ID.nl logo
Wat is het verschil tussen een hoofdtelefoon, oortjes en TWS?
© Sony
Huis

Wat is het verschil tussen een hoofdtelefoon, oortjes en TWS?

Het gebruik van hoofdtelefoons is ongetwijfeld de populairste manier om naar muziek of podcasts te luisteren of in alle rust te gamen of films te bekijken. Ook op kantoor zijn ze niet meer weg te denken – zowel als concentratiehulp als tijdens online meetings. Maar omdat er zo veel verschillende soorten bestaan, is het niet makkelijk om de juiste te kiezen. Daar helpen we je in dit artikel graag bij!

In dit artikel leggen we je uit welke soorten koptelefoons er zijn en het verschil tussen koptelefoons, oortjes en draadloze oordoppen.

  • Wat zijn hoofdtelefoons, in-ears en true wireless-oortjes?
  • Wat zijn de voordelen van die drie types?
  • Draadloze en bekabelde hoofdtelefoons
  • Kun je bellen met een hoofdtelefoon?
  • Wat is belangrijk bij het kiezen?
  • Wanneer is noise-cancelling nuttig?

Meld je aan voor het Koptelefoonwijzer Eindrapport 2024

Door het invullen van jouw naam en e-mailadres meld je je aan voor ontvangst van de Kieskeurig.nl Koptelefoonwijzer-resultaten. Tevens ben je ingeschreven voor de Kieskeurig.nl nieuwsbrief.

Naar schatting gaan er jaarlijks een halfmiljard hoofdtelefoons over de toonbank. Dat lijkt misschien een onwaarschijnlijke hoeveelheid, maar kijk eens rond op straat, in de trein, in de sportschool en op kantoor. Héél veel mensen dragen een of andere vorm van koptelefoon. Misschien is het wel een groter toestel met kussens die de oren helemaal bedekken, of het zijn kleinere apparaten zonder kabel die bijna onzichtbaar in de oorschelpen genesteld zijn. Zou je ’s avonds binnenkijken bij mensen thuis, dan zou je opnieuw heel veel koptelefoons en oortjes zien. Bij een tablet waarop een tv-serie wordt bekeken, of misschien een gaming-headset om helemaal in een online game te worden ondergedompeld. Je kunt een hoofdtelefoon dus in allerlei situaties gebruiken. Het is niet zo gek dat er daarom ook veel verschillende soorten bestaan.

Nieuwe koptelefoon nodig?

Baan je hier een weg door de jungle; er zit er vast een voor je tussen!

Wat zijn hoofdtelefoons, in-ears en true wireless-oortjes?

Een hoofdtelefoon of koptelefoon is een toestel met een hoofdband en twee luidsprekers aan je oren. Oorkussens houden het comfortabel. Sommige hoofdtelefoons hebben kleinere kussens en rusten óp je oorschelpen. Dat zijn on-ears. De meeste zijn echter over-ears; de oorkussens zijn groter en passen rond je oren. 

🎧 On-ear hoofdtelefoons zijn kleiner en discreter. Ze verschuiven echter makkelijk, wat de geluidsweergave beïnvloedt.

In-ears, oortjes, IEM’s of oordoppen: het zijn verschillende namen voor wat min of meer hetzelfde is, namelijk modellen die in het oor zelf passen. Ook hier heb je verschillende soorten. Buds liggen eerder in je oorschelpen, in-ears hebben dopjes of tips die echt in het gehoorkanaal passen. 

🎧 Bij oortjes met doppen is een goede pasvorm belangrijk. Er zijn meerdere doppen in verschillende maten. Zoek vooral de juiste, anders blijven ze niet goed zitten en zullen lage tonen te licht klinken.

Draadloze oortjes of TWS (kort voor ‘True Wireless’) zijn ook in-ears. Er komt echter geen kabel aan te pas, ook niet tussen de beide oortjes. Het zijn dus twee toestelletjes, een voor elk oor, die draadloos met elkaar en met je smartphone verbonden zijn. Dit zijn enorm populaire producten omdat ze erg comfortabel zijn. Het ontbreken van kabels geeft bovendien een vrij gevoel.

Ook lezen: Keuzehulp: de beste koptelefoons van nu (augustus 2022)

Wat zijn de voordelen per categorie?

Je kunt deze drie types nog verder onderverdelen. Bij koptelefoons heb je bijvoorbeeld producten gemaakt voor dj’s, voor studiogebruik of voor gamers. Bij koptelefoons heb je daarnaast een tweedeling op technisch vlak: open of gesloten. Omdat ze veel omgevingslawaai binnenlaten, is een open hoofdtelefoon alleen geschikt voor een stille thuisomgeving. Ze bieden wel een grootse, ontspannen hifi-weergave. De meeste koptelefoons zijn echter gesloten. Dat wil zeggen dat je echt in een bubbel zit. Je kunt ze om die reden op lawaaierige plaatsen gebruiken. De bassen zijn doorgaans sterker en overtuigender bij een gesloten koptelefoon.

Sporters kunnen zowel (on-ear) koptelefoons als oortjes kiezen, maar in-ears zijn populairder omdat ze je minder laten zweten. Draadloze TWS-oordoppen zijn in de sportschool het populairst. Er zijn geen kabels die in fitnessapparatuur verstrikt kunnen raken of je irriteren bij het lopen.

🎧 Sporthoofdtelefoons en -oortjes zijn beter bestand tegen zweet en regen. Ze zijn zodoende voorzien van een IP-label, zoals IP68, waarbij het tweede cijfer wijst op hoe goed ze tegen water bestand zijn (het eerste gaat over stofbestendigheid). Hoe hoger, hoe beter.

De meeste hoofdtelefoons en oortjes zijn ontworpen voor muziek, maar zijn net zo geschikt voor tv-kijken en gaming. Wel hebben toegewijde gaming-headsets speciale functies (zoals surroundgeluid) die vooral nuttig zijn voor pc- en consolegamers. 

Met kabel of draadloos?

Koptelefoons en oortjes zonder kabels werken met bluetooth. Hierdoor kun je ze verbinden met je smartphone en tablet. Maar ook je laptop, pc of slimme tv heeft bluetooth. Omdat nieuwe smartphones nog maar zelden over een hoofdtelefoonaansluiting beschikken, moet je wel voor een draadloos model gaan als je een koptelefoon wilt gebruiken om naar muziek te luisteren. Hun grootse voordeel is het gebruiksgemak.

Kleinere nadelen zijn dat je een draadloze koptelefoon moet opladen en dat ze (op papier) een iets minder goede geluidskwaliteit bieden. Maar dat is minder het geval bij nieuwe toestellen die betere bluetooth-kwaliteit (codecs) ondersteunen, zoals LDAC en aptX.

🎧 Als je via je smartphone ongestoord muziek wilt luisteren met je bluetooth-hoofdtelefoon, kun je het best alle meldingen op stil zetten. Anders wordt je muziek regelmatig verstoord.

Bellen en videocalls

Zo goed als alle bluetooth-koptelefoons, oortjes en TWS’en zijn uitgerust met een microfoon. Bij bekabelde hoofdtelefoons is dat minder vaak het geval. Dankzij een microfoon kun je ze gebruiken om een telefoongesprek te voeren of via je computer of mobiel toestel deel te nemen aan een videogesprek via Zoom, Teams en andere platforms.

TWS’en in het bijzonder zijn hier heel geschikt voor. Veel modellen zijn ontworpen om gedurende de hele dag in je oren te blijven. Ze beschikken doorgaans over een transparantiemodus die stemmen doorlaat, waardoor je een gesprek met een collega kunt voeren. Sommige modellen kun deze conversatiemodus zelfs automatisch inschakelen zodra je begint te spreken. 

🎧 TWS-oortjes laad je op door ze in hun doosje te stoppen. Het is wel heel handig als je die case op zijn beurt draadloos kunt opladen.

Comfort 

Zoals je ziet zijn er zijn allerlei manieren om koptelefoons en oortjes in te delen. Ook de geluidskwaliteit varieert enorm. Bovendien kiest elk merk er individueel voor om bepaalde zaken (zoals fijne, hoge details of diepe bassen) te benadrukken. Dat betekent dat je een grote keuze hebt als het gaat om een sound of een geluidskarakter. 

Bij jouw zoektocht moet je vooral kijken naar comfort. Bepaal eerst wat je zelf aangenaam vindt om te dragen in jouw situatie. Hoe langer je luistert per dag, hoe belangrijker comfort wordt. Dj-koptelefoons duwen bijvoorbeeld meestal harder op je oren omdat ze ontworpen zijn voor gebruik in een luidruchtige club. Maar als je een aantal uren achter elkaar zo’n toestel op je hoofd draagt, worden je oren warm. Sommige mensen krijgen zelfs hoofdpijn van de hoge druk op de oren. Anderen vinden oortjes met dopjes die in het gehoorkanaal vastzitten juist irritant. 

🎧 Oorkussens worden uit verschillende materialen opgebouwd. Sommige materialen, zoals leder, voelen veel warmer aan.

Lawaai rondom

Een gesloten hoofdtelefoon (bekabeld of draadloos) of oortjes (met kabel of TWS) die in het gehoorkanaal vastzitten, kunnen het best overweg met omgevingslawaai. Op een trein, in het vliegtuig of in een luidruchtig open kantoor kun je het best een model met noise-cancelling of ruisonderdrukking kiezen. Deze slimme toestellen onderdrukken actief omgevingslawaai, waardoor je ook stiller kunt luisteren.

🎧 Speel bij lang luisteren niet te luid. Je oren passen zich snel aan, waardoor te luide muziek schijnbaar geen kwaad lijkt te doen. Te lang luisteren naar een hoog volumeniveau zal je echter sneller vermoeien en mogelijk je gehoor beschadigen. 

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.