ID.nl logo
Zekerheid & gemak

De grootste uitdagingen voor de toekomst van zonne-energie

Zonne-energie staat grotendeels nog in de kinderschoenen. De duurzame toekomst ziet er veelbelovend uit, maar er zijn ook uitdagingen. We spraken daarover met Prof. dr. J.C. (Kees) Hummelen (hoogleraar Organische Chemie aan de Rijksuniversiteit Groningen).

Lees eerst: Revolutie in zonne-energie: de organische zonnecel

De onderzoeksgroep van Hummelen stort zich op alternatieven voor de stijve, dikke silicium zonnecellen. “We werken aan de zonnepanelen van de toekomst. Semi-transparant, flexibel, meerkleurig, van twee kanten te beschijnen.’

Zonnepanelen moeten namelijk aantrekkelijk worden, denkt Hummelen, zodat mensen ze ook echt willen. “Anders krijg je hetzelfde gesodemieter als met windenergie op land, waarvan mensen terecht zeggen: “Jongens, dit is lelijk”. Dat wil je niet! Je moet dus zorgen dat je zonnepanelen integreert met de omgeving. Zowel in de bebouwde omgeving als in de natuur.”

Een goed voorbeeld is volgens de wetenschapper het Duitse bedrijf Opvius, dat plastic zonnepanelen maakt die opgaan in de omgeving. “Deze firma zegt: “Wil je zeshoekig, vierkant, een patroontje of andere kleur? Wat wil je graag? Dan maak ik het.” Het is niet super goedkoop, maar dan heb je custom made plastic zonnecellen. En daar kun je hele leuke dingen mee doen.”

Op maat gemaakt, dat is de toekomst voor plastic zonnecellen, meent de chemicus. Je kunt ze combineren met dubbelglas, of flexibele materialen: doek, zeilen, kleding. “Welkom in de nieuwe realiteit.”

Rendement verhogen

Maar dan moet wel het rendement nog wat omhoog. En dat kan best. Bijvoorbeeld door de limieten van een zonnecel te doorbreken. “Het spectrum van het zonlicht is nogal breed. Het is onmogelijk om dat allemaal om te zetten in elektriciteit”, vertelt Hummelen. “Aan de blauwe kant van het spectrum is er namelijk te veel energie. Daar kan een zonnecel niets mee. En aan de rode kant van het spectrum kan de halfgeleider op een zeker moment het licht niet meer absorberen. Dat heeft niet genoeg energie om die halfgeleider aan te slaan.” Een zonnecel op aarde kan daardoor gewoonlijk niet meer dan 33 procent rendement hebben.

Hoe kom je daaraan voorbij? De eenvoudigste oplossing is het stapelen van zonnecellen: eentje voor het blauwe licht, eentje voor het gele licht en de laatste voor het infrarode licht. Het wereldrecord van een dergelijke tandem zonnecel staat op een rendement van 46 procent. Deze techniek wordt vaak toegepast op zonnepanelen die de ruimte in gaan. Leuk, maar onbetaalbaar voor de gemiddelde aardbewoner.

Dan passen we het zonnespectrum toch gewoon aan?

-

Zijn er andere manieren? “Je kunt zeggen dat het de schuld is van het zonnespectrum”, begint Hummelen. “Nou weet je wat, dan passen we het zonnespectrum toch gewoon aan? Er zijn twee mogelijkheden. Aan die blauwe kant hebben de fotonen twee keer zoveel energie dan nodig is om geabsorbeerd te worden. Als ik die qua energie doormidden knip, dan heb ik twee fotonen die alsnog van voldoende energie zijn. En aan de andere kant heb ik slappe infrarode fotonen, die hebben niet voldoende energie om geabsorbeerd te worden door die halfgeleider. Wat is de oplossing? Tel twee bij elkaar op.”

Klinkt simpel, maar het is nog toekomstmuziek, geeft Hummelen toe. “Tijdens mijn colleges zeg ik over het doormidden knippen van fotonen: “It takes a very special pair of scissors”. Dit komt niet binnen vijf jaar in een zonnecel. Misschien over twintig jaar. Dat duurt nog lang, maar het geeft geweldige uitdagingen en we hebben er hele leuke resultaten mee geboekt.”

Duurzaam als statussymbool

Er is nog een belangrijke ontwikkeling nodig in de wereld van zonne-energie, meent de Groningse onderzoeker. Mensen moeten durven te investeren, vindt hij. “De gemiddelde Nederlandse man is graag bereid om vijf keer zoveel uit te geven aan een auto als strikt noodzakelijk is. Maar als het zonnepaneel op zijn dak duurder is dan die van de buurman, dan heeft hij het gevoel dat hij iets fout heeft gedaan. En daar moet verandering in komen. Waarom is die fucking auto wel een statussymbool? En waarom is het niet mooi om je huis op een aantrekkelijke manier van zonnepanelen te voorzien? Dat kan ook nu al, er zijn rode, paarse en groene silicium zonnepanelen. Maar de prijs is dan wel hoger, het is dan geen Lada maar een BMW.”

Over auto's gesproken, kan de elektrische auto van de toekomst eigenlijk rijden op de energie die de zonnepanelen op z’n eigen dak produceren? Onmogelijk, denkt Hummelen. “Nou ja, het kan wel. TU Eindhoven laat dat zien. Je kunt wel snel uitrekenen dat de hoeveelheid energie die de zon geeft als die volop schijnt 1000 watt per vierkante meter is. Dus hoeveel vierkante meter wil je je autodak hebben? Mag die wel 10 vierkante meter zijn, zoals die auto uit Eindhoven? Als mijn Fiat 500 dat moet doen, dan houdt het met een vierkante meter op. Dat is misschien genoeg om de binnentemperatuur mee te regelen.”

©PXimport

Nog zoiets waar Hummelen mee wil afrekenen: het idee dat alle zonnepanelen op een hoek van 35 graden op het zuiden moeten liggen. “Dat is belachelijk! Dat zijn de centjes. Het gaat alleen maar om: ik wil een zo hoog mogelijk rendement en mijn terugverdientijd moet zo kort mogelijk. Goed bedoeld natuurlijk, maar het resultaat is dat in Europa op een zonnige middag al die zonnepanelen hun stroom op hetzelfde moment produceren. En met de huidige manier van stroomgebruik hebben we die stroom op dat moment niet allemaal nodig en gaat er dus veel verloren.”

Er zijn oplossingen voor: bijvoorbeeld door de consumentenprijs erop aan te passen. “Voor de energieproducent gaat die prijs gedurende de dag heen en weer”, zegt de onderzoeker. “Maar de consument betaalt 22 cent, dag en nacht. Het zou geweldig zijn dat op het moment dat al die zonnepanelen werken, en er dus een enorm aanbod is, alle wasmachines een signaal krijgen. Alsof het handel is. “De prijs is beneden een dubbeltje. Hoppa aan de gang!”

Windenergie inhalen

Het zou beter zijn als iedereen zijn panelen ook op oost en west zou plaatsen, zodat gedurende de dag de productie verdeeld is. Dat kan bijvoorbeeld gestimuleerd worden door richtingsafhankelijke subsidie in te stellen, denkt Hummelen.

Maar nog veel beter werkt misschien de snelle daling van de aanschafprijs voor silicium zonnepanelen. “Over tien jaar kan het niemand meer schelen of ze op zuid of oost liggen, want dan kost het toch niks. Dat gaat komen, dat de panelen zo weinig kosten dat iedereen ze in alle richtingen gaat leggen. Dat hele verhaal van: “Zonne-energie is leuk, maar het is duur”, dat gaat helemaal over de kop!”

Tot die tijd gaat het werk aan het veelbelovende perovskiet gewoon door. Over vijf jaar is misschien een eerste versie van een zonnecel met het materiaal te koop, denkt Hummelen. “En tegen die tijd is het rendement van de plastic zonnecel tussen de 15 en 17 procent. Dan wordt het commercieel interessant en dat kan ineens een doorbraak geven”, verwacht de chemicus.

En misschien dat dan zonnepanelen eindelijk worden geïntegreerd in dakpannen, tassen, middenbermen en ramen. Hummelen: “Ik voorspel dat zonne-energie windenergie gaat inhalen, zowel op land als op zee.”

▼ Volgende artikel
Gerucht: Slimme brillen van Meta krijgen gezichtsherkenning
© Vadym - stock.adobe.com
Gezond leven

Gerucht: Slimme brillen van Meta krijgen gezichtsherkenning

Meta zou in de loop van dit jaar gezichtsherkenningstechnologie aan diens slimme brillen willen toevoegen.

Dat claimt The New York Times van bronnen te hebben vernomen. De gezichtsherkenningstechnologie zou ergens later dit jaar naar de slimme Ray-Ban- en Oakley-brillen van het bedrijf komen.

Volgens The New York Times zouden de brillen met de technologie gezichten in de omgeving kunnen identificeren via de ingebouwde camera. Daar zouden de brillen profielen van socialmediaplatforms van Meta, zoals Facebook en Instagram, voor gebruiken. Vervolgens zouden dragers van de bril informatie over de persoon in kwestie krijgen.

Logischerwijs zorgt het gerucht voor wat ophef rondom privacy. Meta zou dan ook nog overwegen dat het alleen mogelijk wordt om de technologie in te zetten bij mensen waar de drager een connectie mee heeft op social media. Maar het is nog niet uitgesloten dat Meta er voor kiest dat met de bril ook vreemden herkend kunnen worden via openbare profielen.

Het lijkt waarschijnlijk dat de functie er komt; The New York Times citeert een interne memo van Meta waarin te lezen valt dat het een goed moment is om de functie te lanceren gezien de huidige politieke onrust. Dit omdat veel organisaties die bezwaar zouden maken tegen dergelijke technologie, het te druk zouden hebben met andere problemen. Meta zelf heeft het gerucht aan The New York Times bevestigd noch ontkend.

▼ Volgende artikel
RAM(p)-scenario: waarom tech in 2026 duurder wordt
© ID.nl
Huis

RAM(p)-scenario: waarom tech in 2026 duurder wordt

Je merkt het aan laptops, smartphones en gameconsoles: de prijzen lopen dit jaar op. Inflatie speelt mee, maar dat is niet de voornaamste reden. Waar chipmakers, vooral de geheugenfabrikanten, tot voor kort vooral produceerden voor de traditionele (consumenten)markt, gaat er nu steeds meer capaciteit naar grote AI-datacenters. Daardoor worden geheugen en opslag schaarser. En als iets schaarser wordt, stijgt de prijs. Hoe dat zit en wat dat voor jou betekent, lees je hier.

AI als Rupsje Nooitgenoeg

Zie de geheugenchipindustrie als een bakkerij met een beperkt aantal ovens. Jarenlang werd de capaciteit van die ovens gebruikt voor standaardbrood: regulier DRAM-geheugen (Dynamic random access memory)en NAND-opslag (flashgeheugen) voor consumententech. Nu vragen AI-servers om een nieuw soort brood: high bandwidth memory (HBM). HBM is speciaal geheugen dat direct naast de rekenchip zit, zodat data veel sneller heen en weer kan. En de vraag is groot: marktanalisten verwachten dat datacenters in 2026 een heel groot deel van de geproduceerde geheugenchips gaan opslokken, met schattingen die richting 70 procent gaan Het gevolg is simpel: als meer ovens worden gereserveerd voor dat 'speciale brood', kan er minder standaardbrood gebakken worden. En dat betekent dus dat gewoon geheugen fors duurder aan het worden is.

©Bron prijsdata: Tweakers

RAM-tekort is niet de enige oorzaak

Dat de prijzen van geheugen en opslag in korte tijd zo gestegen zijn, ga je dus voelen: want dit zijn basis-onderdelen in bijna elke laptop of smartphone. Daar komt nog bij dat ook cpu's tijdelijk lastiger te leveren (en in sommige gevallen duurder) waren. Ook van andere onderdelen (denk: printplaten, batterijen en stroomregelchips) is de prijs omhoog aan het gaan. Daarnaast maken nieuwe standaarden zoals Wifi 7 en USB 4 sommige onderdelen bovendien complexer en daarmee duurder.

Geheugenchip en geheugen, wat is het verschil?

Een geheugenchip is het fysieke onderdeel dat uit de fabriek komt: zo'n klein rechthoekig blokje dat je op een printplaat ziet zitten. Je kunt het zien als bakstenen en een muur. De geheugenchips zijn de bakstenen. Een RAM-module is de muur, opgebouwd uit meerdere bakstenen op één printplaat. Een typische module bevat meerdere chips die samen die 8, 16 of 32 GB vormen. En precies daarom werkt een tekort aan chips zo snel door. Als er minder chips beschikbaar zijn, kun je minder RAM-modules maken, minder ssd's vullen en minder chips plaatsen in laptops, telefoons en tablets.

©Batorskaya Larisa

Laptops, smartphones en consoles: daarom worden ze duurder

De onderstaande tabel laat zien globaal zien welk deel van het budget naar de verschillende onderdelen gaat. Daarbij moet wel aangetekend dat het om een schatting van percentages gaat; harde cijfers hierover zijn moeilijk te vinden.  Hierdoor zie je beter waar de pijn van de huidige geheugen- en chiptekorten het hardst wordt gevoeld.

OnderdeelLaptopSmartphone (premium)Gameconsole (PS5 Pro/Xbox)
Geheugen & opslag10% - 25%10% - 20%35% of meer
Processor (CPU/SoC)15% - 30%25% - 35%30% - 40%
Scherm / Display10% - 20%15% - 25%N.v.t.
Behuizing / Koeling5% - 10%5% - 10%10% - 15%
Batterij5% - 10%5% - 10%N.v.t.

Kijk je puur naar deze tabel, dan zou je verwachten dat vooral gameconsoles heel sterk in prijs gaan stijgen. Maar volgens kenners van de markt zouden consolebouwers hun best doen om in ieder geval voorlopig de prijs gelijk te houden – juist omdat de Switch 2 net uit is en de Xbox Series en PS5 al meerdere prijsverhogingen hebben gehad. De klap daar zal eerder opgevangen worden door alles eromheen: denk aan accessoires en abonnementen zoals PlayStation Plus.

Bij laptopfabrikanten en smartphonemakers ligt dat anders. Die hebben geen andere producten in het ümfeld die ingezet kunnen worden om de kosten van het belangrijkste product niet al te veel te hoeven verhogen. De stijgende kosten van geheugen, opslag en processor zullen daar dus wel impact gaan hebben, zo is de verwachting.

Welke prijsstijgingen kun je verwachten?

Het blijft een inschatting, maar verschillende marktonderzoeken komen grofweg op hetzelfde neer. Voor een nieuwe laptop moet je dit jaar rekening houden met een extra kostenpost van ongeveer 100 tot 200 euro, afhankelijk van het segment en de gekozen configuratie. Bij smartphones gaat het vaker om 50 tot 100 euro per model. Het precieze bedrag verschilt per merk, maar de tendens is duidelijk: als consument ga je meer betalen.

Hogere prijzen of minder waar voor je geld

Die impact heeft grofweg twee smaken. Enerzijds zal vooral premium tech duurder worden, maar krijg je daar wel meer voor terug; anderzijds zullen bij mid-range tech de prijzen waarschijnlijk minder hard stijgen, maar krijg je daar tegelijkertijd minder waar voor je geld. Krimpflatie.

Premiumtech: duurder, maar meer mogelijkheden

Hier spelen twee dingen: niet alleen zijn chips minder goed leverbaar, er wordt tegelijkertijd hard gewerkt aan nieuwe productietechnieken (zoals de 2-nanometer chiptechnologie van marktleider TSMC). De productie van zo'n nieuwe chip is een ingewikkeld en duur proces. Dat drijft de prijs op.

Wel is het zo dat je als consument profiteert van de mogelijkheden van de nieuwste generatie chips. Die kunnen langer hoge prestaties volhouden en toch koeler blijven, simpelweg omdat de chip efficiënter met energie omgaat. Dat merk je echt in de praktijk. Dus ja, je betaalt meer, maar je krijgt er ook meer voor terug.

©StocksJust4You - stock.adobe.com

Mid-range: niet duurder, wel mindere specs

Bij de middenklasse proberen merken de prijs aantrekkelijk te houden. Als onderdelen duurder worden, moeten ze ergens compenseren. Je krijgt dan voor ongeveer dezelfde adviesprijs als het model van vorig jaar een smartwatch of telefoon met minder opslag, minder RAM of trager werkgeheugen dan de generatie van vorig jaar. Of het model wordt uitgekleed: extra's (bijvoorbeeld een snellere opslagvariant, betere camera, luxere afwerking) verdwijnen.

En de budgetmodellen?

Hele goedkope modellen hebben het extra lastig. Daar zit weinig marge op, dus een stijging van onderdelenprijzen hakt er direct in. Het principe is hetzelfde als bij mid-range, maar het pakt hier vaker scherper uit: er is minder ruimte om kosten op te vangen, dus je merkt het sneller in RAM, opslag of snelheid. Daarnaast kunnen fabrikanten in het laagste segment ook kiezen om instapmodellen te schrappen, of om 'nieuwe' modellen uit te brengen die intern weinig veranderen. Dat betekent vaak ook: minder keuze voor jou.

Conclusie

Tech is in 2026 duurder geworden omdat de chipindustrie zich steeds meer richt op AI-datacenters. Daardoor verschuift productiecapaciteit naar specialistisch geheugen, en stijgen de prijzen van standaardgeheugen en opslag.

Het advies voor jou is vooral praktisch: als je nu al weet dat je extra RAM, een grotere ssd of een nieuwe smartphone, laptop of gameconsole nodig hebt, wacht dan niet te lang. De signalen uit de markt wijzen erop dat prijzen en beschikbaarheid voorlopig onder druk blijven staan. Dat maakt vergelijken weer belangrijker dan de afgelopen jaren. Kijk niet alleen naar de prijs, maar kijk extra goed naar de specificaties. En kijk daarbij vooral naar RAM en opslag: daar zie je de effecten van wat er nu speelt het snelst terug.