ID.nl logo
Zekerheid & gemak

Hoe ziet de toekomst van het Internet of Things eruit?

De hype rondom het Internet of Things is consumentenbeurs CES opnieuw aangewakkerd, net zoals voorgaande jaren. Security blijft een aandachtspunt en nieuw is de komst van een speciale WiFi-soort.

De nonprofit organisatie die WiFi-gebruik en -interoperabiliteit bevordert, promoot een nieuwe technologie voor draadloze netwerkverbindingen. Dit WiFi HaLow (technische benaming: 802.11ah) moet het zogeheten Internet of Things (IoT) vooruit helpen. Voor velen is het IoT een theoretisch en vooral marketinggedreven fenomeen. Fabrikanten spiegelen consumenten al jaren de voordelen voor van een connected of smart koelkast, die je kan waarschuwen als de melk bijna op is. Of, nog commerciëler, die de verse melk automatisch voor je bestelt online.

Falende en lekkende koelkast

In de praktijk blijken koelkastfabrikanten niet altijd goed thuis te zijn in computertechnologie. Ook niet als de bewuste fabrikant een elektronicaconcern zoals Samsung is. Die Zuid-Koreaanse firma, mede bekend van zijn tv’s en Android-smartphones, heeft enkele jaren terug al een smart fridge uitgebracht die toch niet zo slim blijkt te zijn. Net zoals Android-toestellen nogal eens achter blijven wat updates betreft, geldt dit ook voor koelkasten. Consumenten kunnen daardoor bijvoorbeeld niet meer een ingebouwde functie voor Google-agenda’s gebruiken, die dienst moet doen als online-vervanging voor briefjes op de koelkastdeur.

Erger nog, net zoals computers en smartphone blijken slimme koelkasten ook hackbaar. De beveiligde verbinding van Samsungs smart fridge met Google-diensten (zoals dus Google Agenda) blijkt niet goed beveiligd. Dit is afgelopen zomer al gedemonstreerd op hackersconferentie DefCon. Een kwaadwillende kan onder bepaalde omstandigheden de inloggegevens onderscheppen en daarmee hele Google-accounts kapen.

Hiermee lopen niet alleen gezinsagenda’s gevaar, maar ook e-mail, app-aankopen in de Play-store, aanmelding voor andere diensten en wat er allemaal nog meer kan met een valide Google-account. Minder impactvol is de onveiligheid van een internet-enabled ding als de BB-8 speelgoedrobot. Weer veel gevaarlijker is de hack afgelopen zomer van bepaalde Chrysler-auto’s.

Rudimentaire gebruiksscenario’s

De diverse fabrikanten laten zich niet ontmoedigen door dit soort tegenslagen. Updates en fixes worden gemaakt en nieuwe producten worden aangeprezen. Zo heeft Samsung op de Consumer Electronics Show van dit jaar - net zoals vele andere leveranciers - nieuwe IoT-zaken laten zien. Zoals de demonstratie samen met Microsoft van gebruiksscenario’s waarbij Microsofts spraakassistent Cortana antwoord kan geven op vragen als wanneer de was klaar is of hoe vol de koelkast is.

De aard van dit soort gebruiksscenario’s is nog vrij rudimentair en zal lang niet iedereen aanspreken. De achterliggende gedachte van het IoT is echter dat veel meer apparaten niet zozeer met hun gebruikers zullen communiceren, maar vooral met elkaar. Dit levert naar verwachting een nog onvoorziene hoeveelheid dataverkeer op die in sommige gevallen ‘gewoon’ netwerkverkeer (van de gebruiker) niet in de weg moet zitten (en vice versa).

Drukte vermijdend en zuiniger

Belangrijker nog is dat niet alle IoT-apparaten het formaat, de vaste plek en de stroomverbinding van bijvoorbeeld een koelkast zullen hebben. Klein, draadloos en dus energiezuinig is het adagio voor het IoT dat echt nuttige scenario’s moet realiseren. Hier komen nieuwe protocollen om de hoek kijken. Zoals dus het vers aangekondigde WiFi HaLow. Deze wireless technologie werkt met verbindingen onder de één Gigahertz (rond de 900 MHz) en heeft daarmee meerdere voordelen.

Ten eerste zit het niet in de al drukbezette band rond de 2,4 GHz. Verder vermijdt het ook de voor computers en smartphones al vaker gebruikte 5 GHz. Ten tweede vereist de relatief lage frequentie veel minder vermogen om te zenden. Dit kan ‘dingen’ die werken op batterijen een veel langere connectiviteit geven. Exacte cijfers voor het energieverbruik zijn nog niet duidelijk en daar is dus nog zorg over.

Verder, maar langzamer

Ten derde heeft WiFi HaLow een veel groter bereik. Een bekend nadeel van het minder drukbezette 5 GHz is dat het niet zo ver reikt in gebouwen als de ‘volle’ 2,4 GHz. HaLow gaat hier dus nog onder zitten en haalt daarmee tot wel twee keer de maximale afstand van gewone WiFi. Muren, elektronica en andere storende factoren worden hiermee overwonnen.

Deze voordelen komen wel met een nadeel: snelheid. HaLow geeft IoT-apparaten verbindingssnelheden tussen de 150 kilobit per seconde (Kbps) en 18 megabit per seconde (Mbps). Dat steekt nogal kaal af tegen reguliere WiFi die tegenwoordig Gigabit-snelheden kan halen. De data-uitwisseling van IoT-apparaten hoeft echter geen Gigabytes te kosten, dus de lagere snelheid kan afdoende zijn.

Of juist snel met kort bereik

Naast HaLow duikt er nog een ander draadloos protocol op dat veelbelovend is voor het IoT. Dit alternatief gaat juist wel voor snelheid en niet voor de afstand. LiFi is de naam en het werkt niet met radiogolven zoals WiFi, maar met lichtsignalen. Deze draadloze technologie gebruikt LED-lampen die voor het menselijk oog constant schijnen en dus als gewone verlichting zijn te gebruiken.

Ondertussen geven de LiFi-zenders lichtpulsen af voor draadloos netwerkverkeer met snelheden tot wel 224 Gigabit per seconde (Gbps). Lichtsignalen die weerkaatst worden via een oppervlak zouden nog altijd zo’n 70 Mbps kunnen halen. Het bereik van LiFi is vanzelfsprekend beperkt; muren houden al het verkeer tegen. Daarnaast moet het licht wel aan zijn om het draadloze netwerk ‘in de lucht’ te hebben.

Niet één protocol om alles te overheersen

De prognose is dat de draadloze toekomst, zeker voor het IoT, niet een of-of keuze wordt. Er zal niet één protocol zijn om alle apparaten te verbinden en overheersen. Diverse draadloze technieken zullen elkaar afwisselen en zelfs bijstaan om mobiele apparaten en ook slimme dingen verbindingen te geven. Net zoals Apple voor zijn Handoff tussen iPhones en Macs al een combinatie van Bluetooth en WiFi gebruikt.

Een draadloze verbinding met kort bereik of een geverifieerde combinatie van twee soorten connectie kan juist helpen om het beveiligingsniveau te verhogen. Afhankelijk van de vereisten voor security, snelheid, bereik en batterijduur wordt dan de beste verbinding gelegd. Daarbij blijft er ook een rol voor ‘ouderwets’ WiFi dat nu al in gebruik is. De Wi-Fi Alliance verwacht dat HaLow ook dienst gaat doen in apparaten die naast de 900 MHz band ook de 2,4 GHz en 5 GHz gebruiken. De eerste producten moeten dit jaar op de markt komen.

▼ Volgende artikel
Gerucht: Slimme brillen van Meta krijgen gezichtsherkenning
© Vadym - stock.adobe.com
Gezond leven

Gerucht: Slimme brillen van Meta krijgen gezichtsherkenning

Meta zou in de loop van dit jaar gezichtsherkenningstechnologie aan diens slimme brillen willen toevoegen.

Dat claimt The New York Times van bronnen te hebben vernomen. De gezichtsherkenningstechnologie zou ergens later dit jaar naar de slimme Ray-Ban- en Oakley-brillen van het bedrijf komen.

Volgens The New York Times zouden de brillen met de technologie gezichten in de omgeving kunnen identificeren via de ingebouwde camera. Daar zouden de brillen profielen van socialmediaplatforms van Meta, zoals Facebook en Instagram, voor gebruiken. Vervolgens zouden dragers van de bril informatie over de persoon in kwestie krijgen.

Logischerwijs zorgt het gerucht voor wat ophef rondom privacy. Meta zou dan ook nog overwegen dat het alleen mogelijk wordt om de technologie in te zetten bij mensen waar de drager een connectie mee heeft op social media. Maar het is nog niet uitgesloten dat Meta er voor kiest dat met de bril ook vreemden herkend kunnen worden via openbare profielen.

Het lijkt waarschijnlijk dat de functie er komt; The New York Times citeert een interne memo van Meta waarin te lezen valt dat het een goed moment is om de functie te lanceren gezien de huidige politieke onrust. Dit omdat veel organisaties die bezwaar zouden maken tegen dergelijke technologie, het te druk zouden hebben met andere problemen. Meta zelf heeft het gerucht aan The New York Times bevestigd noch ontkend.

▼ Volgende artikel
RAM(p)-scenario: waarom tech in 2026 duurder wordt
© ID.nl
Huis

RAM(p)-scenario: waarom tech in 2026 duurder wordt

Je merkt het aan laptops, smartphones en gameconsoles: de prijzen lopen dit jaar op. Inflatie speelt mee, maar dat is niet de voornaamste reden. Waar chipmakers, vooral de geheugenfabrikanten, tot voor kort vooral produceerden voor de traditionele (consumenten)markt, gaat er nu steeds meer capaciteit naar grote AI-datacenters. Daardoor worden geheugen en opslag schaarser. En als iets schaarser wordt, stijgt de prijs. Hoe dat zit en wat dat voor jou betekent, lees je hier.

AI als Rupsje Nooitgenoeg

Zie de geheugenchipindustrie als een bakkerij met een beperkt aantal ovens. Jarenlang werd de capaciteit van die ovens gebruikt voor standaardbrood: regulier DRAM-geheugen (Dynamic random access memory)en NAND-opslag (flashgeheugen) voor consumententech. Nu vragen AI-servers om een nieuw soort brood: high bandwidth memory (HBM). HBM is speciaal geheugen dat direct naast de rekenchip zit, zodat data veel sneller heen en weer kan. En de vraag is groot: marktanalisten verwachten dat datacenters in 2026 een heel groot deel van de geproduceerde geheugenchips gaan opslokken, met schattingen die richting 70 procent gaan Het gevolg is simpel: als meer ovens worden gereserveerd voor dat 'speciale brood', kan er minder standaardbrood gebakken worden. En dat betekent dus dat gewoon geheugen fors duurder aan het worden is.

©Bron prijsdata: Tweakers

RAM-tekort is niet de enige oorzaak

Dat de prijzen van geheugen en opslag in korte tijd zo gestegen zijn, ga je dus voelen: want dit zijn basis-onderdelen in bijna elke laptop of smartphone. Daar komt nog bij dat ook cpu's tijdelijk lastiger te leveren (en in sommige gevallen duurder) waren. Ook van andere onderdelen (denk: printplaten, batterijen en stroomregelchips) is de prijs omhoog aan het gaan. Daarnaast maken nieuwe standaarden zoals Wifi 7 en USB 4 sommige onderdelen bovendien complexer en daarmee duurder.

Geheugenchip en geheugen, wat is het verschil?

Een geheugenchip is het fysieke onderdeel dat uit de fabriek komt: zo'n klein rechthoekig blokje dat je op een printplaat ziet zitten. Je kunt het zien als bakstenen en een muur. De geheugenchips zijn de bakstenen. Een RAM-module is de muur, opgebouwd uit meerdere bakstenen op één printplaat. Een typische module bevat meerdere chips die samen die 8, 16 of 32 GB vormen. En precies daarom werkt een tekort aan chips zo snel door. Als er minder chips beschikbaar zijn, kun je minder RAM-modules maken, minder ssd's vullen en minder chips plaatsen in laptops, telefoons en tablets.

©Batorskaya Larisa

Laptops, smartphones en consoles: daarom worden ze duurder

De onderstaande tabel laat zien globaal zien welk deel van het budget naar de verschillende onderdelen gaat. Daarbij moet wel aangetekend dat het om een schatting van percentages gaat; harde cijfers hierover zijn moeilijk te vinden.  Hierdoor zie je beter waar de pijn van de huidige geheugen- en chiptekorten het hardst wordt gevoeld.

OnderdeelLaptopSmartphone (premium)Gameconsole (PS5 Pro/Xbox)
Geheugen & opslag10% - 25%10% - 20%35% of meer
Processor (CPU/SoC)15% - 30%25% - 35%30% - 40%
Scherm / Display10% - 20%15% - 25%N.v.t.
Behuizing / Koeling5% - 10%5% - 10%10% - 15%
Batterij5% - 10%5% - 10%N.v.t.

Kijk je puur naar deze tabel, dan zou je verwachten dat vooral gameconsoles heel sterk in prijs gaan stijgen. Maar volgens kenners van de markt zouden consolebouwers hun best doen om in ieder geval voorlopig de prijs gelijk te houden – juist omdat de Switch 2 net uit is en de Xbox Series en PS5 al meerdere prijsverhogingen hebben gehad. De klap daar zal eerder opgevangen worden door alles eromheen: denk aan accessoires en abonnementen zoals PlayStation Plus.

Bij laptopfabrikanten en smartphonemakers ligt dat anders. Die hebben geen andere producten in het ümfeld die ingezet kunnen worden om de kosten van het belangrijkste product niet al te veel te hoeven verhogen. De stijgende kosten van geheugen, opslag en processor zullen daar dus wel impact gaan hebben, zo is de verwachting.

Welke prijsstijgingen kun je verwachten?

Het blijft een inschatting, maar verschillende marktonderzoeken komen grofweg op hetzelfde neer. Voor een nieuwe laptop moet je dit jaar rekening houden met een extra kostenpost van ongeveer 100 tot 200 euro, afhankelijk van het segment en de gekozen configuratie. Bij smartphones gaat het vaker om 50 tot 100 euro per model. Het precieze bedrag verschilt per merk, maar de tendens is duidelijk: als consument ga je meer betalen.

Hogere prijzen of minder waar voor je geld

Die impact heeft grofweg twee smaken. Enerzijds zal vooral premium tech duurder worden, maar krijg je daar wel meer voor terug; anderzijds zullen bij mid-range tech de prijzen waarschijnlijk minder hard stijgen, maar krijg je daar tegelijkertijd minder waar voor je geld. Krimpflatie.

Premiumtech: duurder, maar meer mogelijkheden

Hier spelen twee dingen: niet alleen zijn chips minder goed leverbaar, er wordt tegelijkertijd hard gewerkt aan nieuwe productietechnieken (zoals de 2-nanometer chiptechnologie van marktleider TSMC). De productie van zo'n nieuwe chip is een ingewikkeld en duur proces. Dat drijft de prijs op.

Wel is het zo dat je als consument profiteert van de mogelijkheden van de nieuwste generatie chips. Die kunnen langer hoge prestaties volhouden en toch koeler blijven, simpelweg omdat de chip efficiënter met energie omgaat. Dat merk je echt in de praktijk. Dus ja, je betaalt meer, maar je krijgt er ook meer voor terug.

©StocksJust4You - stock.adobe.com

Mid-range: niet duurder, wel mindere specs

Bij de middenklasse proberen merken de prijs aantrekkelijk te houden. Als onderdelen duurder worden, moeten ze ergens compenseren. Je krijgt dan voor ongeveer dezelfde adviesprijs als het model van vorig jaar een smartwatch of telefoon met minder opslag, minder RAM of trager werkgeheugen dan de generatie van vorig jaar. Of het model wordt uitgekleed: extra's (bijvoorbeeld een snellere opslagvariant, betere camera, luxere afwerking) verdwijnen.

En de budgetmodellen?

Hele goedkope modellen hebben het extra lastig. Daar zit weinig marge op, dus een stijging van onderdelenprijzen hakt er direct in. Het principe is hetzelfde als bij mid-range, maar het pakt hier vaker scherper uit: er is minder ruimte om kosten op te vangen, dus je merkt het sneller in RAM, opslag of snelheid. Daarnaast kunnen fabrikanten in het laagste segment ook kiezen om instapmodellen te schrappen, of om 'nieuwe' modellen uit te brengen die intern weinig veranderen. Dat betekent vaak ook: minder keuze voor jou.

Conclusie

Tech is in 2026 duurder geworden omdat de chipindustrie zich steeds meer richt op AI-datacenters. Daardoor verschuift productiecapaciteit naar specialistisch geheugen, en stijgen de prijzen van standaardgeheugen en opslag.

Het advies voor jou is vooral praktisch: als je nu al weet dat je extra RAM, een grotere ssd of een nieuwe smartphone, laptop of gameconsole nodig hebt, wacht dan niet te lang. De signalen uit de markt wijzen erop dat prijzen en beschikbaarheid voorlopig onder druk blijven staan. Dat maakt vergelijken weer belangrijker dan de afgelopen jaren. Kijk niet alleen naar de prijs, maar kijk extra goed naar de specificaties. En kijk daarbij vooral naar RAM en opslag: daar zie je de effecten van wat er nu speelt het snelst terug.