ID.nl logo
Zekerheid & gemak

Plastic Road maakt milieuvriendelijk wegennet mogelijk

In de toekomst staan ons grote problemen te wachten. Klimaatverandering, dichtslibbende wegen en een berg plastic waar we niet vanaf komen… Twee uitvinders willen die problemen oplossen door ze te combineren in een weg van gerecycled plastic, genaamd Plastic Road.

De pragmatisch genaamde ‘Plastic Road’ is een initiatief van KWS, een Koninklijke VolkerWessels-onderneming. Het concept is simpel: oud plastic wordt verwerkt tot grote prefab-platen van kunststof, die vervolgens aan elkaar worden vastgemaakt tot ze een weg vormen. Sinds enige tijd ligt er een experimenteel stukje fietspad in Overijssel waar het concept wordt getest.

“We hebben de weg gebouwd met de grote problemen van de toekomst in het achterhoofd”, zegt Anne Koudstaal. Hij is één van de ontwerpers van de Plastic Road en vertelt erover aan PCM. Koudstaal zegt dat wegenbouwers en opdrachtgevers zoals gemeenten en provincies steeds strengere eisen stellen aan wegen. “Die moeten steeds langer meegaan, sneller en makkelijker te vervangen zijn, en ze moeten duurzamer worden.” En dat alles het liefst ook nog voor de laagste prijs, als het even kan.

Bovendien komen er nieuwe problemen om de hoek kijken, waardoor we anders tegen wegen aan moeten kijken. “Door klimaatverandering krijgen we straks met veel meer regenval te maken. Het wordt voor onze waterzuiveringsinstallaties straks moeilijk om die pieken op te vangen, dus hielden we daar rekening mee in het ontwerp.” Daarnaast verwachten Koudstaal en zijn collega Simon Jorritsma nog andere obstakels waarop ze gelijk inspelen. “Overal staan straks elektronische apparaten die allemaal van kabels moeten worden voorzien, dat wordt ook een probleem. Waar ga je die laten?”

Ruimte voor kabels

Naast het duurzame aspect in de Plastic Road, is de holle ruimte onder de weg uniek. De blokken zijn zo gemaakt dat er onder de weg een grote ruimte ligt. “In die ruimte wordt overtollig water opgeslagen,” zegt Koudstaal, “waarna het vervolgens langzaam de ondergrond in loopt, als een vergiet. Zo ontlasten we de rioleringen en waterzuiveringen.”

Water opvangen is niet de enige functie van de ruimte onder de weg. De makers willen die ook gebruiken om kabels en leidingen in te kunnen leggen. Ook daar is in de toekomst steeds meer vraag naar. Eigenlijk, zegt Koudstaal, kan de ruimte voor alles worden gebruikt. “Sensoren, of units voor inductiedraden. Alles wat een gewone wegconstructie niet heeft, kan er bij de Plastic Road wel in. Je zou er zelfs servers in kunnen plaatsen, die dan in de winter de wegen verwarmen.”

©PXimport

Koudstaals ideeën zijn eindeloos, maar je moet er wel een flinke slag om de arm bij houden. Op dit moment zijn er nog geen concrete plannen om een serverpark in de weg te bouwen, en Koudstaal geeft toe dat hij zelf niet eens zeker weet of dat wel echt lukt. “Dat is niet aan ons, ik weet niet genoeg van servers om dat te doen. Maar als iemand in de toekomst een interessante toepassing kan bedenken en daar een goed businessmodel omheen kan bouwen, dan kijken we daar met alle liefde naar.”

De makers zeggen dat alle opties daarbij open liggen. Ze willen graag met iedereen in gesprek die een goed idee heeft om de weg beter te maken, mits daar een commercieel haalbaar plan voor is. Maar het feit dat ze zo enthousiast zijn over de mogelijkheden, geeft ook wel aan hoeveel er nog níét zeker is over de weg. Zo wordt er op de website gesproken over modulaire ontwerpen waaraan lantaarnpalen en dynamische markeringen kunnen worden gekoppeld, maar in de praktijk ‘zijn die opties nog open’.

Cradle-to-cradle

Uiteindelijk is de Plastic Road geen speeltuin voor creatieve ondernemers die al dan niet servers in een autoweg willen bouwen. Het belangrijkste aan de weg is de duurzaamheid ervan, het circulaire van de materialen. De weg wordt gemaakt van gerecycled plastic dat wordt verzameld uit het plastic dat nu in huishoudens en bij bedrijven gescheiden wordt. In plaats van dat het op een grote afvalberg komt te liggen, wordt het door de makers van de Plastic Road in een grote blender gegooid en samengeperst tot pulp. Daar worden dan vierkante stukken weg van gemaakt, inclusief dus de holle ruimtes in het midden.

Dat zorgt volgens de makers niet alleen voor een ‘cradle-to-cradle’-filosofie wat betreft de materialen, maar ook voor talloze andere duurzame besparingen. Er is bijvoorbeeld minder vrachtverkeer nodig om de weg aan te leggen. De weg kan ook makkelijk hergebruikt worden omdat er geen fundering nodig is en de weg direct op het onderliggende zandbed wordt gelegd.

Omdat het hele concept modulair is, kan het bovendien ook sneller worden aangelegd. De makers zeggen zelf dat dat maar liefst 70 procent sneller gaat dan bij het aanleggen van conventionele asfaltwegen.

©PXimport

Proef in Zwolle

De eerste plastic weg is inmiddels in Zwolle in gebruik genomen. Vorig jaar startten de ontwerpers een proef waarbij dertig meter fietspad gelegd is. Die bevat evenveel gerecycled plastic als 218.000 plastic bekertjes of een half miljoen flesdopjes. Sensoren in de weg meten de temperatuur en de belasting van de weg, én hoeveel fietsers eroverheen fietsen.

Omdat gerecycled plastic zo’n nieuw concept is, zijn er nog veel dingen die het praktijkonderzoek moet uitwijzen. Geluid is een belangrijke (‘voor fietspaden is dit geen probleem, voor autowegen moet de praktijk dat uitwijzen’), want het plastic kan – geholpen door de holle ruimte – al snel een grote klankkast worden. Als er te veel hoog water staat, kan de constructie mogelijk zelfs wegdrijven; ‘een potentieel risico’ volgens de makers. Ook moet er iets worden verzonnen om het plastic stroef genoeg te maken zodat er geen slipgevaar ontstaat.

De makers geven zelf toe dat de huidige prognoses gebaseerd zijn op andere kunststofproducten zoals plastic vlonders of putdeksels. Dat geldt ook voor bijvoorbeeld de levensduur. Het is dus maar de vraag of de weg daadwerkelijk lang meegaat als er straks honderden of zelfs duizenden auto’s overheen rijden.

Er zijn dus nog veel dingen te testen en te ontwikkelen, maar het project is veelbelovend.

▼ Volgende artikel
Hoe kies je de juiste powerbank?
© Tevarak Phanduang | NaMaKuki_2016
Huis

Hoe kies je de juiste powerbank?

Je bent onderweg en ziet dat je telefoon nog maar vijf procent batterij heeft. Op dat moment is een powerbank precies wat je nodig hebt. Alleen: welke? De juiste keuze begint met twee vragen: hoeveel energie heb je onderweg nodig en hoe snel moet die energie eruit kunnen?

In dit artikel

Je leest hier hoe je een powerbank kiest die past bij jouw gebruik. Je ziet waarom mAh op de verpakking niet alles zegt en hoe je met wattuur (Wh) beter ziet hoeveel energie een powerbank kan opslaan en afgeven.  Ook leggen we uit waar laadsnelheid vandaan komt, wat usb-c en Power Delivery doen en waarom de juiste kabel bij hogere vermogens belangrijk is. Tot slot krijg je tips voor het opladen van een tablet of laptop.

Lees ook: Slimme tips om energie te besparen op je smartphone

Capaciteit: mAh is handig, maar reken in Wh

In de specificaties van powerbanks zie je bijna altijd een getal in milliampère-uur (mAh). Maar daarbij moet je je wel realiseren dat dat niet het hele verhaal is. Fabrikanten geven die mAh vaak op bij de interne batterijspanning van de cellen in de powerbank (meestal rond 3,6 tot 3,7 volt). Jouw telefoon laadt meestal via 5 volt, en bij snelladen soms op 9 of 12 volt. Die omzetting kost energie.

Zie de powerbank als een watertank met een kraan die je moet omzetten naar een andere maat aansluiting. Dat omzetten levert altijd wat verlies op. Daarom haal je in de praktijk niet 10.000 mAh uit 10.000 mAh. Reken grofweg met een bruikbare opbrengst die vaak ergens rond de 60 tot 80 procent ligt, afhankelijk van de kwaliteit van de elektronica en hoe je laadt. Met 10.000 mAh kun je een gemiddelde smartphone daarom meestal geen twee keer volledig vullen, maar eerder ongeveer anderhalf keer. Heb je een telefoon met een kleinere accu, dan kom je dichter bij de opgegeven twee keer; met een grotere accu haal je dat juist minder snel.

Wil je wat preciezer rekenen, kijk dan naar wattuur (Wh). Dat is de eenheid die echt iets zegt over hoeveel energie erin zit. Een eenvoudige omrekening helpt: Wh = (mAh × volt) / 1000. Staat er op de powerbank bijvoorbeeld 10.000 mAh bij 3,7 V, dan is dat ongeveer 37 Wh aan energie in de cellen, voordat je het omzetverlies meeneemt.

Powerbanks vergelijken

In de winkel zie je bijna altijd mAh als capaciteitsaanduiding. Zoals je hierboven hebt kunnen lezen is dat niet perfect. Maar omdat fabrikanten dezelfde soort cellen gebruiken en allemaal op dezelfde manier rekenen, kun je mAh wel gebruiken om powerbanks onderling te vergelijken. Heb je een powerbank gevonden die je wat lijkt, dan kun je bovenstaande berekening gebruiken om een meer realistisch beeld van het aantal keer opladen te krijgen.

View post on TikTok

Hoeveel capaciteit heb je echt nodig?

Als je vooral een extra lading voor je telefoon zoekt op een lange dag, dan zit je met 10.000 mAh in de praktijk vaak goed. Is 'bijna vol' al al genoeg, dan kan 5.000 mAh ook, maar reken er dan niet op dat je elke moderne smartphone die helemaal leeg is weer volledig volgeladen krijgt. Ga je een weekend weg of laad je meerdere apparaten op, dan is 20.000 mAh een logische stap. Je hebt dan meer oplaadcapaciteit, maar houd er wel rekening mee dat dat ook betekent dat de powerbank groter en zwaarder is.

Voor tablets geldt hetzelfde principe, alleen is de interne accu meestal groter dan die van een telefoon. Daardoor lijkt een powerbank die voor je telefoon prima is, bij een tablet ineens snel leeg. Dat is niet vreemd: je giet simpelweg meer water in een grotere emmer. Voor laptops ligt het net even anders: daar draait het niet alleen om capaciteit, maar vooral om het vermogen (wattage). Daar komen we zo op terug.


🔋Tot zover ging het over de hoeveelheid energie (mAh/Wh). De volgende stap is de afgifte: met welk vermogen (watt) kan de powerbank die energie aan je telefoon, tablet of laptop leveren? 


Snelheid: wattage maakt het verschil

Capaciteit zegt iets over hoe vaak je kunt laden. Snelheid gaat over wattage: hoeveel vermogen de powerbank kan leveren. Dat vermogen is vooral relevant als je snel wilt bijladen, of als je een tablet of laptop wilt opladen. USB-c is daarbij de norm geworden, en USB Power Delivery (PD) is de techniek waarmee lader en toestel afspraken maken over spanning en stroom. Je powerbank en je telefoon of laptop stemmen dat onderling af, zodat laden snel kan zonder dat het onveilig wordt. Daarvoor moeten de poort en je kabel het wel ondersteunen. Let daarom ook op de aansluitingen: usb-c heb je nodig voor snelladen met Power Delivery, terwijl usb-a vooral handig is als je oudere kabels of accessoires gebruikt.

©vadish - stock.adobe.com

Eén powerbank voor telefoon én laptop: waar je op let

Een laptop opladen vraagt meer dan een telefoon. Bij een telefoon kom je vaak weg met 10 tot 20 watt. Een laptop heeft meestal 45 watt of meer nodig, en veel modellen werken prettiger met 65 watt of hoger, zeker als je tijdens het laden ook blijft werken. De beste snelcheck is simpel: kijk naar het wattage van je eigen laptoplader. Dat is je richtgetal. Zit je daar ver onder, dan kan het laden extreem traag worden, of je laptop accepteert de lader helemaal niet.

Ook de juiste kabel is belangrijk. Voor hogere vermogens is niet elke usb-C-kabel geschikt. Tot ongeveer 60 watt (meestal 20 V bij 3 A) gaat het vaak goed met een kabel die expliciet 3 A ondersteunt. Ga je boven de 60 watt, dan heb je doorgaans een usb-c-kabel nodig die 5 A aankan. Zulke kabels hebben meestal een kleine chip in de stekker, een zogeheten e-marker. Die chip vertelt aan de powerbank en je laptop dat de kabel veilig meer stroom kan verwerken. Zie het als een identiteitsbewijs: zonder e-marker schakelt het systeem vaak terug naar een lagere stand, zodat het laden langzamer gaat en de kabel niet te warm wordt. Kijk in de specificaties of op de kabel zelf of er 3 A (tot circa 60 W) of 5 A (voor hogere vermogens) staat; dat is de snelste check. 

Formaat en gewicht: energie weegt nu eenmaal wat

Meer capaciteit betekent meestal meer cellen, en dus meer gewicht. Een powerbank van 20.000 mAh zit vaak ergens in de buurt van 350 tot 500 gram. Dat voelt in een jaszak al snel log. In een rugtas valt het mee. Stel jezelf dus de vraag: wil je elke dag een kleine powerbank mee voor noodgevallen, of is dat voor jou niet genoeg en ga je dus voor een grotere powerbank? 

Veiligheid: kies niet alleen op prijs

Bij draagbare accu's wil je geen twijfel over veiligheid. Een powerbank hoort bescherming te hebben tegen oververhitting, overladen en kortsluiting, maar bij heel goedkope modellen is dat niet altijd goed geregeld. De kans dat het misgaat is klein, alleen zijn de gevolgen groot als het wél gebeurt. Kies daarom liever een merk dat laat zien hoe het met veiligheid omgaat en dat testnormen en keurmerken gewoon vermeldt. Je hoeft die standaarden niet uit je hoofd te leren, maar het helpt als een merk concreet zegt welke testen en keurmerken het gebruikt. 

Zo kies je de juiste powerbank

 De juiste powerbank kies je door stap voor stap te bepalen wat je nodig hebt: eerst de hoeveelheid energie (liefst in Wh, met mAh als praktische indicatie), daarna de laadsnelheid (wattage en PD), en pas daarna pas de vorm en het gewicht. Voor dagelijks gebruik zit je vaak goed met een compacte powerbank rond 10.000 mAh met usb-c en Power Delivery. Wil je meer capaciteit zodat je meerdere keren kunt opladen (of ook je tablet opladen), dan is 20.000 mAh logischer. Houd er dan wel rekening mee dat de powerbank zwaarder wordt. Wil je ook een laptop kunnen laden, kijk dan naar het wattage van je laptoplader en kies een powerbank die dat vermogen via usb-c PD kan leveren, inclusief een kabel die geschikt is voor dat hogere vermogen.

▼ Volgende artikel
Chloe en Max keren terug in Life is Strange: Reunion
Huis

Chloe en Max keren terug in Life is Strange: Reunion

Uitgever Square Enix heeft de game Life is Strange: Reunion aangekondigd, een nieuw deel in de Life is Strange-franchise.

Begin deze maand gingen er al geruchten over het spel, omdat de naam al gemeld werd op de website van PEGI, de Europese organisatie die leeftijdskeuringen geeft aan spellen. Inmiddels is de game dus officieel aangekondigd en valt hieronder de eerste trailer te zien.

De allereerste Life is Strange-game draaide om hoofdpersonage Max Caulfield en haar vriendschap met Chloe Price. Vervolgen Life is Strange 2 en Life is Strange: True Colors draaiden echter om andere personages. In het in 2024 uitgekomen Life is Strange: Double Exposure keerde Max al terug, en in het aanstaande Reunion zijn beide dames weer te zien.

Terug naar Caledon University

Sterker nog: Life is Strange Reunion moet de saga rondom Max en Chloe in zijn geheel afronden. Het is dus waarschijnlijk dat dit de laatste game wordt waarin beide vriendinnen te zien zijn. Spelers doen wederom Caledon University aan, waar Max als een fotografiedocente werkt. Wanneer ze na een weekendje weg terugkeert, staat de school echter in brand, wat desastreuse gevolgen heeft voor het gebouw en de studenten.

Max kan zelf echter ternauwernood ontsnappen dankzij een speciale kracht waardoor ze de tijd kan terugspoelen - een kracht die terugkeert uit het oorspronkelijke spel. Max heeft vervolgens drie dagen de tijd om uit te zoeken hoe de brand ontstond en het tegen te houden. Tegelijkertijd arriveert ook Chloe op Caledon, die geplaagd wordt door de nachtmerries van een verleden die ze nooit heeft meegemaakt.

Spelers besturen in deze verhalende adventuregame afwisselend Max en Chloe, waarbij men gebruik kan maken van de terugspoelkrachten van Max en Chloe's praatgrage mond om meer info te achterhalen.

Vanaf 26 maart beschikbaar

Life is Strange: Reunion verschijnt op 26 maart voor PlayStation 5, Xbox Series X en S en pc. De standaard versie gaat 49,99 euro kosten, maar er komen ook een Deluxe Edition (59,99 euro), Twin Pack met Life is Strange: Double Exposure (69,99 euro) en Collector's Edition (prijs in euro's nog niet bekend, 99,99 dollar) beschikbaar.

Watch on YouTube
Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.