ID.nl logo
Gratis alternatieven voor betaalde software
© Reshift Digital
Huis

Gratis alternatieven voor betaalde software

Het lijdt geen twijfel dat bekende pakketten als Microsoft Office, Adobe Photoshop, Lightroom, InDesign, Illustrator en Premiere Pro tot de beste in hun categorie behoren. Alleen zijn ze behoorlijk aan de prijs. In dit artikel gaan we daarom op zoek naar degelijke én gratis alternatieven voor deze en andere commerciële toepassingen.

Wist je dat we elke maand de beste freeware voor je op een rijtje zetten? In dit artikel vind je de hele lijst van dit jaar.

Tip 01: Verzamelsites

Ben je zelf op zoek naar een gratis alternatief voor een of ander betaald programma, ga dan eerst even naar alternativeTo. Deze website voorziet in een zoekfunctie waar je slechts de naam van de commerciële toepassing hoeft in te tikken om meteen een aantal gratis alternatieven in beeld te krijgen. Je kunt aangeven of je wilt zoeken naar gratis (free) software en of de programma’s ook nog opensource moeten zijn. Per programma kun je de meningen van andere gebruikers zien, soms met een gemotiveerde toelichting. Een iets beperktere maar verder vergelijkbare site is www.osalt.com, wat staat voor Open Source as Alternative. Ook hier krijg je telkens een korte omschrijving van het alternatieve product.

Ben je gewoon op zoek naar gratis software, dan komen heel wat andere sites in aanmerking. Onze favoriete softwarecollectie is alvast SnapFiles, waar je het menu Freeware opent om je tot de gratis tools te beperken. Deze collectie wordt al jaren vrijwel dagelijks bijgewerkt.

©PXimport

Je tikt de naam van een commerciële toepassing in en krijgt meteen gratis alternatieven

-

Tip 02: Besturingssysteem

De software die je het meest gebruikt op je computer, is natuurlijk het besturingssysteem. En als we het over een gratis alternatief voor Windows hebben, dan duikt haast vanzelf Linux op. Dit alternatieve besturingssysteem is niet alleen gratis, het laat (vooral wat gevorderde) gebruikers ook toe alles naar eigen hand te zetten. Om de overstap van Windows naar Linux zo pijnloos mogelijk te maken, probeer je het best een Linux-distributie uit die enige affiniteit vertoont met de Windows interface, zoals Chalet OS, Zorin OS of Linux Mint. MacOS-gebruikers zullen zich wellicht het snelst thuis voelen bij Elementary OS.

Je kunt overwegen om je Linux-versie eerst ‘virtueel’ te installeren binnen je vertrouwde Windows-omgeving, zodat je eerst kennis kunt maken met Linux zonder meteen Windows overboord te moeten gooien. Hiervoor kun je gebruikmaken van alweer een andere gratis toepassing: VirtualBox. Hoe je dit werkend krijgt, lees je in het kader ‘Virtuele installatie’.

©PXimport

Virtuele installatie

Om een virtuele (Linux-)machine te installeren ga je in een notendop als volgt te werk. Download en installeer de recentste versie van VirtualBox. Download eveneens het iso-bestand van de gewenste Linux-distributie. Druk in VirtualBox op de knop Nieuw en vul de naam van je distributie in. Bij Type kies je Linux en bij Versie stel je het best Ubuntu (64-bit) in als je systeem dat aankan. Druk op Volgende (2x) en op Aanmaken. Druk nu op de knop Expertmodus en vul bij Bestandsgrootte bij voorkeur minstens 12 GB in. Bevestig met Aanmaken. De virtuele machine verschijnt in het venster. Selecteer die en klik op de groene pijl Starten. Meteen erna wordt je gevraagd de opstartschijf te selecteren. Klik hier het mapicoontje aan en verwijs naar het gedownloade iso-bestand. Bevestig met Openen en met Start. Even later geef je dan aan dat je de distributie effectief wilt installeren en volg je de verdere instructies. Als het goed is, is de installatie van je virtuele machine even later klaar voor gebruik.

©PXimport

Tip 03: Kantoorsuite

Microsoft Office mag dan de bekendste en wellicht ook de krachtigste kantoorsuite zijn, er zijn wel degelijk een aantal gratis alternatieven, zoals SoftMaker FreeOffice en WPS Office. Het populairste alternatief is het opensource-programma LibreOffice, beschikbaar voor Windows, macOS en Linux. Dat bestaat uit drie grote modules (tekstverwerker Writer, spreadsheetprogramma Calc en presentatietool Impress), en bevat daarnaast nog Draw (tekenprogramma), Math (formule-editor) en Base (database programma). LibreOffice heeft altijd vastgehouden aan een wat gedateerde interface met klassieke menu’s, maar sinds versie 5.3 is het nu ook mogelijk een soort lint (‘Notebookbalk’) te activeren (via het menu Extra / Opties / LibreOffice / Geavanceerd / Zet experimentele functies aan). Wat de functionaliteit betreft zit het in elk geval goed: er zijn heel wat tools waarin zelfs een gevorderde gebruiker zich kan uitleven.

LibreOffice kan ook met diverse bestandsformaten overweg. In Writer bijvoorbeeld kun je documenten bewaren in het eigen odf-formaat, maar ook als doc of docx, zodat de bestanden ook probleemloos in Microsoft Word te openen zijn. Excel-gebruikers moeten wel weten dat het importeren van formules in Calc niet altijd goed gaat en dat Calc evenmin met Excel-macro’s overweg kan. LibreOffice schiet ook nog duidelijk tekort naar cloud-functionaliteit en mobiel gebruik toe: om online documenten te kunnen bewerken moet je eigenlijk eerst zelf een server opzetten en er zijn evenmin mobiele apps beschikbaar. Voor een detailvergelijking tussen beide suites kun je hier terecht.

©PXimport

LibreOffice schiet nog tekort in cloud-functionaliteit en mobiele mogelijkheden

-

Tip 04: E-mailprogramma

We geven het graag toe: MS Outlook is een uitstekende e-mailclient en ook als PIM (personal information manager) voldoet hij prima, maar lang niet alle thuisgebruikers hebben behoefte aan alle toeters en bellen. Als het net iets minder mag, zijn er nog genoeg degelijke en gratis alternatieven. Een tool die ons best wel weet te bekoren is Mailbird, maar jammer genoeg is de functionaliteit in de gratis versie behoorlijk beperkt. Hetzelfde geldt voor het overigens erg gebruiksvriendelijke en overzichtelijke eM Client: hier kun je bijvoorbeeld slechts twee e-mailaccounts creëren.

Een gratis opensourcetool die je niet met allerlei restricties opzadelt is Mozilla Thunderbird, beschikbaar voor Windows, macOS en Linux. Het programma kan onder meer met pop3 en imap overweg, ondersteunt ook encryptie (pgp, s/mime) en bestaat bovendien in een portable variant. Ook rss-feeds laten zich via Thunderbird beheren. Het zijn echter vooral de talrijke add-ons die van Thunderbird een erg flexibele tool maken. Aanvankelijk ontbrak een kalenderfunctie en taakbeheerder, hiervoor moest je de add-on Lightning afzonderlijk installeren … intussen wordt die standaard meegeleverd en is die goed geïntegreerd in Thunderbird. Hier kun je in elk geval terecht voor een mooi overzicht van de beschikbare add-ons. Houd er wel rekening mee dat niet alle onderdelen van Thunderbird zich even makkelijk laten configureren.

©PXimport

Tip 05: Fotobewerking

Professionele fotografen zijn het er wellicht unaniem over eens: Adobe Photoshop is het beste bewerkingspakket op de markt. Het is echter stevig aan de prijs en daarom kijken veel amateurfotografen graag uit naar een gratis alternatief. Programma’s als Paint.NET en Photos Pos Pro dienen zich aan, maar het is vooral toch GIMP dat op het meeste enthousiasme kan rekenen. Het is beschikbaar voor Linux, macOS en Windows. De interface is weliswaar ietwat eigenzinnig en dat maakt het des te jammer dat het project GIMPShop, dat in een Photoshop-achtige interface rond GIMP voorziet, al jaren niet meer wordt bijgewerkt. De vele functies maken echter veel goed, ook al doet het op sommige vlakken duidelijk onder voor Photoshop. Er is bijvoorbeeld geen cmyk-modus, er is slechts één reparatietool (healing brush), er is geen echte raw-ondersteuning en niet-destructieve bewerkingen zijn lastiger dan in Photoshop.

©PXimport

De interface is met zijn drie verticale panelen erg logisch opgebouwd

-

Tip 06: Fotobeheer

GIMP mag dan min of meer een waardig alternatief voor Photoshop zijn, het programma staat wel ‘op zichzelf’ en mist complementaire tools uit de stal van Adobe, zoals Illustrator en Lightroom. De laatste is een uiterst handig programma voor het beheren, afdrukken en tot op zekere hoogte ook bewerken van (grote verzamelingen) foto’s. Linux- en macOS-gebruikers kunnen hiervoor een gratis alternatief vinden in Darktable, dat met zijn diverse gereedschapsets en het gebruik van schuifbalken ongetwijfeld inspiratie uit Lightroom heeft geput. Een toegankelijker tool, die inmiddels ook voor Windows beschikbaar is, is het niet zo bekende digiKam. De interface is met zijn drie verticale panelen erg logisch opgebouwd: links een navigatiepaneel, in het midden miniatuurafbeeldingen van je fotocollectie en rechts allerlei informatie over de geselecteerde foto. De ingebouwde gereedschapskist mag dan vrij beperkt zijn, de tools voor onder meer kleurcorrectie en voor het bijsnijden van foto’s voldoen prima en het programma leent zich ook prima voor batchbewerking. DigiKam blinkt verder uit in het catalogeren van foto’s en voorziet tevens in een krachtige zoekfunctie.

©PXimport

Tip 07: Grafisch design

Grafisch ontwerpers die met vector-tekeningen (schaalbare plaatjes, die niet aan kwaliteit inboeten wanneer je die groter maakt) aan de slag willen, zweren vanouds bij Adobe Illustrator. Wil je – bijvoorbeeld als blogger of hobbywebdesigner – gratis aan de slag, dan komt Inkscape in het vizier. Ook dit programma is beschikbaar voor Linux, macOS en Windows. Er zijn erg veel tools beschikbaar voor het bewerken van vectorafbeeldingen, maar dat vertaalt zich wel in een wat overweldigend aantal knoppen(balken). Of je nou vormen met verloopkleuren wilt vullen, filters wilt toepassen, plaatjes met andere lagen wilt groeperen of naar paden wilt converteren: Inkscape doet het allemaal. Bovendien zijn er ook heel wat extensies beschikbaar en het programma ondersteunt heel wat bestandsformaten.

Het meest opvallende manco is dat Inkscape geen bestanden met cmyk-kleurprofielen kan genereren, wat nogal lastig is als je ontwerp voor de professionele drukpers is bedoeld. Is dat voor jou geen breekpunt, dan verdient Inkscape al je aandacht. Tot slot willen we ook Vectr niet onvermeld laten: de mogelijkheden zijn weliswaar niet zo uitgebreid als bij Inkscape, maar de tool is wel een stuk gebruiksvriendelijker.

©PXimport

Wie documenten wil bewerken en opmaken voor drukwerk, kan terecht bij Scribus

-

Tip 08: Desktop publishing

Wie geregeld documenten wil bewerken en opmaken voor drukwerk, zoals brochures, flyers en tijdschriften, heeft al snel niet genoeg aan een klassieke tekstverwerker. Dan dienen echte dtp-programma’s zoals Microsoft Publisher of – voor het meer professionele werk – Adobe InDesign zich aan. Voor beide moet u echter weer de knip trekken, terwijl het opensource dtp-pakket Scribus gratis beschikbaar is voor Linux, macOS en Windows. Om een document te ontwerpen kun je vertrekken van een van de beschikbare sjablonen (opgedeeld in een aantal rubrieken zoals Brochures, Kaarten, Nieuwsbrieven en Visitekaartjes) of je begint met een leeg blad. Scribus voorziet in de gebruikelijke bewerkingstools en laat je ook allerlei objecten aan je document toevoegen, waaronder tekst- en afbeeldingskaders, tabellen, vormen en bézier-curves. De tool ondersteunt verschillende documentformaten en het is bijvoorbeeld ook mogelijk een invul-pdf te creëren. De helpfunctie is vooralsnog ondermaats, maar echt moeilijk kun je het programma niet noemen. Houd er wel rekening mee dat de eerste start lang kan duren (omwille van het aanmaken van een font-cache). En wil je eps importeren, dan dien je nog het gratis GhostScript for Windows te installeren.

©PXimport

Tip 09: Videobewerking

Microsoft Movie Maker mag dan intussen uit de virtuele rekken zijn gehaald, voor iemand die op semi-professionele manier video’s wil bewerken zal dat niet zoveel uitmaken. Die heeft namelijk krachtiger tools nodig, zoals Adobe Premiere Pro, Final Cut Pro of Pinnacle Studio (Ultimate) en die zijn – je raadt het al – natuurlijk niet gratis. Wel gratis en uiterst krachtig is DaVinci Resolve, ook weer beschikbaar voor de drie bekendste platformen. Natuurlijk, een krachtige videobewerker vergt ook potente hardware en dat geldt zeker voor dit pakket, met name op het vlak van je grafische kaart (2 GB cpu ram is geen overbodige luxe). Zoals je van een professioneel pakket mag verwachten, is de leercurve behoorlijk steil maar daar krijg je wel wat voor terug. Zo voorziet het programma in uitstekende synchronisatiemogelijkheden voor audio en video en is ook het kleurbeheer ongekend goed. Op het vlak van audio-effecten blinkt de tool niet meteen uit, maar het is wel mogelijk van vst-plug-ins gebruik te maken. Er is ook nog ruimte voor verbetering wat titelanimatie en exportformaten betreft, maar laat dat je niet weerhouden om met een stukje indrukwekkende freeware aan de slag te gaan.

©PXimport

Het programma heeft uitstekende synchronisatie-mogelijkheden voor audio en video

-

Tip 10: Antivirus

©PXimport

Windows voorziet met Defender weliswaar in een eigen antimalware-bescherming die in de laatste antivirustests ook beter beoordeeld wordt dan ooit, maar we raden nog altijd aan een extra beveiligingspakket te gebruiken. Gelukkig zijn er verschillende gratis antivirusprogramma’s verkrijgbaar. Complete gratis beveiligingssuites zijn veel dunner bezaaid, maar het bestaat wel. Een gratis suite is Avira Free Security Suite 2017. Die bevat uiteraard een antivirusmodule – de nieuwste versie van Avira – en die zet over het algemeen prima scores neer. Volgens Avira bevat dit onderdeel bovendien een degelijke beveiliging tegen de gesel van deze tijd: ransomware. Verder omvat het pakket nog de modules Browser Safety (die je hoort te beschermen tegen malafide sites en dito downloads), System Speedup en Phantom VPN, evenals een wachtwoordbeheerder en een software-updater. Wat we jammer vinden is dat het een alles-of-niets-installatie is. Heb je weinig boodschap aan een van deze onderdelen, dan installeer je de gewenste modules beter individueel, ze zijn ook als standalone producten beschikbaar. Houd er tevens rekening mee dat je niet van alle onderdelen de volledige versies krijgt. Je bent bij de vpn-service bijvoorbeeld beperkt tot 500 MB per maand en daar zit je wellicht vrij snel doorheen.

Een andere gratis beveiligingssuite is het minder bekende Qihoo 360 Total Security die net als Avira ook allerlei extra tools voor systeemoptimalisatie en opschoonoperaties aan boord heeft. Alleen jammer dat de antivirusmodule in diverse tests niet echt overtuigt en dat hoort nu net de ‘core business’ van elke beveiligingssuite te zijn!

▼ Volgende artikel
Review Poco F8 Ultra – Toptoestel zodra de prijs zakt
© Wesley Akkerman
Huis

Review Poco F8 Ultra – Toptoestel zodra de prijs zakt

De smartphones van Poco zijn over het algemeen goed geprijsd als je kijkt naar wat je ervoor terugkrijgt. De nieuwe Poco F8 Ultra heeft een prijskaartje van minimaal 800 euro. Gaat die regel ook hier op?

Uitstekend
Conclusie

De Poco F8 Ultra oogt uniek, vindt in de subwoofer een handige toevoeging en voelt stevig aan. De door ons geteste Denim Blue-uitvoering heeft bovendien een faux denimlaagje op de achterkant voor extra grip (wat deze variant een paar gram zwaarder maakt dan de zwarte versie). Wel plaatsen we wat kanttekeningen bij de software- en camera-ervaring. De prijs is misschien gevoelsmatig nog wat hoog, zeker voor dit merk. Maar zakt de prijs richting de 600 euro, dan krijg je een toptoestel dat zijn prijs meer dan waarmaakt en waar je langdurig plezier van hebt.

Plus- en minpunten
  • Bose-subwoofer
  • Faux denim achterop
  • Stevig, handzaam en licht
  • Vlotte en overzichtelijke software
  • Gemiddeld tot goed softwarebeleid
  • Batterijduur
  • Kleuren kunnen beter
  • Camera laat te wensen over
  • Bloatware en advertenties
CategorieSpecificatie
Display6,9 inch Amoled-display, 120Hz (adaptief), 3500 nits maximale helderheid
ProcessorSnapdragon 8 Elite Gen 5 (3nm)
Geheugen12 GB of 16 GB LPDDR5X (9600 Mbps)
Opslag256 GB of 512 GB (UFS 4.1)
Batterij6500 mAh met 100W HyperCharge en 50W draadloos laden
Camera achter50 MP hoofdcamera (OIS), 50 MP periscooptelelens (OIS), 50 MP ultragroothoek
Camera voor32 MP met autofocus
VideoTot 8K op 30 fps (achter) / 4K op 60 fps (voor)
SoftwareXiaomi HyperOS 3
BouwIP68 waterbestendig, POCO Shield Glass, 218 (Black) - 220 gram (Denim Blue)
Connectiviteit5G, Wifi 7, Bluetooth 6.0, NFC
Extra'sUltrasone vingerafdrukscanner, Infrarood (IR-blaster), Bose audio

Want wat voor smartphone kun je precies aanbieden als je er net wat meer geld tegenaan gooit? Dat idee heeft een unieke telefoon opgeleverd, voorzien van een denimlook én een extra subwoofer achterop. Gewaagde keuzes, maar in een wereld waarin smartphones steeds meer naar elkaar toe groeien, en in hun identiteitscrisis meer en meer op iPhones gaan lijken, geen verkeerde ontwikkeling. Alleen daarom al zijn we enthousiast over de Poco F8 Ultra (Blue Denim-uitvoering).

Het helpt dan ook zeer dan de subwoofer daar niet alleen voor de show zit. Dit compacte speakertje geeft geluiden en audio meer dan genoeg ruimte om beter tot hun recht te komen vergeleken met reguliere smartphonespeakers. Weg is dat blikkige geluid, dat nu ruimte maakt voor warmere tonen en een bredere soundstage. Klinkt de muziek perfect? Dat kun je niet verwachten, maar we zijn desondanks onder de indruk van de Bose-luidspreker.

©Wesley Akkerman

Uniek en tof

De Poco F8 Ultra ligt prettig in de hand en voelt solide aan dankzij het aluminium frame. Met 220 gram is hij ook niet overdreven zwaar. Het fauxdenim op de achterkant draagt daarbij merkbaar bij aan de grip, waardoor hij niet snel uit je handen glipt. Juist door dat eigenzinnige uiterlijk is dit zo'n smartphone die je liever zonder hoesje gebruikt, ook al loop je daarmee iets meer risico op valschade.

Het grote amoled-paneel van 6,9 inch stelt evenmin teleur. Met zijn hoge resolutie (1.200 bij 2.608 pixels) en verversingssnelheid (120 Hertz) kom je niets tekort en oogt alles scherp en vlot. Het contrast is breed en zwartwaarden zijn diep, maar de kleuren kunnen soms net even wat flets ogen. Dat valt alleen op in directe vergelijkingen met andere smartphones; de kans is heel klein dat dit je hier iets van merkt in het dagelijkse gebruik of als je een minder geoefend oog hebt.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Wat je mag verwachten

Ook al draait de Poco F8 Ultra niet op de krachtigste processor die Qualcomm te bieden heeft, in de praktijk merk je daar weinig van. De Snapdragon 8 Elite Gen 5 voelt vlot aan bij multitasking en kan games zonder moeite aan, al moet je er wel rekening mee houden dat de Gen 5 warm (niet heet, gelukkig) kan worden wanneer je high-end spellen speelt. Niets om je zorgen over te maken, je zult hier namelijk je vingers niet aan branden.

Ook de accu stelt niet teleur. Met een capaciteit van 6.500 mAh haal je in veel gevallen probleemloos twee dagen, al hangt dat vanzelfsprekend af van hoe intensief je de smartphone gebruikt. Speel je veel games, dan loopt hij sneller leeg, maar opladen gaat razendsnel. Met een geschikte 100w-lader, die je zelf moet aanschaffen, zit de accu binnen ongeveer veertig minuten weer helemaal vol.

0,7x

1x

2x

Camera en software

Toch is niet alles goud wat er blinkt. Onder de juiste lichtomstandigheden maakt de Poco F8 Ultra kleurrijke en gedetailleerde beelden. Zoomen is geen probleem en ook de selfiecam lijkt goed om te gaan met verschillende huidtypen. De groothoeklens presteert echter minder goed: kleuren komen minder goed uit de verf en details vallen weg. De avondmodus stelt teleur, met een overdaad aan exposure, gebrekkige kleurenaccuraatheid en trage vastlegging.

Aangezien Poco een dochteronderneming is van Xiaomi, draait het toestel op HyperOS 3.0. De Poco staat daardoor vol met overbodige en dubbele apps, waaronder die van Xiaomi, waarvan je het gros kunt verwijderen. Ook kom je her en der wat reclame tegen. Verder is het besturingssysteem vlot en overzichtelijk, twee eigenschappen die we extreem belangrijk vinden. Je krijgt tot slot 'maar' vier Android-upgrades, evenals zes jaar aan beveiligingsupdates.

5x

10x

Poco F8 Ultra kopen?

Ondanks de kanttekeningen die we plaatsen bij de software- en camera-ervaringen, zijn er eigenlijk weinig redenen om niet voor de Poco F8 Ultra te kiezen. Hij oogt uniek, vindt in de subwoofer een handige toevoeging en voelt stevig aan. De door ons geteste Denim Blue-uitvoering heeft bovendien een faux denimlaagje op de achterkant voor extra grip (wat deze uitvoering wel een paar gram zwaarder maakt dan de Poco F8 Ultra Black). De prijs is misschien gevoelsmatig nog wat hoog, zeker voor dit merk. Maar zakt de prijs richting de 600 euro, dan krijg je een toptoestel dat zijn prijs meer dan waarmaakt en waar je langdurig plezier van hebt.

52137934

▼ Volgende artikel
Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid
© ER | ID.nl
Huis

Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid

Spatial audio, oftewel ruimtelijke audio, belooft een luisterervaring waarbij het geluid niet alleen van links en rechts komt, maar je volledig omringt. Hoewel de marketingkreten je geregeld om de oren vliegen, is de techniek niet in elke situatie even zinvol. In dit artikel ontdek je wanneer ruimtelijke audio je ervaring verrijkt en wanneer je prima zonder kunt.

Vergeet het statische geluid van je oude vertrouwde stereo-set. Met spatial audio krijgt geluid eindelijk de diepte die het verdient. Dankzij slimme algoritmes die de akoestiek van de echte wereld nabootsen, ontsnapt de audio aan je koptelefoon of soundbar. Geluid beweegt vrij door de kamer, waardoor een helikopter in een film ook echt boven je hoofd lijkt te cirkelen. Het is de overstap van een platte foto naar een hologram, maar dan voor je oren.

Bioscoopervaring thuis

De meest logische toepassing voor spatial audio is zonder twijfel de moderne filmervaring. Wanneer je een blockbuster kijkt die is gemixt in formaten zoals Dolby Atmos, komt de techniek pas echt tot leven. Een helikopter die overvliegt of regen die op een dak klatert, krijgt een verticale dimensie die voorheen onmogelijk was met een standaard hoofdtelefoon of een simpele soundbar.

Voor filmliefhebbers die niet de ruimte hebben voor een volledige surround-installatie met fysieke speakers in het plafond, biedt spatial audio een overtuigend en compact alternatief dat de zogenaamde immersie aanzienlijk vergroot.

Spatial audio in de praktijk

Je komt ruimtelijke audiotechnieken op steeds meer plekken tegen, vaak zonder dat je er specifiek naar hoeft te zoeken. In de filmwereld is Dolby Atmos de absolute standaard, waarbij streamingdiensten zoals Netflix en Disney+ deze techniek inzetten om geluidseffecten via een soundbar dwars door je kamer te laten bewegen.

Muziekliefhebbers vinden soortgelijke ervaringen bij Apple Music en Tidal, waar speciale mixes van bekende albums een breder en dieper geluidsveld bieden dan de originele stereoversie. Ook in de gamingwereld is het inmiddels de norm; Sony gebruikt de Tempest 3D-technologie voor de PlayStation 5 om spelers midden in de actie te plaatsen, terwijl Microsoft met Windows Sonic en Dolby Atmos for Headphones vergelijkbare resultaten behaalt op de Xbox en pc.

©ER | ID.nl

Muziek met een extraatje

Voor muziek is het nut van ruimtelijke audio iets genuanceerder en sterk afhankelijk van de productie. Bij klassieke concerten of live-opnames kan de techniek je het gevoel geven dat je midden in de concertzaal zit, waarbij de akoestiek van de ruimte tastbaar wordt. Ook bij moderne popmuziek die specifiek voor dit formaat is geproduceerd, kunnen artiesten creatiever omgaan met de plaatsing van instrumenten of subtiele geluidseffecten.

Toch blijft voor de purist die zweert bij een eerlijke, ongefilterde weergave van een studio-album de traditionele stereomix vaak de voorkeur genieten, omdat spatial audio de oorspronkelijke balans soms onnatuurlijk kan veranderen.

Gaming en de functionele voorsprong

In de wereld van gaming verschuift de waarde van spatial audio van puur esthetisch naar functioneel. Vooral in competitieve shooters is het horen van de exacte positie van een tegenstander een serieus dingetje. Door gebruik te maken van ruimtelijke audio kun je voetstappen boven, onder of achter je nauwkeurig lokaliseren. Dat geeft niet alleen een intensere spelervaring waarbij je volledig wordt opgeslokt door de spelwereld, maar biedt ook een tactisch voordeel dat met standaard audio simpelweg niet te evenaren is. Hierdoor is de techniek voor fanatieke gamers bijna onmisbaar geworden.

Wanneer kun je het beter uitschakelen?

Ondanks de indrukwekkende demonstraties is spatial audio niet altijd de beste keuze. Voor dagelijks gebruik, zoals het luisteren naar podcasts of het kijken van het journaal, voegt de extra ruimtelijkheid weinig toe en kan het de verstaanbaarheid van stemmen zelfs negatief beïnvloeden. Ook bij oudere opnames die door softwarematige kunstgrepen naar ruimtelijk geluid worden omgezet, ontstaat er vaak een hol en onnatuurlijk resultaat. In dergelijke gevallen is een zuivere stereoweergave nog altijd de meest betrouwbare weg naar een prettige luisterervaring.

Populaire merken voor spatial audio

Verschillende fabrikanten lopen voorop in de adoptie van ruimtelijke audiotechnieken. Apple heeft met de integratie in de AirPods Max en AirPods Pro in combinatie Apple Music de techniek toegankelijk gemaakt voor de massa, terwijl Sony met hun 360 Reality Audio een sterk eigen ecosysteem heeft gebouwd dat vooral schittert bij gaming en specifieke streamingdiensten. Daarnaast is Sonos een dominante speler op het gebied van home-entertainment met soundbars die Dolby Atmos ondersteunen. Bose en Sennheiser zijn eveneens belangrijke namen die met hun geavanceerde algoritmes en hoogwaardige hardware zorgen dat de ruimtelijke beleving ook voor de veeleisende luisteraar geloofwaardig blijft.