ID.nl logo
Vind de perfecte laptop: alles wat je moet weten voor de juiste keuze
© deagreez - stock.adobe.com
Huis

Vind de perfecte laptop: alles wat je moet weten voor de juiste keuze

De laptop is voor veel mensen de standaard computer. Toch kan het best lastig zijn om een nieuwe te kiezen, want het aanbod is enorm. Voor het eerst in jaren zien we bovendien echte vernieuwing met de komst van 'AI-laptops'. Waar moet je op letten bij het kiezen van een nieuwe laptop?

In dit artikel praten we je uitgebreid bij over alle opties die een rol spelen bij het kiezen van een laptop. Je leest over:

  • Schermformaat
  • Resolutie
  • Kleurweergave
  • Aansluiting
  • RAM en opslag
  • Processor
  • Grafische kaart
  • AI/Copilot

Lees ook: Wat zijn Copilot+-computers en wat kun je ermee?

Het aanbod laptops is enorm en het vinden van de juiste begint vooral met het uitsluiten van wat níet bij je past. Maak daarom eerst een paar keuzes over bijvoorbeeld schermgrootte, resolutie en aansluitingen. Zo beperk je snel de mogelijkheden. Je houdt dan waarschijnlijk nog steeds een ruime selectie over, afhankelijk van hoeveel je wilt uitgeven.

Schermformaat

De eerste keuze draait om het schermformaat. Het scherm bepaalt immers grotendeels de afmetingen van je laptop en heeft veel invloed op het gebruiksgemak. Een 13- of 14inch-scherm biedt naar onze mening de beste balans tussen compactheid en draagbaarheid. Zo past een 14inch-laptop bijvoorbeeld gemakkelijk in bijna elke rugzak. Werk je echter vooral thuis en wil je geen vaste werkplek met een losse monitor, dan is een groter scherm praktischer. Laptops met een 15inch-scherm zijn misschien daarom nog altijd de populairste modellen. Groter kan natuurlijk ook, maar dan lever je echt in op draagbaarheid. Verder zijn sommige laptops uitgerust met een aanraakscherm; handig voor bepaalde toepassingen, maar deze schermen spiegelen vaak wel sterk.

©Dell

Het schermformaat van 13, 14 en 16 inch van deze Dell XPS-laptops bepaalt in grote mate de afmeting van een laptop.

Schermresolutie

Waar het vroeger lastig was om een betaalbare laptop met Full HD-scherm te vinden, is dat tegenwoordig gelukkig de standaard. In het hogere segment vind je zelfs schermen met nog hogere resoluties, wat visueel indrukwekkend is. Windows kan deze hoge resoluties inmiddels prima verwerken, iets dat een paar jaar geleden nog weleens problemen gaf.

Een nadeel van 4K-schermen (3840 × 2160 pixels) en vergelijkbare resoluties zoals 3200 × 2000 pixels, is echter dat ze meer energie verbruiken, wat de accuduur verkort. Op kleinere schermen, tot zo'n 14 inch, is het effect van een hogere resolutie bovendien minder groot. Een tussenoplossing kan dan aantrekkelijk zijn: resoluties als 2880 × 1600 of 2560 × 1600 pixels bieden scherpere beelden zonder te veel in te leveren op de accuduur.

Kleurweergave

Hoewel de tijd van echt slechte schermen voorbij is, zijn er bij goedkopere laptops nog steeds schermen waar je liever niet op werkt. De eerste selectie maak je op basis van de gebruikte schermtechnologie. Het goedkoopste type is tn (twisted nematic), met als voordeel een snelle reactietijd. De nadelen zijn echter de beperkte inkijkhoeken en matige kleurweergave. Toch zijn niet alle tn-panelen slecht; voor gamelaptops kunnen de voordelen soms zelfs opwegen tegen de nadelen.

Voor algemeen gebruik hebben ips-panelen (in-plane switching) meestal de voorkeur. Ze bieden over het algemeen betere beeldkwaliteit, ruimere inkijkhoeken en levendigere kleuren. Let vooral op de kleurweergave, want slechte schermen vallen op door een beperkt kleurbereik. Fabrikanten geven dit kleurbereik soms aan in een percentage van het NTSC-spectrum. Vanaf 72 procent NTSC heb je een scherm dat het volledige sRGB-kleurbereik weergeeft, wat ideaal is voor computertoepassingen. Goedkopere laptops blijven vaak steken rond de 45 procent NTSC, waardoor kleuren soms flets of onnatuurlijk ogen. Bij een beperkt budget is een ips-scherm meestal een betere keuze.

Duurdere laptops bieden vaak niet alleen een breder kleurbereik, maar ook een hogere helderheid dan het minimale 250 nits (cd/m²). Een helderheid van 400 nits kan aangenaam zijn als je regelmatig in goed verlichte ruimtes werkt.

Oled in opkomst

Een andere schermtechnologie die steeds meer terrein wint, mede door de opkomst van smartphones, is oled. Het grote voordeel van oled ten opzichte van andere schermen is de uitstekende zwartweergave en het sterke contrast, dankzij de mogelijkheid om individuele pixels uit te schakelen. Je vindt oledschermen inmiddels in laptops vanaf zo'n 600 euro.

Toch heeft oled ook een nadeel. Bij een deel van de helderheid gebruikt het scherm namelijk pwm (pulse-width modulation) om de helderheid te regelen. Hierbij knipperen de pixels razendsnel aan en uit. Voor sommige mensen veroorzaakt dit hoofdpijn of vermoeide ogen – iets wat ook voorkomt bij smartphones met een oledscherm. Als je een oled-toestel hebt en geen klachten ervaart, is de kans groot dat dit ook bij een oled-laptop geen probleem zal vormen.

Bepaalde fabrikanten proberen dit effect te verminderen. ASUS biedt bijvoorbeeld een optie voor flikkervrij dimmen, waarbij het scherm constant op de laagste knippervrije helderheid blijft, en lagere helderheden softwarematig worden gesimuleerd. Dit heeft als nadeel een iets mindere kleurweergave en een hoger energieverbruik. pwm komt ook voor bij de achtergrondverlichting van sommige ips-schermen, maar met een veel hogere knipperfrequentie. Hierdoor ervaren nog minder mensen er hinder van.

©ASUS

Er verschijnen steeds meer laptops met een oledscherm.

Alles via usb-c

Een laptop kan niet zonder aansluitingen en vooral usb-c mag inmiddels niet meer ontbreken. De ene usb-c-poort is helaas de andere niet. Behalve dat usb-c-poorten er in verschillende snelheden zijn (5, 10, 20 of 40 Gbit/s), kunnen usb-c-poorten ook DisplayPort ondersteunen, voor het aansluiten en opladen van een beeldscherm. Die laatste twee eigenschappen zou een laptop vanaf 700 euro wel moeten bieden. Je kunt zo'n laptop dan met één kabel aansluiten op een dockingstation, zodat je in één keer je monitor, randapparatuur en lader kunt verbinden.

De nieuwste laptops bieden thunderbolt 4 of usb 4. Deze twee standaarden lijken veel op elkaar – usb 4 is dan ook gebaseerd op thunderbolt. Thunderbolt vind je echter alleen op laptops met een Intel-processor, terwijl usb 4 ook op laptops met een AMD-processor gebruikt wordt. Een thunderbolt4-aansluiting ondersteunt altijd laden en de doorgifte van een beeldsignaal, en in de praktijk geldt dat ook voor thunderbolt 3. Bij een usb4-aansluitingen hebben fabrikanten wat meer vrijheid, al zien we in de praktijk gelukkig dat laden en beelddoorgifte ook op usb 4 altijd aanwezig lijkt te zijn. Ook usb-c-poorten met usb 3.2 kunnen DisplayPort en laden ondersteunen. Wel is er iets waar je bij usb 3.2 extra op moet letten: als je een externe ssd wilt gebruiken, is het belangrijk dat de usb-poort een snelheid 10 Gbit/s ondersteunt.

Er zijn verschillen in het aantal schermen dat je via usb-c kunt aansluiten. Wil je meerdere schermen op je laptop kunnen aansluiten, dan moet je goed controleren of dat mogelijk is.

©cronislaw

Met een geschikte usb-c-poort heb je maar één kabel nodig om al je randapparatuur aan te sluiten.

Overige aansluitingen

Hoewel beeldweergave via usb-c steeds vaker voorkomt, blijft een HDMI-aansluiting nuttig, zeker als je je laptop vaak op verschillende locaties gebruikt. Voor volledige ondersteuning van 4K bij 60 Hz heb je minimaal HDMI 2.0 nodig. Met HDMI 1.4 werkt 4K ook, maar dan met een lagere verversingssnelheid van 30 Hz.

Verder zijn aansluitingen zoals usb-a, een headsetpoort, netwerkaansluiting en kaartlezer niet altijd standaard aanwezig. Controleer daarom goed of een laptop beschikt over alles wat jij nodig hebt. Let bij usb-a-poorten ook op de snelheid: zorg dat ze usb 3.2 (of 3.0/3.1) ondersteunen voor een snelheid van 5 Gbit/s. usb 2.0 komt nog weleens voor, maar is een stuk trager.

©Dan74 - stock.adobe.com

Aansluitingen als usb-a, HDMI en een netwerkaansluiting worden steeds zeldzamer.

RAM en opslag

Hoewel Windows voor simpel kantoorwerk genoeg heeft aan 8 GB RAM, adviseren we je toch minimaal 16 GB RAM. Software wordt immers steeds zwaarder en je hoeft niet gek veel programma's open te hebben staan om 8 GB geheugengebruik te halen. Wat betreft opslag is een ssd van zo'n 256 GB het minimale dat we aanraden. Dit advies geldt voor heel goedkope laptops, onder de 500 euro. Ben je van plan meer uit te geven, dan is een capaciteit van zo'n 512 GB het minimale dat we verwachten. Weet je nu al dat je veel programma's installeert of gebruik je een laptop om te gamen, kies dan voor een ssd van minimaal 1 TB.

De mogelijkheid om het werkgeheugen van een laptop te upgraden, wordt steeds zeldzamer. Dit komt vooral doordat laptops steeds dunner worden, waardoor er simpelweg geen ruimte meer is voor losse geheugensloten. Bovendien worden de signaaleisen strikter door de toegenomen geheugensnelheden, en door het geheugen direct op het moederbord te solderen, kan aan deze eisen makkelijker worden voldaan.

Sommige dikkere budgetlaptops, gaminglaptops en workstations hebben nog wel geheugensloten, maar ook dat wordt schaarser. Bij de aankomende Intel-processors, onder de codenaam Lunar Lake, wordt het geheugen net als bij Apple-processors een vast onderdeel van de processor.

Opslag kun je vrijwel altijd nog vervangen of uitbreiden. De meeste laptops maken gebruik van een M.2 NVMe-ssd. Er zijn wel uitzonderingen waarvan de opslag niet te vervangen is, Apples MacBooks zijn hiervan het bekendste voorbeeld.

©Intel Corporation

De mogelijkheid om het RAM uit te breiden wordt steeds zeldzamer. Op de nieuw te verschijnen Intel-processors is het RAM zelfs onderdeel van de processor.

Overweldigend veel processors

Ieder jaar verschijnen er nieuwe processors. Hierdoor zijn er veel laptops met processors van verschillende generaties te koop. Aanvankelijk lijkt de keuze simpel, want zowel Intel als AMD verdelen hun processors in verschillende klassen, waarbij Intel Core i3, i5, i7 en i9 voert, terwijl AMD daar Ryzen 3, 5, 7 en 9 tegenover zet. Een processor wordt in een van de klassen ingedeeld op basis van het aantal cores en de kloksnelheid. Uiteraard worden processors steeds sneller, dus een nieuwere Core i5 kan sneller zijn dan een oudere Core i7. Overigens hebben zowel Intel als AMD voor een deel hun naamgeving veranderd, je leest hier verderop meer over.

Het is lastig om iets te zeggen over het minimaal aantal benodigde cores. Processors krijgen steeds meer cores, en afhankelijk van de processor kunnen dat ook verschillende soorten cores zijn, onderverdeeld in normale en energiezuinige varianten. We adviseren minimaal processors die in de Core 5- of Ryzen 5-klasse vallen, zodat je de uitgeklede varianten automatisch ontwijkt.

Het is lastig dat er chips van verschillende generaties te koop zijn, maar eigenlijk is dat niet eens heel erg. Chips vanaf Intels twaalfde generatie Core of AMD's Ryzen 5000-reeks zijn namelijk nog steeds prima processors. Afhankelijk van je prijspunt kun je echter wel grote verschillen tegenkomen. Een laptop met een nieuwere en doorgaans snellere processor kan dan interessanter zijn dan een vergelijkbaar geprijsde laptop met een oudere processor.

©Intel

Het wordt steeds lastiger processors met elkaar te vergelijken doordat het aantal cores flink toeneemt en er verschillende soorten cores door elkaar gebruikt worden.

Vernieuwde naamgeving

Intel deelde zijn processors op in duidelijke klassen en aan het typenummer kon je snel de generatie herkennen. Zo was een Core i7-13700H een processor uit de dertiende generatie Core-processors. Intel is in 2024 echter overgestapt naar een nieuwe naamgeving met de lancering van Core- en Core Ultra-processors. Die zijn onderverdeeld in Core 3, 5, 7 en 9, terwijl Core Ultra er is in Core Ultra 5, 7 en 9. De typenummers zijn opgebouwd uit drie cijfers, waarvan het eerste cijfer de generatie aangeeft. Dat is bij deze eerste modellen dus een 1, bijvoorbeeld Core Ultra 5 125 UL.

Ook AMD stapt met zijn nieuwste serie laptopprocessors, de Ryzen AI 300-processors, over naar getallen bestaande uit drie cijfers, zoals de Ryzen AI 9 365.

©Intel

Intel is eerder dit jaar overgestapt op een nieuwe naamgeving van zijn laptopprocessors, met onder andere Core Ultra 5, 7 en 9.

AMD goochelt met cijfers

Intels typenummers zijn al verwarrend, maar AMD maakt het nóg ingewikkelder: ook oudere generaties chips hebben een nieuw typenummer gekregen. Aanvankelijk lijken AMD's typenummers eenzelfde logica als Intel te volgen. AMD's nieuwste chips vallen volgens de oude naamgeving in de Ryzen 8000-serie met daarin modellen die te koop zijn als Ryzen 3, 5, 7 en 9. Toch is het wat ingewikkelder dan het lijkt, want bij AMD bepaalt niet het eerste getal de architectuur van de chip, maar het derde en vierde getal. Zo is een Ryzen 5 8540U een chip die voorzien is van AMD's Zen 4-kernen, te herkennen doordat het typenummer eindigt op 40. De Ryzen 5 7540U van een jaar eerder is dus ook een chip met Zen 4-kernen en hiermee is dit vrijwel dezelfde processor. In de 7000-serie vind je echter ook processors als de Ryzen 5 7530U met 30 als laatste cijfers. Deze chips gebruiken de Zen 3-architectuur, en dat zijn vergelijkbare chips als AMD eerder verkocht in de Ryzen 5000-reeks. De chips die eindigend op 35 maken gebruik van de Zen 3+-architectuur en vergelijkbare processors waren eerder onder de 6000-reeks te koop.

Soms is er dus weinig verschil tussen laptops met een Ryzen 5000- of 7000-processor, terwijl sommige 7000-processors vrijwel identiek zijn aan nieuwere 8000-processors. De processors in de nieuwste Ryzen AI 300-reeks maken allemaal gebruik van de Zen 5-architectuur.

©AMD

Ook AMD gooit met zijn nieuwste processors de naamgeving om.

Energiezuinig of krachtig

Een snelle manier om te zien wat voor soort processor je voor je hebt, is te letten op de letter achter of voor het typenummer. Deze letter geeft aan hoe krachtig de chip is en is gebaseerd op het maximale energieverbruik. Een U staat meestal voor een energiezuinige processor, terwijl een H, HS, HK of HX juist een krachtige chip aangeeft met een hoger energieverbruik. Bij Intel betekent ook de letter P een energiezuinige variant, maar dan met wat meer kracht dan de U-modellen. AMD hanteert een soortgelijke aanduiding, waarbij een U voor energiezuinige chips staat en een H voor krachtige chips met hoger verbruik. In standaardlaptops vind je vaak de energiezuinigere U-modellen, terwijl modellen met een H meestal voorkomen in werkstations of gaminglaptops. Deze aanduidingen geven een globaal beeld, maar houd er rekening mee dat verschillende generaties processors door elkaar te koop zijn, wat het vergelijken soms bemoeilijkt.

Grafische kaart

Iedere laptopprocessor is voorzien van een geïntegreerde grafische kaart en tegenwoordig zijn ze allemaal snel genoeg voor alledaags gebruik. Met nieuwere varianten kun je zelfs eenvoudige games spelen. Wil je echter serieus gamen of gebruik je een laptop voor grafische beeldbewerking, dan heb je al snel een losse grafische kaart nodig. In de praktijk is dat vooral een gpu van Nvidia, want de videokaarten van AMD zijn erg zeldzaam.

De GeForce RTX 4050 is het minimum voor gamen op Full HD. De oudere GeForce RTX 3060 is vergelijkbaar qua kracht. Wil je dat je games wat soepeler draaien, kijk dan naar een RTX 4060 of de oudere RTX 3070. De GeForce RTX 4070 en RTX 3080 maken gamen in hoge kwaliteitsinstellingen mogelijk, terwijl je voor 4K minimaal een RTX 4080 nodig hebt.

Heb je een gpu nodig voor lokale AI-toepassingen, dan is het videogeheugen belangrijk. De RTX 4080 met 12 GB videogeheugen is in dit geval het minimum, maar beter is de RTX 4090 met 16 GB videogeheugen. Ook de oudere RTX 3080 en RTX 3080 Ti zijn er in een variant met 16 GB videogeheugen.

©NVIDIA

Wil je gamen, dan is vooral de grafische kaart belangrijk en zul je in de praktijk al snel op een gpu van Nvidia uitkomen.

Opkomst van de AI-laptop

We konden het afgelopen jaar niet om AI heen en ook de laptop moet eraan geloven. Maar wat is een AI-laptop? Microsoft heeft daar in de vorm van de Copilot+-pc zijn eigen definitie voor gemaakt en die zal vermoedelijk een steeds grotere rol gaan spelen in de marketing van laptopfabrikanten. Een Copilot+-pc moet minimaal 16 GB RAM hebben, 256 GB opslagruimte en een npu (neural processing unit) met minimaal 40 TOPS (trillions of operations per second). Qualcomm is het eerste bedrijf met processors die aan deze eisen voldoen. De npu is een chip die geoptimaliseerd is voor berekeningen die gebruikt worden tijdens typische AI-taken. Ook gpu's (met name die van Nvidia) zijn goed in dit soort berekeningen, maar een npu verbruikt minder energie en is hierdoor geschikter voor achtergrondtaken als het verwerken van beeld of geluid.

Een geïntegreerde npu is overigens niet nieuw: ook de huidige generatie Intel Core Ultra-processors, zoals de Intel Core Ultra 5 125H en sommige AMD Ryzen-processors uit de 7000- en 8000-serie zijn voorzien van een npu. Die npu's zijn met 10 (Intel) of 16 (AMD) TOPS niet krachtig genoeg voor de extra AI-mogelijkheden die Microsoft biedt in Windows 11 op een CoPilot+-pc. Intels nog te verschijnen Lunar Lake-processors krijgen een npu met 45 TOPS en worden eind dit jaar verwacht. AMD's Ryzen AI 300-processors hebben een npu van 50 TOPS. Het is de verwachting dat laptops die voorzien zijn van deze processors door Microsoft ook aangemerkt zullen worden als Copilot+-pc.

©Microsoft

Microsoft stelt eisen aan de voor AI-toepassingen ontworpen npu in een processor.

Meerwaarde Copilot+ pc

We hebben tijdens het schrijven van dit artikel een Copilot+-pc in de vorm van de HP OmniBook X Laptop 14 kunnen uitproberen. Ten opzichte van een normale laptop heeft Windows 11 wat extra mogelijkheden. Handige functies zijn een live vertaler die video's uit iedere bron voorziet van een Engelse ondertiteling en digitale filters voor je webcam om bijvoorbeeld achtergronden te vervagen. Dat Paint op een Copilot+-pc je tekeningen kan omzetten in mooiere varianten is dan weer vooral grappig. De meest opzienbarende functie, Recall (Herinnering in het Nederlands), waarbij je systeem continu screenshots maakt en met AI omzet naar een doorzoekbaar archief, werkte tijdens onze test wegens privacyredenen niet.

Al met al zijn de functies die Copilot+ biedt handig, maar vooralsnog niet onmisbaar. De npu zelf is wel in steeds meer software van derde partijen voor bijvoorbeeld beeld- en geluidsbewerking te gebruiken. Het hangt van jouw toepassingen af in hoeverre je hier profijt van hebt.

Opkomst van ARM

De Qualcomm Snapdragon X Plus en Elite vallen vooral op door de ARM-architectuur. Het zijn zeker niet de eerste ARM-chips ontworpen voor Windows: zo draaide de Surface RT in 2013 al op een ARM-chip en nog niet zo heel lang geleden verschenen er laptops met de Qualcomm Snapdragon 8cx Gen 3. Die eerdere op ARM gebaseerde laptops konden qua prestaties simpelweg niet meekomen met 'normale' laptops. Dat een ARM-processor wel degelijk uitstekend kan presteren, werd ondertussen bewezen door Apple. Apples chips bleken niet alleen veel krachtiger dan vergelijkbare Intel-processors, maar maken met de MacBook Air zelfs laptops mogelijk die goed presteren zonder actieve koeling.

Met de nieuwe Snapdragon X-processors willen Qualcomm en Microsoft dit evenaren. Microsoft gebruikt de chips zelf voor nieuwe Surface-apparaten en ook alle andere bekende laptopfabrikanten brengen ARM-laptops uit. Qualcomm brengt aanvankelijk vier varianten van de Snapdragon X Elite uit die voorzien zijn van 12 cores, maar verschillen op het gebied van maximale kloksnelheid. Ook is er een variant van de Snapdragon X Plus met 10 cores.

©Qualcomm

Qualcomm brengt met de Snapdragon X Elite en Plus de ARM-architectuur voor het eerst op een concurrerende manier naar Windows.

Wij gingen aan de slag met een laptop voorzien van een Snapdragon X Elite X1E-78-100, de langzaamste Elite-variant met 12 cores. De chip presteert uitstekend en is in benchmarks net zo snel als de nieuwste Intel- en AMD-processors. Van de afwijkende architectuur merk je weinig, het is gewoon Windows. Microsoft werkt hier tenslotte al jaren aan en biedt al zijn software aan in een ARM-variant. Voor programma's die er alleen in een x86-variant zijn, is er de emulatielaag PRISM. Al blijven er wel programma's die niet goed werken. Vooral hardware die afhankelijk is van speciale stuurprogramma's kan problemen geven. Voor de doorsnee gebruiker is er echter geen verschil merkbaar met een x86-laptop. En dan biedt een laptop met een ARM-processor niet alleen een prima snelheid, maar ook een uitstekende accuduur.

©HP

De HP OmniBook X Laptop 14 met ARM-processor is een dunne, snelle laptop die opvalt door een goede accuduur.

Einde van x86?

Een Windows-laptop met ARM-processor werkt dus eindelijk goed genoeg voor vrijwel alle gebruikers en dat is een knappe prestatie. Betekent dat dan ook het einde van x86? De wow-factor die vooral Apples passief gekoelde MacBook Air je geeft, is er nog niet. Dat komt doordat de nieuwe Windows-laptops nog voorzien zijn van een actieve koeling die nodig is als je een wat veeleisendere taak uitvoert. De accuduur is dan wel een flink stuk beter in vergelijking met laptops met een Intel-processor, maar nog lang niet zo indrukwekkend als wat Apple daartegenover zet. En, afhankelijk van de software die je gebruikt, kan een x86-processor nog handig zijn.

Er lijkt in ieder geval wel een derde serieuze processorfabrikant opgestaan te zijn, en zowel Intel als AMD moeten aan het werk om relevant te blijven. Wel vind je deze nieuwe chips vooralsnog in de duurdere laptops, vanaf zo'n 1199 euro. Goedkopere laptops blijven vooralsnog het domein van Intel en AMD.

Pas op voor te goedkoop

We willen je tot slot nog één advies meegeven: geef niet te weinig uit. Een laptop van minder dan 500 euro kun je zeker vinden, en omdat de processors steeds sneller worden, kun voor veel taken prima met zo'n laptop uit de voeten. Maar in de praktijk is er dan altijd minimaal één concessie gedaan die het werken op een laptop veel minder fijn maakt. Denk aan een slechter scherm, een minder stevige behuizing of een onprettig toetsenbord. Ook handige opties als toetsverlichting of biometrisch inloggen via vinger- of gezichtsherkenning vind je alleen op de duurdere modellen. Dat is misschien minder erg als je een laptop incidenteel gebruikt, maar we raden je aan om toch minimaal 700 euro uit te trekken voor een nieuwe laptop als je hem regelmatig gebruikt. In de prijsklasse tussen de 700 en 800 euro krijg je namelijk behoorlijk wat laptop voor je geld. Hieronder zie je zes laptops die in deze prijscategorie vallen, maar er zijn er nog veel meer.

🤩 P.S. Fan van een bepaald merk?

Het kan zijn dat je, door eerdere ervaringen met een laptop, helemaal verknocht bent aan een bepaald merk. Als je hieronder op het merk in kwestie klikt, kom je op een handige overzichtspagina waarop alle laptops van dat merk staan.

AppleAcerASUSHPMSILenovoSamsungMEDIONMicrosoftDELLRazer

▼ Volgende artikel
Supersnelle wifi in huis? TP-Link Deco BE25 is dé mesh-routerfavoriet van 2025
© TP-Link
Huis

Supersnelle wifi in huis? TP-Link Deco BE25 is dé mesh-routerfavoriet van 2025

Wat maakt een mesh wifi systeem de allerbeste van het jaar? Natuurlijk, je kunt afgaan op specificaties, maar die zeggen niet alles. Je hebt veel meer aan eerlijke reviews. Het TP-Link Deco BE25 Smart Mesh WiFi 7-systeem is door consumenten op Kieskeurig.nl verkozen tot Best Reviewed van het Jaar 2025 in de categorie routers. Wat deze router zo bijzonder maakt, lees je in dit artikel.

Partnerbijdrage - in samenwerking met TP-Link

Best Reviewed 2025: de strengste jury van Nederland

Op Kieskeurig.nl delen elke dag duizenden mensen eerlijke ervaringen met producten die ze écht gebruiken. Die collectieve feedback vormt de basis voor de Best Reviewed‑awards: producten die zich het hele jaar lang in de praktijk hebben bewezen en keer op keer hoge tevredenheid laten zien bij echte gebruikers. Het gaat dus niet om mooie beloftes en marketingtaal, maar om wat mensen dagelijks merken in de praktijk: is het apparaat betrouwbaar? Doet het wat het moet doen? Is het makkelijk in gebruik? De strengste jury van Nederland heeft gesproken: in de categorie Routers werd de TP‑Link Deco BE25 Smart Mesh WiFi 7 uitgeroepen tot dé favoriet van 2025.

Wat maakt de TP-Link Deco BE25 zo bijzonder?

Wat dit mesh-systeem technisch zo aantrekkelijk maakt, is de combinatie van moderne wifi-technologie en slimme netwerkfuncties. De TP-Link Deco BE25 ondersteunt Dual-Band WiFi 7 met een gecombineerde snelheid tot 3,6 Gbps, waardoor bandbreedte-intensieve toepassingen zoals 4K-streaming en online gaming soepel verlopen. Elke unit is bovendien voorzien van twee 2,5 Gbps-bekabelde poorten, wat zorgt voor maximale doorvoercapaciteit en flexibele aansluitmogelijkheden voor bijvoorbeeld een NAS, pc of gameconsole.

Een ander sterk punt is de mogelijkheid tot gecombineerde bekabelde en draadloze backhaul: dit zorgt ervoor dat de verbinding tussen de verschillende wifi-punten niet alleen snel, maar ook uiterst stabiel is, met minder latentie. Dankzij Multi-Link Operation (MLO) wordt data via meerdere frequentiebanden en kanalen tegelijk verzonden, wat zowel de betrouwbaarheid als de snelheid van het netwerk ten goede komt.

Daarnaast zorgt AI-gestuurde roaming ervoor dat je apparaten automatisch verbinden met het sterkste wifi-punt, zonder dat je daar iets voor hoeft te doen. Met TP-Link HomeShield beschik je over uitgebreide netwerkbeveiliging, waaronder realtime IoT-beveiliging en ouderlijk toezicht. Tot slot is het systeem universeel compatibel met alle internetproviders, modems én eerdere Deco-modellen, zodat je eenvoudig kunt uitbreiden of upgraden.

Dankzij deze optelsom van slimme functies is de TP-Link Deco BE25 een toekomstbestendige keuze voor iedereen die thuis wil genieten van stabiele, snelle en veilige wifi overal in huis.

©TP-Link

TP-Link Deco BE25: waarom gebruikers zo tevreden zijn

De titel Best Reviewed van het Jaar 2025 is gebaseerd op wat gebruikers in het dagelijks gebruik écht belangrijk vinden: betrouwbaarheid, gebruiksgemak en prestaties. Juist op die vlakken scoort dit mesh-systeem keer op keer hoog.

Dat begint al met het installatieproces. Gebruikers geven aan dat het instellen van de set bijzonder eenvoudig is. "De installatie was erg eenvoudig dankzij de intuïtieve Deco-app, waarbij het systeem binnen een paar minuten operationeel was." Ook de snelheid en prestaties vallen in de smaak. De reacties liegen er niet om: "Ik was gelijk onder de indruk van de snelheid, op sommige plekken in huis haal ik met gemak 400 Mbps." En: "De snelheid is werkelijk top: zelfs in de verste hoeken van het huis blijft de verbinding stabiel en razendsnel."

Dat is mede te danken aan de sterke mesh-dekking en de soepele roaming tussen de units. Een gebruiker vat het krachtig samen: "De mesh WiFi zorgt voor een sterke en stabiele verbinding in het hele huis. Zelfs op zolder blijft de snelheid hoog en zonder haperingen." Anderen merken op dat apparaten automatisch overschakelen naar het dichtstbijzijnde wifi-punt: "Alle apparaten melden zich netjes aan bij het punt dat het dichtste in de buurt is. Telefoons schakelen vloeiend over."

De algehele gebruikservaring wordt bovendien als zeer positief ervaren. Niet alleen vanwege de prestaties, maar ook dankzij de handige app-functies. "Overal in huis een stabiele verbinding. De app biedt handige functies zoals apparaatbeheer en statusweergave," aldus een reviewer. En over de nieuwe WiFi 7-technologie zegt iemand: "Dankzij WiFi 7 profiteer je van extreem hoge doorvoersnelheden en minimale latency, ideaal voor gamen, streamen en zware downloads."

Hoewel er hier en daar kleine opmerkingen zijn - zoals dat de snelheidswinst van WiFi 7 niet altijd zichtbaar is op oudere apparaten - overheerst de positieve toon duidelijk. Wat consumenten vooral waarderen, is hoe de TP-Link Deco BE25 hun wifi-ervaring in huis structureel verbetert: minder uitval, meer snelheid en stabiel internet in elke ruimte. Dat maakt het tot een set waar je echt op kunt bouwen.

©TP-Link

Een eerlijk oordeel

De TP‑Link Deco BE25 combineert technische kracht met eenvoud en gebruiksgemak - precies wat veel consumenten zoeken in hun thuisnetwerk. Door de combinatie van snelle prestaties, brede dekking en een intuïtieve app‑gestuurde installatie verdient dit systeem de titel Best Reviewed van het Jaar 2025. Of je nu een groot huis hebt, meerdere apparaten tegelijk gebruikt of gewoon een stabielere en snellere wifi‑ervaring wilt: de TP-Link Deco BE25 is volgens gebruikers een uitstekende keuze.

Ontdek de TP‑Link Deco BE25 op Kieskeurig.nl

▼ Volgende artikel
Review: In Reanimal mag je samen naar de gemuteerde kinderboerderij
© Tarsier Studios/Tijn Kranen
Huis

Review: In Reanimal mag je samen naar de gemuteerde kinderboerderij

Achtpotige mottenballen, levende huidplooien en gemuteerde pelikanen: in het ‘schattige’ Reanimal kom je het allemaal tegen. Gelukkig sta je er niet alleen voor, want je kunt er voor kiezen om samen met een medespeler via coöp dit levende schilderij in te duiken - al is het resultaat vooral dat je sámen geen snars van het verhaal snapt.

Het Zweedse Tarsier Studios heeft al even geoefend met het concept van Reanimal. De game heeft namelijk een hoop weg van hun vorige games, Little Nightmares 1 en 2: ook hier wandel je door een stel surrealistische, levende horrorschilderijen.

Hoewel het niet letterlijk om een schilderij gaat, kan ik het gevoel niet anders beschrijven. Je beweegt je door een reeks prachtige omgevingen gevuld met bizarre monsters, die vooral de logica volgen van nachtmerries en kinderangsten. Reanimal lijkt in de verte wel een verhaal te willen vertellen, maar Tarsier beseft dondersgoed dat minimalisme het alleen maar griezeliger maakt.

Watch on YouTube

Simpel doch effectief

De mist hangt over het waterlichaam. Er zit een kind in een bootje. Als je aan de knoppen zit te morren, heb je door dat jij het kind bestuurt - tijd om naar dat rode licht in de verte te varen. Als je dichterbij komt, blijkt het een boei te zijn, met daarnaast spartelend in het water een vriendje. Ze klimt bij je in de boot. Als je een tweede controller aansluit of online speelt, is dit je coöp-partner. Zo niet, dan blijft het een computergestuurde vriend die vooral gezelschap biedt.

Terwijl je samen van boei naar boei vaart, doemt er in de verte een rotspartij op. Oh, die ziet er groot uit. Wacht, die is écht groot! Als je eenmaal bij het strand komt, ram je je bootje het zand in. Zo, die ligt lekker stevig.

Als je een dichte deur tegenkomt, snap je als gamer wel wat je missie is: zoek maar naar een sleutel. Vervolgens blijf je zonder echte reden maar een pad volgen, al kom je er gaandeweg achter dat je andere kinderen probeert te redden van monsters.

©THQ Nordiq/Tarsier Studios

Een versleten screenshotknop

Het verhaal staat dus niet echt voorop - en eerlijk gezegd staat diepgaande gameplay óók niet echt voorop. Maar wat maakt deze game dan in godsnaam zo indrukwekkend? Dat komt allemaal neer op fenomenaal ontworpen omgevingen en geniaal ontworpen monsters.

Het helpt daarbij dat Reanimal een ontzettend goed gevoel van schaal weet over te brengen: je voelt je piepklein, en grote dingen in de spelwereld voelen gigantisch. Daar komt ook een sterk staaltje camerawerk bij kijken. Op precies de juiste momenten wordt de camera naar achteren getrokken om te onthullen dat er in de achtergrond al de hele tijd een of ander gemuteerd boerderijdier op je ligt te wachten.

Op de PlayStation 5, waar we de game op hebben gespeeld, ziet Reanimal er prachtig uit. Op een zeldzame lelijke texture na is het spel gevuld met visuele meesterwerkjes. Je kunt op ieder willekeurig moment een screenshot maken, en het bij wijze van spreken inlijsten en ophangen. In vijf uur speeltijd heb ik 108 screenshots gemaakt, mede vanwege de mooie lichtinval.

Slide
Slide
Slide
Slide

Niet meer dan een middag

Daar is dan ook meteen het grootste struikelblok: in vijf uurtjes was ik wel door de game heen, terwijl ik het best rustig aan deed. Het spel gaat voor vier tientjes over de toonbank - toch best een hoge prijs voor zo’n korte game. In coöp doe je er misschien nog iets langer over, maar ik zou er niet op rekenen.

In de omgeving zijn er nog enige collectibles te vinden: posters met concept art en dierenmaskers, waar je je personages mee kan aankleden. Dat is best leuk, want die art is belachelijk mooi en die maskers worden steeds absurder. Gelukkig spat de kwaliteit er wel van af, want iedere omgeving is een kunstwerk op zich.

©Tarsier Studios/Tijn Kranen

Lekker rondkijken

Om nog even op die coöp-gameplay terug te komen: we hebben hier niet te maken met een game als Portal 2, waarbij de puzzels zijn gebouwd om als duo op te lossen. Hoewel de functie een van de selling points is, heb je absoluut geen tweede speler nódig.

De coöp-modus is zowel online als lokaal beschikbaar, al is er geen matchmaking. Je moet de lobbycode invoeren van de persoon met wie je wil spelen, dus met een vreemdeling spelen is er niet bij. We hebben de functie daardoor niet uitvoerig kunnen testen, maar het lijkt prima te werken.

Voor de puzzels heb je ook geen twee sets hersenen nodig: het zijn vrij simpele puzzels die er vooral voor zorgen dat je aandacht naar de mooie locaties getrokken wordt. Ingewikkelder hoeft het ook niet te zijn, want als je echt je hersens had moeten gaan kraken, dan had het die melancholische droomsfeer misschien wel kapotgemaakt.

©Tarsier Studios/Tijn Kranen

Hypnotiserend

Tarsier Studios weet precies wat Reanimal moet zijn: hypnotiserend, surrealistisch, schattig en tegelijkertijd doodeng. Het minimalistische verhaal is lastig te volgen, maar de gevoelens raken wél - al is het einde wat abrupt. Het grijpt je niet bij de keel, maar glijdt langzaam om je strot heen en knijpt zonder dat je het doorhebt.

Het voelt als de vreemdste plekken uit Silent Hill, of de Dark Place uit Alan Wake 2, maar het heeft ook weer wat weg van Coraline en Guillermo Del Toro’s Pinocchio. Het deed me misschien nog het meest denken aan deze concept trailer van Silent Hills, een game die helaas nooit het daglicht heeft mogen zien.

Stel je voor dat je door een bioscoop heen loopt, waar een dood (of gehypnotiseerd) publiek zit te kijken naar iets dat je alleen kan vergelijken met de videoband uit The Ring. Als je naar buiten komt, staat er een grote spinachtige man met een ijscowagen op je te wachten om je op te grissen. Als je eenmaal aan hem bent ontsnapt, wordt je geconfronteerd met de volgende griezelige omgeving en een nieuw, prachtig, tragisch en doodeng gemuteerd monster. In Reanimal snap je misschien niet precies wat er gebeurt, maar je gaat het zeker niet vergeten.

Reanimal is vanaf 13 februari verkrijgbaar voor PlayStation 5, Xbox Series-consoles, Nintendo Switch 2 en pc. Voor deze review is de game op PlayStation 5 gespeeld.

Goed
Conclusie

De visie achter Reanimal is duidelijk: geen ingewikkelde puzzels of verhaallijnen, maar een gestroomlijnde, sfeervolle koortsdroom met gedetailleerde plaatjes (en monsters) die nog lang in je hoofd blijven hangen. Tarsier Studios had de game kunnen opvullen met meer omgevingen of meer simplistische puzzels, maar dat zou wellicht alleen maar aan de ervaring af doen. Reanimal is daardoor wat aan de simpele en korte kant, maar de game blijft na het uitspelen wel nog veel langer door je hoofd spoken.

Plus- en minpunten
  • Kunstzinnige monsters en omgevingen
  • Mooie graphics
  • Co-op-functie is een welkome toevoeging
  • Gameplay maar weinig diepgaand
  • Kort en een tikje anticlimactisch
  • Niet erg uitdagend