Draadloze oortjes en straling: gevaarlijk of niet?

Bedrade oortjes zijn ineens weer helemaal terug. Dat heeft meerdere oorzaken. Zo is er in audioland een duidelijke retrotrend gaande, die ook omarmd wordt door influencers en celebrities zoals Monica Geuze en Joost Klein. Tegelijk speelt er nog iets anders mee: op social media groeit het idee dat draadloze oortjes gevaarlijk zouden zijn door straling. Is die angst terecht of niet?
Bedrade oortjes zijn hip, en dat is geen toeval
Om met de eerste reden te beginnen: de comeback van bedrade oortjes past in een bredere tegenbeweging. Bij Gen Z groeit de behoefte aan grip en overzicht in een wereld waarin technologie en AI zich razendsnel ontwikkelen. Juist daardoor groeit de aantrekkingskracht van apparatuur die het gewoon altijd doet; apparatuur die je bovendien niet hoeft te opladen of te koppelen.
Dat vertaalt zich in harde verkoopscijfers. ThePhoneLab ziet de vraag naar naar bedrade oortjes stijgen met maar liefst 950%. Er zijn twee groepen die steeds geïnteresseerder raken in oortjes met een draadje: prijsbewuste kopers en jongeren. Meestal zijn bedrade oortjes goedkoper dan draadloze oortjes, omdat er in draadloze oortjes extra onderdelen zitten zoals een accu, bluetooth-chip, microfoons en oplaadtechniek. Bij jongeren speelt dit minder mee; die zien vooral dat influencers als Joost Klein en Monica Geuze bedrade oortjes dragen, vaak als modeaccessoire. Bedrade oortjes als stijlstatement dus.
Waarom mensen bluetooth-oortjes niet (meer) vertrouwen
Maar naast de esthetiek speelt nog iets anders mee. Op social media circuleert al langer het idee dat draadloze oortjes schadelijk zijn voor je gezondheid door de straling die ze afgeven, en die gedachte wint zichtbaar aan terrein. De zorgen gaan vooral over mogelijke hersenschade of hersentumoren, omdat de oortjes zo dicht bij je hoofd zitten. Ook klachten als hoofdpijn, slaapproblemen, concentratieproblemen, oorsuizen, vermoeidheid, vruchtbaarheidsproblemen en een algemene overbelasting door elektromagnetische velden worden geregeld genoemd.
Bluetooth werkt via radiofrequente elektromagnetische velden. Dat klinkt onheilspellend, maar het is niet-ioniserende straling: de golven hebben simpelweg niet genoeg energie om atomen of DNA-structuren te beschadigen. Dat is een fundamenteel verschil met ioniserende straling zoals röntgenstraling of uv-licht, die wél direct celschade kunnen veroorzaken.
Bovendien is het vermogen van bluetooth oortjes erg laag, typisch tussen de 1 en 10 milliwatt. Ter vergelijking: een smartphone die verbinding zoekt met een zendmast zendt tot 2 watt uit, zeker bij slecht bereik. Internationale organisaties hebben strenge limieten vastgesteld voor de hoeveelheid straling die apparaten mogen uitzenden, gemeten via de SAR-waarde (Specific Absorption Rate): die geeft aan hoeveel energie het lichaam opneemt. De SAR-waarde van draadloze oortjes ligt ruim onder de wettelijke grens en is ook veel lager dan die van een telefoon die je tegen je oor houdt.
Wat zegt de wetenschap?
Naar de gezondheidseffecten van radiofrequente straling is de afgelopen decennia veel onderzoek gedaan. Dat onderzoek richt zich vrijwel altijd op smartphones, simpelweg omdat die voor de meeste mensen de sterkste dagelijkse bron van RF-straling zijn. In 2011 classificeerde de International Agency for Research on Cancer (IARC) radiofrequente elektromagnetische velden van smartphones als "mogelijk kankerverwekkend", categorie 2B. Dat klinkt angstaanjagend, maar dat valt wel mee: augurken vallen bijvoorbeeld ook in die categorie. Het betekent niet dat er bewijs voor is, alleen dat een verband op basis van beperkt onderzoek niet helemaal kon worden uitgesloten..
Sindsdien is er veel meer data verzameld. Een groot onderzoek uit 2024, gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift Environment International en deels gefinancierd door de World Health Organization, analyseerde 63 studies uit 22 landen. De conclusie: geen aantoonbaar verhoogd risico op hersentumoren of andere kankers door smartphonegebruik.
Ja maar, we hebben het hier toch niet over smartphones? Dat klopt. Alleen zenden draadloze oortjes honderden keren minder straling uit dan een smartphone. Als er zelfs bij het apparaat met de hoogste blootstelling, de smartphone dus, geen duidelijk verband is gevonden, ligt het nog minder voor de hand dat draadloze oortjes een risico vormen.
Bedraad of draadloos: wat kies jij?
Voor de keuze tussen bedraad en draadloos hoeft straling in elk geval geen rol te spelen. Wie voor bedrade oortjes kiest, doet dat eerder vanwege de retro-uitstraling, de eenvoud of het feit dat je niets hoeft op te laden. En dat zijn stuk voor stuk prima redenen. Dat is heel wat anders dan kiezen uit angst. Daar is op basis van de huidige wetenschap gelukkig helemaal geen reden voor.



