ID.nl logo
Wat kost een e-bike per jaar?
© Getty Images/iStockphoto
Mobiliteit

Wat kost een e-bike per jaar?

Wat kost een e-bike eigenlijk per jaar of per maand? Want met alleen de aanschaf van de fiets ben je er niet. Je moet hem ook geregeld opladen, netjes onderhouden en eventueel verzekeren. Alvast een spaarpotje aanleggen voor een nieuwe accu is trouwens ook handig, want die is na zo’n vier tot zes jaar aan vervanging toe. Om al die kosten overzichtelijk te krijgen, geven we je een paar voorbeeldberekeningen zodat jij weet waar je aan toe bent en waar je eventueel op kunt besparen.

E-bikes zijn er al vanaf minder dan 1000 euro tot ver boven de 7000 euro. Je kunt het zo gek maken als je zelf wilt. De populairste prijsklassen liggen rond de 2000 en 3500 euro. De gemiddelde prijs van een e-bike lag vorig jaar (2021) op 2400 euro.

Voor onze voorbeeldberekeningen gaan we uit van een stadsfiets van 2000 euro, een luxe stadsfiets of hybride fiets van 3500 euro en een sportieve vrijetijdsfiets van 5000 euro.

Voorbeeld 1: Gazelle Esprit HFB kopen? | Elektrische stadsfiets

Deze stadsfiets van 2000 euro heeft een voorwielmotor en een accu van 450 Wh. Volgens de fabrikant kom je op een volle accu tussen de 40 en 75 kilometer ver. Dat is afhankelijk van de hoeveelheid ondersteuning die je gebruikt. Hoeveel kilometer je in de praktijk haalt valt vaak wat tegen, dus wij gaan voor de berekening uit van een gemiddelde range van 50 kilometer.

Die afstand nemen we meteen als gemiddelde afstand die je per week fietst. Als je alleen doordeweeks fietst, komt dat neer op 10 kilometer per dag.

Deze Gazelle-stadsfiets heeft een accu van 450Wh en komt volgens de fabrikant tussen 40 en 75 kilometer op een acculading.

Voorbeeld 2: Explore E+ 1 625Wh Stagger (2022) | Trekking Fiets | Giant Bicycles Nederland (giant-bicycles.com)

Nemen we een wat luxere fiets van 3500 euro die je in de stad gebruikt en waarmee je ook tochtjes maakt, dan wil je een wat groter bereik, dus een grotere accu is wel zo prettig. Deze fiets heeft een middenmotor en een accu van 625 Wh. Daarmee zou je in de praktijk wel zo’n 75 tot 100 km ver moeten komen. Voor onze berekening houden we 75 kilometer per week aan.

Deze Giant heeft een accu van 625 Wh en heeft een bereik van zo’n 75-100 kilometer.

Voorbeeld 3: Upstreet3 | FLYER E-Bikes (flyer-bikes.com)

Voor 5000 euro heb je een heel luxe fiets met een veel krachtiger motor die het ook goed doet in heuvelachtiger terrein. Bijkomend voordeel is dat dergelijke fietsen vaak een hoger gewicht aankunnen. Handig als je zelf iets meer weegt of als je veel vakantiespullen wilt meenemen. Met een accu van 750 Wh kom je in Nederland zeker meer dan 100 km ver, of je moet alleen maar de Vaalserberg op- en afrijden. Laten we voor deze fiets uitgaan van 100 kilometer per week. We zijn per slot van rekening fanatieke fietsers!

Deze Flyer heeft een extra krachtige accu van 750 Wh, waarmee je zeker meer dan 100 kilometer haalt.

Stroomkosten

Dan de stroomkosten. De energieprijzen zijn sinds eind vorig jaar omhoog geschoten. Jouw stroomprijs is afhankelijk van welk contract je hebt afgesloten en hoelang die stroomprijs nog geldt. Aangezien de meeste mensen al hebben moeten verlengen voor een veel hoger tarief of dat binnenkort moeten doen, gaan we uit van de prijzen die je de laatste maanden ziet. Die liggen zo tussen de 50 en 70 cent per kWh, dus wij rekenen met een gemiddelde van 60 cent per kWh.

Om te berekenen hoeveel stroom je per jaar verbruikt aan het opladen van je accu, moet je rekening houden met laadverliezen van je acculader. Niet alle stroom uit de muur komt daadwerkelijk in je accu; er gaat altijd wat verloren aan warmte. Dat kan oplopen tot zo’n 15 tot 25 procent. Laten we voor nu uitgaan van 20 procent verlies.

Bij de stadsfiets kom je 50 kilometer ver op een acculading, en dat rijd je ongeveer per week. Per jaar moet je dan 52 keer opladen. De capaciteit van de accu is 450 Wh, met 20 procent verlies is dat 540 Wh aan verbruikte stroom per volle accu. Vermenigvuldig je dat met 52, dan kom je aan iets meer dan 28 kWh. Elke kWh kost 60 cent, dus per jaar kost je e-bike je nog geen 17 euro. Dat valt heel erg mee, toch?

Het rekensommetje van de wat luxere fiets met 625Wh-accu en 75 km per week komt uit op een kleine 24 euro. De fiets met 750Wh-accu en 100 km per week kost je per jaar ruim 28 euro. Vergelijk dat maar eens met een zuinige auto. Stel, die rijdt 1 liter benzine op 20 km, dan kost die auto je bij 5000 km rijden al snel zo’n 600 euro aan benzine.

Verzekering

Waarom zou je je fiets willen verzekeren? Het is sowieso niet verplicht. Heb je een WA-verzekering (tegenwoordig heet dat een AVP of Aansprakelijkheidsverzekering Particulieren), dan ben je gedekt voor schade die je anderen toebrengt.

De belangrijkste reden om je elektrische fiets te verzekeren, is diefstal. Niet alleen van de fiets zelf, maar ook van de accu, want ook die is kostbaar. Dus als e-bikes bij jou in de buurt regelmatig worden gestolen, is zo’n diefstalverzekering geen overbodige luxe. Check je verzekering of jouw garage of schuur waar je je fiets bewaart onder jouw inboedelverzekering valt. Soms moet je daar nog een extra module voor afnemen en kan worden gevraagd om je fiets ook in je eigen opslag op slot te zetten.

Behalve diefstal wil je misschien ook schade aan je fiets verzekeren, voor het geval je er een ongelukje mee krijgt. Je kunt zelfs pechhulp erbij verzekeren, zodat je geholpen wordt bij pech onderweg.

Let bij het uitzoeken van een verzekering op de looptijd van de verzekering, de dekking en de polisvoorwaarden. Hoe langer je jezelf vastlegt, hoe lager de maandpremie. Vaak kun je kiezen voor looptijden van drie of vijf jaar of voor onbepaalde tijd. De premie betaal je per maand, soms per jaar of zelfs in één keer als je een pakket van drie of vijf jaar afneemt.

Wat betreft de dekking kun je naast diefstal ook schade, pechhulp, ongevallen- en rechtshulpdekking kiezen. Let goed op de voorwaarden van de verzekeraar. Na een aantal jaar vervalt de nieuwwaardedekking, je eigen risico kan verschillen en vaak moet je een ART-2 of hoger goedgekeurd slot hebben en bij diefstal twee sleutels inleveren waarbij één sleutel echt gebruikt moet zijn. De voorwaarden kunnen per verzekeraar behoorlijk wisselen dus het is verstandig om je vooraf goed in te lezen en te vergelijken.

Verzekeringen vergelijken Op Kieskeurig.nl/fietsverzekering vind je een handige vergelijker van fietsverzekeringen. Daar hebben we de drie voorbeeldfietsen ingevoerd om te kijken wat je ongeveer kwijt bent. We hebben gekozen voor een looptijd van vijf jaar. Daarna moet je je echt afvragen of een verzekering tegen diefstal nog economisch verantwoord is. Vind je pechhulp belangrijk, dan kan het voordeliger zijn om losse pechhulp af te nemen, maar als je ook een schadeverzekering wil, is zo’n alles-in-één-pakket interessanter om te verlengen. Diefstalverzekering met een looptijd van vijf jaar voor de stadsfiets van 2000 euro kost ongeveer 4 euro per maand. Schade- en ongevallenverzekering en pechhulp erbij kost in totaal ongeveer 6,5 euro per maand. De bedragen van de fiets van 3500 euro zijn ongeveer 6,5 en 9,5 euro. Voor een fiets van 5000 euro betaal je 9 tot 13 euro per maand. Hierbij hebben we de goedkoopste verzekering uit de vergelijker gekozen en een postcode in de randstad genomen. Daar worden de meeste e-bikes gestolen, dus zijn de premies wat hoger. In gebieden met minder diefstal betaal je al snel een derde van de premie minder.

Accu vervangen

Na een aantal jaar is je accu versleten. Hoe snel dat gebeurt, hangt helemaal af van je gebruik en hoe je ermee omgaat. Reken erop dat fietsaccu’s vanaf vier tot zes jaar minder range geven. Dat hoeft niet erg te zijn en je kunt er nog jaren probleemloos mee doorfietsen. Maar op een gegeven moment ben je het zat en dan sta je voor de keuze: een nieuwe accu, de accu laten reviseren of een nieuwe fiets? Een accu vervangen is sowieso goedkoper dan een nieuwe fiets, en zeker als je verder nog heel tevreden bent met je huidige fiets, is dat de beste optie.

De 450Wh-accu van de stadsfiets kost los ongeveer 400 euro. Die van de wat luxere fiets met een 625Wh-accu kost ongeveer 800 euro. De 750Wh-accu gaat al richting de 1000 euro. Dat zijn dus wel kosten die je van tevoren goed mee moet rekenen en waar je het liefst al een potje voor aanlegt, zodat je na een paar jaar niet voor onaangename verrassingen komt te staan. In onze berekening gaan we ervan uit dat de accu vijf jaar meegaat en je daarna een nieuwe wilt kopen.

Onderhoud

Je fiets heeft natuurlijk ook onderhoud nodig. Denk aan nieuwe banden en remblokjes, maar ook afstellen en smeren. Fiets je meer kilometers, dan heb je meer onderhoud nodig. Dat onderhoud kun je zelf doen en daarmee bespaar je natuurlijk geld. Vaak zit de eerste servicebeurt inbegrepen bij de aanschaf van je nieuwe fiets. De nieuwere fietsen met meer snufjes, zoals automatische versnellingen, krijgen regelmatig updates, net als je telefoon.

Soms kan dat via je smartphone en soms alleen via specialistische apparatuur van de merkdealer. Ben je niet zo handig, dan kun je het best naar de fietsenmaker gaan. Doe je het onderhoud helemaal zelf, dan ben je per jaar hooguit een paar tientjes kwijt.

In de beginjaren zijn de onderhouds- en vooral slijtagekosten minder dan als je fiets al een paar jaar oud is. Een onderhoudsbeurt bij de fietsenmaker kost je ergens tussen 65 en 100 euro. Voor onze berekening houden we per jaar 75 euro voor de stadsfiets aan, 100 euro voor de luxere fiets en 125 euro voor de duurste fiets, die ook de meeste kilometers maakt.

Kostenplaatje

We rekenen alles om naar vijf jaar gebruik. Dat is een redelijke termijn om de accu te vervangen en komt de vraag of je een nieuwe fiets wilt kopen of nog een keer in een accu investeert en verder fietst. Onze stadsfiets kost de eerste vijf jaar 375 euro aan onderhoud, ruim 84 euro aan opladen en 390 euro aan een uitgebreide verzekering met pechhulp. Inclusief de aanschaf van de fiets kom je dan uit op 2850 euro. Dat is omgerekend 22 cent per kilometer. Reken je een extra accu erbij, dan kom je uit op 3250 euro en 25 cent per kilometer. Rijd je er dan nog vijf jaar mee verder, dan ben je voor die tien jaar ongeveer 4100 euro inclusief opladen, verzekering en onderhoud kwijt. Dat is 16 cent per kilometer. Langer doorrijden is dus duidelijk voordelig!

Bij de duurdere fietsen zien we hetzelfde plaatje. De luxe stadsfiets kost in vijf jaar ongeveer 4700 euro en omgerekend 24 cent per kilometer, of met extra accu 5500 euro en 28 cent per kilometer. Rijd je dan nog eens vijf jaar door, dan geef je in die tien jaar ongeveer 6675 euro uit, wat neerkomt op 17 cent per kilometer.

Dat kleine verschil in kilometerprijs na tien jaar zien we ook bij de duurste fiets. Daarmee ben je na vijf jaar ruim 6500 euro kwijt, wat neerkomt op 25 cent per kilometer. Na tien jaar heb je bijna 9100 euro uitgegeven, maar omgerekend in prijs per kilometer kom je eveneens uit op 17 cent. Dat komt doordat er meer kilometers mee worden gefietst. Hoe meer je fietst, hoe goedkoper dat per kilometer is.

Na vijf jaar heb je ongeveer 30 tot 40 procent van de nieuwwaarde van je fiets uitgegeven aan variabele kosten. En dan moet je nog een potje erbij sparen voor een nieuwe accu. Duidelijk is wel dat het veel geld kan schelen om lang met je fiets te doen!

Leasen of kopen?

Nu we de kosten goed in kaart hebben, is het makkelijk om te vergelijken of leasen misschien een interessante optie is. Het grote voordeel van een fiets leasen is dat je geen groot bedrag in een keer hoeft uit te geven. Je bepaalt een vast bedrag per maand, al moet je je vaak wel voor meerdere jaren vastleggen. Onze stadsfiets kost in de lease bijvoorbeeld 72 euro per maand voor een contract van drie jaar. Daar zit dan al een uitgebreide verzekering bij, dus daar hoef je je geen extra kosten voor te maken. Voor een tientje extra per maand koop je ook de reparatiekosten af.
Als je dat omrekent, dan ben je na die drie jaar ongeveer 3000 euro kwijt. Je kunt iets besparen door zelf het onderhoud bij de fietsenmaker te laten doen, maar dan nog ben je na drie jaar net zo veel geld kwijt als de fiets zelf kopen en hem vijf jaar lang gebruiken. Leasen is dus niet voordeliger.

Subsidies en werkregelingen

Ben je in loondienst, dan zijn er manieren om goedkoper aan je fiets te komen. Dat hangt wel af van de mogelijkheden die je werkgever biedt, want die moet hieraan willen meewerken. In plaats van zelf een fiets te leasen, kun je dat via je werkgever doen, als die die mogelijkheid biedt. Dan betaalt je werkgever de leaseprijs en wordt de waarde van de fiets voor 7 procent bij je inkomen opgeteld. Daar betaal je inkomstenbelasting over. Addertje onder het gras is wel dat je verder geen werkkilometers meer kunt declareren. Je wordt immers geacht die met je fiets te maken.

Een andere mogelijkheid is de fiets te betalen uit de ruimte die de WKR, de WerkKostenRegeling biedt. Afhankelijk van je arbeidvoorwaarden en je werkgever kun je dan je fiets betalen van je brutoloon, of je levert vakantiegeld, eindejaarsuitkering, vakantiedagen of overuren in. Er wordt geteld met brutobedragen, dus netto ben je dan voordeliger uit dan wanneer je de fiets helemaal zelf van je nettoloon koopt.

Let wel op, er zit wel een maximum aan het bedrag waar je belastingvoordeel op krijgt. Daarboven betaal je het volle pond. Check dus bij je werkgever naar de mogelijkheden en reken alles vooraf goed door! Veel op het oog interessante fietsplanprojecten zijn in de praktijk toch minder voordelig dan gewoon zelf de fiets kopen en de verzekering het onderhoud regelen.

Dit zijn drie voorbeeldberekeningen van wat een e-bike in de praktijk kost.
▼ Volgende artikel
AMD hint naar komst van nieuwe Xbox in 2027
© Reshift Digital BV
Huis

AMD hint naar komst van nieuwe Xbox in 2027

AMD lijkt te hinten naar de mogelijkheid dat de volgende generatie Xbox-console in 2027 verschijnt.

Tijdens de bekendmaking van fiscale kwartaalcijfers meldde Lisa Su, de ceo van AMD, het volgende (via PC Mag): "Qua producten loopt Valve op schema om begin dit jaar de op AMD-technologie draaiende Steam Machine uit te brengen, en de ontwikkeling van Microsofts volgende generatie van Xbox met een deels op maat gemaakte SoC boekt progressie om een release in 2027 te ondersteunen."

Met SoC bedoelt Su 'system-on-a-chip', waarbij de meeste componenten die nodig zijn voor een computer of console op een allesomvattend circuit geplaatst worden. Dit is meestal de standaard bij spelcomputers.

2027 of later?

Microsoft kondigde eerder al aan dat het samen met AMD aan een nieuwe console werkt, maar een precieze releasedatum werd toen niet gegeven. Gezien Su's opmerking, lijkt AMD dus te verwachten dat de spelcomputer in 2027 verschijnt.

Dit terwijl de PlayStation 6 - Sony's nieuwe console - volgens geruchten mogelijk intern wordt uitgesteld zodat het pas later dit decennium verschijnt. Dit deels vanwege de stijgende kosten voor RAM in verband met de benodigdheden voor het draaiende houden van AI in combinatie met het huidige economische milieu. Officieel is niet bekend wanneer de PS6 uit moet komen, maar in deze column stelden we onlangs dat het geen slecht idee is om de console pas over een aantal jaar uit te brengen.

Wat weten we over de nieuwe Xbox?

Microsoft bevestigde eerder al dat de volgende Xbox veel eigenschappen zal delen met pc's. Zo zouden er meerdere gamewinkels op beschikbaar komen naast de Xbox Store zelf - net zoals de uitgekomen ROG Xbox Ally dus. Dat zou betekenen dat bijvoorbeeld Steam en Epic Games Store ook op het apparaat te bezoeken zijn, en er via die weg pc-games gekocht kunnen worden.

Begin dit jaar kwamen er ook geruchten naar buiten dat de nieuwe Xbox-interface zou draaien op de Full Screen Experience van de Xbox pc-app, dat onderdeel uitmaakt van Windows. De volgende Xbox zou volgens geruchten draaien op de AMD Magnus APU, die inderdaad CPU en GPU in één chip combineert.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

▼ Volgende artikel
Je NAS veilig bereiken via een VPN-server, Tailscale of Cloudflare-tunnel
© ER | ID.nl
Huis

Je NAS veilig bereiken via een VPN-server, Tailscale of Cloudflare-tunnel

Wil je een NAS op afstand gebruiken, dan doe je dat liefst natuurlijk veilig. Bijvoorbeeld door een VPN-server op te zetten, of een tunnel met extra toegangscontrole. Hiervoor zijn diensten als Tailscale en Cloudflare heel geschikt. In deze masterclass nemen we de beste opties met je door. We leggen uit wat de voor- en nadelen zijn en hoe je ze kunt gebruiken in combinatie met een NAS.

Een NAS is breed inzetbaar en bij veel huishoudens de spil in het netwerk. Je kunt niet alleen je documenten centraal bewaren, maar ook bijvoorbeeld media streamen naar je tv, foto’s bekijken op je tablet en talloze extra toepassingen installeren. Heb je (een deel van) deze toepassingen ook af en toe op afstand nodig? Het openzetten van een poortje in de router of het gebruik van een reverse proxy kan daarvoor een prima optie zijn. Maar publieke toegang is niet altijd nodig. Er zijn betere opties als je vooral voor jezelf goed beveiligde externe toegang tot je NAS nodig hebt. Een eenvoudige optie is een cloudservice van de fabrikant, zoals Synology QuickConnect. Betere en veiligere opties zijn een VPN-server met een protocol als OpenVPN of WireGuard, Tailscale (dat op de achtergrond met WireGuard werkt) of een Cloudflare-tunnel. In deze masterclass leggen we uit hoe je ze gebruikt. Wat je kiest, hangt ook af van je doel. Bij elke optie behandelen we de eventuele beperkingen. Voordat je begint, is het ook verstandig de beveiliging van je NAS nog even door te lichten (zie kader).

Optimale beveiliging voor je NAS

Bij het openstellen van je NAS is een goede beveiliging extra belangrijk. Ongeoorloofde toegang tot je NAS zul je altijd willen voorkomen. Gebruik altijd sterke wachtwoorden voor je gebruikersaccounts. Deactiveer bovendien de algemene accounts zoals admin en guest. Zet tweestapsverificatie aan. Hierbij wordt na het inloggen om een extra toegangscode gevraagd die je kunt genereren met een app op je smartphone. Op vertrouwde apparaten hoef je dat maar één keer te doen. Bij Synology vind je deze opties in je configuratiescherm, onder Beveiliging / Account. Je kunt kiezen voor welke gebruikers dit moet worden ingeschakeld. Bij QNAP ga je hiervoor in je configuratiescherm naar Systeem / Beveiliging. Open dan het tabblad Verificatie in 2 stappen. Maak ook gebruik van de ingebouwde firewall van je NAS, waarin je toegangsregels kunt instellen! In deze masterclass geven we daar tips voor. Zorg ten slotte dat je een goede back-upstrategie hebt voor de bestanden op je NAS.

Het is verstandig om tweestapsverificatie aan te zetten op je NAS.

Wat is een cloudservice?

Via een cloudservice kun je toegang tot een NAS vereenvoudigen door een soort tunnel op te zetten. Bij Synology heet dit QuickConnect, QNAP noemt het myQNAPcloud link. Hierbij wordt vanaf de NAS een uitgaande verbinding opgezet met een server, waardoor het firewalls omzeilt (ook die in je NAS!). De NAS geef je een herkenbare naam, ook wel QuickConnect ID of QNAP ID genoemd, die je ook gebruikt om te verbinden. Hierbij wordt eerst geprobeerd rechtstreeks verbinding te maken, wat ook het meest efficiënt is. Als dat mislukt, wordt de verbinding automatisch omgeleid via een relayserver, die als tussenpersoon het verkeer doorstuurt. De snelheid kan dan minder hoog zijn. We noemen hieronder alleen de dienst van Synology, omdat het een betere bescherming biedt en een betere reputatie heeft dan myQNAPcloud link. Zorg wel altijd zelf voor een goede basisbeveiliging. Overweeg veiligere methoden zoals een VPN of Tailscale. Het is veiliger en je bent niet afhankelijk van andere partijen (zoals een relayserver).

Diensten als myQNAPcloud link creëren een soort tunnel naar je NAS.

Synology QuickConnect

Bij Synology QuickConnect koppel je eerst je NAS aan een Synology-account. Daarna kun je een QuickConnect ID kiezen. Je NAS is daarna bereikbaar vanuit de Synology-apps of een browser via het adres https://quickconnect.to/ met daarachter de QuickConnect ID. Dit werkt ook bij een dynamisch ip-adres, dus je hoeft niet apart een Dynamic DNS-functie (DDNS) te gebruiken. Om QuickConnect te gebruiken open je Configuratiescherm. Ga dan naar Externe toegang. Zet een vinkje bij QuickConnect inschakelen. Hierna moet je je aanmelden met je Synology-account of een nieuw account maken. Vervolgens kies je een QuickConnect ID. Via de instellingen kun je nog kiezen of de relayserver mag worden gebruikt en welke toepassingen via QuickConnect toegankelijk zijn.

Via de instellingen kies je welke toepassingen toegankelijk moeten zijn.

Wat is VPN?

Door een VPN-server te installeren, heb je een ideale voorziening om op afstand je netwerk te bereiken en alle apparaten op dat netwerk, zoals je NAS, netwerkprinters en camera’s. Je installeert de VPN-server op één systeem, zoals een router, server, Raspberry Pi of je NAS. Bij Synology kun je bijvoorbeeld standaard met OpenVPN werken en QNAP ondersteunt het snellere WireGuard. We laten zien hoe je deze opties gebruikt. Na inloggen heb je volledige toegang tot je netwerk en alle toepassingen in het netwerk, alsof je rechtstreeks op het netwerk zit. Voor toegang tot bestanden op je NAS werken daarom alle protocollen als smb, nfs en WebDAV en toepassingen als Synology Drive en QNAP File Station. Je hoeft geen poorten in je router open te zetten, behalve een enkele poort naar de VPN-server.

Bij QNAP kun je standaard werken met WireGuard.

OpenVPN op Synology

Om je Synology-NAS als VPN-server in te zetten, kun je de toepassing VPN Server installeren via Package Center. Gebruik je een firewall, controleer dan of de benodigde poorten toegankelijk zijn. Bij de installatie kun je die aanpassing via een venster direct doorvoeren. Afhankelijk van het protocol moet je ook nog één of meerdere poorten doorsturen van je router naar je NAS. De toepassing ondersteunt PPTP, OpenVPN en L2TP/IPSec. Eigenlijk is vooral OpenVPN interessant. Het is veilig en stabiel, maar niet zo snel als WireGuard. Ook geeft het soms wat uitdagingen bij het opzetten van de verbinding.

Synology ondersteunt meerdere protocollen, waaronder OpenVPN.

Activeren OpenVPN

Om OpenVPN te gebruiken open je VPN Server. Ga dan naar OpenVPN. Zet een vinkje bij OpenVPN-server inschakelen. Bij Dynamisch ip-adres zie je het subnet dat OpenVPN gebruikt. De verbonden clients krijgen een ip-adres in dat bereik. Bij Poort en Protocol zie je dat standaard udp-poort 1194 wordt gebruikt. Die poort moet je doorsturen van je router naar je NAS. Controleer of de poort toegankelijk is in de firewall van je NAS. Voor een goede balans tussen snelheid en veiligheid kun je bij Codering bijvoorbeeld AES-128-CBC kiezen en bij Verificatie de optie SHA256. De optie Compressie op de VPN-koppeling inschakelen mag uit, omdat het weinig snelheidswinst geeft. Zet de optie Clients toegang geven de LAN-server aan, zodat je andere apparaten in je thuisnetwerk kunt bereiken. Zet ook de optie Verifieer TLS auth-sleutel aan. Klik op Toepassen om de instellingen te activeren. Je kunt nu clients gaan configureren.

Bij OpenVPN kun je zelf nog enkele instellingen kiezen.

Profiel voor OpenVPN

Ga naar OpenVPN en kies Configuratie exporteren om het configuratiebestand te exporteren als zip-bestand. Hierin vind je een .ovpn-bestand dat je nodig hebt voor toegang. Je hebt ook een gebruikersaccount nodig bij het inloggen. Onder Rechten kun je aanvinken welke gebruikers toegang hebben en via welke protocollen. Maak eventueel een nieuwe gebruiker voor alleen de VPN-verbinding! Open het bestand VPNConfig.ovpn met een teksteditor. Omdat je de VPN-server extern wilt gebruiken, verander je in onderstaande regel YOUR_SERVER_IP naar je ip-adres van je internetverbinding of de hostnaam als je bijvoorbeeld Dynamic DNS gebruikt. Synology ondersteunt ook Dynamic DNS en geeft bijvoorbeeld een naam.synology.me-adres. Je kunt het activeren in je configuratiescherm onder Externe toegang / DDNS. Het gaat om deze regel:

remote YOUR_SERVER_IP 1194

Je ziet ook de onderstaande optie. Haal hier eventueel het commentaarteken weg als je wilt dat ál het verkeer, dus ook het normale internetverkeer, via de VPN-server gaat. Dat geeft minder goede prestaties, maar is wel veiliger als je bijvoorbeeld een openbare wifi-hotspot gebruikt. Dit is de regel waar je het commentaarteken weg kunt halen:

#redirect-gateway def1

Gebruik dit profiel om verbinding te maken vanaf andere apparaten. Zet hierbij de optie aan dat zonder certificaat verbinding mag worden gemaakt.

WireGuard op QNAP

We zullen laten zien hoe je WireGuard op je QNAP-NAS gebruikt in combinatie met een Windows-client. Voor meer informatie over WireGuard en het opzetten van een aparte VPN-server verwijzen we je naar een eerder artikel dat je kunt lezen via www.kwikr.nl/wgvpn waarin dat uitgebreid aan bod komt. Zorg bij QNAP dat de toepassing QVPN Service is geïnstalleerd via App Center. Open dan de toepassing en ga naar WireGuard. Zet een vinkje bij WireGuard VPN-server inschakelen. Vul een naam in achter Servernaam. Klik achter Persoonlijke sleutel op Codeparen genereren. Noteer de waarde bij Openbare sleutel: die is straks nodig bij de configuratie van clients. Achter Luisterpoort zie je de poort (udp) die je moet doorsturen in de router. Bij DNS Server vul je een openbare DNS-server in (zoals 8.8.8.8) óf een DNS-server in je lokale netwerk. Klik op Toepassen om de instellingen te bewaren. Klik op Peer toevoegen. Hier kun je clients toevoegen (zie volgende stap).

De instellingen voor WireGuard bij een NAS van QNAP.

Client instellen

Elk apparaat dat verbinding met WireGuard maakt, is een zogenoemde peer. Voor het toevoegen van een apparaat kies je bij QNAP de optie Peer toevoegen. Vul een herkenbare naam in. De waarde bij Openbare sleutel komt bij deze ‘peer’ vandaan, die gaan we nu eerst instellen. Installeer en open de Windows-client en kies de optie Add Empty Tunnel. Er worden een privé- en openbare sleutel gegenereerd. Er opent een configuratiebestand met de privésleutel waarin je onder andere deze twee regels ziet:

[Interface]

PrivateKey = +MSQ3D2+M71SotRrWC3hnPyzYSTWNuaxWwc920=

Vul deze configuratie verder aan zoals in het voorbeeld hieronder. Bij Address kies je een vrij ip-adres binnen het VPN-subnet, dat nog niet door een andere peer wordt gebruikt. Je kunt dit voor elke client ophogen, dus 198.18.7.2/32, 198.18.7.3/32, en zo verder. Belangrijk is dat je bij PublicKey de openbare sleutel die QNAP laat zien invult. Bij Endpoint vervang je ipadres door het ip-adres (of de hostnaam) van je internetverbinding thuis. Dit is de configuratie die je moet aanpassen:

[Interface]

PrivateKey = +MSQ3D2+M71SotRrWC3hnPyzYSTWNuaxWwc920=

ListenPort = 51820

Address = 198.18.7.2/32

DNS = 1.1.1.1

[Peer]

PublicKey = KsCc+cRucH4F8T3VdyatvZXjqvunEerBZapulE=

AllowedIPs = 0.0.0.0/0

Endpoint = ipadres:51820

Bewaar de configuratie met Save. Kopieer nu de waarde bij Public key van deze client. Je leest deze af in het hoofdvenster van WireGuard (zorg dat de bewuste tunnel is geselecteerd). Plak deze in QNAP bij Openbare sleutel bij de configuratie van deze peer. Je kunt nu verbinding maken met je Windows-client!

Voltooi de configuratie voor de Windows-client voor WireGuard.

Firewall instellen voor je NAS

Een firewall op je NAS biedt extra bescherming. Bij Synology open je daarvoor Configuratiescherm. Ga dan naar Beveiliging en open het tabblad Firewall. Zet een vinkje bij Firewall inschakelen en kies Toepassen. Bij Firewallprofiel kun je een profiel kiezen of bewerken. Kies Regels bewerken om het huidige profiel aan te passen. Begin met een regel die alle apparaten op het lokale netwerk toestaat. Kies bij die regel bij Poorten de optie Alles. Bij Bron-IP kies je Specifiek ip. Klik daarachter op Selecteren en kies Subnet. Je moet hier het netwerkbereik van je router kennen. In veel gevallen is dat iets als 192.168.1.0 met subnetmasker 255.255.255.0. Dit omvat dan alle adressen van 192.168.1.0 t/m 192.168.1.255. Voeg hierna nog specifieke regels toe voor toepassingen die van buitenaf toegang moeten hebben. In dit voorbeeld staan we bijvoorbeeld SSH toe vanaf een bepaald ip-adres. Heel belangrijk is dat je als laatste een regel toevoegt die alles blokkeert. De regels worden namelijk van boven naar beneden doorlopen en bij de eerste match stopt de verwerking. Het configuratiescherm van QNAP biedt ook een firewall, maar dat is meer een soort toegangsfilter. Voor uitgebreidere opties kun je QuFirewall installeren via App Center.

Het is raadzaam om de firewall op je NAS te gebruiken voor toegangsbeperking.

Wat is Tailscale?

Met Tailscale kun je een virtueel privénetwerk maken tussen al je apparaten. Dit gebeurt op basis van identiteit, met bijvoorbeeld een standaard Google-account voor autorisatie. Je kunt alle toegevoegde apparaten benaderen via een intern ip-adres of de toegekende hostnaam. Tailscale gebruikt dezelfde technologie als WireGuard, wat het snel, veilig en betrouwbaar maakt. Je hebt geen centrale server nodig en hoeft ook geen poorten in je router open te zetten. Wel moet je elk apparaat in principe afzonderlijk aan je privénetwerk toevoegen. Dat is eenvoudig, ook voor een NAS, zoals je hieronder ziet. Als alternatief kun je Tailscale ook op één apparaat in je netwerk installeren en dat apparaat als subnetrouter instellen, zodat je via dat ene systeem toegang hebt tot alle andere apparaten in je netwerk. In dat geval hoef je Tailscale niet op elk afzonderlijk apparaat te installeren. Meer uitleg over Tailscale vind je in dit artikel.

Met Tailscale kun je een privénetwerk voor je apparaten maken.

Eerste stappen

Ga naar https://tailscale.com en kies de optie Get started. Log in met een van de ondersteunde identiteitsproviders, bijvoorbeeld een standaard Google-account of een van de andere opties. Hierna wordt automatisch je Tailscale-netwerk, of kortweg tailnet, gemaakt. Dat is een soort privé-VPN-netwerkje waar jouw apparaten deel van uit gaan maken. Als je op een ander apparaat inlogt met datzelfde account, is het bereikbaar vanuit je andere apparaten in dit tailnet. Een gratis account ondersteunt tot drie gebruikers en honderd apparaten.

Log in bij Tailscale met bijvoorbeeld je Google-account.

Apparaten toevoegen

Het toevoegen van apparaten is eenvoudig. Het volstaat om de software te installeren en in te loggen met dezelfde identiteitsprovider. Om Tailscale bijvoorbeeld op een iPad te gebruiken, installeer je eerst de toepassing via de App Store. Hierbij wordt een VPN-configuratie voor je iPad gemaakt. Daarna log je in en zie je een lijst met apparaten in je privénetwerkje, waarbij je ook de namen af kunt lezen.

Op een iPad maakt Tailscale een VPN-profiel aan.

Tailscale op je NAS

Je kunt Tailscale ook op een NAS installeren. Bij Synology zoek je daarvoor in Package Center naar Tailscale. Bij QNAP kun je in App Center terecht. Installeer en open de toepassing. Er wordt gevraagd om in te loggen, waarbij je weer hetzelfde account als hiervoor gebruikt. Zet daarna de verbinding op via Connect. Als je nog een keer de Tailscale-app opent, kun je details zien over het bewuste apparaat, zoals het ip-adres en de hostnaam die je kunt gebruiken om verbinding te maken.

Tailscale is als pakket beschikbaar voor Synology en QNAP.

Wat is een Cloudflare-tunnel?

Bij een Cloudflare-tunnel installeer je op één systeem in je netwerk (bijvoorbeeld je NAS) een klein programma, dat van binnenuit een versleutelde verbinding opzet naar Cloudflare. Daarna kun je toepassingen individueel toevoegen die deze tunnel mogen gebruiken. Daarbij kun je elke toepassing een eigen subdomein geven, zoals nas.domein.nl voor je NAS. De tunnel laat geen netwerkprotocollen zoals SMB en NFS door en WebDAV is een uitdaging. Het is vooral bedoeld voor webverkeer. Je kunt incidenteel wel bijvoorbeeld DS File gebruiken, voor het browsen door je bestanden en kleine uploads of downloads.

Bij Cloudflare kun je gratis een tunnel opzetten voor toegang op afstand.

Domein registreren

Log in bij Cloudflare met een bestaand account of maak een nieuw gratis account. Registreer een domeinnaam via Add / Register a domain of voeg een bestaand domein toe via Add / Connect a domain. In dat laatste geval moet je de DNS-instellingen bij je huidige provider aanpassen, zodat de nameservers naar die van Cloudflare verwijzen. Afhankelijk van de extensie betaal je bij Cloudflare vanaf zo’n 6 dollar per jaar (circa 6 euro) per domein. Je kunt een domein eventueel direct voor meerdere jaren registreren of voor automatische verlenging kiezen. Betalen kan met creditcard of PayPal. In je dashboard vind je je domein terug onder Domain registration / Manage domains.

Registreer tegen lage kosten een domein bij Cloudflare.

Tunnel voorbereiden

Ga via het menu aan de linkerkant naar Zero Trust. Klik dan op Networks en kies Tunnels. Klik op Create a tunnel. Selecteer de optie Cloudflared. Geef je tunnel een naam. Vervolgens moet je een zogeheten connector installeren op één systeem in je netwerk om een tunnel te maken. Alle toepassingen die je straks via de Cloudflare-tunnel gaat publiceren, moeten bereikbaar zijn vanaf dat systeem. Dat is meestal alleen een probleem bij gescheiden netwerken of strikte firewallregels. Installeer Cloudflared volgens de instructies op een systeem dat altijd aanstaat. Dat kan een server of Raspberry Pi zijn, maar óók je NAS, zoals we hieronder toelichten. Hierna komt de tunnel automatisch online.

Maak een tunnel via de website van Cloudflare.

Tunnel op Synology-NAS

Voor de installatie op een NAS heeft Cloudflare geen instructies, maar de procedure is relatief eenvoudig. Kopieer de opdracht die je ziet bij bijvoorbeeld de Windows-installatie en plak deze in een editor. Je ziet hierin een lange string van 184 tekens die meest begint met eyJh…. Dat is de benodigde token. Om Cloudflared op een Synology-NAS te installeren open je Package Center. Ga naar Gemeenschap en kies Cloudflare Tunnel. Klik op Installeren. Nu wordt om de token gevraagd. Je hoeft geen geavanceerde opties te kiezen. Na het voltooien van de installatie is je tunnel klaar voor gebruik.

Vul de token in bij de installatie van de software op je Synology-NAS.

Tunnel bij QNAP

QNAP biedt geen softwarepakket, maar je kunt Cloudflare wel vrij eenvoudig via Docker configureren en starten. Het is het makkelijkst om met Docker Compose te werken. Installeer indien nodig Container Station en open het programma. Ga dan naar Toepassingen en klik op Maken. Bij Naam van de toepassing vul je een herkenbare naam in, zoals cloudflared. Bij YAML-code vul je de onderstaande code in. Achter TUNNEL_TOKEN vul je uiteraard jouw token in. Klik dan op Maken om de tunnel te maken. Dit is de benodigde code:

version: "3"

services:

  cloudflared:

    image: cloudflare/cloudflared:latest

    container_name: cloudflared

    restart: unless-stopped

    network_mode: "host"

    command: tunnel run

    environment:

      - TUNNEL_TOKEN=eyJh...

Bij QNAP kun je Cloudflared het beste via Docker installeren.

Toepassing toevoegen

Je kunt nu elke toepassing via de tunnel beschikbaar maken met een uniek subdomein. Om zo’n zogeheten route aan te maken, ga je binnen Zero Trust naar Networks / Tunnels. Bij Status geeft het systeem als het goed is aan dat de tunnel gezond is. Open het menu (via de drie puntjes) en kies Configure. Ga dan naar het tabblad Published application routes. We nemen de webinterface van een NAS die lokaal bereikbaar is op https://10.0.10.200:5001. Bij Subdomain vul je bijvoorbeeld nas in. Bij Domain kies je een domein. Bij Type kiezen we HTTPS en bij URL vullen we 10.0.10.200:5001 in. Bij de optie HTTPS moet je oppassen. De NAS heeft in ons geval geen echt certificaat. Daarom is het belangrijk om onder Additional application settings / TLS de optie No TLS Verify aan te vinken. Cloudflare zal dan negeren dat het certificaat niet ondertekend is. Klik op Save. Er zal automatisch een DNS-record worden gemaakt en je kunt vrijwel direct op afstand je NAS benaderen.

We maken een route voor de NAS.

Extra beveiliging bij Cloudflare

Na het openstellen van een toepassing via een subdomein kan in feite iedereen die dat adres kent de toepassing benaderen, zoals de webinterface van je NAS. Of ze ook binnenkomen, hangt af van je beveiliging. Een NAS kun je zelf extra beveiligen, bijvoorbeeld met tweestapsverificatie. Maar je kunt toegang óók beperken via Cloudflare zelf. Je kunt bijvoorbeeld regelen dat alleen jij bij de tunnel mag, via een tijdelijke code die je per e-mail ontvangt, of door te verplichten dat je eerst moet inloggen met een specifiek Google-account.