ID.nl logo
Windows 10: De 'Store'
© Reshift Digital
Huis

Windows 10: De 'Store'

Programma's heten in Windows 10 bijna geen programma's meer. Sowieso is de term 'apps' sinds de opkomst van de smartphone de gangbare benaming geworden voor programma's, en ook in Windows 10 komt die semantische verandering duidelijk naar voren. In het startmenu staat bijvoorbeeld 'Alle apps' te lezen, en ook in de menu's en de instellingen is dit hoe we onze programma's tegenwoordig noemen. De belangrijkste indicatie voor de verschuiving naar 'apps' is echter de 'Store', de app-winkel in Windows 10 waar alle programma's bij elkaar te vinden zijn.

1. Inleiding

2. Het uiterlijk

3. Dagelijks gebruik

4. Het vernieuwde startmenu

5. Virtuele bureaubladen

6. Standaard-apps

7. Edge

8. Cortana

9. Store10. Conclusie

De 'Store' heeft nog geen Nederlandse vertaling in Windows 10, wat al een klein beetje moet aangeven hoe 'af' de 'Winkel' is. De Store is bedoeld als centrale hub voor alle Windows 10-applicaties, waar je straks met één druk op de knop alles kunt downloaden wat je maar wilt. Daarmee hoef je niet meer naar een specifieke website of zelfs downloadsites als SourceForge, maar kun je je programma's in één keer hier vinden.

In theorie.

Alleen mobiele apps

In de praktijk is de Store op dit moment nog niet erg handig. Hoewel het programma prominent op de taakbalk staat weergegeven, is de Winkel in het begin alleen nog geschikt voor het downloaden van mobiele applicaties. Zoek je op 'Word', dan krijg je geen Office-pakket te zien. Je kunt dan alleen Word Mobile downloaden, de mobiele variant die weer wel werkt op grotere schermen. Microsoft maakt in Windows 10 (nog) geen onderscheid tussen mobiele apparaten of desktops, en dat kan verwarrende resultaten opleveren.

Iedere app die je downloadt uit de Store is op dit moment dan ook nog een mobiele app - wil je de desktop-variant hebben, dan ga je gewoon ouderwets naar een website.

De 'Store' is deel van Microsofts verdienmodel, en één van de redenen waarom het bedrijf Windows 10 gratis aanbiedt. Om meer te lezen over het verdienmodel van Windows kun je terecht bij onze collega's van PCM, die je precies uitleggen waar Microsoft zijn geld aan verdient.

Zooitje

De Store is op dit moment een zooitje. Vooral de zoekfunctie is een ramp. Het is zeker niet de eerste keer (of de laatste) dat er iemand klaagt over de indeling van de apps in de winkels, maar we hadden stiekem gehoopt dat de zoekfunctie bij een grote release van Windows 10 wel wat beter was.

Weinig toezicht

In tegenstelling tot Google (met de Play Store) of Apple (met de App Store) houdt Microsoft weinig toezicht op wat er in de Store komt te staan. Op mobiele apparaten betekende dat in de praktijk een wildgroei aan malafide apps, bijvoorbeeld die zich voordeden als andere apps maar er dan geld voor vroegen. In het ergste geval werd er zelfs malware verspreid.

Je kunt hier een perfect voorbeeld van zien als je zoekt naar VLC, de populaire media-speler. Je hebt VLC ook nodig als je dvd's wilt afspelen in Windows 10, want Microsoft heeft de video-codec voor dvd's uit het besturingssysteem gelaten.

Je kunt hier meer lezen over welke programma's en functies allemaal ontbreken in Windows 10.

Nep-apps

Als je zoekt naar 'VLC' in de Store, dan krijg je tientallen 'apps' die pronken met het bekende logo van de videoplayer, de oranje pylon. Sommige van die apps zijn betaald, terwijl VLC sinds het begin der dagen een gratis (en open source) programma is. Ook staan hier tientallen 'guides' te vinden waarvan je je heel sterk kunt afvragen of je ze nodig hebt. Je hebt er een flinke kluif aan om de 'echte' VLC te vinden, want die staat überhaupt niet in de Store.

Waar je VLC dan wel moet downloaden? Gewoon, van de website.

VLC heeft geen app in de Store, omdat de Store alleen maar mobiele apps weergeeft en VLC heeft geen mobiele app.

Als je dat weet, dan kun je de Store verbergen en nooit meer openen, want heb je nou aan al die mobiele apps op een desktop?

Ook goede apps

Toch zijn weer niet álle apps in de Store slecht. Zo kun je makkelijk de Facebook- of de Twitter-app gebruiken, en die werken dan weer heel goed. Ideaal daaraan is bijvoorbeeld dat ze je notificaties sturen, en dat die met een melding binnenkomen in het notificatiecentrum. Dat is enorm handig en reden genoeg om de apps alsnog te installeren.

Kleine titels

Nu zul je 'Facebook' heus wel vinden in de zoekresultaten van de Store, maar met kleinere en minder bekende apps heb je net zoveel problemen als wanneer je VLC zoekt. Nep-apps, gidsen, betaalde versies die pretenderen 'echt' te zijn, apps die inbreuk maken op elkaars logo...

Niets staat bovendien geordend. Gidsen staan gewoon tussen de apps, betaalde apps staan tussen de gratis apps, het is een wildwest-scenario was geen chocolade van te maken is.

Popcorn Time

Een ander goed voorbeeld is Popcorn Time, de notoire app waarmee je films en series kunt streamen. Popcorn Time is illegaal en maakt inbreuk op alle auteursrechten van films, maar Microsoft staat het doodleuk toe in de Store. De grootste grap? Het is niet eens echt Popcorn Time. Het is een app die meelift op het succes van Popcorn Time, maar die in werkelijkheid streams aanbiedt naar dubieuze websites als GorillaVid en Vodlocker (die vol met adware staan). Wat doet dat in de Store? Zolang Microsoft dergelijke apps nog steeds toelaat, vertrouwen we niks van wat er te downloaden is.

Simpel

We klinken wel erg negatief, maar van de andere kant is er ook een hoop goed aan de Store. Zo maakt het het downloaden en installeren van apps en films wel kinderlijk eenvoudig. Je hoeft alleen maar op één knop te drukken je app wordt op je systeem gezet. Je hoeft er geen wizard voor te doorlopen, en door dit downloadproces kunnen er ook geen sneaky toolbars van Ask worden geïnstalleerd op je systeem - ook wel eens prettig.

Conclusie: Handig in theorie, ramp in praktijk

Hoewel het downloaden en installeren van apps via de Store makkelijk is en een hoop gedoe scheelt, is Microsofts toezicht op de app-winkel zwaar ondermaats. Daardoor ontstaat een anarchistisch allegaartje van applicaties waarbij iedere klik funest kan zijn. Dat mijnenveld is niet alleen vervelend, maar kan in gevallen als die van Popcorn Time ook nog eens gevaarlijk zijn (in verband met adware). Ons advies is dus om ver van de Store vandaan te blijven, applicaties gewoon via een website te installeren, en daarbij tools als Unchecky of Ninite te blijven gebruiken. Of je gezonde verstand.

<- Vorige: CortanaVolgende: Conclusie ->

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.