ID.nl logo
Huis

De voor- en nadelen van power over ethernet

Zou het niet fijn zijn als je maar één kabel hoeft te trekken om een apparaat direct zowel van internet als van stroom te voorzien? Die optie bestaat al lange tijd en heet Power over Ethernet, dat gestaag over de jaren populair is geworden.

PoE is vooral handig voor apparaten die ver weg van een stopcontact zitten maar wel stroom nodig hebben. Om dan te voorkomen dat ook nog aparte stroomkabels gelegd moeten worden, is het handig om stroom en een internetverbinding in één kabel te kunnen leveren. Dat scheelt kosten en het is een stuk eenvoudiger om een ethernetkabel te trekken dan om de gehele stroomvoorziening uit te breiden. Een van de eerste toepassingen van Power over Ethernet was voor voip-telefoons. Zelfs als de stroom bij het stroombedrijf zou uitvallen, kon je nog het noodnummer bellen omdat het telefoonbedrijf de stroom levert aan de telefoon dankzij PoE.

Cisco ging ongeveer in 2000 met voip-telefoons en PoE aan de slag. Daarvoor deed al een aantal andere bedrijven dat. In die periode ging dat niet altijd even goed. Er werd dan bijvoorbeeld per ongeluk een apparaat aangesloten op een ethernetkabel met stroom die dat eigenlijk niet nodig had, waardoor zo’n apparaat beschadigd raakte.

In 2001 en 2002 werd de technologie steeds populairder en werd het uiteindelijk duidelijk dat een standaard nodig was. Dit leidde ertoe dat in 2003 door de IEEE 802.3af tot de standaard voor PoE uitgeroepen werd. Dat bleek een goed idee, want de standaard introduceerde een aantal belangrijke veiligheidsvoorzieningen zodat apparatuur niet langer beschadigd kon worden.

Hoe werkt power over ethernet?

Ethernetkabels bevatten binnenin acht aders, die geordend zijn in vier getwiste paren. Een getwist paar zijn twee aders die om elkaar heen zijn gedraaid. In 10 en 100BASE-ethernet worden twee paren gebruikt om informatie te versturen: dit zijn de zogenaamde data pairs.

Dan zijn er nog twee aderparen over, de zogenaamde spare-pairs, die gebruikt worden als back-up voor als een van de andere aders falen. PoE, of 802.3af gebruikt of de twee dataparen of de twee back-up-paren en gebruikt normaliter tussen de 44 en 57 volt. Door zo’n hoog voltage kan de stroom relatief efficiënt worden vervoerd over de kabel. Power over Ethernet werkt gewoon over bestaande cat 5-ethernetkabels, al wordt voor de nieuwste PoE-standaard wel minimaal cat 5e vereist.

In PoE spelen twee belangrijke onderdelen een rol: de bron en de bestemming. De bron wordt de power sourcing equipment (PSE) genoemd en levert de stroom. Vaak is dit een netwerkswitch. De bestemming, oftewel het powered device, kan slechts een bepaald wattage aan. Om die hoeveelheid wattage aan te geven worden types en klassen gebruikt.

Voor type 1 is het maximum 12,95 watt en voor type 2 is dat 25,5 watt. Type 3 is nu in ontwikkeling. Daarvoor moet de PSE, de bron, respectievelijk 15,4 of 30 watt leveren. Een PSE kan zich ook tussen een bestaande switch zonder PoE en de bron bevinden. In dat geval wordt dat apparaat een midspan genoemd.

©PXimport

Verschil 802.3af en 802.3at

Het risico van beschadigde apparaten vervalt door 802.3af doordat de PSE eerst bij de bestemming controleert of die wel echt stroom wil hebben. Als het bestemmingsapparaat geen antwoord geeft, wordt er geen stroom op de lijn gezet en kan er niets beschadigd raken. Dat proces heet het signature-detection process. Om de aanwezigheid van PoE te detecteren, wordt er gebruikgemaakt van een weerstand van 25 Kiloohm die dient als handtekening. Pas als die aanwezig is, wordt er stroom op de kabel gezet door de PSE.

Na de signature-detection kan een optionele classificatie plaatsvinden. Met de classificatie kan de bestemming aangeven hoeveel stroom er precies nodig is. Er zijn drie vier klassen. Met klasse 1 is 3,8 watt beschikbaar, met klasse 2 6,49 watt, met klasse 3 12,95 watt en met klasse 4 is er 25,5 watt beschikbaar. Als een bestemming geen classificatie doorgeeft, dan is het klasse 0 (nul) en krijgt het 12,95 watt.

Zodra signature detection en eventueel classificatie zijn voltooid, begint de PSE aan het leveren van de stroom. De PSE houdt continu in de gaten hoeveel stroom er wordt geleverd: als de bestemming te veel of juist te weinig stroom trekt, wordt de stroomvoorziening afgesloten.

Er zijn vandaag de dag twee standaarden op de markt: het in 2003 geïntroduceerde 802.3af (type 1 genoemd) en de opvolger 802.3at (type 2 genoemd) uit 2009. Met 802.3at werd PoE Plus geïntroduceerd, een andere term voor de hierboven al even genoemde klasse 4 met een wattage van 25,5 watt.

Gigabit

Power over Ethernet werkt ook in combinatie met gigabit-ethernetkabels, maar moet dan wel op een andere manier werken. Waar in de kabels van 10 en 100BASE twee aderparen niet worden gebruikt, geldt dat niet voor gigabit-ethernetkabels: dan worden allevier de aders gebruikt voor het vervoeren van data.

In zulke kabels gebruikt Power over Ethernet simpelweg dezelfde aderparen als waar de data overheen gaat. Er wordt dan gebruikgemaakt van een techniek genaamd phantom power. Dat werkt doordat het datasignaal niet stoort met de stroom. De datazendingen zitten op een frequentie tussen de 10 en 100 miljoen Hertz, terwijl elektriciteit gebruikmaakt van een lage frequentie op 60 Hz. Door het grote verschil in frequenties hebben beide signalen geen last van elkaar.

Internet-of-things

Power over Ethernet krijgt veel aandacht, onder andere dankzij het internet of things, waar het erg nuttig voor kan zijn. Het is veel werk om al die kleine apparaten en sensoren van stroom te voorzien, maar met een PoE-ethernetkabel sla je dan meteen twee vliegen in één klap: stroom en internet. Power over Ethernet zou ook een rol kunnen gaan spelen in slimme auto’s. Moderne auto’s bevatten erg veel sensoren en apparatuur, helemaal in bijvoorbeeld een zelfrijdende auto. Het zou dan kosten kunnen schelen om in de interne bekabeling PoE te gebruiken, want dan heb je minder kabels nodig.

In 2014 nam het gebruik van PoE voor voip met zo’n tachtig procent toe. Bovendien bleek uit onderzoek van BSRIA in 2015 dat twintig procent van de wifi-accesspoints gebruikmaakt van PoE en tien procent van lampen wordt aangestuurd met PoE.

PoE biedt ook veel kansen voor licht. Slimme lampen zijn op dit moment vaak draadloos verbonden met een basisstation dat dan met het internet is verbonden. In de toekomst zou dat kunnen veranderen en zou je lampen kunnen kopen die verbonden zijn met een ethernet-aansluiting en dus direct verbinding maken met het internet. Vooral voor bedrijven is dat handig. Omdat elke lamp zijn eigen ip-adres krijgt, is alles goed te beheren en ook eenvoudiger te beheren, omdat maar een apparaat wordt gebruikt: namelijk de PoE-switch.

©PXimport

Nadelen van power over ethernet

PoE kan dus voor veel toepassingen heel handig zijn en het wordt dus ook al op grote schaal gebruikt. Toch heeft PoE een aantal nadelen. Het grootste nadeel is dat je slechts honderd meter kunt gebruiken voor ethernet met PoE, anders gaat te veel wattage verloren. Om daar omheen te werken, kan een media converter worden gebruikt. Die converter plaats je naast de stroombron en verbind je met de ethernetswitch. Deze converter injecteert dan de stroom over de ethernetkabel aan het uiteinde, maar nog net voor het apparaat zelf.

Andere nadelen zitten in het feit dat de hoeveelheid geleverde stroom relatief laag is en dat er onderweg veel verlies optreedt. Daarnaast kunnen elektrische storingen ook storingen veroorzaken op het lokale netwerk zelf, wat voor problemen kan zorgen.

Een laatste nadeel is dat Power over Ethernet alleen werkt voor koperen utp-kabels: glasvezelkabels in combinatie met PoE gaat niet werken. Dat probleem kan echter ook verholpen worden met een media converter: door de switch en converter met glas te bekabelen en de converter en het apparaat met PoE-ethernet te verbinden.

Overweeg een PoE-splitter

Je kunt op twee manieren Power over Ethernet aan je netwerk toevoegen: door middel van een switch of door middel van een midspan. Met een switch verbind je simpelweg je apparaten daarmee en de switch zelf verbind je dan zoals normaal met de router. De switch zal dan automatisch de betreffende apparaten van stroom voorzien als ze daarom vragen. Je kunt al een PoE-switch met vier ethernetpoorten kopen voor nog geen zestig euro. Je kunt ook voor een midspan kiezen. Die is handig als je maar voor een apparaat PoE wilt, omdat het vaak een klein kastje is met twee ethernetaansluitingen: een In zonder PoE en een Out met PoE.

Heb je juist een apparaat dat geen PoE ondersteunt, maar zou je er wel graag gebruik van maken, dan kun je gebruikmaken van een PoE-splitter. Zo’n apparaatje zet juist een PoE-ethernetkabel om in een losse, normale ethernetaansluiting en een aparte voedingsaansluiting voor het apparaat dat dan geen PoE ondersteunt.

De toekomst: 802.3bt, High-Power PoE

802.3at en -af lopen eigenlijk achter op de markt. Er zijn al producten te koop die maar liefst 60 tot 95 Watt leveren aan apparaten, maar die voldoen dan niet aan een standaard zodat het niet universeel werkt. Nieuwe apparatuur vereist steeds meer stroom: denk dan bijvoorbeeld aan videobellen, aan wifi-access-points met ac of zelfs ad op 60 GHz, maar ook aan thermostaten, rookmelders en andere sensoren. Het probleem met de huidige standaard is dat het niet meer genoeg is.

De toekomst van Power over Ethernet is 802.3bt, oftewel High-Power PoE. De bt-standaard kan tot 90 Watt aan. De kabellengte blijft helaas wel beperkt tot 100 meter. Naar verwachting wordt 802.13bt nog dit jaar geratificeerd en daarmee dus officieel.

802.3bt voegt straks type 3 toe, maar over een aantal jaar komt er ook een type 4. Die standaard bevindt zich nog in een zeer vroeg stadium en de werkgroep van IEEE is nog aan het nadenken hoe die standaard eruit moet zien. Met type 4 zou 100 watt mogelijk moeten worden. Hoe de IEEE dat precies voor elkaar gaat krijgen, is nog niet helemaal duidelijk. Met 100 Watt ontstaan namelijk problemen in die ethernetkabels: die worden veel te warm. Daarnaast: als je zo’n kabel eruit trekt terwijl die 100 watt levert, zouden er weleens vonken vanaf kunnen schieten. Met 100 watt heeft een zestig inch-tv bijvoorbeeld geen voeding meer nodig.

HDBaseT, een verbindingsstandaard vanuit de markt, ondersteunt overigens wel al 100 watt over de kabel, in de vorm van Power over HDBaseT. Daarvoor worden cat 6a-kabels aanbevolen, die toekomstbestendig zijn en 10 Gbit/s ondersteunen. De IEEE loopt helaas dus nogal wat achter.

▼ Volgende artikel
Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?
© ER | ID.nl
Huis

Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Haperende streams en trage downloads op zolder zijn grote ergernissen in veel huishoudens. Om dat op te lossen twijfelen veel mensen tussen een krachtiger router of een set powerline-adapters. In dit artikel leggen we precies uit wanneer je voor welke oplossing moet kiezen, zodat je geen geld verspilt aan de verkeerde apparatuur.

Voordat je naar de winkel rent: je moet eerst begrijpen wat er precies misgaat met je verbinding. Wifi-problemen kun je doorgaans opdelen in twee categorieën: een gebrek aan bereik of een gebrek aan capaciteit. Bij een gebrek aan bereik komt het signaal simpelweg niet ver genoeg, bijvoorbeeld omdat dikke betonnen muren of plafonds het signaal blokkeren. Je hebt dan op zolder één streepje bereik of zelfs helemaal geen verbinding. Bij een gebrek aan capaciteit is het signaal wel sterk, maar is de router niet krachtig genoeg om alle data te verwerken. Dat merk je als het internet traag wordt zodra iedereen thuis tegelijk online is. Het onderscheid tussen deze twee oorzaken bepaalt of je een router of een powerline-adapter nodig hebt.

Wanneer is een nieuwe router de oplossing?

De router is het hart van je thuisnetwerk en regelt al het verkeer. Vaak gebruiken mensen het standaardmodem dat ze van hun internetprovider hebben gekregen, maar deze apparaten blinken zelden uit in prestaties. Een losse, hoogwaardige router kopen is de beste keuze wanneer je merkt dat de verbinding in de buurt van het modem al niet optimaal is of wanneer je regelmatig met veel apparaten tegelijk online bent.

Als je in de woonkamer zit en de verbinding hapert zodra de kids op hun tablets zitten, is je huidige router waarschijnlijk niet krachtig genoeg om al die gelijktijdige datastromen te verwerken. Een moderne router met ondersteuning voor wifi 6 kan veel meer apparaten tegelijk bedienen en zorgt voor een hogere, stabielere snelheid op de verdieping waar hij staat.

©Andrii

Internet via het stopcontact met powerline

Een powerline-adapter, ook wel homeplug genoemd, werkt volgens een totaal ander principe. Dit systeem maakt gebruik van het bestaande stroomnet in huis om het internetsignaal te verplaatsen. Je stopt één adapter in het stopcontact bij je router en de tweede adapter in een stopcontact op de plek waar je internet nodig hebt, bijvoorbeeld op zolder of in het tuinhuis.

Dit is de ideale oplossing wanneer het wifi-signaal door dikke betonnen muren of plafonds moet dringen. Waar wifi-golven afketsen op gewapend beton, stuurt de powerline het signaal simpelweg via de koperdraden in de muur naar boven. Dat maakt powerline-adapters uitermate geschikt voor specifieke 'dode zones' die te ver weg liggen voor het bereik van een gewone router.

Populaire merken voor netwerkoplossingen

Als je op zoek gaat naar powerline-adapters, kom je al snel uit bij Devolo. Dit Duitse merk is de onbetwiste marktleider op het gebied van homeplugs en staat bekend om de Magic-serie die zeer stabiele verbindingen via het stroomnet garandeert.

Voor routers en mesh-systemen is TP-Link een zeer populaire keuze vanwege de goede balans tussen prijs en prestaties, met modellen voor elk budget. Netgear richt zich met de Nighthawk-serie vaak op de veeleisende gebruiker en gamers die maximale snelheid wensen. Tot slot is AVM, bekend van de FRITZ!Box, een merk dat zowel uitstekende routers als powerline-oplossingen biedt die naadloos met elkaar samenwerken in één netwerk.

Stabiliteit versus snelheid

Bij de keuze tussen deze twee speelt ook het gebruiksdoel een rol. Powerline-adapters zijn vaak de favoriete keuze voor gamers of mensen die thuiswerken op een vaste pc. De reden hiervoor is dat de tweede adapter vaak beschikt over een netwerkafsluiting, waardoor je je computer met een kabel kunt aansluiten. Een bekabelde verbinding via powerline is doorgaans stabieler en heeft een lagere vertraging (ping) dan wifi, wat cruciaal is bij online gamen. Een nadeel is wel dat de snelheid van powerline afhankelijk is van de kwaliteit van je stroomnet. Oude bedrading of zware apparaten zoals een wasmachine kunnen storing veroorzaken, waardoor de snelheid soms fluctueert. Een high-end router biedt daarentegen vaak een hogere topsnelheid, maar is dus gevoeliger voor afstand en obstakels.

De opkomst van mesh-systemen

Tegenwoordig is er een hybride oplossing die de traditionele router steeds vaker vervangt: Multiroom Wifi of Mesh. Dit zijn feitelijk meerdere routers die met elkaar communiceren. Als je een groot huis hebt en overal perfecte wifi wilt zonder kabels te trekken, is dit vaak een betere, maar ook duurdere oplossing dan een simpele powerline-set. Kies je echter voor een budgetvriendelijke oplossing om snel internet op één specifieke, lastig bereikbare kamer te krijgen, dan wint de powerline-adapter het vaak op prijs-kwaliteitverhouding. Is je doel echter om de algehele snelheid en capaciteit in de woonkamer en keuken te verbeteren, investeer dan in een goede router.

▼ Volgende artikel
Professioneel en gratis video's bewerken? Aan de slag met VSDC Free Video Editor
Huis

Professioneel en gratis video's bewerken? Aan de slag met VSDC Free Video Editor

Maak jij tijdens een welverdiende vakantie talloze video’s? Met VSDC Free Video Editor giet je de leukste fragmenten in een gelikte film. Dankzij het gebruik van mooie overgangen en fraaie effecten oogt het resultaat zeer professioneel. Het kost je bovendien geen cent, want je installeert deze zeer uitgebreide videobewerker gratis op een Windows-computer.

Tegenwoordig liggen er best wat goede gratis videobewerkers voor het oprapen. Zeker wanneer je geen torenhoge eisen aan de videomontage stelt, heb je niet per se een betaald programma als Adobe Premiere Elements of Magix Video Deluxe nodig. Zo krijg je met het gebruiksvriendelijke VSDC Free Video Editor al een heleboel voor elkaar. In tegenstelling tot diverse gratis alternatieven voegt dit programma geen lelijk watermerk toe aan jouw film. Deze freeware heeft daarnaast een verrassend uitgebreide gereedschapskist.

Videobewerker installeren

VSDC Free Video Editor heeft relatief lage systeemeisen. Zeker voor video’s tot een resolutie van 1920 × 1080 pixels heb je geen supersnelle pc of laptop nodig. Wil je haarscherpe 4K-video’s bewerken? In dat geval adviseren de makers een systeem met 8 of 16 GB werkgeheugen. Daarnaast is een krachtige processor met meerdere rekenkernen geen overbodige luxe.

Particulieren mogen VSDC Free Video Editor voor nop installeren. Ga naar de site via www.kwikr.nl/vsdc en download het installatiebestand. Je hebt keuze tussen de 32bit- en 64bit-versie. De meeste computers kunnen met de 64bit-versie uit de voeten. Dubbelklik op het gedownloade exe-bestand en doorloop de stappen van de installatie. 

Nieuw project starten

Zodra je de videobewerker voor de eerste keer opstart, verschijnt er een pop-upvenster met een aanbeveling voor de betaalde Pro-versie (zie kader). Je klikt dat via het kruisje weg. Laat de ietwat drukke gebruikersomgeving even op je inwerken. Het beginscherm toont diverse instructies voor geavanceerde bewerkingen. Laat die als beginnende gebruiker links liggen. Je kunt wel alvast even de tabbladen doornemen, want die herbergen verschillende bruikbare functies.

Je gaat nu eerst een nieuw (video)project starten. Klik op het tabblad Projects en daarna op New project. Er verschijnt een nieuw venster waarin je diverse instellingen voor de videomontage kunt bepalen. Het belangrijkste is de waarde achter Resolution. Voor een scherp beeld en soepele montage laat je de huidige waarde van 1920 × 1080 pixels (16:9) staan. Filmt jouw smartphone of videocamera in een hogere resolutie, dan kun je een andere waarde overwegen. Laat de overige opties ongewijzigd. Je typt achter Project title een relevante projectnaam en kiest onderaan voor Blank project. Bevestig tot slot met Finish.

Welke resolutie ken je aan de videomontage toe?
VSDC Pro

Naast de hier besproken gratis versie bestaat er met VSDC Pro (www.videosoftdev.com/video-editor-pro) ook een betaalde variant. Die bevat allerlei extra snufjes voor geavanceerde gebruikers. Je kunt bijvoorbeeld een achtergrondkleur verwijderen, gesproken commentaar toevoegen en trillende beelden stabiliseren. Daarnaast ondersteunt de Pro-versie hardwareversnelling door een geschikte grafische kaart. Dit leidt tot betere prestaties, omdat de processor minder hoeft te rekenen. Je merkt dat bijvoorbeeld aan kortere wachttijden en een vloeiendere videoweergave. VSDC Pro kost op het moment van schrijven circa 31 euro. 

Video’s toevoegen

Nu ga je met het zojuist aangemaakte videoproject aan de slag. Merk op dat het tabblad Editor is geopend. Je zit nu dus in de videobewerker. Zoals je ziet, zijn er flink wat opties beschikbaar. Laat je hierdoor niet afschrikken, want we nemen de basisfuncties stap voor stap met je door.

Je dient eerst relevante videoclips aan het programma toe te voegen. Gunstig is dat VSDC Free Video Editor alle bekende beeldformaten ondersteunt. Klik bovenaan in de werkbalk op Add object / Video en navigeer naar de map met de bestanden. Je selecteert één of meer video’s, waarna je bevestigt met Openen / OK. Wanneer je minimaal twee fragmenten toevoegt, kies je Add to layer.

Wegens de talloze toeters en bellen ziet deze videobewerker er nogal imponerend uit.

De videoclips verschijnen allemaal in de tijdlijn onderaan het venster. Deze tijdlijn is belangrijk, want die bepaalt welke momenten er in de uiteindelijke film terechtkomen. Verder kun je hieraan bijvoorbeeld ook titels, overgangen, speciale effecten en audiotracks toevoegen. Vind je de tijdlijn te klein? Je kunt dit onderdeel eenvoudig vergroten. Zweef onder Layer 1 op de scheidslijn totdat er een dubbele pijl verschijnt. Beweeg de muis nu met ingedrukte muisknop omlaag. In VSDC Free Video Editor pas je op soortgelijke wijze de grootte van alle deelvensters aan. Kortom, richt op die manier het bewerkvenster naar eigen wens in.

Alle geïmporteerde videobestanden belanden op de tijdlijn.

Volgorde clips wijzigen

Waarschijnlijk heb je een bepaalde volgorde voor de videoclips in gedachten. Geen probleem, want je kunt de clips op de tijdlijn verplaatsen. Sleep het beoogde fragment met ingedrukte muisknop één laag omlaag. De overgebleven video’s schuif je daarna naar links of rechts. Creëer op die manier een ‘gat’ en sleep het fragment ernaartoe. Het is belangrijk dat er geen loze ruimtes op de tijdlijn achterblijven. Anders zie je namelijk zwart beeld.

Sleep videoclips naar onder, boven, rechts en links om de volgorde op de tijdlijn te wijzigen.

Scènes inkorten

Vanzelfsprekend wil je alleen boeiende scènes in de film tonen. Saaie passages snijd je daarom resoluut weg. Dat doe je door een videoclip in te korten. Gebruik hiervoor wederom de tijdlijn. Selecteer een fragment en beweeg de rode schuifregelaar naar deze clip. Het bijbehorende beeld verschijnt nu in de voorbeeldweergave. Vind je dit beeld te klein? Klik dan helemaal rechtsonder in het programma op het kleine plusteken. Je past daarmee het zoomniveau aan. Klik nu onder de voorbeeldweergave op de rode afspeelknop (PijltjeRechts) om de video te starten. Begint of eindigt het saaie gedeelte? Via dezelfde rode knop (twee verticale streepjes) pauzeer je de video.

Inkorten is vrij eenvoudig. Een geselecteerde videoclip heeft op de tijdlijn aan weerszijden twee piepkleine vierkanten. Klik daarop en houd de muisknop ingedrukt. Beweeg de muis nu naar links of rechts tot de rode schuifregelaar. Laat de muisknop als laatste los. Het fragment is nu een kopje kleiner gemaakt! 

Fragmenten splitsen

Je kunt een lang fragment ook in twee (of meer) delen opsplitsen. Dat is nuttig wanneer je deze videootjes op verschillende momenten in de film wilt tonen. Selecteer in de tijdlijn een videoclip en bepaal met de rode schuifregelaar een geschikt ‘splitmoment’. Overigens kun je met de mediaknoppen onder de voorbeeldweergave dit moment heel precies bepalen. Spoel bijvoorbeeld een seconde voor- of achteruit. Het is zelfs mogelijk om een video frame voor frame door te nemen. Staat de rode schuifregelaar exact op de goede plek? Klik dan in de werkbalk boven de tijdlijn op het pictogram met de twee rode haakjes. Je ziet vervolgens twee aparte clips.

Maak via de optie Split into parts van één clip twee losse fragmenten.

Roteren en bijsnijden

Soms is het noodzakelijk om een video negentig graden te roteren, omdat het beeld in VSDC Free Video Editor is gedraaid. Gelukkig herstel je deze ‘fout’ simpel. Je selecteert in de tijdlijn de juiste video en klikt helemaal bovenaan bij de sectie Tools op het pictogram met de gebogen pijl. De video draait meteen.

Staat er een ongewenst persoon, lelijk logo of storend object in beeld? Gooi de videoclip dan nog niet weg! Je kunt het fragment namelijk nog bijsnijden. Beslis welk deel van de video je wilt gebruiken en gooi het overtollige beeldmateriaal weg. Je klikt met de rechtermuisknop op een videoclip in de tijdlijn en kiest Crop tools / Custom region. Bepaal in het nieuwe venster welk deel uit beeld moet verdwijnen. Je regelt dat door de zwarte vierkantjes aan de randen van de voorbeeldweergave te verslepen. Tevreden? Met OK voer je de actie definitief uit.

Nuttig om te weten is dat je met deze functie de oorspronkelijke resolutie verkleint. Zeker wanneer je de uiteindelijke film op een grote televisie of pc-monitor bekijkt, zie je mogelijk korrelige beelden. Snijd daarom liever niet te veel beeldmateriaal weg.

Alles buiten de rechthoekige selectie verdwijnt uit de video.

Video-effecten

Wie dat wil, gaat in deze videobewerker helemaal los met speciale effecten. Klik maar eens bovenaan in de werkbalk op Video effects. Er verschijnt een uitgebreid menu. Voordat je iets uitkiest, selecteer je eerst een clip op de tijdlijn. Via Quick styles pas je heel makkelijk een effect toe, omdat hiervoor geen extra instellingen zijn vereist. Laat de video bijvoorbeeld op een gedateerde film uit de jaren ‘70 lijken of pas automatisch de contrastwaarden aan.

Wil je zelf meer invloed op in hoeverre het programma een video-effect toepast? Bij veel filters stel je naar eigen inzicht de intensiteit in. Bekijk hiervoor de mogelijkheden via Video effects / Adjustments. Zo wijzig je onder andere de kleurverzadiging en helderheid. Daarnaast kun je ook een stijlvol sepia- of zwart-wit-effect op de video loslaten. Zodra je eenmaal iets hebt gekozen, pas je in het deelvenster Properties window aan de rechterkant de waarden aan. Als je dit deelvenster niet ziet, klik je achtereenvolgens op het tabblad View en Properties. Tot slot zijn ook de video-effecten binnen de rubrieken Filters en Nature de moeite waard. Spijt van een bepaalde keuze? Met de sneltoets Ctrl+Z maak je de laatste handeling weer ongedaan. Experimenteer er dus lustig op los!

Met het Auto contrast-filter optimaliseer je heel eenvoudig de contrastwaarden.
Gebruik het deelvenster Properties window om de instellingen van een video-effect te wijzigen.

Overgangen

Tijdens de montage van een video ontkom je eigenlijk niet aan het gebruik van overgangen. Doe je dat niet, dan lopen de fragmenten nogal abrupt in elkaar over. Dat is onprettig voor de kijker. Met een overgang wordt een nieuwe videoclip op subtiele wijze geïntroduceerd.

Klik in de tijdlijn op de videoclip waarbij je aan het einde een overgang wilt toevoegen. Je opent zo nodig eerst het tabblad Editor en navigeert daarna naar Video effects / Transitions. Probeer nu één van de beschikbare overgangen uit. Zo laat je het oude fragment bijvoorbeeld in vlammen opgaan (Paper burn) of in scherven uit elkaar vallen (Shattered glass). Kies een overgang en controleer in het pop-upvenster of de optie To the end of scene is geselecteerd. Klik op OK.

Merk op dat er op de tijdlijn een verse laag met de gekozen overgang verschijnt. Klik op de rode afspeelknop onder de videoweergave om de overgang te bekijken. Je past in het eigenschappenvenster aan de rechterkant diverse zaken aan, waaronder de tijdsduur en transparantie.

Deze videobewerker heeft een aantal spectaculaire overgangen in huis.

Geluid

De audiokwaliteit van zelfgeschoten video’s is vaak matig. Stond er toentertijd tijdens de opname een stevig briesje, dan hoor je waarschijnlijk voornamelijk windgeruis. Zet het geluid van dergelijke videoclips daarom gewoon uit. Klik in de tijdlijn op een fragment om de bijbehorende eigenschappen aan de rechterkant te tonen. Verschijnt dat niet, dan klik je op View / Properties. Je scrolt zo nodig een stukje omlaag totdat je de optie Audio track tegenkomt. Klik achter Track 1 op het kleine pijltje en kies Don’t use audio.

Je kunt eventueel zelf audio aan de videomontage toevoegen, zoals achtergrondmuziek of een voice-over. Klik zo nodig op het tabblad Editor en kies Add object / Audio. Je selecteert nu pakweg een mp3-, wma-, wav- of flac-bestand op de computer. Via Openen / OK belandt de audiotrack als nieuwe laag op de tijdlijn. Kies een geschikte plek en pas diverse eigenschappen in het Properties window desgewenst aan. Denk hierbij onder meer aan de snelheid en het volumeniveau.

Schakel bij video’s met slecht geluid het audiospoor eenvoudig uit.

Film opslaan

Deze workshop is slechts een bescheiden introductie van VSDC Free Video Editor. Je kunt namelijk nog veel meer met deze veelzijdige videobewerker doen. Ga er dus vooral ook zelf mee stoeien. Ben je eenmaal klaar, dan sla je het resultaat op. Je kunt de film daarna op verschillende schermen bewonderen.

Klik in de werkbalk op het tabblad Export project en speel zekerheidshalve de volledige videomontage nog eens af. Ben je helemaal tevreden, dan geef je in de werkbalk het gewenste videoformaat aan. Kies bijvoorbeeld voor mp4, mkv, mov, flv of mts. Het is ook mogelijk om de film op een dvd te branden. Wijzig via Change name zo nodig de bestandsnaam en opslaglocatie. Je bevestigt bovenaan ten slotte met Export project / Continue.

VSDC Free Video Editor ondersteunt een heleboel exportformaten.