ID.nl logo
Mini review: Nieuwe AMD-videokaarten en Logitech Pro-muis
© Reshift Digital
Huis

Mini review: Nieuwe AMD-videokaarten en Logitech Pro-muis

Vorige week bespraken we al de Nvidia Super-videokaarten, deze week is de beurt aan AMD met de RX 5700 en RX 5700 XT. Daarnaast heeft AMD de nieuwe Ryzen 3000-processors gelanceerd en hebben we een mini-review van een uitstekende Logitech-muis.

AMD lanceert RX 5700 en RX 5700 XT-videokaarten

AMD heeft afgelopen week de langverwachte videokaarten gelanceerd die eerder bekend stonden onder de codenaam Navi. Het gaat om de Radeon RX 5700 en snellere RX 5700 XT, welke ontwikkeld zijn op een 7nm-platform. Het zijn tevens de eerste AMD-videokaarten die gebruik maken van PCIe 4.0 en GDDR6.

©PXimport

De snelste van de twee kaarten, de RX 5700 XT heeft 40 compute units en heeft een boostfrequentie van 1905 MHz. De nieuw geïntroduceerde game klokfrequentie van 1755 MHz geeft aan op welke frequentie de videokaart ongeveer zal draaien tijdens het gamen. Het geheugen wordt verzorgt door 8 GB GDDR6 geheugen op 448 GBps. AMD heeft de videokaarten een TDP van 225 W gegeven, maar in de praktijk kan het verbruik sterk afwijken.

De Radeon RX 5700 is gebaseerd op dezelfde chip als de XT-variant, maar heeft vier compute units uitgeschakeld. De boostfrequentie van 1725 MHz en gamefrequentie van 1625 MHz zijn ook een stukje lager. Het geheugen is dezelfde 8 GB GDDR6, maar het verbruik is met een TDP van 180 W iets lager.

Helaas biedt geen van beide kaarten enige concurrentie voor de high-end kaarten van Nvidia zoals de RTX 2080 of RTX 2080 Ti. In plaats daarvan worden ze gepositioneerd in het (hoge) middensegment van de RTX 2060 Super en RTX 2070 Super. De Radeon RX 5700 XT moet €439 kosten en de Radeon 5700 €379. Gezien de winkelprijzen van AMD-videokaarten regelmatig ver verwijderd liggen van de adviesprijzen (zowel hoger als lager), moeten we nog even wachten tot we weten wat de echte prijzen worden.

AMD lanceert derde generatie Ryzen-processors

Naast de nieuwe RX 5700-serie, heeft AMD ook nieuwe Ryzen-processors gelanceerd. Beginnend bij een 4-core Ryzen 3 3200G voor €100 tot een 12-core Ryzen 9 3900X voor €550, lijkt AMD stevige concurrentie te bieden tegenover Intel. De chips zijn gebaseerd op het 7nm Zen 2-proces en bieden een scala aan verbeteringen ten op zichte van de tweede generatie. Zo zijn de single-threaded prestaties sterk verbeterd, waardoor de processors van AMD nu eindelijk ook sterke opties zijn voor gamers.

©PXimport

Voor de productie op 7nm is AMD overgestapt op TSMC en dat lijkt goed uitgepakt te hebben. De Ryzen 7 3800X is bijvoorbeeld gelijk geprijsd met de Intel Core i7-9700K, maar zijn de multithread-prestaties significant hoger en presteren ze in games gelijkwaardig. De Ryzen 9 3900X is qua prijs directe concurrentie met de Intel Core i9-9900K, maar zit qua prestaties in een hele andere categorie. In games is het verschil klein, maar in sommige CPU-taken is de processor meer dan twee keer zo snel!

Een antwoord van Intel zal vermoedelijk snel komen, want er is nu weinig reden meer om nog een desktop-processor van het merk te kopen.

Logitech G Pro-muis review

De nieuwe 16. 000 dpi Hero sensor van Logitech vindt langzaam maar zeker zijn weg naar steeds meer producten. Vandaag bespreken we de Logitech G Pro-muis: een lichtgewicht muis zonder veel poespas.

©PXimport

Zelfs met de lampjes aan is de muis een onopvallende krachtpatser. Er zijn geen vreemde patronen of overdaad aan knoppen te vinden, waardoor de muis gemakkelijk verward kan worden met een 5 euro kantoormuis. Niets is echter minder waar, want onder de 83 gram lichtgewicht behuizing zit een 16.000 dpi optische sensor en hoge kwaliteit schakelaars van Omron. De sensor werkt uitstekend bij zowel lage als hoge snelheden en heeft geen problemen met verschillende oppervlakken zoals glas, hout of metaal.

Hoewel de muis redelijk klein oogt, is de vorm geschikt voor een grote variatie aan handen. Links of rechts, dun of dik, het maakt allemaal niet uit. Alleen met heel erg grote handen zou ik ergens anders gaan kijken. Ondanks de symmetrie ligt de muis ook opvallend lekker in de handen en zijn alle knoppen goed bereikbaar. Alleen voor linkshandigen zijn de knoppen aan de zijkant misschien wat minder handig.

©PXimport

De Logitech G Pro kwam in eerste instantie uit met een kabel met nylon sleeve, maar na klachten van veel (pro) gamers heeft Logitech dit aangepast. Het exemplaar dat wij hebben ontvangen beschikt over een dunne lichtgewicht kabel waar je weinig last van zult hebben. Sterker nog: dit is waarschijnlijk de beste uitvoering van een muiskabel die ik tot nu toe heb gezien. Dat geldt ook voor de verf en coating op het plastic. De coating geeft veel grip, maar is niet zo plakkerig als rubber.

©PXimport

Een ander pijnpunt bij veel muizen is de software, maar na vele generaties lijkt Logitech het eindelijk te pakken te hebben. De software is snel, duidelijk en bomvol handige functies. Daarnaast blijft Logitech ook oude apparaten nog ondersteunen waardoor mijn oude G510-toetsenbord te besturen is vanuit dezelfde software.

Al met al is de Logitech G Pro een duidelijk succes: niet te veel nutteloze functies en een focus op kwaliteit. Het enige wat misschien ontbreekt is de optie voor gewichtjes, maar als je houdt van lichtgewicht muizen is dit een absolute must-have. De prijs van €80 oogt misschien wat hoog voor een muis met zo'n simpele uitstraling, maar dat is de G Pro absoluut waard.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.