ID.nl logo
Zo maak je een usb-opstartschijf voor Windows 10
© Reshift Digital
Huis

Zo maak je een usb-opstartschijf voor Windows 10

Als je een geldige Windows 10 licentie hebt, kun je eenvoudig een usb-opstartschijf maken. Dit is handig wanneer je pc niet meer wil opstarten en je geen cd/dvd-speler in je apparaat hebt zitten. Hier laten we zien hoe je met een usb-stick een Windows 10 usb-opstartschijf kunt maken met een tool van Microsoft zelf, de Media Creation Tool.

Aangezien steeds minder apparaten een optische drive bevatten, is het handig om een opstartschijf op een usb-stick te hebben staan, voor het geval je Windows opnieuw moet installeren. Windows 10 is te koop op een usb-stick, een medium wat bij eerdere Windows versies niet werd aangeboden. Maar je kunt er ook voor kiezen om zelf een bootable usb-drive te maken. Hier laten we zien hoe.

Het is ook mogelijk om dit proces handmatig uit te voeren met het Opdrachtprompt. Dat leggen we je later in dit artikel uit.

Wat heb je nodig?

Je hebt hiervoor uiteraard een usb-stick nodig. Deze moet tenminste 4 gigabyte aan opslagcapaciteit hebben, maar het is handig om een grotere drive te gebruiken. Daarnaast moet je zo’n 6 tot 12 gigabyte aan vrije ruimte op je harde schijf hebben (afhankelijk van de opties die je selecteert) en een goede internetverbinding.

De Media Creation Tool gebruiken

Microsoft biedt zelf een tool aan waarmee je een opstartschijf kunt maken, voorzien van de nieuwste Oktober 2018-update van Windows 10. De zogeheten Media Creation Tool kun je hier downloaden. Klik op de site op de knop Hulpprogramma downloaden om de tool te downloaden.

Om te controleren welke versie je hebt, moet je met de rechtermuisknop op de startknop klikken en Systeem selecteren. Je krijgt dan allerlei informatie over je systeem te zien. Onder Type systeem kun je zien of je Windows 10 versie 32-bits of 64-bits is.

Als je de tool eenmaal geladen hebt, kun je kiezen om je pc nu te upgraden, of om installatiemedia voor een andere pc te maken. Kies deze laatste optie en klik op Volgende.

Vervolgens moet je de gewenste taal, editie en architectuur selecteren. Als je wilt upgraden in plaats van een schone installatie te doen, dan moet deze data overeenkomen met je huidige Windows installatie. Al deze informatie over je eigen pc kun je terugvinden in Systeem zoals hierboven beschreven staat.

De tool gaat daarna controleren of er genoeg ruimte vrij is op je harde schijf om het proces te voltooien. Zo niet, dan moet je ruimte vrijmaken en overnieuw beginnen.

©PXimport

Een bootable usb-stick maken

In het volgende scherm moet je aangeven of je een usb-stick of een ISO-bestand wilt maken. Kies hier voor usb-stick. Plug de usb-stick in je pc en klik op Volgende.

Kies nu je usb-stick in de lijst met verwijderbare opslagmedia en klik op Volgende. Let op: de usb-stick zal volledig gewist worden, dus maak van eerst een back-up naar je harde schijf als er belangrijke bestanden op staan. Klik als je klaar bent om de usb-stick te formatteren weer op Volgende.

Windows 10 wordt nu gedownload en op de usb-stick gezet zodat je vanaf de usb-stick kunt opstarten. Je kunt de installatie vanaf de usb-stick echter ook gewoon vanuit Windows zelf starten.

Opdrachtprompt gebruiken

Je kunt het gedownloade of aangemaakte ISO-bestand naar een usb-stick overzetten met behulp van Opdrachtprompt. Klik op de startknop, typ opdrachtprompt en klik met de rechtermuisknop op het zoekresultaat. Kies ervoor om het programma als administrator te laden.

Typ in het venster van Opdrachtprompt het commando diskpart, en druk op Enter. Plug je usb-stick in de pc, typ list disk en druk op Enter. Probeer er in de lijst achter te komen welk item je usb-stick is aan de hand van het formaat.

Typ select disk gevolgd door het nummer dat bij je usb-stick hoort. Druk op Enter. Wil nu alle gegevens van de usb-stick door clean te typen, en druk op Enter.

Bootable maken

Als de usb-drive eenmaal volledig gewist is, moet je ervoor zorgen dat de drive bootable is. Dit kun je doen door de volgende commando’s in te typen, elk gevolgd door een druk op Enter.

create partition primaryselect partition 1activeformat fs=fat32

De usb-stick wordt nu snel gewist naar Fat32 formaat. Dit kan even duren, afhankelijk van het formaat van je usb-stick.

Typ als het proces voltooid is het commando assign en druk op Enter. Er wordt nu een letter aan je usb-stick toegekend. Onthoud deze letter.

Bestanden overzetten

Je kunt nu het ISO-bestand dat je aangemaakt of gedownload had mounten en met Opdrachtprompt overzetten naar de usb-stick. Het is echter eenvoudiger om hiervoor de Verkenner te gebruiken. Je hoeft dan alleen maar het ISO-bestand uit te pakken en in de Windows Verkenner de inhoud ervan op de usb-stick te zetten.

Wil je toch liever Opdrachtprompt blijven gebruiken, sluit diskpart dan eerst af, sluit Opdrachtprompt en mount het ISO-bestand. Open Opdrachtprompt opnieuw en typ:

xcopy g:*.* /s/e/f h:

Hier moet je voor g de letter die bij je gemounte ISO-bestand hoort invullen, en voor h de letter die aan je usb-stick is toegekend.

Het kan even duren voordat het proces voltooid is omdat er grote bestanden tussen zitten. Typ als alles gereed is het commando exit en klaar is Kees.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.