ID.nl logo
Dell Alienware AW2721D review: Prijzige perfectie
© Reshift Digital
Huis

Dell Alienware AW2721D review: Prijzige perfectie

Dell Alienware is voornamelijk bekend van diens absurde desktops en laptops, maar ze ontwikkelen ook verrassend goede gamemonitoren. Zo lijkt de Alienware AW2721D-monitor werkelijk alles te hebben.

Met een WQHD-resolutie, hoge verversingsfrequentie en HDR 600-certificaat schept Dell hoge verwachtingen. De resolutie van 1440p is namelijk nog steeds de ideale middenweg tussen 1080p en 4K voor hoge framerates en scherpe beelden: met de moderne videokaarten hoeft 240 fps op deze resolutie geen uitdaging meer te zijn, terwijl pixels op 27-inch klein genoeg zijn om beelden haarscherp weer te geven. Samen met de ondersteuning voor G-Sync en FreeSync heeft dit dus de potentie om één van de beste gameschermen op de markt te zijn

©PXimport

Design

Bij het uitpakken van deze Alienware-monitor is het al snel duidelijk dat dit niet het gemiddelde beeldscherm in een kantoortuin is. Hoewel de afmetingen van het scherm en de smalle randjes de monitor er van de voorkant slank uit laten zien, is het aan de achterkant een lomp geheel. De mat witteuitvoering helpt een beetje bij het verbergen van het formaat, maar de monitor is alles behalve onopvallend. 

Dat wordt natuurlijk extra versterkt door de rgb-verlichting in het logo, onder de monitor en aan de achterkant van de voet. Zelfs de aan-uitknop is voorzien van een rgb-led. De achterkant van een monitor staat gelukkig meestal naar een muur gericht, maar er zijn zeker elegantere modellen op de markt mocht jij hem midden in de woonkamer zetten.

Ergonomisch heeft deze Alienware gelukkig wel alles wat je je maar kunt wensen. De monitor kan draaien, kantelen, voorover en achterover kantelen en in hoogte versteld worden. Daarnaast zijn alle gangbare aansluitingen aanwezig, zoals HDMI 2.0, DisplayPort 1.4, een USB 3.2-hub en een aansluiting voor een hoofdtelefoon. 

Luidsprekers zijn er niet, maar daar ligt niemand van wakker. Zeker als je ruim 700 euro uitgeeft aan een monitor, kun je waarschijnlijk ook wel een paar tientjes missen voor een doorgaans veel betere losse speakerset.

Beeldkwaliteit

De specificaties geven al een beetje aan wat we van de monitor kunnen verwachten, maar zoals altijd vertellen de specificaties van een monitor maar het halve verhaal. Daarom hebben we de AW2721D doorgemeten met de DataColor SpyderX Pro en uiteraard ook uitgebreid in de praktijk getest.

©PXimport

De kleurmetingen laten direct zien dat we niet met een gemiddelde gamemonitor te maken hebben. Het kleurenspectrum overlapt met 99,3 procent van het sRGB-spectrum en 96,6 procent van het DCI P3-spectrum. Hoewel er helaas geen sRGB- of DCI P3-profiel is ingebakken in de monitor, is het met een kalibratie dus wel mogelijk om sRGB en DCI P3 uitstekend weer te geven. 

De deltaE van slechts 1,8 maakt het plaatje compleet voor iedereen die zich serieus bezighoudt met kleuren. Dat zijn niet alleen grafische ontwerpers, maar ook de liefhebbers van films en games die de beelden graag zo zien als de regisseur ze heeft bedoeld. De hoge piekhelderheid van liefst 640 nits bij HDR-content is daarbij een heerlijke kers op de taart. Mocht het toch allemaal niet genoeg zijn, dan is het mogelijk om met een softwarekalibratie de deltaE terug te brengen tot 0,3.

Natuurlijk is het leuk dat de kleuren goed worden weergegeven, maar daar draait het bij deze monitor eigenlijk niet om. Snelheid is één van de belangrijkste aspecten van een gamemonitor en dat geldt ook voor de AW2721D. Met een verversingsfrequentie van 240Hz, ondersteuning voor G-Sync Ultimate en Nvidia Reflex zit je wat dat betreft gelukkig helemaal goed. 

©PXimport

Vergeleken met 144Hz is 240Hz gevoelsmatig niet zo’n grote stap vooruit als de stap van 60Hz naar 144Hz, maar tegen onze verwachtingen in is er een merkbaar verschil. Dit verschil is in eerste instantie niet zo duidelijk, maar wordt pas echt zichtbaar als je na een weekje gamen weer een poging doet op een 144Hz-monitor. 

Wellicht is het een placebo-effect of simpelweg puur geluk, maar voornamelijk in Counter-Strike: Global Offensive werden betere resultaten behaald op het Alienware-scherm. Daarbij helpen ook de verschillende gaming presets die tegenstanders in donkere hoekjes duidelijker zichtbaar maken, al zijn die presets niet aan te raden bij normaal computergebruik. Door bepaalde kleuren te versterken en donkere delen lichter te maken, ziet dan zelfs het Windows Startmenu er lelijk uit.

Kijken we naar blur en input-lag, dan zien we opnieuw dat we te maken hebben met een topper. Tekst dat snel over het scherm beweegt is duidelijk leesbaar en zeer indrukwekkend voor een test waar IPS-panelen vaak erg nat gaan. Hoewel we de input-lag helaas niet hebben kunnen meten, zijn we ook daar geen gekke dingen tegengekomen. We kunnen er dus vanuit gaan dat het zo laag is als we van hedendaagse gamemonitoren gewend zijn.

Conclusie

De hoge frequentie en een 1440p IPS-paneel met HDR 600-certificaat blijken in de praktijk een gouden combinatie voor iedereen die houdt van games, films en zelfs grafisch werk. Mogelijk is dit zelfs het beste gamescherm die we tot nu toe hebben getest. De enige echte kanttekening is de prijs, maar perfectie mag wat kosten.

Fantastisch
Conclusie

**Prijs** € 729,- **Formaat** 27 inch **Resolutie** 2560 x 1440 **Technologie** IPS **Extra's** Nvidia G-Sync Ultimate én AMD FreeSync, HDR 600 certificaat **Aansluitingen** DisplayPort 1.4, 2x HDMI 2.0, 4x USB 3.2 en 3.5mm audiojack **Website** [hp.com/](https://www.hp.com/nl-nl/shop/)

Plus- en minpunten
  • 240Hz met G-Sync, uitstekende game-modi, gigantisch kleurbereik, HDR-ondersteuning
  • Geen standaard sRGB-profiel
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.