ID.nl logo
Is het al tijd om een elektrische auto te kopen?
© ALL RIGHTS RESERVED 2021
Mobiliteit

Is het al tijd om een elektrische auto te kopen?

De toekomst is elektrisch. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat er vanaf 2030 enkel nog elektrische auto’s nieuw worden verkocht. Maar is het al tijd om een elektrische auto te kopen of kun je beter nog even wachten?

Denk je na over de aanschaf van een elektrische auto? In dit artikel lees je meer over

  • De aanschafkosten (nu nieuw vanaf ongeveer 20.000 euro)
  • De kosten van een laadpaal (tussen de 1000 en 2500 euro)
  • De verbruikskosten (al snel 30 procent lager dan bij een auto op benzine)
  • De trends en verwachtingen. Vastestofbatterijen, die in 15 minuten voor 80 procent kunnen worden opgeladen, worden op grote schaal pas vanaf 2025 verwacht.
  • Ook interessant, als je een elektrische auto gaat kopen maar geen ruimte hebt voor een eigen laadpaal: ons artikel *Stappenplan openbare laadpaal aanvragen*.

Kosten

Een van de belangrijkste factoren bij het kopen van een elektrische auto is natuurlijk de aanschafprijs. En die ligt voor elektrische auto’s hoger dan voor auto’s die op benzine rijden. De verwachting is dat, naarmate de jaren verstrijken, elektrische auto’s in de aanschaf goedkoper worden. Het tweedehandsaanbod zal dan ook een stuk groter zijn. De goedkoopste, nieuwe modellen, beginnen nu nog vaak vanaf 20.000 euro en dat heeft niet iedereen liggen. Bovendien wil je vermoedelijk je auto thuis kunnen opladen - dat is immers wel zo goedkoop. Maar ook een laadpaal is niet enorm goedkoop. De ANWB raamt de aanschafprijs van een paal tussen de 1000 en 2500 euro. Dat zijn al aardig wat tankbeurten voor je benzineauto. Bij een partij als Coolblue ligt de aanschafprijs trouwens wat lager: het instapmodel kost daar vanaf 899 euro.

 Tegenover de hogere aanschafprijs staan wel lagere verbruikskosten. Door de onzekerheden als gevolg van de oorlog in Oekraïne zijn de olieprijzen door het dak geschoten en dat maakt elektrisch rijden nog veel goedkoper. In rekenmodellen van de ANWB wordt rekening gehouden met oplaadkosten van circa 1428 euro per jaar bij een mix van 60 procent thuisladen, 30 procent laden via een openbare laadpaal en 10 procent snelladen. Dat is beduidend goedkoper dan de bijna 2130 euro aan tankkosten van een benzineauto die 1 op 15 rijdt. Let wel: de ANWB rekent hier met een gemiddelde prijs voor 1 kWh bij een vast contract. Heb je een variabel contract, dan is het bij een eigen laadpaal raadzaam om na te gaan welk elektriciteitstarief je hebt. Hierdoor kan het goedkoper zijn om een openbaar laadpunt te gebruiken dan je eigen laadpaal aan huis. 

Verder zijn elektrische auto’s in het onderhoud wat goedkoper, terwijl je ook nog in aanmerking kunt komen voor de nodige fiscale voordelen.

Tip: Subsidie aanvragen Voor 2022 is het niet meer mogelijk om subsidie aan te vragen: de pot voor dit jaar is leeg. De nieuwe subsidieronde gaat in op 10 januari 2023 09.00 uur en geldt voorn ieuwe elektrische personenauto met een koop- of leaseovereenkomst dat je hebt afgesloten op of na 1 januari 2023. Om de voorwaarden te bekijken en om SEPP (Subsidieregeling Elektrische Personenauto’s Particulieren) aan te vragen, klik HIER.

©David Schunack

Een laadpaal thuis is in gebruik goedkoper dan langs de snelweg, maar de aanschafprijs van een eigen paal loopt al snel in de duizenden euro's.

Ontwikkeling

Tesla domineert nog altijd de markt voor elektrische auto’s en we weten allemaal dat aan deze auto’s een hoog prijskaartje hangt. Het wachten is vooral op twee of drie andere grote spelers die serieus kunnen concurreren met Tesla, wat de weg zal vrijmaken voor meer autobouwers om met een concurrerend model te komen. Dit is bij de ontwikkeling van andere techproducten ook het geval geweest. Er waren in het begin vooral Samsung- en Apple-telefoons, maar inmiddels is het aanbod telefoons dat kan tippen aan een iPhone of Galaxy-telefoon enorm gegroeid. Hetzelfde geldt voor televisies.  

Nog niet heel duurzaam

Een elektrische auto koop je wellicht om op langere termijn geld te besparen en het milieu minder te belasten, maar in de eerste jaren na aanschaf van een auto is de schadelijke uitstoot juist hoger. Er moet namelijk een gigantische accu gebouwd en verscheept worden voor je auto en dat proces is eigenlijk nog helemaal niet zo duurzaam.

Het wachten is vooral op de zogenoemde vastestofbatterijen, die naar verwachting tegen 2025 op grote schaal geproduceerd kunnen worden en de CO2-voetafdruk van een EV-batterij met bijna 40 procent kunnen verlagen. Bovendien kunnen deze batterijen efficiënter worden opgeladen: in 15 minuten kun je 80 procent opladen. Dat duurt nu nog 30 minuten. De batterijen zouden ook beduidend langer meegaan, waardoor auto’s minder snel hun waarde verliezen.

Conclusie

Elektrische auto’s zijn dus nog vol in ontwikkeling en het ligt voor de hand dat we over enkele jaren veel efficiëntere en duurzamere modellen voor lagere prijzen op de markt zullen zien. Er hangen nu zowel voor- als nadelen aan de aanschaf van een elektrische auto. Met de huidige hoge olieprijzen is elektrisch rijden een stuk voordeliger, zelfs gezien het feit dat ook de energieprijzen in de laatste maanden flink zijn aangetrokken. Heb je een variabel energiecontract, dan wordt het verschil kleiner. Daar staat tegenover dat de aanschafprijs van een elektrische auto hoger ligt en dat je daarnaast waarschijnlijk nog een laadpaal wil aanschaffen.

Je persoonlijke situatie Of je nu een elektrische auto moet kopen, hangt dan ook af van je persoonlijke situatie. Hoe en hoe vaak ga je de auto gebruiken. Wat is je budget? En zijn er laadmogelijkheden in jouw omgeving? Probeer eerst antwoorden te krijgen op deze vragen, voordat je de knoop doorhakt.

🚘Wil je een laadpaal thuis laten plaatsen? Vraag de vrijblijvende offerte aan!

Vraag een offerte aan voor laadpalen:

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.