ID.nl logo
Installeer zelf je Nest-thermostaat
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Installeer zelf je Nest-thermostaat

Google raadt aan om een deskundige in te schakelen voor de installatie van je Nest-thermostaat, maar je kunt het ook zelf doen. Dat scheelt je installatiekosten. Wij leggen uit hoe je de thermostaat het beste kunt installeren.

Nest adviseert de installatie door een installateur te laten doen en via de website van Nest kun je een installateur bij jou in de buurt zoeken. Het hangt van de installateur af hoeveel de installatie precies kost, maar reken op een bedrag van zo'n 99 euro. Wanneer je een beetje handig bent en zoals de meeste mensen een bedrade thermostaat en cv-ketel (combiketel of soloketel) hebt, dan kun je de installatie waarschijnlijk ook prima zelf.

In dit artikel laten we je zien hoe je de Nest Learning Thermostat zelf installeert en kun je een indruk krijgen of je dat zelf kunt. Het openmaken van de cv-ketel is de moeilijkste stap en je moet zeker weten dat je de Heat Link op de goede contacten aansluit. Heb je geen doorsnee cv-ketel maar een wat ingewikkeldere verwarmingsinstallatie met zonekleppen (zoals bij bijvoorbeeld stadsverwarming of vloerverwarming), dan kun je beter een installateur inschakelen.

01 In de verpakking

In de verpakking vind je naast de thermostaat nog een aantal elementen die je bij de installatie nodig hebt. De belangrijkste hiervan zijn de ronde grondplaat waar je de Nest op monteert en de Heat Link. De Heat Link is een vierkant kastje met een ronde knop. Dit kastje verbind je met je verwarmingsketel.

Daarnaast vind je nog een usb-adapter en micro-usb-kabel in de verpakking. Deze heb je nodig als je besluit om de Nest niet aan te sluiten op de plek van een bestaande bedrade thermostaat of als je de Nest draadloos op de optionele standaard wilt gebruiken. In deze masterclass gaan we uit van de traditionele muurinstallatie op de plek van een bestaande bedrade thermostaat. Wil je dat niet, dan lees je meer in het kader 'Draadloos gebruiken'. De grote vierkante afwerkingsplaat die ook in de verpakking zit, heb je alleen nodig als de muur rondom de plek waar je de Nest wilt ophangen lelijk is door bijvoorbeeld gaten van een vorige thermostaat. De afwerkingsplaat heeft een afmeting van 15 bij 11 centimeter. Tot slot vind je een aantal schroefjes in de verpakking.

Aan/uit-regeling

Er zijn twee manieren waarop een thermostaat met een cv-ketel kan communiceren. De meest simpele is een aan/uit-regeling, waarbij de brander simpelweg wordt in- of uitgeschakeld. Een meer geavanceerde regelmethode is modulering, waarbij ook de branderintensiteit kan worden aangestuurd. Sommige ketelfabrikanten als Nefit gebruiken hiervoor een eigen protocol, maar de meeste fabrikanten gebruiken OpenTherm. De Nest Thermostat ondersteunt alleen de aan/uit-regeling, terwijl veel moderne ketels ook kunnen omgaan met het betere OpenTherm. In de praktijk zal iedere OpenTherm-ketel ook kunnen omgaan met een aan/uit-thermostaat, maar meestal moet je de thermostaatdraad daarvoor aansluiten op twee andere schroefcontacten in de ketel.

03 Waarom de Heat Link?

De meeste thermostaten worden direct aangesloten op de verwarmingsketel. Bij de Nest Thermostat moet je de Heat Link tussen de verwarmingsketel en de thermostaat installeren. De Heat Link fungeert als spanningsbron en als relais voor de verwarmingsvraag. De thermostaatdraad die van je woonkamer naar de verwarmingsketel loopt, wordt gebruikt als voedingskabel voor de Nest. In plaats van één draad heb je dus twee thermostaatdraden nodig: één van de Nest naar de Heat Link en één van je cv-ketel naar de Heat Link. Je zou ervoor kunnen kiezen om de bestaande thermostaatdraad door te knippen. Slimmer is dit niet te doen en een extra stukje signaal- of beldraad in de bouwmarkt te kopen. Zo kun je de bestaande situatie later herstellen.

©PXimport

04 Heat Link installeren

Schakel voordat je begint de verwarmingsketel uit en trek de stekker uit het stopcontact. Maak je cv-ketel open. Raadpleeg hiervoor de handleiding. Maak de draad die naar je huidige thermostaat gaat los van de thermostaatschroefcontacten. Monteer vervolgens een nieuw stuk draad (bijvoorbeeld signaal- of beldraad) op de aan/uit-thermostaatschroefcontacten van je cv-ketel.

Maak de Nest Heat Link open en monteer hem op ongeveer dertig centimeter van je cv-ketel aan de muur. De thermostaatdraad uit je verwarmingsketel sluit je aan op de twee meest rechtse schroefcontacten (2 en 3), de polariteit is niet van belang. De thermostaatdraad die afkomstig is uit de woonkamer, sluit je aan op de twee contacten helemaal rechts (T1 en T2). De polariteit is wederom niet van belang. Veel verwarmingsketels hebben ingebouwde netspanningscontacten. Je kunt de Heat Link dan via een elektriciteitskabel aansluiten op de netspanningscontacten van de Heat Link (N en L). Wij hebben ervoor gekozen om een netsnoer met stekker te monteren. Maak je Heat Link en de verwarmingsketel weer dicht. Laat alles uit en steek nog geen stekkers in het stopcontact!

05 Nest Thermostat installeren

©PXimport

Haal je bestaande thermostaat van de muur. Meestal klik je de thermostaat van de grondplaat, waarna je de grondplaat van de muur kunt schroeven. Schroef nu de grondplaat van de Nest aan je muur of op de inbouwdoos. Heb je een lelijke of verkleurde muur, dan kun de afwerkingsplaat gebruiken.

Handig is dat de grondplaat is voorzien van een ingebouwde waterpas zodat je zeker weet dat je de thermostaat recht ophangt. Sluit vervolgens de twee aders van de thermostaatdraad aan op de twee schroefcontactjes. Hoewel je ook op de grondplaat de aanduidingen T1 en T2 ziet staan, is de polariteit toch niet van belang. Nadat je de grondplaat hebt geïnstalleerd, klik je de Nest Learning op de grondplaat. De Nest zal nog niets doen omdat hij nog geen spanning krijgt van de Heat Link. Ga nu naar je verwarmingsketel en schakel deze weer in. Eventueel steek je ook de stekker van de Heat Link in het stopcontact.

06 Afronden

Nu de Nest Learning Thermostat spanning heeft, moet je een korte setup doorlopen waarin je de thermostaat verbindt met je wifi-netwerk, aangeeft waar je woont en hoe je verwarmingsinstallatie is opgebouwd. Je moet kiezen wat de verwarmingsbron is (in mijn geval gas) en hoe je huis wordt opgewarmd (in mijn geval radiatoren).

Je bedient de Nest met een combinatie van draaien en klikken. Draai aan de ring om een menu-item te selecteren en druk de Nest in om deze selectie te bevestigen. Download ook de Nest-app op je smartphone of tablet en maak via de app een Nest-account aan. Deze kun je koppelen aan je Nest Thermostat door op de Nest een code op te vragen en deze in de app in te voeren. Je Nest Learning Thermostat is nu geïnstalleerd. Als het goed is moet je verwarming aanslaan als je de temperatuur hoger draait dan de huidige temperatuur.

07 Aan de slag

De Nest-thermostaat is ontworpen om energie te besparen, door slim met je CV-ketel om te springen en goed te kijken naar je leefgewoonten. Juist daarom is het wel belangrijk dat het apparaat op de juiste wijze wordt geïnstalleerd, bijvoorbeeld door een optimaal verwarmingsschema op te zetten. Ook een klokprogramma is de moeite waard. Denk zelf ook goed na welke ruimtes er wanneer moeten worden verwarmd. In dit artikel geven we je wat tips om je thermostaat goed in te stellen. 

©PXimport

Draadloos gebruiken

In dit artikel gaan we in op wat volgens ons de meest gebruikte installatiemogelijkheid zal zijn. Je kunt de Nest Learning Thermostat ook op iedere willekeurige plek aan de muur bevestigen. Je verbindt de thermostaat dan niet bedraad met de Heat Link, maar je maakt gebruik van de meegeleverde usb-lader. De meegeleverde kabel is anderhalve meter lang. Er moet dus wel een stopcontact in de buurt zijn. Bij de draadloze installatie installeer je nog steeds de Heat Link bij je cv-ketel. Je gebruikt in dat geval de meest rechtste schroefcontacten waarmee (T1 en T2) waarmee de Nest wordt opgeladen niet, de rest van de installatie is hetzelfde.

▼ Volgende artikel
Docker op je NAS: zo draai je Plex, Home Assistant en meer
© Andrii - stock.adobe.com
Huis

Docker op je NAS: zo draai je Plex, Home Assistant en meer

Een NAS is voor de meeste gebruikers veel meer dan een netwerkschijf. Je kunt er eenvoudig extra toepassingen op draaien, bijvoorbeeld voor extra back-upmogelijkheden, productiviteit, multimedia en thuisautomatisering. Daarvoor is het vaak ook krachtig genoeg. Toepassingen kunnen bovendien bestanden op je NAS benutten. De makkelijkste manier om toepassingen te installeren en beheren is via Docker. We laten zien hoe je hiermee werkt op een NAS van Synology of QNAP.

In dit artikel

Je leest hoe Docker op een NAS werkt en waar je op moet letten bij Synology en QNAP. Je ziet hoe je images binnenhaalt, containers opzet en opslag goed regelt met bind mounts en volumes, zodat configuratie en data netjes op je NAS blijven staan. Ook leggen we uit hoe poortkoppelingen werken, wanneer Docker Compose handiger is dan losse containers en hoe je met Portainer het beheer overzichtelijker maakt.

Lees ook: Bouw je eigen dashboard met Homepage: al je webapplicaties overzichtelijk op één plek

Je hebt meestal geen zware server nodig voor toepassingen als Plex, Jellyfin, SABnzbd of Home Assistant. Een NAS is meestal krachtig genoeg. Soms is hooguit wat extra geheugen wenselijk. Zo heb je behalve je opslag ook al je toepassingen centraal. Mis je softwareopties op je NAS, bijvoorbeeld voor back-up of synchronisatie, dan is dat óók eenvoudig op te lossen met extra software. Maar hoe installeer je zulke toepassingen? Soms kun je een pakket installeren, bijvoorbeeld van SynoCommunity. Maar je moet dan precies de juiste variant vinden en er kunnen afhankelijkheden zijn, zoals php of Apache. Met Docker ben je veel flexibeler. Toepassingen zijn niet meer afhankelijk van de inrichting van je NAS en worden bovendien sneller bijgewerkt. Maar hoe werk je hier in de praktijk mee op een NAS? In dit artikel laten we dat zien. We beginnen met algemene uitleg over het werken met Docker op een NAS. Daarna behandelen we het downloaden van images en het maken en configureren van containers. We richten ons daarbij voornamelijk op Synology en QNAP. Heb je een NAS van een ander merk, dan zul je merken dat veel principes hetzelfde zijn. Bij het merk Ugreen lijkt de software bovendien sterk op die van Synology.

Containers of virtuele machines

Bij Docker draait een toepassing in een lichte en geïsoleerde container. De image, het uitgangspunt van een container, bevat alles wat de toepassing nodig heeft. Gegevens worden buiten de container opgeslagen, bijvoorbeeld in een gedeelde map op de NAS zelf. Een update is eenvoudig: je herbouwt gewoon de container op basis van een nieuwe image. Er zijn ook alternatieven, zowel bij QNAP als Synology. Zo kun je met virtuele machines werken, via Virtual Machine Manager (Synology) of Virtualization Station (QNAP). Maar in zo'n virtuele machine moet je een heel besturingssysteem installeren. Daar is een NAS niet altijd krachtig genoeg voor. Iets praktischer zijn de lichtgewicht Linux-containers die je bij QNAP kunt opzetten, maar dat vraagt meer technische kennis. Gevorderde gebruikers kunnen daarnaast bij QNAP vaak Kubernetes inzetten voor containerbeheer. Dat biedt veel mogelijkheden voor schaalbare omgevingen, maar is voor de meeste thuistoepassingen onnodig complex. Om snel een toepassing op je NAS te installeren, is Docker vrijwel ongeslagen.

Wat heb je nodig?

Niet alle modellen van Synology en QNAP ondersteunen Docker. Synology vereist een model met x86-cpu van Intel of AMD. Bij ARM-modellen kun je het soms via een omweg installeren, maar dat is niet officieel en ook niet zonder risico's. Verder hangt het van het model af. Vooral de Plus-series (zoals de DS224+ en DS923+) en hogere modellen ondersteunen Docker. Je kunt het eenvoudig controleren door in Synology Package Center te zoeken naar Container Manager (DSM 7.2 of hoger) of (als je een oudere DSM-versie hebt) naar Docker. Bij QNAP is de toepassing, onder de naam Container Station, beschikbaar via App Center. Het is geschikt voor de meeste niet al te oude modellen. Zowel bij Synology als QNAP is 2 GB werkgeheugen aanbevolen, maar we raden minimaal 4 GB RAM aan. Voor dit artikel gebruiken we een wat oudere Synology DS918+ en QNAP TS-453Be. Beide komen nog goed mee en beschikken over recente software.

Container Manager kun je vinden in Synology Package Center.

Opslag bij Docker

Belangrijke gegevens zoals configuratiebestanden, databases en cachebestanden worden in principe buiten een container bewaard. Dat kan op twee manieren. Normaal zal Docker voor de paden in de container die persistent moeten zijn een anoniem volume gebruiken. Dat krijgt een lange hash als naam. Je kunt ook zelf een naam toewijzen. We noemen dat dan een named volume. Die kun je makkelijker herkennen of hergebruiken in andere containers. De tweede optie is een zogeheten bind mount. Je koppelt dan de persistente paden in de container aan mappen op de host (het systeem waarop Docker draait), zoals je NAS. Zeker bij een NAS van Synology is dat het meest praktisch. Synology verbergt in de webinterface namelijk volumes, ook al zijn ze er wel! Bij een bind mount zie je de bestanden altijd netjes in de gedeelde mappen, zodat jij ze zelf kunt raadplegen of back-uppen.

QNAP maakt volumes met opslag voor een container wél zichtbaar.

Opslag bij een NAS

Voor het organiseren van je bestanden op een NAS gebruik je standaard al gedeelde mappen. Ga je met Docker werken, dan zul je óók zo'n map gebruiken voor de opslag voor je containers. Synology maakt die map standaard onder /docker. Bij QNAP is dat (meestal) /Container. Stel dat je WordPress wilt installeren. Het persistente pad in de container is in dit geval /var/www/html. Daar worden alle websitebestanden opgeslagen. Bij Synology zul je dan een map zoals /docker/wordpress maken die je bij de configuratie koppelt aan het container-pad /var/www/html. Er kunnen ook meerdere paden zijn. SearXNG gebruikt in de container bijvoorbeeld /etc/searxng voor de configuratie (zoals settings.yml) en /var/cache/searxng voor data en cachebestanden. Beide kun je dan koppelen met de NAS, bijvoorbeeld onder /docker/searxng/config en /docker/searxng/cache. Gebruik eventueel de bestandsbeheerder (zoals File Station) om de mappen vooraf aan te maken of aangemaakte bestanden te bekijken!

Het is handiger om gegevens van containers in een gedeelde map te bewaren.
Bestanden op je NAS gebruiken

Het mooie van Docker op een NAS is dat je een container toegang kunt geven tot bestanden op die NAS, zoals foto's, video's, documenten en back-ups. Je koppelt daarvoor gewoon de gewenste gedeelde mappen of submappen. Op die manier kun je bijvoorbeeld de muziekspeler NaviDrome direct toegang tot de muziek op de NAS geven. De muziek kun je daarna netjes georganiseerd bekijken en afspelen via de vlotte webinterface. Het werkt ook samen met verschillende bekende apps. Ook bijvoorbeeld voor video's zijn goede toepassingen beschikbaar, zoals Plex en Jellyfin. Of probeer eens een toepassing als Immich of Photoprism voor je fotobibliotheek.

Met NaviDrome kun je heel handig de muziek op je NAS beluisteren.

Werken met poorten

Containers gebruiken vaak één of meerdere poorten voor bijvoorbeeld een webinterface. Een voorbeeld is de webserver nginx met http-poort 80. Bij de configuratie koppel je die interne poort 80 aan een poort op de host en daarmee je lokale netwerk. Je kunt soms hetzelfde poortnummer (in dit voorbeeld 80) kiezen, maar dat hoeft niet. In dit geval is dat ook af te raden. Liever gebruik je een hogere, vrije poort. Let goed op de bezette poorten van de NAS zelf. Dat zijn er vaak best veel. Een voorbeeld is de veelgebruikte poort 8080 die QNAP voor de webinterface gebruikt. Bij Synology zie je een overzicht van gebruikte poorten in Configuratiescherm / Infocenter op het tabje Service. Bij QNAP ga je naar Systeem / Systeemstatus / Systeemdiensten. Een blok als 6000-6999 is bij beide merken een goede optie. Heb je een container gestart, dan moet je deze vaak even de tijd geven om te starten voordat je de webinterface kunt benaderen via de ingestelde poort.

Je maakt een koppeling tussen poorten op de host en poorten in de container.

Docker Compose

Bij een NAS kun je een container relatief makkelijk via een wizard starten. Maar de details die je opgeeft, zoals poorten en volumes, kun je naderhand niet aanpassen. Wil je iets veranderen, dan zul je een nieuwe container moeten maken met de juiste instellingen. Bij zowel Synology als QNAP kun je ook werken met Docker Compose. Bij Synology heet dit een project, QNAP noemt het een toepassing. Je kunt dan de instellingen voor één of meerdere containers beheren in één yaml-bestand, meestal met de naam docker-compose.yml. Een groot voordeel is dat je dan eenvoudiger achteraf de configuratie kunt aanpassen. Het werken met meerdere containers is bovendien veel overzichtelijker. Je groepeert ze samen in één bestand, ook wel 'stack' genoemd. En je kunt alle containers in één handeling starten, stoppen of verwijderen. Bij problemen zul je overigens wel nog steeds de individuele containers moeten inspecteren (zie kader 'Problemen oplossen').

Via een wizard kies je vooraf de gewenste instellingen voor een container.
Problemen oplossen

Heb je een probleem met een container? Open dan het overzicht met containers. Klik vervolgens op de naam van de container. De logboeken die je hier kunt bekijken, geven vaak goede aanwijzingen voor problemen. Ook als je met Docker Compose werkt, zul je bij problemen de individuele containers moeten inspecteren. Soms is het ook weleens handig om opnieuw te beginnen. Stop daarvoor eerst de relevante containers, verwijder de volumes én bestanden die in de gekozen gedeelde mappen zijn gemaakt en start je project opnieuw.

Synology: Docker installeren

Docker is meestal niet standaard geïnstalleerd. Je logt eerst in bij DSM, het besturingssysteem van je NAS. Vervolgens installeer je de toepassing via

Package Center. De toepassing heet Container Manager (sinds DSM 7.2) of (bij een eerdere versie) Docker. Bij de installatie wordt gevraagd om een brugnetwerk te configureren. Dat is het netwerk waarop containers intern communiceren. Je hoeft dit subnet (172.17.0.0/16) niet te veranderen, tenzij dit conflicteert met jouw eigen netwerk (wat heel zeldzaam is).

Installeer de toepassing via de downloadtool van je NAS.

Synology: images downloaden

Om een container met een bepaalde toepassing te starten, heb je een image nodig. Open daarvoor Container Manager en ga naar Register. Hier kun je images op naam opzoeken. Dubbelklik dan op een image om deze te downloaden. Vaak zul je de officiële of populairste optie kiezen. De images van LinuxServer.io zijn ook altijd goed. Omdat ze dezelfde opbouw en documentatie volgen, zijn ze herkenbaar en makkelijk te gebruiken. Je kunt bij het downloaden een tag kiezen. Vaak kies je latest voor de laatste stabiele versie. Alle images die je hebt gedownload, vind je terug onder Image. Als er updates zijn, kun je die daar ook downloaden. Je containers blijven overigens draaien op de versie waarmee ze zijn gemaakt. Pas als je een nieuwe container start, wordt de nieuwe image gebruikt.

Je kunt direct binnen Container Manager de gewenste images downloaden.

Synology: container maken

We gaan als voorbeeld een container voor SearXNG maken, een privacyvriendelijke zoekmachine die live resultaten bij andere zoekmachines ophaalt. Ga hiervoor naar Container en kies Maken. We gebruiken de image searxng/searxng. Bij het maken van de container hoef je bij Algemene instellingen niet veel te veranderen. Wel handig is de optie Automatisch opnieuw starten inschakelen, voor hogere beschikbaarheid. Op het tweede scherm, bij Geavanceerde instellingen, zie je onder het kopje Poortinstellingen dat deze toepassing in de container poort 8080 gebruikt. Bij Lokale poort kies je de lokale poort (op de host), zoals 8080 (of iets anders, als deze al in gebruik is). Na het maken van de container kun je de zoekmachine bereiken via de gekozen lokale poort, zoals http://ip-NAS:8080. Onder het kopje Volume-instellingen maak je zoals eerder toegelicht een bind mount. Koppel /docker/searxng/config met /etc/searxng en koppel /docker/searxng/cache met /var/cache/searxng. Via het venster kun je naar de map op de NAS bladeren om deze aan te wijzen (en eventueel ook aan te maken).

We maken koppelingen tussen gedeelde mappen en volumes in de container.

Synology: lokale bestanden gebruiken

Een van de voordelen is dat toepassingen bestanden op de NAS kunnen gebruiken. We noemden NaviDrome al, een populaire muziekspeler. Bij het maken van deze container koppel je poort 4533 aan de lokale poort, zoals 4533. Bij de volumes moet je opletten. NaviDrome gebruikt /data voor gegevensopslag en /music voor muziek. Koppel bij Volume-instellingen daarom bijvoorbeeld /docker/navidrome/data aan /data. Staat je muziek op de NAS onder /music/albums, dan koppel je precies die map aan /music in de container. Kies hier eventueel voor alleen leestoegang, omdat deze toepassing geen bestanden hoeft te wijzigen. Na het starten van de container zul je het programma even de tijd moeten geven om alle muziek te indexeren.

We geven NaviDrome toegang tot muziek op de NAS.

Synology: project maken

Wil je bij Synology met Docker Compose werken dan ga je naar Project en kies je Maken. Je kunt bij Bron kiezen om zelf een docker-compose.yml te uploaden, maar ook een nieuw bestand maken. Dat laatste heeft meestal de voorkeur. Je kunt de configuratie dan in het venster plakken en meteen nog wat persoonlijke aanpassingen maken. We nemen WordPress als voorbeeld dat twee containers heeft: één voor WordPress zelf en één voor een database (zoals MySQL of MariaDB). Je zet ze samen in één project en beheert ze daarna als geheel, in plaats van als twee losse containers. Bij Naam van project vullen we in wordpress (alleen kleine letters). Bij Pad kiezen we een gedeelde map op de NAS, zoals /docker/wordpress. Bij Bron kiezen we voor het maken van een docker-compose.yml. Hieronder zie je het voorbeeld voor de officiële image voor WordPress, waar we wat aanpassingen in gaan maken voor de NAS:

services:

  wordpress:

    image: wordpress

    restart: always

    ports:

      - 8080:80

    environment:

      WORDPRESS_DB_HOST: db

      WORDPRESS_DB_USER: exampleuser

      WORDPRESS_DB_PASSWORD: examplepass

      WORDPRESS_DB_NAME: exampledb

    volumes:

      - wordpress:/var/www/html

  db:

    image: mysql:8.0

    restart: always

    environment:

      MYSQL_DATABASE: exampledb

      MYSQL_USER: exampleuser

      MYSQL_PASSWORD: examplepass

      MYSQL_RANDOM_ROOT_PASSWORD: '1'

    volumes:

      - db:/var/lib/mysql

volumes:

  wordpress:

  db:

Begin met het maken van een nieuw project.

Synology: configuratie aanpassen

Hoewel de configuratie werkt, zijn enkele aanpassingen wel wenselijk. In het voorbeeld worden twee named volumes gebruikt, terwijl bind mounts handiger zijn, zeker bij Synology. Daarom halen we de onderste drie regels weg. We maken op de NAS de mappen /docker/wordpress/db en /docker/wordpress/html aan. Ten slotte passen we het volume aan voor de twee containers. Voor WordPress wordt dit als volgt:

- /volume1/docker/wordpress/html:/var/www/html

Voor de database passen we het aan naar:

- /volume1/docker/wordpress/db:/var/lib/mysql

Controleer op jouw NAS of de volumenaam volume1 klopt. Kies ook een betere gebruikersnaam en een sterker wachtwoord voor de database. Let wel op: wat je bij WORDPRESS_DB_USER en WORDPRESS_DB_PASSWORD invult, moet hetzelfde zijn als bij MYSQL_USER en MYSQL_PASSWORD. MySQL maakt met die toegangsgegevens de database, terwijl WordPress ze gebruikt om daar toegang toe te krijgen.

Je kunt de configuratie via een YAML-bestand aanpassen.

Nieuwe NAS? Kijk en vergelijk op Kieskeurig.nl

QNAP: Docker installeren

Om Docker te installeren op je NAS van QNAP log je eerst in bij het besturingssysteem QTS. Daarna installeer je de toepassing via App Center. Je vindt het onder de naam Container Station. De installatie wijst zichzelf. Als je de toepassing de eerste keer start, wordt gevraagd waar je gegevens van containers op wilt slaan. Je kunt de standaardmap /Container accepteren.

Installeer de toepassing via de downloadtool van je NAS.

QNAP: image zoeken en gebruiken

Voor het zoeken van een image open je Container Station en klik je op Verkennen. Hier kun je images op naam opzoeken. Voor Docker gebruik je de resultaten van Docker Hub, de centrale verzamelplek voor Docker-images. Kies bij de gewenste image de optie Implementeer. Je kunt dan een tag kiezen (zoals latest). Vervolgens kun je direct de container configureren. Dit behandelen we in de volgende stap. Voor een overzicht van alle gedownloade images kun je naar Installatiekopieën. Wij installeren ook in dit voorbeeld een container voor SearXNG.

Gebruik voor Docker de resultaten van Docker Hub.

QNAP: container configureren

Bij de configuratie van de container kan de optie Standaardpoort voor web-URL wat verwarrend zijn. In feite maakt Container Station op basis van die poort een klikbare link die je in de webinterface ziet om de container te openen in je browser. Je kunt het dus zien als een soort shortcut. Je moet daaronder dus nog steeds de benodigde poorten openstellen. In dit voorbeeld vul je dus achter Host een poortnummer in, zoals 8000 (8080 is bij QNAP bezet!). Verander de poort bij Container (8080) niet. Vul bij Standaardpoort voor web-URL ook 8000 in, zodat de shortcut ook werkt.

Om andere opties in te kunnen stellen, zoals opslag, klik je op Uitgebreide instellingen.

Let bij de configuratie van de container vooral op de lokale poort.

QNAP: opslag configureren

SearXNG heeft in de container de persistente paden /etc/searxng en /var/cache/searxng. Bij QNAP kun je prima met (anonieme of named) volumes werken. In dit voorbeeld zullen we dat doen voor de wegwerpbare cachebestanden. Voor de configuratiebestanden maken we via File Station vooraf een map aan onder /Container/searxng/config. Achter Volume vullen we nu de naam searxngcache in, in het deel waar bij Container het pad /var/cache/searxng staat. Hier wordt dan een named volume voor gemaakt. We verwijderen de andere optie (met het pad /etc/searxng). Via het pijltje achter Voeg volume toe kiezen we Gekoppelde hostlocatie binden. Blader dan achter Host naar de zojuist gemaakte map (/Container/searxng/config). Achter Container vul je het pad /etc/searxng in. SearXNG zal zijn configuratie nu in de gekozen map bewaren en de cache in een named volume. Rond het maken van de container af. Die zal daarna worden gestart. Onder Volumes zie je alle volumes die zijn gemaakt, zoals searxngcache. Merk op dat In gebruik hier betekent dat het volume is gekoppeld aan een container, en dus niets over de status van de container zegt! Je kunt ongebruikte volumes eventueel verwijderen.

We gebruiken een named volume voor cache en een bind mount voor de configuratie.

QNAP: toepassingen

QNAP ondersteunt het werken met Docker Compose. Hiervoor ga je naar Toepassing en kies je Maken. Bij Naam van de toepassing vul je een herkenbare naam in. Daaronder kun je de yaml-code invullen. Voor SearXNG, ingesteld zoals hiervoor met een bind mount voor de configuratiebestanden en een named volume voor cache, vul je het in zoals hieronder. Let op het absolute pad /share/Container/searxng/config. Dat is hoe je naar die map moet verwijzen. De code is als volgt:

services:

  searxng:

    image: searxng/searxng

    container_name: searxng

    restart: unless-stopped

    ports:

      - "8000:8080"

    volumes:

      - /share/Container/searxng/config:/etc/searxng

      - searxngcache:/var/cache/searxng

volumes:

  searxngcache:

Het maken van eventuele aanpassingen is niet heel intuïtief. Je gaat hiervoor naar Toepassingen en klikt achter de toepassing op het instellingenicoontje. Kies dan de optie Opnieuw maken. Je kunt nu de yaml-code bewerken. Na het maken van de aanpassingen zal een nieuwe container worden opgebouwd met deze nieuwe configuratie.

QNAP ondersteunt ook het werken met Docker Compose.
Beheer containers op je NAS met Portainer

Het kan om meerdere redenen praktisch zijn om Portainer te installeren op je NAS, een grafische webinterface voor het beheer van je containers. Het is wat overzichtelijker en er blijft, zeker in vergelijking met Container Manager van Synology, minder verborgen. Je kunt Portainer gewoon via Docker installeren. Het is handig eerst een map te maken voor Portainer, waar het zijn configuratie persistent kan bewaren. Maak dan een project in Container Manager met de onderstaande configuratie:

services:

  portainer:

    image: portainer/portainer-ce:latest

    container_name: portainer

    restart: always

    ports:

      - "9443:9443"   # HTTPS toegang

      - "9000:9000"   # (optioneel, oudere HTTP-poort)

    volumes:

      - /var/run/docker.sock:/var/run/docker.sock

      - /volume1/docker/portainer:/data

Bij QNAP kun je dezelfde configuratie gebruiken, maar vervang dan /volume1/docker/portainer:/data door /share/Container/portainer:/data. Na het starten zie je op https://ip-NAS:9443 (of http://ip-NAS:9000) de webinterface van Portainer. De eerste keer wordt gevraagd om een wachtwoord aan te maken. Portainer heeft (ook) een kleine leercurve, maar het geeft je veel opties, en werkt op elk systeem hetzelfde.

Je kunt nu in Portainer alles rondom Docker beheren, zoals containers en images.
▼ Volgende artikel
Liebherr IRd 3900: waarom dit de favoriete inbouwkoelkast van 2025 is
Huis

Liebherr IRd 3900: waarom dit de favoriete inbouwkoelkast van 2025 is

Wat maakt een koelkast de allerbeste van het jaar? Niet een glanzende folder vol beloftes, maar de dagelijkse ervaringen van echte gebruikers. De Liebherr IRd 3900 is door consumenten van Kieskeurig.nl bekroond met de prestigieuze Best Reviewed van het Jaar-award 2025. Van de slimme EasyFresh-technologie tot het fluisterstille ontwerp en de praktische indeling: lees waarom dit model als de absolute favoriet uit de bus kwam en waarom gebruikers er zo enthousiast over zijn.

Partnerbijdrage - in samenwerking met Liebherr

Wie een inbouwkoelkast zoekt, heeft enorm veel keuze, maar één model wist het afgelopen jaar de harten van de Nederlandse consument echt te veroveren. Met zijn doordachte design, gebruiksvriendelijke bediening en bewezen betrouwbaarheid is de Liebherr IRd 3900 uitgeroepen tot Best Reviewed van het Jaar 2025. In dit artikel lees je wat deze inbouwkoelkast zo bijzonder maakt – en waarom gebruikers er zo lovend over zijn.

De stem van de consument: Best Reviewed 2025

De beste keuze volgens consumenten – dat is waar het bij Best Reviewed 2025 om draait. Want niets zegt zo veel als de ervaring van andere gebruikers. Jaarlijks delen duizenden consumenten hun eerlijke mening op Kieskeurig.nl. Hun reviews vormen de basis voor de Best Reviewed-awards. De producten die deze titel verdienen, hebben zich een heel jaar lang bewezen in de praktijk: ze blinken uit in kwaliteit, gebruiksgemak en klanttevredenheid. Absolute consumentenfavorieten dus – en in de categorie inbouwkoelkasten is de Liebherr IRd 3900 de winnaar geworden.

Van EasyFresh tot verstelbare indeling

De Liebherr IRd 3900 is een inbouwkoelkast die laat zien waarom het Duitse merk al jaren bekendstaat om betrouwbaarheid en technische vernieuwing. Deze koelkast combineert een strak, tijdloos design met praktische functies die het dagelijks leven makkelijker maken. Dankzij het EasyFresh-systeem blijven groenten en fruit langer vers: de ideale luchtvochtigheid in de lade voorkomt uitdroging en zorgt dat smaak en textuur behouden blijven. Dat maakt het apparaat niet alleen zuinig in gebruik, maar helpt ook voedsel langer goed te houden en verspilling te beperken.

©Liebherr

Wie de deur opent, merkt direct de doordachte indeling. Het interieur en de deurvakken zijn over de volledige hoogte verstelbaar, zodat je er moeiteloos alles in kwijt kunt wat koel moet blijven: of dat nu hoge flessen zijn of een brede ovenschotel. Fijn daarbij is dat de glazen draagplateaus tot wel 30 kg kunnen dragen. Daarbij zorgt de heldere LED-plafondverlichting voor een perfect overzicht, zelfs wanneer de koelkast vol is. De bediening verloopt via een intuïtief Touch-display, waarmee je supersnel de temperatuur of functies kunt aanpassen. Bovendien is de IRd 3900 voorbereid op SmartHome-toepassingen (accessoire). Liebherr biedt, na registratie, maar liefst 10 jaar garantie op dit model – dat doe je als merk natuurlijk alleen maar wanneer je helemaal overtuigd bent van je product.

©Liebherr

Waarom gebruikers enthousiast zijn

Die combinatie van slimme technologie en gebruiksgemak is ook precies wat consumenten zo waarderen. Uit tientallen reviews op Kieskeurig.nl blijkt dat gebruikers de IRd 3900 een uitzonderlijk hoge gemiddelde score van 9,1 geven. De koelkast wordt geroemd om zijn stille werking – "Dan zet je hem aan en hoor je nagenoeg niets! Heerlijk stille koelkast!" – en om de praktische indeling die volgens velen "fijn en flexibel" is. Ook wat betreft dagelijks gemak scoort de IRd 3900 hoog. "Door het digitale display makkelijk in te stellen naar de gewenste koeltemperatuur", zegt een van de reviewers. Een ander voegt daar nog aan toe: "Mooie heldere verlichting … Makkelijke display, goed zichtbaar en makkelijk te bedienen." Daarnaast valt op dat veel reviewers de energiezuinigheid en afwerking noemen als pluspunten: het apparaat voelt degelijk aan en doet precies wat het belooft.

©Liebherr

Een optelsom van kwaliteiten

De reden dat de Liebherr IRd 3900 de titel Best Reviewed van het Jaar 2025 heeft gewonnen, ligt dus in de optelsom van al deze kwaliteiten. Hij combineert gedegen techniek met praktische voordelen die in het dagelijks leven écht verschil maken. Of het nu gaat om de versheid van producten, het handige display of het overzichtelijke interieur: deze inbouwkoelkast weet consumenten te overtuigen in alles wat ertoe doet. En dat maakt de Liebherr IRd 3900 niet alleen een technisch sterk product, maar vooral een betrouwbare huisgenoot waar mensen jarenlang plezier van hebben.

Een eerlijk oordeel

Natuurlijk is geen enkel product perfect. Gebruikers op Kieskeurig.nl zijn ook kritisch: sommige kopers vinden de groente- en fruitlade aan de kleine kant of noemen dat er sneller condens kan ontstaan. Een paar mensen geven ook aan dat je even moet wennen aan het instellen via het display, en dat de montage van de deur wat meer aandacht vraagt. Tegelijk zie je waarom dat voor de meeste kopers geen struikelblok is. Ze benadrukken vooral hoe stil de koelkast is, hoe ruim hij aanvoelt en hoe makkelijk je de indeling aanpast aan wat je in huis haalt. Daardoor wegen die minpunten voor veel mensen niet op tegen wat je dagelijks merkt: rust in de keuken, goed overzicht en een indeling die je naar eigen wens kunt aanpassen.

Ontdek alle pluspunten van de Liebherr IRd 3900

Op Kieskeurig.nl