ID.nl logo
Review Philips 65PUS8909/12 – Strijdvaardig, maar is dat voldoende?
Huis

Review Philips 65PUS8909/12 – Strijdvaardig, maar is dat voldoende?

Philips gooit al enkele jaren hoge ogen met ‘The One’ serie die voor een mooie prijs alle belangrijkste features wil aanbieden. De 65PUS8909 is de nieuwste versie, met een nieuw smart tv-systeem en nieuwe afstandsbediening. Maar kan The One de strijd nog aan in dit segment?

Goed
Conclusie

De Philips 65PUS8909 is naar onze mening wat stil blijven staan, terwijl concurrenten die hard inzetten op het segment waarin deze televisie valt juist grote stappen aan het maken zijn. Van deze familie-tv geniet je het best bij wat omgevingslicht en met heldere content, waarbij de impact van het matige contrast dan minder opvalt. De HDR-prestaties zijn nét voldoende, vooral dankzij Dolby Vision. Het 144Hz-paneel levert goede bewegingsscherpte, prima voor sport en gamers. Die laatste groep krijgt bovendien vier HDMI 2.1-poorten tot zijn beschikking. De afstandsbediening kan beter; dat bewijst de versie die bij de hogere modellen zit. De keuze voor Titan OS kunnen we nog niet met volle overtuiging beoordelen, maar de eerste tekenen zijn gunstig. Het is snel en bevat al een deel van de lokale apps. Met komende software-updates verdwijnen hopelijk de kleine kinderziektes. Wel vinden we de prijs van deze televisie te hoog. Concurrenten zoals TCL en Hisense leveren in deze categorie meer waarde.

Plus- en minpunten
  • Mooi design
  • Driezijdig Ambilight
  • Degelijke kijkhoek
  • Goede bewegingsscherpte
  • Beperkt contrast en helderheid
  • Lichte uniformiteitsproblemen
  • Titan OS nog niet volwassen

PHILIPS 65PUS8909/12

  • Adviesprijs: 1.399 euro
  • Wat: Ultra HD 4K 144 Hz Direct LED LCD-tv
  • Schermformaat: 65 inch (164 cm), vlak
  • Aansluitingen: 4x HDMI (4x v2.1 48 Gbps, ARC/eARC, ALLM, 4K144, VRR (AMD FreeSync), 2x USB, 1x optisch digitaal uit, 1x hoofdtelefoon, 2x antenne, 1x Ethernet, WiFi 5, Bluetooth
  • Extra’s: HDR10, HLG, Dolby Vision, HDR10+, Dolby Atmos, DTS:X, Titan OS, DTS Play-Fi, USB/DLNA-mediaspeler, DVB-T2/C/S2, CI+-slot, 7e Gen P5 Perfect Picture Engine, driezijdige Ambilight
  • Afmetingen: 1451 x 905 x 313 mm (incl. voet)
  • Gewicht: 26,9 kg (incl. voet)
  • Verbruik: SDR 85 (E) / HDR 235 watt (G)

Nu vrijwel elke tv kan uitpakken met een bijna randloos scherm is het geen gemakkelijke taak om in de middenklasse nog een opvallend design te presenteren. Maar gewoon een mooi ontwerp is gelukkig geen enkel probleem. Deze Philips is echter vrij neutraal in antracietgrijs. Prettig vinden we dat hij op een draaivoet staat.

©TP Vision

Een eerste troef voor deze tv vinden we bij de aansluitingen. Hij biedt namelijk viermaal HDMI 2.1 met 48Gbps bandbreedte en dat is iets dat Philips tot nu toe nog niet heeft laten zien. Dankzij de extra poorten kun je nu moeiteloos meer dan één dergelijke bron aansluiten en eventueel ook een soundbar. De HDMI-poorten ondersteunen ALLM, 4K120 en zelfs 4K144 en VRR (HDMI VRR, AMD FreeSync Premium). De input-lag is uitstekend: 14,9ms in 4K60 en 6,5 ms in 2K120. Maar voordat je begint te gamen, duik je beter eerst nog even in de instellingen en schakel je de poorten van je game-bron naar ‘Optimal Auto Game 144Hz Pro’ om alle game-eigenschappen te activeren.

Titan OS: het nieuwe smart-tv-systeem

Philips stapt bij deze televisie af van Google TV en heeft gekozen voor Titan OS voor een deel van de nieuwe line-up. Titan OS is een in Europa ontwikkeld systeem en biedt een slank en vlot werkend systeem waarin gebruiksvriendelijkheid voorop staat. Wat gebruiksgemak betreft zijn we in ieder geval erg tevreden over de snelheid waarmee je door de schermen navigeert. Ook de lay-out is prima en het Home-scherm lijkt veel op dat van Google TV. Het app-aanbod bevat de belangrijkste internationale diensten, met uitzondering van Apple TV. Lokaal zien we zowel voor Nederland als België al een deel van apps op het scherm staan. In Nederland vinden we Viaplay, NL Ziet, Pathé Thuis en Videoland, in België zijn VTM Go en Streamz beschikbaar.

©ID.nl | Eric Beeckmans

Titan OS ondersteunt ook Google Cast (voorheen bekend als Chromecast), maar geen Airplay2. Daarnaast biedt het FAST-kanalen (Free Ad-Supported Streaming), die geïntegreerd zijn in de klassieke elektronische programmagids van de tv-tuner. Ze bieden extra content, maar de meerwaarde lijkt ons voorlopig beperkt. Titan OS wil ook inzetten op een goede zoekfunctie, maar ook daar was zo te zien nog wat werk aan. Je kunt weliswaar per categorie zoeken, maar de resultaten waren nog beperkt.  Titan OS garandeert wel verdere software-updates, dus er komen nog verbeteringen aan.

©ID.nl | Eric Beeckmans

De afstandsbediening oogt modern, en heeft een paar unieke eigenschappen. Zo lichten er cijfers op onder de d-pad als je de cijfer-toets (centraal tussen geluid- en kanaaltoetsen) indrukt. Dat maakt de afstandsbediening compact, maar tegelijkertijd biedt hij dus toch nummertoetsen. We waren minder tevreden over het gevoel dat de toetsen gaven. Een toets indrukken voelt zacht en onduidelijk aan. En zeker op de d-pad kan dat tot foute toetsaanslagen leiden.

©ID.nl | Eric Beeckmans

Ambilight mag niet ontbreken 

Op deze Philips-tv zorgt een driezijdig Ambilight voor sfeervolle en vooral kleurrijke omkadering van de tv. Als je voluit van Ambilight wilt genieten, zorg dan voor voldoende vrije ruimte rond de tv. Je kunt het licht aanpassen voor de kleur van achterliggende muur, en Ambilight biedt veel verschillende functies. De belangrijkste is het tv-beeld omzetten in kleuren die verschijnen op de muur. Maar je kunt Ambilight ook laten werken op geluid, je kunt het gebruiken als sfeerlicht, of ermee wakker worden of gaan slapen. Ambilight Aurora is een screensaver en sfeerlicht tegelijkertijd.

©TP Vision

 Philips P5-beeldverwerking

De nieuwe chipset die voor de extra HDMI 2.1-poorten zorgt, is ook de nieuwe basis voor de Philips P5-beeldverwerking. Geen revolutionaire technieken – die zijn uiteraard voorbehouden aan de topmodellen – maar erg solide prestaties met sterke punten die Philips over de jaren verzameld heeft. Een uitstekende deinterlacing van 1080i-content zoals die van een tv settop-box en slimme upscaling die detail een kleine boost kan geven.

©TP Vision

Samen met goede ruisonderdrukking levert dat ook voor oudere bronnen zoals dvd mooie resultaten op. Philips heeft wel nog wat werk om blokvorming efficiënter te verwijderen. Die beeldfout wordt veroorzaakt door sterke videocompressie, en de processor kan dat kennelijk niet goed mee verwerken. De bewegingsscherpte van dit 120Hz-paneel is goed, het kan zelfs 144Hz gaan, en dat is interessant voor games. Dat maakt het prima voor sport, waar de bal netjes afgelijnd blijft en geen lastige sleepsporen maakt wanneer hij over het scherm zoeft. De motion interpolation van Philips scoort al geruime tijd erg goed. Het algoritme grijpt snel en adequaat in om schokken te vermijden wanneer de camera snel beweegt. Op lage-resolutiebronnen zoals dvd veroorzaakte dat wel iets meer beeldartefacten dan gewenst.

Levert hij genoeg contrast?

Philips positioneert The One als een toestel dat een breed scala kijkers moet bekoren en in typische woonkameromstandigheden zijn werk moet doen. Het ADS-type paneel (een variant van IPS), zorgt bijvoorbeeld voor een redelijk goede kijkhoek voor helderheid, contrast en kleur. Maar bij donkere beelden heeft het wat last van een waas die het contrast hindert. Het ANSI-contrast is goed: het haalt ongeveer 1.750:1, en met globale dimming kan dat klimmen naar iets meer dan 3.000:1 – zij het dan wel in iets makkelijkere testen.

We hadden graag gezien dat Philips ook in The One voor lokale dimming had gekozen, dat kan een wezenlijk beter resultaat leveren. Ook de uniformiteit scoorde niet fantastisch. Die is oké in heldere beelden, maar in donkere beelden zie je de achtergrondverlichting duidelijk hier en daar doorschijnen, vooral aan de rand. Jammer, want in de donkere balken boven en onder een filmbeeld is dat goed zichtbaar. Dit soort fout varieert echter van toestel tot toestel. De SDR-beelden in de Film-beeldmode zijn prima, met nauwkeurige kleurweergave, maar je kunt ze verbeteren door de ‘Dynamische contrastverbetering’ te activeren, en eventueel de gamma-waarde naar twee op te trekken. Beide ingrepen verbeteren het contrast, waardoor het beeld wat meer diepte en detail krijgt. 

Nét geslaagd voor HDR

Een moderne tv moet ook in staat zijn om goed HDR weer te geven. Daarvoor zijn een aantal factoren belangrijk, zoals contrast, helderheid, kleurbereik en tonemapping. Met een gemeten piekhelderheid (in HDR Film beeldmode) van ongeveer 430 nits zowel op kleine stukken van het scherm als op het volledig scherm is de PUS8909 iets te zuinig met licht. Vermoedelijk is meer licht, gecombineerd met het matige contrast en global dimming niet gewenst, dat begrijpen we. Maar toch is dat een bescheiden resultaat. Het kleurbereik is wel goed: dat haalt 92% P3. De meeste HDR-beelden zien er goed uit, tenminste zolang ze niet te donker zijn, en zolang ze niet te helder gemastered zijn.

In het eerste geval merk je dat er veel zwartnuances verdwijnen, en dat het matige contrast het beeld parten speelt. Wanneer de beelden te helder gemastered zijn, maakt de tonemapping kleuren te helder, die verliezen dan aan intensiteit. Het beeld wordt daardoor ook vlakker. Philips heeft The One gelukkig wel ondersteuning voor HDR10+ en Dolby Vision gegeven. Vooral het populaire Dolby Vision kan dankzij de dynamische metadata veel meer mooie resultaten neerzetten.

©TP Vision

Voldoende audiovermogen

Net als vorig jaar is The One uitgerust met viermaal 10W vermogen, en ondersteuning voor Dolby Atmos en DTS:X. Daarmee kan het toestel behoorlijk wat volume produceren met een toereikende bas-ondersteuning en hoorbaar surround-effect. Alleen wanneer je het volume echt hoog zet, gaat de klank wat de mist in. En uiteraard kun je zonder upfiring luidsprekers geen echte Dolby Atmos of DTS:X hoogte-effecten realiseren. Het resultaat volstaat voor doorsnee gebruik. Wie van krachtige muziek en film/game-soundracks houdt, kiest beter een goede soundbar.

©Eric Beeckmans | ID.nl

Conclusie

De Philips 65PUS8909 is naar onze mening wat stil blijven staan, terwijl concurrenten die hard inzetten op het segment waarin deze televisie valt juist grote stappen aan het maken zijn. Van deze familie-tv geniet je het best bij wat omgevingslicht en met heldere content, waarbij de impact van het matige contrast dan minder opvalt. De HDR-prestaties zijn nét voldoende, vooral dankzij Dolby Vision. Het 144Hz-paneel levert goede bewegingsscherpte, prima voor sport en gamers. Die laatste groep krijgt bovendien vier HDMI 2.1-poorten tot zijn beschikking. De afstandsbediening kan beter; dat bewijst de versie die bij de hogere modellen zit. De keuze voor Titan OS kunnen we nog niet met volle overtuiging beoordelen, maar de eerste tekenen zijn gunstig. Het is snel en bevat al een deel van de lokale apps. Met komende software-updates verdwijnen hopelijk de kleine kinderziektes. Wel vinden we de prijs van deze televisie te hoog. Concurrenten zoals TCL en Hisense leveren in deze categorie meer waarde.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.