatisch een DNS-record worden gemaakt en je kunt vrijwel direct op afstand je NAS benaderen.

We maken een route voor de NAS.

Extra beveiliging bij Cloudflare

Na het openstellen van een toepassing via een subdomein kan in feite iedereen die dat adres kent de toepassing benaderen, zoals de webinterface van je NAS. Of ze ook binnenkomen, hangt af van je beveiliging. Een NAS kun je zelf extra beveiligen, bijvoorbeeld met tweestapsverificatie. Maar je kunt toegang óók beperken via Cloudflare zelf. Je kunt bijvoorbeeld regelen dat alleen jij bij de tunnel mag, via een tijdelijke code die je per e-mail ontvangt, of door te verplichten dat je eerst moet inloggen met een specifiek Google-account.