ID.nl logo
Review Huawei Mate 9: Prijzige topper heeft weinig concurrentie
© Reshift Digital
Huis

Review Huawei Mate 9: Prijzige topper heeft weinig concurrentie

Misschien ken je Huawei van de goedkope smartphones, maar de afgelopen jaren is de fabrikant zich steeds meer gaan richten op betere modellen met hogere prijskaartjes. De Mate 9 is het nieuwste toestel en heeft krachtige hardware. Daar betaal je wel 699 euro voor, dus zocht Computeridee uit of hij dat waard is.

Wie op zoek is naar een krachtige smartphone met een groot scherm, heeft dit jaar weinig keuze. De brandgevaarlijke Samsung Galaxy Note 7 is uit de handel gehaald, LG brengt de V20 vooralsnog niet naar ons land en fabrikanten als Sony en HTC hebben überhaupt geen grote, high-end smartphones in hun assortiment. De Huawei Mate 9 moet vooral opboksen tegen de Apple iPhone 7 Plus (vanaf 909 euro) en de oudere Samsung Galaxy S7 Edge (vanaf 549 euro).

Luxe metalen ontwerp

De Mate 9 is met zijn 5,9 inch beeldscherm een grote verschijning. Maar omdat de randen rond het display smal zijn, is het toestel exact even groot als de 5,5 inch iPhone 7 Plus. Een knappe prestatie, al blijft het een telefoon die je met twee handen moet bedienen. Dat is geen straf, want hij heeft een licht gebolde metalen behuizing die goed is afgewerkt en luxe aanvoelt. Wel is het jammer dat de telefoon niet water- en stofbestendig is. Ook de enkele speaker aan de onderkant valt wat tegen, en produceert middelmatig geluid. De vingerafdrukscanner aan de achterkant maakt meer indruk en is zeer accuraat en razendsnel. Het is veruit de beste scanner die we ooit op een smartphone hebben gebruikt. Fijn is de usb-c-poort, die geen onder of boven kent en bovendien sneller oplaadt dan het oude micro-usb.

©CIDimport

Groot beeldscherm

Het 5,9 inch beeldscherm heeft een full-hd resolutie. Het zorgt voor scherp beeld, maar op dit schermformaat én in deze prijsklasse is de scherpere qhd-resolutie de standaard. De Mate 9 leent zich daarom bijvoorbeeld minder voor Virtual Reality (VR), maar aan de andere kant zorgt de lagere resolutie voor een betere accuduur. Verder heeft het scherm goede kijkhoeken en een bijzonder hoge helderheid. De kleurweergave is wat oververzadigd, maar gelukkig aan te passen in de instellingen.

Lange accuduur

Een onderdeel waar Huawei groots op inzette bij de presentatie van de Mate 9 zijn de prestaties. De zelfontwikkelde Kirin 960 met 4GB werkgeheugen is veel sneller en heeft meer grafische kracht dan voorgaande Kirin-processors, en kan qua prestaties meekomen met de Galaxy S7 (Edge) en OnePlus 3T. De Mate 9 draait dan ook als een zonnetje en zware games zijn geen probleem.

©CIDimport

De grote 4000 mAh accu zorgt voor een lange accuduur van zo'n anderhalve dag, en wie het rustiger aandoet kan twee dagen vooruit. Zelfs bij een dag intensief gebruik, waarbij het scherm meer dan 5 uur aanstaat, is het lastig de smartphone voor het slapengaan leeg te krijgen. De accu volledig opladen neemt slechts 90 minuten in beslag, wat te danken is aan Huawei’s SuperCharge-technologie via de usb-c-poort.

De Mate 9 ondersteunt 4G+-internet en NFC en heeft een infraroodsensor. Het opslaggeheugen is met 64GB aan de ruimte kant en indien gewenst uit te breiden met een micro-sd-kaartje. Je verliest dan wel de dual-sim-functie.

Twee camera's voor zwart/wit-foto's

De camera’s zijn het tweede onderdeel waar Huawei op inzet. De Mate 9 heeft net als de P9-smartphone van begin dit jaar een dubbele camera die medeontwikkeld is door het bekende cameramerk Leica. Het moet zorgen voor een betere scherpte/diepteverhouding, een grotere lichtopbrengst in het donker en de mogelijkheid om zwart/wit-foto´s te schieten. Dit werkt allemaal heel aardig, en ten opzichte van de P9 zijn de cameraresoluties verhoogd van twee keer 12 naar 12 en 20 megapixel.
Ook in de normale stand maakt de Mate 9 goede plaatjes met veel detail en natuurgetrouwe kleuren, al vormt de belichting soms een probleem. Met de 8 megapixel frontcamera maak je scherpe selfies en voer je videogesprekken in full-hd-resolutie.

©CIDimport

©CIDimport

©CIDimport

©CIDimport

Software: het nieuwste van het nieuwste

De Android-software is het derde en laatste onderdeel waar Huawei zich mee wilt onderscheiden. De Mate 9 is de eerste Android 7.0 (Nougat)-smartphone die in Nederland wordt uitgebracht, en is één van de weinige toestellen die op moment van schrijven over de nieuwe softwareversie beschikt. Huawei introduceert op de Mate 9 ook zijn compleet nieuwe EMUI 5.0-schil die naar eigen zeggen meer is toegespitst op de niet-Aziatische gebruiker.

De software voert inderdaad veranderingen door en oogt rustiger en uniformer, met minder botsende kleuren en geen lelijke rondjes meer om app-icoontjes. Daarover gesproken: Huawei voegt ook eindelijk een appoverzicht toe waardoor je niet meer verplicht bent al je apps over de startschermen te verdelen. De fabrikant adverteert daarnaast met een eenvoudiger instellingenmenu waarbij vrijwel alle opties binnen een paar klikken te bereiken zijn. Dat klopt grotendeels, maar het menu is minder overzichtelijk dan die van de kale Android-versie. Gelukkig zijn er ook Android 7.0-zaken die EMUI rechtstreeks overneemt, bijvoorbeeld de modus om twee apps naast elkaar te draaien en snelle instellingen in de notificatiebalk.

©CIDimport

©CIDimport

©CIDimport

Jammer genoeg bevat EMUI nog steeds allerlei onnodige apps van Huawei en commerciële partijen als Twitter, WPS Office en Booking.com. De meeste kun je verwijderen of in ieder geval uitschakelen, maar ongevraagde reclame-apps horen niet thuis op een telefoon van 699 euro.

Conclusie

De Huawei Mate 9 is een phablet met een fraai ontwerp, groot beeldscherm en krachtige hardware. Bovendien heeft hij bijzondere camera’s die mooie foto’s maken, een lange accuduur en is het Huawei’s eerste toestel met Android 7.0 en de vernieuwde EMUI 5.0-schil. Daar valt goed mee te werken, maar er is nog genoeg ruimte voor verbetering. Al met al is de Mate 9 een goede keuze in een segment waar weinig concurrentie is. 

▼ Volgende artikel
Ontslagronde bij studio achter pas uitgekomen Highguard
© Wildlight Entertainment
Huis

Ontslagronde bij studio achter pas uitgekomen Highguard

Er vallen ontslagen bij Wildlight Entertainment, dat eind januari nog hun multiplayergame Highguard uitbracht.

Wildlight bevestigde eerdere geruchten over een ontslagronde op social media. "Vandaag hebben we de moeilijke beslissing gemaakt om afscheid te nemen van een aantal teamleden, terwijl we een kerngroep van ontwikkelaars aanhouden om de game te blijven ondersteunen en innoveren."

Het bericht vervolgt: "We zijn trots op het team, talent en het product dat we samen hebben gecreëerd. We zijn ook enorm dankbaar voor de spelers die een poging waagden om de game te spelen, en allen die onderdeel van onze gemeenschap blijven."

View post on X

Grootschalige ontslagronde

Hoewel Wildlight niet praat over de precieze hoeveelheid ontslagen, lijkt de vermelding van een "kernteam" dat overblijft te suggereren dat het om een aanzienlijke hoeveelheid mensen gaat.

Dat komt overeen met een LinkedIn-bericht van Alex Graner, een ontwikkelaar van die game die eerder ook aan Battlefield 6 werkte. Hij laat weten dat "het grootste gedeelte van het team" ontslagen is, waaronder hij zelf.

Over Highguard

Highguard is de debuutgame van Wildlight Entertainment. De game viel op voorhand vooral op omdat er een trailer van werd getoond aan het einde van The Game Awards eind vorig jaar. Die positie is meestal gereserveerd voor grote aankondigingen en aankomende games, en sommige kijkers vonden Highguard daar niet onder behoren.

Sinds eind vorige maand is Highguard speelbaar via Steam. De game ontving veel negatieve gebruikersrecensies, al heeft dat Wildlight niet tegengehouden om updates uit te blijven brengen. Rond release bereikte het spel een indrukwekkende gelijktijdige spelerspiek van bijna 100.000 mensen op Steam, maar inmiddels hangen de gelijktijdige spelersaantallen onder de 10.000. Het is dan ook aannemelijk dat dit deels de keuze om een grootschalige ontslagronde door te voeren heeft beïnvloed.

Lees hier meer informatie over Highguard.

▼ Volgende artikel
Column: Overwatch 2 heeft juist nu een PvE-modus nodig
© Blizzard
Huis

Column: Overwatch 2 heeft juist nu een PvE-modus nodig

Liveservicegames en hero shooters waren in 2016 niet per se nieuw. Destiny ging al twee jaar hard, en hoewel nieuwkomer Overwatch erg goed ontvangen werd, trokken sommigen al snel vergelijkingen met Valve’s inmiddels oude Team Fortress 2. Toch wist de hero shooter van Blizzard een Game of the Year Award voor de neus van onder andere Uncharted 4: A Thief’s End weg te grissen. Het was een glorieus begin van een moeizaam traject.

In de afgelopen tien jaar onderging Overwatch grote veranderingen. Na een groot succes met ruim 50 miljoen totale spelers in de eerste drie jaar kondigde Blizzard in 2019 aan dat er een vervolg zou komen, dat ‘naast het originele Overwatch’ moest bestaan en uitgebreid werd met Player-versus-Environment-content. De 6-tegen-6 Player-versus-Player-gameplay waar Overwatch om bekendstaat, zou blijven bestaan en voorzien worden van dezelfde content in de twee games. Ook zou Overwatch 2 een exclusieve PvE-modus met een verhaallijn en skill-trees krijgen, waarmee ieder personage op zowel grote als subtiele wijze aangepast kon worden.

©Blizzard

Nee, toch niet

Wie Overwatch 2 sinds de early access-verschijning eind 2022 heeft gespeeld, weet dat daar maar bar weinig van is waargemaakt. Overwatch en Overwatch 2 werden ten eerste geen aparte titels: laatstgenoemde heeft de plaats van het origineel simpelweg ingenomen. Die verhaalmodus? Voor 15 euro kreeg je met de 1.0-release van Overwatch 2 in augustus 2023 toegang tot drie missies. Die verkochten niet goed genoeg voor Blizzard – volgens bronnen Bloomberg - waarmee de mogelijkheid van meer PvE-content direct werd begraven.

Het was toen zelfs al bekend dat de PvE-modus grotendeels geschrapt was, gezien de modus volgens regisseur Aaron Keller ‘de focus tijdens het ontwikkelproces van de game belemmerde’. Dat is geen vreemde redenering, maar PvE was wel juist datgene dat Overwatch 2… nou ja, Overwatch 2 maakte. Uiteindelijk was de lancering van de ‘nieuwe’ game vooral een grote update, met drie nieuwe personages, wat extra arena’s en een nieuwe 5v5-opzet in plaats van 6v6. Er stond nu slechts een ‘2’ achter.

©Blizzard

Een alternatieve toekomst

Recent werd aangekondigd dat Overwatch 2 het cijfer van de naam afknipt met het twintigste seizoen en dus weer gewoon Overwatch heet – we zijn dus weer terug bij af. Ik stapte zelf destijds op de Overwatch-trein door juist de belofte van PvE in het vervolg, en heb uiteindelijk pakweg 300 uren tussen beide games verdeeld. Hoewel ik naarmate de tijd vorderde wat uren in de competitieve modus stak, maakte het spelen met vrienden de ervaring écht vermakelijk.

Gezellig kletsen, schreeuwen tegen willekeurige teamgenoten en de mix van tactiek en variatie die de vele personages in Overwatch bieden: dat staat mij bij. Een PvE-modus waarin juist dat samenspel en de speelwijze van de verschillende heroes aan te passen zijn naar jouw speelstijl was een soort heilige graal, die uiteindelijk dus nooit verscheen. Dat is eeuwig zonde. De competitieve e-sportscene van Overwatch is al sinds het begin een belangrijk aspect van de game, dus ergens is het begrijpelijk dat het team dit niet uit het oog wilde verliezen.

©Blizzard

Maar juist in de laatste jaren zien we een interessante verschuiving naar PvE, of in ieder geval multiplayer-ervaringen die niet geheel om competitie draaien. Denk aan Helldivers 2 van een paar jaar terug, waarin vrienden en willekeurige spelers het opnemen tegen legioenen aan vijanden – en zelfs wereldwijd samen naar een doel werken. Of de explosie aan zogenaamde ‘friendslop’ games als Peak en Lethal Company, die geheel draaien om het samen uitvoeren van taken als een berg beklimmen of het verzamelen van schroot. Een game als Arc Raiders bevat daarbij ook PvP-elementen, maar staat ook bij omdat meerdere spelers samen kunnen komen om een gigantische robot te verslaan. Video’s waarbij spelers plots oude vrienden tegenkomen in de game tonen aan waarom PvE momenteel zó ontzettend leuk kan zijn.

De realiteit

Het is achteraf makkelijk te zeggen, maar de originele visie voor Overwatch 2 had best een prominente rol in het huidige gamelandschap kunnen bekleden. Met de aankondiging werden uitgebreide skilltrees getoond voor de verschillende personages waar Overwatch om bekendstaat.

©Blizzard

Een van Mei’s speciale vaardigheden is bijvoorbeeld het veranderen in een ijspegel, om zo health terug te verdienen en een paar seconden onverwoestbaar te zijn. Met een van de skills die getoond werd veranderde deze ijspegel in een ijsbal, waarmee ze op spectaculaire wijze door groepen vijanden kan kegelen. De PvE-modus had de potentie om een soort zandbak voor dergelijke ideeën en ingrijpende veranderingen voor het klassieke Overwatch te worden. Een speelsere mix van skills en samenwerking om juist die avonturen uit bijvoorbeeld een Helldivers 2 te nabootsen. De tactische teamgameplay had dan ook niet hoeven verdwijnen, het zou juist vet geweest zijn om met vrienden verschillende skills af te stemmen en los te laten op de robots van Null Sector.

Dat is nog zoiets: de lore en verhaallijn van Overwatch zijn ontzettend interessant, en had meer in de schijnwerpers kunnen staan met de PvE-insteek. Nog voordat ik de games überhaupt had aangeraakt, verslond ik de prachtig geanimeerde filmpjes van Blizzard en verhalen die ze voor de personages uitbrachten.

Watch on YouTube

Wat ik dan ook zie van de nieuwe update wringt met mijn gevoel. Ja, het lijkt erop dat Blizzard een inhaalslag maakt en sneller met nieuwe personages komt om de game fris te houden. Het wekt de indruk dat we weer terug zijn bij het ‘oude’ Overwatch, en dat de ontwikkelaar nog altijd een sterke hero shooter wil behouden nu concurrenten als Marvel Rivals het speelveld hebben betreden. Toch kan ik het niet laten om te fantaseren over hoe Overwatch meer had kunnen zijn dan een hero shooter.

De realiteit is dat het Overwatch-team geen goede balans wist te vinden tussen het bijhouden van de PvP- en competitieve scene van Overwatch en de ontwikkeling van de PvE. Zonde, want zeker in het huidige multiplayerklimaat, waar mensen steeds meer achterover lijken te hangen om met elkaar te spelen in plaats van tegen elkaar, had het originele Overwatch 2 perfect gepast.