ID.nl logo
Smartphone en oordoppen van hetzelfde merk: een goed idee?
© 5second - stock.adobe.com
Huis

Smartphone en oordoppen van hetzelfde merk: een goed idee?

Merken als Apple en Samsung bieden naast smartphones ook draadloze oordoppen aan. Maar maak je de beste keuze door oordoppen van hetzelfde merk als je telefoon te kiezen?

Het aanbod van draadloze oordoppen, ook wel True Wireless-oordoppen (TWS) genoemd, is enorm. Er zijn tientallen modellen van allerlei fabrikanten, en bijna elke smartphonemaker biedt inmiddels ook TWS'en aan. Het is dan verleidelijk om voor de combinatie smartphone en oordoppen van hetzelfde merk te kiezen. Maar is dat ook de beste keus? In dit artikel kijken we naar draadloze oordoppen van merken zoals Apple, Samsung en Sony. Je krijgt antwoord op de volgende vragen:

  • Zijn alle TWS'en gelijk?
  • Wat kun je verwachten bij een TWS van een smartphonefabrikant?
  • Werken dopjes van merk X met een smartphone van Y?
  • Wanneer kies je best voor een TWS van een smartphonefabrikant?

Lees ook: Wat is het verschil tussen een hoofdtelefoon, oortjes en TWS?

Zijn alle draadloze oordoppen gelijk?

Zoals gezegd zijn er heel veel draadloze oordoppen op de markt. Prijzen beginnen tegenwoordig rond 40 euro, terwijl de duurste TWS'en voor het tienvoudige over de toonbank gaan. Een groot deel van dat prijsverschil zit in specificaties (zoals batterijduur en ondersteunde codecs), een deel in specifieke functies (zoals noise-cancelling dat zich automatisch aanpast aan de situatie of draadloos laden) en ten slotte in design en afwerking. Als je echt de juiste draadloze oordoppen wilt aanschaffen, moet je dus best veel in overweging nemen.

De oordoppen die afkomstig zijn van smartphonefabrikanten wijken daar eigenlijk niet vanaf. De oortjes van Samsung of Oppo liggen gewoon naast die Bowers & Wilkins of Fresh 'n Rebel in de winkelschappen. Qua afwerking en qua functies lopen ze vaak gelijk, rekening houdend met het prijspunt. 

©Apple

Wat maakt TWS van een smartphonemerk bijzonder?

Maar wat je net las, moet meteen genuanceerd worden. Ja, die dopjes van een smartphonefabrikant bieden dezelfde functies als die van een willekeurige rivaal… maar niet op álle smartphones. Het is bijna altijd zo dat merken op hun TWS'en een aantal functies uitsluitend beschikbaar maken als je ze koppelt met een smartphone van hetzelfde merk. Een perfect voorbeeld hiervan zijn de AirPods van Apple. Koppel je ze met een Android-telefoon, dan mis je een bijhorende app en de meeste extra functies.

🎵 Dé functie die vaak exclusief voor smartphones van hetzelfde merk wordt gehouden? Ruimtelijke audio, al dan niet met headtracking.

Welke merken maken TWS'en én smartphones?

Wellicht de twee bekendste smartphonebouwers die ook inzetten op TWS'en zijn Apple en Samsung. De AirPods van Apple lijken soms wel alomtegenwoordig en ook de Galaxy Buds zijn zeer populair. Daarnaast presenteren onder andere Fairphone, Huawei, Motorola, Nokia, OnePlus, Oppo en Xiaomi een eigen TWS-aanbod. Niet elk van die namen reserveert TWS-functies voor eigen smartphones. Motorola of Nokia bijvoorbeeld houden het universeel.

Sony is een buitenbeentje in dit gezelschap. Het maakt wel smartphones, maar het Japanse bedrijf is nog veel langer een bouwer van hoofdtelefoons en audio. Wellicht daarom dat hun populaire in-ears (zoals de WF-1000XM5 of de Linkbuds) geen speciale band met de Sony Xperia-telefoons hebben.

Wat krijg je meer als je combineert?

Apple is zeker niet de enige met een exclusieve houding, die duidelijk bedoeld is om iPhone-bezitters in het Apple-ecosysteem te houden. Dat doet het door sterk in te zetten op integratie. Als je in de buurt van een iPhone of iPad nieuwe AirPods wilt gebruiken, zorgen pop-upberichten ervoor dat het koppelen extra eenvoudig gaat. Daarna zie je in het bedieningspaneel een eigen icoon verschijnen. Hierop tikken brengt je meteen naar de instellingen voor noise-cancelling en ruimtelijke audio. Maak je verbinding met een TWS van een ander merk, dan zie je dit allemaal niet.  

Hetzelfde heb je bij Samsung, waar de instellingen van de Galaxy Buds-oortjes naadloos in de One UI-interface verschijnen. Als je oortjes van een ander merk gebruikt, dan moet je wellicht een andere app openen. Dat is niet zoveel werk, maar toch weer een extra stap.

Met de laatste generatie Galaxy Buds springt Samsung op de AI-trein, wat het met de Galaxy-smartphone al uitgebreid deed. Dit leidt tot een aantal slimme functies die enkel beschikbaar zijn als je de nieuwste Galaxy Buds met (bepaalde) Samsung-telefoons gebruikt. Zoals een Live Translator die in realtime spraak in een andere taal vertaalt.

Ook bij Oppo en OnePlus zie je functies voorbehouden zijn aan de eigen smartphones. Wat dat concreet inhoudt, hangt af van het specifieke TWS-model. Bij de Enco Buds2 Pro bijvoorbeeld gaat het om de Dirac Audio Tuner en Dolby Atmos-geluid. 

©Samsung

Werken dopjes van X met een smartphone van Y?

Die mooie in-ears van smartphonemerk X aansluiten op een telefoon van een ander merk? Omdat ze altijd bluetooth gebruiken, zullen ze wel werken. Muziek wordt gestreamd en ook calls lukken probleemloos. Maar het kan zijn dat er geen app beschikbaar is om de extra functies in te stellen. Zo kun je misschien wel via een knop op het oortje noise-cancelling in- en uitschakelen, maar niet fijnmazig instellen. Interessante extra's, zoals persoonlijk geluid op basis van een gehoortest of een equalizer, heb je dan ook niet.

Dit maak je bijvoorbeeld mee als je AirPods wil gebruiken op een Android-toestel. Samsung neemt een wat lossere houding aan dan Apple. Er is wel een app voor andere Android-merken beschikbaar die toegang geeft tot de meeste instellingen van hun oordoppen.

Wanneer kies je voor een TWS van een smartphonemerk?

Er zijn natuurlijk veel zaken die je in overweging moet nemen als je draadloze oordoppen kiest. Klinken ze goed, hebben ze noise-cancelling, hebben ze een prettige pasvorm… Het kan heel goed zijn dat de beste TWS voor jou daardoor van een ander merk afkomstig is. Wel heb je vaak een duidelijk voordeel bij het combineren van een smartphone en oortjes van dezelfde fabrikant. Zo is de integratie in de interface bijvoorbeeld beter, wat de bediening makkelijker maakt. Duurdere TWS'en, zoals de Samsung Galaxy Buds 3 Pro of Apple AirPods Pro, hebben ook functies zoals spatiale audio die enkel functioneren in combinatie met een telefoon van hetzelfde merk. Als je die zaken belangrijk vindt, is kiezen voor hetzelfde merk een no-brainer. 

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.