ID.nl logo
Rij-impressie: 1000 kilometer in de BYD Seal U
© Irwin Versteegh
Mobiliteit

Rij-impressie: 1000 kilometer in de BYD Seal U

Het D-SUV-segment krijgt er een nieuwkomer uit China bij: de BYD Seal U. Deze volledig elektrische SUV valt op door zijn ruime interieur en comfortabele rijeigenschappen. Na een duurtest van 1000 km onthult Irwin Versteegh van InstaAutoVlog de plus- en minpunten van deze Tesla Model Y-concurrent. Ontdek of deze veelzijdige nieuwkomer kan concurreren op actieradius, oplaadmogelijkheden en uitrusting.

Watch on YouTube

Download nu GRATIS het EV Duurtest-rapport 2024!

In het EV Duurtest-rapport zijn nieuwe elektrische auto's door verschillende consumenten getest. Alle resultaten vind je terug in dit digitale rapport. Door het invullen van je naam en e-mailadres meld je je aan voor ontvangst van het Kieskeurig EV Duurtest-rapport. Tevens ben je ingeschreven voor de Kieskeurig.nl EV-nieuwsbrief.

Het is druk in het D-SUV-segment. De Tesla Model Y is nog altijd koploper in deze klasse, maar allerlei andere spelers willen ook scoren. Denk aan de Skoda Enyaq, de Hyundai IONIQ 5, maar zeker ook aan de Volkswagen iD.4. Dat is dan ook de reden dat BYD een paar maanden geleden de Seal U aan het gamma toevoegde. De eerste impressies van Irwin Versteegh van InstaAutoVlog kun je lezen in het artikel BYD Seal U: Chinees alternatief voor saaie Duitse SUV's. Lees snel verder om te zien hoe deze EV na 1000 kilometer bevalt!

Segmenten Bij auto’s wordt een indeling in segmenten gebruikt om de grootte en de klasse van de voertuigen aan te geven. Deze segmenten zijn voornamelijk gebaseerd op de afmetingen, prijsklasse en luxe-niveau van de auto's. Het C-segment wordt ook wel de compacte klasse genoemd. Auto's in dit segment zijn vaak de middenklasse voertuigen die groter zijn dan de kleine stadswagens van het A- en B-segment, maar kleiner dan de grotere sedans en SUV’s van het D-segment. Voorbeelden van elektrische auto's in dit segment zijn de Volkswagen ID.3 en de Nissan Leaf. Het D-segment wordt vaak aangeduid als de 'hogere middenklasse'. Deze auto's zijn groter en bieden meer luxe, comfort en vaak krachtiger prestaties dan het C-segment. Typische voorbeelden van elektrische auto's in dit segment zijn de Tesla Model 3 en de Polestar 2.

Forse SUV

Met een lengte van 4,78 meter, een breedte van net geen 1,90 meter en een hoogte van net geen 1,67 meter is de Seal U een forse SUV. De importeur overhandigde me de sleutels van een Tian Qing Blue exemplaar, uitgevoerd in Design-trim. De andere uitvoering die je kunt kiezen is Comfort. Het is trouwens onmogelijk om deze twee uitvoeringen aan de buitenkant van elkaar te onderscheiden. Zo rollen ze allebei op 19-inch bi-color lichtmetalen wielen en Michelin Primacy-banden, zijn ze beide uitgerust met leddagrijverlichting en ledkoplampen, en is ook de keuze uit lakkleuren standaard. Verder zien we getint glas vanaf de B-stijl, een groot panoramadak en aluminium dakrails. 

Ook binnen in de auto is BYD scheutig wat betreft de uitrusting. We zien op leer lijkend materiaal voor de stoelbekleding; de stoelen zelf zijn standaard verwarm- en koelbaar. De zittingen zijn lang, bieden prima ondersteuning en ook de rugleuning is uitstekend gevormd. Gedurende de testweek heb ik de stoelen als zeer prettig ervaren. Zelf in de markt voor een Seal U? Ga dan wel even proefzitten, want mocht je een iets langer bovenlijf hebben, dan zit de hoofdsteun wellicht in de weg. Deze zit vast en kan niet worden versteld.

©Irwin Versteegh

Ergonomie en opbergruimte

Verder is ook de zitpositie goed bevallen. Het stuurwiel is over een riant bereik verstelbaar en met name de ondersteuning voor beide ellebogen is prettig. Ook de ergonomie is dik in orde en zoals het een SUV betaamt, is er lekker veel opbergruimte aan boord. Voldoende bekerhouders, vakjes en bakjes, maar vooral de twee draadloze telefoonopladers zijn erg prettig.

Die weelde vind je niet alleen voorin, want ook op de tweede zitrij is de Seal U riant uitgerust. We zien een vlakke vloer, een prima gevormde achterbank en een eigen ventilatiesysteem en usb-aansluitingen. Ook over de ruime kofferbak met 552 liter inhoud valt weinig te klagen. Deze biedt je meer dan voldoende flexibiliteit en als je alles neerklapt, krijg je bijna 1,5 kuub stouwruimte tot je beschikking. Met name de mogelijkheid tot het onder de vloer opbergen van de laadkabel is fijn, al was een frunk – een extra opbergruimte onder de motorkap – nóg fijner geweest. 

©Irwin Versteegh

Geen EV-routeplanning

Niet te missen is het draaibare infotainmentsysteem met navigatie, Apple Carplay en Android Auto en een 360-graden camerasysteem. Alles wat te maken heeft met de elektronica van de auto verloopt via dit snel en overzichtelijk werkende systeem. Het enige verschil tussen de Comfort- en de Design-uitvoering is hier het schermformaat. De Comfort heeft een 12,8-inch scherm, terwijl we bij de Design 15,6 inch noteren.

Voor het navigatiesysteem volstaat het simpelweg invoeren van een eindbestemming, zoals ‘Q-Park Museumplein’ of ‘Kurhaus Scheveningen’ – erg fijn! Het enige manco blijft het feit dat BYD nog steeds geen EV-routeplanning aanbiedt. Je krijgt wel inzicht in de status van alle laadpalen en snelladers óp of langs je route, maar de auto aan de hand van ritgegevens zelfstandig een route via die laadpalen laten uitstippelen behoort niet tot de mogelijkheden. 

Ontdek jouw ideale elektrische auto

Vergelijk en vind de beste deals op Kieskeurig.nl!

©Irwin Versteegh

Stille auto (maar wel een beetje koud)

Qua gebruiksgemak, connectiviteit en comfort is het interieur van de BYD Seal U uitstekend bevallen. Andere details, zoals een goed geïsoleerde cabine om het afrolgeluid en windgeruis te minimaliseren, dragen ook zeker bij aan deze ervaring. Toch zijn er ook wat aandachtspunten. Net als veel andere elektrische auto’s uit China heeft ook de Seal U moeite met het kundig op temperatuur brengen én houden van de cabine. Uiteindelijk had ik de temperatuurinstelling zelfs op 26 graden staan. In principe veel te hoog, maar het effect is hetzelfde als een graad of 21 in een auto van Europese makelij. Een verzachtende omstandigheid is de stoel- en stuurwielverwarming, die beide gelukkig uitstekend werken. 

Lees ook: 1000 km in de Volkswagen iD.7 - De elektrische droomsedan?

Opladen en capaciteit

En dat verwarmen gaat gelukkig standaard met een warmtepompinstallatie. Een sterk punt, aangezien deze energiebesparende techniek zeker nog geen gemeengoed is – zelfs niet in deze klasse. Ook een 3-fase-boordlader is standaard aanwezig, en dat is gezien het riante aantal kWh's beslist geen overbodige luxe.

Zo is de instapversie al voorzien van een net geen 72 kWh sterke Blade Battery en beschikt de geteste Design over zelfs 87 kWh capaciteit, goed voor respectievelijk 420 of 500 km (volgens de WLTP-testmethode). Snelladen kan-ie uiteraard ook, al is de Seal U op dat vlak vrij mild, met 115 kW voor de Comfort en 140 kW voor de Design. Dat zorgt in beide gevallen voor een 10-80%-lading in 40 minuten tijd. 

©Irwin Versteegh

Windgevoelig addertje onder het gras

De Design is dus voorzien van de grootste batterij: een naar goed BYD-gebruik nikkel- en kobaltvrije LFP-accu. In beide uitvoeringen stuurt deze accu zijn energie naar een 217 pk sterke elektromotor, maar in de Design-versie zien we iets meer Newtonmeters: 330 tegenover 310 voor de Comfort. Dat koppel is goed voor een 0-100-sprint in 9,3 seconden. Het vermogen en de prestaties van de voorwielaangedreven Seal U zijn adequaat, en dat geldt ook zeker voor het energieverbruik. Gedurende de 1000 kilometer-test nam de Seal U genoegen met een gemiddelde energieconsumptie van 21 kWh/100 km. In de praktijk is dat goed voor een range van 400 km, gemeten over een mooi gemixt traject.

Toch is er ook sprake van een addertje onder het gras: de wind. Wind mee of wind tegen kan een enorme invloed hebben op het energieverbruik van de Seal U. Wind tegen, na zeven uur 's avonds 130 km/u op cruisecontrol? Schrik dan niet van waarden die rond de 32 kWh/100 km schommelen. 100 km/u wind mee? Dan fluctueert-ie tussen de 15 en de 17 kWh/100 km.

©Irwin Versteegh

Onderscheidend rijcomfort

Ook het rijcomfort blijkt een sterke eigenschap van de Seal U. Met zijn onafhankelijke wielophanging en een fijne afstelling van de veren en dempers heeft het merk een fijne onderstelafstelling weten te realiseren. Onderscheidend zelfs, want in tegenstelling tot een aantal concurrenten is de Seal U een fijne dagelijkse metgezel. Er zit rust in het onderstel: drempels en oneffenheden verwerkt-ie kundig en dit alles zonder al te week te worden of zich te gedragen als een boot. Het enige dat beter kan, is het stuurgevoel – en dan voornamelijk het gebrek daaraan. De rechtuitstabiliteit is weliswaar dik op orde, maar met name gedurende het wisselen van rijstrook kan de communicatie beter. Nu is-ie soms wat erg vaag. 

Onderscheidend én SEPP

En wat dit dan allemaal mag kosten? In principe zeg ik genoeg als ik zeg dat dat beide varianten in aanmerking komen voor de SEPP-regeling. De meest complete Design kost rijklaar 45.990 euro, en voor dat bedrag krijg je gewoon ontzettend veel auto. Of-ie beter is dan sommige concurrenten? Niet direct, maar onderscheidend is-ie zeker. Zo rijdt de Seal U prettig comfortabel, heeft-ie een fraai afgewerkt interieur en ook het infotainmentsysteem mag als uniek worden bestempeld. 

▼ Volgende artikel
Ontslagronde bij studio achter pas uitgekomen Highguard
© Wildlight Entertainment
Huis

Ontslagronde bij studio achter pas uitgekomen Highguard

Er vallen ontslagen bij Wildlight Entertainment, dat eind januari nog hun multiplayergame Highguard uitbracht.

Wildlight bevestigde eerdere geruchten over een ontslagronde op social media. "Vandaag hebben we de moeilijke beslissing gemaakt om afscheid te nemen van een aantal teamleden, terwijl we een kerngroep van ontwikkelaars aanhouden om de game te blijven ondersteunen en innoveren."

Het bericht vervolgt: "We zijn trots op het team, talent en het product dat we samen hebben gecreëerd. We zijn ook enorm dankbaar voor de spelers die een poging waagden om de game te spelen, en allen die onderdeel van onze gemeenschap blijven."

View post on X

Grootschalige ontslagronde

Hoewel Wildlight niet praat over de precieze hoeveelheid ontslagen, lijkt de vermelding van een "kernteam" dat overblijft te suggereren dat het om een aanzienlijke hoeveelheid mensen gaat.

Dat komt overeen met een LinkedIn-bericht van Alex Graner, een ontwikkelaar van die game die eerder ook aan Battlefield 6 werkte. Hij laat weten dat "het grootste gedeelte van het team" ontslagen is, waaronder hij zelf.

Over Highguard

Highguard is de debuutgame van Wildlight Entertainment. De game viel op voorhand vooral op omdat er een trailer van werd getoond aan het einde van The Game Awards eind vorig jaar. Die positie is meestal gereserveerd voor grote aankondigingen en aankomende games, en sommige kijkers vonden Highguard daar niet onder behoren.

Sinds eind vorige maand is Highguard speelbaar via Steam. De game ontving veel negatieve gebruikersrecensies, al heeft dat Wildlight niet tegengehouden om updates uit te blijven brengen. Rond release bereikte het spel een indrukwekkende gelijktijdige spelerspiek van bijna 100.000 mensen op Steam, maar inmiddels hangen de gelijktijdige spelersaantallen onder de 10.000. Het is dan ook aannemelijk dat dit deels de keuze om een grootschalige ontslagronde door te voeren heeft beïnvloed.

Lees hier meer informatie over Highguard.

▼ Volgende artikel
Column: Overwatch 2 heeft juist nu een PvE-modus nodig
© Blizzard
Huis

Column: Overwatch 2 heeft juist nu een PvE-modus nodig

Liveservicegames en hero shooters waren in 2016 niet per se nieuw. Destiny ging al twee jaar hard, en hoewel nieuwkomer Overwatch erg goed ontvangen werd, trokken sommigen al snel vergelijkingen met Valve’s inmiddels oude Team Fortress 2. Toch wist de hero shooter van Blizzard een Game of the Year Award voor de neus van onder andere Uncharted 4: A Thief’s End weg te grissen. Het was een glorieus begin van een moeizaam traject.

In de afgelopen tien jaar onderging Overwatch grote veranderingen. Na een groot succes met ruim 50 miljoen totale spelers in de eerste drie jaar kondigde Blizzard in 2019 aan dat er een vervolg zou komen, dat ‘naast het originele Overwatch’ moest bestaan en uitgebreid werd met Player-versus-Environment-content. De 6-tegen-6 Player-versus-Player-gameplay waar Overwatch om bekendstaat, zou blijven bestaan en voorzien worden van dezelfde content in de twee games. Ook zou Overwatch 2 een exclusieve PvE-modus met een verhaallijn en skill-trees krijgen, waarmee ieder personage op zowel grote als subtiele wijze aangepast kon worden.

©Blizzard

Nee, toch niet

Wie Overwatch 2 sinds de early access-verschijning eind 2022 heeft gespeeld, weet dat daar maar bar weinig van is waargemaakt. Overwatch en Overwatch 2 werden ten eerste geen aparte titels: laatstgenoemde heeft de plaats van het origineel simpelweg ingenomen. Die verhaalmodus? Voor 15 euro kreeg je met de 1.0-release van Overwatch 2 in augustus 2023 toegang tot drie missies. Die verkochten niet goed genoeg voor Blizzard – volgens bronnen Bloomberg - waarmee de mogelijkheid van meer PvE-content direct werd begraven.

Het was toen zelfs al bekend dat de PvE-modus grotendeels geschrapt was, gezien de modus volgens regisseur Aaron Keller ‘de focus tijdens het ontwikkelproces van de game belemmerde’. Dat is geen vreemde redenering, maar PvE was wel juist datgene dat Overwatch 2… nou ja, Overwatch 2 maakte. Uiteindelijk was de lancering van de ‘nieuwe’ game vooral een grote update, met drie nieuwe personages, wat extra arena’s en een nieuwe 5v5-opzet in plaats van 6v6. Er stond nu slechts een ‘2’ achter.

©Blizzard

Een alternatieve toekomst

Recent werd aangekondigd dat Overwatch 2 het cijfer van de naam afknipt met het twintigste seizoen en dus weer gewoon Overwatch heet – we zijn dus weer terug bij af. Ik stapte zelf destijds op de Overwatch-trein door juist de belofte van PvE in het vervolg, en heb uiteindelijk pakweg 300 uren tussen beide games verdeeld. Hoewel ik naarmate de tijd vorderde wat uren in de competitieve modus stak, maakte het spelen met vrienden de ervaring écht vermakelijk.

Gezellig kletsen, schreeuwen tegen willekeurige teamgenoten en de mix van tactiek en variatie die de vele personages in Overwatch bieden: dat staat mij bij. Een PvE-modus waarin juist dat samenspel en de speelwijze van de verschillende heroes aan te passen zijn naar jouw speelstijl was een soort heilige graal, die uiteindelijk dus nooit verscheen. Dat is eeuwig zonde. De competitieve e-sportscene van Overwatch is al sinds het begin een belangrijk aspect van de game, dus ergens is het begrijpelijk dat het team dit niet uit het oog wilde verliezen.

©Blizzard

Maar juist in de laatste jaren zien we een interessante verschuiving naar PvE, of in ieder geval multiplayer-ervaringen die niet geheel om competitie draaien. Denk aan Helldivers 2 van een paar jaar terug, waarin vrienden en willekeurige spelers het opnemen tegen legioenen aan vijanden – en zelfs wereldwijd samen naar een doel werken. Of de explosie aan zogenaamde ‘friendslop’ games als Peak en Lethal Company, die geheel draaien om het samen uitvoeren van taken als een berg beklimmen of het verzamelen van schroot. Een game als Arc Raiders bevat daarbij ook PvP-elementen, maar staat ook bij omdat meerdere spelers samen kunnen komen om een gigantische robot te verslaan. Video’s waarbij spelers plots oude vrienden tegenkomen in de game tonen aan waarom PvE momenteel zó ontzettend leuk kan zijn.

De realiteit

Het is achteraf makkelijk te zeggen, maar de originele visie voor Overwatch 2 had best een prominente rol in het huidige gamelandschap kunnen bekleden. Met de aankondiging werden uitgebreide skilltrees getoond voor de verschillende personages waar Overwatch om bekendstaat.

©Blizzard

Een van Mei’s speciale vaardigheden is bijvoorbeeld het veranderen in een ijspegel, om zo health terug te verdienen en een paar seconden onverwoestbaar te zijn. Met een van de skills die getoond werd veranderde deze ijspegel in een ijsbal, waarmee ze op spectaculaire wijze door groepen vijanden kan kegelen. De PvE-modus had de potentie om een soort zandbak voor dergelijke ideeën en ingrijpende veranderingen voor het klassieke Overwatch te worden. Een speelsere mix van skills en samenwerking om juist die avonturen uit bijvoorbeeld een Helldivers 2 te nabootsen. De tactische teamgameplay had dan ook niet hoeven verdwijnen, het zou juist vet geweest zijn om met vrienden verschillende skills af te stemmen en los te laten op de robots van Null Sector.

Dat is nog zoiets: de lore en verhaallijn van Overwatch zijn ontzettend interessant, en had meer in de schijnwerpers kunnen staan met de PvE-insteek. Nog voordat ik de games überhaupt had aangeraakt, verslond ik de prachtig geanimeerde filmpjes van Blizzard en verhalen die ze voor de personages uitbrachten.

Watch on YouTube

Wat ik dan ook zie van de nieuwe update wringt met mijn gevoel. Ja, het lijkt erop dat Blizzard een inhaalslag maakt en sneller met nieuwe personages komt om de game fris te houden. Het wekt de indruk dat we weer terug zijn bij het ‘oude’ Overwatch, en dat de ontwikkelaar nog altijd een sterke hero shooter wil behouden nu concurrenten als Marvel Rivals het speelveld hebben betreden. Toch kan ik het niet laten om te fantaseren over hoe Overwatch meer had kunnen zijn dan een hero shooter.

De realiteit is dat het Overwatch-team geen goede balans wist te vinden tussen het bijhouden van de PvP- en competitieve scene van Overwatch en de ontwikkeling van de PvE. Zonde, want zeker in het huidige multiplayerklimaat, waar mensen steeds meer achterover lijken te hangen om met elkaar te spelen in plaats van tegen elkaar, had het originele Overwatch 2 perfect gepast.