ID.nl logo
Hulp op afstand: Zo werkt Quick Assist in Windows
© Reshift Digital
Huis

Hulp op afstand: Zo werkt Quick Assist in Windows

Je bent geregeld onderweg, maar hebt graag op elk moment toegang tot je thuiscomputer. Of je bent het toevluchtsoord van kennissen met pc-problemen en wilt hun computer op afstand kunnen overnemen om alles weer vlot te trekken. Wist je dat Windows ingebouwde tools heeft voor hulp op afstand? Quick Assist en Extern Bureaublad helpen je uit de brand.

We beginnen met een relatief eenvoudig scenario. Iemand heeft je hulp nodig en je helpt hem graag uit het slop, maar als het even kan wel zonder de deur uit te gaan. Hiervoor heeft Windows eigenlijk standaard alles in huis, ook Windows Home. De benodigde app, voorheen nog ‘Hulp op afstand’ geheten, luistert tegenwoordig naar de naam Quick Assist. We beginnen aan de kant van de hulpverlener: in dit scenario is dat dus je eigen pc.

Open het Windows Startmenu en start de app Quick Assist. In het dialoogvenster dat wordt geopend, klik je bij Ondersteuning geven op de knop Iemand anders helpen. Even later verschijnt een beveiligingscode van zes cijfers, met een geldigheidsduur van 10 minuten.

De bedoeling is duidelijk: je moet deze code binnen dit tijdsbestek bij de hulpvrager zien te krijgen. Dit doe je bij voorkeur op een relatief veilige manier: via telefoon bijvoorbeeld of via een chat- of e-mailbericht.

©PXimport

Quick Assist-sessie

Ook de hulpvrager dient nu op zijn beurt de app Quick Assist op te starten. De ontvangen code vult hij in bij Code van assistent, waarna hij ter bevestiging op Scherm delen klikt. Vervolgens verschijnen op het scherm van de hulpverlener twee mogelijke opties: Volledig beheer en Scherm bekijken. Deze laatste optie zorgt ervoor dat je het scherm van de hulpvrager kunt bekijken, maar hij behoudt dus wel de controle. Kies je hier voor de eerste optie, dan kun je de pc van de hulpvrager op afstand overnemen en daadwerkelijk besturen.

Zodra je je keuze bevestigt met Ga verder en de andere partij op Toestaan klikt, is de verbinding een feit en kun je het scherm bekijken of de computer bedienen. In een knoppenbalk vind je diverse tools, zoals Beeldscherm selecteren (als er meerdere monitors zijn aangesloten), Aantekeningen maken (voor eenvoudige annotaties), Ware grootte en Instructiekanaal wisselen. Dit laatste blijkt om een simpel chatkanaal te gaan. 

Er is ook een knop om de externe pc te herstarten en het spreekt voor zich dat beide partijen op elk moment de verbinding kunnen verbreken.

©PXimport

Quick Assist van Windows is alleen geschikt voor eenvoudige hulp op afstand

-

Extern bureaublad

Windows beschikt zelf nog over een andere, meer krachtige functie voor het overnemen van een computer, maar helaas tref je deze niet in Windows Home aan. Het gaat om Extern bureaublad. Technisch is dat niets anders dan een toepassing van het RDP-protocol (remote desktop) dat door Microsoft specifiek voor Windows-omgevingen werd ontwikkeld. Meer informatie vind je via https://kwikr.nl/externb.

Heb je Windows Pro of hoger, dan schakel je deze functie als volgt in (in Windows 11). We beginnen aan de kant van de hulpvrager. Open de Windows-instellingen, ga naar Systeem, klik in het rechterpaneel op Extern bureaublad en druk op de knop Bevestigen.

Toegegeven, het RDP-protocol is niet bepaald het veiligste, maar je maakt het wel iets veiliger door op het pijlknopje bij Aan te klikken en te zorgen dat er een vinkje staat bij Van apparaten eisen authenticatie op netwerkniveau te gebruiken om verbinding te maken (aanbevolen). Dit maakt dat je je met een Windows-gebruikersaccount moet authenticeren op het netwerk, voordat je op afstand toegang tot de pc krijgt. 

Eventueel klik je hier ook op Gebruikers met toegang tot Extern bureaublad en bepaal je via Toevoegen welke accounts hiervan gebruik mogen maken. Let wel, leden van de Administrators-groep krijgen in elk geval toegang.

©PXimport

Interne client

Over naar de clientzijde: dat is dus de pc die verbinding moet maken met het externe bureaublad. We gaan er eerst van uit dat je dit wilt doen vanaf een andere pc in je eigen netwerk, bijvoorbeeld om een pc te bedienen die zich op een wat onhandige plek bevindt.

Zo’n verbinding kun je rechtstreeks vanuit Windows opzetten, ook met Windows Home als client. Druk op de Windows-toets en typ verbinding in de zoekbalk. Selecteer Verbinding maken met extern bureaublad en vul in het dialoogvenster het ip-adres of de computernaam in van de beoogde pc. Je vindt deze laatste via de sneltoets Windows-toets+Pause; het (interne) ip-adres lees je af via Instellingen / Netwerk en internet / Ethernet of Wi-Fi / <naam_netwerkverbinding>, bij IPv4-adres.

Bevestig met Verbinden en vul een geldig Windows-account in – eventueel via de optie Meer keuzes / Ander account gebruiken. Als het goed is, krijg je meteen de controle over de pc. Deze laatste laat zich helaas niet tegelijk lokaal en via de RDP-client bedienen: je wordt automatisch afgemeld zolang de verbinding actief is.

Wanneer je in het verbindingsvenster op Opties weergeven klikt, verschijnen er aanvullende tabbladen met handige extra’s. Zo kun je de verbindingsinstellingen (in een .rdp-bestand) bewaren voor een snelle herverbinding, kun je op het tabblad Weergave de beeldkwaliteit instellen (hoe hoger, hoe meer bandbreedte uiteraard) en geef je op het tabblad Lokale bronnen aan of ook de printer, het klembord en bepaalde stations van de client-pc beschikbaar moeten zijn binnen de overnamesessie.

©PXimport

Externe client

Het is in principe ook mogelijk om van buitenaf toegang te krijgen tot de pc met Extern bureaublad, maar zo’n verbinding heeft wel wat voeten in de aarde. Als veiligheid niet je allerhoogste prioriteit is, kun je op je router een doorlusregel definiëren naar de RDP-poort (tcp/udp 3389) met het interne ip-adres van de pc. Dit doe je in een routerrubriek als Port forwarding. Op www.portforward.com/router.htm vind je instructies voor diverse routermodellen. 

Aan clientzijde vul je in het verbindingsvenster van Extern bureaublad deze keer niet het interne ip-adres van de pc in, maar het externe ip-adres van je router (netwerk). Dit adres kom je te weten wanneer je binnen je netwerk surft naar bijvoorbeeld www.whatismyip.com.

De kans is helaas reëel dat je externe ip-adres dynamisch wordt toegekend door je provider, wat maakt dat je voor elke sessie over het actuele ip-adres moet beschikken. Een DDNS-service (dynamisch DNS) biedt hiervoor een uitweg. Deze koppelt namelijk een vaste hostnaam aan het ip-adres, waarbij een clienttool elke wijziging aan dit adres doorgeeft aan de DDNS-server. In de clientmodule hoef je dan maar de hostnaam in te vullen en niet langer het (wisselende) ip-adres. Een voorbeeld van zo’n gratis service is www.dynu.com.

©PXimport

Alternatieve poort

Het wordt wat RDP betreft wel iets veiliger als je de standaardpoort 3389 vooraf wijzigt. Dit kan via een registeringreep op de pc. Druk op Windows-toets+R en voer Regedit uit. Navigeer naar Computer\HKEY_LOCAL_MACHINE\SYSTEM\CurrentControlSet\Control\Terminal Server\WinStations\RDP-Tcp. Dubbelklik in het rechterpaneel op PortNumber en wijzig 3389 (Decimaal) in een ander vrij (hoger) poortnummer. Je moet deze aanpassing ook aan clientzijde doorgeven: <ip-adres/hostnaam>:<poortnummer>.

Lukt de verbinding niet, dan zit er ongetwijfeld een firewall tussen en moet je hier extra regels creëren voor de nieuwe poort. Druk op Windows-toets+R en voer wf.msc uit, zodat je in het venster van Windows Defender Firewall met geavanceerde beveiliging belandt. In de rubriek Regels voor binnenkomende verbinding tref je bij Extern bureaublad enkele regels aan die nog steeds zijn afgestemd op standaardpoort 3389. Je moet dus zelf vergelijkbare regels creëren voor het alternatieve poortnummer.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.