ID.nl logo
De 10 beste iPad-apps voor tuinieren
© Reshift Digital
Huis

De 10 beste iPad-apps voor tuinieren

Gedaan met die gure wind en lage temperaturen. Wij hebben al volop zomerkriebels. Het is het ideale tijdstip om naar buiten te trekken en aan de slag te gaan in de tuin. Wij schotelen je hier dan ook tien interessante iPad-apps voor die je helpen bij het tuinieren.

MijnTuin ****

Prijs: Gratis

Omvang: 13,9 MB

Het maakt niet uit of je een balkontuintje of een gigantisch gazon met bloemenborders hebt? Dankzij MijnTuin krijg je toegang tot een overzichtelijke encyclopedie met foto's en erg veel nuttige informatie zoals groeihoogte, plantensoorten en eisen op vlak van vochtigheid, bodem en licht. Via het tabblad Taken krijg je te zien wanneer het ideale tijdstip is om de plant te bemesten, snoeien, stekken of zaaien. Wil je een tuinkalender bijhouden of toegang krijgen tot het forum met bijna 60.000 geregistreerde gebruikers? Dan moet je eerst even een gratis account aanmaken.

Moestuinder ****

Prijs: Gratis (+ in-app-aankoop)

Omvang: 102 MB

Klein tuintje? Geen probleem. Je hebt helemaal geen grote serre nodig om van je eigen groenten te kunnen genieten. Deze app gaat over tuinieren op de 'square foot': in bakken van ongeveer één vierkante meter kun je in verschillende kleine vakken diverse groenten zaaien. Dankzij deze app bewaar je het overzicht. Je kunt aangeven wanneer je zaait en de app geeft vervolgens weer wanneer oogsten mogelijk is. Bovendien vind je heel veel nuttige informatie per gewas terug. Van zaaiperiode en standplaats tot aantal planten per vak en zaaidiepte. Handig!

©PXimport

Tuincentrum Borghuis ***

Prijs: Gratis

Omvang: 18 MB

Deze app is meer dan een commercieel verlengstuk van een tuincentrum uit de Twentse gemeente Deurningen. Naast de actuele folder en aanbiedingen vind je er immers een schat aan interessante tuinweetjes en informatie. Onder Tuintips vind je tips en trucs over onder andere grond- en meststoffen, plagen in de tuin en gewasbescherming, maar ook advies om tuinhout te plaatsen of je vijver te onderhouden. De Nieuws-sectie is ook een bezoekje waard omdat je veel inspiratie kunt halen uit de gevarieerde artikelen.

Yard and Garden Design Ideas ***

Prijs: Gratis

Omvang: 43 MB

Als je tuin een fikse make-over nodig heeft, kun je maar beter goed weten wat je precies wilt. Via deze app vind je tonnen inspiratie. De makers hebben naar eigen zeggen ruim 50.000 foto's in hun database gestopt. Je hoeft ze gelukkig niet allemaal te bekijken, je kunt filteren op basis van tientallen categorieën. Mooie foto's sla je met één tik op in je favorieten. Daarnaast kun je ook altijd de bron opvragen, de foto delen met vrienden of de afbeelding downloaden naar je filmrol. Enig minpuntje is de storende advertentiebanner onderaan.

PlantBrain ****

Prijs: € 0,99 (+ in-app-aankoop)

Omvang: 5,1 MB

Weet je niet goed welke planten je in jouw tuin moet zetten? In deze app van de Nederlandse tuinarchitecte Odette Blok zit een database van ruim 2.600 verschillende planten. Door de naam van een bepaalde plant in te voeren, krijg je een overzicht van alle eigenschappen te zien. Nog interessanter is dat je ook kunt zoeken met behulp van enkele slimme filters. Op die manier vind je bijvoorbeeld onmiddellijk welke winterharde planten met een maximumhoogte van 80 centimeter geschikt zijn in schaduwrijke tuinen. Zowel de tuinliefhebber als de professional vindt iets van zijn gading in deze app. Helaas is de informatie enkel in het Engels beschikbaar!

©PXimport

iScape Elite ***

Prijs: Gratis (+ in-app-aankoop)

Omvang: 7,7 MB

Maak één of meerdere foto's van je tuin en gebruik daarna de gigantische database om struiken, bomen, grassen, borders, fonteinen, verlichting, patio's, paden of houten afscheidingen te maken. Leef je uit als een echte tuinontwerper en maak gebruik van verschillende lagen. Sleep de planten en accessoires die jij mooi vindt naar je foto om je ideeën te visualiseren. Leuke, uitgebreide app. Laat je echter niet misleiden door de prijs: je kunt de app gratis downloaden, maar om 'm effectief te gebruiken moet je een week-, maand- of jaarabonnement afsluiten van minimaal vijf euro.

Terra Tuin ****

Prijs: € 10,99

Omvang: 692 MB

Terra Tuin is een Nederlandstalige database van duizenden planten van de hand van Liesbeth Pilon. Elke plant is voorzien van flink wat tekst en duidelijke, scherpe foto's. Handig is dat er ook veel informatie beschikbaar is over ziektes en plagen en wat je daar aan moet doen. Planten die in je eigen tuin staan, kun je met één tik toevoegen aan Mijn Tuin. Vervolgens krijg je via de Onderhoudskalender een overzicht van wat je maandelijks moet doen. Uitgebreide en interessante app, maar volgens ons toch net iets te duur.

©PXimport

Plantenzoeker **

Prijs: € 2,99

Omvang: 35,8 MB

Vind je de prijs van de vorige app te duur? Dan kun je ook overwegen om met deze plantenencyclopedie aan de slag te gaan. Ook hier vind je heel wat interessante weetjes en kun je planten zoeken op basis van filters. Het is wel jammer dat er behoorlijk wat planten zonder foto in de database staan. Is er toch een foto aanwezig? Dan staat er een storend watermerk bovenop. Goed als je snel wat moet opzoeken, maar wij geven de voorkeur aan andere apps.

Gazonwijzer ***

Prijs: Gratis

Omvang: 4,1 MB

Is het gras altijd groener bij de buren? Dankzij deze app maak je daar een einde aan. Gazonwijzer zit vol tips en trucs op het gebied van bemesting en onderhoud van je gazon. Wanneer moet je kalkkorrels strooien? En hoe zit het met verticuteren en met kale plekken, mos of onkruid? Met een tik en een veeg krijg je de oplossing voorgeschoteld. De app is van een fabrikant van meststoffen en dus een tikkeltje commercieel, maar de hapklare brokken informatie zijn duidelijk en goed onderverdeeld.

©PXimport

Dr. Panda's Moestuin *****

Prijs: € 2,99

Omvang: 82,1 MB

Wil je je groene vingers doorgeven aan je kinderen? In Dr. Panda's Moestuin leren kleuters op een speelse manier de verschillende soorten fruit, groenten en tuingereedschap kennen. Ploegen, zaaien, planten, water geven, oogsten ... het komt allemaal uitgebreid aan bod. De app is kleurrijk, interactief en intuïtief. Een andere troef is dat alle spellen uit de Dr. Panda-reeks volledig tekstloos en advertentievrij zijn. Wedden dat je zoon of dochter achteraf ook in de echte tuin wil helpen?

Professionele hulp nodig in jouw tuin?

Vraag een offerte aan voor hovenier:

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.