ID.nl logo
Smartwatch, smartband en apps: zo helpt tech je met met sporten en actiever leven
Gezond leven

Smartwatch, smartband en apps: zo helpt tech je met met sporten en actiever leven

Nieuwjaarsvoornemen of niet: sporten en actiever zijn is altijd aan te bevelen als je gezonder wilt leven. Er zijn een hoop apps, apparatuur, smartwatches en sportarmbandjes verkrijgbaar die helpen om gezonder te leven… én je nieuwe levensstijl vol te houden. We helpen je op weg met het kiezen van de juiste apps en wearables.

⌚ In dit artikel leggen we je uit hoe wearables je kunnen helpen actiever en gezonder te leven. We geven antwoord op de volgende vragen.

  • Hoe kies je een smartwatch of smartband die bij je past?
  • Smartwatch, smartband of appje?
  • Voor welke sporten is een smartwatch geschikt?
  • Wat zijn de verschillen tussen verschillende smartwatches?
  • Lees ook: de 10 beste smartwatches van nu

💡 Meer weten over gezonder leven? Kijk dan in ons Afvaldossier vol artikelen over gezonde voeding, beweging en sporten, maar ook over apps, gadgets en connected health-apparaten.

Laat je voornemen om meer te bewegen niet beginnen met een sprint naar de (web)winkel voor een goede deal van een smartwatch of sportarmband. Omdat er onderlinge verschillen zijn en paar zaken die voor jou relevant zijn, is het belangrijk om eerst na te gaan wat voor accessoire je kunt gebruiken tijdens je activiteiten. Sterker nog: mogelijk heb je ook al genoeg aan de smartphone die je al op zak hebt, door de juiste apps te gebruiken.

Vraag jezelf eerst dit af ...

  • Wil je actiever leven, of echt gaan sporten?

  • Welke oefeningen wil je uitvoeren?

  • Hoe wil je je voortgang meten: aantal stappen, verbrande calorieën of actieve minuten bijvoorbeeld?

  • Wil je ook je gezondheid (voor zover mogelijk) in de gaten houden?

  • Hoe houd je jezelf gemotiveerd om je doelstellingen vol te blijven houden?

... en bepaal dan wat verder belangrijk is

  • Gezondheids- en activiteitsmetingen zijn pas echt waardevol met meer gegevens zoals hartslag, slaap en voedingsinname.

  • Hoe wil je uitgedaagd worden om actief te blijven? Bijvoorbeeld met uitdagingen, mijlpalen of sociale functies?

  • Let op je data: vertrouw je ze toe aan het bedrijf achter een smartwatch of smartband? En wat zijn de mogelijkheden om je gegevens te exporteren of te koppelen met andere apps?

  • Slaapmeting is buitengewoon waardevol, dus houd er rekening mee dat je ook met een smartwatch of een armbandje (deze is kleiner, dus minder oncomfortabel) slaapt.

©Halfpoint - stock.adobe.com

Een smartwatch is een handig hulpmiddel om je sportieve doelstellingen te behalen, maar je zult de discipline uit jezelf moeten halen.

Actief leven en meer sporten

Welke gadgets en apps je helpen je doelstellingen te bereiken is in de eerste plaats afhankelijk van de activiteiten die je graag doet. Ga je wandelen, hardlopen, wielrennen, fitnessen, zwemmen of misschien wel een contactsport als voetbal beoefenen? Al deze activiteiten hebben baat bij andere apps en apparatuur. En wat nou als je meerdere sporten beoefent? Eén zorg kan vast weggenomen worden: de meeste smartwatches en sportbandjes zijn zelf in staat te herkennen welke activiteit je beoefent, en kunnen dat nog opvallend goed ook.

Wandelen

Ga je bijvoorbeeld wandelen, dan is de kans groot dat je een smartphone al op zak hebt. Met apps kun je vervolgens de stappen tellen of zelfs je route vastleggen middels de GPS-chip van je toestel. Een app die je daar prima voor kunt gebruiken, is Strava. Dat de app ook zeer in trek is bij fanatieke sporters, betekent namelijk níet dat hij niet geschikt zou zijn voor iets laagdrempeligs als wandelen.  

Lees ook: 15 apps om fit te worden met behulp van je smartphone

Hardlopen

Voer je het tempo op door te gaan hardlopen, dan schiet een app op je smartphone tekort. Bovendien is het prettiger om zonder smartphone hard te lopen. Een smartwatch of sportarmbandje (zoals een Fitbit Charge of Xiaomi Band) meet je prestaties zoals verbranding, snelheid, gezette stappen, hartslag en legt - als je apparaat over een GPS-chip beschikt - zelfstandig de route vast op een kaart.

Contactsporten

Wanneer je een contactsport beoefent, zoals voetbal, is een smartwatch zacht gezegd niet sportief. Een onbewuste zwaai met de arm tegen het hoofd of ander lichaamsdeel van je tegenstander wordt behoorlijk pijnlijk(er) met een smartwatch. Het scherm van een smartwatch is bovendien van glas, wat gewoonweg kwetsbaar materiaal blijft. Een contactsport kan voor je smartwatch dus ook makkelijk krassen of barsten opleveren. Dat maakt contactsporten met een wearable (of app) lastig. Mogelijk kun je een compacter fitnessbandje om je pols onder een zweetbandje verbergen, maar houd er rekening mee dat een scheidsrechter (of tegenstander) je terugfluit.

Een smartwatch is ook een handig hulpmiddel voor wie fitnessoefeningen uitvoert.

 Fitness met een smartwatch

Ga je naar de sportschool, dan telt de stappenteller niet echt lekker als je op apparaten staat of gewichten de lucht in duwt en trekt. Natuurlijk zal de smartwatch wel registeren dat je bewegingen maakt - en zelfs herkennen wat je aan het doen bent. Lang leve de automatische activiteitsherkenning. Maar dat je een minuut staat te planken in plaats van de gebruikelijke 40 seconden, of vijf kilo meer bankdrukt dan gebruikelijk, dat zal je smartwatch niet zelf herleidbaar registeren.

Waar een smartwatch je hier voornamelijk mee helpt is met timers, bijvoorbeeld een stopwatch voor die vermaledijde plankoefening. Apps (eventueel die van je smartwatch) kunnen je helpen met het vinden van de geschikte oefening.

In het verlengde daarvan kan een smartwatch je ook helpen om te ontspannen. Door begeleide ontspanningsoefeningen te doen zoals yoga en wellness, of bijvoorbeeld ademhalingsoefeningen. Je smartwatch geeft het tempo aan. Jij ademt mee.

©AK | ID.nl

Ademhalingsoefening op de Fitbit Sense 2.

Buiten sporten en zwemmen met een smartwatch

De meeste smartwatches (en bandjes) zijn waterdicht. Wel zo fijn als je een regenbui treft bij het buitensporten. Veel smartwatches zijn zelfs zó waterbestendig dat ze ook gebruikt kunnen worden bij het zwemmen. Dankzij slimme algoritmes wordt dit ook als zodanig herkend.

Ben je van plan om een smartwatch te gebruiken bij het zwemmen, dan moet je wel rekening houden met het feit dat de hartslagmeter niet (optimaal) werkt. De hartslagmeter werkt met groene en rode lichtjes. Technisch verhaal, maar hierdoor kan je smartwatch de je bloedsomloop en dus je hartslag monitoren. Water reflecteert op die lampjes, wat de metingen uitdagend maakt. Houd er ook rekening mee dat een polsapparaat tijdens het zwemmen misschien niet zo prettig draagt. Bij een vlinderslag, rug- of borstcrawl merk je dat je arm iets minder gestroomlijnd door het water gaat.

Smartwatches voor sport en meer

Hierboven hebben we een aantal activiteiten behandeld waar je niet per se een smartwatch voor nodig hebt maar waarvoor je genoeg hebt aan een app op je telefoon. Wil je wel echt een smartwatch, is het zaak om te kijken naar welk merk je wilt. Iedere smartwatch en ieder platform heeft zo zijn eigen plus- en minpunten. Ga eerst na of je een smartwatch wilt of toch liever een kleiner smartbandje.

Een smartwatch kan vaak meer dan alleen je activiteiten en gezondheid bijhouden. Vooral de horloges van Apple, Samsung en andere horloges met Google Wear OS zijn uitgebreid qua functionaliteit en beschikken bovendien over een eigen applicatiewinkel. Zo kun je je smartwatch ook gebruiken voor bijvoorbeeld navigatie, betaling, tickets, enzovoort. Maar ook kun je andere sport-apps gebruiken, zoals Strava. Dat is belangrijk om op de langere termijn je sportieve doelstellingen te behalen. Bijvoorbeeld als je nauwkeuriger je prestaties wilt gaan meten of je juist met anderen wilt meten.

Om zinnige claims te kunnen maken over je activiteiten en lichaamsfuncties is een combinatie van goede sensoren en algoritmes nodig. Een Apple Watch of Samsung Galaxy Watch kan dit uitstekend.

Smartwatches van Chinese merken, zoals Amazfit, Oppo en Huawei zijn geen afraders. Vooral qua prijs zijn deze smartwatches interessant. Houd er wel rekening mee dat de metingen wat minder nauwkeurig zijn en de horloges alleen over basisfunctionaliteit beschikken. Uitgebreide applicatiewinkels ga je voor deze merken niet vinden. Wel is de accuduur vaak wat langer bij deze Chinese smartwatches. Ga echter wel van tevoren na of je je hoogstpersoonlijke gezondheidsdata wel toevertrouwt aan een Chinees merk.

Een goede smartwatch staat of valt met een goede app.

Smartwatches die je prestaties en gezondheid meten

Wil je écht het naadje van de kous weten, dan zijn er ook smartwatches beschikbaar die zijn gericht op activiteits- en lichaamsmetingen. Bekendste merken zijn Fitbit en Garmin, maar Polar en Withings zijn ook vertrouwde namen.

Deze smartwatches zijn er met name op gericht om nog nauwkeuriger te meten. Vooral Garmin en Polar blinken hierin uit. Zo weet je uitstekend hoe je presteert, hoe je lichaam daarop reageert en hoe je herstelt. Met name dat laatste wordt makkelijk over het hoofd gezien. Maar gelukkig weten veel smartwatches (dus ook die van Fitbit) je te vertellen of je lichaam weer klaar is voor oefeningen en zo ja, wat voor oefeningen.

Fitbit smartwatches zijn iets minder nauwkeurig in hun metingen dan Garmin. Troefkaart van Fitbit is echter dat het merk mooiere horloges en sportarmbandjes maakt en dat de app uiterst toegankelijk is. De app is zó ontworpen dat jong en oud ermee overweg kan en dat is zeker een groot voordeel… Maar er is ook een enorm nadeel aan Fitbit: dat is de Fitbit Premium-abonnementsdienst. Fitbit wil graag dat je maandelijks betaalt om alle functies beschikbaar te maken én al je data in te zien.  Ondanks dat je een Fitbit ook kunt gebruiken zonder Fitbit Premium, is deze abonnementsdienst hinderlijk en niet van deze tijd.

Lees ook: Fitbit Premium, jouw data achter een betaalmuur

©CIDimport

Hartslagmeting: belangrijk voor je prestatiemeting en gezondheidsmeting.

Op je gezondheid

Gezondheidsmeting ligt in het verlengde van activiteitsmetingen. Ontwikkelingen vinden daarom ook steeds meer op dit gebied plaats. Je hartslagmeter bij Fitbit, Samsung en Apple kan bijvoorbeeld gebruikt worden voor het maken van hartfilmpjes en bloedzuurstofwaardemeting. Of wat dacht je van ongevaldetectie? Nadat het horloge een klap meet en rare hartslagwaardes wordt alarm geslagen.

Lees ook: Kan een smartwatch je helpen gezonder te leven?

Alleen zal een smartwatch een bezoek aan de dokter niet voorkomen. En zelfdiagnose? Dat zit er ook niet in. Zo is het maken van een hartslagfilmpje een leuke functie, maar waarschijnlijk zal het voor jou niet zoveel toevoegen. Heb je (mogelijke) hartproblemen, ga dan altijd naar een arts. Een specialist zal zeker blij zijn met de ECG’s (hartfilmpjes) die je smartwatch maakt.

Andere metingen staan nog in de kinderschoenen. Zo kan een Samsung smartwatch je bloeddruk meten. Dat klinkt handig, maar je moet je horloge zó vaak ijken met een echte bloeddrukmeter dat het in praktijk nog geen toegevoegde waarde biedt. Fitbit-horloges zijn uitgerust met een thermometer die de temperatuur van je huid meet. In praktijk heb je hier (nog) niets aan, tenzij je in de Fitbit-app wilt zien of je met het raam open geslapen hebt. Huidtemperatuur is erg beïnvloedbaar door externe factoren, en is nog niet voldoende om bijvoorbeeld koorts vast te stellen. Toch lijkt het niet ondenkbaar dat dergelijke functionaliteit in de toekomst wel voorhanden komt. Bijvoorbeeld door de sensoren en herkenningsalgoritmes te verfijnen.

Wil je meer te weten komen over je eigen gezondheid met een smartwatch of sportarmband, dan kunnen extra accessoires je helpen. Een borstband kan nauwkeuriger je hartslag meten. En vergeet je gewicht niet. In sommige apps kun je je gewichtsvoortgang toevoegen. Sommige slimme weegschalen kunnen dat automatisch. Daarover zie je meer in onderstaande video.

Watch on YouTube

Wil je meer video's zien, abonneer je op het YouTube-kanaal van ID.nl.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.