ID.nl logo
Zo vind je de beste powerbank
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Zo vind je de beste powerbank

Een lege smartphone-, tablet- of notebookaccu is geen pretje, dat heb je vast al eens ervaren. En hij is ook altijd op het verkeerde moment leeg. Met de juiste powerbank laad je jouw mobiele apparaat altijd en overal weer op. Handig als er geen stopcontact binnen handbereik is. Hoe vind je de beste powerbank?

Tip 01: Powerbank?

Een powerbank laat zich het beste omschrijven als mobiele oplader. Door de geïntegreerde accu vooraf op te laden, gebruik je de opgeslagen energie om de batterij van bijvoorbeeld een smartphone of tablet tussentijds bij te vullen. Vooral voor mensen die regelmatig onderweg zijn, is zo’n powerbank interessant. De werking is eenvoudig. Je sluit een usb-kabel op de powerbank aan, waarna de accu van het mobiele apparaat wordt opgeladen. Er bestaan zelfs powerbanks met een regulier stopcontact, zodat je een laptop of andere apparatuur onderweg van stroom kunt voorzien. Die zijn wel een stuk zwaarder en duurder. In de tips van dit artikel nemen we diverse eigenschappen van powerbanks met je door, zodat je een weloverwogen keuze kunt maken.

©PXimport

Tip 02: Batterijcapaciteit

Of je jouw mobiele apparatuur volledig kunt opladen, is afhankelijk van de beschikbare batterijcapaciteit van de powerbank. Er bestaan uiterst compacte mobiele opladers die je met gemak in je binnenzak steekt. Natuurlijk heel handig, maar tegelijkertijd houden deze compacte producten bar weinig energie vast. Powerbanks met meer capaciteit zijn zwaarder en groter, omdat er een flinke accu is ingebouwd. Fabrikanten vermelden netjes in de specificaties hoeveel elektrische lading hun powerbanks kunnen vasthouden. De meeteenheid voor deze elektrische lading wordt uitgedrukt in milliampère-uur (mAh). Hoe hoger deze waarde, hoe meer capaciteit de betreffende accu bevat. Zoek in de specificaties van jouw smartphone op hoeveel mAh de accu daarvan heeft om te weten hoe vaak je die op kunt laden met de betreffende powerbank. Houd dan wel nog rekening met een energieverlies van gemiddeld ongeveer twintig procent tijdens het opladen. Bij een powerbank met een capaciteit van 5000 mAh blijft er dus netto zo’n 4000 mAh over.

Er zijn compacte producten met een capaciteit van 2.200 mAh, hooguit voldoende om een smartphone (gedeeltelijk) op te laden. Er bestaan ook grotere powerbanks met een capaciteit van 5.000, 10.000 of zelfs 20.000 mAh. Hiermee kun je meerdere mobiele apparaten opladen, of één apparaat meerdere keren natuurlijk. Daarnaast zijn er powerbanks die nog (veel) meer elektrische lading kunnen vasthouden, maar die zijn wel een stuk prijziger. Bovendien neem je dergelijke producten niet zo gemakkelijk meer mee. Wie een handzame en betaalbare powerbank wenst voor het bijladen van mobiele apparaten, is prima af met een exemplaar van zo’n 10.000 mAh.

©PXimport

Tip 03: Usb-poorten

Voordat je een powerbank aanschaft, is het handig om te weten hoeveel usb-poorten je nodig hebt. Misschien wil je naast een smartphone bijvoorbeeld ook gelijktijdig een tablet opladen. Of je krijgt het verzoek om tegelijkertijd een mobiel apparaat van je partner of (klein)kind op te laden. Naast een powerbank met voldoende accucapaciteit let je bij aanschaf dus ook op het aantal usb-poorten. De goedkoopste exemplaren hebben veelal slechts één usb-poort. Ben je bereid om enkele tientjes uit te geven, dan staan er meestal twee usb-poorten voor je paraat. Powerbanks met drie of meer usb-poorten zijn iets lastiger om te vinden. Wie goed zoekt, schaft ze vanaf ongeveer vijftig euro aan.

Naast reguliere usb-poorten hebben sommige powerbanks een moderne usb-c-connector in huis. Gunstig, want steeds meer smartphones, tablets, laptops en andere mobiele apparaten zijn hiermee uitgerust. Powerbanks met een usb-c-aansluiting gebruik je bijvoorbeeld om een recente MacBook mee op te laden. Een praktisch voordeel van usb-c is dat je niet meer hoeft te controleren of de kabel correct in de connector zit, aangezien de boven- en onderkant gelijk zijn.

©PXimport

Naast gewone usb-poorten hebben sommige powerbanks een moderne usb-c-connector

-

Tip 04: Stroomsterkte

De stroomsterkte bepaalt grotendeels hoe snel je jouw mobiele apparaat met de powerbank kunt opladen. Iedere usb-poort levert een bepaalde hoeveelheid ampère. De goedkoopste powerbanks leveren doorgaans 1 ampère op een enkele usb-poort. Dat is weliswaar voldoende voor het bijladen van een smartphone, maar voor een tablet is er meestal meer stroomsterkte gewenst. Voor een kortere wachttijd is het sowieso fijn wanneer een usb-poort 2,1 ampère levert, want met meer ampère gaat het laden ook sneller. Via usb-c is het ook mogelijk om geschikte laptops van energie te voorzien, hiervoor is een stroomsterkte van 2,4 ampère of meer gewenst. Powerbanks met twee usb-poorten beschikken vaak over een connector met een stroomsterkte van 1 ampère en een connector die 2,1 of 2,4 ampère levert. Belangrijk is in dat geval om de juiste apparatuur aan de correcte usb-poort te koppelen. Meestal staat het aantal ampère netjes bij de usb-poort vermeld, maar helaas is dat niet altijd zo. Controleer zo nodig in de handleiding even welke stroomsterkte de betreffende usb-poort ondersteunt. Slimme powerbanks zien automatisch wat de optimale stroomsterkte voor jouw apparaat is en stemmen de energievoorziening hierop af. Dit is van toepassing bij producten die de technologie PowerIQ ondersteunen, zoals de PowerCore+-reeks van het merk Anker. Voor deze techniek zijn er overigens ook andere benamingen in omloop, zoals AiPower van de fabrikant Aukey.

©PXimport

Quick Charge

Veel powerbanks ondersteunen Quick Charge. Het Amerikaanse bedrijf Qualcomm ontwikkelde deze technologie om tablets en smartphones sneller op te laden. Voorwaarde is wel dat zowel het mobiele apparaat als de powerbank ondersteuning biedt aan deze standaard. Bij sommige producten staat op de behuizing een Quick Charge-logo. De derde generatie van deze snelladen-standaard wordt inmiddels breed ondersteund. Qualcomm lanceerde afgelopen jaar versie 4(+), maar die hebben we op powerbanks nog niet gezien. Overigens zijn er ook fabrikanten die onder een eigen naam een protocol voor snelladen ontwikkelen. Zo gebruikt Samsung hiervoor de naam Adaptive Fast Charging.

©PXimport

Tip 05: Zonne-energie

Veruit de meeste fabrikanten leveren een micro-usb-kabel mee voor het opladen van de powerbank zelf. Je hangt het apparaat aan een computer of gebruikt een aparte voedingsadapter. Maar wat als er onverhoopt geen energiebron in de buurt is, bijvoorbeeld als je gaat kamperen of als de stroom uitvalt? Je kunt voor dit soort situaties een powerbank met een bescheiden zonnepaneel overwegen. Dergelijke producten hebben vaak een speciale standaard waarmee je de zonnecellen onder een juiste hoek positioneert. Houd er wel rekening mee dat het vaak uren (!) duurt voordat de accu van de powerbank volledig is opgeladen. Kies daarom voor een exemplaar met een hoog rendement. Een hoog rendement herken je aan het wattage dat het zonnepaneel levert. Hoe meer watt, hoe beter! Bedenk overigens wel dat mobiele opladers met een zonnepaneel duurder zijn dan gewone powerbanks. Onder meer de merken WakaWaka, Goal Zero en Xtorm en ontwikkelen producten die werken op zonne-energie.

©PXimport

Het duurt vaak uren voordat een powerbank op basis van zonne-energie is opgeladen

-

Tip 06: Behuizing

Bij de goedkopere powerbanks is de behuizing vaak een ondergeschoven kindje. Veel fabrikanten kiezen uit kostenoverwegingen voor kunststof. Niet de beste materiaalkeuze, zeker wanneer je bedenkt dat een mobiele oplader vaak ergens los in een tas slingert. Toch hoeft een kunststof behuizing geen probleem te zijn. Wie namelijk enigszins zuinig is op z’n powerbank, zal niet zo snel tegen een defect aanlopen. Kies je zekerheidshalve liever voor een exemplaar dat wel een stootje kan hebben? De luxere modellen zijn vaak van metaal en daardoor een stuk duurzamer. Verder bestaan er ook mobiele opladers met een rubberen afwerking. Meestal zijn dergelijke producten bestemd voor buitengebruik, bijvoorbeeld op een camping of natuurpark. Wil je de kans op een defect zo klein mogelijk hebben? Misschien is dan een powerbank met een water-, schok- en stofbestendige behuizing iets voor jou. Let in dat geval op de IP-classificatie van het product. Zo staat IP66 bijvoorbeeld voor een water- en stofdichte behuizing.

©PXimport

Tip 07: Mobiel stopcontact

Zoals we al schreven, laten sommige laptops zich via een usb-c-poort opladen. Maar het merendeel gebruikt hiervoor nog altijd een adapter met een eigenontwikkelde connector. Sommige powerbanks leveren hiervoor meerdere laptop-connectors mee, zoals de dure (ca. 175 euro) PowerOak K2 (50.000 mAh). Een groot nadeel van deze methode is dat niet iedere notebook wordt ondersteund. Wil je evengoed een mobiele (nood)oplossing om je laptop op te laden? Kies dan voor een exemplaar met een stopcontact, waarbij je wel nog steeds rekening dient te houden met een forse aanschafprijs. De Xtorm AL390 is met een capaciteit van 18.000 mAh nog relatief betaalbaar (140 euro). Naast twee usb-poorten vind je aan de zijkant een regulier stopcontact van 230 volt waarmee je een laptop kunt opladen. Overigens gebruik je het stopcontact ook probleemloos voor andere elektronische apparaten, zoals een scheerapparaat, spelcomputer, lamp of ventilator. Het uitgangsvermogen bedraagt maximaal 85 watt. Heb je behoefte aan nog meer mobiele energie? Goal Zero ontwikkelt ‘mobiele generators’ die een hoge accucapaciteit bieden. De Yeti 400 kan bijvoorbeeld 79.200 mAh energie vasthouden en heeft onder meer twee stopcontacten van 220 volt aan boord. Het maximale uitgangsvermogen bedraagt maar liefst 300 watt. Houd wel rekening met een forse aanschafprijs, want de Goal Zero Yeti 400 kost een kleine 500 euro. Je neemt hem met z’n ruim dertien kilo ook niet zomaar meer mee. Het merk PowerOak ontwikkelt eveneens zeer omvangrijke powerbanks.

©PXimport

Draadloos opladen

Met de juiste powerbank behoort ook draadloos opladen tot de mogelijkheden. Je hebt in dat geval een powerbank met ondersteuning voor de Qi-standaard nodig, en ook je mobiele apparaat moet die technologie ondersteunen. Powerbanks met deze standaard zijn nog vrij zeldzaam, dus er is weinig keus. Xtorm verkoopt onder de productnaam XB103 een geschikte draadloze oplader met een accucapaciteit van 8.000 mAh voor zo’n 60 euro. Je legt een geschikte smartphone of tablet op de behuizing en het oplaadproces start direct.

©PXimport

Tip 08: Zaklamp

Opvallend genoeg hebben behoorlijk wat powerbanks een zaklamp ingebouwd. Vooral bij de compacte exemplaren is er regelmatig een bescheiden zaklantaarnfunctie te vinden. Een reden hiervoor is dat veel mensen een powerbank voornamelijk op vakantie gebruiken. Op de camping is een fel zaklampje geen overbodige luxe, bijvoorbeeld wanneer je ’s nachts het toilet probeert te bereiken. Meestal bevindt zich aan de zijkant een schakelaar waarmee je het lampje in- en uitschakelt. Onder meer producten van merken als Trust, WakaWaka en Aukey hebben geregeld een zaklantaarn aan boord.

©PXimport

Tip 09: Led-indicators

Bij gebruik van een powerbank is het handig om te weten hoeveel resterende acculading er nog is. De meeste producten geven de actuele status via led-indicators aan, maar dat is niet altijd het geval. Voornamelijk bij de goedkopere producten ontbreken ze nogal eens … dan is het dus domweg gissen wanneer je de powerbank weer moet opladen. Kies dus bij voorkeur voor een exemplaar waarop je de batterijstatus gemakkelijk kunt aflezen. Vaak werkt dat via vier led-indicators aan de bovenzijde of zijkant. Branden ze allemaal, dan is de interne accu volledig opgeladen.

©PXimport

Startkabels

Powerbanks zijn breder inzetbaar dan je in eerste instantie zou denken. Zo zijn er al producten met een interne zaklamp, zoals je in tip 8 leest. Daarnaast bestaan er mobiele opladers met startkabels, zoals de Denver JST-10010 en Trust Urban Cara Jump Starter & Powerbank. Handig als je ooit te maken krijgt met een lege accu van een auto of motor. Via een apart verloopstukje sluit je de startkabels op de powerbank aan. Houd wel rekening met een relatief hoge aanschafprijs.

©PXimport

Tip 10: Fietsend opladen

Veel fietsers gebruiken hun smartphone om te navigeren en hun ritjes te registreren. Zij hebben hiervoor vaak een speciale smartphonehouder op het stuur gemonteerd. Een nadeel is dat navigatie-apps de accu in rap tempo leegslurpen. Fabrikanten spelen hierop handig in door powerbanks te ontwikkelen waarmee je de smartphone tijdens fietstochtjes oplaadt. Zo heeft het Nederlandse fietsmerk Cortina bij bepaalde modellen een powerbank onder het stuur verwerkt. Heb je al een goede fiets? Met de Topeak Mobile PowerPack monteer je zelf een mobiele oplader onder de stuurpen. De fabrikant heeft de behuizing hierop afgestemd, zodat de powerbank niet uitsteekt. Verder bestaat er met de Teasi Smar.T ook een product dat je rechtstreeks op de naafdynamo kunt aansluiten. Op die manier laad je de powerbank dus rechtsreeks op door te fietsen. Nuttig is dat dit apparaat tevens fungeert als fietslamp.

©PXimport

Kooptips

Varta Powerpack 6000****Prijs: € 20,- Wie behoorlijk wat accucapaciteit voor een acceptabele prijs wenst, kan de Powerpack 6000 van het Duitse batterijmerk Varta overwegen. Zoals de productnaam al doet vermoeden, is er in de behuizing een accu met een capaciteit van 6.000 mAh verwerkt. Volgens de fabrikant is dat genoeg om tweemaal een smartphone of eenmaal een tablet volledig op te laden. De zijkant bevat hiervoor twee usb-poorten met een stroomsterkte van 1 en 2,4 ampère. Er is ook nog een zaklamp geïntegreerd. Fijn is dat de bovenzijde vier led-indicators bevat om de huidige acculading aan te duiden. Opladen gebeurt met een micro-usb-kabel.

©PXimport

Belkin MIXIT Power Rockstar 10000****Prijs: € 70,- Belkin heeft met de MIXIT Power Rockstar 10000 een fraaie powerbank op de markt gebracht met een aluminium afwerking. Het platte kastje heeft een gemagnetiseerd opbergsysteem waarin je de meegeleverde micro-usb- óf lightning-kabel van ruim veertien centimeter kwijt kunt. Er handig, omdat je dan geen extra kabeltje meer op zak hoeft te hebben. Daarnaast zijn er ook nog twee reguliere usb-poorten voorhanden die ieder een stroomsterkte leveren van 2,4 ampère. De accucapaciteit is met 10.000 mAh behoorlijk ruim, daarmee kun je een tablet ongeveer tweemaal opladen. Voor het opladen van deze powerbank gebruik je de meegeleverde micro-usb-kabel. Aan de hand van vier led-indicators controleer je de batterijstatus.

©PXimport

Xtorm XB202****Prijs: € 85,- Als je een flinke lading mobiele energie nodig hebt, ben jij bij de Xtorm XB202 aan het juiste adres. Deze powerbank met een rubberen afwerking kan een elektrische lading van maar liefst 17.000 mAh vasthouden. In de behuizing is een uitneembare micro-usb-kabel verwerkt, zodat je voor veel mobiele apparaten geen aparte kabel meer hoeft mee te nemen. Dankzij ondersteuning van usb-c gebruik je de XB202 ook om MacBooks en andere geschikte laptops van een verse lading energie te voorzien. Daarnaast zijn er twee reguliere usb-poorten van 2,4 ampère beschikbaar. In totaal kun je dus gelijktijdig drie apparaten opladen. De XB202 ondersteunt de techniek Quick Charge 3.0, zodat je geschikte toestellen vlot kunt opladen.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.