ID.nl logo
Armbian installeren op een singleboardcomputer
© Reshift Digital
Huis

Armbian installeren op een singleboardcomputer

De officiële besturingssystemen voor tal van singleboardcomputers zijn vaak verouderd worden niet lang ondersteund. We gaan Armbian installeren. Dit is een Linux-distributie die met veel ontwikkelbordjes compatible is en wél up-to-date wordt gehouden.

De Raspberry Pi Foundation staat bekend om zijn uitstekende softwareondersteuning. Zelfs het eerste model van de Raspberry Pi, ondertussen ruim negen jaar oud, wordt nog altijd ondersteund in de nieuwste versie van Raspberry Pi OS, het op Debian-gebaseerde besturingssysteem voor het populaire computerbordje.

Verlaat je het Raspberry Pi-universum, dan merk je al snel dat die softwareondersteuning niet zo vanzelfsprekend is. Op de websites van andere fabrikanten van computerbordjes vind je vaak downloads van jaren geleden, met oude Linux-kernels. Het zijn vaak speciaal voor deze computerbordjes aangemaakte Linux-distributies die daarna niet meer onderhouden zijn.

Gelukkig is er één groep ontwikkelaars die zich het lot van al die minder populaire ARM-ontwikkelbordjes aantrekt. Zij zijn acht jaar geleden begonnen met het maken van een op Debian gebaseerde distributie: Armbian. Deze Linux-distributie ondersteunt ondertussen maar liefst 134 ARM-bordjes en 20 verschillende kernels.

Over welke bordjes gaat het zoal? Heel wat van de NanoPi’s, Orange Pi’s, Banana Pi’s, Odroids en Hummingboards. Ook bordjes en ARM-laptops van Pine64 en Olimex, evenals de ASUS Tinker Board en de schattige Cubox-i. Of heb je een Helios4- of Helios64-NAS van Kobol? Ook daar draait Armbian op.

Armbian downloaden

Op de Armbian-website heeft elk type ARM-bordje een eigen downloadpagina met enkele images. Doorgaans zijn dat er drie: een serverimage met Debian Buster, een serverimage met Ubuntu Focal en een desktopimage met Debian Buster of Ubuntu Focal, waarop een Xfce-desktop draait. Voor een server- of netwerksysteem zoals de Helios64-NAS zul je geen desktopimage vinden.

Het image schrijf je met USBImager of balenaEtcher naar een microSD-kaartje. In de documentatie van Armbian waarschuwen de ontwikkelaars ervoor dat je het best een kaartje van applicatieklasse A1 neemt: die zijn geoptimaliseerd voor willekeurige I/O (input/output), in plaats van de standaardkaartjes die voor digitale camera’s zijn ontworpen en dus zijn geoptimaliseerd voor sequentiële I/O. A2-kaartjes zouden nog beter zijn, maar hebben nog geen driver in Armbian. Die vermijd je voorlopig dus het best.

©PXimport

Start je ARM-bordje op met het microSD-kaartje erin. Armbian geeft je drie manieren om in te loggen. Of je sluit een scherm en toetsenbord aan, of een seriële kabel, of je logt via het netwerk in met ssh als je bordje via DHCP een ip-adres krijgt.

In Windows gebruik je voor de seriële verbinding het programma PuTTY, waarbij je een vinkje zet voor Serial, de juiste COM-poort invult en als snelheid 115200 kiest. In Linux log je op de console in met de opdracht screen /dev/ttyUSB0 115200. In macOS doe je hetzelfde als in Linux, maar met als apparaatbestand iets wat begint met /dev/tty.usbserial-

De beschikbare seriële apparaten krijg je te zien met de commando’s ls /dev/ttyUSB* (in Linux) of ls /dev/tty.usbserial-* (in macOS). Om in te loggen via ssh gebruik je op alle besturingssystemen de opdracht ssh root@IP, waarbij IP het ip-adres van het bordje is.

Wachtwoord veranderen

Op welke manier je ook inlogt, standaard log je in als gebruiker root en voer je het wachtwoord 1234 in. Als je niets ziet, druk dan eens op Enter om de inlogprompt te laten verschijnen. Nadat je ingelogd bent, krijg je onmiddellijk de vraag om een nieuw wachtwoord in te stellen. Daarna kies je ook je standaard-shell en maak je een gebruikersaccount aan (want altijd als root inloggen is een beveiligingsrisico).

Als je vanaf een desktopimage opstart, toont die standaard de desktopomgeving zonder om een wachtwoord te vragen. Daarom installeer je het best een displaymanager, die het aanmeldvenster toont. Een niet al te zwaar programma met toch veel mogelijkheden is LightDM, dat je als volgt installeert:

sudo apt install lightdm

Na de volgende reboot krijg je een grafisch aanmeldvenster en kun je met je wachtwoord in je desktopomgeving inloggen.

©PXimport

Armbian updaten

Armbian is zoals gezegd een Debian-omgeving, met naar keuze Debian- of Ubuntu-pakketten. Als je al gewend bent aan Raspberry Pi OS, of al ervaring hebt met Debian of Ubuntu op je server of desktop, zul je je dus onmiddellijk thuis voelen in Armbian.

Het eerste wat je op elk Debian-gebaseerd besturingssysteem doet na de installatie, is uiteraard het hele systeem updaten met de commando’s:

sudo apt update
sudo apt upgrade

Er is wel een belangrijk verschil met Raspberry Pi OS of met Linux-distributies voor x86: Armbian gebruikt de bootloader u-boot voor ARM-bordjes. Na de upgrade van de ‘gewone’ pakketten dien je u-boot afzonderlijk te upgraden.

Start daarvoor het configuratieprogramma van Armbian op:

sudo armbian-config

Open dan het menu System / Install / Install/Update the bootloader on SD/eMMC. Je kunt ook rechtstreeks het installatiescript uitvoeren met:

sudo nand-sata-install

Heeft je bordje geen eigen interne opslag, dan installeer je de bootloader op de microSD-kaart. Maar sommige bordjes, waaronder de Kobol Helios64, hebben al ingebouwde opslag, zoals een eMMC- of NAND-kaart. Via dit script kun je de bootloader en het hele besturingssysteem hierop installeren en daarna ook updaten. De eMMC-opslag is vaak sneller en betrouwbaarder dan een SD-kaartje.

Seriële kabel

Een seriële kabel is handig om op een bordje in te loggen als je geen scherm en toetsenbord hebt, bijvoorbeeld als je netwerkproblemen wilt oplossen. Afhankelijk van je bordje kun je voor de seriële kabel een usb-kabel gebruiken. Zo sluit je bij de Kobol Helios64 een usb-c-kabel aan op de achterkant, en de andere kant op je computer. Maar bij de meeste bordjes heb je een zogenoemde usb-naar-TTL-kabel nodig. Dat is een kabel die aan de ene kant een usb-connector heeft die je op je pc aansluit, en aan de andere kant vier vrouwelijke connectoren van jumperwires, die je op de GPIO-pinnen van je bordje aansluit. 

Bij de Orange Pi’s zijn de drie pinnen gelabeld met namen TX, RX en GND. Je moet altijd TX van de kabel op RX van het bordje aansluiten en andersom. Let ook op dat je kabel de juiste spanning voor je bordje gebruikt: 3,3 of 5 V.

©PXimport

Armbian configureren

Je kunt Armbian configureren zoals elk Debian- of Ubuntu-systeem, maar de ontwikkelaars bieden ook een basisprogramma aan dat je in een menugebaseerde interface toelaat om allerlei instellingen voor het besturingssysteem aan te passen. Je start het met commando armbian-config. Je hebt het hierboven al geopend om de bootloader te upgraden, maar er kan nog veel meer mee.

Het hoofdmenu bestaat uit vijf onderdelen: System, Network, Personal, Software en Help. Die laatste toont gewoon enkele links naar de documentatie van Armbian, het forum van Armbian en de GitHub-pagina van het programma.

In System staan enkele geavanceerde systeeminstellingen. De bootloader was je al tegengekomen (Install), maar je kunt er ook je huidige kernelversie bevriezen (Freeze) zodat je die niet per ongeluk upgradet, wat handig is als je problemen verwacht. 

De parameters voor het opstarten pas je aan in Bootenv, de maximale processorsnelheid in CPU, en modules voor I²C, UART en 1-Wire schakel je in Hardware in. Met Other schakel je over naar de andere kernel. Armbian ondersteunt op de meeste systemen een oude kernel en een recente.

In Network kun je bij IP je netwerkinterfaces configureren voor DHCP of een statisch ip-adres instellen. Bij IPV6 schakel je IPv6 in of uit, en als je bordje een wifi-interface heeft, maak je met Hotspot een draadloos toegangspunt of met WiFi verbinden met een draadloos netwerk. Met Advanced pas je de netwerkconfiguratie in /etc/network/interfaces handmatig aan.

In Personal stel je je tijdzone, taal, toetsenbordindeling en hostname in. Bij Welcome kun je aanvinken welke informatie er allemaal getoond wordt wanneer je inlogt. En bij Mirror kies je een andere mirrorserver dan degene die Armbian standaard selecteert om pakketten van te downloaden.

Software installeren

In het onderdeel Software kun je enkele geavanceerde taken uitvoeren, zoals een uitgebreide benchmark van je bordje (Benchmarking), of de installatie of verwijdering van headers en broncode van de kernel (Headers_install en Source_install). Maar het interessantste onderdeel is Softy, een eenvoudig installatiemenu voor allerlei pakketten.

©PXimport

Waarom zou je software via dit menu installeren en niet gewoon via het apt-commando? De opties Samba en CUPS voor Windows-bestandsdeling respectievelijk printerondersteuning zijn inderdaad nog eenvoudig via apt te installeren. Maar de rest zijn voornamelijk pakketten die niet in de standaardrepository te vinden zijn. 

In dit menu kun je deze toch eenvoudig installeren, zodat je niet handmatig externe installatiescripts hoeft te downloaden en uitvoeren. Op deze manier installeer je bijvoorbeeld Home Assistant, openHAB, OpenMediaVault, Syncthing, Pi-hole of Plex Media Server. Naast de installatie voert het script ook bordspecifieke tweaks uit.

Conclusie

Heb je een ARM-bordje waarvan de officiële Linux-distributie verouderd is of je niet bevalt? Bekijk dan zeker Armbian eens. Als je een beetje met Debian of Ubuntu bekend bent, voelt Armbian heel vertrouwd aan.

Er zijn uiteraard nog andere besturingssystemen voor dit soort bordjes, bijvoorbeeld gebaseerd op Yocto of Buildroot, maar die twee buildsystemen zijn meer voor geavanceerd gebruik. Armbian lijkt de perfecte balans te vinden tussen geavanceerde functies en gebruiksgemak.

▼ Volgende artikel
Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat
Huis

Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat

Capcom heeft eerder deze week een livestream uitgezonden waarin nieuwe beelden werden getoond van het aankomende horrorspel Resident Evil Requiem. Ook werd er meer informatie gegeven over de game.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Nadat eind vorig jaar al werd aangekondigd dat spelers niet alleen Grace Ashcroft zullen besturen, maar ook Leon S. Kennedy - een bekend gezicht voor mensen die eerdere delen hebben gespeeld - werd er tijdens de livestream uitgebreid gameplay van dit personage getoond.

Twee verschillende hoofdpersonages

Daarbij werd de nadruk gelegd op de verschillende speelstijlen van Leon en Grace. Op verschillende momenten gedurende de game wordt er automatisch tussen deze personages gewisseld, en ze zullen elk compleet andere gameplay bieden.

De segmenten met Leon - onder andere bekend uit Resident Evil 2 en Resident Evil 4 - zijn erg op actievolle schietgevechten gericht. Leon kan daarnaast ook de kelen van vijanden doorsnijden. Hij heeft ook een bijl waarmee hij aanvallen kan afweren. Grace's segmenten zijn juist erg gericht op spanning en horror en draaien vooral om het vermijden van intense gevechten.

Tijdens de livestream werd ook onthuld dat de game niet alleen naar consoles en pc komt, maar dat leden van Nvidia GeForce Now de game ook kunnen spelen. Ook werd er gepraat over de verschillende moeilijkheidsgraden - zo is er een extra makkelijke moeilijkheidsgraad voor mensen die weinig ervaring hebben met dit type spellen.

De complete livestream kan hieronder worden bekeken. In verband met de volwassen inhoud van de livestream kan het mogelijk zijn dat je op de link in de video moet klikken om naar YouTube te gaan en te bewijzen dat je volwassen bent.

Vanaf 27 februari verkrijgbaar

Resident Evil Requiem verschijnt op 27 februari (pre-orderen kan nu al) voor PlayStation 5, Xbox Series X en S, Nintendo Switch 2 en pc. Het is het negende hoofddeel in de horrorserie die al sinds de jaren negentig bestaat. In de loop der jaren is de franchise meermaals flink op de schop gegaan. Zo richtte Resident Evil 4 zich meer op actie, en zijn horrorelementen sinds Resident Evil 7: Biohazard weer teruggekeerd. Resident Evil Requiem lijkt dan ook een combinatie van al deze elementen te gaan bieden.

Op 27 februari zullen overigens ook Resident Evil 7 en Resident Evil Village (het achtste deel) op Nintendo Switch 2 uitkomen. Daarnaast verschijnt Village later deze maand op PlayStation Plus en Xbox Game Pass.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten
© chadchai - stock.adobe.com
Huis

Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten

Je kijkt een spannende serie en opeens bevriest het beeld. Dat bekende draaiende cirkeltje… er zijn weinig dingen zó frustrerend. Gelukkig ligt de oplossing vaak binnen handbereik. De snelheid van je internet hangt namelijk sterk samen met de manier waarop je thuis met je apparatuur omgaat. Door een paar veelgemaakte fouten te vermijden en de juiste techniek te kiezen, merk je vaak direct dat je netwerk stabieler wordt, zonder dat daar een duurder abonnement voor nodig is.

In het kort

In dit artikel lees je welke drie wifi-fouten het vaakst zorgen voor traag internet of haperingen: een onhandige plek voor je router, drukte op 2,4 GHz en verouderde firmware of hardware. Je ziet ook hoe je zelf een rustiger kanaal vindt en wanneer het slim is om te kiezen voor 5 GHz of 6 GHz. Tot slot leggen we uit wat wifi 6 en wifi 7 doen en waarom een netwerkkabel van minimaal cat5e verschil kan maken.

Lees ook: Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Fout 1: De router op de verkeerde plek neerzetten

Een router wint qua looks zelden een schoonheidsprijs. De neiging om het apparaat uit het zicht te plaatsen is daarom groot. Toch is een verkeerde locatie de meest gemaakte fout die je bereik merkbaar (en soms zelfs dramatisch) kan verkleinen.

Dat zit zo.  Je kunt wifi-signalen vergelijken met het licht van een gloeilamp. Als je die lamp in een houten kast of achter een dikke bank zet, blijft de rest van de kamer donker. Obstakels zoals muren, meubels en zelfs grote kamerplanten blokkeren de onzichtbare golven. Vooral metaal en water zijn beruchte boosdoeners; een router naast een aquarium of achter een radiator plaatsen is vragen om problemen.

Ook de hoogte is bepalend. Veel mensen zetten de router op de grond, maar op de grond zit het signaal sneller 'achter' meubels en andere blokkades. Zet het apparaat liever op een kast of boekenplank op ooghoogte voor een vrije weg naar je apparaten.

©ID.nl

Fout 2: Storing door andere apparatuur over het hoofd zien

Je staat er waarschijnlijk niet bij stil, maar veel apparaten in huis gebruiken dezelfde onzichtbare digitale snelweg als je internetverbinding. De magnetron, sommige babyfoons en zelfs de draadloze koptelefoon van de buren vechten om een plekje op de 2,4GHz-band. Ook andere wifi-netwerken in de buurt kunnen voor digitale files zorgen.

De meeste moderne routers ondersteunen gelukkig ook de 5GHz-frequentie. Deze band is veel breder en heeft minder last van andere apparatuur. Het handmatig selecteren van het 5GHz-netwerk levert vaak direct een snelheidswinst op. Heb je een router met wifi 6e of wifi 7, dan kun je soms ook de 6 GHz-band gebruiken. Die is vaak rustiger, maar het bereik is meestal wat kleiner dan bij 5 GHz.

Tip: geef je netwerken duidelijke namen

Veel routers zenden meerdere wifi-netwerken tegelijk uit: 2,4 GHz voor bereik, 5 GHz voor snelheid en soms ook 6 GHz voor extra ruimte in drukke omgevingen. Als al die banden onder één naam vallen, kiest je smartphone of laptop automatisch. Dat gaat vaak goed, maar niet altijd: je toestel kan blijven “plakken” aan 2,4 GHz terwijl 5 GHz op dat moment sneller en stabieler is.

Door je netwerken een herkenbare naam te geven, maak je de keuze simpel. Geef de 2,4 GHz-band bijvoorbeeld de naam thuis-2g, de 5 GHz-band thuis-5g en, als je die hebt, de 6 GHz-band thuis-6g. Dan zie je in één oogopslag welk netwerk je pakt. Zit je ver van de router, dan is 2,4 GHz vaak de veiligste optie. Zit je dichtbij en wil je vooral snelheid, dan ligt 5 GHz of 6 GHz meer voor de hand. Zo kun je bij haperingen of traag internet meteen testen of een andere band het probleem oplost, zonder dat je in instellingen hoeft te graven.

View post on TikTok

Fout 3: Verouderde software en hardware blijven gebruiken

Technologie verandert razendsnel en dat geldt ook voor de beveiliging en snelheid van je netwerk. Veel huishoudens werken nog met de router die ze jaren geleden bij hun eerste abonnement kregen. Deze oude techniek kan de moderne eisen van streaming en videobellen simpelweg niet meer bijbenen. Daarnaast vergeten veel gebruikers om de firmware van hun apparaat te updaten. Fabrikanten brengen deze software-updates uit om prestaties te verbeteren en lekken te dichten. Een verouderd systeem is niet alleen trager, maar ook een makkelijker doelwit voor hackers.


1️⃣2️⃣3️⃣Stappenplan: de beste wifi-kanalen scannen

Als je buren ook allemaal op hetzelfde wifi-kanaal zitten, ontstaat er interferentie. Je kunt dit zelf eenvoudig oplossen door een rustiger kanaal te zoeken.

1) Download een app zoals WiFi Analyzer (Android) of NetSpot (Windows, macOS, Android & iOS).

2) Open de app en bekijk de grafiek van de omgeving. Je ziet hier welke kanalen drukbezet zijn door netwerken in de buurt. Noteer het kanaalnummer dat het minst wordt gebruikt. Vaak zijn kanaal 1, 6 of 11 op de 2,4GHz-band de beste keuzes.

3) Log in op de webinterface van je router via je browser (meestal via een adres als 192.168.1.1). Zoek naar de draadloze instellingen en wijzig het kanaal van 'Automatisch' naar het door jou gekozen nummer. Sla de instellingen op en test of je verbinding stabieler aanvoelt.

Het verschil tussen wifi 6 en wifi 7

Sta je op het punt om een nieuwe router of laptop te kopen? Dan kom je de termen wifi 6 en wifi 7 tegen. Wifi 6 was een grote stap vooruit omdat het beter omgaat met veel apparaten tegelijk op één netwerk. Het zorgt voor een efficiëntere verdeling van de data. Wifi 7 is de allernieuwste standaard en gaat nog een flinke stap verder. Het maakt gebruik van extreem brede kanalen en kan verbinding maken via meerdere frequenties tegelijkertijd. Dit wordt Multi-Link Operation genoemd. Hierdoor is de vertraging merkbaar lager en kun je hogere snelheden halen, vooral op korte afstand en met geschikte apparaten. Voor een gemiddeld huishouden is wifi 6 momenteel een uitstekende keuze, terwijl wifi 7 echt voor de toekomst is gebouwd.

Heel belangrijk: de juiste bekabeling

Draadloos internet begint voor de meeste mensen bij een kabel: heb je een los modem en een losse router, dan vormt de kabel ertussen de basis. Gebruik je hier een oude kabel, dan wordt de snelheid al beperkt voordat het signaal de lucht in gaat. Controleer of er Cat 5e, Cat6 of Cat6a op de kabel staat, dan zit je meestal goed. Cat5 haalt soms maar 100 Mbps door kwaliteit/afmontage. Heb je cat5 liggen? Vervang dat dan in ieder geval door cat5e; dat is een veilige keuze voor gigabit. Een kleine investering in een kwalitatieve netwerkkabel kan een wereld van verschil maken voor de uiteindelijke wifi-snelheid op je telefoon.

Slechte wifi? Oplossen is makkelijker dan je denkt

Alles bij elkaar komt goed wifi minder neer op toeval dan veel mensen denken. Met een slimme plek voor je router, een rustige frequentie en actuele software haal je vaak al verrassend veel winst. Combineer dat met een fatsoenlijke netwerkkabel en je voorkomt dat de dat de verbinding al beperkt wordt voordat het signaal draadloos wordt verspreid. Door deze stappen een voor een toe te passen, los je de meest voorkomende wifi-problemen op zonder dat een duurder internetabonnement nodig is, en maak je van een haperende verbinding weer een stabiele basis voor alles wat je online doet.

Consumenten testen: TP-Link Deco BE25 WiFi 7 mesh set

Op Review.nl, het testplatform waarop consumenten nieuwe technologie uitproberen en hun bevindingen delen, krijgt de TP-Link Deco BE25, een router met dualband wifi 7,  een stevige 8,7 op Review.nl. En dat betekent iets: want omdat op Review.nl producten getest worden door een panel van echte gebruikers, zie je hoe iets in een normaal huishouden presteert.

Wat opvalt is hoe vaak testers terugkomen op de snelheid en stabiliteit. De overstap naar wifi 7 levert volgens veel gebruikers merkbaar meer rust in het netwerk op, vooral in huizen waar voorheen op zolder, in de tuin of achterin de woonkamer nauwelijks een bruikbaar signaal was. De Deco BE25 vult dat soort gaten zichtbaar op. Apparaten blijven stabiel verbonden, streamen gaat zonder haperingen en ook gamers merken volgens de testers dat de latency laag blijft. Wie een gigabitverbinding heeft, ziet die snelheid nu ook daadwerkelijk terug op plekken waar dat eerst niet haalbaar was.

Een tweede punt dat veel lof krijgt, is de installatie. De meeste testers spreken over een proces van enkele minuten. De app begeleidt je stap voor stap, herkent automatisch de nieuwe units en geeft advies over de beste plek voor elk wifipunt. Daardoor voelt het hele systeem toegankelijk, ook voor wie zichzelf niet technisch vindt. Eenmaal ingesteld blijkt het netwerk bovendien weinig onderhoud nodig te hebben: de app verdeelt verkeer slim, laat je apparaten prioriteren en biedt opties voor gastnetwerken en ouderlijk toezicht.

Het ontwerp en de functionaliteit leveren wel discussie op. Een deel van de testers vindt de units wat groot en mist montageopties of extra ethernetpoorten. Ook melden sommige gebruikers dat smartphones niet altijd direct naar het dichtstbijzijnde wifipunt schakelen. Toch wordt dat in de meeste reviews gezien als een detail naast de verbeterde dekking en het gemak van dagelijks gebruik.

Alles bij elkaar laat het testpanel zien dat de Deco BE25 vooral scoort op prestaties waar consumenten echt iets van merken: hogere snelheden, betere dekking en een probleemloos installatieproces. Voor veel huishoudens voelt het als een upgrade die een onrustig wifi-netwerk verandert in een betrouwbaar en snel geheel.