ID.nl logo
Review Wooting Two - Een klik met Lekker-switches
© Reshift Digital
Huis

Review Wooting Two - Een klik met Lekker-switches

Enkele jaren geleden brachten drie enthousiaste Nederlanders een uniek product uit: een toetsenbord met een analoge functie. Bij zo’n keyboard heb je vergaande controle over hoe je computer reageert bij het indrukken van elk van de switches. Inmiddels hebben ook enkele grote gamenamen zich aan het concept gewaagd. Een mooi moment voor de drie heren achter Wooting om zelf weer een nieuwe stap vooruit te zetten, ditmaal met magnetische schakelaars met een aansprekende naam: de Lekker-switches.

Achter de Lekker-switches van de nieuwe Wooting two HE schuilt een opvallende ontwikkeling: die van de magnetische schakelaar. In tegenstelling tot de mechanische switches die we in het gros van de duurdere toetsenborden vinden en die fysiek iets complexer zijn, is de Lekker-switch ogenschijnlijk eenvoudig. Door middel van magneten wordt precies gemeten hoe ver jij je switch indrukt.

Het idee erachter is vergelijkbaar met eerdere optische schakelaars die de exacte indrukafstand omzetten in analoge bediening, vergelijkbaar met wat er gebeurt wanneer je de richtingspook van een gamecontroller een klein beetje beweegt. Het voordeel van de magnetische Lekker-switch is dat deze nauwkeuriger is. Bovendien kunnen deze schakelaars de mate van beweging over het volledige bereik van de switch meten. Optische schakelaars hebben duidelijke dode zones aan het begin en eind van de beweging.

Een bijkomend voordeel is de duurzaamheid. De afwezigheid van plastic en metalen delen die constant langs elkaar heen schuiven, maakt dat deze schakelaars zo lang meegaan dat je zelfs na vele jaren nog exact dezelfde ervaring hebt. Althans, dat is de theorie.

Wat kun je ermee?

De grote vraag is wat je er nu echt aan hebt. En dit is een van de grootste uitdagingen van dit product, of praktisch elk product dat iets unieks doet. Dat ging op voor de oorspronkelijke Wooting, de analoge toetsenborden van concurrenten en ook voor de nieuwe Wooting two HE.

De analoge controle geeft in theorie veel mogelijkheden. Zo is het normaliter geen pretje om een racegame op een toetsenbord te spelen, maar met een analoog toetsenbord als dit krijg je wél de precieze controle over je auto. Hetzelfde geldt voor games als Rocket League, maar ook sportgames en zelfs sommige shooters. Eigenlijk profiteert elk spel dat je met een controller kunt spelen van een fijnere controle dan de digitale switches die je in de meeste toetsenborden aantreft. De nieuwste Flight Simulator is wellicht nog wel het beste voorbeeld van een spel dat baat heeft bij dit keyboard.

Maar de uitdaging is tweeledig. Enerzijds zien we dat de meeste games en applicaties niet zijn ingesteld op analoge toetsenborden, omdat die nog steeds vrij zeldzaam zijn. Het gevolg is dat je soms veel tijd kwijt bent om je toetsenbord per applicatie goed af te stellen. Dit is dus geen keyboard voor ongeduldige gebruikers. Aan de andere kant vroegen wij ons tijdens het gamen af of we niet net zo makkelijk een gamecontroller erbij hadden kunnen pakken. In theorie vervangt de Wooting two HE zowel een goed toetsenbord als een controller, maar in de praktijk bespaar je daar geen geld mee. Daar is het apparaat simpelweg te duur voor.

©PXimport

Ultiem aanpasbaar

De echte meerwaarde zullen kopers dus moeten vinden in de software die bij dit toetsenbord wordt geleverd. Daarmee kun je eigenlijk veel verder gaan dan met welke gamepad of analoge controller dan ook. Zo kun je niet alleen een X- of Y-as aan een knop koppelen, maar heb je ook vergaande controle over de analoge curve zelf. Ook kun je per knop meerdere acties toewijzen, afhankelijk van hoe ver je hem indrukt of juist loslaat.

De mogelijkheden zijn echt extreem en gaan te ver om uitgebreid te bespreken in een review als deze, maar we durven ze gerust eindeloos te noemen. De beperking zit ‘m hier niet in wat je wel of niet kunt, maar in hoeveel tijd je er zelf in wilt steken om het toetsenbord naar wens in te stellen.

De basis

Ondanks al zijn analoge mogelijkheden kun je met de Wooting two HE ook overschakelen naar een ‘gewone’ toetsenbordmodus, dus die hebben we ook bekeken. Kwalitatief is de Wooting two HE uitstekend, het toetsenbord is erg rigide en oogt lekker neutraal. Andere pluspunten zijn de vervangbare usb-c-kabel en de RGB-verlichting. Het keyboard staat daarmee zijn mannetje in het high-end-segment, maar de prijs van 185 euro is alleen te verantwoorden voor wie heel serieus op zoek is naar de analoge mogelijkheden van dit product.

Het genoemde bedrag kan iets hoger of lager uitvallen, afhankelijk van de keycaps die je wilt hebben. ABS is goedkoper, maar minder duurzaam. PBT is duurder, maar kwalitatief beter. Je kunt het toetsenbord ook zonder keycaps krijgen, mocht je die elders willen kopen. Polssteunen zijn ook optioneel leverbaar.

©PXimport

Conclusie

De Wooting two HE zet een mooie stap op het gebied van analoge toetsenborden. Het is een degelijk product met aantrekkelijke switches, die weer een stapje beter zijn dan die van bestaande analoge toetsenborden. Met zijn analoge eigenschappen biedt hij uitgebreide mogelijkheden. Je moet wel de tijd nemen om een en ander zelf in te stellen, voordat je hier daadwerkelijk van profiteert. Het is dus echt een (niche)product voor liefhebbers. 

Uitstekend
Conclusie

**Prijs** € 175,- tot € 200,- **Website** [www.wooting.io](https://www.wooting.io/)

Plus- en minpunten
  • Mooie stap vooruit voor analoge toetsenborden
  • Uitgebreide softwaremogelijkheden
  • Keurige basismogelijkheden
  • Hoge prijs
  • Frequent (per applicatie) afstellen
▼ Volgende artikel
Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard
Huis

Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard

Het Zuid-Koreaanse zou een shooter gebaseerd op Starcraft in ontwikkeling hebben voor IP-eigenaar Blizzard.

Dat claimt The Korean Economic Daily. Een team binnen Nexon dat gespecialiseerd is in shooters zou zich op dit moment volledig richten op de nog onaangekondigde game. De ontwikkeling zou nog niet lang geleden zijn gestart, en dus zou de shooter nog lang op zich laten wachten.

Verdere details zijn er nog niet, behalve dat Choi Jun-ho ook bij het project betrokken zou zijn. Hij maakte eerder de populaire Shinppu-mapmod voor Starcraft.

Starcraft

Er gaan al langer geruchten over een shooter gebaseerd op Starcraft. Vorig jaar meldde Bloomberg-journalist Jason Schreier al in zijn boek 'Play Nice: The Rise, Fall and Future of Blizzard Entertainment' dat Blizzard aan een shooter zou werken. Volgens Schreier is de shooter van Nexon echter niet gerelateerd aan de shooter van Blizzard - het zouden om twee afzonderlijke projecten gaan.

De Starcraft-reeks bestaat uit real-time strategygames. De eerste verscheen in 1998, en een vervolg kwam in 2010 uit. Blizzard heeft al vaker geprobeerd shooters gebaseerd op de Starcraft-franchise te maken, maar die werden vooralsnog altijd geannuleerd.

Mogelijke onthulling op Blizzcon

Voor het eerst in enkele jaren organiseert Blizzard op 12 en 13 december de Amerikaanse beurs Blizzcon, waar alles rondom de uitgever wordt gevierd. Het is mogelijk dat één van de hierboven genoemde shooters daar wordt onthuld.

▼ Volgende artikel
Review: Mario Tennis Fever is een leuke set
Huis

Review: Mario Tennis Fever is een leuke set

Je vraagt je bij elke Mario-sportgame toch weer af: bereikt het de highs van die oeroude Game Boy-games van Camelot, zoals Mario Tennis en Mario Golf)? Het antwoord is, wat mij betreft, steevast  ‘nee’. Maar tussen ‘perfect’ en ‘niet perfect’ zit nog altijd een breed spectrum aan kwaliteit. En Fever? Die nestelt zich moeiteloos aan de betere kant van dat spectrum.

De drie toernooien die deze game rijk is, daar ben je een uurtje zoet mee. Waarschijnlijk zonder een set te verliezen. De Adventure Mode? Een paar uurtjes meer dan dat, en hoewel ook die nergens uitdagend wordt vertelt het wel een vermakelijk verhaal over Mario en Luigi die als baby’s hun tennis-skills moeten oppoetsen vanwege… bijzondere redenen.

Er zijn ook drie Challenge Towers met allerlei unieke uitdagingen die eventjes vermaken. In mix-up vinden we tennis, maar dan met regels en omstandigheden die alleen het Mushroom Kingdom kan bieden, en dat was het wel zo’n beetje. Wie Mario Tennis Fever alleen speelt is een weekend zoet en heeft zich prima vermaakt. Maar sportgames zijn er, natuurlijk, om je competitieve aard los te laten op vrienden, familie, kroost of online uitdagers.

Leuk

Daarom wil ik het ook niet al te uitgebreid over die singleplayermodi hebben. Ja, Nintendo heeft z’n best gedaan. Ja, er is weinig aan te merken op de minigames en kleine tussenscènes die de Tennis Academy te bieden heeft en de ontwikkelaars verdienen het dat het hier even aangestipt wordt. Nooit sla je stijl achterover van briljante ideeën of concepten, en er wordt geen druppeltje zweet gemorst van de spanning. Maar ‘leuk’ is eigenlijk een perfect, allesomvattend begrip om deze kant van de game te omschrijven.

De echte graadmeter echter, is de kern van de gameplay. Hoe speelt het? Hoe diep gaat het? Hoeveel personages, gekke rackets en super-power-mega-skillmoves zijn er in dit pakketje gepropt en hoe verhouden die zich tot elkaar? Na mening middag ballen overslaan of in dubbelspel terugslaan met mijn zoontje van 9, zijn we eruit: Mario Tennis Fever heeft ontzettend lekkere gameplay.

Content is king

Content is in de eerste instantie de name of the game. Er zitten bijna veertig personages in de game, meer dan een dozijn verschillende banen en de hoofdattractie is de aanwezigheid van tientallen Fever-rackets, die elk hun eigen unieke skill met zich meebrengen. De bananentros die Donkey Kong een ‘racket’ noemt strooit bananen over de baan, met het vulkaanracket plopt er een (je raadt het nooit) vulkaan op uit de baan en het Thwomb-racket zorgt ervoor dat het iconische stenen blok uit de Mario-serie plots uit de lucht valt – hopelijk op een tegenstander. Een zogeheten Fever-shot is verder ook geen hogere wiskunde. Om de zoveel tijd is je metertje vol en ram je dat ding over de baan heen.

Extra fijn is dat het gros van dit alles vrij te spelen is waar je maar wil. Laat je de singleplayermodi links liggen en speel je gewoon wat potjes tegen elkaar? Geen probleem, om de zoveel potten krijg je een nieuw racket, personage, of kleurtjes voor je favoriete tennissers.  

Watch on YouTube

Plak er een voldoende op

Enfin, tot zover de uitleg en alles wat hier te vinden is. Leuk spelletje, plak er een voldoende op en klaar, toch? Nou nee, want hoewel alles hierboven zijn eigen rol speelt, zijn het de diepere lagen daaronder die Mario Tennis  Fever tot grotere hoogten dan ‘plak er even een voldoende op’ stuwen. Al die personages? Die beschikken over hun eigen stats en eigenaardigheden. Wario laadt z’n powershots razendsnel op, Bowser Jr. legt veel meer precisie in z’n topspincurve dan anderen en Shy Guy slaat zijn topspins zonder gehinderd te worden door zijn positie op de baan.

En die banen? Die hebben elk hun eigen ondergrond, waar ballen anders op stuiteren en doorschieten, terwijl spelers zelf ook sneller of minder snel zijn, gebaseerd op het gras of het hardcourt waar ze op spelen. Die Fever-rackets? Oprecht allemaal een andere smaak. Ook daar merk dat extra stukje diepgang waar een wat luiere Mario-sportgame niet aan zou denken: wanneer je een Fever-shot terugslaat vóórdat op jouw zijde van het net landt, kun je met een stuit op de helft van de tegenstander zomaar eens het bijbehorende effect teruggeven. Prettig vervelend als je denkt die koter een modderplas op zijn helft te bezorgen, om ‘m vervolgens zelf om je oren te krijgen als hij de bal vakkundig over je heen lobt en ‘ie alsnog op jouw achterveld terecht komt. Een (modder)koekje van eigen deeg noemen ze dat geloof ik.

Mario Tennis Fever

Slide
Slide
Slide
Slide

Geen Lego, wel Duplo

Al die extra aandachtspuntjes en omstandigheden zijn ook nog eens gebouwd op een fundering van onkreukbare basisgameplay. Topspins, slices, curveballen, lobs en powershots: alles wat je van een tennisgame mag verwachten zit erin. De grote maar is alleen: het gebeurt allemaal zonder de nuance van een échte topgame. Vergelijk het een beetje met Lego en Duplo. Zelfde principe, zelfde soort blokken, maar iets vets bouwen met Lego hit net even anders dan iets vets bouwen met die grote Duplo-blokken. Zo verhoudt deze game zich ook tot de toppers uit het tennisgenre, zoals Virtua Tennis en Topspin. Is veelgevraagd, ik weet het, maar het is wel het verschil tussen goed of geweldig. En Mario Tennis Fever eindigt in het eerste kamp.

Is mijn zoontje naar school, dan heb ik namelijk geen enkele reden om Mario Tennis Fever verder te spelen. Zoals gezegd is al die singleplayercontent niet meer dan ‘even leuk’. En computergestuurde tegenstanders geven zelfs op het hoogste niveau nooit écht tegengas. Bovendien zijn de personages net te groot voor deze banen om het volgende niveau van verfijning te bereiken. Top, zo’n lob. Maar vanwege de dus relatief kleine banen blijft het geen zekerheidje dat je iemand ermee verschalkt die tegen het net aan staat. Aanzienlijke kans dat ie gewoon op tijd de achterlijn haalt, als ie ook maar een klein beetje inzicht heeft. Het zorgt ervoor dat Mario Tennis Fever een absoluut geslaagde game is, met heerlijke multiplayer. Maar wie de eindeloze diepgang en speeluren van, bijvoorbeeld, een Mario Kart World hier zoekt, staat sneller dan gewenst buitenspel. Oh wacht, verkeerd sport…

Mario Tennis Fever is vanaf 11 februari beschikbaar voor Nintendo Switch 2.

Goed
Conclusie

Mario Tennis Fever barst van de content. De vele personages, banen en rackets geven unieke, diepere lagen aan de gameplay en multiplayerpotjes gaan met grote glimlach en een berg vertier gespeeld worden. Jammer voor de wat volwassenere spelers dat die volgende laag diepgang nét niet geraakt wordt. Daarvoor is het singleplayeraanbod niet genoeg, de tegenstanders niet uitdagend genoeg en ontbreekt er hier en daar net wat finesse. Maar ga zo door, Nintendo. Mario Tennis Fever zit namelijk wél in de richting van die tijdloze Camelot-klassiekers waar we zo naar hunkeren.

Plus- en minpunten
  • Flinke hoeveelheid content en modi
  • Sterke basisgameplay
  • Uiteenlopende Fever-rackets
  • Nog altijd sterke multiplayer
  • Daagt je nooit écht uit
  • Diepgang niet eindeloos