ID.nl logo
Receiver of stereoversterker? Dit zijn de verschillen
© NAD Electronics
Huis

Receiver of stereoversterker? Dit zijn de verschillen

Wil je losse speakers op een audiosysteem aansluiten? Kies dan tussen een receiver en stereoversterker. Welk apparaat je het best kunt kopen, hangt grotendeels af van het luistergedrag, het budget en de akoestische ruimte. Bovendien hebben beide audiosystemen zelf ook nog de nodige verschillen. Die doen we in dit artikel uit de doeken.

In dit artikel bespreken we:

  • Wat de voornaamste verschillen zijn tussen een receiver en stereoversterker
  • Of je het best een receiver of stereoversterker kunt kopen
  • Hoe het zit met de prijs-kwaliteitverhouding van een receiver en stereoversterker

Ook interessant: Wat is beter, stereo- of surroundgeluid?

Als je de achterzijden van een stereoversterker en receiver met elkaar vergelijkt, zie je de nodige verschillen. Zo heeft laatstgenoemd apparaat over het algemeen véél meer in- en uitgangen. Maar is dat per definitie ook beter? Dat is afhankelijk van verschillende factoren.

Twee of meer luidsprekers?

Het voornaamste verschil tussen beide audiosystemen is eigenlijk heel simpel. Een stereoversterker loodst het geluid naar twee kanalen (stereogeluid), terwijl een receiver doorgaans meer kanalen (surroundgeluid) ondersteunt. Denk in het laatste geval bijvoorbeeld aan een 5.1- of 7.2-kanaals opstelling. Aan jou de vraag of je geluid uit twee of (veel) meer speakers wilt horen. Voor de weergave van lage tonen hebben vrijwel alle receivers en bepaalde stereoversterkers een subwooferuitgang.

©Advance Paris

Op de Advance Paris A12 Classic-versterker kun je alleen een linker- en rechterspeaker aansluiten.

Focus op muziek óf film en gaming

Belangrijk is de vraag waarvoor je het audiosysteem hoofdzakelijk gaat gebruiken. Fanatieke muziekliefhebbers luisteren het liefst naar stereogeluid. Logisch, want veruit de meeste albums zijn voorzien van een stereomix. Dat kun je tijdens het luisteren van een liedje duidelijk horen. De linkerspeaker produceert bijvoorbeeld een gitaarsolo, terwijl de rechterluidspreker felle drums laat horen. Deze wisselwerking tussen twee kanalen ligt voor het luisteren van muziek prettig in het gehoor. Je hebt tenslotte ook maar twee oren.

Een stereoversterker telt meerdere analoge en digitale audiopoorten. Hierop sluit je verschillende audiobronnen aan, zoals een draaitafel, cd-speler en cassettedeck. Uitgebreide modellen hebben daarnaast een (draadloze) netwerkaansluiting en/of bluetooth-ontvanger. Nuttig voor het geval je afspeellijsten via Spotify, Apple Music, Tidal of een andere muziekdienst wilt streamen. Overigens bestaan er ook stereoversterkers met videopoorten. Sluit dan met behulp van HDMI bijvoorbeeld een tv-ontvanger of gameconsole aan. De versterker verwerkt het geluid en stuurt het videosignaal naar een aangesloten televisie.

Kijk je elke avond naar Netflix en/of speel je graag games? In dat geval is een receiver met minimaal vijf speakers en een subwoofer het overwegen waard. Deze luidsprekers werken naadloos samen met de televisie. Schiet een sluipschutter bijvoorbeeld vanaf het dak van een wolkenkrabber, dan hoor je achter of boven je het zoevende geluid van een kogel. Uiteraard is het dan wel een voorwaarde dat alle speakers correct zijn opgesteld. Elke receiver bevat meerdere audio- en videopoorten, zodat je onder meer een tv-ontvanger, blu-rayspeler, cd-speler en gameconsole kunt aansluiten. Met een receiver luister je desgewenst ook naar muziek via de twee voorste luidsprekers. Lees voor meer informatie het artikel Receiver kopen? Let op deze aandachtspunten.

Stereoversterker kopen?

Bekijk hier alle modellen op een rij!

Prijs-kwaliteitverhouding

Heb je een relatief bescheiden budget? Als je goed geluid belangrijk vindt, investeer je elke euro bij voorkeur in een audio-opstelling met twee kanalen. Binnen dezelfde prijsklasse presteert een stereoversterker in de regel beter dan een receiver. De aanwezige voeding hoeft de beschikbare energie tenslotte maar over maar twee kanalen te verdelen.

Bij een receiver zijn dat er veel meer. Om die reden is er dus minder vermogen per speaker beschikbaar. Het resultaat is een wat vlakker geluid met minder hoorbare details. Bij een stereo-opstelling is de drempel ook nog eens lager om in twee hoogstaande luidsprekers en goede audiokabels te investeren. Wil je een surround-opstelling met ongeveer dezelfde geluidskwaliteit, dan is dat trouwens ook mogelijk, alleen kleeft daar wel een veel hoger prijskaartje aan.

©NAD Electronics

Besteed voor het beste geluid je volledige budget aan een stereoversterker en twee luidsprekers.

Akoestische ruimte

Naast je persoonlijke voorkeuren en budget speelt ook de akoestische ruimte een belangrijke rol. Het is namelijk cruciaal dat de geluidsgolven voldoende 'bewegingsruimte' hebben. Daarom ligt het plaatsen van een uitgebreide surroundset in een kleine (woon)kamer niet voor de hand. Wanneer de geluidsgolven afkomstig van meerdere luidsprekers volop tegen de muren, de vloer, het plafond en overige harde objecten weerkaatsen, ontstaat er een rommelig geluid. Dat ligt onprettig in het gehoor. Kies in een bescheiden ruimte daarom liever voor een stereo-opstelling. Je kunt op bepaalde stereoversterkers eventueel een subwoofer aansluiten. Creëer op die manier evengoed een thuisbioscoop met nadreunende bastonen.

Kijk je in een behoorlijke ruimte naar films of speel je games? Je kunt overwegen om meerdere luidsprekers in de kamer te plaatsen. Een uitgebalanceerd surroundgeluid heeft dan wel degelijk meerwaarde. Zorg wel voor een goede positie van de speakers. Bovendien is het noodzakelijk om lange kabels aan te leggen. Meer informatie over het verbinden van luidsprekers lees je in het artikel Zo sluit je het best een receiver aan.

©Dali

Een effectieve surround-opstelling vereist een behoorlijke akoestische ruimte.

Conclusie

Houd bij de aanschaf van een geschikt audiosysteem rekening met je persoonlijke voorkeuren, budget en akoestische ruimte. De kunst is om hiertussen de juiste balans te vinden. Heb je eenmaal een keuze gemaakt, dan vind je volop receivers of stereoversterkers in uiteenlopende prijsklassen.

▼ Volgende artikel
Beeldverversing versus pixels: waarom soepel gamen beter is dan scherp
© Gorodenkoff Productions OU
Huis

Beeldverversing versus pixels: waarom soepel gamen beter is dan scherp

Resolutie is marketing, refreshrate is beleving. Waar 4K zorgt voor een mooi plaatje, zorgt een hoge verversing (Hz) ervoor dat je daadwerkelijk wint. Hieronder lees je waarom snelheid in feite de échte koning is in gaming.

Veel gamers staren zich blind op 4K-resolutie. Ze kopen een duur scherm, zetten de settings op Ultra en vragen zich vervolgens af waarom hun spel stroperig aanvoelt. De misvatting is dat 'mooier' gelijkstaat aan 'beter'. In werkelijkheid is de vloeibaarheid van het beeld – de refreshrate, oftewel verversingssnelheid – veel bepalender voor hoe direct en responsief een game aanvoelt. Aan het eind van dit artikel weet je precies of jij moet kiezen voor pixels of snelheid.

Hoe je ogen bedrogen worden door Hertz

Stel je voor dat je snel met je muis over je bureaublad beweegt. Op een standaard 60Hz-scherm zie je de cursor in schokjes over het beeld springen; je hersenen vullen de gaten in. Op een 144Hz- of 240Hz-gaming-monitor verdwijnen die gaten.

Het technische verschil zit hem in de verversingssnelheid: het aantal keren per seconde dat het beeld wordt vernieuwd. Bij 60 Hz krijg je elke 16,6 milliseconden een nieuw beeld. Bij 144 Hz is dat elke 6,9 milliseconden. Dat klinkt als een klein verschil, maar je voelt het direct. Het gestotter dat je onbewust gewend bent verdwijnt. Bewegingen voelen boterzacht aan, alsof de cursor (of je crosshair) aan je hand vastgeplakt zit in plaats van er achteraan zwemt. Dit effect wordt motion clarity genoemd: objecten blijven scherp, zelfs als ze snel door het beeld bewegen.

©Framestock

De winst in shooters en snelle actie

Wanneer werkt dit in je voordeel? Vooral in competitieve shooters zoals Call of Duty, Counter-Strike of Valorant. In dit soort games telt elke milliseconde. Een hogere refreshrate vermindert de input lag, oftewel de tijd tussen jouw klik en de actie op het scherm.

Stel, je draait je personage snel om. Bij een lage refreshrate wordt de vijand een fractie later getoond en zie je veel bewegingsonscherpte (motion blur). Met een hoge refreshrate zie je de vijand eerder en scherper, waardoor je sneller kunt reageren. Je hebt letterlijk actuelere informatie dan je tegenstander. Om dat te bereiken heb je wel een krachtige videokaart nodig die genoeg beelden per seconde (FPS) kan genereren om je snelle scherm bij te houden.

Wanneer resolutie het toch wint van snelheid

Is snelheid altijd heilig? Nee. Als je vooral tragere, meer verhalende games speelt (zoals Cyberpunk 2077 in de 'sightseeing' modus), Microsoft Flight Simulator of grafische RPG's, dan voegt 240 Hz weinig toe. In deze titels kijk je vaak naar stilstaande of langzaam bewegende omgevingen.

In dat geval wil je juist de texturen van de bomen, de reflecties in het water en de details in gezichten zien. Een 4K-monitor op 60 of 120 Hz is dan een logischer keuze dan een onscherp 1080p-scherm op 360 Hz. De visuele pracht weegt hier zwaarder dan de milliseconden reactietijd. Ook voor console-gamers die op de bank zitten, is een goede televisie met 4K en HDR vaak indrukwekkender dan puur de hoogste framerates.

Situaties waarin een hoge refreshrate zinloos is

Er zijn momenten dat investeren in een snel scherm weggegooid geld is. Dat gebeurt bijvoorbeeld als je hardware de snelheid niet kan leveren; als je videokaart maar 50 frames per seconde kan leveren, heeft een 144Hz-scherm geen nut omdat het scherm wacht op de computer. Daarnaast beperken oude kabels je bandbreedte, waardoor je monitor soms terugvalt naar 60 Hz zonder dat je het doorhebt. Ook op oudere consoles zoals de Nintendo Switch of de standaard PS4 heb je niets aan snelle schermen, omdat deze hardware fysiek gelimiteerd is op 60 Hz of lager.

Bepaal wat jouw setup aankan

Kijk dus kritisch naar je huidige situatie voordat je naar de winkel rent. Heb je een high-end pc die makkelijk 120+ FPS haalt in jouw favoriete games? Dan is een upgrade naar een 144- of 165Hz-monitor de grootste sprong in spelplezier die je kunt maken. Speel je op een PlayStation 5 of Xbox Series X? Zoek dan specifiek naar een scherm met HDMI 2.1-ondersteuning om 120 Hz op 4K mogelijk te maken. Zit je ver van je scherm af en speel je relaxed? Investeer dan liever in resolutie en kleurdiepte.

©Proxima Studio

Kortom: snelheid is de sleutel tot succes!

Verversingssnelheid is belangrijker dan resolutie voor iedereen die actie- of competitieve games speelt. Het zorgt voor een vloeiender beeld, minder input lag en betere motion clarity, wat je direct een voordeel geeft in het spel. Resolutie is vooral luxe voor het oog, maar refreshrate is pure prestatie voor de speler.

▼ Volgende artikel
Column: A Knight of Seven Kingdoms is wat Game Of Thrones nooit durfde te zijn
© HBO Max
Huis

Column: A Knight of Seven Kingdoms is wat Game Of Thrones nooit durfde te zijn

Game of Thrones kennen we als een reeks brute, grootschalige verhalen, maar A Knight of Seven Kingdoms is het tegenovergestelde. Wat blijkt? Met een schattig, kleinschalig verhaal voelt Westeros alleen maar groter.

Het regent. Op een heuvel, onder een boom, zien we een kast van een vent in de weer met een schop. Een ridder, lijkt het. Hij graaft een graf. Tegelijkertijd praat de ridder in zichzelf: er is in de buurt een toernooi, en we kijken waarschijnlijk naar de winnaar. De muziek zwelt op, terwijl onze held vastberaden in de verte staart. De iconische Game of Thrones-muziek lijkt ons te gaan overspoelen, klaar om naar een prachtig geanimeerde intro te gaan. In plaats daarvan, knippen we naar een shot waarin onze held achter een boom staat te poepen.

Watch on YouTube

De boodschap is duidelijk: de serie heeft schijt aan de verwachtingen die je van Game of Thrones hebt. De serie stond er ooit immers om bekend dat het brak met de conventies van mainstream fantasy. Nu de reeks daar inmiddels zelf toe behoort, is het aan A Knight on Seven Kingdoms om er weer een flinke draai aan te geven.

Een ridder van de heg

Nog een spin-off? George R. R. Martin is toch die schrijver die nooit schrijft? Tja, dat valt wel mee. Hoewel de beste man zich al tien jaar uit een hoekje probeert te schrijven met het langverwachte Winds of Winter, heeft hij een hoop andere verhalen in Westeros verteld.

Zo komen de verhalen van House of the Dragon uit het boek Fire and Blood, waarin we volgen hoe de Targaryen-familie zichzelf met generaties aan ruzies ten val brengt. Maar George R. R. Martin heeft de schaal ook wel eens flink verkleind: in het korte boek The Hedge Knight, dat nog stamt uit de vorige eeuw, volgen we een ridder en zijn schildknaap.

©HBO Max

Daarin volgen we de ridder Dunk - niet onze eigen Dunke, maar Ser Duncan The Tall. Hij is een ‘hagenridder’: een ridder zonder verwantschap aan een heer. Of, in andere woorden: een freelancer die, als hij niet werkt, in de heg mag slapen. Dunk blijft niet lang een zzp’er: hij ontmoet de kale stadsjongen Egg, die dolgraag zijn schildknaap wil zijn.

Vrede!?

De verhalen van dit geliefde tweetal bieden de basis van A Knight of the Seven Kingdoms. De twist? Er is vrede in Westeros - ja, het kan echt - en we volgen een nobody, dus er is ineens ruimte voor een gezellig, klein verhaal. Dat wordt gereflecteerd in de afleveringen: geen dik uur, maar een comfortabel halfuurtje.

©HBO Max

De ridder Dunk wil dolgraag bewijzen dat hij een eervolle ridder is, maar dat is in het brute Westeros best een uitdaging. Al helemaal als je een lompe lieverd als Dunk bent. Dan komt zo’n slimme, wereldwijze schildknaap als Egg ineens goed van pas.

Het wordt al helemaal lastig als je niet eens kan bewijzen dat je een ridder bent. Dan mag je namelijk niet eens meedoen aan een toernooi - eentje waarbij Dunk overigens zijn paard en zijn spullen kwijtraakt, mocht hij verliezen.

Meneer, mag ik meedoen?

Met dat toernooi wordt een van de Game of Thrones-clichés lekker op zijn kop gezet. In de oorspronkelijke serie zagen we in aflevering vier een heftig toernooi en House of the Dragon opende er zelfs mee: het is vaak een goede manier om zonder grote verhaalconsequenties te laten zien hoe gewelddadig Westeros is.

©HBO Max

In A Knight of the Seven Kingdoms komen we dat toernooi niet eens bínnen. Eerst moet Dunk maar eens bewijzen dat hij een ridder is, uitzoeken hoe zo’n toernooi werkt en een heer overtuigen hem te helpen - maar ook dansen, touwtje trekken en een poppenspel aanschouwen. Het is een fantastische stap terug van al die grootschalige oorlogen.

Doordat het verhaal zo’n piepkleine focus heeft, begin je om iedereen te geven: iemand die z’n paard verkoopt in A Knight of Seven Kingdoms is vele malen pijnlijker dan een draak die wordt doodgeschoten in Game of Thrones. We bevinden ons nog steeds in de brute wereld, maar het komt allemaal wat harder aan omdat we ook zien hoe grappig en gezellig het kan zijn.

©HBO Max

Een fossiele brandstof

Toch loopt ook A Knight of Seven Kingdoms een zeker risico. De kwaliteit van Game of Thrones kelderde toen de makers het bronmateriaal inhaalden. Ook die van House of the Dragon nam wat af, toen showrunner Ryan Condal besloot George R.R. Martin niet langer te raadplegen en de grote climax werd doorgeschoven naar het volgende seizoen.

Er zijn momenteel drie korte boeken rondom Dunk en Egg, waarvan dit eerste seizoen het eerste boek beslaat. George R.R. Martin zegt nog twaalf verhalen in zijn hoofd te hebben, maar volgens HBO-baas Casey Bloys moeten de seizoenen van A Knight of Seven Kingdoms jaarlijks verschijnen: dat klinkt goed, maar dan mag Martin wel even doorschrijven. Zijn verhalen voelen nu als een fossiele brandstof: het is een enorm waardevolle bron, maar die wordt niet echt meer aangevuld.

©HBO Max

Gelukkig lijken showrunner Ira Parker en George R.R. Martin goed bevriend. De schrijver heeft Parker een outline gegeven van de twaalf verhalen, dus in theorie kan de serie daarmee verder - maar laten we niet vergeten dat dit bij de laatste seizoenen van Game of Thrones óók het geval was.

Bombastisch gefluit

Toch verdient Ira Parker ons optimisme, want A Knight of Seven Kingdoms is een fenomenale toevoeging aan de wereld van A Song of Ice and Fire. Verhalen hebben contrast nodig: door het klein te houden, voelt de wereld groot. Door het lief te houden, komen de gemene momenten keihard aan.

©HBO Max

De muziek is hier een spectaculair voorbeeld van. De bombastische muziek wordt ons aan het begin als wortel voorgehouden, maar dat is het ook wel - in plaats daarvan moeten we het doen met een gezellig gitaartje, iemand die fluit en het gezang van de vogeltjes.

Als het balletje dan eenmaal gaat rollen, neemt de muziek toch een bombastischer formaat aan - maar op dat moment voelt het verdiend. En, het allerbelangrijkste: in die epische muziek zit óók gewoon nog dat schattige gefluit.

Afleveringen van A Knight of Seven Kingdoms verschijnen wekelijks op HBO Max.