ID.nl logo
Waarom LG uit de smartphone-business stapt
© Reshift Digital
Huis

Waarom LG uit de smartphone-business stapt

LG stopt met het maken van smartphones. Het Koreaanse bedrijf heeft veel succes in andere takken, zoals televisie en huishoudelijke apparaten, maar nadat het al langere tijd weinig voet aan de grond kreeg op het gebied van smartphones, haakt het bedrijf af. Dit is hoe dat zo heeft kunnen gebeuren.

Ondanks de opvallende LG Velvet en LG Wing, de laatste telefoons die LG maakte, rapporteerde LG rapporteerde qua smartphoneverkopen al jaren verliezen. Het bedrijf besloot dan ook niet uit de mobiele wereld te stappen, maar wel uit de smartphonefabrikage. Het wil helpen bij het ontwikkelen van 6G. Verder kijkt het vooral naar smarthome, kunstmatige intelligentie, robotica en elektrische voertuigen als nieuwe markten om groot in te worden.

Het is zonde om LG te zien gaan, want het bedrijf gaat al erg lang mee. Laten we wat hoogtepunten in de spotlight zetten.

Geschiedenis van LG-telefoons

Toen we halverwege de 00’s met Motorola RAZR’s liepen en iPhones nog niet bestonden, kwam LG met KG800 Chocolate. De schuifbare telefoon werd een hit en zette LG met 21 miljoen verkopen op de kaart. Vervolgens kwam LG in 2007 ook nog met de allereerste telefoon met een capacitieve touchscreen, de LG KE850 Prada. 

Wederom had dit toestel een stijlvol design om mee op te vallen. Helaas stopte LG er maar 8 MB aan opslag in, waardoor het toestel toch wat achterstond. Zeker gezien de concurrentie, want een paar maanden later werd de iPhone onthuld.

LG kwam met de wat normalere LG KP500 Cookie in 2008 die wat lager in prijs was, waardoor het toestel nog 13 miljoen keer over de toonbank ging. Toch had het bedrijf last van die iPhone, die al vanaf dag één een groot succes was. 

Daarop volgde de LG KU99 Viewty, die als eerste telefoon ter wereld slow-motion-video’s kon maken. Opvolger LG Optimus 2X kon op zijn beurt als eerste 1080p-video’s schieten. De eerste telefoon met goedwerkende dual camera? De LG G5.

©PXimport

LG bleef innoveren, al deed het dat vanaf 2009 met besturingssysteem Android als basis. Hiervoor gebruikte het Symbian en Windows Phone. De eerste LG-smartphone met Android was de LG GW620, een telefoon met een 3 inch touchscreen en een 5 megapixel camera. 

Vervolgens kwam het bedrijf onder andere met de Optimus-lijn, waarna het helaas helemaal wegging bij de ‘chocolate’- en ‘cookie’-achtige namen en startte met serienummers: L, F, Q, V en G. LG Velvet en LG Wing waren na een groot aantal ThinQ-telefoons de laatste smartphones van LG.

Hoe het misging

Waar is het misgegaan met LG? Was het al ten tijde van LG Prada, die door Apple werd gestoomwalst? 

Hoewel de komst van iPhone niet heeft geholpen (wat geldt voor alle smartphoneleveranciers), is het niet alleen daardoor dat LG telkens slechter presteerde op de smartphonemarkt. Het heeft alsnog miljoenen telefoons verkocht en innovatieve toestellen gemaakt. Echter is het waarschijnlijk de hevige concurrentie gecombineerd met moeite om nog steeds met innovatie te komen, waardoor LG’s telefoontak steeds minder goed presteerde in verkopen.

Bovendien waren er ook problemen met de telefoons van LG. In 2015 verscheen G4, die bootloopproblemen kreeg, waardoor hij steeds bleef rebooten. Nu is dat op zich al vervelend, maar helemaal toen de vervangende G4 met exact hetzelfde probleem kampte. Het dreef veel mensen weg van LG, want het vertrouwen had een enorme deuk opgelopen. 

De opvolger G5 was helaas niet goed genoeg doordacht. LG wilde waarschijnlijk snel van de G4 af en kwam met een telefoon waarop je allerlei accessoires kon toevoegen aan de onderkant. Alleen bleek dat een zwak systeem dat bovendien met te weinig accessoires kwam, waardoor ook de G5 geen voet aan de grond kreeg.

©PXimport

Op zich had LG zich hier nog kunnen herpakken, maar omdat de LG G6 kwam met een Snapdragon 821-chip in plaats van de nieuwe generatie Snapdragon 835 die de concurrentie wel had, stond LG weer 1-0 achter. Er kwam nog een G7, maar het scherm bleek van te grote invloed op de batterijprestaties. Bovendien was de telefoon niet heel vernieuwend, waardoor hij snel in de vergetelheid raakte.

Gelukkig had LG tegelijkertijd de V-serie lopen. De V10 en V20, die een handig tweede scherm hadden waarmee je snel toegang had tot apps, waren goede toestellen, maar ze waren erg groot. Uiteindelijk zijn de V-lijn en de G-lijn te veel naar elkaar toegegroeid en wisten ze met te weinig innovatie te komen of anderzijds op te vallen om nog boven het maaiveld uit te steken.

Uiteindelijk heeft LG het qua smartphones niet gered en op 31 juli gaat de stekker volledig uit de smartphonetak. De meest recente toestellen krijgen wel nog een poosje updates, maar er worden geen nieuwe telefoons meer gemaakt.

▼ Volgende artikel
Nieuwe FromSoftware-game The Duskbloods komt echt alleen naar Switch 2
Huis

Nieuwe FromSoftware-game The Duskbloods komt echt alleen naar Switch 2

The Duskbloods, de nieuwe game van Elden Ring- en Dark Souls-ontwikkelaar FromSoftware, zal echt alleen op Nintendo Switch 2 uitkomen.

Dat heeft de ontwikkelaar benadrukt bij het bekendmaken van zijn kwartaalcijfers (via VGC). Daarbij werd ook nog eens benadrukt dat The Duskbloods nog altijd gepland staat om ergens dit jaar uit te komen, net zoals de Switch 2-versie van Elden Ring.

Over de exclusieve Switch 2-release van The Duskbloods: "Het wordt verkocht via een samenwerking met Nintendo, met verkoopverantwoordelijkheden verdeeld per regio. De game komt alleen voor Nintendo Switch 2 beschikbaar." Daarmee is dus duidelijk gemaakt dat Nintendo een nauwe samenwerking met FromSoftware is aangegaan voor de game en dat het spel niet zomaar op andere platforms uit zal komen.

Over The Duskbloods

The Duskbloods werd begin vorig jaar aangekondigd in een speciale Nintendo Direct waarin de eerste Switch 2-games werden getoond, maar sindsdien zijn er geen nieuwe beelden van het spel uitgebracht. Zoals gezegd is de game ontwikkeld door FromSoftware, het Japanse bedrijf dat naam voor zichzelf heeft gemaakt met enorm uitdagende spellen, waaronder de Dark Souls-serie en Bloodborne. Met de openwereldgame Elden Ring scoorde de ontwikkelaar enkele jaren geleden nog een megahit.

Watch on YouTube

The Duskbloods wordt een PvPvE-game, waarbij spelers het dus tegen elkaar en tegen computergestuurde vijanden opnemen. Maximaal acht spelers doen aan potjes mee. Na het kiezen van een personage in een hub-gebied wordt men naar een gebied getransporteerd waar er met andere spelers en vijanden gevochten wordt, al kan men soms ook samenwerken om vijanden te verslaan.

Spelers besturen een 'Bloodsworn', wezens die dankzij een speciaal bloed dat in hun lichaam zit meer krachten tot hun beschikking hebben dan reguliere mensen. Ondertussen is het einde van de mensheid nabij, en bestaat de wereld uit verschillende tijdperken, wat voor een mengelmoes van stijlen zorgt.

▼ Volgende artikel
Beeldverversing versus pixels: waarom soepel gamen beter is dan scherp
© Gorodenkoff Productions OU
Huis

Beeldverversing versus pixels: waarom soepel gamen beter is dan scherp

Resolutie is marketing, refreshrate is beleving. Waar 4K zorgt voor een mooi plaatje, zorgt een hoge verversing (Hz) ervoor dat je daadwerkelijk wint. Hieronder lees je waarom snelheid in feite de échte koning is in gaming.

Veel gamers staren zich blind op 4K-resolutie. Ze kopen een duur scherm, zetten de settings op Ultra en vragen zich vervolgens af waarom hun spel stroperig aanvoelt. De misvatting is dat 'mooier' gelijkstaat aan 'beter'. In werkelijkheid is de vloeibaarheid van het beeld – de refreshrate, oftewel verversingssnelheid – veel bepalender voor hoe direct en responsief een game aanvoelt. Aan het eind van dit artikel weet je precies of jij moet kiezen voor pixels of snelheid.

Hoe je ogen bedrogen worden door Hertz

Stel je voor dat je snel met je muis over je bureaublad beweegt. Op een standaard 60Hz-scherm zie je de cursor in schokjes over het beeld springen; je hersenen vullen de gaten in. Op een 144Hz- of 240Hz-gaming-monitor verdwijnen die gaten.

Het technische verschil zit hem in de verversingssnelheid: het aantal keren per seconde dat het beeld wordt vernieuwd. Bij 60 Hz krijg je elke 16,6 milliseconden een nieuw beeld. Bij 144 Hz is dat elke 6,9 milliseconden. Dat klinkt als een klein verschil, maar je voelt het direct. Het gestotter dat je onbewust gewend bent verdwijnt. Bewegingen voelen boterzacht aan, alsof de cursor (of je crosshair) aan je hand vastgeplakt zit in plaats van er achteraan zwemt. Dit effect wordt motion clarity genoemd: objecten blijven scherp, zelfs als ze snel door het beeld bewegen.

©Framestock

De winst in shooters en snelle actie

Wanneer werkt dit in je voordeel? Vooral in competitieve shooters zoals Call of Duty, Counter-Strike of Valorant. In dit soort games telt elke milliseconde. Een hogere refreshrate vermindert de input lag, oftewel de tijd tussen jouw klik en de actie op het scherm.

Stel, je draait je personage snel om. Bij een lage refreshrate wordt de vijand een fractie later getoond en zie je veel bewegingsonscherpte (motion blur). Met een hoge refreshrate zie je de vijand eerder en scherper, waardoor je sneller kunt reageren. Je hebt letterlijk actuelere informatie dan je tegenstander. Om dat te bereiken heb je wel een krachtige videokaart nodig die genoeg beelden per seconde (FPS) kan genereren om je snelle scherm bij te houden.

Wanneer resolutie het toch wint van snelheid

Is snelheid altijd heilig? Nee. Als je vooral tragere, meer verhalende games speelt (zoals Cyberpunk 2077 in de 'sightseeing' modus), Microsoft Flight Simulator of grafische RPG's, dan voegt 240 Hz weinig toe. In deze titels kijk je vaak naar stilstaande of langzaam bewegende omgevingen.

In dat geval wil je juist de texturen van de bomen, de reflecties in het water en de details in gezichten zien. Een 4K-monitor op 60 of 120 Hz is dan een logischer keuze dan een onscherp 1080p-scherm op 360 Hz. De visuele pracht weegt hier zwaarder dan de milliseconden reactietijd. Ook voor console-gamers die op de bank zitten, is een goede televisie met 4K en HDR vaak indrukwekkender dan puur de hoogste framerates.

Situaties waarin een hoge refreshrate zinloos is

Er zijn momenten dat investeren in een snel scherm weggegooid geld is. Dat gebeurt bijvoorbeeld als je hardware de snelheid niet kan leveren; als je videokaart maar 50 frames per seconde kan leveren, heeft een 144Hz-scherm geen nut omdat het scherm wacht op de computer. Daarnaast beperken oude kabels je bandbreedte, waardoor je monitor soms terugvalt naar 60 Hz zonder dat je het doorhebt. Ook op oudere consoles zoals de Nintendo Switch of de standaard PS4 heb je niets aan snelle schermen, omdat deze hardware fysiek gelimiteerd is op 60 Hz of lager.

Bepaal wat jouw setup aankan

Kijk dus kritisch naar je huidige situatie voordat je naar de winkel rent. Heb je een high-end pc die makkelijk 120+ FPS haalt in jouw favoriete games? Dan is een upgrade naar een 144- of 165Hz-monitor de grootste sprong in spelplezier die je kunt maken. Speel je op een PlayStation 5 of Xbox Series X? Zoek dan specifiek naar een scherm met HDMI 2.1-ondersteuning om 120 Hz op 4K mogelijk te maken. Zit je ver van je scherm af en speel je relaxed? Investeer dan liever in resolutie en kleurdiepte.

©Proxima Studio

Kortom: snelheid is de sleutel tot succes!

Verversingssnelheid is belangrijker dan resolutie voor iedereen die actie- of competitieve games speelt. Het zorgt voor een vloeiender beeld, minder input lag en betere motion clarity, wat je direct een voordeel geeft in het spel. Resolutie is vooral luxe voor het oog, maar refreshrate is pure prestatie voor de speler.