ID.nl logo
E-bike kopen in 2022 – E-bike techniek
Mobiliteit

E-bike kopen in 2022 – E-bike techniek

Als je van plan bent een e-bike aan te schaffen, moet je verder kijken dan alleen de looks en of hij lekker zit. Er zit veel techniek op zo'n fiets en daar moet je een paar belangrijke keuzes in maken. Die bepalen of je fiets echt geschikt is voor jouw gebruik. Denk aan motoren, aandrijving, versnellingen, remmen, vering en banden. In dit artikel gaan we ze punt voor punt af, zodat je weet waar je op moet letten.

Allereerst de motor. Dat is toch het hart van je elektrische fiets. Die bepaalt samen met sensoren een groot deel van het rijcomfort, zodat je lekker soepel door de stad fietst, maar ook of je die flinke heuvel opkomt zonder al te veel bij te moeten trappen.

Je kunt kiezen uit een motor in het voorwiel, in het achterwiel of een middenmotor. De middenmotor is tegenwoordig zo’n beetje de standaard; verreweg de meeste fietsen zijn daarmee uitgerust. Dat is ook logisch, want het is eigenlijk de alleskunner van de drie.

Watch on YouTube

Een voorwielmotor zie je nog wel bij de wat betaalbaarder fietsen. De techniek is iets eenvoudiger en dus goedkoper. Er zit vrijwel altijd alleen een rotatiesensor bij. Die sensor signaleert wanneer je trapt en laat de motor vervolgens meedoen. Daar zit niet heel veel regeling in, het is vooral een aan-uitgedrag. De motor doet mee als je trapt en stopt met meedoen als je je benen stilhoudt. In het begin kan dat een beetje een raar gevoel geven; je trapt een beetje en opeens wordt je fiets naar voren getrokken. Er zit bovendien een kleine vertraging in.

Ook al geef je veel of weinig kracht op je pedalen, de motor doet altijd vol vermogen mee. Dat is prettig voor wie niet zo veel beenkracht heeft, vooral bij het op gang komen. Je moet wel een beetje uitkijken in de bochten, zeker als het nat is. Begin je dan met trappen, dan kan de fiets wat instabiel worden. Gelukkig zijn de voorwielmotoren niet de krachtigste, dus doorslippen zal als het droog is niet snel gebeuren. In de bergen is dit type motor niet aan te raden door het gebrek aan trekkracht en tractie.

Een fiets met een voorwielmotor is vaak vriendelijker geprijsd.

Een achterwielmotor zie je nog maar zelden, maar kan interessant zijn als je net als bij de voorwielmotor meteen volle ondersteuning wil en wel in heuvelachtig terrein wilt fietsen. Alleen heb je kans dat hij bij extreme hellingen uitschakelt omdat de motor dan te heet wordt. Een ander voordeel is dat dit type motoren de stilste is. Er hoeft immers geen extra tandwielsysteem te draaien.

Een achterwielmotor is lekker stil en geeft veel rijcomfort.

Dat extra tandwielsysteem heb je wel bij een middenmotor. Die maken dus wat meer geluid, zeker de oudere versies. De modernere middenmotoren worden gelukkig steeds stiller. Groot voordeel van een middenmotor is dat er naast een rotatiesensor ook een trapkrachtsensor in zit. Niet alleen wordt gemeten óf je trapt, maar ook hoe hárd je trapt. Afhankelijk van de instelling die je hebt gekozen, wordt daarmee bepaald hoe hard je motor meewerkt. Dat geeft een erg natuurlijk en comfortabel fietsgedrag.

Nadeel is wel dat als je weinig kracht hebt, je minder hard wordt geholpen en sneller een hogere ondersteuningsstand moet kiezen. Dan kun je ook beter een middenmotor uit de toplijn kiezen die ook voor mountainbikes wordt gebruikt, zoals de Bosch Performance Line, de Bafang M420, de Shimano EP8 en de Brose Drive T of S. Dit soort motoren met een heel hoog koppel zijn ook in de bergen erg geschikt, mits je versnellingen op de bergen zijn aangepast.

Voor stadsritjes en gewone toertochten is een wat minder krachtige motor prima geschikt en daarmee haal je meer kilometers uit je accu.

De meeste e-bikes zijn uitgerust met een middenmotor.

Qua aandrijving wordt een ketting veruit het meest gebruikt. Een ketting is het goedkoopst en heeft ook nog eens de minste weerstand, en dat is weer goed voor je actieradius. Alleen moet je hem wel regelmatig schoonmaken en smeren, want zand, vuil en roest zijn de grootste vijanden van je ketting. Kies je een fiets met een gesloten kettingkast, dan hoef je veel minder naar je ketting om te kijken.

Een ketting moet je regelmatig schoonmaken en smeren; bij een fiets met een kettingkast is dat een stuk minder.

Wil je geen schoonmaakgedoe of aan de slag met kettingvet, kies dan een fiets met riemaandrijving. De weerstand is misschien iets groter dan bij een ketting, maar met een elektrische fiets merk je daar weinig van, afgezien van een iets kleinere actieradius. Overigens zou ik ook een fiets met een riemaandrijving regelmatig schoonmaken, zeker als er na een ritje door de regen zand of blubber tussen is gekomen.

Een riemaandrijving is veel onderhoudsvriendelijker en ziet er ook nog eens chiquer uit.

Als het gaat om het versnellingssysteem heb je ook een aantal opties. Ook hier is er genoeg te kiezen als je een hekel hebt aan onderhoud. De schoonste en meest onderhoudsvrije optie is de versnellingsnaaf. Hierbij zitten de versnellingen in de achteras verwerkt. Er kan geen vocht of vuil bij en je hoeft niets te smeren. Alleen de ketting als je een versie met ketting kiest, maar zo’n naaf is juist ideaal om te combineren met een riem.

Een naafversnelling is erg handig; je hoeft er eigenlijk nooit naar om te kijken.

Nadeel van een gewone naafversnelling zoals de bekende Shimano Nexus of Alfine-modellen is dat ze te weinig spreiding bieden voor in de bergen. In de stad en de rest van het vlakke Nederland heb je daar geen last van en zijn het uitstekende oplossingen. Verder kun je niet zomaar blijven doortrappen tijdens het schakelen; zeker bij terugschakelen moet je even stilhouden, en dat is bergop niet zo prettig.

Wil je echt de bergen dan in, dan is een derailleurversnelling ideaal. Het is ook het systeem met het minste energieverlies, dus je haalt er uiteindelijk de grootste range mee. Doordat alles open ligt, heb je er wel meer onderhoud aan. Maar veel meer dan regelmatig schoonmaken en smeren is het niet.

Ook een derailleur vindt het niet altijd even prettig om te schakelen onder volle belasting, zeker niet die van een koppelrijke elektromotor. Bij opschakelen hoor je dan weleens vervelende geluiden en slijt de boel wat sneller.

Een derailleur biedt heel veel versnellingen en heeft de minste weerstand.

Een mooie oplossing daarvoor is elektrisch schakelen, dat inmiddels door veel e-bikesystemen wordt ondersteund. Daarbij houdt de motor tijdens het schakelen even iets in, zodat de naaf of derailleur makkelijk kan schakelen. Jij hoeft alleen het knopje in te drukken. Ook kun je de boel zo instellen dat de fiets automatisch terugschakelt als je voor het stoplicht staat en je snel en zonder zwaar trappen weer op gang kunt komen. Erg handig!

Enviolo maakt traploze versnellingsnaven die ook nog eens in een elektrisch schakelende variant beschikbaar zijn.

De meest luxe schakelsystemen zijn de traploze versnellingsnaaf van Enviolo en de Rohloff-naaf met 14 versnellingen. De Eviolo-naaf heeft geen vaste schakelstanden en met de draaischakelaar aan je handvat kun je elke versnellingsstand kiezen die je wilt. Er is zelfs een elektrische versie beschikbaar waarbij je in het display op de fiets instelt met welke trapfrequentie je wilt rijden, dus hoe snel je trapt. Vervolgens regelt het systeem dat automatisch bij. Of je nu snel of langzaam rijdt, jij trapt altijd hetzelfde ritme. Dat is wel even wennen en lang niet iedereen vind dat prettig, dus maak eerst een uitgebreide proefrit om te bepalen of dit wat voor je is.

Het mooiste, maar wel duurste systeem komt van Rohloff, en die is er ook in een variant waarmee je elektrisch kunt schakelen.

De Rohloff-naaf is het mooiste systeem van allemaal en heeft de minste nadelen, behalve misschien zijn prijs. Het is namelijk een behoorlijk duur systeem, maar daar krijg je ook wat voor terug. Je hebt genoeg versnellingen voor in de bergen en het rendement is hoog, en ook als je accu leeg is valt er nog redelijk mee te fietsen. Elektrisch schakelen is eveneens mogelijk; dan houdt de motor even in bij het schakelen en je kunt zelfs meerdere versnellingen tegelijkertijd op- of terugschakelen als je de knop wat langer ingedrukt houdt.

Wat betreft de remmen kun je kiezen uit rollerbrakes, velgremmen (ook wel V-brakes genoemd) en schijfremmen. En dat is meteen ook de volgorde van minder goed naar goed remmen. Rollerbrakes zijn een doorontwikkeling van de vroegere trommelremmen. Voordeel is dat ze bij nat of droog weer even goed remmen en dat je geen remblokjes hoeft te vervangen. Nadeel is dat ze van alle types het minst goed remmen (bij droog weer althans) en zeker op een wat zwaardere e-bike bij een wat hogere snelheid vind ik ze niet ideaal. Ben je een behoudende rijder en rem je sowieso niet zo stevig, dan voldoen ze voor jou waarschijnlijk prima.

Rollerbrakes zijn prima voor wie niet al te stevig wil remmen en rustig rijdt.

Velgremmen zijn veel beter te doseren en ook nog eens het goedkoopst en het lichtst. Ze doen het eigenlijk altijd prima, zolang je de remblokjes maar op tijd vervangt en goed afstelt. In de regen doen ze het minder goed dan als het droog is; daar moet je wel even rekening mee houden.

Velgremmen zijn budgetvriendelijker en remmen over het algemeen beter dan rollerbrakes.

Schijfremmen zijn de beste optie. Ze remmen sowieso het best – ook bij nat weer – en je kunt de remkracht heel goed doseren. Dat komt omdat ze meestal hydraulisch worden bediend. In plaats van een kabel zit er een vloeistof in de remleiding, net zoals bij je auto. Daardoor kun je preciezer en harder remmen. Sommige velgremmen zijn trouwens ook met hydraulische leidingen uitgerust.

Schijfremmen remmen het best, ook in de regen of bij langdurige afdalingen.

Een ander voordeel is dat ze bij lange afdalingen minder snel oververhitten. Ze zijn alleen wel iets minder hufterproof dan velgremmen of rollerbrakes. Krijgt je schijf een tikkie in de stalling of bij het plaatsen op een fietsendrager, dan kan zo’n schijf beschadigen of zelfs krom raken. Dan moet je dus even langs de fietsenmaker.

Omdat je op een e-bike wat harder fietst dan op een gewone fiets, wordt je sneller door elkaar wordt geschud, en al helemaal bij slecht wegdek. Hobbels, drempels, richeltjes, stoepjes, gaten in de weg of losse takjes en steentjes komen dan veel harder door. Om die reden hebben de meeste e-bikes een geveerde voorvork. De hoeveelheid vering kun je vaak instellen of zelfs helemaal uitzetten, maar alleen bij de hele dure fietsen werkt dat echt goed. Ook kun je kiezen voor een geveerde zadelpen. Dat kun je ook achteraf nog doen, voor het geval jouw e-bike met een vaste zadelpen is uitgerust.

Een geveerde voorvork zorgt voor meer comfort tijdens het rijden.

Bij heel luxe vakantiefietsen zit er weleens een schokbreker in het achterframe, maar dat zijn vaak bijna mountainbikes met spatborden en een bagagedrager.

Houd er wel rekening mee dat hoe meer en makkelijker je fiets veert, hij minder strak stuurt op gewone fietspaden en dat je door die vering ook een deel van je trapenergie en dus range kwijtraakt.

Bij een volledig geveerde fiets is ook het achterframe voorzien van vering. Ideaal om een geitenpaadje mee af te dalen.

Veel comfort kun je ook winnen door de juiste banden en bandenspanning. Bredere banden vangen trillingen beter op en kunnen op een lagere bandenspanning worden gereden, zonder dat ze meteen meer rolweerstand krijgen. Brede banden bieden dus meer comfort. Maar ze bieden ook meer grip; je kunt er makkelijker mee over onverharde paden rijden. Voor een paadje door de duinen of door het bos hoef je dus niet bang meer te zijn. En in de stad kom je met bredere banden minder snel in de tramrails of andere richels vast te zitten. Ik zou dus altijd voor wat bredere banden kiezen, maar niet te breed, zoals je ze op mountainbikes of van die fatbikes ziet.

Zo’n fatbike ziet er fantastisch uit, maar sturen doen ze wat minder strak.

Nadeel van brede banden is dat ze voor een wat slomer stuurgedrag zorgen. Je moet meer moeite doen om de bocht door te komen. Ook komen ze wat minder snel op gang, maar dat is met een e-bike niet zo erg: de motor doet toch mee. Fiets je veel in de stad, dan kun je het best niet al te breed gaan – zeg maximaal rond de 50 mm. En let op wat je fietsendrager maximaal aankan. De superbrede banden van de nieuwste modellen passen vaak niet in de gootjes van je oude fietsendrager.

Qua profiel heb je ook genoeg keuze. Hoe meer je over onverharde paden fietst, hoe grover je het profiel wilt hebben. Er zijn ook banden met weinig profiel in het midden en wat meer aan de zijkanten; die rollen lekkerder en stiller over het asfalt en hebben toch grip in de bochten op onverharde wegen.

Glad profiel in het midden voor makkelijker rollen, grover profiel aan de zijkanten voor meer grip op onverharde wegen.

Naast comfort is de lekbestendigheid van de band het belangrijkst. Niemand zit erop te wachten om onderweg een lekke band te moeten plakken. Zeker niet op een zware e-bike die je niet zomaar even op zijn kop zet. Moderne fietsbanden zoals die van Schwalbe of Continental zijn goed lekbestendig, maar vraag altijd om de meest lekbestendige als je nieuwe banden moet uitzoeken. Dat beetje extra gewicht of rolweerstand is bij e-bikes veel minder belangrijk. Lekbestendigheid is wat je wilt!

Schwalbe noemt zijn Marathon E-Plus-banden ‘onplatbaar’: hiermee zou je ze niet lek moeten rijden.
▼ Volgende artikel
Meta test betaalde abonnementen voor WhatsApp, Facebook en Instagram
© ER | ID.nl
Huis

Meta test betaalde abonnementen voor WhatsApp, Facebook en Instagram

Meta gaat tests uitvoeren met betaalde abonnementen voor WhatsApp, Facebook en Instagram, zo heeft het bedrijf laten weten.

Dat liet Meta weten aan TechCrunch. In ruil voor betaalde abonnementen op bovengenoemde apps krijgen mensen toegang tot extra functies, al zijn die nog niet uit de doeken gedaan. De reguliere versies van de platforms moeten wel gratis beschikbaar blijven.

De precieze opties die mensen die betalen voor WhatsApp, Facebook of Instagram krijgen is niet bekend, maar Meta heeft het over "speciale features en meer controle over hoe men deelt en connecties maakt".

Manus en Vibes

Eén van de dingen die mogelijk onder de abonnementen gaan vallen, is Manus, een AI-agent die pas is aangeschaft door Meta voor ongeveer 2 miljard dollar. Manus moet geïntegreerd worden in Meta-producten, maar ook los beschikbaar komen. Op Instagram wordt er naar verluidt al gewerkt aan een shortcut naar de AI-tool.

Meta wil de abonnementen ook voor andere AI-features testen, zoals het genereren van videocontent in Vibes. Deze AI-videotool is nu nog gratis beschikbaar, maar het is de bedoeling dat extra opties via een abonnement beschikbaar komen.

Op Instagram zou een abonnement gebruikelijks wellicht de mogelijkheid kunnen geven om mensen die men volgt te bekijken die niet terug volgen. Ook zou het mogelijk een optie worden om een Story te bekijken zonder dat de persoon die het heeft geplaatst ziet dat deze door de persoon in kwestie is bekeken.

Meta wil de komende maanden de abonnementen testen, en niets is nog zeker - ook niet eventuele prijzen voor abonnementen. Duidelijk is in ieder geval dat het bedrijf hiermee gaat experimenteren.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

▼ Volgende artikel
Je oude Windows-pc als thuisserver: zo zet je Jellyfin en Syncthing op
© ID.nl
Huis

Je oude Windows-pc als thuisserver: zo zet je Jellyfin en Syncthing op

Heb je nog een oudere pc of laptop, dan is het zonde om deze ongebruikt te laten. Je kunt hem namelijk eenvoudig omvormen tot een veelzijdige thuisserver. Wat dacht je van een mediaserver of een synchronisatietool, beide gratis, opensource en beschikbaar voor vrijwel elk platform?

In dit artikel

Je hebt een nieuwe pc gekocht, maar je oude Windows-computer is vaak nog prima bruikbaar. Met gratis servertools maak je er een thuisserver van, bijvoorbeeld voor streamen, een (s)ftp-server, een NAS-omgeving, domotica of het blokkeren van advertenties en trackers. Veel oplossingen draaien direct op Windows. En wil je toch iets met Linux, dan kan dat vaak ook via WAMP, WSL2 of Docker Desktop.

In dit artikel houden we het bewust bij twee gratis opensource-servers die rechtstreeks op Windows draaien: Jellyfin en Syncthing. Je leest hoe je je pc klaarzet met een schone Windows-installatie, een vaste netwerkplek en een vast intern ip-adres. Daarna richt je Jellyfin in als mediaserver met bibliotheken, gebruikers en apps voor tv en telefoon. Ook stel je Syncthing in als 'private cloud' waarmee je bestanden direct tussen je eigen apparaten synchroniseert. Tot slot laten we zien hoe je beide ook op je mobiel gebruikt, eventueel buiten je thuisnetwerk, en welke instellingen helpen om snelheid, opslag en veiligheid in balans te houden.

Lees ook: Nieuwe laptop kopen? Zo kies je een laptop die jaren meegaat

Voorbereiding

Voor je begint, is het verstandig om je (oude) computer goed voor te bereiden met een schoon besturingssysteem. Installeer bij voorkeur Windows 10 of 11 opnieuw. Dit doe je via Instellingen / Systeem / Systeemherstel, waar je PC opnieuw instellen kiest en eventueel Alles verwijderen selecteert.

Update daarna het systeem via Instellingen / Windows Update / Naar updates zoeken en controleer ook of alle drivers up-to-date zijn. Dit kan handmatig door met rechts op de Windows-startknop te klikken, Apparaatbeheer te openen, met rechts op een apparaat te klikken en Stuurprogramma bijwerken te kiezen. Je kunt eventueel tijdelijk de gratis tool Driver Booster (let wel op voor extra software) installeren om snel verouderde drivers te detecteren, al raden we wel aan om ze handmatig te downloaden (van de websites van de fabrikant).

Plaats je pc liefst dicht bij de router of zeker op een plek met een stabiele verbinding, bij voorkeur via een ethernetkabel. Geef je computer ook een vast intern ip-adres, zodat het niet telkens wijzigt. Dit kun je instellen via Instellingen / Netwerk en internet: kies Ethernet (of Wi-Fi, en klik daarna op het juiste netwerk) en klik bij IP-toewijzing op Bewerken, waarna je Handmatig kiest en geschikte waarden invult.

Controleer bovendien of er genoeg opslagruimte beschikbaar is, zeker als je grote mediabestanden wilt bewaren. Schakel ten slotte energiebesparende slaapstanden uit wanneer de server continu actief moet blijven. Open Instellingen / Systeem / Aan/uit en zet alle opties bij Time-outs voor scherm, slaapstand en sluimerstand op Nooit.

Driver Booster: een snelle manier om verouderde drivers op te sporen - maar het downloaden doe je van die drivers doe je bij voorkeur zelf, vanaf de website van de fabrikant.

Jellyfin installeren

We starten met een wat complexere installatie, deze van mediaserver Jellyfin. Hiermee bouw je een Netflix-achtige omgeving voor films, series en muziek. De server biedt vrijwel alle functies van een modern mediacenter, van metadata en transcodering tot streaming met ondersteuning voor meerdere gebruikers, zonder beperkingen of betaalde upgrades. Op https://demo.jellyfin.org kun je een online demo bekijken.

Spreekt dit je aan, dan kun je meteen aan de installatie beginnen. Download de serversoftware via https://jellyfin.org/downloads/windows, klik op AMD64 en haal het bijbehorende exe-bestand op. Installeer het met een dubbelklik. Tijdens de setup kies je bij voorkeur Basic Install (Recommended) om toegangsproblemen bij mappen te vermijden. Bevestig met Next (twee keer) en kies een lege installatie- en datamap. Klik opnieuw op Next (twee keer) en sluit af met Install en daarna Close.

Je kunt de server nu starten via het Windows-startmenu (Jellyfin Tray App) of via het bureaubladpictogram. In het Windows-systeemvak verschijnt dan het bijbehorende pictogram. Klik er met rechts op om de server te starten, te stoppen, te openen of om de logs te bekijken. Plaats hier een vinkje bij Autostart. Je kunt de server ook 'handmatig' openen door in je browser het adres http://localhost:8096 in te voeren.

Een Basic Install is de aanbevolen optie (om machtigingsproblemen te vermijden).

Jellyfin: basisconfiguratie

Bij de eerste keer opstarten verschijnt een instelgids. Vul een korte servernaam in en kies de weergavetaal, bijvoorbeeld Nederlands. Klik op Volgende en maak een beheeraccount aan met een gebruikersnaam en wachtwoord (twee keer). Klik nogmaals op Volgende om je mediabibliotheken te beheren.

Klik op Mediabibliotheek toevoegen, kies het gewenste inhoudstype, zoals Films, Muziek, Series of Homevideo's en foto's, en geef een weergavenaam op. Klik daarna op het plusje bij Mappen en selecteer een of meer mediamappen voor deze bibliotheek. Je kunt ook verwijzen naar gedeelde netwerkmappen via het UNC-pad, zoals \\nas\media.

Bevestig met OK om de bibliotheek aan te maken. Op dezelfde manier kun je vervolgens extra mediabibliotheken toevoegen.

Kies een passend inhoudstype voor je mediabibliotheken.

Jellyfin: bibliotheekinstellingen

Klik nu eerst op het knopje met de drie puntjes bij een toegevoegde bibliotheek. Naast voor de hand liggende opties als Hernoemen en Verwijderen vind je hier onder meer ook Bibliotheek beheren, met instellingen die deels afhangen van het gekozen inhoudstype. Sommige, zoals Voorkeurstaal voor downloads, spreken voor zich, maar een optie als Ingesloten titels boven bestandsnamen verkiezen vraagt wellicht enige toelichting. Deze is namelijk vooral handig als de bestandsnamen van je media de inhoud niet duidelijk weergeven.

Een andere optie is nog Nfo bij Metadata-opslag: activeer deze als je wilt dat Jellyfin de metadata en afbeeldingen opslaat in de mediamappen zelf in plaats van in de programmamap. Bij films kun je bovendien bepalen van welke diensten afbeeldingen mogen worden gedownload en of deze in de mediamappen bewaard moeten blijven. Er zijn verder opties voor het tonen van hoofdstukafbeeldingen en het zogeheten trickplay, wat bijvoorbeeld handig is tijdens het spoelen, maar wel meer rekenkracht vergt.

Afhankelijk van het inhoudstype zijn er best veel opties voor je bibliotheek.

Jellyfin: gebruikersbeheer

Terug in het venster met je bibliotheken klik je op Volgende en stel je de voorkeurstaal (Dutch; Flemish) en regio in (Netherlands of Belgium). In het volgende scherm laat je het vinkje staan bij Externe verbindingen met deze server toestaan als je ook buiten je netwerk toegang wilt tot je mediaserver. Rond af met Voltooien en meld je aan.

Via de knop linksboven kun je diverse instellingen aanpassen. Open Controlepaneel voor allerlei technische informatie over je serverinstallatie. Bij Gebruikers kun je anderen, bijvoorbeeld gezinsleden, toegang geven tot Jellyfin. Klik op de plusknop, vul een naam en wachtwoord in en bepaal tot welke mediabibliotheken de gebruiker toegang heeft. Klik op het knopje met de drie puntjes naast een gebruiker en kies Gebruiker bewerken om de machtigingen nauwkeurig aan te passen. Het tabblad Ouderlijk toezicht is daarbij handig voor kinderen.

Je legt haarfijn vast wat welke gebruikers (niet) mogen doen.

Jellyfin: extra opties

In het menu vind je nog een paar nuttige opties. Bij Afspelen / Transcoderen kun je hardwareversnelling inschakelen als je systeem dit ondersteunt. Onder Afspelen / Streamen kun je een bitsnelheidslimiet instellen om te voorkomen dat apparaten buiten je netwerk je uploadverbinding te zwaar belasten. Bij Geavanceerd / Netwerken staan diverse instellingen voor een optimale netwerkconfiguratie. Je kunt hier het poortnummer aanpassen waarop Jellyfin draait (standaard 8096 voor http en 8920 voor https), https activeren als er een certificaat beschikbaar is en bepalen welke apparaten of netwerken extern toegang krijgen tot je server. Bevestig alle aanpassingen onderaan met Opslaan.

Verder is er het onderdeel Plug-ins, waarmee je Jellyfin eenvoudig uitbreidt. Standaard zijn enkele plug-ins al aanwezig, maar via Alle vind je er nog zo'n dertig, zoals Open Subtitles en LrcLib Lyrics. Doorgaans volstaat het een plug-in te openen en op Installeren te klikken. Na een herstart verschijnt deze bij de geïnstalleerde plug-ins en kun je deze via Instellingen verder configureren.

Jellyfin laat zich handig uitbreiden met meer dan 30 plug-ins.

Jellyfin: client-verbinding

Om je mediabibliotheken via een ander apparaat te benaderen, kun je een browser gebruiken met het adres http://<interne-ip-adres-server>:<serverpoort>, zoals http://192.168.0.138:8096. Open daarna een bibliotheek en kies wat je wilt afspelen. Je kunt dit ook anders doen: op www.jellyfin.org vind je namelijk verschillende client-apps voor smart-tv's, mediaspelers als Google Cast en Apple TV, en desktop- en mobiele apps voor onder meer Android, iOS en iPadOS.

We nemen de Jellyfin-app uit de Android Play Store als voorbeeld. Installeer de app en start deze op. Bevindt jouw Android-toestel zich in hetzelfde netwerk als de Jellyfin-server, tik dan op Server kiezen en selecteer de juiste server. Je kunt natuurlijk ook handmatig het (interne) ip-adres of de hostnaam van de server met de netwerkpoort invoeren.

Na een succesvolle aanmelding heb je toegang tot je gedeelde media. Via het pictogram Afspelen op kun je de inhoud ook streamen naar onder meer een Google Chromecast.

Jellyfin heeft clients voor uiteenlopende platformen (hier: Android).
View post on TikTok

Syncthing: wat en hoe?

Wil je, bijvoorbeeld om privacyredenen, je data liever niet via cloudproviders synchroniseren, dan kun je dat doen binnen je eigen 'private cloud' met Syncthing. Je koppelt bijvoorbeeld je pc, laptop en NAS rechtstreeks via een beveiligde verbinding.

De tool werkt via peer-to-peer-synchronisatie: elk apparaat draait dezelfde software en communiceert via versleutelde verbindingen. Na het koppelen van apparaten met een unieke ID en het delen van een map zorgt Syncthing dat alle wijzigingen in realtime worden overgezet, zonder tussenkomst van externe servers of cloudaccounts. Alleen als een directe verbinding uitzonderlijk niet lukt, ondanks geavanceerde NAT-traversaltechnieken, schakelt Syncthing over op publieke relayservers. Je data blijven ook dan nog steeds end-to-end versleuteld en worden niet opgeslagen op die servers.

Syncthing installeren

Ga naar www.syncthing.net en klik op Syncthing Windows Setup of bezoek rechtstreeks www.github.com/Bill-Stewart/SyncthingWindowsSetup. Klik daar op Latest en download syncthing-windows-setup.exe. Start het met een dubbelklik. Klik op Next (twee keer) en kies een geschikte, lege installatiemap. Klik opnieuw op Next (twee keer) en laat de standaardinstellingen staan, tenzij je bijvoorbeeld de standaardpoort 8384 van de service wilt wijzigen. Klik nogmaals op Next en laat de vinkjes staan zodat Syncthing automatisch met Windows opstart. Bevestig met Installeren en vervolgens met Ja om de firewallregels toe te voegen. Sluit af met Finish en open je browser op het adres http://localhost:8384.

Je kunt de basisinstellingen in principe ongemoeid laten.

Syncthing: basisconfiguratie

Je komt nu in het Syncthing-dashboard met enkele gebruiksstatistieken. Open eerst Acties / Instellingen en ga naar het tabblad GUI om veiligheidshalve een gebruikersnaam en wachtwoord in te stellen voor toegang tot het dashboard. Bevestig met Opslaan en meld je aan.

Ga daarna opnieuw naar Instellingen en open het tabblad Verbindingen. Hier kun je onder meer de download- en uploadsnelheid beperken. Je laat hier bij voorkeur de opties NAT traversal inschakelen, Relaying inschakelen, Globale detectie en Lokale detectie aangevinkt staan. Bevestig opnieuw met Opslaan.

In het hoofdvenster klik je vervolgens op +Map toevoegen. Geef een naam op bij Maplabel, kies een (hoofdlettergevoelig) Map-ID en vul bij Maplocatie het volledige pad in, bijvoorbeeld C:\Gegevens. Klik op Opslaan. Bij de toegevoegde map kun je vervolgens detailinformatie bekijken, de map (opnieuw) scannen, bewerken of verwijderen.

De eerste map is klaar om via Syncthing gedeeld te worden.

Syncthing: client-verbinding

Nu moet je Syncthing nog vertellen met welke apparaten je de map wilt delen voor synchronisatie. Daarvoor heb je minstens één extra apparaat nodig. Clients bestaan voor verschillende platformen; voor iOS kun je Möbius Sync gebruiken.

We nemen Android als voorbeeld, met de app Syncthing-Fork uit de Play Store. Tik tijdens de eerste setup op Machtiging verlenen en activeer de gevraagde rechten voor datadeling, batterij-optimalisatie, locatie en meldingen.

In het hoofdvenster van Syncthing-Fork open je het tabblad Apparaten en tik je op de plusknop. Als server en client zich in hetzelfde netwerk bevinden, wordt het apparaat-ID van je server meestal automatisch gedetecteerd. Zo niet, open dan op je serverdashboard Acties / ID weergeven en vul het getoonde ID handmatig in of scan de QR-code. Geef op de client een apparaatnaam op en bevestig met het vinkicoontje.

Herhaal dit op je server door in het hoofdvenster op de groene knop +Apparaat toevoegen te klikken en het juiste apparaat-ID van het clienttoestel in te voeren. Bevestig met Opslaan.

Open daarna op je server de gedeelde map, kies Bewerken, ga naar het tabblad Delen, vink het clienttoestel aan en bevestig met Opslaan. Accepteer de meldingen om de synchronisatie te starten en kies op je client welke map voor downloads wordt gebruikt.

De synchronisatie tussen beide apparaten is gelukt.

Externe connectie

Omdat Syncthing gebruikmaakt van NAT-traversaltechnieken en relayservers, kun je de server ook via internet bereiken. In je client-app geef je dan eventueel nog aan dat Syncthing via een mobiele dataverbinding mag werken, via Instellingen / Uitvoervoorwaarden.

Bij Jellyfin en veel andere thuisservers komt er helaas wat meer kijken om externe verbindingen mogelijk te maken. Je moet dit niet alleen in de server toestaan, maar ook op netwerk- en routerniveau instellen. In je router kun je bijvoorbeeld een poortdoorverwijzing (Port Forward of ook wel Virtual Server) maken naar het interne ip-adres van je server, eventueel met een andere poort. Zo kun je ook poort 80 koppelen aan <internet-ip-adres-jellyfin-server>:8096, zodat externe gebruikers poort 8096 niet hoeven te onthouden.

Maak bij voorkeur ook een gratis dynamische DNS-naam aan, zodat je netwerk bereikbaar blijft, zelfs bij een wisselend ip-adres, bijvoorbeeld via een ddns-provider als Dynu. Met de bijbehorende updater-tool houd je deze koppeling actief.

Nog betrouwbaardere, maar technisch complexere alternatieven zijn een VPN (eventueel Tailscale op basis van WireGuard) of een Cloudflare Tunnel.