ID.nl logo
Zo los je al je Arduino-problemen op
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Zo los je al je Arduino-problemen op

Het is erg leuk om met een Arduino te experimenteren. Helaas zal een project dat je maakt soms niet werken, en de kans bestaat ook dat je Arduino zelfs helemaal niet functioneert. Wij geven je een aantal tips waarmee je fouten kunt opsporen en Arduino-problemen kunt oplossen, zodat je snel weer aan de slag kunt.

Knutselen met een Arduino blijft altijd een beetje magisch. Met behulp van een breadboard en wat componenten zoals leds en weerstanden bouw je snel een projectje dat dankzij code tot leven wordt gewekt. Helaas gaat dit ook weleens mis en blijkt je Arduino na het uploaden van je code niet te werken. Het kan ook een stap eerder al verkeerd gaan, door problemen bij het overbrengen van je code naar je Arduino. Misschien ziet de Arduino-ontwikkelomgeving je Arduino niet of krijg je een foutmelding bij het uploaden van je code. In dit artikel geven we tips en aanknopingspunten waarmee je problemen bij het knutselen en programmeren van je Arduino kunt oplossen. Hopelijk zijn je problemen hiermee snel voorbij. Lees ook: Wat is Arduino en waarom is het zo leuk?

01 Een schakeling nalopen

Begin met goed na te lopen of alle onderdelen in je schakeling goed zijn aangesloten. Bij een luidsprekertje is bijvoorbeeld lastig te zien op welke rijen de pinnen zijn aangesloten, en ook bij een potmeter met drie pootjes is een vergissing snel gemaakt. Controleer ook of al je onderdelen wel goed in het breadboard zijn geprikt. Vooral schakelaars verdienen daarbij extra aandacht. Vervolgens zijn er onderdelen die alleen werken als je de polariteit goed hebt aangesloten. Controleer daarom als eerste of je leds wel goed zijn aangesloten. Als je ze andersom aansluit, zullen ze simpelweg niet werken. Let extra goed op bij elektrolytische condensatoren (elco’s); ook deze werken alleen maar goed als de polariteit goed is aangesloten. Bovendien kunnen ze ontploffen als ze andersom zijn geïnstalleerd. Tot slot kan een component natuurlijk defect zijn. Kun je echt geen fouten ontdekken, probeer dan eens of je project met een andere component wel werkt.

©PXimport

02 Troubleshooten met een emulator

Op de website Autodesk Circuits vind je een emulator die je gratis kunt gebruiken na het aanmaken van een account. Nadat je een account hebt aangemaakt en bent ingelogd klik je op Create en vervolgens op Open Electronics Lab Hub om de emulator te openen.

Maak een nieuw project door op New Electronic Lab te klikken. De emulator start met een groot breadboard zoals we dat elders in dit nummer ook in de workshop gebruiken. Door op Components te klikken, kun je onderdelen aan het breadboard toevoegen. Uiteraard begin je met een Arduino-bordje. Niet alle Arduino-bordjes zijn in de emulator verwerkt. Zo zit de door ons gebruikte Nano niet in de emulator. De Arduino Uno R3 is wel aanwezig, en deze is volledig compatibel met de Nano. Je kunt hem naast of boven het breadboard plaatsen.

Je plaatst jumperdraden door eerst op de juiste aansluiting te klikken, en daarna op een aansluiting op het breadboard. Vervolgens kun je componenten zoals leds en weerstanden toevoegen. Code kun je toevoegen door op Code Editor te klikken en de code te vervangen door je eigen code. Door op Start Simulation te klikken, kun je de code uitvoeren. Als je de simulatie draait, kun je een potmeter verstellen of virtueel het licht op een lichtgevoelige weerstand verminderen. Zo kun je de projecten die je elders in dit nummer vindt prima nabouwen.

Je kunt de emulator gebruiken om een schakeling te bouwen en je code te testen zonder dat je daarvoor een echte Arduino nodig hebt. Je kunt op deze manier ook alvast werken met componenten die je nog niet hebt en uitproberen of wat jij wilt maken mogelijk is. Ook kun je de emulator gebruiken om te troubleshooten. Doet je project niet wat jij wilt, dan kun je in de emulator je schakeling nabouwen en controleren of je code wel echt doet wat hij moet doen. Vertoont de emulator hetzelfde onverwachte gedrag als je echte Arduino, dan is de kans groot dat het probleem in de code zit, en niet in de schakeling.

©PXimport

Controleren of een led werkt

Veel projecten die je als beginner met een Arduino uitvoert, draaien om leds die je met behulp van een geprogrammeerde schakeling laat branden. Gaat een led niet aan terwijl je dat wel verwacht en heb je zowel de schakeling als je code goed gecontroleerd? Dan is je led misschien defect. Je kunt een led eenvoudig testen zonder dat je hiervoor code hoeft te schrijven. Dit doe je door de led te verbinden met de 5volt-aansluiting en de GND-aansluiting. Bij de Arduino Nano op het breadboard die we in het workshopartikel in dit nummer gebruiken, sluit je hiervoor jumperdraden aan op aansluitingen 12a en 13a van het breadboard. Uiteraard gebruik je wel een weerstand, bijvoorbeeld van 220 ohm, tussen de led en je Arduino. Het maakt overigens niet uit of je deze weerstand tussen de led en de GND-aansluitingen of tussen de led en de 5volt-aansluiting plaatst. De weerstand zal op dezelfde manier de stroom beperken.

03 Weerstanden en leds

Een belangrijke basisregel bij het werken met je Arduino en leds is dat je een weerstand gebruikt bij het aansluiten van een led. Zo voorkom je dat de led doorbrandt. In veel gevallen wordt een weerstand van zo’n 220 ohm aangeraden, deze waarde is eigenlijk altijd veilig. Maar wat als je deze waarde niet hebt? Besluit in ieder geval niet om de weerstand dan maar helemaal weg te laten. Je led zal even heel fel branden, om vervolgens nooit meer aan te gaan. Zeker bij leds kun je ervan uitgaan dat je altijd een hogere weerstand kunt gebruiken. Het is dus geen probleem om bijvoorbeeld een weerstand van 330 ohm te gebruiken.

Je kunt rustig weerstanden tot 1K ohm gebruiken in combinatie met leds, en nog hogere weerstanden zullen vaak ook nog werken. Het enige gevolg is dat je led minder fel brandt. Dat is overigens direct een trucje: heb je een project gemaakt met een naar jouw smaak te felle led, plaats dan een hogere weerstand om de led minder fel te maken. Kortom, in combinatie met een led kun je met een andere weerstand niet veel fout doen. Er zijn echter ook situaties denkbaar waarbij je zeker geen andere weerstand moet gebruiken dan de bedenker van je project aanraadt. Gebruik in combinatie met een potmeter bijvoorbeeld altijd de aangeraden weerstand; een te hoge weerstand kan in combinatie met een potmeter juist tot schade leiden. Ook in combinatie met een transistor kun je het beste de weerstand gebruiken die door de bedenker van het project wordt aangeraden.

©PXimport

04 Uploadproblemen

Krijg je een foutmelding bij het uploaden van je code naar je Arduino? Controleer dan of de juiste Arduino is geselecteerd. Als je verschillende Arduino’s hebt, heeft iedere Arduino waarschijnlijk een eigen virtuele seriële poort. Controleer in het menu onder Hulpmiddelen of het juiste bord, de juiste microcontroller, en het belangrijkste: de juiste poort is geselecteerd. Een ander probleem kan zijn dat je een schakeling hebt gebouwd waarbij je componenten hebt aangesloten op pinnen 0 en 1. Hoewel dit prima kan, worden deze pinnen gebruikt door de seriële verbinding tijdens het flashen van je Arduino. Het is op zich niet nodig om componenten te verwijderen als je een programma naar je Arduino flasht, zeker niet als je de code voor het project waar je aan werkt aan het tweaken bent. Er mogen tijdens het flashen alleen geen zaken zijn verbonden met de pinnen 0 en 1. Zorg er voordat je gaat flashen dus voor dat je de verbindingen met de pinnen 0 en 1 tijdelijk verbreekt. Ga je overigens code voor een voor een nieuw project flashen, dan kun je beter helemaal niets op je Arduino aansluiten. Zo voorkom je bijvoorbeeld dat elco’s onbedoeld verkeerd worden aangesloten.

05 Arduino onvindbaar in de software

Het zal niet vaak voorkomen, maar soms worden verbindingsproblemen veroorzaakt doordat Windows de virtuele seriële poort COM10 of hoger heeft toegekend aan je Arduino. Meestal werkt dit, maar soms gaat dit niet goed en kun je de Arduino niet in de Arduino-software vinden. Windows zal altijd een zo laag mogelijk poortnummer toekennen, dus het probleem speelt alleen als je al andere apparatuur (hebt) gebruikt waaraan een virtuele seriële poort is toegewezen.

Heb je problemen met je Arduino en is COM10 of hoger toegewezen, dan kun je proberen of een lagere COM-poort de problemen oplost. Ga hiervoor naar Apparaatbeheer en open het onderdeel Poorten. Dubbelklik op je Arduino, open het tabblad Poortinstellingen en klik op Geavanceerd. Bij COM-poortnummer kun je nu een ander nummer kiezen. De kans is echter groot dat naast de lagere poortnummers de aanduiding (in gebruik) staat. Dan zijn ze al gekoppeld aan een ander apparaat. Je kunt beter geen dubbele COM-poorten toekennen. Om te achterhalen waar die virtuele COM-poorten aan gekoppeld zijn, klik je in het menu van Apparaatbeheer op Beeld en vink je Verborgen apparaten weergeven aan. Op ons systeem werd zo bijvoorbeeld zichtbaar dat er ooit een COM-poort is gekoppeld aan een LG-smartphone, en vier COM-poorten aan verschillende Arduino-bordjes. Omdat de verborgen apparaten nu zichtbaar zijn, kun je de geclaimde COM-poorten vrij maken.

Je verwijdert een apparaat door met rechts te klikken op een niet-verbonden apparaat en te kiezen voor Installatie ongedaan maken. Je kunt het apparaat echter ook geïnstalleerd laten en het COM-nummer ervan wijzigen. Zo maak je een lagere COM-poort vrij die je kunt toekennen aan je Arduino. Het kan natuurlijk wel zo zijn dat ook het apparaat waar je nu een hogere COM-poort aan toewijst net als de Arduino niet overweg kan met een hogere COM-poort dan COM9. In dat geval zul je bij het verbinden van dat apparaat weer een lagere COM-poort moeten toekennen.

©PXimport

06 Aanpassen lettertype

De letters van de code in de Arduino-ontwikkelomgeving hebben een beperkte puntgrootte, en misschien vind je het lettertype zelf ook niet prettig. Je kunt de lettergrootte aanpassen via de voorkeuren. Klik in het menu op Bestand en kies Voorkeuren. Nu kun je bij Editor lettertypegrootte een andere puntgrootte invoeren. Het lettertype kun je niet veranderen via de instellingen, maar wel via een omweg. In het venster Voorkeuren klik je hiervoor onderaan op het pad naar preferences.txt, waarna de map in Verkenner wordt geopend.

Sluit vervolgens de Arduino-software en open preferences.txt in Kladblok door erop te dubbelklikken. Je kunt nu het lettertype veranderen door naast editor.font de naam Monospaced te vervangen door de naam van een ander lettertype. Je moet de hele naam van het lettertype intikken zoals hij bijvoorbeeld in Word wordt getoond. Je kunt hierbij het beste een zogenoemd monospaced lettertype gebruiken, waarbij alle tekens dezelfde ruimte innemen. Voorbeelden die waarschijnlijk op je computer geïnstalleerd zijn, zijn Courier, Lucida Console of Consolas. Je kunt monospaced lettertypes ook zelf toevoegen aan Windows. Via Google kun je diverse varianten vinden.

©PXimport

Sneller werken met sneltoetsen

Een beetje programmeur heeft de muis niet nodig en voert commando’s razendsnel met het toetsenbord in. Uiteraard heeft de Arduino-ontwikkelomgeving daarom sneltoetsen voor alle belangrijke functies ingebouwd. We zetten enkele sneltoetsen die je zeker moet kennen op een rij. Ctrl+R Verifiëren en compileren Ctrl+U Uploaden Ctrl+Shift+M Seriële monitor Ctrl+T Automatische opmaak van je code Ctrl+, Voorkeuren openen

▼ Volgende artikel
Sneller werken en meer overzicht: zo maak je een powertool van je Windows bureaublad
© diy13 - stock.adobe.com
Huis

Sneller werken en meer overzicht: zo maak je een powertool van je Windows bureaublad

Bij de een is het bureaublad een leeg vlak, bij de ander een bende. Dat kan anders. Met een doordachte indeling, slimme mappen, goede snelkoppelingen en gratis tools. Daarmee verander je die onbenutte ruimte achter je vensters in een krachtig instrument. Zo combineer je de eigen Windows-functies met lichte hulpprogramma's om bijvoorbeeld sneller te werken en beter te focussen.

In dit artikel

In dit artikel lees je hoe je van een rommelig Windows-bureaublad een rustig startpunt maakt voor al je werk. Je ontdekt hoe je pictogrammen en mappen logisch indeelt, snelkoppelingen slimmer inzet en vensters netjes rangschikt met Snap en PowerToys FancyZones. Ook komen virtuele bureaubladen, tools als Rainmeter, Nimi Places en SideSlide voorbij, plus manieren om meldingen en geluid in toom te houden, zodat je geconcentreerd kunt blijven werken.

Lees ook: Slimme tips en handige trucs om alles uit Windows te halen

Voor je iets opbouwt, maak je het bureaublad eerst voorspelbaar en rustig. Controleer hiervoor de zichtbaarheid van symbolen door met de rechtermuisknop te klikken op het bureaublad en Beeld / Bureaubladpictogrammen weergeven in of uit te schakelen. Pas meteen de pictogramgrootte aan via Beeld / Grote pictogrammen, Normale pictogrammen of Kleine pictogrammen, zodat de schaal overeenkomt met je monitor. Zet nu de systeemiconen goed door Instellingen / Persoonlijke instellingen / Thema's / Instellingen voor bureaubladpictogrammen te openen en alleen essentiële items als Deze pc en Prullenbak te tonen.

Wil je tijdens een presentatie of schermdeling snel een leeg bureaublad, gebruik dan de eerder genoemde schakelaar, of roep het bureaublad op met de toetscombinatie Windows-toets+D.

Kies tot slot een rustige achtergrond in Instellingen / Persoonlijke instellingen / Achtergrond en voorkom ruis door geen drukke diavoorstelling te gebruiken. Zo leg je een stabiele basis waarop je straks doelgericht verder bouwt en voorkom je dat de vorm boven de functie gaat.

Via de Windows-instellingen kun je kiezen welke hoofdpictogrammen standaard op je bureaublad worden getoond.

Mappen slim groeperen

De kern van een productief bureaublad is een logische groepering. Maak daarom eens drie hoofdmappen die je werkstroom dekken. Je hoeft dan alleen nog maar met de rechtermuisknop te klikken op het bureaublad en te kiezen voor Nieuw / Map. Noem ze bijvoorbeeld 0_Inbox, 1_Projecten en 9_Archief. De cijfers zorgen dat ze alfabetisch bovenaan blijven.

De inboxmap is je tijdelijke parkeerplaats voor downloads en screenshots die je nog moet verwerken. In de projectenmap komen submappen per project of dossier. De archiefmap is de plek waar afgeronde zaken heengaan, zodat je werkveld schoon blijft. Sleep bestaande snelkoppelingen en losse bestanden het liefst naar de juiste map in plaats van ze overal neer te zetten.

Wil je de mapstructuur ook vanuit verkenner gelijk houden, zet 1_Projecten dan vast aan de zijbalk. Dat doe je door de map te selecteren en te kiezen voor Vastmaken aan Snelle toegang. Zo ontstaat een vaste routine: neerzetten in de inboxmap, ordenen naar de projectenmap en afsluiten in de archiefmap.

Een beter bureaublad begint bij jezelf.

Snelkoppelingen die werken

Goede snelkoppelingen besparen tientallen muisklikken per dag. Maak er één via een klik met rechts op je bureaublad en Nieuw / Snelkoppeling. Kies het doel en geef een beschrijvende naam. Voor documenten en mappen gaat het nog sneller via een klik met rechts en Meer opties weergeven / Kopiëren naar / Bureaublad (snelkoppeling maken).

Open daarna de eigenschappen met een rechtermuisklik en Eigenschappen en stel bij Doel zo nodig parameters in, bijvoorbeeld een specifieke profielmap voor je browser. Gebruik Ander pictogram... om ze visueel goed te kunnen onderscheiden. Kies wel voor rustige pictogrammen die niet schreeuwen om je aandacht.

Sleep apps die je vaak nodig hebt liever naar de taakbalk en kies Aan taakbalk vastmaken, of naar Start met Aan Start vastmaken. Op die manier loopt je bureaublad zelf niet vol. Denk tot slot aan Beginnen in bij Eigenschappen / Snelkoppeling als een tool in de juiste werkmap moet starten. Zo worden snelkoppelingen betrouwbaar gereedschap en geen willekeurige sprongen.

Een snelkoppeling maken van een bestand of map doe je via een rechtermuisklik.

Aanbevolen indeling

Een kenniswerker heeft veel aan een minimalistisch bureaublad met drie hoofdstructuren en een lichte signalering. Kies een effen achtergrond, laat alleen Deze pc en Prullenbak zien via Instellingen / Persoonlijke instellingen / Thema's / Instellingen voor bureaubladpictogrammen. Plaats ook één Rainmeter-skin met cpu en kalender aan de rechterkant (zie Informatie op achtergrond). Gebruik Snap voor twee vensters naast elkaar en PowerToys Run voor alles wat je start.

Een ontwikkelaar heeft baat bij duidelijke zones en contextscheiding. Maak in FancyZones een breed codevlak en twee smalle vensters voor terminal en documentatie. Koppel terminals aan zones en laat een aparte virtuele desktop bestaan voor logging en monitoring met Rainmeter-meters langs de rand.

Een contentmaker combineert visuele assets en taken. Gebruik Nimi Places of SideSlide om containers te tonen voor de actuele projectmap en assets, zet een grote schrijf- of montagezone centraal en plaats notities of to-do als discrete skins. In alle gevallen geldt: beperk wat permanent zichtbaar is en automatiseer de rest, zodat je aandacht naar het werk gaat en niet naar het decor.

Vensters indelen

Een rustig bureaublad helpt pas echt als vensters snel in de juiste positie vallen. Schakel eerst Snap in via Instellingen / Systeem / Multitasking en zet Uitgelijnde vensters aan. Sleep nu een venster naar een schermrand, zodat je twee of meer apps direct naast elkaar krijgt.

Wil je nog preciezer werken? Installeer dan Microsoft PowerToys via de Microsoft Store en schakel Vensters en indelingen / FancyZones in. Start de zone-editor met de knop Lay-outeditor openen, kies een basisindeling en pas desgewenst tegels aan door ze te splitsen.

Tijdens het slepen houd je de Shift-toets ingedrukt om een venster in een zone te leggen. FancyZones onthoudt je indeling per monitor. Maak bijvoorbeeld een breed schrijfvlak links en twee smalle vensters rechts voor research en chat. Sla profielen op voor verschillende taken en wissel ze in de editor wanneer je context verandert. Door Snap te gebruiken voor het snelle werk en zones voor vaste patronen, minimaliseer je handwerk en maximaliseer je focus.

FancyZones zijn vaste plekken waar je vensters en apps op kunt vastzetten.

Virtuele bureaubladen

Als je vaak tussen werk en privé wisselt, zorgen virtuele bureaubladen voor mentale scheiding. Open de taakindeling via het pictogram op de taakbalk of de toetscombinatie Windows-toets+Tab. Kies Nieuw bureaublad, en geef elk bureaublad een naam door op de miniatuur te rechtsklikken en Naam wijzigen te kiezen.

Plaats apps per thema: schrijven en research bij elkaar, communicatie op een ander, testen en metingen weer apart. Klik in de taakweergave met rechts op de miniatuur en kies Achtergrond kiezen om per desktop een andere achtergrond te zetten. Een subtiele kleurcode werkt verrassend goed als geheugensteuntje.

Verplaats apps tussen desktops door in de taakweergave een venster te slepen, of houd de context netjes door een app opnieuw te openen op het gewenste bureaublad. Wisselen gaat vloeiend via de toetscombinatie Windows-toets+Ctrl+Pijl.

Werk je met meerdere beeldschermen? Geef in dat geval elk scherm een vaste rol per desktop en laat die rol gelijk blijven als je van desktop wisselt. Zo krijg je rust zonder dat je productiviteit inzakt door contextwissels.

Werken met meerdere bureaubladen kan je een hoop extra productiviteit opleveren.

Informatie op achtergrond

Wil je live-informatie zonder vensterdrukte, gebruik dan Rainmeter. Start het programma en open de beheerder door met rechts te klikken op het Rainmeter-pictogram in het systeemvak rechtsonder. Klik vervolgens op Beheren. Laad een basisskin, bijvoorbeeld illustro, door in het tabblad Skins de gewenste module te selecteren en op Laden te klikken.

Positioneer cpu-, geheugen- of netwerkmeters langs een schermrand en zet ze op de achtergrond door met de rechtermuisknop op een van de onderdelen Instellingen / Positie / Op bureaublad te klikken. Met Lay-outs sla je je indeling op, handig als je je laptop vaak ergens mee naartoe neemt. Houd skins minimalistisch en beperk het aantal fonts en kleuren; het is een werkinstrument, geen poster. Door functionele, lichte skins te combineren met een rustige achtergrond krijg je een dashboard dat informeert zonder af te leiden, precies waar het bureaublad in uitblinkt.

Rainmeter is een kleine, portable app die je live informatie over je pc geeft zonder dat het in de weg staat.

Gratis alternatieven voor Fences

Fences is populair, maar je betaalt er wel voor. Je kunt hetzelfde principe ook gratis benaderen. Zo projecteert Nimi Places een map als container op je bureaublad. Je maakt per project een 'place' die live meebeweegt met de onderliggende mapstructuur, inclusief thumbnails en sortering. Het voordeel is direct contextzicht zonder verkenner te hoeven openen. Het nadeel is dat je discipline nodig hebt om het aantal containers klein te houden.

SideSlide werkt omgekeerd: er is één werkvenster dat inklapt aan een schermrand. Je vult het venster met snelkoppelingen, notities en zelfs rss en laat het pas verschijnen als je het nodig hebt. Het voordeel is maximale rust terwijl alles één veeg weg is. Het nadeel is dat je een extra laag moet bedienen.

Kies Nimi Places als je mapinhoud visueel wilt zien en SideSlide als je een schone desktop wilt met een krachtige lade. Beide zijn gratis, licht en portable te gebruiken.

Nieuwe laptop nodig? Kijk en vergelijk op Kieskeurig.nl!

Mappen als 'vensters'

Wil je mappen als 'vensters' op het bureaublad tonen zonder te betalen voor Fences, dan bieden Nimi Places en SideSlide gratis alternatieven. Installeer Nimi Places, zorg dat je het exe-bestand als administrator uitvoert. Kies voor Create place om een container te maken die live de inhoud van een map toont. Sleep de container naar de gewenste plek, zet Always on bottom aan zodat vensters eroverheen kunnen, en kies een sober thema.

Met SideSlide maak je een inklapbaar werkvenster. Open de workspace, sleep mappen en bestanden erin en zet het venster vast aan een schermrand. Klik op het pictogram rechtsboven zodat het pas verschijnt wanneer je de rand aanraakt. Gebruik containers voor projecthotspots, zoals 1_Projecten\KlantA\Assets. Je ziet daarmee direct wat er speelt zonder de verkenner te hoeven openen. Houd het aantal containers laag en kies duidelijke namen in de kopbalk, anders creëer je nieuwe ruis. Door containers te reserveren voor dynamische projectmappen en vaste snelkoppelingen elders te houden, ontstaat een overzichtelijke mix van context en snelheid.

Met SideSlide maak je een soort mini-bureaublad dat verdwijnt en tevoorschijn komt wanneer jij dat wilt.

Meldingen onder controle

Afleiding kost focus, dus demp meldingen en matig het geluidsvolume. Zet meldingsrust aan via Instellingen / Systeem / Meldingen en activeer Niet storen als je geconcentreerd moet blijven. Combineer dit met een focussessie via Instellingen / Systeem / Focus om gedurende een vaste tijd badges en knipperende taakbalk-apps te verbergen.

Voor geluid per app is EarTrumpet een uitstekende gratis aanvulling op de eigen mixer van Windows. Installeer de app via de Microsoft Store en open de mixer via het EarTrumpet-pictogram in het systeemvak. Je ziet en bestuurt het volumeniveau per toepassing en kunt snel van uitvoerapparaat wisselen.

Zet tot slot je taakbalk strak via Instellingen / Persoonlijke instellingen / Taakbalk / Gedrag van taakbalk door automatisch verbergen aan te zetten en de uitlijning te kiezen die het beste bij je werkzaamheden past. Minder visueel lawaai en direct de juiste volumebalans zorgen ervoor dat audio en notificaties ondersteunen in plaats van storen, precies wat je van een productiviteitsbureaublad verwacht.

Focus is de manier om minder snel afgeleid te worden door meldingen van apps.

PowerToys: tijd besparen

In PowerToys zet je met weinig moeite veel winst neer. Open PowerToys Settings / FancyZones en maak per monitor één indeling met een dominante zone en twee secundaire. Zet Hold Shift key to activate zones while dragging aan, zodat je de standaard-Snap behoudt en zones bewust gebruikt.

Open vervolgens PowerToys / Systeemhulpprogramma's / PowerToys Run en activeer hem. Schakel plug-ins in die passen bij je werk, zoals Calculator, Windows Settings en de Everything-integratie, en verplaats veelgebruikte plug-ins hoger in de prioriteit. In Algemeen zet je Run at startup aan en exporteer je instellingen naar een veilige plek via Back-up. Gebruik Always On Top en Awake alleen als ze je echt helpen, want elk extra hulpprogramma voegt mogelijk visuele signalen toe. Door FancyZones en Run strak in te stellen, krijg je direct voorspelbare vensterplaatsing en razendsnelle toegang tot bestanden en commando's, zonder je bureaublad te belasten met extra pictogrammen.

Klein onderhoud

Wissel je tussen laptop en monitor, dan verspringen bureaubladpictogrammen soms. Maak daarom regelmatig een snapshot van je pictogrammen en herstel die bij nood. Bewaar je Rainmeter-layout via Lay-outs en exporteer je PowerToys-instellingen vanuit PowerToys Instellingen / Algemeen / Back-up maken en herstellen.

Controleer eens per maand dode snelkoppelingen door ze te openen. Vervang netwerkpaden door betrouwbare, gesynchroniseerde padnamen. Herzie je drie hoofdmappen en archiveer oude projectsubmappen, zodat je containers en snelkoppelingen alleen actuele inhoud tonen.

Houd ook je Snap- en FancyZones-profielen bij de tijd als je workflow wijzigt. Door klein, periodiek onderhoud blijft je bureaublad voorspelbaar gedrag vertonen, ook wanneer hardware verandert of je tijdelijk in een andere opstelling werkt.

Maak regelmatig een back-up van je productiviteitstools, zodat je de instellingen niet kwijtraakt als er iets fout gaat.

Bureaublad als startblok

Een productief bureaublad is geen nutteloos onderdeel, maar een werkinstrument. Door eerst orde te scheppen, mappen slim te groeperen en snelkoppelingen bewust in te zetten, kun je het prima inzetten voor je dagelijkse taken. Met Snap en FancyZones vallen vensters direct op hun plek. Virtuele desktops en kalme Rainmeter-skins geven context zonder ruis. Containers vervangen volle vensters wanneer je mapinhoud in één oogopslag wilt zien, terwijl PowerToys Run en Everything pictogrammen overbodig maken. Door meldingen uit te schakelen en het geluidsvolume te dempen, behoud je focus. En met klein onderhoud blijft alles stabiel, ook bij wisselende opstellingen.

Je echte bureaublad ook opgeruimd?

Organizen is het toverwoord
▼ Volgende artikel
CES 2026: Samsung toont 's werelds eerste 130-inch Micro RGB TV
© Samsung
Huis

CES 2026: Samsung toont 's werelds eerste 130-inch Micro RGB TV

Samsung heeft op CES 2026 een nieuwe topklasse televisie gepresenteerd: een 130-inch Micro RGB-tv met modelnaam R95H. Het is volgens de fabrikant het grootste Micro RGB-scherm tot nu toe en tegelijk het eerste in dit formaat.

View post on TikTok

De 130 inch tv valt in de eerste plaats op door zijn formaat. Met een schermdiagonaal van ruim drie meter is het toestel bedoeld voor grote woonruimtes en echte thuisbioscopen. Samsung kiest daarbij voor een ontwerp dat minder nadruk legt op de televisie als apparaat en meer op het scherm als onderdeel van de ruimte. Het frame is dikker dan bij reguliere tv's en bevat ook de luidsprekers, waardoor losse speakers niet per se nodig zijn.

Het ontwerp heet Timeless Frame en is een doorontwikkeling van Samsungs Gallery-concept uit 2013. De tv oogt daardoor meer als een groot raam of wandobject dan als een traditioneel scherm. Volgens Samsung is het idee dat het beeld 'zwevend' binnen het frame wordt gepresenteerd, met geluid dat direct uit de rand van het scherm komt en is afgestemd op het formaat.

Technisch gezien draait de R95H om Micro RGB. In plaats van een klassiek kleurenfilter werkt het scherm met afzonderlijke rode, groene en blauwe lichtbronnen. Samsung combineert dit met een nieuwe beeldprocessor en diverse AI-functies die kleur, contrast en details aanpassen per scène. Het resultaat moet vooral zichtbaar zijn in subtiele kleurovergangen en in donkere delen van het beeld, waar bij grote schermen snel detailverlies optreedt.

Het paneel dekt volgens Samsung het volledige BT.2020-kleurenspectrum en is gecertificeerd door de Duitse keuringsinstantie VDE voor kleurnauwkeurigheid. Daarnaast is een nieuwe versie van Samsungs Glare Free-technologie aanwezig, bedoeld om reflecties te beperken in ruimtes met veel omgevingslicht. Ondersteuning voor HDR10+ Advanced is standaard, net als Eclipsa Audio voor ruimtelijk geluid.

De 130-inch Micro RGB-tv ondersteunt Samsungs Vision AI Companion, met functies zoals spraakgestuurd zoeken, aanbevelingen en toegang tot diverse AI-apps, afhankelijk van regio en instellingen. Ook apps en functies zoals Live Translate, generatieve achtergronden en integraties met Microsoft Copilot en Perplexity worden ondersteund, afhankelijk van regio en instellingen.

Samsung heeft nog geen informatie gedeeld over prijs, beschikbaarheid of specifieke uitvoeringen voor consumentenmarkten.

Wat is Micro RGB?

Bij Micro RGB bestaat elke pixel uit afzonderlijke rode, groene en blauwe lichtbronnen. In tegenstelling tot lcd-tv’s is er geen wit backlight met kleurfilters nodig. Daardoor gaat minder licht verloren en kunnen kleuren nauwkeuriger worden aangestuurd. Vooral bij zeer grote schermen zorgt dat voor een groter kleurbereik, gelijkmatigere kleuren en subtielere overgangen tussen tinten.

©Samsung