ID.nl logo
Review Eufy Indoor Cam S350 – Flexibel, zelfstandig en zeer capabel
© Wesley Akkerman
Zekerheid & gemak

Review Eufy Indoor Cam S350 – Flexibel, zelfstandig en zeer capabel

De Eufy Indoor Cam S350 is een slimme beveiligingscamera voor binnen, die op flexibele wijze alles binnenshuis in de gaten houdt. Alvast twee voordelen: je hebt geen cloudabonnement nodig en je kunt de camera geheel zelfstandig gebruiken. De adviesprijs van 129 euro valt ook mee.

Fantastisch
Conclusie

Eufy biedt een zeer compleet product, zonder daarvoor de hoofdprijs te vragen. De beeldkwaliteit is uitstekend, de camera is flexibel (en zelfstandig) inzetbaar en de integratie met andere Eufy-producten is uitstekend. Echter, integratie met diensten van derden valt dan weer tegen en ook is het jammer dat je video’s alleen met een omweg kunt exporteren. Het geluid kan beter, maar staat de ervaring niet heel erg in de weg. Zoek je een fijne, capabele indoorcamera? Dan is de Eufy Indoor Cam S350 iets voor jou.

Plus- en minpunten
  • Beeldkwaliteit
  • Bouwkwaliteit en design
  • Flexibiliteit
  • Overzichtelijke app
  • Integratie met Eufy-producten
  • Cloudopslag niet verplicht
  • Lokale opslag via microSD-kaart
  • Matige externe integratie
  • Audiokwaliteit kan beter
  • Video's exporten met een omweg

Dankzij de twee lenzen in de kantelende kop van de Eufy Indoor Cam S350 krijgt deze indoor-beveiligingscamera een beetje een koddig en speels karakter. Dat doet echter niets af aan de kwaliteit en flexibiliteit van het product. De camerakop kan omhoog en omlaag bewegen en bevat twee lenzen die maximaal de 4K-resolutie ondersteunen. Je kunt er tot drie keer optisch mee inzoomen en tot acht keer digitaal (dankzij de tweede telelens). De basis onderop kan helemaal omdraaien, waardoor je een complete kamer in de gaten kunt houden.

Een camera die gebeurtenissen volgt

Door het draaien en kantelen is de Eufy Indoor Cam S350 in staat gebeurtenissen (lees: mensen of huisdieren) te volgen, wanneer je die functie activeert binnen de vernieuwde Eufy Security-app. Het is geen unieke functie, maar wel een die ontzettend goed werkt. Over het algemeen reageert de camera heel snel op bewegingen en is hij nagenoeg perfect in staat je te volgen.

Twee kanttekeningen bij de trackingfunctie. Verdwijn je voor een deel achter een plant, dan is de camera je kort kwijt. Maar dankzij het brede gezichtsveld van 130 graden heeft de Eufy Indoor Cam S350 je ook zo weer te pakken wanneer je achter zo'n obstakel vandaan komt. En het kan ook gebeuren dat de camera zich focust op je spiegelbeeld, wanneer je wegloopt bij een raam. Daar heeft dit systeem moeite mee: zelfs nadat we verder wegliepen van het raam, bleef de camera gefocust op ons spiegelbeeld. Dit gebeurde een paar keer 's avonds wanneer we door het huis liepen.

Het handig dat je vooraf ingestelde posities kunt instellen, waardoor je met een druk op de knop meteen een (deel van de) kamer kunt controleren. De app begeleidt je heel handig langs de instellingen.

De beeldkwaliteit is van hoog niveau. Niet alleen brengt de Eufy Indoor Cam S350 alles heel scherp in beeld (dankzij die maximale 4K-resolutie), ook oogt alles mooi kleurrijk. Sommige delen van het beeld zijn nogal donker, waardoor er wat details verdwijnen, maar dat is geen belemmering: je ziet nog steeds precies wat er in huis gebeurt, zowel overdag of 's avonds. Want dankzij de nachtvisie ziet de Eufy Indoor Cam S350 ook alles goed wanneer het donker is. De beelden zijn dan wel zwart-wit, er is geen nachtvisie in kleur.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Eufy Indoor Cam S350 installeren

De installatie kan een beetje een gedoe zijn. Wij hebben hier – omdat we tegelijkertijd diverse andere Eufy-producten testen – ook een HomeBase 3 staan (type S380). Daar hebben we andere camera’s voor binnen en buiten aan gekoppeld, evenals de nieuwe deurbel. We wilden de Eufy Indoor Cam S350 direct aan de HomeBase 3 koppelen, maar dat ging helaas niet. We moesten de camera eerst aan ons wifi-netwerk koppelen en vervolgens binnen de app de koppeling met het basisstation regelen.

Dit is geen reusachtig probleem, maar wel een beetje onhandig. Je moet – weliswaar eenmalig – extra handelingen verrichten om de verbinding tot stand te brengen en dat is omslachtig. Gelukkig krijg je niet meer met dat soort dingen te maken nadat de koppeling gemaakt is. Verder kun je daarna heel simpel de beelden lokaal opslaan op de harde schijf in de HomeBase. Je kunt eventueel ook een microSD-kaart gebruiken en je bent dus niet verlicht een abonnement af te nemen. Dat is bijna uniek in de markt van beveiligingscamera’s, waar veel fabrikanten juist geld verdienen aan cloudabonnementen.

Integratie met Eufy- en andere diensten

Wanneer je de Eufy Indoor Cam S350 koppelt aan de HomeBase 3, dan krijg je toegang tot allerlei andere, handige opties. Zo kun je de indoorcamera laten samenwerken met andere camera’s van het merk en ook het complete systeem op overkoepelend niveau bedienen. Ook krijg je daardoor toegang tot allerlei functies op basis van AI en kan de camera bekenden herkennen. Daardoor krijg je wellicht minder valse meldingen en krijg je alleen notificaties over onbekende mensen of verdachte omstandigheden. Er kleven eigenlijk geen nadelen aan die integratie.

Helaas is de ondersteuning voor andere diensten niet van een vergelijkbare kwaliteit. Zo is er geen ondersteuning voor Apple HomeKit, maar zou je de camera’s wel moeten kunnen integreren in Google Home en Amazon Alexa. Helaas lukte het ons niet om de camerabeelden ook echt binnen de Google Home-app op te vragen, dus daar hebben we nog weinig aan. Verder is het niet mogelijk de beelden direct op te slaan op een NAS. Mocht je een video elders willen opslaan, dan moet je dat handmatig via de app regelen door de opgenomen clip te downloaden.

Voor hoe slim en toegankelijk de Eufy Indoor Cam S350 binnen zijn eigen ecosysteem is, is het echt jammer dat het zo omslachtig is om videobeelden elders te kunnen gebruiken. Mogelijk heeft dit iets te maken met de manier waarop Eufy video versleutelt, omdat het bedrijf geleerd heeft van de fouten uit het verleden. Het zou fijn zijn als er in de toekomst betere exportopties beschikbaar zouden komen. De huidige manier is omslachtig en er zijn beveiligingscamera’s waarbij dit een stuk gebruiksvriendelijker is.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Overige zaken

De audiokwaliteit is niet van een heel hoog niveau: gebeurtenissen verder weg van de camera zijn lastiger hoorbaar. Maar ... we kunnen horen wat mensen zeggen, dus de kwaliteit is voldoende.

De rubberen poortjes houden de camera op z'n plek, maar je kunt hem ook aan de muur ophangen. Verder is het fijn dat de Eufy Indoor Cam S350 wifi 6 ondersteunt, en zowel de 2,4- als 5GHz-band gebruikt (dat voorkomt in elk geval wat installatiehobbels). Bovendien waarderen we de privacymodus. Al met al kunnen we dus spreken van een zeer complete camera, voor een mooi bedrag.

Eufy Indoor Cam S350 kopen?

En dat is tevens de conclusie die we verbinden aan de Eufy Indoor Cam S350. Eufy biedt een zeer compleet product aan zonder daarvoor de hoofdprijs te vragen. De beeldkwaliteit is uitstekend, de camera is flexibel (en zelfstandig) inzetbaar en de integratie met andere Eufy-producten is uitstekend. Echter, integratie met diensten van derden valt dan weer tegen en ook is het jammer dat je video’s alleen via een omweg kunt exporteren. Het geluid kan beter, maar staat de ervaring niet heel erg in de weg. Zoek je een fijne, capabele indoorcamera? Dan is de Eufy Indoor Cam S350 iets voor jou.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.