ID.nl logo
Maak je eigen fiets- en wandelroutes met Google Maps
© Reshift Digital
Mobiliteit

Maak je eigen fiets- en wandelroutes met Google Maps

Ben je een fervent wandelaar of fietser, dan kun je eigenlijk niet zonder je telefoon. Er zijn namelijk diverse apps die je helpen met het uitstippelen van een interessante route, denk aan Google Maps. Hoe maak je eigen fiets- en wandelroutes in de app? Wij leggen het uit.

Tip 01: Google Maps

Zin in een heerlijke wandeling of fietstocht? Je maakt tegenwoordig eenvoudig je eigen wandel- of fietsroute aan in Google Maps op je computer. Om dit te doen, meld je je met je Google-account aan op de website https://maps.google.nl. Klik rechtsboven in het browserscherm op Inloggen en voer jouw gebruikersgegevens in. Of selecteer hier een Google-account als je al eerder aangemeld bent geweest. Vervolgens klik je links bovenin op het menupictogram. Dat zijn drie liggende streepjes boven elkaar. Kies de optie Mijn plaatsen en ga naar het tabblad Kaarten. Op dit tabblad zie je straks alle kaarten die je aanmaakt, oftewel jouw eigen wandel- en fietsroutes. Om de eerste route aan te maken, klik je onder in het tabblad op Kaart maken.

©PXimport

Tip 02: Fietsen of wandelen

Om een route uit te zetten zoek je eerst het startpunt op via het zoekvak boven in het scherm of door met de muis het juiste kaartdeel op te zoeken. Klik daarna onder het zoekvak op Een lijn tekenen en kies Fietsroute toevoegen of Looproute toevoegen. Die keuze is belangrijk, want zo weet Google Maps over welke wegen en paden jouw route mag lopen. Nu is het een kwestie van je favoriete route intekenen. Dat kan op twee manieren. Klik je eerst op het beginpunt en daarna twee keer op het eindpunt? Dan kiest Google Maps automatisch een snelle en efficiënte route. Heb je zelf een mooiere route in gedachten? Dan kun je enkele tussenpunten aanwijzen om de route hierlangs te leiden. In de volgende tip laten wij zien hoe je dat doet. Ook als jouw route weer bij het beginpunt uitkomt, zul je tussenpunten moeten gebruiken. Want anders denkt Google Maps dat je al op je bestemming bent.

©PXimport

Tip 03: Klik ‘m in elkaar

Om de route in goede banen te leiden, zet je weer eerst het startpunt op de kaart. Daarna beweeg je de muis geleidelijk in de gewenste richting. Google Maps tekent weer automatisch een efficiënte route over wegen en paden. Ga daarom niet meteen naar het eindpunt, maar naar een plek waar je graag langs wilt komen. Klik daar één keer om een tussenpunt te plaatsen. Al doende loop je stukje bij beetje de gewenste route af naar de eindbestemming. Daar aangekomen klik je twee keer om de route af te sluiten. De route die je hebt uitgezet wordt toegevoegd aan het kader links op het scherm. Zijn er weinig keuzemomenten tot aan de eindbestemming? Dan heb je maar een paar tussenpunten nodig. Zijn er juist veel wegen en splitsingen, dan zul je meer tussenpunten moeten plaatsen. Wil je een saai stuk snel doorkruisen? Dan laat je Google Maps lekker zelf de kortste route bepalen.

©PXimport

Tip 04: Interessante punten

Zijn er onderweg leuke of bijzondere bezienswaardigheden, is er een restaurant waar je graag een tussenstop maakt, of wil je tijdens een langere tocht overnachten op jouw favoriete adres? Dan kun je daar alvast een markering plaatsen, zodat je er niet per ongeluk voorbijloopt of -fietst en het hele eind weer terug moet. Maak in het kader links eerst Naamloze laag actief door ergens in het wit ervan te klikken. Er verschijnt een blauwe balk voor. Klik daarna onder de zoekbalk op het pictogram Markering toevoegen en klik op de kaart waar je een markering wilt hebben. Kies een verhelderende naam, tik eventueel een toelichting in voor deze markering en klik op Opslaan. Alle markeringen komen netjes bij elkaar in het kader te staan.

©PXimport

Heb je een mooiere route in gedachten, wijs dan tussenpunten aan

-

Tip 05: Er dwars doorheen

Ga je naar een gebied waar je vrij door het terrein mag dwalen of met paadjes die niet op de kaart staan? Dan heeft het geen zin Google Maps netjes de paden te laten volgen, als die er al zijn. Kies in dat geval onder het zoekvak voor Een lijn tekenen en kies Lijn of vorm toevoegen. Klik je nu op de kaart om punten aan te geven, dan worden er alleen rechte lijnen tussen getrokken. Of er een weg is of niet, daar trekt Google Maps zich niets van aan. Klik één keer voor het beginpunt en voor elk tussenpunt, dubbelklik weer op het laatste punt. Als er geen wegen zijn, toont de standaardkaart meestal te weinig herkenningspunten. Activeer in het kader links dan tijdelijk Satelliet in plaats van Basiskaart. Dan zie je een stuk beter hoe je wilt lopen of fietsen.

©PXimport

Tip 06: Kaartlagen

Wat je in Google Maps maakt zijn kaartlagen waarmee je extra informatie toevoegt. Die lagen worden vervolgens boven op de standaardkaart getoond. In het kader links op het scherm zie je alle lagen die je hebt aangemaakt. Bijvoorbeeld de markeringen voor interessante punten die je onderweg tegenkomt, maar ook de route die je uitstippelt. Lagen kun je een andere naam geven door erop te klikken, zodat je ook later nog weet wat je ermee bedoelt. Van markeringen kun je niet alleen de naam veranderen, je mag ze ook een handige kleur geven en van een toepasselijk pictogram voorzien. Zo zie je meteen of het bijvoorbeeld een restaurant, overnachtingsadres of fotohotspot is.

©PXimport

Tip 07: Mijn kaarten

Route klaar? Klik links in het kader nog even op Naamloze kaart om jouw route een duidelijke titel en beschrijving te geven. Alles wordt automatisch opgeslagen. Dus zodra je in Google Maps teruggaat naar het kaartentabblad (zie tip 1), is jouw zelfgemaakte kaart daar nu ook zichtbaar. Klik erop en je krijgt de route als een extra laag boven op de standaardkaart te zien. Nu zal je deze route vast niet met een laptop in de hand willen wandelen of fietsen. Dat hoeft natuurlijk ook niet, want Google Maps draait ook op jouw smartphone (en tablet). Start daar dus de app op, tik in het menu (drie liggende streepjes) op Mijn plaatsen en blader in de kopregel naar het tabblad Kaarten. Prompt zie je al je zelfgemaakte wandel- en fietsroutes en kun je aan een tocht beginnen. Zorg wel dat je in de app met hetzelfde Google-account aangemeld bent.

Smartphone nodig voor je wandel- of fietsroute? Bekijk het aanbod op Bol.com

Tip 08: Route exporteren

Een zelfgemaakte route kun je bewaren als een KMZ-bestand, zodat je hem ook in andere programma’s of apps kunt gebruiken. Om dit te doen ga je eerst even terug naar Google Maps in de browser. Ga via Mijn plaatsen in het menu naar het tabblad Kaarten. Klik op een route en kies Openen in My Maps. Je bent nu terug bij het scherm waar je daarnet jouw route in elkaar hebt gezet. Je kunt de route hier onder andere aanpassen of uitbreiden, maar dus ook exporteren. Klik in het kader achter de naam van jouw kaart op de drie puntjes, kies Exporteren naar KML/KMZ en klik op de knop Downloaden. Als je het bestand bij een clouddienst zoals Dropbox bewaart, kun je de route makkelijk oppakken op je telefoon. Je kunt hem natuurlijk ook lokaal op je computer opslaan en daarna via bijvoorbeeld e-mail naar jezelf sturen.

©PXimport

Tip 09: Maps.me

Op zowel Android- als Apple-telefoons is het gratis Maps.me een leuke app als je van wandelen of fietsen houdt. De kaarten van deze app bevatten namelijk aanzienlijk meer terreininformatie dan Google Maps. Kaarten van een gebied of complete landen kun je vooraf gratis op je toestel downloaden, zodat je in het veld geen data hoeft te verstoken. Ideaal is dat je een route die je in Google Maps in elkaar hebt gezet, ook in Maps.me kunt gebruiken. Als voorbeeld doen we dat via Dropbox. Het KMZ-bestand dat je in tip 8 hebt gedownload, sla je dus eerst op in je Dropbox. Vervolgens start je de Dropbox-app op je telefoon en zoekt daar het bestand weer op. Tik op de drie puntjes bij de naam. Op een Android-telefoon kies je Openen met en tikt op Maps.me in de lijst met apps die je te zien krijgt. Op een iPhone kies je Exporteren, Openen in en daarna Kopieer naar maps.me.

Tip 10: De pret kan beginnen

In Maps.me tik je vervolgens onder in het scherm op het pictogram van twee sterretjes met drie streepjes ernaast. Je ziet hier groepen met zogenaamde bladwijzers. Dat kunnen de uit Google Maps geïmporteerde markeringen en routes zijn, maar ook locaties die je in de app zelf markeert. Tik op de naam van jouw kaart. Er verschijnt een lijst met zowel de route als de markeringen. Tik ergens op en je springt er meteen naartoe op de kaart. Vervolgens kan het fiets- en wandelplezier beginnen. Je hoeft alleen de routelijn maar te volgen en ziet tegelijkertijd gedetailleerde terreininformatie.

©PXimport

Tip 11: Fietsplanner

Als fietser heb je vast een voorkeur voor mooie routes waarbij je lekker kunt doortrappen, vooral als je lange afstanden aflegt. In dat geval is het handig de routeplanner van de Fietsersbond te gebruiken. Je kunt dan eventueel gebruik maken van de zogenaamde fietsknooppunten: een bewegwijzerd netwerk van knooppunten in Nederland, speciaal bedoeld voor fietsers. In de meest eenvoudige vorm geef je op de website alleen het beginpunt en het eindpunt op en laat je met een klik op Plan route je route automatisch plannen. Klik je op meer opties, dan kun je aangeven welk type route jouw voorkeur heeft, zoals Makkelijk doorfietsen, Racefietsroute of Natuurroute. Dat geeft je veel meer grip op het bepalen van de route. Ook kun je via de voorkeuren aangeven of je zaken als onverharde wegen en veerpontjes wilt vermijden.

©PXimport

Tip 12: Punten klikken

Zolang de extra opties uit de vorige tip getoond worden, ben je ook in de gelegenheid om tussenpunten aan je route toe te voegen. Er is nu namelijk een extra veld genaamd Via te zien, direct onder de twee standaardvelden Van en Naar. Via de knop Voeg extra via punten toe voeg je er zoveel toe als je nodig hebt. Klaar? Klik op Plan route om een route via alle opgegeven tussenpunten te bepalen. Als alternatief mag je de punten ook rechtstreeks op de kaart zetten. Klik in dat geval eerst op het beginpunt, zodat daar een witte vlag met een tekstballon verschijnt. Klik bij Stel in op het type van. Plaats daarna één voor één de tussenpunten en kies in de tekstballonnen telkens voor via. Als laatste plaats je het eindpunt en dat geef je het type naar. Klik weer op de knop Plan route en je fietsroute wordt bepaald.

©PXimport

Tip 13: Naar je telefoon

Zodra je op Plan route hebt geklikt zie je links op het scherm gedetailleerde informatie over jouw fietsroute. Via de knop print kun je dit uitprinten, maar wij slaan de route natuurlijk liever op in een bestand, zodat we tijdens het fietsen eenvoudig op onze telefoon kunnen meekijken. Klik daarom op de knop GPS, geef de route een herkenbare naam en klik op de knop KML bestand. Sla dit bestand bij voorkeur net als eerder bij Google Maps meteen op in je Dropbox (zie tip 8). Je pakt de route dan makkelijk op in de app Maps.me, zoals beschreven in tip 9.

©PXimport

Tip 14: Kant-en-klare routes

Een keertje geen zin om je eigen route te bedenken? Dat hoeft ook niet, want er bestaan veel kant-en-klare routes. Bij de routeplanner van de Fietsersbond klik je op het beginscherm rechts bovenin op voorgeplande fietsroutes. Je geeft de minimale en maximale lengte op, een provincie of je woonplaats en klikt op Zoek routes. Vervolgens zie je een overzicht van fietsroutes die aan deze criteria voldoen. Let erop dat je ook weer terug moet fietsen, tenzij je zojuist Fietsrondje hebt aangeklikt bij de routevoorkeuren. Klik op een fietsroute die jou wel wat lijkt om de details ervan te bekijken. Je bewaart de fietsroute net als daarnet via de knop GPS (zie vorige tip) en kunt hem daarna naar je telefoon overzetten.

©PXimport

Geen zin om je eigen route te bedenken? Er bestaan veel kant-en-klare routes

-

Tip 15: Wandelnet

Als fervent wandelaar kun je terecht bij Wandelnet om je routes te plannen of bestaande wandelingen op te vragen. Het is wel nodig om je gratis te registreren als je een route wilt downloaden. Via Eigen route plannen krijg je een kaart te zien waarmee je de wandeling plant. Belangrijk is dat je bij Routevoorkeur eerst aangeeft hoe dat moet gebeuren. Zo kun je bijvoorbeeld voor de kortste wandelroute kiezen, maar ook voor lange-afstandswandelpaden (het zogenaamde LAW-netwerk) en streekpaden zoals het Pieterpad. Vervolgens geef je het beginpunt op, eventuele tussenpunten en het eindpunt. Dat kan door op de kaart te klikken of een adres op te geven. Klik twee keer op Volgende stap en geef de route een naam en beschrijving. Om hem te downloaden kies je onder de plattegrond bij GPS voor het ietwat cryptische otn_download_googleearth voor een KMZ-bestand en klikt op Download. Daarmee is de route klaar voor gebruik in Maps.me op je telefoon.

©PXimport

Tip 16: Wandelroutes zoeken

Om bestaande wandelroutes te bekijken kies je op de startpagina van Wandelnet voor Wandelroute zoeken. Vervolgens geef je de gewenste routekenmerken aan, zoals Bosrijk, Kust en duinen, Rondwandeling of Stedelijk. Klik vooral even op Toon alle kenmerken om alle keuzes te zien. Vergeet niet om ook de minimale en maximale afstand in te stellen via de dubbele schuifregelaar. Bij Type wandelroute kun je eventueel aangeven dat je geïnteresseerd bent in een streekpad of een LAW. Klik vervolgens op Zoeken en alle wandelingen die aan jouw zoekcriteria voldoen verschijnen in een lijst en op een plattegrond. Zodra je een wandeling uitkiest, krijg je een korte beschrijving te zien. Onder het kaartje vind je weer de mogelijkheid om deze route als KMZ-bestand te downloaden. Hiervoor dien je wel aangemeld te zijn met je account.

©PXimport

De paden op ...

Wandelschoenen nodig? Kijk en vergelijk op Kieskeurig.nl
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.