ID.nl logo
11 tips om je thuisnetwerk te optimaliseren
© Reshift Digital
Huis

11 tips om je thuisnetwerk te optimaliseren

Wanneer je je internetverbinding met meerdere mensen deelt, kan het gebeuren dat de boel langzamer wordt: er zitten nu eenmaal grenzen aan de bandbreedte die je tot je beschikking hebt. Met de juiste tools kun je de bandbreedte van je thuisnetwerkhref="https://techacademy.id.nl/course?courseid=bundel-maak-en-beheer-je-thuisnetwerk&utm_medium=website&utm_source=computer_totaal&utm_campaign=tech_academy_netwerkbeheer_bun&utm_content=artikel" rel="noopener noreferrer" target="_blank"> </a>monitoren en bovendien ook de daadwerkelijke doorvoersnelheid meten.

Tip 01: Quality of Service

De meeste moderne routers beschikken over een minimale QoS-functie. Dat staat voor Quality of Service en houdt in dat je specifiek verkeer voorrang kunt geven. Met de juiste QoS-regels kun je bijvoorbeeld vermijden dat videostreams haperen omdat er net ook een stevige download bezig is: je geeft de videostream dan prioriteit ten opzichte van de download. Om te weten te komen welke QoS-mogelijkheden jouw router heeft, kijk je het best in de handleiding. Het kan zijn dat je voor QoS-functionaliteit eerst een firmware-upgrade moet uitvoeren.

©PXimport

Tip 02: Speedtest

Voordat je met QoS aan de slag gaat, moet je eerst goed bedenken wat je precies hoopt te bereiken. Focus je op de grote bandbreedte-problemen, zodat het aantal QoS-regels beperkt blijft. Ook belangrijk om vooraf in kaart te brengen, is je daadwerkelijke verbindingssnelheid. Dat kun je eenvoudigweg (en eventueel enkele keren) testen op www.speedtest.net/nl. De Ga-knop indrukken volstaat. Zo heb je alvast een beter idee van hoeveel bandbreedte er precies te verdelen valt.

©PXimport

Tip 03: QoS instellen

Hoe je de QoS-functie precies aanstuurt, hangt van je router af. Op een Linksys Smart Wi-Fi EA6400-router bijvoorbeeld moet je in de rubriek Prioriteit voor media zijn, waar je Prioriteitsinstellingen inschakelt. Vervolgens kun je een of meer netwerktoestellen, applicaties of online games uit een lijst simpelweg verslepen naar de rubriek Hoge prioriteit. Bij Instellingen vul je tevens een correcte Downstreambandbreedte in. Op je eigen router kunnen deze opties net weer anders zijn.

©PXimport

Windows

Windows biedt ook enkele functies waarmee je nagaat hoeveel bandbreedte programma’s en processen op een gegeven moment verbruiken. Eén ervan is het Taakbeheer. Klik met rechts op de Windows-startknop en kies Taakbeheer. Klik indien nodig op Meer details. Klik op de kolomtitel Netwerk om de items te sorteren volgens het actuele netwerkverbruik. Een gedetailleerdere tool is Windows Broncontrole. Druk hiervoor op Windows-toets+R, tik resmon in (resource monitor) en bevestig met Enter. Hier open je het tabblad Netwerk. Klik op de kolomtitel Totaal (bytes/sec.) om het verbruik in dalende of stijgende volgorde te zien. Je kunt dit trouwens ook doen voor zowel het uitgaande (Verzenden) als het binnenkomende (Ontvangen) verkeer. Zie je daar iets tussen staan waarvan je niet precies weet wat het is of dat je verdacht voorkomt? Rechtsklik op dat item en kies Online zoeken: een zoekmachine gaat met de procesnaam aan de slag en geeft je hopelijk uitsluitsel over de bedoelingen ervan.

©PXimport

Tip 04: NetTraffic

We tonen je hoe je zowel een actueel als een historisch overzicht van het bandbreedtegebruik op een Windows-pc kunt genereren. Dat doen we met de gratis tool Venea NetTraffic. Je vindt hier zowel een installeerbare als een portable versie. Standaard krijg je in de buurt van het Windows-systeemvak een pop-upvenstertje te zien met in realtime de hoeveelheid gebruikte bandbreedte, zowel downloadverkeer (groen), uploadverkeer (rood) als het totaal (geel). Met een dubbelklik maximaliseer en minimaliseer je dit venster.

©PXimport

Tip 05: Informatie bekijken

Rechtsklik op het programma-icoontje in het Windows-systeemvak en kies voor Instellingen. Open het tabblad Grafiek om het grafiekvenster geheel naar wens aan te kunnen passen. Je beslist zelf welke informatie je in de grafiek wilt zien, in welke kleuren en met welke visualisatie. Op het tabblad Algemeen, bij Data source kun je tevens aanvinken van welke netwerkadapter(s) NetTraffic het verkeer in kaart moet brengen.

©PXimport

Tip 06: Statistieken

NetTraffic toont je niet alleen het netwerkverbruik van het moment, je kunt ook historische statistieken opvragen. Rechtsklik op het programma-pictogram en kies Statistieken. Op het tabblad Grafieken / Tabellen kun je nu onder meer een Datumbereik en een Tijdseenheid instellen. Via het tabblad Tabel staat deze informatie ook in tabelvorm. Op het tabblad Quota zie je welke quota (die instelbaar zijn via Instellingen / tabblad Quota) eventueel overschreden werden.

Op het tabblad Algemeen krijg je een numeriek en actueel overzicht per jaar, maand, dag en uur te zien. Vanuit het menu Data kun je informatie in xml-formaat exporteren. Interessant is verder de optie Utilities in het contextmenu van het programma-icoon. Hier kun je met één muisklik opdrachten als ping, nslookup, tracert, ipconfig /all of arp -a -v uitvoeren.

©PXimport

Tip 07: Doorvoersnelheid

De doorvoersnelheid van een netwerk is niet hetzelfde als de bandbreedte. Deze laatste term verwijst naar de totale capaciteit waarover een systeem kan beschikken om data over een kanaal of medium te versturen. Het gaat dus om een theoretische, maximaal haalbare snelheid. In een netwerk is er echter allerlei overhead, te wijten aan onder meer controlemechanismen van netwerkprotocollen of foutief geconfigureerde hardware, wat tot een lagere doorvoersnelheid kan leiden. De doorvoersnelheid (throughput) laat zich daarom definiëren als de hoeveelheid data tussen twee punten in een gegeven tijdsspanne. Deze snelheid drukken we gewoonlijk uit in kilobit per seconde (kbit/s).

©PXimport

Vertraging

Bij het uitmeten van de doorvoersnelheid moet je ook rekening houden met de latentie (vertraging, latency in het Engels). Dat is de tijd tussen het versturen van het eerste verzoek om data en het daadwerkelijk beginnen ontvangen van data. Die vertraging hangt van diverse factoren af, waaronder het medium zelf. Zo zit op een doorsnee kabel- of dsl-verbinding vaak een latentietijd van een paar tientallen milliseconden. Maar er zijn nog meer factoren, zoals antivirussoftware, proxyservers, slecht geconfigureerde hardware, tussenliggende routers enzovoort. Met het opdrachtregelcommando ping kun je dergelijke latentietijden aan het licht brengen en met tracert kun je potentiële knelpunten detecteren. Of je gebruikt het commando *pathping

©PXimport

Tip 08: TamoSoft downloaden

TamoSoft is een gebruiksvriendelijk pakket voor het meten van de doorvoersnelheid. Je downloadt de gratis tool hier. Hij is beschikbaar voor zowel Windows, macOS als mobiele apparaten. Dit laatste maakt dat je ook de doorvoersnelheden binnen je draadloze netwerk kunt meten. Wij bekijken hier de Windows-variant. Na het uitpakken van het gedownloade zip-bestand vind je twee uitvoerbare bestanden in C:\Program Files (x86)\TamoSoft Throughput Test: TTClient.exe en TTServer.exe. De clientmodule start je op de pc waarvandaan je de doorvoersnelheid naar een andere computer wilt meten. Op deze laatste start je dan de servermodule. Beginnen we aan clientzijde. Hier vul je de het ip-adres van de server in. Het poortnummer aan beide zijden is standaard 27100. Tenzij je problemen ondervindt, kun je dat ongemoeid laten. Je zorgt er wel voor dat de poorten op beide ‘endpoints’ identiek zijn en dat eventuele firewalls het verkeer niet blokkeren. Indien nodig geef je aan je firewall te kennen dat het om bonafide netwerkverkeer gaat.

©PXimport

Tip 09: Werking TamoSoft

Zijn beide systemen mooi op elkaar afgestemd, dan druk je de Connect-knop in aan clientzijde. Als het goed is, wordt meteen een grafiek uitgetekend die in realtime de doorvoersnelheden vastlegt. Standaard wordt het verkeer in beide richtingen gemeten, zowel voor TCP als UDP. Plaats een vinkje bij TCP only als je alleen in dit protocol geïnteresseerd bent. Aan clientzijde kun je voor je tests bovendien een zogeheten QoS traffic type simuleren. De optie Best Effort toont de normale tijden (zonder QoS) en AudioVideo simuleert voor videostreaming geoptimaliseerde QoS-waarden.

©PXimport

Tip 10: iPerf als server

Gevorderde gebruikers zullen graag ook de portable tool iPerf inzetten, te downloaden via www.tiny.cc/iperftool. iPerf laat zich vanuit de opdrachtregel bedienen en is multi-platform, ook voor mobiele omgevingen. Net als de tool van TamoSoft werkt ook iPerf volgens het server-client model. Beginnen we met de serverzijde. Hier voer je dan het een commando uit als:

iperf3 -s

Wil je alles wat deze machine van de client ontvangt in een tekstbestand bewaren, dan wordt dat bijvoorbeeld:

iperf3 -s > iperf3logs.txt

Zorg er ook hier voor dat je firewall de connectie niet verhindert. Mocht je toch de voorkeur geven aan een andere poort dan de standaardpoort 5201, dan voeg je de parameter -p <poortnummer> aan je commando toe.

©PXimport

Tip 11: iPerf als client

Aan clientzijde volstaat een commando als:

iperf3 -c <ip-adres-of-hostnaam-van-server>

Je kunt ook hier de informatie loggen in een tekstbestand. Standaard neemt zo’n test tien seconden in beslag, maar dat is aanpasbaar, bijvoorbeeld met de parameter -t 30, voor een test van een halve minuut. Er zijn overigens nog andere parameters mogelijk, zoals -R (om de richting om te draaien), -P <n> om het aantal parallelle streams aan te passen of -k <n> om het aantal te versturen pakketten in te stellen. Via www.tiny.cc/iperfpm vind je een volledige parameterlijst. Het is een goed idee zulke tests af en toe ook bij een goed functionerend netwerk uit te voeren. Immers, dat geeft je een beter idee van wat je mag verwachten als je de test tijdens het troubleshooten uitvoert.

©PXimport

Ook met Wireshark

Wireshark (gratis te downloaden van www.wireshark.org) is een zeer krachtige pakketsniffer en protocol-analyzer, waarmee je ook doorvoersnelheden kunt meten. Start een capture-sessie. De snelste manier om de doorvoersnelheid te meten, is via het menu Statistics waar je Capture File Properties kiest. Je vindt de nodige informatie onderaan, in de rubriek Statistics. Je kunt ook de doorvoer van een specifiek protocol meten. We nemen TCP als voorbeeld. Rechtsklik op een geschikt pakket en kies Conversation filter / TCP. Vervolgens open je het menu Statistics en selecteer je Protocol Hierarchy.

▼ Volgende artikel
Trage computer? Zo versnel je de opstarttijd van Windows 11
© MG | ID.nl
Huis

Trage computer? Zo versnel je de opstarttijd van Windows 11

Een minuut wachten kan eindeloos lijken, bijvoorbeeld tussen het indrukken van de aanknop en het uiteindelijk erschijnen van het Windows-bureaublad. Met de juiste aanpassingen kun je die wachttijd vaak flink verkorten. En wie wil er nu niet sneller uit de startblokken?

Het is je vast al opgevallen dat je Windows-pc na maanden intensief gebruik trager opstart dan in het begin. Dat lijkt vreemd, maar is goed verklaarbaar: je hebt waarschijnlijk allerlei programma’s geïnstalleerd die automatisch met Windows mee opstarten. Deze automatisch opstartprogramma’s controleren en uitschakelen is dan ook een belangrijke optimalisatiestap.

Maar daarnaast bestaan nog wel andere trucs om de opstarttijd te verkorten. Staat Windows nog op een klassieke harde schijf, dan kun je de tijd vaak makkelijk met een minuut of meer inkorten door over te stappen op een ssd (Solid State Drive). Dit kost wel wat tijd en geld, maar levert meteen een flinke tijdwinst op. En als we het toch over drastische ingrepen hebben: ook een volledige, schone (her)installatie van Windows (op dezelfde schijf) geeft je pc gegarandeerd een snellere start.

Draait Windows al op een ssd en wil je geen nieuwe installatie uitvoeren, lees dan vooral verder: er zijn ook minder ingrijpende maatregelen die het opstarten van je computer merkbaar versnellen. 

Meten is weten

Hoeveel tijd je met de tips en technieken uit dit artikel precies wint, is lastig te voorspellen, want dit hangt af van meerdere factoren. We raden je aan dit zelf te meten. Dat kan met een stopwatch, maar gespecialiseerde applicaties doen dit nauwkeuriger. Windows Performance Analyzer (https://apps.microsoft.com/detail/9n0w1b2bxgnz) is een optie, maar is erg technisch. Een veel gebruiksvriendelijker alternatief is BootRacer (www.greatis.com/bootracer). Deze app is ook gratis en die kun je na enkele testrondes gerust weer verwijderen. We tonen eerst hoe je BootRacer gebruikt om de opstarttijd(en) te meten, want de tool biedt daarnaast ook enkele optimaliseringsopties.

WPA: een geavanceerd meetinstrument.

BootRacer (meten)

Download de app en pak het zip-bestand uit. Start het uitgepakte exe-bestand en installeer het. Laat de vier opties aan het einde van de setup aangevinkt, rond af met Voltooien en start BootRacer op. Sluit alle andere applicaties, klik op Start en kies bij Perform a full boot time test voor Start Test / Yes. Na de herstart van Windows verschijnt rechtsonder een pop-upvenster met de opstartduur. Standaard meet BootRacer dit bij elke nieuwe Windows-opstart, waarna je via History de opeenvolgende tijden kunt volgen. Deze duur is telkens opgesplitst in drie delen: de eigenlijke boottijd, de wachttijd om aan te melden, en de tijd tussen aanmelding en een gebruiksklaar bureaublad. De BIOS-tijd (Pre-boot) aan het begin zit er niet bij omdat BootRacer begrijpelijkerwijs dan nog niet draait. Tijdens de boottijd laadt Windows de kernel, start essentiële systeemservices en initialiseert stuurprogramma’s. Na je aanmelding worden je profiel, instellingen, de shell (Verkenner), achtergrondprocessen en automatische opstartprogramma’s geladen.

Wil je niet langer dat BootRacer de opstarttijd meet, ga dan naar Options en selecteer op het tabblad Show de optie Disable BootRacer AutoStart in plaats van Every boot.

BootRacer geeft je een mooi beeld van de opeenvolgende opstarttijden.

Automatisch opstarten

Je weet nu hoe je de opstartduur kunt meten en bekijken, dus kunnen we aan de slag om deze te optimaliseren en te verkorten. Vaak win je tijd door enkel noodzakelijke programma’s automatisch met Windows te laten starten. Dit overzicht vind je in het Windows Taakbeheer, bereikbaar via het contextmenu van de startknop. Klik hier op Opstart-apps. Zet overbodige apps (tijdelijk) uit door er met rechts op te klikken en Uitschakelen te kiezen, al blijft het hier gissen hoeveel tijd zo’n app werkelijk kost bij het opstarten.

Daarvoor gebruik je BootRacer, dat ook per app de opstarttijd kan vastleggen. Start BootRacer, ga naar Options, open het tabblad Startup Control, klik op Enable Control en vink Measure program’s startup time en Log history of started apps aan. Bevestig met Save. Na een nieuwe Windows-opstart klik je in BootRacer op History en kies je History of Executed Startup Programs, voor een exacte opstarttijd van elke app, in chronologische volgorde.

BootRacer registreert nauwkeurig de opstarttijd van elke automatisch opstartende app.

Opstart-optimalisatie

Je weet nu precies hoeveel impact elke app heeft op de totale opstarttijd. In BootRacer kun je deze apps niet alleen tijdelijk uitschakelen, maar ook de startvolgorde aanpassen. Open het onderdeel Startup Control voor een overzicht. Verwijder het vinkje om apps uit te schakelen. Klik je met rechts op een app, dan kies je Info om het pad naar het programma te zien of eventueel Delete als je de opstartverwijzing (in het register) helemaal wilt verwijderen. Met de knop Set Order links bovenin bepaal je via de pijlknoppen welke apps eerder of juist later starten. Bevestig je wijzigingen met Finish Reordering.

Je kunt ook de onderlinge opstartvolgorde aanpassen in BootRacer.

Opstart-vertraging

In BootRacer kun je het opstarten van specifieke apps niet uitstellen om sneller je bureaublad te zien, omdat de app pas daarna wordt gestart. Dat kan wel met de gratis HiBit start-up Manager (www.hibitsoft.ir/StartupManager.html). Kies bij voorkeur voor de installeerbare versie, want de portable editie mist enkele opties. Installeer de app en start deze op. Wil je een app later laten opstarten, klik er dan met rechts op, kies Add to Delay en stel de gewenste vertraging in (Hour, Minute, Seconds). Of kies Automatic Delay en bepaal hoeveel procent cpu- en/of schijfbelasting er maximaal mag zijn voordat de app start. Bevestig met OK.

Start-up Manager heeft bij de rubriek Tools ook enkele handige extra’s. Zo meldt System Monitoring zich zodra een nieuwe app met Windows wil opstarten en geeft Boot Optimizer de opstarttijden weer, ook van achtergrondservices (zie ook bij Service-optimalisatie).

Je kunt apps eventueel ook laten opstarten nadat je bureaublad is verschenen.

Functie: ‘Snel opstarten’

Windows heeft een functie ‘Snel opstarten’ die de boottijd verkort. Normaal sluit Windows bij het afsluiten alle apps en logt het systeem de gebruiker uit, waarna bij de volgende start alles opnieuw wordt geladen. Met ‘Snel opstarten’ bewaart Windows de status van de systeemkernel en stuurprogramma’s (in het verborgen bestand c:\hiberfil.sys). Bij een volgende start wordt dit snapshot ingeladen, waardoor Windows sneller opstart. In de meeste gevallen is het zinvol deze functie in te schakelen, behalve bij dual-bootconfiguraties of bij stuurprogramma’s die er niet goed mee werken.

Je beheert dit via de ingebouwde app Configuratiescherm. Ga naar Systeem en beveiliging / Energiebeheer, klik op Het gedrag van de aan/uit-knoppen bepalen en kies Instellingen wijzigen die momenteel niet beschikbaar zijn. Zet een vinkje bij Snel opstarten inschakelen (aanbevolen) en bevestig met Wijzigingen opslaan.

Windows heeft een ingebouwde functie om de opstarttijd wat in te korten. 

Energiemodi

De functie Snel opstarten werkt alleen bij een volledige afsluiting, maar in het venster Energiebeheer kom je ook Slaapstand en Sluimerstand tegen, die je hier meteen ook kunt activeren. Beide energiebesparende modi zorgen voor een nog snellere start.

Bij Sluimerstand (hibernate) schrijft Windows de volledige inhoud van het RAM naar schijf, zodat de pc geen stroom meer nodig heeft. Bij het opstarten hervat je de sessie exact waar je gebleven was, inclusief geopende programma’s. Nog sneller is Slaapstand, waarbij de sessie in het RAM-geheugen blijft, waardoor de pc wel nog een klein beetje stroom verbruikt.

De exacte opstarttijd hangt af van je hardware en opstartapps, maar grofweg kun je het volgende verwachten: volledig afsluiten zonder snel opstarten circa 30 tot 60 seconden, volledig afsluiten met snel opstarten circa 15 tot 30 seconden, sluimerstand circa 10 tot 20 seconden en slaapstand circa 5 seconden.

De energiebesparende modi kunnen je ook flink wat opstarttijd besparen. 

Procesoptimalisatie

Blijft de opstart lang duren, ook nadat je alle overtollige opstart-apps hebt uitgeschakeld, dan moet je dieper graven. Vaak zijn het services en achtergrondprocessen die vertraging veroorzaken, zoals cloud-synchronisatiesoftware, update-taken of diensten van derden.

Met een ietwat botte methode spoor je dit als volgt op. Druk op Windows-toets+R, voer msconfig uit, open het tabblad Services en vink Alle Microsoft-services verbergen aan. Klik op Alles uitschakelen en herstart de pc. Start hij nu merkbaar sneller op, dan veroorzaken een of meer van die processen de vertraging.

Met de Boot Optimizer van start-up Manager (zie bij ‘Opstart-vertraging’) kun je zien hoeveel tijd zulke processen kosten. Klik desgewenst met rechts op een proces en kies Disable om het uit te schakelen (het item kleurt grijs). Later kun je dit met Enable weer inschakelen. Kies Uninstall alleen als je zeker weet dat de software niet nodig is, want hiermee verwijder je deze. De optie Delete gebruik je beter niet, omdat dit enkel het item uit de lijst verwijdert terwijl het proces toch kan blijven opstarten.

Je kunt services ook rechtstreeks beheren in Windows via de ingebouwde app Services. Selecteer een service, klik met rechts en kies Eigenschappen. Op het tabblad Algemeen stel je het Opstarttype in op Handmatig of eventueel op Automatisch (vertraagd starten), zodat de service geen impact heeft tijdens de eigenlijke opstartfase. Bevestig met OK.

Services kun je uitschakelen vanuit Boot Optimizer, maar ook vanuit de Services-module.

Autoruns

Vanuit Taakbeheer en met tools als BootRacer, Boot Optimizer en Services kun je de meeste automatisch startende apps en services beheren. Wil je echt alle autostartpunten van Windows zien, gebruik dan het gratis AutoRuns (https://learn.microsoft.com/en-us/sysinternals/downloads/autoruns), bij voorkeur als administrator. Op het tabblad Everything zie je alle opstartpunten in één overzicht en beheer je ze via het contextmenu. Met Jump to Entry spring je direct naar de locatie vanwaar ze worden gestart en met Delete verwijder je de opstartverwijzing uit Windows. Houd er rekening mee dat dit niet eenvoudig terug te draaien is, tenzij je de koppeling handmatig herstelt.

Autoruns lijst letterlijk elk mogelijk opstartpunt van Windows op.

Opstartuitstel

Je hebt de totale opstarttijd waarschijnlijk al flink teruggebracht, maar er zijn nog extra ingrepen mogelijk. Mogelijk zag je in BootRacer een melding over een ‘Explorer start-up Delay’ van 10 seconden voorbij komen. Windows bouwt deze vertraging namelijk standaard in, zodat essentiële systeemdiensten rustig kunnen starten, maar op een modern en snel systeem is dit meestal niet nodig. In BootRacer kun je dit alleen met de betaalde Pro-versie uitschakelen, maar via het register kan het ook gratis.

Druk op Windows-toets+R, voer regedit uit en navigeer naar HKEY_CURRENT_USER\Software\Microsoft\Windows\CurrentVersion\Explorer. Klik met rechts en kies Nieuw / Sleutel, geef deze de naam Serialize. Klik met rechts op deze nieuwe sleutel en kies Nieuw / DWORD (32-bits)-waarde. Noem deze StartupDelayInMSec en laat de waarde 0 staan. Sluit Regedit en herstart je pc.

Met een registeringreep kun je nog eens tot tien seconden besparen.

Auto-doorstart

Wanneer je in BootRacer de totale opstartfase bekijkt, zie je mogelijk ook een ‘Password timeout’, de tijd dat Windows wacht tot je je wachtwoord hebt ingevoerd. Zonde van de verloren tijd, maar als je de enige gebruiker van de pc bent, kun je Windows ook automatisch laten doorstarten.

Druk op Windows-toets+R, typ netplwiz en klik op OK. Verwijder het vinkje bij Gebruikers moeten een gebruikersnaam en wachtwoord opgeven […]. Bevestig met OK en vul het wachtwoord in van het gewenste account.

Zie je deze optie niet, dan gebruik je waarschijnlijk een Microsoft-account. Wil je geen lokaal account aanmaken, dan omzeil je dit als volgt. Ga opnieuw naar Uitvoeren en voer regedit uit. Navigeer naar HKEY_LOCAL_MACHINE\SOFTWARE\Microsoft\Windows NT\CurrentVersion\PasswordLess\Device. Dubbelklik in het rechterdeelvenster op DevicePasswordLessBuildVersion en zet de waarde op 0 (in plaats van 2). Na een herstart van je pc zou de optie alsnog zichtbaar moeten zijn.

Als enige gebruiker kun je wellicht ook zonder aanmeldwachtwoord leven. 

UEFI/BIOS

Hoewel tools (zoals BootRacer) de opstarttijd van het UEFI/BIOS niet kunnen meten, kan deze fase toch ook enige tijd kosten. Hier controleert de firmware van je moederbord de hardware en start zij het verdere proces. Met enkele instellingen kun je de opstarttijd wellicht iets verkorten.

Om in het UEFI/BIOS te komen, druk je direct na het aanzetten van de pc op een toets als F10, F2 of Del (zie je systeemhandleiding). Zoek daar naar opties als Fast Boot, Quick Boot of Quick Power on Self Test en schakel deze in om bepaalde zelftesten of wachttijden over te slaan. Controleer ook de bootvolgorde: je stelt de Windows-schijf bij voorkeur in als eerste boot device. Vaak kun je ook ongebruikte hardware, zoals bepaalde poorten, uitschakelen, wat soms wat extra tijdwinst oplevert bij de initialisatie.

Je checkt ook even enkele instellingen in het UEFI/BIOS, zoals Fast boot.

▼ Volgende artikel
Resident Evil Village en meer titels komen naar PlayStation Plus-gamecatalogus
Huis

Resident Evil Village en meer titels komen naar PlayStation Plus-gamecatalogus

Sony heeft bekendgemaakt welke spellen deze maand aan de gamecatalogus voor PlayStation Plus Extra- en Premium-leden worden toegevoegd, en Resident Evil Village is er een van.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Het lijkt geen toeval dat de game naar de catalogus komt, want eerder bleek al dat Village deze maand ook op Xbox Game Pass verschijnt. Daarbij zal eind februari het negende deel in de reeks, Resident Evil Requiem, uitkomen, dus dit is het ideale moment om nog even het geheugen op te frissen met Village, dat het achtste deel in de horrorfranchise betreft.

Deze games komen op 20 januari naar PS Plus Extra en Premium:

Andere spellen die vanaf 20 januari worden toegevoegd, zijn onder andere Like a Dragon: Infinite Wealth, A Quiet Place; The Road Ahead, de oorspronkelijke Ridge Racer en Art of Rally. Voor de duidelijkheid: de moderne spellen op onderstaande lijst zijn speelbaar voor alle PlayStation Plus Extra- en Premium-leden, de klassieke game is alleen voor Premium-leden bestemd.

  •        Resident Evil Village (PS5 / PS4)

  •        Like a Dragon: Infinite Wealth (PS5 / PS4)

  •        Expeditions: A MudRunner Game (PS5 / PS4)

  •        A Quiet Place: The Road Ahead (PS5 / PS4)

  •        Darkest Dungeon 2 (PS5 / PS4)

  •        The Exit 8 (PS5 / PS4)

  •        Art of Rally (PS5 / PS4)

  •        A Little to the Left (PS5 / PS4)

Deze game komt op 20 januari naar PS Plus Premium:

  • Ridge Racer

Meer informatie over deze games valt te vinden op PlayStation Blog.

View post on X