ID.nl logo
De beste PoE-switches (Power over Ethernet) getest
© Reshift Digital
Huis

De beste PoE-switches (Power over Ethernet) getest

We testen netwerkswitches met vijf tot acht poorten, die stroom leveren via een gewone cat5-ethernetkabel met Power over Ethernet. Denk aan PoE-compatibele apparatuur zoals wifi-accesspoints, bewakingscamera’s en voip-telefoons. Zoek je debeste PoE-switch van het moment, lees dan verder.

Voor kleine netwerken, privé of in een thuiskantoor, volstaat een goedkopere switch met vijf à acht poorten die werkt in de tweede laag van het bekende OSI-netwerkmodel. Die zijn er vandaag de dag tegen een kleine meerprijs ook met Power over Ethernet (PoE).

Met een relatief dunne cat5-ethernetkabel van maximaal honderd meter kun je een netwerkapparaat dat zelf ook over PoE beschikt van stroom én netwerkverkeer voorzien.Voor de precies werking van PoE verwijzen we je graag door naar dit artikel: De voor- en nadelen van Power over Ethernet.

Soorten PoE-switches

In deze groepstest behandelen we uitsluitend switches die voldoen aan de PoE type-1- en/of PoE+-standaarden (respectievelijk 802.3af en 802.3at). Zo kun je niks verkeerd aansluiten: als het aangesloten apparaat niet het juiste signaal aan de switch doorgeeft, zal de switch geen stroom op de ethernetkabel zetten. Het verschil tussen de gewone PoE- en de plus-variant zit hem in het maximale wattage per apparaat: 15,4 watt voor de gewone en 30 watt voor de plus-standaard.

Daarnaast is ook het totale PoE-stroombudget van de switch van belang. Vaak is dat lager dan het totaal van de aanwezige PoE-poorten. De switch verdeelt de stroom zelfstandig over de aangesloten apparaten. Het is een goed idee om een PoE-apparaat met een grotere stroombehoefte op de eerste PoE-poort aan te sluiten en de rest in volgorde van het gewenste wattage aan de resterende PoE-poorten te koppelen.

De geteste switches zijn normale netwerkverkeerschakelaars die het mac-adres van elk netwerkpakket op elke poort analyseren. Power over Ethernet is gewoon een extra mogelijkheid. Netwerkswitches weten welke netwerkpakketten voor welke knooppunten bestemd zijn en sturen ze alleen door naar de poort waarop het bestemmingsstation is aangesloten. Dat werkt efficiënter dan een gewone, ‘domme’ netwerkhub die alle netwerkverkeer naar álle poorten doorstuurt.

Een beheerde switch kun je zelf configureren, in tegenstelling tot een gewone switch, die volledig automatisch werkt. Die beheerfunctie is niet altijd nodig; een onbeheerde switch zal bij het merendeel van de thuisgebruikers ook goed functioneren.

Met een iets duurdere ‘managed’ switch verleen je bepaalde soorten netwerkverkeer voorrang. Of je maakt één of meer virtuele netwerken (VLAN’s), zodat je verschillende types netwerkverkeer over aparte segmenten stuurt. Meestal kun je ook netwerkpoorten aan elkaar koppelen voor een hogere gecombineerde doorvoersnelheid.

Testmethode

Snelheidstesten hebben bij switches weinig zin. Zelfs als je alle poorten tegelijk maximaal belast, zal een switch dicht bij zijn opgegeven capaciteit presteren. Dat blijkt ook uit de informele client/serversnelheidstest die we probeerden: er was nooit een meetbaar snelheidsverschil met de geteste switches. Alle fabrikanten vermelden die capaciteit op dezelfde manier. Je vindt deze belangrijke cijfers dan ook terug in onderstaande de tabel.

De totale switching-capaciteit (ook wel backplane-bandbreedte genoemd) vermeldt de snelheid van de switch in Gbit/s. In de praktijk komt het erop neer dat een switch met meer poorten logischerwijze een hogere totale bandbreedte heeft (simpel gezegd: een snellere processor). Belangrijker is daarom de maximale snelheid van elke poort (de ‘line rate’), eveneens uitgedrukt in Gbit/s. Ten slotte is er de snelheid waarmee pakketten verwerkt worden, uitgedrukt in megapakketten of megaframes per seconde (Mpps/Mfps). We hebben punten gegeven op deze drie waarden.

Daarnaast geven we punten op ruim tachtig verschillende technische criteria, variërend van de grootte van de geheugenbuffer voor het schakelen van pakketten, over de ondersteuning van allerlei standaarden tot criteria zoals het geproduceerde lawaai en het maximale wattage per PoE-poort. Met deze cijfers berekenen we een gewogen oordeel en komen we uit op een sterrenscore.

©PXimport

D-Link DGS-1008P

©PXimport

De helft van de poorten van deze stevig gebouwde desktop-switch leveren elektriciteit via de netwerkkabel volgens de IEEE 802.3af en -at-standaarden. Dankzij de ondersteuning voor de recentere at-standaard (ofwel PoE+) kan de DGS-1008P via een gewone cat5-kabel bijna twee keer zoveel energie leveren als een PoE-type-1-switch met alleen 802.3af, namelijk 30 watt in plaats van 15,4 watt.

De forse externe voeding is voldoende krachtig voor een totaal PoE-stroombudget van 68 watt. De vier PoE+-poorten kunnen dus niet allemaal tegelijk het maximale poortwattage leveren. Uiteraard voert de switch zelf de nodige metingen uit op de aangesloten apparatuur voordat energie wordt geleverd; een gebruiker kan dus niets verkeerd aansluiten.

Dit is trouwens onbeheerde switch, die direct werkt zonder dat je iets hoeft te configureren via software of een browser. Een groepje veelkleurige leds op de voorkant naast de poorten toont wat er aangesloten is en of er eventuele problemen zijn. Je vindt de details terug in de installatiehandleiding, die ook een Nederlandstalig gedeelte bevat.

Deze switch voldoet aan de IEEE 802.3az-standaard ofwel Energy Efficient Ethernet (EEE). Die standaard bespaart energie door niet-actieve poorten af te koppelen, en door de lengte van de aangesloten kabel te meten en het stroomverbruik overeenkomstig te regelen.

D-Link DGS-1008P

7Score70

  • Pluspunten

  • Direct gebruiksklaar

  • Stil

  • Lange opgegeven levensduur

  • Minpunten

  • Forse externe voeding

Netgear GS305P

©PXimport

De GS305P is het goedkoopste model in een hele reeks onbeheerde (plug-and-play) PoE-switches van Netgear. Er zijn modellen met 5 tot 48 poorten, naar keuze P-types met gewone PoE (15,4 watt per poort) of PP-types met PoE+ (30 watt per poort). De GS305P heeft dezelfde afmetingen als de D-Link DGS-1008P, maar is nog enkele millimeters platter en enkele grammen lichter. De voeding is ook wat kleiner en lichter. Niettemin is de bouwkwaliteit onberispelijk, met een volledig metalen zwarte behuizing en alle nodige statusleds bij elke poort.

De eerste vier poorten leveren elektriciteit, met een totaal PoE-stroombudget van 55,5 watt (of 83 watt voor het PP-model) over een maximale cat5-kabellengte van honderd meter. De switch regelt zelf de verdeling van de stroom over de aangesloten apparatuur, waarbij de eerste poort voorrang krijg op poort twee enzovoort tot nummer vier. Is het totale stroombudget overschreden, dan wordt eerst de stroom op poort vier uitgeschakeld.

Via de leds zie je van welk apparaat de elektriciteit wordt uitgeschakeld, of minder dan zeven watt beschikbaar heeft. Je kunt niets verkeerd aansluiten, maar je hebt dus wel invloed op het PoE-verbruik: apparatuur die meer energie nodig hebben, sluit je bij voorkeur aan op de lager genummerde poorten. Ook deze switch voldoet aan de IEEE 802.3az-energiestandaard (EEE).

Netgear GS305P

7Score70

  • Pluspunten

  • Direct gebruiksklaar

  • Stil

  • PoE-troubleshooting via leds

  • Minpunten

  • Insight-app alleen voor registratie nuttig

TP-Link TL-SG108PE

©PXimport

De eerste vier poorten van deze kleine donkergrijze switch met acht poorten zijn IEEE 802.3af-poorten van maximaal 15,4 watt per poort. Het totale PoE-stroombudget is 55 watt, dus je kunt niet alle vier poorten maximaal belasten. De switch regelt dit allemaal zelf; je kunt niks verkeerd aansluiten. De grote externe voeding weegt overigens de helft van de switch zelf.

Je vindt de TL-SG108PE in het netwerk met de Easy Smart Configuration Utility. Daarmee wijzig je de ip-configuratie (vast in plaats van dhcp-toegewezen) en log je in op de beheerinterface. Deze app werkt alleen onder Windows. Gebruik je een ander besturingssysteem, dan kun je via een browser naar de beheerinterface, zodra je het ip-adres van de switch achterhaalt.

De switch is nog voorzien van de originele firmware uit 2018 en vraagt je helaas niet om de standaard inloggegevens admin/admin te wijzigen in iets veiligers. De recentste firmware is van eind 2019 en die voert wél die verplichting in. Nieuwe firmware download je van de supportwebsite en pas je handmatig toe via de beheerinterface.

Het beheer kan zoals gezegd via de browser of de Windows-app. De mogelijkheden van beiden zijn identiek, maar de app is gemakkelijker in een klein venster op de Windows-desktop te plaatsen. Je kunt twee groepen poorten aan elkaar koppelen: elke ‘trunk’ mag tussen de twee of vier poorten bevatten, zolang er geen gespiegelde poort tussen zit.

Je kunt immers de ene poort ‘mirroren’ op de andere om zo het netwerkverkeer te monitoren, naar keuze voor netwerkverkeer naar buiten, naar binnen of gecombineerd. Eigenschappen zoals een kabeltest, loopback-preventie, VLAN en prioritering zijn eveneens op poortniveau te configureren.

TP-Link TL-SG108PE

9Score90

  • Pluspunten

  • Betaalbaar

  • Levenslange garantie

  • Compact

  • Minpunten

  • Forse externe voeding

Ubiquity UniFi Switch 8-60W

©PXimport

Deze 8poorts-switch is niet veel groter dan een flinke mannenhand. De externe voeding is bijna half zo groot als de zilverkleurige, metalen switch zelf. Dat is nodig om genoeg energie te kunnen leveren. Vier poorten leveren elk tot 15,4 watt aan een verbonden netwerkapparaat, zolang dat voldoet aan de IEEE 802.3af-standaard. De switch detecteert dit zelf, zodat er geen ongelukken kunnen gebeuren.

Leds op de bovenkant tonen de lijnsnelheid en de eventuele activering van de PoE-functie. Het beheer gebeurt via de UniFi Controller-software, beschikbaar voor Linux, macOS en Windows. Deze tool spoort de switch in het netwerk op en start de managementinterface in de standaard browser, bij voorkeur Chrome of Firefox. Je kan ook ssh gebruiken. UniFi geeft de switch zelf een sterk ssh-wachtwoord, al kun je dit weigeren, maar dat is omwille van de veiligheid geen goed idee.

De UniFi Controller, die ook in het Nederlands werkt, beheert alle Ubiquity-apparaten in het netwerk: switches, security-gateway(s) en draadloze accesspoints. Omdat we maar één switch hoeven te beheren, kunnen we de meeste opties negeren. Eerst dien je de switch te ‘adopteren’ (het bedrijf bedoelt in gebruik nemen). Is er een firmware-update, dan krijg je die na de adoptie direct aangeboden. Klik op Adopteer en upgrade en wacht tot het proces is voltooid. Het duurt een minuut of vijf. Daarna kan je de switch beheren. Tijdens de upgrade knippert de led op de voorkant wit/blauw. Zodra het stabiel blauw brandt, kun je verder met het beheer.

Je kunt back-ups van je configuraties bewaren en herstellen. Er valt niet heel veel te beheren aan deze kleine switch. Je gebruikt de interface vooral om statistieken op te vragen. Geavanceerdere functies zijn beschikbaar in een netwerk waarin ook een apart verkochte UniFi Security Gateway (USG) hangt. Dan kan deze kleine switch bijvoorbeeld onderdeel zijn van een met de USG geconfigureerd VLAN. Ook is het dan mogelijk het geheel veilig via het internet te beheren (UniFi Hybrid Cloud).

Ubiquity UniFi Switch 8-60W

8Score80

  • Pluspunten

  • Stil

  • Compact

  • Minpunten

  • Forse externe voeding

  • Switch wordt zeer warm

Zyxel GS1200-5HP v2

©PXimport

De GS1200-5HP v2 is een brede, maar smalle en dunne 5poorts-switch met PoE+ en beheermogelijkheden. Hij bestaat ook in een 8poorts-versie en in goedkopere onbeheerde varianten. De zilverkleurige behuizing is gemaakt van licht, maar stevig aluminium. Het blijft natuurlijk een rechte blok, maar met een design dat niet opvalt in een klein kantoor of een woonkamer. De externe voeding is wel aan de forse kant.

Met een PoE-stroombudget van totaal 60 watt kun je er bijvoorbeeld tegelijk een draadloos accesspoint, een ip-camera en een voip-telefoon aan koppelen. Met behulp van poortgebaseerde Quality of Service-functie (maximaal vijf wachtrijen), igmp-snooping en VLAN-afscheiding optimaliseer en beveilig je netjes het netwerkverkeer. Poorten drie en vier koppel je desgewenst aan elkaar om bijvoorbeeld nas-verkeer te versnellen (maximaal 2 Gbit/s). Je kan ook de ene netwerkpoort spiegelen op een andere en die bewaken om bijvoorbeeld netwerkproblemen mee op te sporen.

Het beheer is door de fabrikant ingesteld op een vast netwerkadres (192.168.1.3). Je hebt daarom een pc of laptop nodig die je tijdelijk in hetzelfde ip-subnet plaatst om de webinterface van de switch te openen. De webinterface vraagt je direct om een nieuw, sterk wachtwoord te configureren. Daarna kun je de ip-configuratie aanpassen aan je thuisnetwerk (dhcp instellen is het eenvoudigst).

De Engelstalige beheerinterface is volledig menugestuurd. Hij start standaard met het System Information-overzicht waarin je in één oogopslag de ip-configuratie en individuele status van de poorten ziet. Alle andere opties (poortconfiguratie, VLAN, trunking, mirroring, Quality of Service, igmp-snooping en systeemopties) vind je elk op hun eigen pagina. Een eventuele firmware-update moet je zelf installeren, de switch haalt updates niet automatisch binnen. De energiebesparende EEE-functie (IEEE 802.3az) is ook aanwezig.

Zyxel GS1200-5HP v2

9Score90

  • Pluspunten

  • Overzichtelijk beheer

  • Discreet en stil

  • Veel mogelijkheden

  • Minpunten

  • Forse externe voeding

Conclusie

De Zyxel GS1200-5HP is goedkoop, heeft een onopvallend design en biedt veel mogelijkheden. Hij verdient het keurmerk Best getest. Wil je meer dan vijf poorten, dan biedt de iets goedkopere TP-Link TL-SG108PE veel van dezelfde mogelijkheden met een iets ingewikkeldere beheerinterface en een klassieker design. Deze PoE-switch krijgt het keurmerk Slimme koop.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.

▼ Volgende artikel
Xbox-presentatie toont Beast of Reincarnation en Kiln
Huis

Xbox-presentatie toont Beast of Reincarnation en Kiln

Tijdens de Xbox Developer Direct gisteren werden er naast Fable en Forza Horizon 6 ook twee andere games getoond: Game Freaks actie-rpg Beast of Reincarnation en de nieuwe Double Fine-game Kiln.

De Xbox Developer Direct werd gisterenavond uitgezonden en richt zich zoals elk jaar op het aan het woord laten van diverse ontwikkelaars. Daarbij lag de focus vooral op de studio Playground Games, en toonden zij de aankomende spellen Fable en Forza Horizon 6. Maar er werd meer getoond.

Beast of Reincarnation

Eén van de games die de revue passeerden, was Beast of Reincarnation. Deze actie-rpg speelt zich af in een post-apocalyptische versie van Japan. Daar gaan spelers op avontuur met Emma en Koo. Laatstgenoemde is een wolf die Emma vergezelt.

Het Japan in deze game wordt geteisterd door de 'Blight', en Emma en Koo moeten dit tegengaan door het op te nemen tegen krachtige vijanden genaamd Nushi en vervolgens hun krachten absorberen. Daarbij delen Emma en Koo een speciale connectie: wanneer Emma bijvoorbeeld een vijandelijke aanval tegenhoudt, zullen Koo's krachten zich opbouwen tot ze zogeheten Blooming Arts kan inzetten als aanval.

Beast of Reincarnation komt in de loop van aankomende zomer uit voor Xbox Series X en S, pc en PlayStation 5. Ook zal het spel meteen op Xbox Game Pass komen te staan. Opvallend daarbij is dat de game ontwikkeld wordt door Game Freak, dat vooral bekend is van de Pokémon-games. Game Freak zelf is echter onafhankelijk van Nintendo.

Watch on YouTube

Kiln

De andere game die tijdens de Xbox Developer Direct gisteravond werd getoond, is Kiln. Deze nieuwe game van Double Fine Productions - een studio bekend om zijn unieke spellen zoals Psychonauts, Keeper en Broken Age - betreft een online multiplayergame waarin spelers aardewerk creëren met klei om een kleine geest uitrusting te geven.

Spelers bepalen daarbij zelf het uiterlijk van het harnas van dit wezen. De potten waarin hij plaats kan nemen kunnen vervolgens ook gedecoreerd worden naar smaak. Wanneer de uitrusting af is, vecht men het uit in 4v4-gevechten. Daarbij moet wel gelet worden op de vorm van het aardewerk, want een grotere creatie maakt de speler logischerwijs ook langzamer.

Kiln komt ergens aankomend voorjaar uit voor Xbox Series-consoles, PlayStation 5 en pc, en zal op release ook meteen op Xbox Game Pass komen te staan. Geïnteresseerden kunnen zich alvast aanmelden voor een bètatest. Na de release van de game is het de bedoeling dat er nieuwe maps en modi aan het spel worden toegevoegd.

Watch on YouTube
Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.