ID.nl logo
Het geluid van een warmtepomp
© Getty Images/iStockphoto
Energie

Het geluid van een warmtepomp

De afgelopen jaren is het aantal warmtepompen in Nederland sterk toegenomen en dat zullen er alleen nog maar meer worden. De buiten-units zijn echter niet geruisloos. De overheid heeft in een bouwbesluit normen vastgelegd die voorkomen dat men de warmtepomp zo opstelt dat niet de bewoners, maar de buren met de geluidslast opgezadeld zitten. Je slaapt ook zelf graag met het raam open, toch? Veroorzaakt een warmtepomp zoveel herrie? En wat kun je doen aan het geluid?

In het buitendeel van de warmtepomp zit een ventilator. Die is nodig om voldoende buitenlucht door de warmtewisselaar te leiden. Het tweede bewegende onderdeel dat geluid produceert, is de compressor. Afhankelijk van het type warmtepomp zit die buiten of binnen. Als de compressor binnen zit, dan is er bij het ontwerp rekening gehouden met het geluid en dan is hij fluisterstil. Maar ook het model van de ventilator, de vorm van de ventilatorbladen, de rotatiesnelheid, de luchtstroom en de drukstroom van het systeem beïnvloeden het geluidsniveau.

Aantal decibellen

Niet elke warmtepomp maakt evenveel geluid. Wanneer een warmtepomp iets meer vermogen heeft dan strikt noodzakelijk (om in vaktermen te spreken: wanneer hij dus  overgedimensioneerd is), hoeven de compressor en de ventilator minder toeren te maken en dat betekent minder geluid. De buiten-unit van een lucht-waterwarmtepomp produceert gemiddeld 35 tot 40 decibel. Ter vergelijking: de vaatwasser in de keuken haalt ongeveer 50 dB, regen en een koelkast produceren ook 50 dB. De binnen-unit heeft over het algemeen een geluidsniveau tussen 18 en 30 decibel.

De perfecte opstelling: voldoende afstand van de woning en van de buren. | Foto: Viessmann

Regelgeving

Vanaf april 2021 zijn in de bouwnorm de regels aangescherpt voor de maximale geluidsproductie van warmtepompen. Het gaat om de geluidswaarden die gemeten worden op de perceelsgrens en bij ramen en duren van aangrenzende appartementen. De maximale geluidsdruk die je de buren mag aandoen bedraagt 40 dB. Veel warmtepompen hebben in hun regeling de zogenaamde stille modus. Dit betekent dat het toestel overdag op vol vermogen draait en ’s nachts op een lager vermogen dat overeenstemt met de geluidsgrens. Wanneer het systeem met zo’n stille modus werkt, dan mag de geluidsdruk tussen 07.00 en 19.00 uur maximaal 45 dB bedragen en ’s nachts maximaal 40 dB.

Weten welke warmtepomp bij jou past?

Doe de check op Kieskeurig.nl en je weet het binnen 5 minuten!
Een ventilator met variabele snelheid helpt het geluid te beperken. | Foto: Climaways

Geluidsdruk versus geluidsvermogen

De nieuwe geluidseisen hebben betrekking op de geluidsdruk bij het maximaal vermogen. Dat is niet hetzelfde als het geluidsvermogen dat je op het energielabel leest. In Europa hebben warmtepompen een CE-label, dat onder meer het geluidsvermogen van de warmtepomp vermeldt. Als het gaat om een systeem met een binnen- en een buiten-unit dan zie je twee pictogrammen waarbij een aantal decibels staat die beide units produceren. Maar: fabrikanten geven op dit label niet het geluid bij vol vermogen weer. Wat zij weergeven is het nominaal vermogen: de waarde van een variabele in een bepaalde periode. Het zou beter zijn dat dit label het maximaal mogelijk vermogen zou vermelden.

Bovendien heeft de bouwnorm het over geluidsdruk en niet over geluidsvermogen. Het geluidsvermogen geeft de sterkte van het geluid weer onafhankelijk van de afstand tot een meetpunt en zonder rekening te houden met omgevingsfactoren. De geluidsdruk is de sterkte van het geluid gemeten vanop een meetpunt, bijvoorbeeld de erfgrens. Die druk is afhankelijk van omgevingsfactoren zoals struiken, een heg, een muur, enzovoorts. In feite is de geluidsdruk dus het geluid dat je buren daadwerkelijk vanuit hun standpunt horen.

Tips • Wanneer je een warmtepomp kiest met een te klein vermogen, moet het systeem te hard werken. Kies dus een warmtepomp met een vermogen dat de vraag volledig dekt. • Een tuin met planten, struiken en bomen absorbeert het geluid. Bovendien is een buiten-unit niet meteen het pronkstuk van je tuin. De struiken helpen de eenheid te verbergen en zorgen dat hij in de schaduw kan staan. • Zorg dat de buiten-unit dempers heeft. De installateur beschikt over software waarmee hij de ideale locatie van de buiten-unit kan bepalen. • Controleer het ventilatierooster. Een los ventilatierooster veroorzaakt trillingen. Kijk meteen na of alle schroeven goed vast zitten. Elk los onderdeel kan overmatig geluid veroorzaken. • Warmtepompen van A-merken maken doorgaans minder lawaai dan de goedkopere Chinese varianten. • Gebruik de nachtinstelling. Dan draait de warmtepomp ’s nachts op een lager vermogen en veroorzaakt hij minder geluidsoverlast. • Om te voorkomen dat de warmtepomp de ondergrond doet trillen, laat je trillingsdempers plaatsen. • Het toestel moet een geïsoleerde compressor bevatten. Dat laatste wordt in het jargon een ingekapselde compressor genoemd. In de specificaties van je warmtepomp kun je hier meer over lezen.

Dit is een slechte opstelling omdat het metalen rek en de golfplaat alle trillingen versterken.

Meer geluid in de winter

Wanneer je een warmtepomp laat installeren, vraag je de monteur wat volgens hem de beste locatie is voor de buiten-unit. Vanuit zijn ervaring zal hij die uit de buurt van ramen en aangrenzende gebouwen plaatsen en op een stevige ondergrond monteren. Wanneer het buiten erg koud is, zorgt de warmtepomp er zelf voor dat de ventilator en de compressor niet vastvriezen. Dat gebeurt door middel van een ontdooicyclus. Hierdoor moet hij harder werken dan normaal en dit zorg dat het systeem in de winter meer geluid maakt.

Verdachte geluiden

Hoor je plots rare geluiden, dan is het tijd om een expert te bellen. In de meeste gevallen betekent dat er een probleem is met de compressor. Een defecte motor kan zoemen of trillen. Ook een defecte klep of een solenoïde (een elektrisch component: een soort spoel waaronder koperdraad dicht tegen elkaar is gewikkeld) laat een suizend of trillend geluid horen. Krakende geluiden in het leidingwerk wijzen op een gebrek aan trillingsdemping. Klinkt de binnen-unit gek, dan is de complete binnen-unit waarschijnlijk aan vervanging toe.

Afstand tot de buren

Het is dus van groot belang om de buiten-unit zo gunstig mogelijk op te stellen. Plaats hem dus niet te dicht tegen de erfgrens, want geluid neemt af naar gelang de afstand groter wordt. De Nederlandse Stichting Geluidshinder heeft in het verleden metingen gedaan met lucht-waterwarmtepompen tot 6 kW en van 6 tot 12 kW. In hun tabel lees je hoe het aantal decibels afneemt naarmate de afstand tot de warmtepomp groter wordt.

Geluidsverspreiding van een vrijstaande warmtepomp van 5 kW.

Suskast

Om het geluid te dempen, kun je een extra omkasting overwegen. Sommige warmtepompfabrikanten leveren zelf een omkasting en daarnaast zijn bedrijven zoals Merford en Reducd gespecialiseerd in deze omkastingen. De laatste komt zelfs met een stikstofneutraal geproduceerd model op basis van kurk en wolvilt. De prijzen van een omkasting beginnen bij 1.200 euro en lopen op tot 3.000 euro. Het is de bedoeling dat ze het geluid tussen 9 en 15 dB reduceren. Door zo’n kast wordt het geluid van de warmtepomp akoestisch geïsoleerd zodat er geen verder aanpassingen nodig zijn. Zo’n omkasting is geen dichte doos. Hij bestaat uit geluidsabsorberend materiaal en bevat lamellen aan de voor- en achterkant. Bovendien is zo’n suskast (zoals er in vaktermen aan gerefereerd wordt) beschermd tegen uv-licht en weersinvloeden.

De suskast van Merford is beschikbaar in alle RAL-kleuren.
Reducd komt later in 2022 met nieuwe CO2-vrij geproduceerde omkasting. | Foto: Reducd

Weten welke warmtepomp geschikt is voor jouw huis?

Vul de Warmtepompvergelijker in op Kieskeurig.nl en je weet het meteen
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.