ID.nl logo
Zekerheid & gemak

IoT met Raspberry Pi: Zo begin je er aan

Met de Raspberry Pi ontwikkel je zelf eenvoudig toepassingen voor het Internet of Things. Wat heb je daarvoor nodig en hoe gaat dat? Een basiscursis IoT met Raspberry Pi.

Lees ook:Beter bier brouwen met de Raspberry Pi

Wat heb je nodig voor een IoT-toepassing met de Pi? Allereerst een Raspberry Pi zelf. Het model maakt niet zoveel uit, omdat IoT-toepassingen doorgaans geen zware systeemeisen hebben. Maar de Raspberry Pi 3 is in veel gevallen het interessantst, omdat die wifi en bluetooth heeft ingebouwd, zodat je daar al geen extra adapters voor nodig hebt. Een toetsenbord en scherm heb je hoogstens tijdens de installatie nodig; daarna voert de Pi zijn taak uit zonder rechtstreekse gebruikersinteractie.

Afhankelijk van je toepassing heb je daarnaast sensoren nodig. Die zijn er in alle soorten: temperatuursensoren, vochtsensoren, lichtsensoren, aanwezigheidsdetectoren, enzovoort. Meestal sluit je een sensor samen met een weerstand aan.

Breadboard

Een voorlopige opstelling doe je doorgaans met een breadboardje, die je in bovenstaande afbeelding zien. Dit is een bordje met gaatjes waarin je eenvoudig de benodigde elektronische componenten zoals de sensoren en weerstanden prikt. Verbindingen maak je met jumperdraden, die eveneens in de gaatjes passen en ook in de gpio-pinnen van je Raspberry Pi. Zo verbind je de Raspberry Pi met de componenten op je breadboardje en laat je het computertje de sensoren uitlezen.

Voor een definitieve opstelling werk je vaak met een eigen printplaatje (pcb), waarop je de componenten soldeert. Bij een breadboardje met jumperdraden komen de componenten immers wel eens los door schokken. Maar dat zou ons hier te ver voeren. In de praktijk kun je gerust ook een opstelling met breadboardje definitief gebruiken als de omstandigheden niet al te ruw zijn, maar wees je dan ervan bewust dat het minder betrouwbaar is.

De Pi gaat uiteraard in een kastje, en voor buitentoepassingen plaats je het best je volledige opstelling inclusief breadboardje in een waterdichte behuizing. Gebruik je geen wifi voor het netwerk, dan moet je ook een netwerkkabel aansluiten. En de voeding krijgt de Pi van een voedingsadapter.

Besturingssysteem op Raspberry Pi zetten

Naast de hardware heb je natuurlijk ook nog software nodig. Het fundament aan de softwarekant vormt het besturingssysteem, dat onder andere de communicatie tussen je IoT-toepassingen en de hardware van je Raspberry Pi mogelijk maakt.

Het standaard besturingssysteem voor de Raspberry Pi is Raspbian. Dit is een speciaal voor de Pi aangepaste versie van de Linux-distributie Debian. Raspbian geeft je de meeste flexibiliteit. Je kunt hier allerlei software op installeren (je hebt de keuze uit tienduizenden pakketten), je kunt het als server of desktop inzetten en uiteraard kun je ook IoT-toepassingen op Raspbian ontwikkelen, bijvoorbeeld met myDevices Cayenne of Node-RED.

Dan zijn er nog besturingssystemen voor de Raspberry Pi die speciaal voor het Internet of Things zijn gebouwd. De bekendste voorbeelden hebben ondersteuning door bedrijven: Ubuntu Core door Canonical en Windows 10 IoT Core door Microsoft. Zij zijn vooral ontworpen voor bedrijven die hun eigen IoT-producten willen ontwikkelen, maar ook voor hobbyisten zijn deze besturingssystemen interessant.

Welk besturingssysteem je ook kiest, de eerste stap van de installatie verloopt altijd hetzelfde: je downloadt een image-bestand van het besturingssysteem. Let er op dat je een image voor (de juiste versie van) de Raspberry Pi kiest.

Installeren

Steek daarna een micro-sd-kaart in de kaartlezer van je computer. Als je de micro-sd-kaart ooit al gebruikt hebt, kun je die het beste eerst formatteren. Doe dat met het programma SD Formatter, dat je op de website van de SD Association downloadt. Installeer SD Formatter en start het programma, selecteer de schijfletter van je micro-sd-kaart en klik op Format.

Start daarna het programma Win32DiskImager. Kies de schijfletter van je micro-sd-kaart, selecteer het img-bestand van het gekozen besturingssysteem en klik op Write om het besturingssysteem naar je kaartje te schrijven.

Let op: zowel SD Formatter als Win32DiskImager wissen de bestaande inhoud van het micro-sd-kaartje! Gebruik dus alleen een kaartje waar geen data meer op staan die je nodig hebt, en controleer dubbel of je de juiste schijfletter kiest voordat je op Write klikt.

©PXimport

Steek daarna de micro-sd-kaart met het besturingssysteem in je Pi, sluit eventueel een toetsenbord en muis aan via usb en een beeldscherm via hdmi. Indien gewenst sluit je ook een ethernetkabel aan. Ten slotte verbind je de voedingskabel met de Pi, waarna de Pi je besturingssysteem start. Wat volgt hangt af van het besturingssysteem dat op je micro-sd-kaartje staat.

Bij de eerste start is er soms nog wat configuratie nodig, waarvoor je toetsenbord en beeldscherm van pas komen, bijvoorbeeld als je het ip-adres van je Pi niet kent. Maar daarna zijn toetsenbord en beeldscherm niet meer nodig, omdat je IoT-toepassing zijn communicatie toch via internet doet en vaak een webinterface heeft.

In plaats van rechtstreeks het gewenste besturingssysteem te downloaden, kun je er ook voor kiezen om het image van NOOBS (New Out Of the Box Software) te downloaden. Dit installatieprogramma geeft je de mogelijkheid om allerlei besturingssystemen vanuit een grafisch menu te installeren, onder andere Raspbian en Windows 10 IoT Core. Dat kan interessant zijn als je vaak een nieuw besturingssysteem op je Pi wilt installeren, maar wij verkiezen toch de systematische aanpak.

Binnenkort leggen we uit wat je vervolgens allemaal met je Raspberry Pi kunt doen op IoT-gebied.

▼ Volgende artikel
Dolby Atmos: zo haal je écht bioscoopgeluid naar je woonkamer
© ER | ID.nl
Huis

Dolby Atmos: zo haal je écht bioscoopgeluid naar je woonkamer

Wil je films en series ervaren zoals de regisseur het bedoelde? Dan kun je tegenwoordig niet meer om Dolby Atmos heen. Deze populaire audiotechniek wordt gezien als de grootste sprong voorwaarts sinds de uitvinding van surround sound. In dit artikel leggen we je uit wat het precies is en hoe je jouw huiskamer omtovert tot een driedimensionale geluidsstudio.

Dolby Atmos is de huidige gouden standaard voor bioscoopgeluid en verovert in rap tempo ook de Nederlandse huiskamers. Waar traditioneel surroundgeluid je slechts omringt met geluid op oorniveau, voegt deze techniek een serieuze nieuwe dimensie toe: hoogte. Hierdoor vliegen helikopters daadwerkelijk óver je hoofd en klinkt regen levensecht. We leggen hieronder in begrijpelijke taal uit hoe het werkt en wat je ervoor nodig hebt.

Op zoek naar het beste geluid bij jouw films en series? Check Kieskeurig.nl!

Van vaste kanalen naar bewegende objecten

Om te begrijpen wat Dolby Atmos zo uniek maakt, moeten we eerst kijken naar hoe surroundgeluid vroeger werkte. Bij traditionele systemen, zoals 5.1 of 7.1, is het geluid kanaal-gebaseerd. De geluidsmixer in de studio beslist dat een bepaald geluidseffect uit de speaker linksachter moet komen. Als jij die speaker niet precies goed hebt staan, klopt het effect niet helemaal.

Dolby Atmos gooit dit concept overboord en introduceert object-gebaseerde audio. In plaats van geluid naar een specifieke luidspreker te sturen, plaatst de geluidstechnicus een geluidsobject (zoals een zoemende bij of een overvliegend vliegtuig) op een specifieke coördinaat in een driedimensionale ruimte. Jouw apparatuur berekent vervolgens razendsnel welke speakers op welk moment moeten worden aangestuurd om dat geluid exact op die plek in jouw kamer te laten horen.

©ER | ID.nl

De magie van hoogtekanalen

Het meest hoorbare verschil dat Dolby Atmos biedt ten opzichte van eerdere systemen is de toevoeging van hoogte. Omdat geluid nu als een object in de ruimte wordt behandeld, ben je niet meer beperkt tot geluid van links, rechts, voor of achter. Het geluid kan nu ook van boven komen. In bioscopen zie je hiervoor vaak speakers die fysiek aan het plafond hangen. Thuis is dat voor veel mensen geen optie, en daarom zijn er slimme alternatieven ontwikkeld.

Veel moderne soundbars en speakersystemen maken gebruik van zogenaamde 'upfiring drivers'. Dat zijn luidsprekers die schuin omhoog zijn gericht. Ze sturen het geluid naar je plafond, waarna het weerkaatst richting jouw luisterpositie. Onze hersenen interpreteren die weerkaatsing alsof het geluid daadwerkelijk van boven komt, waardoor je in een complete bubbel van geluid zit.

Hardware en content voor de beste ervaring

Om thuis van Dolby Atmos te kunnen genieten, heb je wel geschikte apparatuur en content nodig. Allereerst moet de bron, zoals een film of serie op Netflix, Disney+ of een Blu-ray, beschikken over een Dolby Atmos-audiotrack. Vervolgens moet je televisie of mediaspeler in staat zijn om dat signaal door te geven, meestal via een HDMI eARC-aansluiting.

Tot slot heb je het audiosysteem zelf nodig. Dat kan een uitgebreide AV-receiver zijn met losse speakers, maar tegenwoordig zijn er ook zeer capabele soundbars die de Atmos-ervaring indrukwekkend weten te simuleren. Zelfs smartphones en koptelefoons bieden tegenwoordig ondersteuning voor een virtuele variant van Atmos, waarbij softwarematige trucs worden gebruikt om ruimtelijkheid te creëren in een stereo-omgeving.

⭐ Populaire merken voor Dolby Atmos

Als je op zoek bent naar apparatuur die Dolby Atmos ondersteunt, kom je al snel een aantal toonaangevende fabrikanten tegen die de markt domineren. Sonos is hierin een van de meest bekende namen, voornamelijk vanwege hun gebruiksvriendelijke soundbars zoals de Arc en de Beam die naadloos samenwerken in een multiroom-systeem. Naast Sonos spelen ook de Zuid-Koreaanse giganten Samsung en LG een grote rol in dit segment; zij ontwikkelen soundbars die vaak specifieke synergievoordelen bieden wanneer je ze combineert met televisies van hetzelfde merk, zoals het synchroniseren van tv-speakers met de soundbar. Voor de liefhebbers die liever werken met een traditionele versterker en losse luidsprekers, zijn Denon en Marantz de aangewezen merken, aangezien zij al jarenlang receivers bouwen die bekendstaan om hun uitstekende decodering van 3D-geluidsformaten.

▼ Volgende artikel
The Division-maker ruilt Ubisoft in voor Battlefield Studios
Huis

The Division-maker ruilt Ubisoft in voor Battlefield Studios

Julian Gerighty, de regisseur van de The Division-games bij de Franse ontwikkelaar en uitgever Ubisoft, is vertrokken bij het bedrijf en gaat aan de slag bij concurrent Electronic Arts, om precies te zijn bij Battlefield Studios.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Gerighty heeft jarenlang gewerkt bij Ubisoft-studio Massive Entertainment. Hij was een van de regisseurs van The Division en vervolg The Division 2, en nam de regie voor Star Wars Outlaws helemaal op zich. In 2023 werd hij uitgeroepen tot de producent van de gehele The Disivion-reeks.

Gerighty gaat aan de slag bij Battlefield Studios, de ontwikkelaar van Electronic Arts die - de naam zegt het al - verantwoordelijk is voor de Battlefield-reeks. Afgelopen jaar is er nog een nieuw deel in die populaire shooterserie uitgekomen. Battlefield 6. Het is niet bekend wat zijn rol daarin precies wordt.

The Division

Ubisoft en Massive Entertainment werken ondertussen aan The Division 3. In de The Division-games werken spelers samen in teamverband om het tegen vijandelijke, computergestuurde facties op te nemen in Amerikaanse steden die uiteen zijn gevallen nadat een dodelijke pandemie om zich heen heeft geslagen. De eerste The Division speelde zich in New York City af, het vervolg in Washington D.C.

Over de derde The Division-game is nog weinig bekend. Ubisoft heeft echter geprobeerd fans gerust te spellen. "We gaan (Gerighty) missen en we blijven de wereld die hij mede heeft gecreëerd nog jaren naar spelers brengen. Onze spelers hoeven zich geen zorgen te maken: onze teams die deze wereld samen met Julian hebben opgebouwd zijn er nog steeds, en zullen deze vooruit dragen met onveranderde ambitie in de vorm van The Division 2, The Division 2: Survivors, The Division Resurgence The Division 3."

Ubisoft heeft ook laten weten dat Yannick Banchereau en Mathias Karlson aan The Division blijven werken. Massive-oudgediende Magnus Jansen gaat werken aan de Survivors-update voor The Division 2 die eerder is aangekondigd en later dit jaar moet verschijnen.

Ontslagen

Overigens werd eerder deze week een herstructurering van Massive Entertainment aangekondigd, waarbij mogelijk tientallen werknemers hun baan kunnen verliezen. Het is niet bekend of het vertrek van Gerighty daar direct aan is gekoppeld, maar dat lijkt onwaarschijnlijk.

View post on X