ID.nl logo
Huis

Waar moet een professionele drone-piloot aan voldoen?

Drones dringen door tot elke sector: van defensie, filmwereld en beveiliging tot de landbouw. De haarscherpe beelden zijn dan ook te gebruiken voor vele doeleinden. Maar een professionele drone-piloot mag niet zomaar opstijgen. Aan welke regels moet je voldoen en waar moet je nog meer op letten?

Wie in Nederland voor beroepsmatig gebruik met een drone wil vliegen, moet over de juiste papieren beschikken en een vergunning aanvragen. Deze vergunning, ROC of ROC-Light, moet je als dronebedrijf zelf aanvragen bij de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT).

Aan de ontheffing zijn voorschriften en beperkingen verbonden. Wie professioneel aan de slag wil met drones, moet eerst verplicht een vliegbrevet halen.

Regels voor professionele drone-piloten

In verband met de veiligheid gelden er afwijkende regels voor professionals en amateurs. Omdat de meeste drones tegenwoordig niet meer dan 4 kilo wegen, is het opbouwen van een dronebedrijf met een vergunning voor ROC-lights een goede en betaalbare start. Voor een ROC-light gelden de volgende regels:

- Maximaal 50 meter hoog vliegen;

- Drone mag maximaal 100 meter ver (horizontaal);

- Drone altijd in het zicht houden;

- Drone moet minder dan 4 kilo wegen;

- 50 meter vanaf gebouwen, mensen, wegen en obstakels;

- Alleen vliegen binnen daglichtperiode (dus niet ‘s nachts);

- Niet in een gecontroleerd luchtruim (CTR).

Tips van een ervaren dronevlieger

Een dronebrevet is geen overbodige luxe. Het vliegen met een drone vergt namelijk veel oefening en wie tegelijkertijd mooie beelden wil filmen, merkt al snel dat het lastig is om zich te concentreren op twee taken tegelijk. Cameraman Bert Geeraets werkt daarom in het videoproductiebedrijf Libelshoot bij complexe klussen regelmatig samen met een collega.

Libelshoot maakt gebruik van een van de meest geavanceerde drones van dit moment: de DJI Inspire 2 in combinatie met de Zenmuse X5S. Deze drone kan worden voorzien van diverse camera’s en objectieven, van groothoek tot telelens. “Vooral bij het gebruik van een telelens is het lastig om de drone te bedienen en tegelijkertijd te framen”, legt hij uit. “De meeste drones hebben een vaste groothoeklens. Daarmee kun je heel veel in beeld krijgen. Dankzij de hoge resolutie kun je dan achteraf toch nog op de gewenste details inzoomen en de mislukte of overbodige beelden in de montage wegwerken.

Maar een telelens biedt naast de haarscherpe zoombeelden een ander groot voordeel: je hoeft minder dicht bij objecten te vliegen om ze toch gedetailleerd in beeld te kunnen brengen. Dat betekent dus veiliger vliegen. Je neemt met een drone van 7000 euro liever niet het risico dat je de controle verliest en tegen een vrachtwagen vliegt.”

©PXimport

Een factor om rekening mee te houden bij de aanschaf van een drone, is de benodigde opslagcapaciteit. Camera’s die 6K-beelden kunnen filmen leveren enorme databestanden op. De camera die Libelshoot gebruikt beschikt dan ook over dedicated memorysticks die de benodigde doorvoersnelheid van de beelden kunnen verwerken en daarnaast tot wel 500 GB aan opslagruimte bieden.

Een ssd met 240 GB is, afhankelijk van de kwaliteit, voldoende voor maximaal 30 minuten aan videobeelden. Geeraets: “Wij gebruiken bij voorkeur een drone met twee recorders: een HighEnd-recorder met raw-processor zonder compressie en eentje met h264- en h265-encoder voor compressie. Raw-basismateriaal biedt de beste kwaliteit voor nabewerking.”

Prijs van een RtF-drone

Hoewel de prijzen van drones de laatste jaren spectaculair zijn gedaald, moet je voor de kwaliteit die een bedrijf als Libelshoot biedt nog steeds fors in de buidel tasten. Daarmee kun je dan wel een video maken die geschikt is voor de grootste bioscoopschermen. De nieuwste state-of-the-art-drone, de DJI Inspire 2 (vanaf 2140 euro) kun je voorzien van een X7-camera (2500 euro) met losse lenzen (1500 euro). Dan heb je ook nog een licentie nodig voor QuicktimeProRes en RAW-DNG (1500 euro).

Andere types van DJI, zoals de Phantom, Mavic en Maverick, zitten een prijsklasse lager. DJI heeft in het topsegment eigenlijk alleen concurrentie van Yuneec. Tegenwoordig zijn vrijwel alle drones ready-to-fly en meestal voorzien van een camera, zodat je zelf niks hoeft te solderen of te verbouwen.

In de begindagen van de drones gebeurde het veelvuldig dat hobbyisten zelf aan de slag gingen met soldeerapparaat en printplaatjes. Dat leverde nog weleens dramatische taferelen op met drones die op hol sloegen, neerstortten of spoorloos verdwenen. Voor beginners zijn er natuurlijk ook altijd drones in de prijsklasse van 30 tot 150 euro te bestellen bij webshops en te koop bij winkelketens.

Lightbridge

Volgens Bert Geeraets betekent de komst van Lightbridge een nieuwe technologische doorbraak. Met deze apparatuur kun je hd-videobeelden zonder vertraging van een vliegende drone live zien op een tablet en ook live uitzenden. “Dan kun je dus precies zien wat je aan het filmen bent”, legt hij uit. Voor een cameraman is er dan dus geen enkel verschil meer met filmen op de grond. Je kunt meteen kaderen, framen, scherpstellen, noem maar op.

Dure oplossingen om stabiele beelden te filmen, zoals een steadycam of dolly’s, zijn niet langer nodig dankzij een gimbal-stabilisator en sensoren om objecten te ontwijken. Omdat dronecamera’s over steeds betere chiptechnologie beschikken, kun je met een dronecamera tegenwoordig beelden filmen waarvoor je tien jaar geleden een camera van een ton nodig had.”

Lightbridge is een nieuwe technologie om videobeelden van een vliegende drone live en digitaal weer te geven op een tablet op de grond. Het full-hd-videosignaal is zonder haperingen zichtbaar op het scherm van de cameraman, zodat hij betere beelden met de camera kan schieten terwijl de drone in de lucht is.

Dit betekent dat er achteraf minder tijd gaat zitten in de selectie en montage van dronebeelden. Met Lightbridge is het mogelijk om live videobeelden te streamen tot een afstand van 6,8 kilometer in 1080p 2.4G full-hd.

Meer dan alleen goed filmen

Geeraets stelt tot slot vast dat een cameraman niet alleen maar goed moet filmen. “Kennis van regelgeving en technologie wordt steeds belangrijker. Een luchtopnamebedrijf oprichten lijkt dan wel simpel en de investeringen zijn niet meer zo hoog als vroeger, maar het is niet zo simpel als iedereen denkt.

Er is nog veel grijs gebied in de regelgeving en het gekke is dat particulieren veel meer mogen dan professionals, terwijl professionals juist een vliegbrevet hebben en verzekerd zijn. Het is alsof de overheid zegt: je mag als particulier zonder groot rijbewijs met een monstertruck op de openbare weg en pakjes bezorgen bij andere particulieren.”

Tekst: Joris Spuesens

▼ Volgende artikel
Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat
Huis

Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat

Capcom heeft eerder deze week een livestream uitgezonden waarin nieuwe beelden werden getoond van het aankomende horrorspel Resident Evil Requiem. Ook werd er meer informatie gegeven over de game.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Nadat eind vorig jaar al werd aangekondigd dat spelers niet alleen Grace Ashcroft zullen besturen, maar ook Leon S. Kennedy - een bekend gezicht voor mensen die eerdere delen hebben gespeeld - werd er tijdens de livestream uitgebreid gameplay van dit personage getoond.

Twee verschillende hoofdpersonages

Daarbij werd de nadruk gelegd op de verschillende speelstijlen van Leon en Grace. Op verschillende momenten gedurende de game wordt er automatisch tussen deze personages gewisseld, en ze zullen elk compleet andere gameplay bieden.

De segmenten met Leon - onder andere bekend uit Resident Evil 2 en Resident Evil 4 - zijn erg op actievolle schietgevechten gericht. Leon kan daarnaast ook de kelen van vijanden doorsnijden. Hij heeft ook een bijl waarmee hij aanvallen kan afweren. Grace's segmenten zijn juist erg gericht op spanning en horror en draaien vooral om het vermijden van intense gevechten.

Tijdens de livestream werd ook onthuld dat de game niet alleen naar consoles en pc komt, maar dat leden van Nvidia GeForce Now de game ook kunnen spelen. Ook werd er gepraat over de verschillende moeilijkheidsgraden - zo is er een extra makkelijke moeilijkheidsgraad voor mensen die weinig ervaring hebben met dit type spellen.

De complete livestream kan hieronder worden bekeken. In verband met de volwassen inhoud van de livestream kan het mogelijk zijn dat je op de link in de video moet klikken om naar YouTube te gaan en te bewijzen dat je volwassen bent.

Vanaf 27 februari verkrijgbaar

Resident Evil Requiem verschijnt op 27 februari (pre-orderen kan nu al) voor PlayStation 5, Xbox Series X en S, Nintendo Switch 2 en pc. Het is het negende hoofddeel in de horrorserie die al sinds de jaren negentig bestaat. In de loop der jaren is de franchise meermaals flink op de schop gegaan. Zo richtte Resident Evil 4 zich meer op actie, en zijn horrorelementen sinds Resident Evil 7: Biohazard weer teruggekeerd. Resident Evil Requiem lijkt dan ook een combinatie van al deze elementen te gaan bieden.

Op 27 februari zullen overigens ook Resident Evil 7 en Resident Evil Village (het achtste deel) op Nintendo Switch 2 uitkomen. Daarnaast verschijnt Village later deze maand op PlayStation Plus en Xbox Game Pass.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten
© chadchai - stock.adobe.com
Huis

Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten

Je kijkt een spannende serie en opeens bevriest het beeld. Dat bekende draaiende cirkeltje… er zijn weinig dingen zó frustrerend. Gelukkig ligt de oplossing vaak binnen handbereik. De snelheid van je internet hangt namelijk sterk samen met de manier waarop je thuis met je apparatuur omgaat. Door een paar veelgemaakte fouten te vermijden en de juiste techniek te kiezen, merk je vaak direct dat je netwerk stabieler wordt, zonder dat daar een duurder abonnement voor nodig is.

In het kort

In dit artikel lees je welke drie wifi-fouten het vaakst zorgen voor traag internet of haperingen: een onhandige plek voor je router, drukte op 2,4 GHz en verouderde firmware of hardware. Je ziet ook hoe je zelf een rustiger kanaal vindt en wanneer het slim is om te kiezen voor 5 GHz of 6 GHz. Tot slot leggen we uit wat wifi 6 en wifi 7 doen en waarom een netwerkkabel van minimaal cat5e verschil kan maken.

Lees ook: Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Fout 1: De router op de verkeerde plek neerzetten

Een router wint qua looks zelden een schoonheidsprijs. De neiging om het apparaat uit het zicht te plaatsen is daarom groot. Toch is een verkeerde locatie de meest gemaakte fout die je bereik merkbaar (en soms zelfs dramatisch) kan verkleinen.

Dat zit zo.  Je kunt wifi-signalen vergelijken met het licht van een gloeilamp. Als je die lamp in een houten kast of achter een dikke bank zet, blijft de rest van de kamer donker. Obstakels zoals muren, meubels en zelfs grote kamerplanten blokkeren de onzichtbare golven. Vooral metaal en water zijn beruchte boosdoeners; een router naast een aquarium of achter een radiator plaatsen is vragen om problemen.

Ook de hoogte is bepalend. Veel mensen zetten de router op de grond, maar op de grond zit het signaal sneller 'achter' meubels en andere blokkades. Zet het apparaat liever op een kast of boekenplank op ooghoogte voor een vrije weg naar je apparaten.

©ID.nl

Fout 2: Storing door andere apparatuur over het hoofd zien

Je staat er waarschijnlijk niet bij stil, maar veel apparaten in huis gebruiken dezelfde onzichtbare digitale snelweg als je internetverbinding. De magnetron, sommige babyfoons en zelfs de draadloze koptelefoon van de buren vechten om een plekje op de 2,4GHz-band. Ook andere wifi-netwerken in de buurt kunnen voor digitale files zorgen.

De meeste moderne routers ondersteunen gelukkig ook de 5GHz-frequentie. Deze band is veel breder en heeft minder last van andere apparatuur. Het handmatig selecteren van het 5GHz-netwerk levert vaak direct een snelheidswinst op. Heb je een router met wifi 6e of wifi 7, dan kun je soms ook de 6 GHz-band gebruiken. Die is vaak rustiger, maar het bereik is meestal wat kleiner dan bij 5 GHz.

Tip: geef je netwerken duidelijke namen

Veel routers zenden meerdere wifi-netwerken tegelijk uit: 2,4 GHz voor bereik, 5 GHz voor snelheid en soms ook 6 GHz voor extra ruimte in drukke omgevingen. Als al die banden onder één naam vallen, kiest je smartphone of laptop automatisch. Dat gaat vaak goed, maar niet altijd: je toestel kan blijven “plakken” aan 2,4 GHz terwijl 5 GHz op dat moment sneller en stabieler is.

Door je netwerken een herkenbare naam te geven, maak je de keuze simpel. Geef de 2,4 GHz-band bijvoorbeeld de naam thuis-2g, de 5 GHz-band thuis-5g en, als je die hebt, de 6 GHz-band thuis-6g. Dan zie je in één oogopslag welk netwerk je pakt. Zit je ver van de router, dan is 2,4 GHz vaak de veiligste optie. Zit je dichtbij en wil je vooral snelheid, dan ligt 5 GHz of 6 GHz meer voor de hand. Zo kun je bij haperingen of traag internet meteen testen of een andere band het probleem oplost, zonder dat je in instellingen hoeft te graven.

View post on TikTok

Fout 3: Verouderde software en hardware blijven gebruiken

Technologie verandert razendsnel en dat geldt ook voor de beveiliging en snelheid van je netwerk. Veel huishoudens werken nog met de router die ze jaren geleden bij hun eerste abonnement kregen. Deze oude techniek kan de moderne eisen van streaming en videobellen simpelweg niet meer bijbenen. Daarnaast vergeten veel gebruikers om de firmware van hun apparaat te updaten. Fabrikanten brengen deze software-updates uit om prestaties te verbeteren en lekken te dichten. Een verouderd systeem is niet alleen trager, maar ook een makkelijker doelwit voor hackers.


1️⃣2️⃣3️⃣Stappenplan: de beste wifi-kanalen scannen

Als je buren ook allemaal op hetzelfde wifi-kanaal zitten, ontstaat er interferentie. Je kunt dit zelf eenvoudig oplossen door een rustiger kanaal te zoeken.

1) Download een app zoals WiFi Analyzer (Android) of NetSpot (Windows, macOS, Android & iOS).

2) Open de app en bekijk de grafiek van de omgeving. Je ziet hier welke kanalen drukbezet zijn door netwerken in de buurt. Noteer het kanaalnummer dat het minst wordt gebruikt. Vaak zijn kanaal 1, 6 of 11 op de 2,4GHz-band de beste keuzes.

3) Log in op de webinterface van je router via je browser (meestal via een adres als 192.168.1.1). Zoek naar de draadloze instellingen en wijzig het kanaal van 'Automatisch' naar het door jou gekozen nummer. Sla de instellingen op en test of je verbinding stabieler aanvoelt.

Het verschil tussen wifi 6 en wifi 7

Sta je op het punt om een nieuwe router of laptop te kopen? Dan kom je de termen wifi 6 en wifi 7 tegen. Wifi 6 was een grote stap vooruit omdat het beter omgaat met veel apparaten tegelijk op één netwerk. Het zorgt voor een efficiëntere verdeling van de data. Wifi 7 is de allernieuwste standaard en gaat nog een flinke stap verder. Het maakt gebruik van extreem brede kanalen en kan verbinding maken via meerdere frequenties tegelijkertijd. Dit wordt Multi-Link Operation genoemd. Hierdoor is de vertraging merkbaar lager en kun je hogere snelheden halen, vooral op korte afstand en met geschikte apparaten. Voor een gemiddeld huishouden is wifi 6 momenteel een uitstekende keuze, terwijl wifi 7 echt voor de toekomst is gebouwd.

Heel belangrijk: de juiste bekabeling

Draadloos internet begint voor de meeste mensen bij een kabel: heb je een los modem en een losse router, dan vormt de kabel ertussen de basis. Gebruik je hier een oude kabel, dan wordt de snelheid al beperkt voordat het signaal de lucht in gaat. Controleer of er Cat 5e, Cat6 of Cat6a op de kabel staat, dan zit je meestal goed. Cat5 haalt soms maar 100 Mbps door kwaliteit/afmontage. Heb je cat5 liggen? Vervang dat dan in ieder geval door cat5e; dat is een veilige keuze voor gigabit. Een kleine investering in een kwalitatieve netwerkkabel kan een wereld van verschil maken voor de uiteindelijke wifi-snelheid op je telefoon.

Slechte wifi? Oplossen is makkelijker dan je denkt

Alles bij elkaar komt goed wifi minder neer op toeval dan veel mensen denken. Met een slimme plek voor je router, een rustige frequentie en actuele software haal je vaak al verrassend veel winst. Combineer dat met een fatsoenlijke netwerkkabel en je voorkomt dat de dat de verbinding al beperkt wordt voordat het signaal draadloos wordt verspreid. Door deze stappen een voor een toe te passen, los je de meest voorkomende wifi-problemen op zonder dat een duurder internetabonnement nodig is, en maak je van een haperende verbinding weer een stabiele basis voor alles wat je online doet.

Consumenten testen: TP-Link Deco BE25 WiFi 7 mesh set

Op Review.nl, het testplatform waarop consumenten nieuwe technologie uitproberen en hun bevindingen delen, krijgt de TP-Link Deco BE25, een router met dualband wifi 7,  een stevige 8,7 op Review.nl. En dat betekent iets: want omdat op Review.nl producten getest worden door een panel van echte gebruikers, zie je hoe iets in een normaal huishouden presteert.

Wat opvalt is hoe vaak testers terugkomen op de snelheid en stabiliteit. De overstap naar wifi 7 levert volgens veel gebruikers merkbaar meer rust in het netwerk op, vooral in huizen waar voorheen op zolder, in de tuin of achterin de woonkamer nauwelijks een bruikbaar signaal was. De Deco BE25 vult dat soort gaten zichtbaar op. Apparaten blijven stabiel verbonden, streamen gaat zonder haperingen en ook gamers merken volgens de testers dat de latency laag blijft. Wie een gigabitverbinding heeft, ziet die snelheid nu ook daadwerkelijk terug op plekken waar dat eerst niet haalbaar was.

Een tweede punt dat veel lof krijgt, is de installatie. De meeste testers spreken over een proces van enkele minuten. De app begeleidt je stap voor stap, herkent automatisch de nieuwe units en geeft advies over de beste plek voor elk wifipunt. Daardoor voelt het hele systeem toegankelijk, ook voor wie zichzelf niet technisch vindt. Eenmaal ingesteld blijkt het netwerk bovendien weinig onderhoud nodig te hebben: de app verdeelt verkeer slim, laat je apparaten prioriteren en biedt opties voor gastnetwerken en ouderlijk toezicht.

Het ontwerp en de functionaliteit leveren wel discussie op. Een deel van de testers vindt de units wat groot en mist montageopties of extra ethernetpoorten. Ook melden sommige gebruikers dat smartphones niet altijd direct naar het dichtstbijzijnde wifipunt schakelen. Toch wordt dat in de meeste reviews gezien als een detail naast de verbeterde dekking en het gemak van dagelijks gebruik.

Alles bij elkaar laat het testpanel zien dat de Deco BE25 vooral scoort op prestaties waar consumenten echt iets van merken: hogere snelheden, betere dekking en een probleemloos installatieproces. Voor veel huishoudens voelt het als een upgrade die een onrustig wifi-netwerk verandert in een betrouwbaar en snel geheel.