ID.nl logo
Fitbit Versa 4 - Kaal sporthorloge
Gezond leven

Fitbit Versa 4 - Kaal sporthorloge

Na de introductie van de Fitbit Sense gezondheidshorloges, zit de Fitbit Versa-serie in gekke spagaat. Kunnen we het horloge zien als een Fitbit voor sporters, of is het eigenlijk een Fitbit Sense light geworden? De Fitbit Versa 4 weet deze vraag niet te beantwoorden. Maar dat is geen reden om de Fitbit Versa 4 af te schrijven.

Oké
Conclusie

De nauwkeurige metingen van Fitbit en de toegankelijke app, maar dan op een groter horlogescherm. Dat is, samen met de uitstekende accuduur wat een Fitbit Versa 4 interessant maakt. Toch is het horloge functioneel erg beperkt. Ook zorgt Fitbit Premium ervoor dat alternatieven van Garmin en Apple aanlokkelijker zijn.

Plus- en minpunten
  • Goede metingen
  • Toegankelijke app
  • Mooi scherm
  • Accuduur
  • Fitbit Premium
  • Beperkte functionaliteit
  • Afgekeken ontwerp

De eerste twee generaties van de Fitbit Versa 4 waren de horloges waar het merk graag over opschepte. Dat stokje is overgenomen door een nieuwe horloge-serie: Fitbit Sense, die ongelukkig genoeg voor de Fitbit Versa gelijktijdig werd aangekondigd. Zo ook deze vierde generatie Fitbit Versa, die samen met de Fitbit Sense 2 werd aangekondigd.

©PXimport

De Fitbit Versa 4 (rechts) lijkt enorm op de Fitbit Sense 2. Beide horloges lijken ook weer erg op de Apple Watch.

Versa vs. Sense

Eigenlijk verschillen de twee horlogeseries niet zoveel van elkaar. De prijs van de Fitbit Versa 4 is ietsje lager. Het Apple Watch-achtige ontwerp met een vierkant scherm is gebleven. De Fitbit Sense 2 heeft wat ronder aflopende randen, maar om eerlijk te zijn: de Fitbit Sense 2 is nauwelijks te onderscheiden van de Fitbit Versa 4.

De Fitbit Sense 2 heeft meer ingebouwd dat op gezondheid geënt is, zoals wat Fitbit een CEDA-scanner noemt, die actief hartslagvariabiliteit en daarmee stress meet. Toch vinden we in de Fitbit-app verzamelde gegevens over stressbeheersing terug, zij het iets beperkter. De Fitbit Versa lijkt daarmee iets meer toegespitst op activiteitsmetingen, slaap en coaching om actiever te leven. Desondanks heeft ook de Fitbit Versa een sensor ingebouwd die huidtemperatuur meet. Zonder overigens een praktisch nut te dienen, want bijvoorbeeld koorts of stress valt er niet mee te meten. Externe factoren maken deze waardes volkomen waardeloos. Bijvoorbeeld als je een avond slaapt met het raam open, de arm onder de deken of buiten loopt. Vooralsnog. Want wellicht dat algoritmes in de toekomst wél zinnige conclusies kunnen trekken uit huidtemperatuurmeting.

Wil je meer weten over de werking van sensoren op je smartwatch, lees dan: Helpt een smartwatch je gezonder te leven?

De Fitbit Versa heeft een vierkant schermpje met een doorsnee van 1,5 inch, het schermpje heeft een prima beeldkwaliteit. De behuizing is stevig, redelijk plat en waterdicht tot 50 meter. De bandjes zijn verwisselbaar en handig te vervangen. Fitbit heeft wel een eigen sluitsysteem bedacht, waardoor een gewoon horlogebandje niet zal passen. Daarmee is de Fitbit Versa 4 eigenlijk gewoon een Fitbit Sense 2 light. En dat is niet erg, want de extra functionaliteit van de Fitbit Sense 2 is voor de meesten niet onmisbaar. Bovendien is de Fitbit Versa 4 nog altijd goed in zijn metingen, functies en toegankelijkheid.

Ook merk je in praktijk dat zo’n CEDA-scanner op de Fitbit Sense 2 behoorlijk wat van de accu eist. De accuduur van de Fitbit Versa 4 is namelijk een stuk beter. In praktijk kon ik er meer dan een week mee door. Alhoewel het gebruik van GPS om (hard)loop- en fietsroutes vast te leggen de accuduur behoorlijk beïnvloedt. Gebruik je graag het always-on scherm, dan is de accuduur beperkt tot twee à drie dagen.

©PXimport

Links: de Fitbit Sense 2 met CEDA-scanner, rechts de Fitbit Versa 4 met de reguliere sensoren.

Tijdens de presentatie van de nieuwe Fitbit-horloges schepte het bedrijf op dat  ze het besturingssysteem helemaal opnieuw hebben opgetuigd. In principe heeft Fitbit dat goed gedaan, want het horloge werkt vlot, nagenoeg foutloos en is toegankelijk voor jong en oud. Toch is het uiterst eigenaardig dat Fitbit deze keuze gemaakt heeft. Google is namelijk sinds twee jaar eigenaar van Fitbit en heeft een besturingssysteem op de plank liggen voor smartwatches dat veelzijdiger is dan het besturingssysteem van de Fitbit Versa 4: Google Wear OS. Waarom er niet is besloten de Fitbit Versa 4 met Wear OS uit te rusten is mij een raadsel. De Pixel Watch van Google draait bijvoorbeeld wél Wear OS en heeft alle metingen van Fitbit aan boord. Hierdoor voelt de Fitbit Versa 4, net als de Fitbit Sense 2, als een soort tussenfase. Alsof Fitbit niet even kon uitstellen om de horloges uit te rusten met Wear OS.

Hierdoor is de Fitbit Versa 4 onnodig beperkt in zijn functionaliteit. Beperkter dan zijn voorgangers zelfs. De vorige Fitbit-horloges hadden nog integratie met andere apps en diensten. Die ondersteuning is door het optuigen van het nieuwe besturingssysteem vervallen. Zo kun je bijvoorbeeld niet meer je muziek bedienen vanaf je horloge. En je activiteits- en gezondheidsdata delen met andere gezondheids-apps? Dat zit er nu helemaal niet in. Al je data zitten vast bij Fitbit, en dat is niet echt van deze tijd. Erger nog. Sommige data worden zelfs achtergehouden achter een Fitbit Premium-betaalmuur van acht euro per maand. Daarmee gaat Fitbit ethische grenzen over. Het is immers jouw data. Niet die van Fitbit. Niet die van Google.

Lees meer: Fitbit Premium, jouw data achter een betaalmuur

Dat de Fitbit Versa functioneel achterblijft zonder Wear OS zou verholpen kunnen worden als Google zelf wat meer liefde had gestoken in het net-overgenomen bedrijf. Google heeft immers genoeg diensten die als app op de smartwatch kunnen werken. Daar is echter niets van terug te zien. We moeten het alleen doen met de belofte dat er ooit Google Maps navigatie en Google Assistent-integratie gaat komen. Wanneer? Daar kreeg ik helaas geen antwoord op.

Meten is weten

De basisfunctionaliteit blijft dus gewoon in stand, en dat is waar Fitbit altijd sterk in is. Alleen zal deze smartwatch je functioneel niet meer bieden dan een Fitbit Charge 5. De metingen zijn aardig accuraat en worden erg overzichtelijk weergegeven in de Fitbit-app voor Android of iOS. De Fitbit Versa meet je slaap, hartslag, stappen (en afstand), actieve ‘zoneminuten’, calorieverbranding (alhoewel je deze met een korreltje zout mag nemen), enzovoort. Je kunt ook bijvoorbeeld gezondheidsstatistieken inzien en per oefening zien wat voor impact je hebt gehad. De metingen van je oefeningen worden automatisch gestart en herkend, als je zo’n meting echter handmatig start kun je bij (hard)loop en fiets-oefeningen ook zien welke route je aflegt.

Ook zorgen algoritmes ervoor dat er aan de hand van je data een stressmeting gedaan kan worden en functioneert je horloge als een soort sportcoach door je er af en toe aan te herinneren te blijven bewegen en aan te geven wanneer je fysiek klaar bent voor de volgende inspanning. Niet alle metingen zijn overigens even nauwkeurig. Zo telt je stappenteller tijdens het fietsen door, denkt je horloge dat je in slaap bent gevallen bij het kijken van een lange film en is de eerder genoemde huidtemperatuurmeting nog niet onmisbaar.

/De app van Fitbit blinkt uit boven die van andere wearable-makers.

Alternatieven voor de Fitbit Versa 4

Ben je in de markt voor een Fitbit, wat goed te verantwoorden valt door de toegankelijke app en goede metingen, dan is de Fitbit Versa 4 je beste keuze als het scherm van een Fitbit Charge 5 je te klein is. De Fitbit Sense 2 heeft weinig extra’s toe te voegen, waardoor een Versa 4 wellicht helemaal niet zo’n gek (goedkoper) idee is.

Toch zijn er ook alternatieven van andere merken. Zo maakt Garmin sporthorloges die net even wat nauwkeuriger meten en je data niet achter een abonnement vastzetten. Een Apple Watch meet net iets minder nauwkeurig, maar heeft functioneel veel meer in zijn mars dan een Fitbit horloge. Apple biedt hierbij ook een abonnement aan, maar gebruikt dit niet om data en metingen achter te houden.

Google biedt eveneens sinds oktober de Pixel Watch aan, die ook Fitbit-metingen aan boord heeft. Deze smartwatch is echter nog niet verkrijgbaar in Nederland en daarom ook nog niet door ons getest.

Conclusie: Fitbit Versa 4 kopen?

De nauwkeurige metingen van Fitbit en de toegankelijke app, maar dan op een groter horlogescherm. Dat is, samen met de uitstekende accuduur wat een Fitbit Versa 4 interessant maakt. Toch is het horloge functioneel erg beperkt. Ook zorgt Fitbit Premium ervoor dat alternatieven van Garmin en Apple aanlokkelijker zijn.

▼ Volgende artikel
Review: In Reanimal mag je samen naar de gemuteerde kinderboerderij
© Tarsier Studios/Tijn Kranen
Huis

Review: In Reanimal mag je samen naar de gemuteerde kinderboerderij

Achtpotige mottenballen, levende huidplooien en gemuteerde pelikanen: in het ‘schattige’ Reanimal kom je het allemaal tegen. Gelukkig sta je er niet alleen voor, want je kunt er voor kiezen om samen met een medespeler via coöp dit levende schilderij in te duiken - al is het resultaat vooral dat je sámen geen snars van het verhaal snapt.

Het Zweedse Tarsier Studios heeft al even geoefend met het concept van Reanimal. De game heeft namelijk een hoop weg van hun vorige games, Little Nightmares 1 en 2: ook hier wandel je door een stel surrealistische, levende horrorschilderijen.

Hoewel het niet letterlijk om een schilderij gaat, kan ik het gevoel niet anders beschrijven. Je beweegt je door een reeks prachtige omgevingen gevuld met bizarre monsters, die vooral de logica volgen van nachtmerries en kinderangsten. Reanimal lijkt in de verte wel een verhaal te willen vertellen, maar Tarsier beseft dondersgoed dat minimalisme het alleen maar griezeliger maakt.

Watch on YouTube

Simpel doch effectief

De mist hangt over het waterlichaam. Er zit een kind in een bootje. Als je aan de knoppen zit te morren, heb je door dat jij het kind bestuurt - tijd om naar dat rode licht in de verte te varen. Als je dichterbij komt, blijkt het een boei te zijn, met daarnaast spartelend in het water een vriendje. Ze klimt bij je in de boot. Als je een tweede controller aansluit of online speelt, is dit je coöp-partner. Zo niet, dan blijft het een computergestuurde vriend die vooral gezelschap biedt.

Terwijl je samen van boei naar boei vaart, doemt er in de verte een rotspartij op. Oh, die ziet er groot uit. Wacht, die is écht groot! Als je eenmaal bij het strand komt, ram je je bootje het zand in. Zo, die ligt lekker stevig.

Als je een dichte deur tegenkomt, snap je als gamer wel wat je missie is: zoek maar naar een sleutel. Vervolgens blijf je zonder echte reden maar een pad volgen, al kom je er gaandeweg achter dat je andere kinderen probeert te redden van monsters.

©THQ Nordiq/Tarsier Studios

Een versleten screenshotknop

Het verhaal staat dus niet echt voorop - en eerlijk gezegd staat diepgaande gameplay óók niet echt voorop. Maar wat maakt deze game dan in godsnaam zo indrukwekkend? Dat komt allemaal neer op fenomenaal ontworpen omgevingen en geniaal ontworpen monsters.

Het helpt daarbij dat Reanimal een ontzettend goed gevoel van schaal weet over te brengen: je voelt je piepklein, en grote dingen in de spelwereld voelen gigantisch. Daar komt ook een sterk staaltje camerawerk bij kijken. Op precies de juiste momenten wordt de camera naar achteren getrokken om te onthullen dat er in de achtergrond al de hele tijd een of ander gemuteerd boerderijdier op je ligt te wachten.

Op de PlayStation 5, waar we de game op hebben gespeeld, ziet Reanimal er prachtig uit. Op een zeldzame lelijke texture na is het spel gevuld met visuele meesterwerkjes. Je kunt op ieder willekeurig moment een screenshot maken, en het bij wijze van spreken inlijsten en ophangen. In vijf uur speeltijd heb ik 108 screenshots gemaakt, mede vanwege de mooie lichtinval.

Slide
Slide
Slide
Slide

Niet meer dan een middag

Daar is dan ook meteen het grootste struikelblok: in vijf uurtjes was ik wel door de game heen, terwijl ik het best rustig aan deed. Het spel gaat voor vier tientjes over de toonbank - toch best een hoge prijs voor zo’n korte game. In coöp doe je er misschien nog iets langer over, maar ik zou er niet op rekenen.

In de omgeving zijn er nog enige collectibles te vinden: posters met concept art en dierenmaskers, waar je je personages mee kan aankleden. Dat is best leuk, want die art is belachelijk mooi en die maskers worden steeds absurder. Gelukkig spat de kwaliteit er wel van af, want iedere omgeving is een kunstwerk op zich.

©Tarsier Studios/Tijn Kranen

Lekker rondkijken

Om nog even op die coöp-gameplay terug te komen: we hebben hier niet te maken met een game als Portal 2, waarbij de puzzels zijn gebouwd om als duo op te lossen. Hoewel de functie een van de selling points is, heb je absoluut geen tweede speler nódig.

De coöp-modus is zowel online als lokaal beschikbaar, al is er geen matchmaking. Je moet de lobbycode invoeren van de persoon met wie je wil spelen, dus met een vreemdeling spelen is er niet bij. We hebben de functie daardoor niet uitvoerig kunnen testen, maar het lijkt prima te werken.

Voor de puzzels heb je ook geen twee sets hersenen nodig: het zijn vrij simpele puzzels die er vooral voor zorgen dat je aandacht naar de mooie locaties getrokken wordt. Ingewikkelder hoeft het ook niet te zijn, want als je echt je hersens had moeten gaan kraken, dan had het die melancholische droomsfeer misschien wel kapotgemaakt.

©Tarsier Studios/Tijn Kranen

Hypnotiserend

Tarsier Studios weet precies wat Reanimal moet zijn: hypnotiserend, surrealistisch, schattig en tegelijkertijd doodeng. Het minimalistische verhaal is lastig te volgen, maar de gevoelens raken wél - al is het einde wat abrupt. Het grijpt je niet bij de keel, maar glijdt langzaam om je strot heen en knijpt zonder dat je het doorhebt.

Het voelt als de vreemdste plekken uit Silent Hill, of de Dark Place uit Alan Wake 2, maar het heeft ook weer wat weg van Coraline en Guillermo Del Toro’s Pinocchio. Het deed me misschien nog het meest denken aan deze concept trailer van Silent Hills, een game die helaas nooit het daglicht heeft mogen zien.

Stel je voor dat je door een bioscoop heen loopt, waar een dood (of gehypnotiseerd) publiek zit te kijken naar iets dat je alleen kan vergelijken met de videoband uit The Ring. Als je naar buiten komt, staat er een grote spinachtige man met een ijscowagen op je te wachten om je op te grissen. Als je eenmaal aan hem bent ontsnapt, wordt je geconfronteerd met de volgende griezelige omgeving en een nieuw, prachtig, tragisch en doodeng gemuteerd monster. In Reanimal snap je misschien niet precies wat er gebeurt, maar je gaat het zeker niet vergeten.

Reanimal is vanaf 13 februari verkrijgbaar voor PlayStation 5, Xbox Series-consoles, Nintendo Switch 2 en pc. Voor deze review is de game op PlayStation 5 gespeeld.

Goed
Conclusie

De visie achter Reanimal is duidelijk: geen ingewikkelde puzzels of verhaallijnen, maar een gestroomlijnde, sfeervolle koortsdroom met gedetailleerde plaatjes (en monsters) die nog lang in je hoofd blijven hangen. Tarsier Studios had de game kunnen opvullen met meer omgevingen of meer simplistische puzzels, maar dat zou wellicht alleen maar aan de ervaring af doen. Reanimal is daardoor wat aan de simpele en korte kant, maar de game blijft na het uitspelen wel nog veel langer door je hoofd spoken.

Plus- en minpunten
  • Kunstzinnige monsters en omgevingen
  • Mooie graphics
  • Co-op-functie is een welkome toevoeging
  • Gameplay maar weinig diepgaand
  • Kort en een tikje anticlimactisch
  • Niet erg uitdagend
▼ Volgende artikel
De iPad als smarthome-hub is verleden tijd: dit moet je weten
© DENYS PRYKHODOV
Huis

De iPad als smarthome-hub is verleden tijd: dit moet je weten

Met de introductie van een nieuwe Home-architectuur heeft Apple de ondersteuning voor de iPad als centrale woninghub stopgezet. Gebruikers moeten nu overstappen op een Apple TV of HomePod om hun slimme apparaten op afstand te bedienen en automatiseringen uit te voeren.

Het idee was altijd zo handig: die oude tablet die toch maar in de kast lag te verstoffen kreeg een tweede leven als het brein van je woning. Je plakte hem tegen de muur of zette hem op een standaard in de keuken, en plotseling kon je overal ter wereld je lampen bedienen. Toch merkten veel gebruikers dat de betrouwbaarheid vaak te wensen overliet, met apparaten die niet reageerden of automatiseringen die simpelweg weigerden te starten. Apple heeft nu de knoop doorgehakt en de tablet officieel uit de lijst van ondersteunde hubs geschrapt. In dit artikel leggen we uit waarom deze besluitvorming logisch is en wat dat voor jouw huidige opstelling betekent.

Overstap naar een stabiele architectuur

De reden dat de tablet niet langer als hub fungeert, ligt diep in de softwarematige fundering van de Woning-app verborgen. Met de komst van de nieuwe architectuur in iOS 16.2 heeft Apple de manier waarop apparaten met elkaar communiceren volledig herzien. Waar de iPad voorheen als een soort tussenstation fungeerde dat af en toe signalen doorgaf, vereist het nieuwe systeem een apparaat dat altijd aan de stroom hangt en een constante, bekabelde of zeer stabiele draadloze verbinding heeft.

We hebben in onze tests gemerkt dat een iPad die in de slaapstand gaat of waarvan de batterij net onder een bepaald percentage zakt, de communicatie met de rest van het huis direct verstoort. Bovendien ontbreekt in de iPad de hardware voor Thread, een netwerkprotocol dat zorgt dat apparaten razendsnel en zonder vertraging op elkaar reageren. Wanneer je nu op een knop drukt, hoor je bij een moderne hub direct de klik van de schakelaar, terwijl de iPad daar voorheen merkbare seconden over kon doen.

©PHILIPPE RAMAKERS

Soms werkte het wel...

In een heel specifieke context kon de iPad nog wel dienstdoen, mits je geen behoefte had aan de nieuwste snufjes. Voor een simpel huishouden met slechts een paar lampen die alleen via bluetooth of een eigen bridge werkten, was de tablet een prima interface. Het gaf toch een gevoel van controle om een visueel overzicht te hebben op een groot scherm in de woonkamer. Je kon de iPad inzetten als een soort veredelde afstandsbediening die ook toevallig de automatiseringen draaide wanneer je zelf niet thuis was.

Dit werkte vooral goed in kleine appartementen waar de afstand tussen de tablet en de slimme verlichting minimaal was, waardoor de bluetooth-verbinding stabiel bleef. De koopintentie voor een iPad was in die tijd vaak gebaseerd op deze multifunctionaliteit, maar die vlieger gaat met de huidige eisen voor een modern slim huis niet meer op.

Mobiliteit is niet goed voor een hub

Een centraal zenuwstelsel van een woning hoort niet verplaatsbaar te zijn, en dat is precies waar het in de praktijk misging met de iPad. Zodra iemand de tablet van de lader haalde om even op de bank een video te kijken, liep de verbinding met de beveiligingscamera buiten gevaar. We zien vaak dat een hub die op wifi werkt in plaats van via een ethernetkabel, kwetsbaar is voor storingen van andere apparaten in de buurt.

De iPad is ontworpen als een persoonlijk apparaat dat energie bespaart zodra het scherm uitgaat, wat natuurlijk haaks staat op de rol van een server die 24 uur per dag paraat moet staan. In grotere woningen merkten we bovendien dat de iPad simpelweg het bereik niet had om apparaten op de bovenverdieping aan te sturen, iets wat een systeem met meerdere verdeelde hubs veel beter oplost.

©IHAR ULASHCHYK

Signalen om over te stappen

Er zijn een paar duidelijke situaties waarin je de iPad als hub direct moet vervangen door een volwaardige slimme speaker of mediaspeler. Als je van plan bent om apparaten aan te schaffen die met de Matter-standaard werken, heb je eigenlijk geen keuze meer, aangezien de iPad dit protocol niet ondersteunt als hub. Ook wanneer je merkt dat je automatiseringen vaker niet dan wel werken zodra je de voordeur achter je dichttrekt, is dat een teken dat de iPad de verbinding niet stabiel kan houden.

Een ander breekpunt is de behoefte aan beveiligde video-opslag in iCloud. Voor het streamen en analyseren van beelden van je deurbel is simpelweg meer rekenkracht en een constantere verbinding nodig dan een (vaak oudere) tablet kan bieden. Tot slot is het onmogelijk om de woning te upgraden naar de nieuwste softwareversies zonder een ondersteunde hub, waardoor je bijvoorbeeld nieuwe functies en beveiligingsupdates misloopt.

De juiste opvolger kiezen

Het toetsen van je eigen woonsituatie begint bij de vraag hoeveel apparaten je wilt aansturen en of je ook behoefte hebt aan een fysieke interface. Voor de meeste mensen is een mediaspeler zoals de Apple TV de beste keuze, omdat deze (de duurdere versies in elk geval) met een kabel aan je router verbonden kan worden voor de meest betrouwbare verbinding.

Heb je echter geen televisie in de buurt van je slimme apparaten, dan is een compacte speaker die ook als hub fungeert een slimmer alternatief. Je plaatst deze eenvoudig op een centrale plek in huis waar de microfoons ook je stemcommando's kunnen opvangen. Kijk hierbij goed naar de ruimte die je hebt; een kleine speaker past op elk nachtkastje, terwijl een volwaardige mediaspeler vaak een vaste plek in het tv-meubel vereist.

Nee, de iPad is definitief geen woninghub meer

De iPad kan officieel niet meer als hub worden ingesteld in de vernieuwde Woning-app van Apple omdat de hardware niet voldoet aan de eisen van de nieuwe woningarchitectuur. Voor het bedienen van je huis op afstand en het configureren van automatiseringen heb je nu minimaal een HomePod of een Apple TV nodig (mocht je wel bij Apple willen blijven). Deze apparaten bieden ondersteuning voor Thread en Matter, wat zorgt voor een snellere en betrouwbaardere communicatie tussen je slimme apparaten. Hoewel de iPad een handig bedieningspaneel blijft voor op de muur, vinden de processen achter de schermen nu plaats op hardware die altijd met het stroomnetwerk en internet is verbonden.