ID.nl logo
De beste PoE-switches (Power over Ethernet) getest
© Reshift Digital
Huis

De beste PoE-switches (Power over Ethernet) getest

We testen netwerkswitches met vijf tot acht poorten, die stroom leveren via een gewone cat5-ethernetkabel met Power over Ethernet. Denk aan PoE-compatibele apparatuur zoals wifi-accesspoints, bewakingscamera’s en voip-telefoons. Zoek je debeste PoE-switch van het moment, lees dan verder.

Voor kleine netwerken, privé of in een thuiskantoor, volstaat een goedkopere switch met vijf à acht poorten die werkt in de tweede laag van het bekende OSI-netwerkmodel. Die zijn er vandaag de dag tegen een kleine meerprijs ook met Power over Ethernet (PoE).

Met een relatief dunne cat5-ethernetkabel van maximaal honderd meter kun je een netwerkapparaat dat zelf ook over PoE beschikt van stroom én netwerkverkeer voorzien.Voor de precies werking van PoE verwijzen we je graag door naar dit artikel: De voor- en nadelen van Power over Ethernet.

Soorten PoE-switches

In deze groepstest behandelen we uitsluitend switches die voldoen aan de PoE type-1- en/of PoE+-standaarden (respectievelijk 802.3af en 802.3at). Zo kun je niks verkeerd aansluiten: als het aangesloten apparaat niet het juiste signaal aan de switch doorgeeft, zal de switch geen stroom op de ethernetkabel zetten. Het verschil tussen de gewone PoE- en de plus-variant zit hem in het maximale wattage per apparaat: 15,4 watt voor de gewone en 30 watt voor de plus-standaard.

Daarnaast is ook het totale PoE-stroombudget van de switch van belang. Vaak is dat lager dan het totaal van de aanwezige PoE-poorten. De switch verdeelt de stroom zelfstandig over de aangesloten apparaten. Het is een goed idee om een PoE-apparaat met een grotere stroombehoefte op de eerste PoE-poort aan te sluiten en de rest in volgorde van het gewenste wattage aan de resterende PoE-poorten te koppelen.

De geteste switches zijn normale netwerkverkeerschakelaars die het mac-adres van elk netwerkpakket op elke poort analyseren. Power over Ethernet is gewoon een extra mogelijkheid. Netwerkswitches weten welke netwerkpakketten voor welke knooppunten bestemd zijn en sturen ze alleen door naar de poort waarop het bestemmingsstation is aangesloten. Dat werkt efficiënter dan een gewone, ‘domme’ netwerkhub die alle netwerkverkeer naar álle poorten doorstuurt.

Een beheerde switch kun je zelf configureren, in tegenstelling tot een gewone switch, die volledig automatisch werkt. Die beheerfunctie is niet altijd nodig; een onbeheerde switch zal bij het merendeel van de thuisgebruikers ook goed functioneren.

Met een iets duurdere ‘managed’ switch verleen je bepaalde soorten netwerkverkeer voorrang. Of je maakt één of meer virtuele netwerken (VLAN’s), zodat je verschillende types netwerkverkeer over aparte segmenten stuurt. Meestal kun je ook netwerkpoorten aan elkaar koppelen voor een hogere gecombineerde doorvoersnelheid.

Testmethode

Snelheidstesten hebben bij switches weinig zin. Zelfs als je alle poorten tegelijk maximaal belast, zal een switch dicht bij zijn opgegeven capaciteit presteren. Dat blijkt ook uit de informele client/serversnelheidstest die we probeerden: er was nooit een meetbaar snelheidsverschil met de geteste switches. Alle fabrikanten vermelden die capaciteit op dezelfde manier. Je vindt deze belangrijke cijfers dan ook terug in onderstaande de tabel.

De totale switching-capaciteit (ook wel backplane-bandbreedte genoemd) vermeldt de snelheid van de switch in Gbit/s. In de praktijk komt het erop neer dat een switch met meer poorten logischerwijze een hogere totale bandbreedte heeft (simpel gezegd: een snellere processor). Belangrijker is daarom de maximale snelheid van elke poort (de ‘line rate’), eveneens uitgedrukt in Gbit/s. Ten slotte is er de snelheid waarmee pakketten verwerkt worden, uitgedrukt in megapakketten of megaframes per seconde (Mpps/Mfps). We hebben punten gegeven op deze drie waarden.

Daarnaast geven we punten op ruim tachtig verschillende technische criteria, variërend van de grootte van de geheugenbuffer voor het schakelen van pakketten, over de ondersteuning van allerlei standaarden tot criteria zoals het geproduceerde lawaai en het maximale wattage per PoE-poort. Met deze cijfers berekenen we een gewogen oordeel en komen we uit op een sterrenscore.

©PXimport

D-Link DGS-1008P

©PXimport

De helft van de poorten van deze stevig gebouwde desktop-switch leveren elektriciteit via de netwerkkabel volgens de IEEE 802.3af en -at-standaarden. Dankzij de ondersteuning voor de recentere at-standaard (ofwel PoE+) kan de DGS-1008P via een gewone cat5-kabel bijna twee keer zoveel energie leveren als een PoE-type-1-switch met alleen 802.3af, namelijk 30 watt in plaats van 15,4 watt.

De forse externe voeding is voldoende krachtig voor een totaal PoE-stroombudget van 68 watt. De vier PoE+-poorten kunnen dus niet allemaal tegelijk het maximale poortwattage leveren. Uiteraard voert de switch zelf de nodige metingen uit op de aangesloten apparatuur voordat energie wordt geleverd; een gebruiker kan dus niets verkeerd aansluiten.

Dit is trouwens onbeheerde switch, die direct werkt zonder dat je iets hoeft te configureren via software of een browser. Een groepje veelkleurige leds op de voorkant naast de poorten toont wat er aangesloten is en of er eventuele problemen zijn. Je vindt de details terug in de installatiehandleiding, die ook een Nederlandstalig gedeelte bevat.

Deze switch voldoet aan de IEEE 802.3az-standaard ofwel Energy Efficient Ethernet (EEE). Die standaard bespaart energie door niet-actieve poorten af te koppelen, en door de lengte van de aangesloten kabel te meten en het stroomverbruik overeenkomstig te regelen.

D-Link DGS-1008P

7Score70

  • Pluspunten

  • Direct gebruiksklaar

  • Stil

  • Lange opgegeven levensduur

  • Minpunten

  • Forse externe voeding

Netgear GS305P

©PXimport

De GS305P is het goedkoopste model in een hele reeks onbeheerde (plug-and-play) PoE-switches van Netgear. Er zijn modellen met 5 tot 48 poorten, naar keuze P-types met gewone PoE (15,4 watt per poort) of PP-types met PoE+ (30 watt per poort). De GS305P heeft dezelfde afmetingen als de D-Link DGS-1008P, maar is nog enkele millimeters platter en enkele grammen lichter. De voeding is ook wat kleiner en lichter. Niettemin is de bouwkwaliteit onberispelijk, met een volledig metalen zwarte behuizing en alle nodige statusleds bij elke poort.

De eerste vier poorten leveren elektriciteit, met een totaal PoE-stroombudget van 55,5 watt (of 83 watt voor het PP-model) over een maximale cat5-kabellengte van honderd meter. De switch regelt zelf de verdeling van de stroom over de aangesloten apparatuur, waarbij de eerste poort voorrang krijg op poort twee enzovoort tot nummer vier. Is het totale stroombudget overschreden, dan wordt eerst de stroom op poort vier uitgeschakeld.

Via de leds zie je van welk apparaat de elektriciteit wordt uitgeschakeld, of minder dan zeven watt beschikbaar heeft. Je kunt niets verkeerd aansluiten, maar je hebt dus wel invloed op het PoE-verbruik: apparatuur die meer energie nodig hebben, sluit je bij voorkeur aan op de lager genummerde poorten. Ook deze switch voldoet aan de IEEE 802.3az-energiestandaard (EEE).

Netgear GS305P

7Score70

  • Pluspunten

  • Direct gebruiksklaar

  • Stil

  • PoE-troubleshooting via leds

  • Minpunten

  • Insight-app alleen voor registratie nuttig

TP-Link TL-SG108PE

©PXimport

De eerste vier poorten van deze kleine donkergrijze switch met acht poorten zijn IEEE 802.3af-poorten van maximaal 15,4 watt per poort. Het totale PoE-stroombudget is 55 watt, dus je kunt niet alle vier poorten maximaal belasten. De switch regelt dit allemaal zelf; je kunt niks verkeerd aansluiten. De grote externe voeding weegt overigens de helft van de switch zelf.

Je vindt de TL-SG108PE in het netwerk met de Easy Smart Configuration Utility. Daarmee wijzig je de ip-configuratie (vast in plaats van dhcp-toegewezen) en log je in op de beheerinterface. Deze app werkt alleen onder Windows. Gebruik je een ander besturingssysteem, dan kun je via een browser naar de beheerinterface, zodra je het ip-adres van de switch achterhaalt.

De switch is nog voorzien van de originele firmware uit 2018 en vraagt je helaas niet om de standaard inloggegevens admin/admin te wijzigen in iets veiligers. De recentste firmware is van eind 2019 en die voert wél die verplichting in. Nieuwe firmware download je van de supportwebsite en pas je handmatig toe via de beheerinterface.

Het beheer kan zoals gezegd via de browser of de Windows-app. De mogelijkheden van beiden zijn identiek, maar de app is gemakkelijker in een klein venster op de Windows-desktop te plaatsen. Je kunt twee groepen poorten aan elkaar koppelen: elke ‘trunk’ mag tussen de twee of vier poorten bevatten, zolang er geen gespiegelde poort tussen zit.

Je kunt immers de ene poort ‘mirroren’ op de andere om zo het netwerkverkeer te monitoren, naar keuze voor netwerkverkeer naar buiten, naar binnen of gecombineerd. Eigenschappen zoals een kabeltest, loopback-preventie, VLAN en prioritering zijn eveneens op poortniveau te configureren.

TP-Link TL-SG108PE

9Score90

  • Pluspunten

  • Betaalbaar

  • Levenslange garantie

  • Compact

  • Minpunten

  • Forse externe voeding

Ubiquity UniFi Switch 8-60W

©PXimport

Deze 8poorts-switch is niet veel groter dan een flinke mannenhand. De externe voeding is bijna half zo groot als de zilverkleurige, metalen switch zelf. Dat is nodig om genoeg energie te kunnen leveren. Vier poorten leveren elk tot 15,4 watt aan een verbonden netwerkapparaat, zolang dat voldoet aan de IEEE 802.3af-standaard. De switch detecteert dit zelf, zodat er geen ongelukken kunnen gebeuren.

Leds op de bovenkant tonen de lijnsnelheid en de eventuele activering van de PoE-functie. Het beheer gebeurt via de UniFi Controller-software, beschikbaar voor Linux, macOS en Windows. Deze tool spoort de switch in het netwerk op en start de managementinterface in de standaard browser, bij voorkeur Chrome of Firefox. Je kan ook ssh gebruiken. UniFi geeft de switch zelf een sterk ssh-wachtwoord, al kun je dit weigeren, maar dat is omwille van de veiligheid geen goed idee.

De UniFi Controller, die ook in het Nederlands werkt, beheert alle Ubiquity-apparaten in het netwerk: switches, security-gateway(s) en draadloze accesspoints. Omdat we maar één switch hoeven te beheren, kunnen we de meeste opties negeren. Eerst dien je de switch te ‘adopteren’ (het bedrijf bedoelt in gebruik nemen). Is er een firmware-update, dan krijg je die na de adoptie direct aangeboden. Klik op Adopteer en upgrade en wacht tot het proces is voltooid. Het duurt een minuut of vijf. Daarna kan je de switch beheren. Tijdens de upgrade knippert de led op de voorkant wit/blauw. Zodra het stabiel blauw brandt, kun je verder met het beheer.

Je kunt back-ups van je configuraties bewaren en herstellen. Er valt niet heel veel te beheren aan deze kleine switch. Je gebruikt de interface vooral om statistieken op te vragen. Geavanceerdere functies zijn beschikbaar in een netwerk waarin ook een apart verkochte UniFi Security Gateway (USG) hangt. Dan kan deze kleine switch bijvoorbeeld onderdeel zijn van een met de USG geconfigureerd VLAN. Ook is het dan mogelijk het geheel veilig via het internet te beheren (UniFi Hybrid Cloud).

Ubiquity UniFi Switch 8-60W

8Score80

  • Pluspunten

  • Stil

  • Compact

  • Minpunten

  • Forse externe voeding

  • Switch wordt zeer warm

Zyxel GS1200-5HP v2

©PXimport

De GS1200-5HP v2 is een brede, maar smalle en dunne 5poorts-switch met PoE+ en beheermogelijkheden. Hij bestaat ook in een 8poorts-versie en in goedkopere onbeheerde varianten. De zilverkleurige behuizing is gemaakt van licht, maar stevig aluminium. Het blijft natuurlijk een rechte blok, maar met een design dat niet opvalt in een klein kantoor of een woonkamer. De externe voeding is wel aan de forse kant.

Met een PoE-stroombudget van totaal 60 watt kun je er bijvoorbeeld tegelijk een draadloos accesspoint, een ip-camera en een voip-telefoon aan koppelen. Met behulp van poortgebaseerde Quality of Service-functie (maximaal vijf wachtrijen), igmp-snooping en VLAN-afscheiding optimaliseer en beveilig je netjes het netwerkverkeer. Poorten drie en vier koppel je desgewenst aan elkaar om bijvoorbeeld nas-verkeer te versnellen (maximaal 2 Gbit/s). Je kan ook de ene netwerkpoort spiegelen op een andere en die bewaken om bijvoorbeeld netwerkproblemen mee op te sporen.

Het beheer is door de fabrikant ingesteld op een vast netwerkadres (192.168.1.3). Je hebt daarom een pc of laptop nodig die je tijdelijk in hetzelfde ip-subnet plaatst om de webinterface van de switch te openen. De webinterface vraagt je direct om een nieuw, sterk wachtwoord te configureren. Daarna kun je de ip-configuratie aanpassen aan je thuisnetwerk (dhcp instellen is het eenvoudigst).

De Engelstalige beheerinterface is volledig menugestuurd. Hij start standaard met het System Information-overzicht waarin je in één oogopslag de ip-configuratie en individuele status van de poorten ziet. Alle andere opties (poortconfiguratie, VLAN, trunking, mirroring, Quality of Service, igmp-snooping en systeemopties) vind je elk op hun eigen pagina. Een eventuele firmware-update moet je zelf installeren, de switch haalt updates niet automatisch binnen. De energiebesparende EEE-functie (IEEE 802.3az) is ook aanwezig.

Zyxel GS1200-5HP v2

9Score90

  • Pluspunten

  • Overzichtelijk beheer

  • Discreet en stil

  • Veel mogelijkheden

  • Minpunten

  • Forse externe voeding

Conclusie

De Zyxel GS1200-5HP is goedkoop, heeft een onopvallend design en biedt veel mogelijkheden. Hij verdient het keurmerk Best getest. Wil je meer dan vijf poorten, dan biedt de iets goedkopere TP-Link TL-SG108PE veel van dezelfde mogelijkheden met een iets ingewikkeldere beheerinterface en een klassieker design. Deze PoE-switch krijgt het keurmerk Slimme koop.

▼ Volgende artikel
Dekbed in de wasdroger: helpt een tennisbal echt?
© ID.nl
Huis

Dekbed in de wasdroger: helpt een tennisbal echt?

Wanneer je je dekbed gewassen hebt, wil je dat het natuurlijk weer lekker dik en luchtig aanvoelt. Maar wanneer je hem gewoon in de droger gooit, kan de vulling gaan klonteren, zodat er dunne stukken en dikke stukken ontstaan. Dat slaapt niet echt lekker. Om dat te voorkomen, gooien veel mensen er een paar tennisballen bij. Helpt dat echt?

In dit artikel

Je leest wat tennisballen in de droger doen en bij welke dekbedden dat wel of juist minder goed werkt. We leggen uit hoeveel ballen je nodig hebt, waar je op let bij het type tennisbal en waarom voldoende ruimte in de trommel belangrijk is. Ook staan we stil bij alternatieven zoals speciale drogerballen en geven we praktische tips om je dekbed gelijkmatig te laten drogen en mooi in vorm te houden.

Lees ook: 9 veelgemaakte fouten bij het drogen van je was

Wat tennisballen in de droger doen

Tijdens het drogen raken de tennisballen telkens het dekbed. Dat helpt vooral bij dons en veren. Als die nat zijn, blijven ze aan elkaar plakken en zakt de vulling in. Door de constante beweging vallen die samengepakte delen weer uiteen, waardoor de vulling zich opnieuw verspreidt. Zo kan de warme lucht overal beter bij en droogt het dekbed gelijkmatiger. De droogtijd wordt er niet korter van, maar het dekbed komt wel duidelijk voller uit de droger.

Hoe vaak moet je je dekbed eigenlijk wassen?

Een dekbed hoeft niet vaak in de was. Voor de meeste mensen is één tot twee keer per jaar genoeg. Dat komt omdat het meeste vuil (denk bijvoorbeeld aan zweet of huidschilfers) niet in het dekbed zelf terechtkomt, maar in het dekbedovertrek. Dat overtrek was je regelmatig, meestal eens per één à twee weken. Het dekbed blijft daardoor relatief schoon.

Soms is vaker wassen wel logisch. Bijvoorbeeld als je veel zweet in je slaap, last hebt van een huisstofmijtallergie of het overtrek niet zo vaak verschoont. Ook na ziekte of bij zichtbare vlekken is een extra wasbeurt verstandig.

Hoe vaak je kunt wassen, hangt ook af van de vulling. Niet elk dekbed kan namelijk even goed tegen veel wasbeurten. Dons- en verendekbedden kunnen meestal in de wasmachine, mits je het waslabel volgt en ze daarna goed laat drogen. Synthetische dekbedden zijn in dat opzicht wat vergevingsgezinder en kunnen vaak vaker gewassen worden zonder dat de vulling daaronder lijdt.

Twijfel je of wassen echt nodig is? Dan is luchten een goed alternatief. Hang je dekbed regelmatig buiten of bij een open raam. Daarmee kun je een wasbeurt vaak nog maanden uitstellen.

View post on TikTok

Hoeveel tennisballen zijn genoeg?

Met één tennisbal in de wasdroger merk je vaak weinig, zeker bij een groot dekbed. Die verdwijnt al snel in de stof en heeft dan weinig effect. Met twee tot vier ballen werkt het beter, omdat ze het dekbed op meerdere plekken tegelijk in beweging houden. Zolang de ballen vrij kunnen bewegen en niet vast blijven zitten in de vulling, doen ze hun werk.

Kun je elke tennisbal gebruiken bij het drogen van een dekbed in de droger?

iet elke tennisbal is even geschikt. Vooral nieuwe of felgekleurde ballen kunnen bij hogere temperaturen kleur afgeven en kleine pluisjes verliezen van de vilten buitenlaag. Dat komt niet vaak voor, maar het risico is wel aanwezig. Gebruik je oudere tennisballen, dan is de kans hierop kleiner. Wil je dat verder beperken, dan kun je de ballen in een oude witte sok stoppen en die dichtknopen. Het effect blijft grotendeels hetzelfde, al is het iets minder uitgesproken dan met losse ballen.

Speciale drogerballen

Er bestaan ook speciale drogerballen van wol of kunststof. Die zijn bedoeld voor gebruik in de droger en geven geen kleur af. Ze doen hetzelfde als tennisballen: ze zorgen dat het dekbed tijdens het drogen in beweging blijft. Wolballen maken minder lawaai en zijn milder voor stoffen. Stop je je dekbed regelmatig in de droger? Dan kun je beter deze speciale bollen gebruiken in plaats van tennisballen.  

Geef het dekbed genoeg ruimte in de droger

Tennisballen helpen alleen als het dekbed voldoende ruimte heeft om te bewegen. Is de trommel te vol, dan draait alles als één geheel rond en gebeurt er weinig. Wil je grote tweepersoonsdekbedden drogen, dan heb je een droger met een ruime trommel nodig. Heb je die niet zelf? Kijk dan of er een wasserette bij je in de buurt is. Meer ruimte zorgt voor meer beweging en daarmee voor een beter eindresultaat.

Niet elk dekbed kan in de droger

Tennisballen hebben vooral effect bij dons- en verendekbedden. Bij synthetische vulling is dat verschil kleiner en kan de constante beweging van de ballen de vulling na verloop van tijd zelfs vervormen. Wol, zijde en andere natuurlijke materialen mogen meestal helemaal niet in de droger. Check daarom altijd eerst het waslabel voordat je het dekbed in de trommel legt.

Even tussendoor opschudden helpt

Haal het dekbed halverwege het programma even uit de droger en schud het los, alsof je het bed opmaakt. Leg het daarna omgedraaid terug in de trommel. Zo verdeelt de vulling zich opnieuw en kan het dekbed gelijkmatiger drogen.

Wat kun je van het eindresultaat verwachten?

Tennis- of drogerballen zijn vooral een hulpmiddel, geen vervanging voor de juiste drooginstellingen. Droog het dekbed niet te vaak of te heet: kies een lage of middelhoge temperatuur en selecteer een speciaal dons- of beddengoedprogramma als dat op je droger zit. Zorg ook voor voldoende ruimte in de trommel. Als je dan ook nog eens ballen laat meedraaien, heb je er alles aan gedaan om te zorgen dat je dekbed weer lekker vol uit de droger komt!

▼ Volgende artikel
SSD vs. HDD: waarom is een SSD zo veel sneller dan een harde schijf?
© arinahabich
Huis

SSD vs. HDD: waarom is een SSD zo veel sneller dan een harde schijf?

Waarom start een computer met een SSD binnen enkele seconden op, terwijl een oude harde schijf blijft ratelen? Het vervangen van een HDD door een SSD is de beste upgrade voor een trage laptop of pc. We leggen in dit artikel uit waar die enorme snelheidswinst vandaan komt en wat het fundamentele verschil is tussen deze twee opslagtechnieken.

Iedereen die zijn computer of laptop een tweede leven wil geven, krijgt vaak hetzelfde advies: vervang de oude harde schijf door een SSD. De snelheidswinst is direct merkbaar bij het opstarten en het openen van programma's. Maar waar komt dat enorme verschil in prestaties vandaan? Het antwoord ligt in de fundamentele technologie die schuilgaat onder de behuizing van deze opslagmedia.

De vertraging van mechanische onderdelen

Om te begrijpen waarom een Solid State Drive (SSD) zo snel is, moeten we eerst kijken naar de beperkingen van de traditionele harde schijf (HDD). Een HDD werkt met magnetische roterende platen. Dat kun je vergelijken met een geavanceerde platenspeler. Wanneer je een bestand opent, moet een fysieke lees- en schrijfkop zich naar de juiste plek op de draaiende schijf verplaatsen om de data op te halen. Dat fysieke proces kost tijd, wat we latentie noemen. Hoe meer de data op de schijf verspreid staat, hoe vaker de kop heen en weer moet bewegen en wachten tot de juiste sector onder de naald doordraait. Dit mechanische aspect is de grootste vertragende factor in traditionele opslag.

©Claudio Divizia

Flashgeheugen en directe gegevensoverdracht

Een SSD rekent definitief af met deze wachttijden omdat er geen bewegende onderdelen in de behuizing zitten. De naam 'Solid State' verwijst hier ook naar; het is een vast medium zonder rammelende componenten. In plaats van magnetische platen gebruikt een SSD zogenoemd NAND-flashgeheugen. Dat is vergelijkbaar met de technologie in een usb-stick, maar dan veel sneller en betrouwbaarder. Omdat de data op microchips wordt opgeslagen, is de toegang tot bestanden volledig elektronisch. Er hoeft geen schijf op toeren te komen en er hoeft geen arm te bewegen. De controller van de SSD stuurt simpelweg een elektrisch signaal naar het juiste adres op de chip en de data is direct beschikbaar.

Toegangstijd en willekeurige leesacties

Hoewel de maximale doorvoersnelheid van grote bestanden bij een SSD indrukwekkend is, zit de echte winst voor de consument in de toegangstijd. Een besturingssysteem zoals Windows of macOS is constant bezig met het lezen en schrijven van duizenden kleine systeembestandjes. Een harde schijf heeft daar enorm veel moeite mee, omdat de leeskop als een bezetene heen en weer moet schieten. Een SSD kan deze willekeurige lees- en schrijfopdrachten (random read/write) nagenoeg gelijktijdig verwerken met een verwaarloosbare vertraging. Dat is de reden waarom een pc met een SSD binnen enkele seconden opstart, terwijl een computer met een HDD daar soms minuten over doet.

©KanyaphatStudio

Van SATA naar NVMe-snelheden

Tot slot speelt de aansluiting een rol in de snelheidsontwikkeling. De eerste generaties SSD's gebruikten nog de SATA-aansluiting, die oorspronkelijk was ontworpen voor harde schijven. Hoewel dat al een flinke verbetering was, liepen snelle SSD's tegen de grens van deze aansluiting aan. Moderne computers maken daarom gebruik van het NVMe-protocol via een M.2-aansluiting. Deze technologie communiceert rechtstreeks via de snelle PCIe-banen van het moederbord, waardoor de vertragende tussenstappen van de oude SATA-standaard worden overgeslagen. Hierdoor zijn snelheden mogelijk die vele malen hoger liggen dan bij de traditionele harde schijf.

Populaire merken voor SSD's

Als je op zoek bent naar een betrouwbare en snelle SSD, is er een aantal fabrikanten dat de markt domineert. Samsung wordt door velen gezien als de marktleider op het gebied van flashgeheugen en staat bekend om de uitstekende prestaties van hun EVO- en PRO-series. Daarnaast is Western Digital (WD) een vaste waarde; dit merk heeft de transitie van traditionele harde schijven naar SSD's succesvol gemaakt met hun kleurgecodeerde (Blue, Black en Red) series voor verschillende doeleinden. Ook Transcend is een uitstekende keuze; dit merk staat al jaren bekend om zijn betrouwbare geheugenproducten en biedt duurzame SSD's die lang meegaan. Tot slot bieden merken als Kingston en Seagate betrouwbare alternatieven die vaak net iets vriendelijker geprijsd zijn, zonder dat je daarbij veel inlevert op stabiliteit.