ID.nl logo
iPhone X - Prachtig scherm met zonnebril
© Reshift Digital
Huis

iPhone X - Prachtig scherm met zonnebril

Vorige week plofte hij bij me op de deurmat: de iPhone X. Nou ja, plofte: hij werd me in de handen gedrukt. En dat is maar beter ook, want het blijkt dat van alle iPhones tot nu toe de X het snelste kapot gaat bij vallen. Ik heb er een paar dagen flink mee gestoeid en heb inmiddels een goed beeld kunnen vormen van het toestel.

Dat het een duur toestel is, hoef ik je niet te vertellen. De grote vraag is natuurlijk wat je daar precies voor terugkrijgt en of dit toestel je het Apple-gevoel teruggeeft dat de afgelopen jaren een beetje is weggezakt.

Design

Ik heb het er vorige week al even over gehad: het design van de iPhone is fantastisch. Het toestel voelt superluxe, de randen glanzen prachtig en de glazen voor- en achterkant maken het allemaal extra luxe. Interessant is de TrueDepth-camera aan de voorkant, die zorgt voor een uitsparing in het display. Ik gaf in de hands-on al aan dat ik dat een prachtig ontwerp vond en dat mijn vrouw het superlelijk vond. Interessant genoeg blijkt vrijwel elke man die ik deze week mijn iPhone heb laten zien die uitsparing mooi te vinden, terwijl vrouwen het in de regel niets vinden. Geen idee wat dat betekent, maar het is wél een interessant smaakverschil.

©PXimport

In combinatie met de prijs van het toestel zorgt het design wel voor een voortdurende angst. Ik kan me niet herinneren dat ik ooit zó bang ben geweest om mijn iPhone te laten vallen. Mijn kinderen vragen voortdurend of ze even op mijn iPhone mogen en het antwoord is steevast ‘Nee’. De iPhone 7 Plus was natuurlijk ook al niet heel goedkoop, maar die gaf ik (zonder hoesje én zonder angst) probleemloos aan mijn kinderen. De enige die hem ooit heeft laten vallen was ik zelf. Het uiterlijk is zó fraai dat het je voortdurend herinnert aan het feit dat je een peperduur toestel in je handen hebt. Betekent dat dat het design te luxe is? Integendeel, het betekent simpelweg dat je aan alles voelt dat dit toestel te duur is. Tel daarbij op dat uit tests blijkt dat je iPhone na één keer stuiteren waarschijnlijk niet meer te gebruiken is (het scherm werkt dan niet meer) én dat het bijna 600 euro kost om te repareren en je begrijpt dat je een toestel hebt dat je bijna niet eens uit je zakt durft te halen. Ik heb daar nooit last van gehad, maar behandel dit toestel al een week als de prinses op de erwt.

©PXimport

Display

De iPhone X is de eerste iPhone die wordt geleverd met een OLED-display. Van het idee werd ik razend enthousiast, want de displays van de Galaxy-toestellen maakten me altijd nogal jaloers. In alle eerlijkheid: dat doen ze nog steeds. Het display van de iPhone X is mooi (zéker omdat het van rand tot rand is) en superhelder, maar verder niet heel spectaculair . Ik moet eerlijk zijn: Samsung misbruikt contrast in het kwadraat en de displays zijn superhelder, waardoor het beeld van het scherm spat, maar erg realistisch zijn ze vaak niet. Apple geeft enorm veel om kleurechtheid en het zou kunnen dat het display daarom ietwat tegenvalt. Dat gezegd hebbende: waar Apple van houdt, daar lig ik niet zo wakker van. Het is mijn telefoon en mijn verwachting en ik denk dat veel meer mensen hier tegenaan zullen lopen. In dat opzicht lijkt Apple een beetje vergeten dat wij niet allemaal designers zijn die vinden dat kleurechtheid heilig is. Kortom: ik ben nog steeds een beetje jaloers op het display van de Galaxy S8, zelfs al is het display van Apple misschien realistischer.

Thuisknop

Alles went, zo óók een ontbrekende Thuisknop. Toen ik het toestel net in handen had, ergerde ik me enorm aan het ontbreken van die knop en kon ik niet met de interface uit de voeten. Dat stoorde me enorm – en eigenlijk nóg – omdat Apple voor mij gelijkstaat aan een fijne intuïtieve interface. Na bijna een week ben ik aan de interface gewend. Gewend (want ik probeerde op de iPhone 7 Plus van mijn vrouw omhoog te vegen om haar toestel te ontgrendelen), maar intuïtief vind ik het echter nog steeds niet. Ik vind het nog steeds belachelijk dat je twee keer op je standby-knop moet drukken om de download van een appje te bevestigen.

Trouwens ... dat ding is dus stiekem helemaal geen standby-knop meer. Als je hem ingedrukt houdt, komt Siri je begroeten, maar je iPhone X start er niet opnieuw door op. Daarvoor moet je die knop in combinatie met de volume omhoog-knop indrukken (en sorry, dat vind ik beláchelijk). Zo zijn er meer kleine nadelige dingen: het stoort me dat ik niet kan weergeven hoeveel procent batterij ik nog heb (past niet in de interface) en is het sluiten van appjes echt ongelooflijk omslachtig. Hoewel ik na een week aan de interface gewend ben, kan ik maar één conclusie trekken: het weglaten van de Thuisknop is een noodgreep en Apple heeft dat niet goed opgelost. Over weglaten gesproken: de koptelefoonpoort ontbreekt nog altijd. En nog altijd zijn daar geen goede argumenten voor te vinden.

©PXimport

Face ID

Die Thuisknop is verdwenen omdat Apple graag een display wilde van rand tot rand. Dat betekent dat Touch ID, waar Apple de afgelopen jaren flink in geïnvesteerd heeft, plotseling van tafel moest worden geveegd. Face ID komt daarvoor in de plaats en eerlijk is eerlijk: de technologie werkt uitstekend. Met bril, zonder bril, mijn toestel herkent me zonder problemen … bij voldoende licht. Wel stoort het me dat ik goed recht in de camera moet kijken, terwijl het bij Touch ID voldoende was om mijn toestel vast te houden. En als je ’s nachts in bed even je iPhone wilt ontgrendelen, dan hoef je geen hulp van Face ID te verwachten (terwijl dat theoretisch wel zou moeten lukken, dankzij de infraroodsensor). Ergens wel begrijpelijk, maar een stap terug, want Touch ID werkte wél gewoon in het donker. En dan ga je je toch afvragen: hoe kan het dat ik méér betaal, maar functionaliteit moet inleveren.

Toen ik mijn iPhone X net had, dacht ik dat hij niet goed functioneerde. Wanneer ik notificaties ontving, stond er alleen melding; de inhoud werd niet getoond. Dit bleek dus een extraatje te zijn van Face ID: pas als je iPhone ziet dat jij je telefoon in handen hebt, wordt de inhoud van deze notificaties getoond. Tof idee, maar ook hier geldt: heb je weinig licht, dan zie je dus alleen melding staan. In de praktijk stoor ik me er dus meer aan dan dat het me helpt (uiteraard kun je het uitschakelen).

©PXimport

TrueDepth-camera

Die TrueDepth-camera heeft natuurlijk meer in z’n mars dan alleen maar Face ID. Het is in de basis dezelfde 7-megapixelcamera als in de vorige serie iPhones, met een aantal extra functionaliteiten. Die functionaliteiten zorgen bijvoorbeeld voor de mogelijkheid om Animoji’s te animeren en foto’s te nemen in Portrait Lighting-modus. Die Animoji’s, waarover ik vorige week al schreef in de hands-on, zijn hilarisch. Maar wat ik al vreesde bleek al snel waarheid: er is niemand die me zo’n geanimeerde emoticon kan terugsturen, want ik ben de enige idioot in mijn omgeving met een smartphone van 1329 euro, dus de lol is er snel vanaf. Héél snel. Door de TrueDepth-camera zouden ook de filters van Snapchat beter moeten werken, maar daar merk ik nog weinig van: de maskers wiebelen nog net zo over mijn hoofd als ik die in vreemde hoeken draai. Wellicht is dat een kwestie van tijd en moet Snapchat de app nog optimaliseren.

©PXimport

Portrait Lighting vind ik in alle eerlijkheid een aanfluiting. Ik ben groot fan van de Portretmodus die werd geïntroduceerd bij de iPhone 7 Plus. Die modus maakt fenomenale foto’s waardoor ik regelmatig de vraag krijg: 'Schiet je die gewoon met je smartphone?' Dezelfde verwachting had ik voor de Portrait Lighting-modus, al wist ik door het testen van de iPhone 8 Plus al dat het weinig spectaculair was. Ik heb het dan vooral over de theatermodus, die ervoor zorgt dat de persoon op de voorgrond wordt geïsoleerd op een zwarte achtergrond. De iPhone 7 en 8 Plus hebben daar twee camera’s voor nodig, de iPhone X kan het dankzij de TrueDepth-camera met infrarood. Kunnen is echter een groot woord. Het ziet er gewoon niet uit – en dat wordt benadrukt omdat Portretmodus zo briljant is. Het ziet er letterlijk uit alsof iemand iets te hard heeft geknipt in Photoshop. Delen van het gezicht vallen weg terwijl delen achtergrond juist met een klein randje zichtbaar blijven, waardoor het er gewoon slordig geknipt uitziet. Wat natuurlijk wel gaaf is, is dat Portretmodus ook in de TrueDepth-camera zit. Het werkt nét iets minder goed dan de gewone camera, maar nog steeds goed genoeg om indruk te maken met je selfies.

©PXimport

Camera’s aan de achterkant

Interessant is dat Apple niet meer verwijst naar de camera’s aan de achterkant als iSight-camera’s, maar als ‘camera’s aan de achterkant’. Op z’n website (en in de presentatie) gaf Apple hoog op over de camera’s, die een grotere en snellere 12 MP-sensor zouden hebben, een nieuwe kleurenfilter en diepere pixels. Ik heb de camera uiteraard uitvoerig getest. Het belangrijkste verschil zit hem wat mij betreft in de optische beeldstabilisatie van de telelens. Als het buiten flink zonnig is en je foto’s neemt van een kleurrijke situatie, zul je verschil zien tussen de foto’s die je neemt met een iPhone X en een iPhone 7 Plus, maar niet schokkend veel. Het is in situaties met minder licht dat de X laat zien wat hij in z’n mars heeft. Zelfs bij erg weinig licht kun je nog goede foto’s schieten. Hier zie je wél duidelijk verschil met de 7 Plus – en die was ook al niet slecht.

©PXimport

Eerder in deze recensie heb ik al aangegeven hoe blij ik ben met de Portret-functie, en die is alleen nog maar beter geworden. Waarom? Door optische beeldstabilisatie dus. Wanneer je een portretfoto schiet, dan moet je je toestel uiteraard wel goed stilhouden voor een goed resultaat, waardoor het soms ook even duurt voor je je foto kunt schieten (en je eerder geneigd bent om voor de gewone modus te gaan). Omdat de telelens nu optische beeldstabilisatie heeft, is het nemen van goede foto’s in de portretmodus veel eenvoudiger en dat levert echt prachtige plaatjes op. Ik wás al verliefd op deze functie, maar nu wil ik ermee trouwen. Verder is het gewoon een fantastische camera, maar dat was het ook al in de iPhone 7 Plus en natuurlijk de 8 Plus.

©PXimport

AR

De iPhone X wordt door Apple gepresenteerd als het ultieme apparaat voor Augmented Reality, dankzij de dubbele camera en de A11 Bionic Chip. Ik ben geen programmeur en geen data-analist maar ik geloof absoluut dat, als je er diagnostische tests op loslaat, de iPhone X op het gebied van AR beter scoort dan de iPhone 7 en 8. Maar als consument merk je daar op dit moment niets van. Niet weinig: nee, niets! Welke AR-game of app ik ook installeerde, hij werkte net zo goed op mijn X als op mijn 7 Plus. Het kan natuurlijk zo zijn dat dat over een paar maanden anders is en dat de apps zo zwaar en geavanceerd worden dat de iPhone 7-serie dat niet meer trekt. Maar laten we eerlijk zijn: als dat een half jaar duurt (en dat duurt het zeker), dan zitten we al in mei / juni en staat het nieuwe toestel alweer voor de deur. Een iPhone X kopen voor AR? Het is dikke vette onzin.

Batterij

Apple geeft altijd netjes op hoe lang je doet met de batterij van je smartphone. Dat is allemaal leuk en aardig, maar je hebt niets aan die statistieken. Ja, als je tien uur achter elkaar actief bent op wifi, of veertien uur alleen maar aan het bellen bent. In werkelijkheid is dat niet hoe je een iPhone gebruikt. Je gebruikt immers álles door elkaar heen. Spelletjes, mail, internet, Netflix (waarbij video en internet dus worden gecombineerd) enzovoort. Dat verklaart dus ook waarom je iPhone veel sneller leeg is dan die tien à veertien uur die Apple je belooft. Ik heb mijn iPhone X nu een kleine week gebruikt en tot nu toe ben ik erg enthousiast. Het is nog steeds niet zo dat ik vier uur in de trein kan zitten en daarna met een halfvolle batterij zit. Wél is het zo dat ik met mijn iPhone X die reis durf te maken zonder een powerbank, omdat ik weet dat ik het wel ga redden. Combineer dat met het feit dat er steeds meer draadloze oplaadpunten zijn, en je batterijzorgen zijn voorbij. Saillant detail: wist je trouwens dat je met een draadloze oplader niet kunt Candy Crushen tijdens het opladen? Het ding moet namelijk op de lader liggen. Nooit over nagedacht, maar bloedirritant. Stiekem gebruik ik dus af en toe nog een kabeltje.

©PXimport

©PXimport

©PXimport

Processor

Dit is een recensie van de iPhone X en dus ontkom je niet aan benchmarks. Die heb ik heb gedraaid en het zal je niet verrassen: de iPhone X is supersnel (maar opmerkelijk genoeg niet sneller dan de iPhone 8 Plus). Maar boeit dat? Totaal niet. De iPhone 7 Plus heeft het afgelopen jaar bij geen enkel spel gehaperd en ik verwacht niet dat hij dat komend jaar zal doen. De iPhone X is super, supersnel, maar dat is dus wel een gevalletje naar de supermarkt in je Ferrari: je hebt die snelheid (voorlopig) totaal niet nodig.

Conclusie

Wanneer je alles zo op een rijtje zet, zou je de indruk kunnen krijgen dat ik de iPhone X geen goede telefoon vind. Het tegendeel is waar: ik vind het een fantastisch toestel. Maar daar zit direct de crux: ik vond mijn iPhone 7 Plus ook een fantastisch toestel. Ik keek uit naar de Animoji, maar die ben ik inmiddels zat. De camera is fantastisch, maar dat was de vorige camera ook. TrueDepth voegt weinig toe en hoewel Face ID echt heel goed werkt, is het niet gemakkelijker dan Touch ID. Sterker nog: in sommige gevallen is het zelfs minder gemakkelijk. De iPhone X is een fenomenaal toestel met een mooi (maar niet briljant) display en een prachtig design. Maar de enige reden die ik kan verzinnen om hem te kopen is dat het een cool ding is om te hebben. Functioneel heb je er op dit moment namelijk totaal geen reden om hem aan te schaffen.

Goed
Conclusie

**Prijs** € 1159,- (64GB), € 1329,- (256GB) **OS** iOS 11 **Scherm** 5,8 inch **Processor** Apple A11 Bionic **RAM** 3GB **Opslag** 64GB/256GB **Batterij** 2716 mAh **Camera** 12 megapixel dualcam (achter), 7 megapixel (voor) **Connectiviteit** 4G (LTE), Bluetooth 5.0, wifi, gps **Formaat**14,4 x 7,1 x 0,8 cm **Overig** Fast charge, draadloos opladen via Qi **Kopen** [Kieskeurig.nl](https://www.kieskeurig.nl/smartphone/product/3659843-apple-iphone-x)

Plus- en minpunten
  • Fraai display
  • Optische beeldstabilisatie in telelens
  • Prachtig design
  • Ontzettend breekbaar
  • 1329 euro!
  • Display is mooi, maar niet meer dan dat
  • TrueDepth voegt niets toe
  • Geen koptelefoonpoort
▼ Volgende artikel
CES 2026: Acer vernieuwt Predators en Nitro's met Intel Core Ultra 3 en RTX 50-chips
© Acer
Huis

CES 2026: Acer vernieuwt Predators en Nitro's met Intel Core Ultra 3 en RTX 50-chips

Toe aan een nieuwe dikke laptop om de nieuwste games op te kunnen spelen? Dat komt goed uit, want Acer heeft op de CES in Las Vegas een aantal nieuwe krachtpatsers geïntroduceerd waarmee je jouw spelletjes voortaan rustig met de hoogste settings kunt aanslingeren.

Acer heeft zijn portfolio gaminglaptops uitgebreid met de Predator Helios Neo 16S AI en nieuwe Nitro-modellen. De apparaten zijn uitgerust met de nieuwste Intel Core Ultra Series 3-processors en NVIDIA RTX 50-videokaarten. Daarnaast introduceert de fabrikant nieuwe randapparatuur, waaronder een headset en muis. De nieuwe producten worden in het tweede kwartaal verwacht in de Benelux.

Slanke krachtpatser

Het vlaggenschip van deze aankondiging is de Predator Helios Neo 16S AI (model PHN16S-I51). Onder de motorkap huisvest deze laptop maximaal een Intel Core Ultra 9-processor (386H) gecombineerd met een NVIDIA GeForce RTX 5070-laptop-GPU. Visueel onderscheidt het apparaat zich door een 16-inch oledpaneel met een WQXGA-resolutie, wat moet zorgen voor een hoog contrast en diepe zwartwaarden.

Ondanks de krachtige hardware blijft de behuizing relatief compact met een dikte van 18,9 millimeter. Om de temperaturen binnen deze beperkte ruimte onder controle te houden, maakt Acer gebruik van een koelsysteem met 'vloeibaar metaal' als koelpasta en een vijfde generatie AeroBlade-ventilator. Daarnaast beschikt de laptop over de nodige moderne connectiviteitsopties zoals wifi 6E en Thunderbolt 4, en biedt hij ruimte voor maximaal 64 GB DDR5-geheugen.

©Acer

Vernieuwing in Nitro-lijn

Naast het premiumsegment werkt Acer ook de meer toegankelijke Nitro-serie bij met twee nieuwe modellen: de Nitro V 16 AI en de slankere Nitro V 16S AI. Beide laptops ondersteunen tot een Intel Core Ultra 7-processor en dezelfde NVIDIA GeForce RTX 50-serie GPU's die in de duurdere modellen te vinden zijn. Het voornaamste verschil zit 'm in de bouw en schermtechnologie; waar de Predator gebruikmaakt van oled, houden de Nitro-modellen het bij WUXGA-resolutie schermen met een verversingssnelheid van 180 Hz. De V 16S AI is met een chassis van minder dan 1,8 centimeter dik lekker draagbaar. Beide modellen zijn voorzien van een RGB-toetsenbord met vier zones en een fysieke privacysluiter voor de webcam.

©Acer

Ook hier nadruk op AI

Een terugkerend thema in deze generatie laptops is de integratie van specifieke hardware voor AI. Alle aangekondigde modellen dragen het label 'Copilot+ PC', wat in dit geval betekent dat er een Neural Processing Unit (NPU) aanwezig is die meer dan 45 biljoen operaties per seconde (TOPS) kan uitvoeren. Deze hardware biedt ondersteuning voor specifieke Windows 11-functies, zoals Live Captions voor realtime vertalingen en tools voor beeldgeneratie, zonder de centrale processor zwaar te belasten. Acer bundelt hierbij zijn eigen softwarepakket (genaamd Acer Intelligence Space) om alle AI-functies te beheren en prestaties te optimaliseren.

Nieuwe draadloze randapparatuur

Naast de laptops introduceert Acer randapparatuur om je setup compleet te maken. De Predator Galea 570 is een draadloze headset met 50mm-drivers en Environmental Noise Cancellation (ENC) om achtergrondgeluid tijdens communicatie weg te filteren. Voor de invoer is er de Predator Cestus 530-gamingmuis, gebouwd rondom een PixArt PAW3395-sensor die een gevoeligheid tot 26.000 dpi ondersteunt. Opvallend is dat de muis een 'polling rate' van 8000 Hz ondersteunt in bedrade modus, wat theoretisch zorgt voor een snellere registratie van bewegingen in vergelijking met de standaard 1000 Hz bij veel reguliere muizen. Beide apparaten bieden flexibele verbindingsmogelijkheden, waarbij gebruikers kunnen schakelen tussen 2,4 GHz draadloos, bluetooth en een bedrade verbinding via usb.

©Acer

Nog even geduld...

Consumenten in de Benelux kunnen de nieuwe apparaten in het tweede kwartaal van dit jaar verwachten. Acer heeft bevestigd dat de Predator Helios Neo 16S AI, de Nitro V 16 AI en de Nitro V 16S AI vanaf die periode leverbaar zullen zijn. Hoewel de technische specificaties al tot in detail zijn vrijgegeven, zijn de exacte adviesprijzen voor de Benelux nog niet bekendgemaakt. Die zullen afhangen van de specifieke configuraties, zoals de hoeveelheid werkgeheugen en opslagruimte, die per verkoopkanaal kunnen verschillen.

▼ Volgende artikel
CES 2026: ASUS introduceert krachtige mini-pc's voor AI en gaming op CES 2026
© ASUS | Edited with Google AI
Huis

CES 2026: ASUS introduceert krachtige mini-pc's voor AI en gaming op CES 2026

Op elektronicabeurs CES in Las Vegas heeft ASUS vier nieuwe mini-pc's laten zien. De compacte computers moeten meer rekenkracht bieden voor kunstmatige intelligentie en zware grafische taken, maar nemen nauwelijks ruimte in op een bureau.

De nieuwe modellen - ASUS NUC 16 Pro, ExpertCenter PN55, ROG GR70 en Ascent GX10 - draaien op de nieuwste Intel- en AMD-processors. Daarmee mikt ASUS met deze pc's op mensen die hun computer intensief gebruiken, maar ook op gamers die een krachtig systeem willen dat weinig ruimte inneemt.

De ASUS NUC 16 Pro draait op een Intel Core Ultra X9 Series 3-processor en haalt tot 180 TOPS (trillion operations per second), bijna het dubbele van zijn voorganger. Hij ondersteunt snel LPDDR5x-geheugen, heeft twee 2.5G-netwerkaansluitingen en is uitgerust met WiFi 7 en Bluetooth 6.0. De behuizing is stevig gebouwd en getest om hitte, kou en trillingen te weerstaan. Zijn afmetingen? 144 x 117 x 42mm - ongeveer zo groot als een half pak suiker.

De ASUS ExpertCenter PN55 richt zich op gebruikers die een kleine maar complete werk-pc willen. Binnenin zit een AMD Ryzen AI 400-processor met geïntegreerde Radeon 800M-graphics en een aparte chip voor AI-taken tot 55 TOPS. De PN55 ondersteunt Copilot+ in Windows en heeft veel aansluitingen, waaronder zes USB-poorten en twee netwerkaansluitingen. Ook zijn er WiFi 7, Bluetooth 5.4, een vingerafdruksensor en een ingebouwde microfoon voor spraakbediening.

Voor gamers is er de ROG GR70, de eerste mini-pc van ASUS onder het ROG-label. Hij combineert een AMD Ryzen 9-processor met een NVIDIA GeForce RTX 5070- of RTX 5060-grafische kaart. Volgens ASUS levert hij prestaties die vergelijkbaar zijn met een desktop, maar dan in een veel kleinere behuizing (282mm x 187mm x 56 mm). Een drievoudig koelsysteem houdt de onderdelen koel en het geluid beperkt.

De ASUS Ascent GX10 is de krachtigste van de vier. Deze kleine CoPilot+ desktop gebruikt de NVIDIA GB10 Grace Blackwell Superchip met 128 GB geheugen en kan volgens ASUS rekenprestaties op het niveau van datacenters leveren. De GX10 kan zelfstandig draaien of gekoppeld worden aan een tweede systeem voor lokale AI-training of modelontwikkeling.

Beschikbaarheid

Prijzen en releasedata zijn nog niet bekend. ASUS verwacht de nieuwe mini-pc's later in 2026 uit te brengen.

Wat betekent TOPS?

TOPS staat voor trillion operations per second en geeft aan hoeveel berekeningen een chip per seconde kan uitvoeren. Bij AI-toepassingen, zoals spraakherkenning of beeldanalyse, is een hoger aantal TOPS een maatstaf voor snellere verwerking en betere prestaties bij machine learning-taken.

©ID.nl