ID.nl logo
Zekerheid & gemak

Overal beeld en geluid

Of je foto’s, video’s en muziek nu op je pc staan dan wel op internet, je kunt ze tegenwoordig overal naartoe streamen, in de woonkamer of daarbuiten. Daarvoor heb je natuurlijk een mediastreamer nodig. Maar welke?

Bijna alles wat je tegenwoordig bekijkt of beluistert, doe je op je computer. De digitale wereld wordt steeds groter en belangrijker, maar dat mag jou niet beperken om enkel je computer hiervoor te gebruiken. Je wil toch net zo goed naar je films kijken op je televisie? Of je favoriete muziek in de woonkamer beluisteren? Hoog tijd om al die media los te koppelen van je computer en overal beschikbaar te maken. En wat heb je daarvoor allemaal nodig? Een woord: dlna.

Muziek op één plaats is leuk, maar overal muziek in huis is nog veel fijner als je een muziekliefhebber bent. De meeste multi-roompakketten hebben een pittig prijskaartje, en dat is ook zo bij Sonos. Dat brengt multi-room muziek, streaming audio en draadloze communicatie in een aantrekkelijk pakket. De bediening is bovendien uiterst simpel via een Android of iOS smartphone, of via een aparte afstandsbediening. Met Sonos heb je naast streaming radio ook toegang tot je compete muziekbibliotheek. Je kunt zelfs per luidspreker een ander liedje kiezen, omdat niet iedereen in huis dezelfde muzieksmaak heeft. Een set met twee Play:3 luidsprekers kost € 647.

Let er wel goed op als je Apple TV wilt gebruiken in combinatie met je nas. Omdat Apple TV niet compatibel is met dlna, moet je ervoor zorgen dat je nas Apple TV ondersteunt – meer belangrijk: iTunes-server. Dit is heel belangrijk om te weten, want Apple TV heeft geen harde schijf aan boord waarop je films of muziek kunt opslaan. De reden waarom Apple TV deze optie bemoeilijkt, is hun focus op iTunes. Apple wil namelijk dat je alle films via iTunes bestelt, rechtstreeks op je Apple TV, zonder dat je daarvoor een nas of computer met dlna nodig hebt. Deze optie is voor bepaalde gebruikers voldoende, maar hou er zeker rekening mee.
Naast je televisie is Airplay net zo handig bij luidsprekers. De meeste dockingstations of draadloze luidsprekersets ondersteunen Airplay, waardoor je met een klik al je muziek kunt beluisteren door het hele huis. Airplay luidsprekers heb je in allerlei prijscategorieën, wat benadrukt dat ook muziekfanaten aan hun trekken komen. Prijzen variëren van € 149 tot € 599 euro, en zelfs meer. De JBL On Beat Air (€ 249) zit in het goedkopere segment en de Bowers & Wilkins Zeppelin Air (€ 599 euro) duidelijk in het duurdere.

Films wil je graag op je televisie zien, maar muziek mag er best overal zijn. Om handig muziek vanaf je computer of nas te spelen, kan je een mediastreamer op een home-cinemasysteem aansluiten. Een tweede alternatief hebben we ook al aangehaald bij Airplay, waar je met je iPad, iPhone of iPod Touch draadloos muziek kunt beluisteren. Er zijn voor muziek nog veel meer opties, al dan niet multi-room.
Een gevestigde waarde is Squeezebox. Logitech heeft deze netwerkspecialist gekocht en ondergebracht onder de merknaam Logitech UE. Hun muziekspeler combineert internetradio en je muziekbibliotheek in een handig klein doosje. Het enige wat je nodig hebt, is een (draadloze) internetverbinding. Opnieuw heb je een computer nodig waarop je muziekcollectie staat, of een nas. Er bestaan muziekspelers die je moet verbinden met een bestaande muziekinstallatie, zoals de Pioneer N-30 (€ 349), maar er zijn er ook met ingebouwde luidsprekers, zoals de Logitech UE Smart Radio (€ 179).

Apple staat erom bekend dat het eigen standaarden gebruikt die niet compatibel zijn met andere apparaten. Dat geldt ook in het geval van dlna, want Apple ondersteunt dit protocol helemaal niet. Het bedrijf heeft namelijk een eigen standaard ontwikkeld. Met AirPlay – dat voornamelijk bedoeld is voor het draadloos versturen van audio en video – wordt ongeveer hetzelfde bereikt als met dlna, maar het is bijvoorbeeld ook geschikt voor draadloze speakers. AirPlay is echter niet compatibel met dlna, zodat afspelen van of naar dlna-apparaten vaak niet mogelijk is.
Wat gebeurt er als een belangrijke fabrikant als Apple iets nieuws start? Dan zijn alle accessoirefabrikanten er als de kippen bij. Airplay-toestellen schieten als paddenstoelen uit de grond, van luidsprekers tot mediastreamers. De meest evidente koppeling is met een Apple TV (€ 119) mediastreamer. Dit bijzonder kleine apparaatje kan al je media vanaf je iPhone, iPad of iPod Touch draadloos bereiken en direct op het grote scherm tonen. Ideaal wanneer je bijvoorbeeld een spelletje op het grote scherm wilt spelen, een film wilt afspelen of gewoon wat foto’s wilt tonen vanaf je iOS-toestel.

De interessantste plaats waar je graag al je media wilt bekijken, is waarschijnlijk de woonkamer. Foto’s op een groot scherm tonen, films van je computer afspelen, daarvoor dient tenslotte die mooie grote flatscreen! De meeste flatscreens hebben tegenwoordig een usb-aansluiting waar je een usb-stick met media kunt inpluggen. Handig om af en toe te gebruiken, maar als je regelmatig je televisie wilt inschakelen voor al je media, raden wij je toch aan om een aparte mediastreamer in huis te halen voor een beter gebruiksgemak. Dit is (meestal) een klein toestel dat je rechtstreeks met je televisie verbindt.

Er zijn twee soorten mediastreamers: met en zonder harde schijf. Eentje zonder harde schijf is goedkoper, zoals de Xtreamer TV (€ 129), maar hiermee ben je volledig afhankelijk van je thuisnetwerk of een aparte usb-stick. Heb je je computer waarop de media staat niet aan staan, of heb je geen nas in huis? Dan moet je de computer inschakelen of een usb-stick halen. Zo’n mediastreamer zonder harde schijf is bovendien ook heel klein, waardoor ze de gekste vormen kunnen aannemen. De Boxee Box van D-Link (€ 169) is hiervan het beste voorbeeld.
De mediastreamers met harde schijf zijn een stuk praktischer dankzij hun vaste opslagcapaciteit. Meestal worden ze leeg verkocht, zoals de uitstekende maar dure Popcorn Hour A-400 (€ 309), waardoor je zelf nog kunt kiezen wat voor harde schijf je installeert. Sommige fabrikanten brengen ook een mediastreamer op de markt met een ingebouwde harde schijf, zoals de Western Digital TV Live Hub 1TB (€ 189). Het voordeel van die harde schijf is dat je daarop veel films en foto’s kunt zetten. Heel handig wanneer je geen nas in huis hebt en je niet steeds je computer wilt inschakelen.

Om een vlekkeloze media-ervaring te hebben, is een universele standaard nodig. Sinds 2003 is die er: dlna, opgezet door Sony. Op de verpakking van vrijwel iedere nieuwe televisie, blurayspeler of mediastreamer in de winkel vind je het logo van dlna terug. Maar wat betekent dit logo eigenlijk, en belangrijker: wat hebt je er thuis aan? Kort gezegd is een apparaat dat voorzien is van dlna in staat om andere apparaten met dezelfde functionaliteit te herkennen in een netwerk, zonder extra instellingen. Via het dlna-protocol kan bijvoorbeeld een mediaspeler muziek rechtstreeks afspelen op een televisie, zonder dat de televisie hiervoor zelf bediend hoeft te worden. De enige vereisten om multimedia vanaf een apparaat op een ander apparaat af te spelen, zijn: a) dat het apparaat waar naartoe wordt gespeeld, is ingeschakeld, b) dat het aan een netwerk hangt – bedraad of draadloos – en natuurlijk c) dat het dlna ondersteunt.
Dlna-gecertificeerde apparaten maken gebruik van een netwerkprotocol om elkaar te kunnen vinden en zien binnen een thuisnetwerk. Als je een apparaat met dlna wil gebruiken binnen een netwerk thuis, dan zal je minstens moeten beschikken over een router met dhcp-functionaliteit, zodat alle apparaten die op het netwerk zijn aangesloten, automatisch van een ip-adres worden voorzien.

Dlna-apparaten werken allemaal volgens het universal Plug and Play (upnp)-principe. Via upnp worden toestellen binnen het netwerk herkend aan de hand van de naam van het apparaat en het ip-adres. Zonder universal Plug and Play werkt dlna niet (goed), omdat apparaten binnen een netwerk dan niet gevonden kunnen worden. Een netwerkrouter die upnp ondersteunt, kan het zoeken naar alle upnp-apparaten overigens aanzienlijk versnellen.
Veel mensen realiseren het zich niet, maar ook Windows 7 en Windows 8 zijn dlna-compatibel. Via Windows Media Player 12 is het namelijk mogelijk om van alle dlna-compatibele apparaten in het netwerk de media af te spelen. Apparaten die media kunnen afspelen naar een ander apparaat, kunnen ook gebruikmaken van Windows Media Player om die media op de betreffende computer af te spelen. Ook onderling kan er audio en video van en naar de verschillende Media Players op computers binnen een netwerk worden gestuurd. Microsoft heeft de dlna-functionaliteit van Windows standaard echter uitgeschakeld. Schakel die dus eenmalig in, en Windows onthoudt die wijziging voor altijd.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.