ID.nl logo
Wat mag wel en niet op je eigen netwerk?
© Reshift Digital
Huis

Wat mag wel en niet op je eigen netwerk?

Als je een netwerk beheert, is het verstandig om naast technische ook juridische beschermingsmaatregelen te nemen. Ondertussen is het de vraag of je als beheerder van je eigen netwerk rekening moet houden met de wet. Want wat mag je zelf precies wel en niet?

Wanneer er activiteiten op je netwerk plaatsvinden die in strijd zijn met de wet, zoals het illegaal uploaden van films, kan er bij jou - als houder van het IP-adres - worden aangeklopt. In dat geval moet je bewijzen dat niet jij maar iemand anders schade via jouw netwerk heeft aangericht. Lees ook: Zo scherp je de privacy-instellingen van Windows 10 aan.

Risico netwerkbeheerder

Dat netwerkbeheerders risico's lopen, blijkt uit de rechtszaak tussen Mc Fadden en Sony Music, waarover Szpunar advies aan het Hof heeft uitgebracht. Om klanten te trekken had Mc Fadden, een Duitse handelaar in licht- en geluidstechnieken, gratis wifi voor iedereen beschikbaar gesteld. Via dit netwerk is in 2010 illegaal muziek geüpload, waar Sony de auteursrechthebbende van is. Doordat Sony de illegale uploader niet kan achterhalen, gaat het bedrijf achter Mc Fadden aan. Die had betere beveiligingsmaatregelen kunnen nemen om illegaal uploaden te voorkomen, bijvoorbeeld door een wachtwoord in te stellen op zijn netwerk. Het Europese Hof moet nu beoordelen welk recht in dit geval zwaarder weegt: het auteursrechtelijke belang van Sony of het recht van Mc Fadden om zonder belemmeringen een wifi-netwerk op te zetten.

©PXimport

Wifi is vaak gratis beschikbaar in winkels en horecagelegenheden als service voor klanten, maar ook om extra klantgegevens te verzamelen.

Schoolvoorbeeld

In 2009 werd er op de website 4chan.org gepost dat er een schietpartij zou gaan plaatsvinden op een school. Op basis van het IP-adres had de politie in eerste instantie een vrouw aangemerkt als verdachte. Pas later kon via het MAC-adres van de MacBook van een buurjongen van de vrouw, worden vastgesteld dat hij de dreigementen had geplaatst. Volgens de jongen had hij de inloggegevens van het netwerk gekregen omdat zijn eigen netwerk te traag was. Om te voorkomen dat je in dezelfde positie terechtkomt als de vrouw in deze zaak, is het verstandig om actief bij te houden aan wie je precies het wachtwoord van je netwerk hebt verstrekt.

Wachtwoord verplicht?

Het is in Nederland niet verplicht om een wachtwoord in te stellen op je netwerk, alleen is dit vanuit juridisch oogpunt wel een goed middel om jezelf in te dekken. Met een wachtwoord kun je namelijk aantonen dat je de poort tot jouw netwerk niet volledig open hebt gezet voor illegale activiteiten. Verder worden de regels rond beveiliging voor netwerken steeds strenger, vooral op het gebied van privacy. Zo wordt binnenkort de Europese Privacyverordening ingevoerd. Deze wet kan je verplichten om 'passende technische en organisatorische maatregelen' te nemen om de persoonsgegevens op je netwerk te beschermen. Hoe zwaar deze beveiligingsmaatregelen moeten zijn, hangt af van de gegevens die op je netwerk worden verwerkt. Als dit medische gegevens zijn, moet je meer doen aan de beveiliging dan wanneer jouw netwerk is opgezet voor een LAN-party. Als je niet voldoet aan de privacywetgeving, loop je kans op een boete van de Autoriteit Persoonsgegevens (voorheen College Bescherming Persoonsgegevens, CBP).

Juridische tips & trucs

Je kunt in het geval van schade op je netwerk de kans op juridische claims of een boete van de Autoriteit Persoonsgegevens enigszins verkleinen door de volgende maatregelen te nemen.

- Waarschuw gebruikers voor de risico's die ze lopen tijdens het gebruik van jouw netwerk.

- Laat je bezoekers expliciet akkoord gaan met de waarschuwing dat ze zelf aansprakelijk zijn in het geval van schade.

- Adviseer netwerkbezoekers gebruik te maken van VPN.

- Stel een sterke firewall in.

- Versleutel de gegevens die binnen je netwerk worden verwerkt.

- Verwijder persoonsgegevens op je netwerk op tijd.

- Als je een netwerk opzet dat voor iedereen toegankelijk is, meld dit dan dit op tijd bij de Autoriteit Persoonsgegevens.

- Beveilig je netwerk met een wachtwoord of beperk de toegang tot je netwerk op een andere manier.

©PXimport

Sommige ondernemers kiezen ervoor alleen betalende klanten een wachtwoord te geven. Hierdoor wordt de groep van mogelijke netwerkgebruikers enigszins beperkt.

Gegevens van gasten beheren

Als je een wifi-netwerk voor iedereen openstelt, hoef je de activiteiten van je bezoekers volgens de wet niet bij te houden. Je zou wel kunnen overwegen om de MAC-adressen van de apparaten waarmee verbinding is gemaakt met je netwerk en de duur van die verbinding een korte tijd op te slaan (dit kun je bijvoorbeeld inzien in veel routers). Als er bijvoorbeeld kinderporno via jouw netwerk is verspreid, kan de politie met deze gegevens sneller een verdachte oppakken. Vaak moet je verplicht meewerken met de politie, maar je kunt niet worden gedwongen gegevens af te staan die je niet hebt. Als een partij zoals BUMA Stemra bij je aanklopt voor de persoonsgegevens van een bezoeker, hoef je niet altijd mee te werken aan hun verzoek. Jouw gasten hebben namelijk recht op privacy dat zich hiertegen kan verzetten.

In de zaak Lycos vs. Pessers (zie kader) heeft de rechter in ieder geval vastgesteld dat wanneer het overduidelijk is dat je gast bezig is geweest met illegale activiteiten en alleen jij kunt vaststellen wie illegale activiteiten heeft verricht, je de gegevens waarmee de identiteit van die bezoeker kan worden vastgesteld wel moet afstaan.

Lycos versus Pessers

Een bekende zaak waarin een partij persoonsgegevens moest afstaan is de zaak Lycos - Pessers. Postzegelhandelaar Pessers werd beschuldigd van oplichting via een website die werd gehost door Lycos. De rechter oordeelde dat Lycos de gegevens van de persoon die anoniem stelde dat Pessers een oplichter was, inderdaad moest afgeven. Pessers mocht volgens de rechter niet vogelvrij zijn voor de beweringen van een anoniem persoon. Uiteindelijk bleek dat er een valse naam bij Lycos was opgegeven, waardoor de dader niet kon worden gepakt.

Monitoren van een netwerk: wat zijn de grenzen?

In de praktijk is het lastig voor netwerkbeheerders om vast te stellen in hoeverre ze hun netwerk mogen afspeuren op bijvoorbeeld illegale activiteiten. Uit de rechtspraak blijkt dat dit vaak afhankelijk is van het doel van de controle van het netwerk. Daarbij is de privacyverwachting van je gasten vaak van doorslaggevend belang. Als je jouw netwerkgebruikers van tevoren goed informeert over het feit dat je het netwerk controleert en je daarbij het doel van de controle duidelijk aangeeft, is er minder snel sprake van een inbreuk op de privacy. Zo mag je als beheerder opvallend gegevensverkeer checken om bijvoorbeeld schade aan je netwerk te voorkomen, maar mailverkeer onderscheppen is natuurlijk een ander verhaal. Het is vooral van belang dat je als netwerkbeheerder niet alleen de stand van de techniek op het gebied van beveiliging bijhoudt, maar ook de wet. Zo kan het definitieve oordeel van het Europese Hof in de zaak van Mc Fadden tegen Sony Music ervoor zorgen dat de regels op dit gebied minder streng worden of juist worden aangescherpt.

©PXimport

In ieder geval is het door een derde stiekem monitoren van de gegevensverwerking op jouw openbare netwerk met tools als een Pineapple niet toegestaan.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.