ID.nl logo
Nanoleaf Lines: de perfecte ledverlichting voor je muur
Zekerheid & gemak

Nanoleaf Lines: de perfecte ledverlichting voor je muur

Nanoleaf is vooral bekend van de opvallende lichtpanelen. Naast panelen biedt het merk nu ook modulaire backlit-ledverlichting aan. Deze ledverlichting wordt op een verbindingsstukje richting de muur geplaatst zodat de verlichting op de muur wordt weerkaatst. ID.nl heeft deze Nanoleaf Lines voor je getest.

De modulaire Nanoleaf ledverlichting is een echte aandachtstrekker. Deze ledverlichting is verkrijgbaar in verschillende kleuren en patronen, waardoor je een unieke sfeer in je huis kunt creëren. Wij hebben hem voor je getest. We behandelen de volgende punten:

  • Review Nanoleaf Lines Starter Kit
  • Nanoleaf app
  • Screen mirror

Meer weten over Nanoleaf? Lees dan ook: Nanoleaf Shapes - Kleurrijke lichtpanelen voor de moderne kamer

Fantastisch
Conclusie

Met de Nanoleaf Lines kun je eigenlijk niet de mist ingaan. Net als de Nanoleaf Shapes zijn de Lines van dezelfde hoogwaardige kwaliteit die we gewend zijn van Nanoleaf. Het licht is mooi en helder van kleur en geeft een geweldig effect op de muur. De Nanoleaf Lines zijn wat minder aanwezig dan de grote panelen en daardoor geschikter voor meer plekken in huis. Wat ons betreft zijn de Nanoleaf Lines een echte aanrader en maakt het eigenlijk niet uit of je ze voor boven je game-pc, televisie of bed gebruikt.

Plus- en minpunten
  • Zonder veel poespas moderne verlichting op je muur
  • Werkt met veel andere smartproducten samen
  • Lekker lange kabels
  • Na plakken op de muur soms lastig te verwijderen
  • Nanoleaf software reageert soms langzaam

Nano Lines: wat zit er in de doos?

De Lines Squared Smarter Kit is de voordeligste kit om mee te starten. Voor 99,99 euro krijg je vier Lines en vijf verbindingsstukjes. Bij de Squared Lines kun je de ledverlichting aan vier zijden van het vierkante verbindingsstuk verbinden. Bij de reguliere Lines Starter Kit krijg je negen Lines en tien zeshoekige verbindingsstukjes waarbij de ledverlichting op zes verschillende zijden geklikt kan worden. Met de zeshoekige verbindingsstukjes maak je vanzelfsprekend andere vormen dan de vierkante verbindingsstukjes. De verschillende vormen kunnen ook gecombineerd worden. In de verpakking vinden we een kaartje met verschillende voorbeelden van vormen die we kunnen maken.

In de verpakking zit een handig kaartje met voorbeeldvormen.

Bij elke Starter Kit zit een verbindingsstukje met een kabel waar aan de andere zijde de processor zit. Hierin zitten verstopt de wifimodule en de microfoon om je voice-assistent mee aan te sturen én de lichten met je muziek mee te laten knipperen. Plaats de processor in de buurt van je speakers als je gebruik wilt maken van deze functionaliteit (Music Sync). Aan de andere kant van de processor wordt de adapter aangesloten. De volgorde waarin de verbindingsstukjes worden aangesloten heeft geen invloed op de werking. Het stukje met de kabel kun je zonder problemen op de plek monteren waar het het minste opvalt. De kabel van het verbindingsstuk en de kabel van de adapter zijn twee meter lang. Dit geeft lekker veel bewegingsvrijheid bij het monteren van de Nanoleaf Lines.

De kabels aan de processor en de adapter zijn twee meter lang.

Eerst denken, dan opplakken

Je kunt de Lines het beste op een gladde muur plakken, maar ze kunnen desgewenst ook op een andere ondergrond worden vastgeschroefd. Elk verbindingsstuk bestaat uit drie onderdelen: het montagestuk dat op de muur wordt geplakt, het verbindingsstuk waar de Lines op geklikt worden en een opzetstuk voor de afwerking en extra stevigheid. Je krijgt bij de set ook een opzetstukjes met knoppen zodat je de Lines ook zonder app kunt bedienen. Het maakt niet uit waar het opzetstuk met de knoppen geplaatst wordt.

De Lines (led-modules) worden vastgeklikt op de verbindingsstukjes.

Voordat de je Lines op de muur plakt, is het verstandig om eerst een ontwerp te kiezen. Je kunt het ontwerp prima op tafel in elkaar puzzelen en alvast monteren. Hoewel de plastic onderdelen er wat kwetsbaar uitzien, konden we ze zonder problemen meerdere keren los en weer vastklikken en zit het geheel vrij stevig aan elkaar vast. Het was voor ons prima te doen om het ontwerp in zijn volledigheid op te tillen en in één keer op de muur te pakken. De instructievideo’s van Nanoleaf op YouTube helpen ook erg goed en zijn duidelijk geïnstrueerd.

Voordat we de Lines op de muur plakken, kunnen we ze aansluiten en testen.

Na het plakken zit de verlichting wel echt vast. Bij het loshalen van de Nanoleaf Lines is het de bedoeling dat het montagestukje op de muur blijft vastzitten. Je zou dus voor extra stevigheid het stukje dus ook kunnen vastschroeven; daardoor zou het in theorie makkelijker moeten zijn het plakband onder het montagestuk los te trekken zonder dat je direct de bepleistering van de muur meetrekt.

Het verbindingsstukje met het losse montagestukje.

Verbinden en instellen

Als de Lines aan de muur hangen en op de stroom zijn aangesloten, is het tijd om ze te verbinden met de Nanoleaf-app. Verbinden kan op verschillende manieren: op de processor staat een QR-code die je kunt scannen, je kunt de NFC-chip met je smartphone scannen of de verlichting handmatig toevoegen. Via de stappen in de Nanoleaf-app was dit in een klein minuutje geregeld.

Binnen een paar stappen zijn de Nanoleaf Lines verbonden.

In dezelfde app kun je de verlichting bedienen. Er zijn vooraf een aantal scenes beschikbaar en er is de optie om ze helemaal zelf te ontwerpen. Kies tussen een basiskleur, een scene met meerdere kleuren of een dynamisch kleurenschema waardoor de kleuren veranderen. Nieuw is de optie om een scene met een woord te creëren. Helaas werkte die functie tijdens de test nog niet zoals we hadden verwacht. Zo verscheen bij het woord ‘sunshine’ een blauwe scene, en geen oranje/gele.

Met de app kun je ook zelf kleurenschema’s ontwerpen.

Specificaties: Nanoleaf Starter Kit

  • Prijs: Starter Kit vanaf 99,99 euro
  • OS Nanoleaf App (Android & iOS), Nanoleaf Desktop App (Windows & Mac OS)
  • Aansluitingen: Wifi (2.4GHz b/g/n)
  • Dimbaar: Ja, via de Nanoleaf Apps, Smart Home-software of de knoppen
  • Lumen per Line: 20 Lumens
  • Opgegeven levensduur: 25,000 uur
  • Stroomverbruik: Ongeveer 2 Watt per Line
  • Compatibiliteit Apple HomeKit, Amazon Alexa, Google Assistant, IFTTT, Razer Chroma, Corsair iCUE, Samsung SmartThings, Screen mirror, Music Sync
  • Kleurtemperatuur: 1200K – 6500K
  • Maximaal aantal kleuren: Meer dan 16 miljoen
  • Montage: Dubbelzijdig plakband of schroeven (schroeven niet inbegrepen)
  • Afmetingen Line: 0,8 cm x 27,85 cm x 2 cm, 39 gram
  • Afmetingen connector: 2,16 cm x 3 cm x 2 cm, 12 gram
De Nanoleaf Lines zijn een echte eyecatcher.

Een kleurrijke game-ervaring

Naast een app voor de smartphone is er ook software voor de pc. Het leukste aan Nanoleaf Desktop is Screen Mirror. Hiermee laat je de kleuren van het beeldscherm weerspiegelen in de lampen. Dit geeft vooral tijdens het gamen een grandioos effect en is echt een waardige toevoeging aan je game-ervaring. Nanoleaf werkt ook met veel partijen samen. Gebruik je de rgb-verlichting van Razer of Corsair iCUE, dan kun je ook deze koppelen aan de Nanoleaf-software. Zo kun je kleuren van rgb-muis, -muismat of -toetsenbord laten samenvloeien met je Nanoleaf-verlichting.

Gebruik Screen Mirror om de kleuren op je computerscherm te weerspiegelen in de Nanoleaf Lines.
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.