ID.nl logo
Review Xiaomi Smart Pet Fountain - Weet dorstige diertjes te lokken
Huis

Review Xiaomi Smart Pet Fountain - Weet dorstige diertjes te lokken

De waterbak van je hond of kat kun je vervangen met een drinkfontein, die je huisdieren aanmoedigt meer te drinken middels stromend vers water. De overtreffende trap hiervan is een slimme drinkfontein. Wat je ermee kunt en of dit de moeite waard is lees je in deze Xiaomi Smart Pet Fountain review.

Fantastisch
Conclusie

Is een slimme waterbak een must-have? Nee. Verre van. Is het een prettig apparaat? Absoluut! Het zorgt ervoor dat m’n kattenvrienden niet zo makkelijk zonder water komen te zitten en daadwerkelijk meer lijken te drinken. En die drinkgeluiden, dat is het enige wat je nog hoort. De fontein zelf is opvallend stil. De drinkbak is makkelijk in elkaar te zetten en te onderhouden, zodat zelfs een oud kattenvrouwtje ermee overweg zou kunnen. Ook de app is gebruiksvriendelijk. Alleen misschien niet de meest privacy-vriendelijke. De prijzige filters die je om de maand dient te vervangen zijn echter het grootste minpunt.

Plus- en minpunten
  • Eenvoudig te onderhouden
  • Op de hoogte van beschikbaarheid drinkwater
  • Geruisloos
  • App-zorgen
  • Prijzige vervanging filters

Je moet het Xiaomi nageven, de Chinese fabrikant weet in iedere productgroep wel een chipje te plaatsen om deze slim te maken. Xiaomi gebruikt hiervoor de tenenkrommende term ‘AIoT’, een samenvoegsel van iOT (Internet of Things) en AI (Artificiële Intelligentie). Van blenders tot airfryers en gloeilampen. In de online winkel van Xiaomi zijn diverse producten te vinden, naast de smartphones, in-ears en smartwatches waar het merk bekender van is.

Lees ook onze review van de Xiaomi Smart Pet Food Feeder

Naast een drinkfontein is er ook een slimme voerbak beschikbaar (rechts op de foto).

Slimme drinkfontein: waarom?

Een drinkfontein moet huisdieren verleiden genoeg te drinken door stromend water aan te bieden. Dat schijnt interessanter te zijn dan stilstaand water, maar is ook koeler. Haren uit de vacht van honden en katten worden bovendien dankzij een filter niet rondgepompt, wat het water op den duur schoner houdt. Nadeel ten opzichte van een drinkbak is natuurlijk wel dat een drinkfontein aangesloten moet zijn op het stopcontact. Hetzelfde geldt ook voor Xiaomi’s slimme drinkfontein.

Xiaomi maakt de drinkfontein slim door deze te integreren in de smarthome-app van het Chinese merk. Zo kun je op de hoogte worden gehouden over het waterpeil en wanneer het koolstoffilter vervangen dient te worden. Want tsja, ondanks dat je de fontein vult met schoon water wil je dat dit water minstens een paar dagen goed drinkbaar blijft. Verder krijg je netjes een melding wanneer het tijd is voor een schoonmaak, vervanging van het filter en natuurlijk wanneer het waterpeil laag wordt.

Zo kun je bijvoorbeeld met een gerust hart een paar dagen op pad gaan terwijl je de kat(ten) alleen thuis laat. Vooral als je een slimme voerbak erbij hebt. En laat Xiaomi die nou toevallig ook in zijn assortiment hebben…

Een oppas achter de hand houden is wel aan te bevelen, want een slimme kattenbak. Die biedt Xiaomi dan weer net niet aan. En mocht het voer of water op raken, dan moet dit toch aangevuld worden.

De drinkfontein is wit, waardoor gebruikssporen wel vrij snel zichtbaar worden.

Xiaomi Home-app

De fontein heeft twee standen: een stand waarin het water doorlopend stroomt en een stand waarin er wat stilstaand water op het plateautje ligt dat om de paar minuten wordt ververst. In de app kun je aangeven welke stand je verkiest of met een schema bepalen op welke tijden het water stroomt.

Via de Xiaomi Home-app koppel je de fontein aan je smartphone of tablet. Deze app is beschikbaar voor Android en iOS. In deze app koppel je eventueel ook je andere Xiaomi smarthome-apparaten. De app ziet er overzichtelijk uit. Alleen is het jammer dat ik er een account voor nodig heb en meerdere malen moet instemmen met gebruikersvoorwaarden, waar ik bij Chinese bedrijven toch wat meer moeite mee heb.

Smart Pet Fountain in gebruik

De drinkfontein zit slim in elkaar. Kun je een Duplo-setje assembleren, dan kun je ook deze drinkbak in elkaar zetten. Je hebt een waterbak die je in het basisstation zet. Dit basisstation zit de stekker aan. Op die waterbak zet je vervolgens een drinkplateautje, waarin het pompje en de filters geïntegreerd zitten. Deze filters moet je even bevestigen voordat je het plateautje plaatst.

Het koolstoffilter klik je in de voorzijde van het drinkplateau. Door het ontwerp kun je deze niet verkeerd plaatsen. Voor het pompje dat onder het plateau zit plaats je een (bijgeleverd) sponsfiltertje, dat ervoor zorgt dat er geen haren in de pomp terechtkomen. Het waterplateutje met pomp en filters zet je in de waterbak en de waterbak in het basisstation. Staat de stroom al op dit station? Dan begint het water meteen te stromen. Volkomen geruisloos. Dat is wel een verschil ten opzichte van de andere drinkfonteintjes die ik voor m’n twee harige huisgenoten heb geprobeerd.

Maar nog even over dat koolstoffilter en dat sponsje. Ondanks dat het vervangen hiervan door iedereen gedaan kan worden, voelt het wel een beetje als een melkkoe. Xiaomi wil graag dat je deze iedere maand vervangt om schoon drinkwater te garanderen. Een setje van twee simpele koolstoffilters en sponsjes kost twintig euro. Dat is makkelijk verdiend.  Een tientje per maand om water te drinken dat al gezond drinkbaar uit de kraan komt.

Het in elkaar zetten van de drinkfontein was erg eenvoudig, ondanks de doorlopende interesse van mijn testpanel.
Blijkbaar was er wel een kleine leercurve voor één van de twee testkandidaten.

Drinken uit de Xiaomi Smart Pet Fountain

De drinkfontein is functioneel handig, geruisloos en eenvoudig in elkaar te zetten. Maar valt er ook goed uit te drinken? Om die vraag te beantwoorden in deze review heb ik de hulp ingeroepen van mijn twee huisgenoten: Tijger en Graaf. Al direct bleek dat deze twee katten een overduidelijke voorkeur hadden voor de slimme waterfontein. Zelfs als deze (noodgedwongen) vlakbij de voerbak staat. Die conclusie was niet alleen op te maken uit het opvallend regelmatige drinken en de snelheid waarmee het waterreservoir zakte, maar het was ook merkbaar aan het waterpeil in de andere twee drinkbakken in huis, dat opeens niet meer zakte. Ook konden er voorzichtige conclusies getrokken worden op basis van het aantal plasjes in de kattenbak.

Waar blijft toch die slimme kattenbak van Xiaomi?

Uiteindelijk kreeg de drinkfontein absolute goedkeuring.

Conclusie: Xiaomi Smart Pet Fountain kopen?

Is een slimme waterbak een must-have? Nee. Verre van. Is het een prettig apparaat? Absoluut! Het zorgt ervoor dat m’n kattenvrienden niet zo makkelijk zonder water komen te zitten en daadwerkelijk meer lijken te drinken. En die drinkgeluiden, dat is het enige wat je nog hoort. De fontein zelf is opvallend stil. De drinkbak is makkelijk in elkaar te zetten en te onderhouden, zodat zelfs een oud kattenvrouwtje ermee overweg zou kunnen. Ook de app is gebruiksvriendelijk. Alleen misschien niet de meest privacy-vriendelijke. De prijzige filters die je om de maand dient te vervangen zijn echter het grootste minpunt.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.